CConstaterende datOldenzaal
Koppel je AI →
Document · PDF

7 - UIT-22-13086 Raadsinfobrief - Eigendomssituatie en scenario's Franciscusschool (lyceumstraat)

Gemeenteraad 19 september 2022, gemeente OldenzaalBij agendapunt: Raadsinfobrieven3.112 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSINFOBRIEF Aan de leden van de raad en de forumleden

Ganzenmarkt 1 Postbus 354 7570 AJ Oldenzaal Telefoon (0541) 58 81 11 14+ netnummer 14 0541 E-mail info@oldenzaal.nl Internet www.oldenzaal.nl Bezoekadres Postadres

15 juli 2022 Onderwerp Eigendomssituatie en scenario's Franciscusschool (Lyceumstraat)

Datum college

Uw brief van Uw kenmerk Ons kenmerk

UIT-22-13086

Zaaknummer

Mariëlle Ros (0541) 58 8136 Bijlage(n) 1. Hekkelman – Advies economisch claimrecht Franciscusschool

Behandeld door Telefoonnummer

Geachte leden van de raad en forumleden, Tijdens het politiek forum van 7 juni 2022 zijn vragen gesteld over de (ver)nieuwbouw van de Franciscusschool. Deze (ver)nieuwbouw is vertraagd door de complexe eigendomssituatie. Met deze raadsinfobrief informeren wij u over het proces rondom de eigendomssituatie en schetsen we een aantal scenario’s voor het vervolg. Deze bespreken we graag met u in een politiek forum. U ontvangt daarom dezelfde informatie binnenkort ook in een raadsmemo. Proces In het raadsvoorstel tot vaststelling van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP) (maart 2021) staat over de eigendomssituatie van de Franciscusschool het volgende: Het juridisch eigendom van de Franciscusschool ligt bij de Konot en het economisch eigendom bij het parochiebestuur. Dit betekent dat als de onderwijsfunctie komt te vervallen, het gebouw en de gronden terugvallen aan het parochiebestuur. Gezien de investering die wordt gedaan in het gebouw moeten afspraken worden gemaakt met het parochiebestuur over de vergoeding van deze investeringen, mocht de onderwijsfunctie komen te vervallen. Daarnaast bestaat landelijk ook jurisprudentie over situaties waarbij het eigendom nog bij een parochiebestuur ligt. Met tussenkomst van de rechter kan het eigendom dan eventueel overgaan naar de gemeente.

Het heeft onze voorkeur om hier met het parochiebestuur goede afspraken te maken, welke worden vastgelegd in een overeenkomst. In het politiek forum is toegelicht dat sinds vaststelling van het IHP in maart 2021 en ondertekening hiervan in de zomer van 2021 is getracht met het parochiebestuur en KONOT afspraken te maken over de eigendomssituatie in relatie tot het doen van investeringen in het pand. Dat is tot op heden niet gelukt.

Datum 15 juli 2022 Ons kenmerk UIT-22-13086 Paginanr. 2

Standpunt gemeente Het gemeentelijk standpunt is dat het investeren van gemeenschapsgeld in een gebouw dat, mocht de onderwijsfunctie van dat gebouw verdwijnen, geen eigendom is of wordt van de gemeente, niet wenselijk is zonder het maken van afspraken over een vergoeding van de gedane investeringen. Notariële akte In het geval van de Franciscusschool is sprake van een notariële akte uit de jaren zestig, waarin de juridische relatie tussen het toenmalige schoolbestuur en het toenmalige kerkbestuur is geregeld. Deze notariële akte voorziet erin dat destijds het kerkbestuur de school om niet (= gratis) heeft overgedragen aan het schoolbestuur, onder de verplichting dat op het moment dat de Franciscusschool niet meer voor onderwijsdoeleinden wordt gebruikt deze school weer om niet (= gratis) overgedragen wordt aan het kerkbestuur. Dat bevestigt het economisch claimrecht (en daarmee het economisch eigendom) van het parochiebestuur op basis van deze notariële akte. Standpunt parochiebestuur Ten aanzien van de interpretatie van die akte geeft het parochiebestuur in afstemming met hun notaris het volgende aan: “Voor zover er op het moment van de schoolsluiting nog investeringen met een boekwaarde (bekostigd door de gemeente) resteren dient er een verrekening plaats te vinden tussen het schoolbestuur en de gemeente; m.a.w.

