CConstaterende datOmmen
Koppel je AI →
Document · PDF

11. Bijlage 5c Nader onderzoek gierzwaluw

Gemeenteraad 12 maart 2026, gemeente OmmenBij agendapunt: Bermerstraat 1, Bindend adviesrecht gemeenteraad2.738 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nader onderzoek soorten NADER ONDERZOEK

GIERZWALUW Op basis van het Kennisdocument Gierzwaluw BIJ12

Locatie onderzoek:

Datum:

19 juli 2024

Bermerstraat 1

Project:

NOG 50857

Ommen

NADER ONDERZOEK SOORTEN – BERMERSTRAAT 1 OMMEN

INHOUD 1. Colofon

3

2. Inleiding

4

2.1

Aanleiding

4

2.2

Planlocatie

4

2.2

Ontwikkelingen

4

3. Kader en methode

6

3.1

Wettelijk kader

6

3.2

Ecologie

7

3.3

Kennisdocument gierzwaluw

8

3.4

Staat van instandhouding

9

4. Onderzoek

10

4.1

Onderzoeksvragen

10

4.2

Werkwijze

10

4.3

Veldbezoeken

10

4.4

Onderzoeksresultaten

11

5. Conclusies en aanbevelingen

13

5.1

Conclusie

13

5.2

Aanbevelingen (vrijblijvend)

13

6. Verantwoording

14

Bijlage

15

Disclaimer

16 2

NADER ONDERZOEK SOORTEN – BERMERSTRAAT 1 OMMEN

1. Colofon Onderzoek

Nader onderzoek gierzwaluw

Document

NOG 50857

Datum

19 juli 2022

Locatie

Bermerstraat 1; Ommen

Opdrachtgever

BJZ.NU

Opdrachtnemer

Ecofect B.V.

Ecoloog

P. Wiegel

Adres

Laan 21, 8071 JG Nunspeet

Telefoon

06-12918775

Email

info@ecofect.nl

Internet

www.ecofect.nl

KvK-nummer

87036487

Btw-identificatienr.

NL864184311B01

Rekeningnummer

NL39 RABO 0198 8908 69

3

NADER ONDERZOEK SOORTEN – BERMERSTRAAT 1 OMMEN

2. Inleiding 2.1 Aanleiding Met de voorgenomen ontwikkelingen aan de Bermerstraat 1 te Ommen heeft BJZ.NU aan Ecofect B.V. gevraagd een nader onderzoek gierzwaluw uit te voeren t.b.v. het vergunning traject en inzicht te verschaffen of de geplande uit te voeren werkzaamheden conflicteren met de Omgevingswet. Voorliggend rapport geeft inzicht in het wettelijk kader, de gebruikte methodiek en de resultaten van het uitgevoerde onderzoek.

2.2 Planlocatie De planlocatie is gelegen aan de Bermerstraat in de woonkern van Ommen. Het perceel bevat enkele opstallen, waaronder een tweetal woningen / commerciële ruimten met bijbehorende opslagruimtes. De woningen zijn allebei voorzien van pannendaken. De daken rusten op gemetselde muren. Aan de zijkanten van de woningen zijn twee opslagplaatsen waaronder een garage en een klein bijgebouw. Aan de achterkant van de woningen staan nog twee kleine schuren. De rest van de planlocatie is beklinkerd. Ommen is een stad in de Nederlandse provincie Overijssel. Ommen ligt aan de Overijsselse Vecht, in de streek Salland of specifieker het Vechtdal. De plaats wordt al rond het jaar 1100 genoemd als doorwaadbare plaats langs de Vecht. In 1248 kreeg het stadsrechten.

Figuur 1 – Planlocatie

4

NADER ONDERZOEK SOORTEN – BERMERSTRAAT 1 OMMEN

2.3 Ontwikkelingen Initiatiefnemer is voornemens op de planlocatie de huidige opstallen te slopen en te saneren om het daarna te vervangen voor 13 appartementen (zie figuur 2 en 3). Voor vragen de inrichting of een ontwerp wordt verwezen naar de opdrachtgever of initiatie

Figuur 2 – Planontwerp van de Bermerstraat 1 te Ommen.

Figuur 3 – Planontwerp van de Bermerstraat 1 te Ommen.