het schoolbestuur moet de boekwaarde vergoeden aan de gemeente. Het kerkbestuur staat hier buiten en moet dat ook blijven. De gemeente Oldenzaal zit volgens het parochiebestuur op het spoor van 'economisch eigendom van het kerkbestuur' en wil vanuit dat standpunt een soort 'medeverantwoordelijkheid van het parochiebestuur' bewerkstelligen. Mocht u die insteek voorstaan kunnen wij u mededelen dat wij absoluut als parochiebestuur deze insteek niet met u delen. Verder: onderwijsinvesteringen op kosten van de gemeente betreffen een zaak tussen de aanvrager (schoolbestuur) en de gemeente (financier). Dit behoort dan ook tussen die partijen te blijven.” Juridisch advies Bovenstaande verschillende standpunten, waar ook na gesprekken geen overeenstemming in is bereikt, zijn voor ons aanleiding geweest juridisch advies in te winnen bij onze huisadvocaat, die ook gespecialiseerd is in dergelijke vraagstukken. Dat advies (zie bijlage), zegt samengevat het volgende: “In de rechtspraak zijn aanknopingspunten om aan te nemen dat aan de gemeente, ondanks dat de ondergrond en het schoolgebouw in het verleden door de parochie zijn gesticht, op grond van artikel 110 Wet op het Primair Onderwijs (“Wpo”) een economisch claimrecht toekomt.

Dat betekent dat het schoolbestuur op het moment dat zij ophoudt De Franciscusschool voor onderwijsdoeleinden te gebruiken, de ondergrond en het schoolgebouw moet terugleveren aan de gemeente en niet aan de parochie. Dat neemt echter niet weg dat de contractuele aanspraak van de parochie blijft bestaan én dat het schoolbestuur de gemaakte afspraken uit de notariële akte van 19 januari 1966 in beginsel na moet komen. Het schoolbestuur kan die afspraken echter niet nakomen, omdat zij zoals gezegd op grond van de Wpo is gehouden om de ondergrond en het schoolgebouw aan de gemeente te leveren.

Datum 15 juli 2022 Ons kenmerk UIT-22-13086 Paginanr. 3

Het schoolbestuur gaat dus in de toekomst tekortschieten in de nakoming van haar contractuele afspraken. Het schoolbestuur loopt daarmee het risico op een (schade)vergoedingsclaim wegens wanprestatie. Het ligt op de weg van het schoolbestuur om jegens de parochie te onderbouwen dat een beroep op wanprestatie onterecht is, dan wel in strijd met de redelijkheid en billijkheid is. In principe heeft de gemeente niets van doen met de afspraken tussen het schoolbestuur en de parochie. De gemeente kan niet tot nakoming van de notariële akte van 19 januari 1966 worden aangesproken. In theorie loopt de gemeente wel het risico dat zij door de parochie mogelijk op grond van (i) onrechtmatige daad of (ii) ongerechtvaardigde verrijking wordt aangesproken. Wij schatten de kans dat de parochie de gemeente met succes kan aanspreken evenwel zeer beperkt in. Gezien het vorenstaande lopen zowel het schoolbestuur als de gemeente (het schoolbestuur dus meer dan de gemeente) (financiële) risico’s als de beoogde investeringen aan De Franciscusschool worden voortgezet zonder dat er vooraf nadere afspraken worden gemaakt over de situatie die ontstaat als de ondergrond en het schoolgebouw in de toekomst blijvend niet meer voor het onderwijs nodig zijn (lees: buiten gebruik wordt gesteld).

Gelet op voormelde conclusie adviseren wij de gemeente om geen forse investeringen te doen in het schoolgebouw zonder eerst vooraf nadere afspraken te maken met het schoolbestuur en de parochie.” In het advies worden vervolgens een aantal denkrichtingen voor oplossingen geschetst. Op basis hiervan heeft bestuurlijk overleg plaatsgevonden met het parochiebestuur. Helaas is het, ook met de uitkomsten van dit advies, niet gelukt gezamenlijk afspraken te maken. Dat is de reden dat de voorbereidingen voor de vernieuwbouw van de Franciscusschool vertraagd zijn. Scenario’s Niet haalbaar gebleken scenario’s uit juridisch advies Het heeft altijd de voorkeur gehad van de gemeente om afspraken te maken met het parochiebestuur en deze afspraken vast te leggen in een vaststellingsovereenkomst. Zoals ook in het juridisch advies wordt vastgelegd, kan een vaststellingsovereenkomst echter alleen maar worden gesloten indien partijen op minnelijke wijze afspraken maken. Dat betekent dus dat ook de parochie en het schoolbestuur zich moeten kunnen vinden in de afspraken die worden vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst. Als dat niet het geval is, dan heeft het geen zin om een (concept) vaststellingsovereenkomst op te stellen. Op basis van de met het parochiebestuur gevoerde gesprekken, concluderen wij dat het maken van afspraken op minnelijke wijze niet mogelijk is.

Dat betekent dat denkrichtingen 2, 4 en 5 uit het juridisch advies niet haalbaar zijn. Wel mogelijke scenario’s op basis van juridisch advies Denkrichting 1, waarbij het parochiebestuur afstand doet van haar recht op teruglevering, is nog niet als zodanig actief besproken met het parochiebestuur. Op basis van de uitkomsten van een recent uitgevoerde taxatie, waarvan wij de resultaten op korte termijn verwachten, is dat wellicht een mogelijkheid. Wel moet daarbij nadrukkelijk de kanttekening worden geplaatst dat de huidige financiële positie van de gemeente weinig mogelijkheden biedt voor een uitgebreide compensatie richting het parochiebestuur. Ook hierbij is het bovendien de vraag of het parochiebestuur open staat voor deze oplossingsrichting. Het gesprek hierover vindt op korte termijn plaats.

Datum 15 juli 2022 Ons kenmerk UIT-22-13086 Paginanr. 4

In geval mocht blijken dat met (het schoolbestuur of) de parochie geen afspraken kunnen worden gemaakt, is het juridisch advies alsnog een juridische procedure te starten (denkrichting 3). De andere overblijvende mogelijke denkrichting (6) uit het juridisch advies is het afzien van investeringen in het huidige pand van de Franciscusschool en elders een (nieuw) schoolgebouw te realiseren ten behoeve van de Franciscusschool. Toelichting op de mogelijke scenario’s Onderstaand worden de - op basis van bovenstaande introductie - overblijvende scenario’s toegelicht: 1. Vaststellingsovereenkomst: afstand van recht op teruglevering door parochie tegen vergoeding van gemeente De parochie doet afstand van haar recht op teruglevering als bedoeld in de notariële akte uit de jaren zestig, al dan niet tegen betaling van een vergoeding. Vastgelegd wordt verder dat de ondergrond en het schoolgebouw op grond van artikel 110 Wpo om niet aan de gemeente overgaat op het moment dat de ondergrond en het schoolgebouw blijvend niet meer voor onderwijsdoeleinden nodig zijn. De gemaakte afspraken moeten worden vastgelegd in een zogenaamde vaststellingsovereenkomst. Voordeel: voor alle betrokken partijen ontstaat duidelijkheid. In de toekomst bestaat alleen nog een rechtsverhouding tussen de gemeente en het schoolbestuur. Nadeel: de medewerking van het parochiebestuur is hiervoor noodzakelijk.

Als die bereidheid er is, kost het hoe dan ook tijd om dit te realiseren. Dat betekent dat de (ver)nieuwbouw van het pand verdere vertraging oploopt. Verder is het nadeel van deze oplossing dat het parochiebestuur waarschijnlijk alleen bereid is om afstand te doen van haar aanspraken als zij daarvoor financieel wordt gecompenseerd. In opdracht van de gemeente wordt het pand momenteel getaxeerd, om inzicht te krijgen in de waarde. De vraag is of de gemeente a) in staat én b) bereid is om een eventuele compensatie te betalen. De gemeente betaalt bij deze oplossing wellicht een financiële vergoeding aan de parochie, terwijl uit een eventuele juridische procedure mogelijk zou kunnen blijken dat de gemeente aan de parochie niets verschuldigd is. In het juridisch advies wordt verder gesproken over een mogelijke bijdrage door het schoolbestuur. Dat is op grond van de Wpo echter niet toegestaan en dus niet mogelijk. 2. Starten van juridische procedure Er wordt aan de bevoegde rechtbank een verklaring voor recht gevraagd wiens recht op (terug)levering voorgaat: dat van de gemeente op grond van artikel 110 Wpo, of dat van de parochie op grond van de notariële akte. In die procedure zou mogelijk ook aan de orde kunnen komen of de parochie al dan niet succesvol een aanspraak uit hoofde van onrechtmatige daad of ongerechtvaardigde verrijking heeft.