5

NADER ONDERZOEK SOORTEN – BERMERSTRAAT 1 OMMEN

3. Kader en methode 3.1 Wettelijk kader Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet van kracht. Deze wetgeving vervangt o.a. de Wet natuurbescherming. In deze wet is o.a. de bescherming van gebieden, soorten en houtopstanden geregeld. Dit onderzoek beperkt zich tot soortbescherming gierzwaluw. Een ‘flora- en fauna-activiteit’ is volgens de definitie van het begrip zoals uitgewerkt in de bijlage bij art. 1.1 Omgevingswet een: ‘activiteit met mogelijke gevolgen voor van nature in het wild levende dieren of planten’ Anders dan bij een ‘Natura 2000-activiteit’, waarvan pas sprake is als een activiteit leidt tot een kans op significante gevolgen op beschermde Natura 2000-gebieden, is er al sprake van een ‘flora- en fauna-activiteit’ als het een mogelijk gevolg heeft voor één van nature in het wild levend dier of plant, ongeacht of deze soort beschermd is volgens de Omgevingswet. De Omgevingswet onderscheidt drie verschillende beschermingsregimes, met elk hun eigen verbodsbepalingen (zie tabel 1). De eerste twee categorieën zijn gebaseerd op de door de Europese Unie opgestelde Vogelrichtlijn (1979) en de Habitatrichtlijn (1992). Het 3e beschermingsregime, andere soorten, betreft soorten die niet op Europees niveau beschermd zijn, maar wel op landelijk niveau (nationaal beschermde soorten). Daarnaast geldt dat voor alle soorten de algemene zorgplicht.

Deze zorgplicht houdt in dat men bij werkzaamheden met mogelijk negatief effect op planten en dieren, maatregelen dient te nemen (binnen wat redelijkerwijs verwacht van men kan worden) om onnodige schade aan planten of dieren te voorkomen. De gierzwaluw wordt in de Omgevingswet beschermd onder het beschermingsregime van de Vogelrichtlijn als een soort met een vaste rust- en verblijfplaats. Vaste rust- en verblijfplaatsen en voortplantingsplaatsen van de gierzwaluwzijn jaarrond beschermd, evenals het functioneel leefgebied dat essentieel is voor het functioneren van de nestlocaties. De soortenbeschermingsregimes In de paragrafen 11.2.2 t/m 11.2.4 Bal zijn de verschillende soortenbeschermingsregimes opgenomen: •

§ 11.2.2 Bal: omgevingsvergunning soorten Vogelrichtlijn

•

§ 11.2.3 Bal: omgevingsvergunning soorten Habitatrichtlijn

•

§ 11.2.4 Bal: omgevingsvergunning andere soorten

6

NADER ONDERZOEK SOORTEN – BERMERSTRAAT 1 OMMEN

Schadelijke handelingen Vogelrichtlijn (art. 11.37 Bal):

Schadelijke handelingen Habitatrichtlijn (art. 11.46 Bal):

Schadelijke handelingen andere soorten (art. 11.54 Bal)

Het opzettelijk doden of opzettelijk vangen van van nature in Nederland in het wild levende vogels van soorten als bedoeld in art. 1 Vrl

Het in hun natuurlijk verspreidingsgebied opzettelijk doden of opzettelijk vangen van in het wild levende dieren Hrl bijlage IV, onder a, Bern bijlage II, Bonn bijlage I (ex. vogels art. 1 Vrl);

Het opzettelijk doden of vangen van in het wild levende zoogdieren, amfibieën, reptielen, vissen, dagvlinders, libellen en kevers van de soorten, genoemd in bijlage IX, onder A

Het opzettelijk vernielen of opzettelijk beschadigen van nesten, rustplaatsen en eieren van vogels, of het opzettelijk wegnemen van nesten van die vogels

Het opzettelijk verstoren van dieren

Het opzettelijk beschadigen of vernielen van de vaste voortplantingsplaatsen, rustplaatsen of eieren van dieren

Het rapen en onder zich hebben van eieren van vogels

Het in de natuur opzettelijk vernielen of rapen van eieren van dieren

Het opzettelijk storen van vogels*

Het beschadigen of vernielen van de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren

Het opzettelijk in hun natuurlijke verspreidingsgebied plukken en verzamelen, afsnijden, ontwortelen of vernielen van vaatplanten van de soorten, genoemd in bijlage IX, onder B

Het opzettelijk plukken en verzamelen, afsnijden, ontwortelen of vernielen van planten van soorten, genoemd in bijlage IV, onder b Hrl of bijlage I verdrag van Bern, in hun natuurlijke verspreidingsgebied