Voordeel: voor alle partijen komt (wellicht enige) duidelijkheid. Bovendien hoeft de gemeente slechts een vergoeding te betalen aan de parochie indien dat wordt vastgesteld in een onherroepelijk vonnis of arrest. Daarnaast heeft deze optie ook een voordeel voor het schoolbestuur, omdat na een onherroepelijke uitspraak of arrest ook voor het schoolbestuur duidelijk wordt aan wie zij moet terugleveren en of zij rekening moet houden met een mogelijke schadevergoedingsclaim uit hoofde van wanprestatie. Voorwaarde daarvoor is dat dan ook het schoolbestuur moet worden betrokken in de betreffende procedure; Nadeel: een juridische procedure duurt erg lang en brengt hoge juridische kosten (advocaatkosten, griffierechten, deurwaarderskosten) met zich mee. Partijen dienen rekening ermee te

Datum 15 juli 2022 Ons kenmerk UIT-22-13086 Paginanr. 5

houden dat een procedure bij de rechtbank ongeveer één tot twee jaar duurt en dat een procedure bij het gerechtshof circa twee tot drie jaar duurt. Daarna bestaat nog de mogelijkheid de uitspraak van het gerechtshof te laten toetsen door de Hoge Raad, zodat partijen in totaal een jaar of 7/8 bezig kunnen zijn met betreffende procedure. Gedurende deze periode hebben partijen geen duidelijkheid en vindt de gemeente het vermoedelijk niet wenselijk om investeringen te doen. De vraag is bovendien of gezien de verouderde staat van het huidige pand van de Franciscusschool een dergelijk (mogelijk zeer) langdurig traject wenselijk is. Daarbij rijst de vraag of de rechter antwoord geeft op alle vragen. Belangrijke kanttekening daarbij, die ook in het juridisch advies wordt gemaakt, is dat de rechtspraak op dit onderwerp beperkt is. Bovendien zijn de kwesties in de bestaande rechtspraak niet één op één gelijk aan de situatie in Oldenzaal. Om die reden kan niet worden uitgesloten dat een rechter in de casus Oldenzaal anders beslist dan op basis van de eerder genoemde aanknopingspunten in huidige rechtspraak verwacht kan worden; 3.

Verhuizing van de Franciscusschool De gemeente doet geen investeringen meer op de huidige locatie van het schoolgebouw, maar realiseert elders – op een locatie die wel in eigendom is van de gemeente of het schoolbestuur en ten aanzien waarvan derden geen recht op (terug)levering hebben – een (nieuw) schoolgebouw ten behoeve van De Franciscusschool. Voordeel: de discussie met het parochiebestuur over de ondergrond en het schoolgebouw kan naar de toekomst worden geschoven en de plannen voor De Franciscusschool kunnen verder worden uitgewerkt. Nadeel: uiteindelijk ontstaat in de toekomst – als De Franciscusschool definitief verhuist naar een andere locatie – mogelijk alsnog discussie met het parochiebestuur. Op dat moment worden de ondergrond en het schoolgebouw immers niet langer voor onderwijsdoeleinden gebruikt en verlangt de parochie vermoedelijk nakoming van de notariële akte. In het verleden door de gemeente gedane investeringen worden dan, voor zover nog niet afgeschreven, alsnog eigendom van het parochiebestuur indien geen aanvullende afspraken gemaakt worden. Daarnaast zal een verhuizing door het schoolbestuur, leerlingen en hun ouders als ingrijpend worden ervaren. Ook dit proces kost tijd.

Tot slot betekent dit dat uitgebreider moet worden onderzocht of op korte termijn alternatieve locaties binnen de gemeente beschikbaar zijn; Alternatief mogelijk scenario In lijn met de voorkeur van de gemeenteraad om goede afspraken te maken met het parochiebestuur heeft het college zich allereerst gericht op het vinden van een definitieve oplossing voor de huidige situatie. De opdracht verstrekt aan onze huisadvocaat was daar dan ook op gericht. Bovenstaande mogelijke scenario’s bieden de mogelijkheid van een definitieve oplossing. Deze brengen echter ook nadelen met zich mee. Vanuit het belang van voortzetting van onderwijs aan de leerlingen stelt het college daarom een alternatief scenario voor, waarbij geen definitieve oplossing wordt bewerkstelligd: het doen van de in het IHP beoogde investeringen in het huidige pand van de Franciscusschool zónder het maken van afspraken met het parochiebestuur. 4. Investeren zonder afspraken De gemeente doet de investeringen in het huidige pand van de Franciscusschool conform het IHP, zonder afspraken te maken met het parochiebestuur over eventuele vergoeding van deze investeringen mocht de onderwijsfunctie van het huidige pand komen te vervallen.