Tabel 1

3.2 Ecologie De gierzwaluw is 17 tot 18,5 centimeter lang en weegt tussen de 38 en 47 gram. Het gemiddelde gewicht is 42 gram. De spanwijdte is 40 tot 44 centimeter. Het zijn kleine tot middelgrote vogels, behendige en schijnbaar onvermoeibare vliegers met een gestroomlijnd, torpedovormig lichaam. Ze hebben lange, spitse, sikkelvormige vleugels en een gevorkte staart. De geslachten zijn gelijk van uiterlijk en te herkennen aan de donkerbruine grondkleur en donkere onderzijde met een in vlucht moeilijk zichtbare witte keel (figuur 1). Daarnaast bezitten ze krachtige klauwtjes, elk vier naar voren gerichte tenen met scherpe nagels. Hiermee kan een gierzwaluw aan een verticale ruwe wand aanhaken en langere tijd blijven hangen. (Bron: kennisdocument gierzwaluw)

7

NADER ONDERZOEK SOORTEN – BERMERSTRAAT 1 OMMEN

3.3 Kennisdocument gierzwaluw Het nader onderzoek gierzwaluw is uitgevoerd conform het kennisdocument gierzwaluw zoals gepubliceerd op de website van BIJ12. In het voorliggende onderzoek zijn de volgende functies voor gierzwaluw onderzocht: •

Nestlocatie(s)

Afwezigheid van broedende gierzwaluwen is aangetoond, als er tijdens drie gerichte veldbezoeken in de periode 15 mei tot en met 15 juli waarvan 1 na 1 juli geen aanwezigheid kan worden aangetoond. De inventarisatie moet tijdens goede weersomstandigheden plaatsvinden, op geluidsluwe momenten, tussen 21.00 en 22.30 (1.5 uur voor en 0.5 uur na zonsondergang) met een tussenperiode van minimaal 10 dagen. De inventarisatie blijft echter een steekproef. Het is dan ook mogelijk dat soorten en functies niet waargenomen zijn, terwijl dat ze op een ander tijdstip wel aanwezig zijn. Dit is echter acceptabel want de Wet natuurbescherming vraagt een initiatiefnemer om alles te doen wat redelijkerwijs hem verwacht kan worden. Met de gekozen methode en inspanning is hieraan voldoende invulling gegeven. Wat betreft dit onderzoek heeft de initiatiefnemer dan ook gedaan wat redelijkerwijs verwacht kan worden.

8

NADER ONDERZOEK SOORTEN – BERMERSTRAAT 1 OMMEN

3.4 Staat van instandhouding De staat van instandhouding van de gierzwaluw als broedvogel in Nederland is gunstig. (Bron: SOVON)

9

NADER ONDERZOEK SOORTEN – BERMERSTRAAT 1 OMMEN

4. Onderzoek 4.1 Onderzoeksvragen Tijdens het nader onderzoek gierzwaluw zullen de volgende onderzoeksvragen worden behandeld (afhankelijk van de aan of afwezigheid van de gierzwaluw tijdens de veldbezoeken): •

Is de projectlocatie geschikt als potentiële nestlocatie voor de gierzwaluw?

•

Is gierzwaluw aanwezig?

•

Welke functie(s) heeft het gebied voor gierzwaluw?

•

Blijft de functionaliteit van de nestlocatie behouden?

•

Welke eigenschappen van het object of gebied moeten gemitigeerd of gecompenseerd worden?

•

Welk wettelijk belang is er waardoor de activiteiten moeten worden uitgevoerd?

•

Is een vergunning flora- en fauna-activiteit Omgevingswet nodig om de werkzaamheden uit te kunnen voeren?

•

Zijn er alternatieven onderzocht voor het uitvoeren van de planontwikkeling?

4.2 Werkwijze De hierboven benoemde onderzoeksvragen zullen worden beantwoord door de volgende stappen te doorlopen (afhankelijk van de aan of afwezigheid van de gierzwaluw tijdens de veldbezoeken): •

Veldbezoeken voor het bepalen van de aan- of afwezigheid van de gierzwaluwen het vaststellen van de functie van het plangebied voor de gierzwaluw.

•

Bepalen van het schadelijke effect op de functionaliteit van de nestlocatie(s) binnen het plangebied.

•

Bepalen van het schadelijke effect op de gunstige staat van instandhouding van de gierzwaluw.

•

Bepalen en onderbouwen van het wettelijke belang van de activiteiten.

4.3 Veldbezoeken De veldbezoeken zijn uitgevoerd door dhr. B. Meijer van Ecofect B.V,. Tijdens het inventariseren is gebruik gemaakt van diverse materialen zoals een verrekijker en zaklamp. Het gehele plangebied en de omliggende percelen is onderzocht door de projectlocatie rustig te bewandelen. Hierbij werd vooral gelet op de aan of afwezigheid van de gierzwaluw. Een potentiële nestplaats is vrijwel nooit onder de 3 meter te vinden in verband met het aan- en afvliegen en doorgaans ook niet in de onmiddellijke omgeving van bomen. Tevens zijn vanuit zo goed mogelijk dekking de daken geobserveerd dit om eventuele nest indicatieve waarnemingen te doen. De omliggende percelen zijn vanuit de planlocatie dan wel vanaf de openbare weg onderzocht. Dit om een beeld te krijgen van de aanwezigheid van de gierzwaluwen en de aanwezige functies ten aanzien van

10

NADER ONDERZOEK SOORTEN – BERMERSTRAAT 1 OMMEN

de planlocatie. Hierdoor is een goede effectenbeoordeling mogelijk. Voor de data van de veldbezoeken, de weersomstandigheden en de waarnemingen wordt verwezen naar de onderzoeksresultaten.

4.4 Onderzoeksresultaten Is de projectlocatie geschikt als functioneel leefgebied voor de gierzwaluw? De eisen die een gierzwaluw stelt aan zijn leefgebied zijn opgenomen in de onderstaande tabel: Beschrijving

Functie

Aan- of afwezig

Bebouwing

Nestlocatie met minimaal 3 meter uitvliegruimte

Aanwezig in de te slopen opstallen

Voor het gehele plangebied geldt dat de functie van nestlocatie mogelijk aanwezig is voor de gierzwaluw omdat het leefgebied van de gierzwaluw geschikt te achten is. Is gierzwaluw aanwezig? De onderzoekrondes zijn uitgevoerd in de optimale periode onder redelijke weersomstandigheden op de juiste tijdstippen volgens de soortinventarisatieprotocol (zie bijlage) De afwezigheid van broedende gierzwaluwen kan volgens het kennisdocument gierzwaluw (BIJ 12) voldoende aannemelijk gemaakt worden als er geen waarnemingen zijn verricht die duiden op de aanwezigheid van een nest na: •

•

minimaal 3 inventarisatiemomenten in de periode 1 juni t/m 15 juli met een tussenliggende periode van minimaal 10 dagen o

4 juni 2024

o

15 juni 2024

o

15 juli 2024

waarvan minimaal één inventarisatie vóór 1 juli wordt uitgevoerd en één inventarisatie na 1 juli o

15 juli 2024

•

tussen 1.5 uur voor zonsondergang tot 0.5 uur na zonsondergang

•

tijdens goede (droge) weersomstandigheden.

Vluchten op dakgoot-, nok- en huishoogte zijn niet waargenomen tijdens de veldbezoeken. Er zijn nabij de bebouwing geen waarnemingen gedaan van laag vliegende gierende zwaluwen. Er zijn geen waarneming gedaan van gierzwaluwen welke verdwenen onder de boeilijst van de te slopen opstal en op de verdere planlocatie. In de nabije omgeving weinig tot geen waarnemingen gedaan. Welke functie(s) heeft het gebied voor gierzwaluw? De gierzwaluw brengt het grootste deel van zijn leven door in de lucht. Alleen om te broeden verlaten gierzwaluwen tijdelijk het luchtruim en komen ze aan het aardoppervlak.

11

NADER ONDERZOEK SOORTEN – BERMERSTRAAT 1 OMMEN

Oorspronkelijk waren gierzwaluwen rotsbewoners en door de eeuwen heen hebben ze de rotsen ingeruild voor huizen en andere gebouwen. Hij broedt vooral in steden en dorpen, waar hij nestelt in donkere holtes in ventilatieschachten, spleten in muren, onder dakpannen en in kerktorens. Zijn komvormige nest maakt hij van met speeksel aan elkaar geplakte uit de lucht geviste plantendeeltjes, veertjes, haren, sprietjes en zaadpluis. Soms is er geen nestmateriaal. In ons land zijn nesten van gierzwaluwen uitsluitend te vinden in allerlei menselijke bebouwing: onder dakpannen, in kieren en gaten in muren maar ook in nestkasten. Door sloop en renovatie van oude gebouwen en wijken gaat veel broedgelegenheid verloren. Naast het eigenlijke nest is ook de functionele leefomgeving van belang om het nest in stand te houden. De functionele leefomgeving voldoet idealiter aan de volgende eisen: •

Gierzwaluwen hebben een vrije uitvliegroute van minimaal 3 meter onder de uitvliegopening van het nest en minimaal 1 meter breed nodig, omdat ze niet direct vanuit het nest kunnen opstijgen en zich daarom eerst naar beneden laten vallen.

•

Geen belemmerende elementen in de in- en uitvliegroute zoals bomen, vlaggenmasten, steigers, et cetera. Bij broedlocaties naast wegen is het van belang dat de uitvliegopening hoog genoeg is zodat er geen verkeersslachtoffers kunnen vallen.

Deze functies zijn nabij het plangebied aanwezig echter de functionaliteit blijft behouden. Blijft de functionaliteit van de voortplantingsplaatsen, vaste rust- of verblijfplaatsen en functioneel leefgebied behouden? Bij de sloop van de opstallen wordt er geen schadelijke handeling flora- en fauna-activiteit verricht ten aanzien van de gierzwaluw. Er gaan namelijk geen nesten verloren. Door de ingreep blijft de functie van het leefgebied behouden. Welke eigenschappen van het object of gebied moeten gemitigeerd of gecompenseerd worden? Niet van toepassing. Is een vergunning flora- en fauna-activiteit Omgevingswet nodig om de werkzaamheden uit te kunnen voeren? Nee, er zullen geen jaarrond beschermde nesten en rustplaatsen verloren gaan van de gierzwaluw. •

Het is verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen

Welk wettelijk belang is er waardoor de activiteiten moeten worden uitgevoerd? Niet van toepassing vanwege het ontbreken van nestlocaties in het te slopen object. Zijn er alternatieven onderzocht voor het uitvoeren van de planontwikkeling? Niet van toepassing vanwege het ontbreken van nestlocaties in het te slopen object.

12

NADER ONDERZOEK SOORTEN – BERMERSTRAAT 1 OMMEN

5. Conclusies en aanbevelingen 5.1 Conclusie Bij de sanering van de opstallen wordt er geen schadelijke handeling flora- en fauna-activiteit verricht ten aanzien van de gierzwaluw. Er gaan namelijk geen nesten verloren. Door de ingreep blijft de functie van het leefgebied behouden.

5.2 Aanbevelingen (vrijblijvend indien van toepassing) Het nemen van maatregelen om de sloopwerkzaamheden op een natuurvriendelijke wijze uit te voeren. Zorgvuldig handelen •

Voorzichtige demontage van dakpannen en dakranden o

Bij demontage van dakpannen en dakranden wordt zodanig gewerkt dat mogelijk achter de dakpannen aanwezige nesten niet worden geraakt.

•

Werken buiten de kwetsbare periode

•

Indien onverhoopt gierzwaluwen worden aangetroffen, wordt het werk rond de aangetroffen gierzwaluwen gestaakt en wordt direct contact opgenomen met één van de betrokken ecologen

13

NADER ONDERZOEK SOORTEN – BERMERSTRAAT 1 OMMEN

6. Verantwoording Literatuur / bronnen •

Omgevingswet

•

Kennisdocument Gierzwaluw (V2.0 juli 2023)

•

Soortinventarisatieprotocol Gierzwaluw (NGB)

Materiaal •

Camera

•

Verrekijker

Internet •

www.bij12.nl

•

www.sovon.nl

•

www.netwerkgroenebureaus.nl

14

NADER ONDERZOEK SOORTEN – BERMERSTRAAT 1 OMMEN

Bijlage

15

NADER ONDERZOEK SOORTEN – BERMERSTRAAT 1 OMMEN

Disclaimer Deze rapportage is vervaardigd op verzoek van de opdrachtgever zoals hierboven aangegeven. Niets uit deze rapportage mag, met uitzondering van de opdrachtgever, worden vermenigvuldigd of openbaar gemaakt worden door middel van scanning, druk, internet, kopie of andere wijze zonder schriftelijke toestemming van Ecofect B.V., noch mag het zonder deze toestemming voor een ander doel gebruikt worden dan waarvoor het vervaardigd is. Ecofect B.V. is niet aansprakelijk voor vervolgschade, alsmede schade die voortvloeit uit toepassingen van de resultaten van de werkzaamheden of andere gegevens verkregen. De opdrachtgever vrijwaart Ecofect B.V. voor aanspraken van derden in verband met deze toepassing. Omdat ecologisch onderzoek een momentopname is, kan de aanwezigheid van beschermde soorten soms niet worden uitgesloten of bevestigd. Daarnaast is de natuurwetgeving aan verandering en jurisprudentie onderhevig. Wij zijn echter niet aansprakelijk voor de gevolgen van onverwacht verschijnende of verdwijnende flora of fauna, noch voor de gevolgen van veranderende wetgeving of jurisprudentie. © 2024 Ecofect B.V.; Nunspeet

16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16570500/1