Datum 15 juli 2022 Ons kenmerk UIT-22-13086 Paginanr. 6

Voordeel: de (ver)nieuwbouw van het huidige pand van de Franciscusschool kan zonder verdere vertraging worden gestart. Daarnaast worden (hoge) juridische kosten vermeden. Ook wordt de (maatschappelijke) onrust die samengaat met een verhuizing van een school voorkomen en hoeft niet gezocht te worden naar alternatieve (nieuwbouw)locaties voor de school. Ten slotte blijft het pand behouden voor het (basis)onderwijs in Oldenzaal. Nadeel: Er worden investeringen gedaan in een pand in de wetenschap dat a. mocht de onderwijsfunctie van het huidige pand van de Franciscusschool vervallen; b. deze investeringen voor zover deze nog niet afgeschreven zijn; c. mogelijk niet terugvloeien naar de gemeente maar naar de parochie. Ad a.: op de huidige locatie van de Franciscusschool is ruim 100 jaar een basisschool gevestigd. Dat biedt natuurlijk geen garantie voor de toekomst. Maar wanneer we kijken naar de leerlingenaantallen, demografische- en woningbouwontwikkelingen, is het zeker aannemelijk te noemen dat een onderwijsvoorziening voor basisonderwijs op deze locatie in ieder geval op de middellange termijn benodigd blijft. Op basis van de leerlingenprognoses van Pronexus uit 2018 is de verwachting dat in de periode 2019-2024 een lichte daling van leerlingaantallen optreedt, van 222 naar 189, waarna een stabilisatie en lichte groei verwacht wordt in de periode tot 2039.

Nieuwe prognoses zijn momenteel in de maak, maar op basis van de ontwikkelingen in het voedingsgebied van de Franciscusschool, waaronder in het bijzonder Stakenbeek, wordt in ieder geval geen leerlingendaling verwacht. Met Stichting KONOT is hierover uitvoerig gesproken, waarbij de Stichting heeft aangegeven zeker bereid te zijn tot ondertekening van een intentieverklaring tot behoud van onderwijs op de huidige locatie van de Franciscusschool voor ten minste de komende 20 à 30 jaar. Ad b.: op basis van hierboven geschetste is het vervallen van de onderwijsfunctie op korte of middellange termijn een onwaarschijnlijk scenario. Des te verder we in de toekomst kijken, des te lastiger dat uiteraard wordt. Ten aanzien van de investering die gedaan wordt is in dit kader de afschrijvingstermijn van belang. Voor de beoogde investeringen die de gemeente doet in het kader van (ver)nieuwbouw van de Franciscusschool is nu conform afspraken uit het IHP uitgegaan van een afschrijvingstermijn van 40 jaar. Het is mogelijk een andere afschrijvingstermijn te hanteren, maar daarmee wijken we af van het advies inzake afschrijvingstermijnen zoals dat in het IHP is verwoord. Dat zou in geval van een kortere termijn wel een hogere jaarlijkse kapitaallast betekenen.

Bij het eerder vervallen van de onderwijsfunctie binnen de afschrijvingstermijn, zal de restwaarde van dat moment in één keer moeten worden afgeboekt ten laste van de algemene reserve. Ad c.: mocht het zich voordoen dat de onderwijsfunctie van het huidige gebouw van de Franciscusschool inderdaad vervalt binnen de afschrijvingstermijn van de investeringen, kan alsnog een juridische procedure worden gestart. De uitkomsten daarvan zijn, zoals onder scenario 3 toegelicht, ongewis, de looptijd lang en de kosten fors. De afweging deze procedure al dan niet te starten kan dan ook het beste worden gemaakt op het moment dat de situatie zich voordoet. Alleen dan is namelijk inzicht in de restwaarde van de investeringen en de financiële positie van de gemeente op dat moment beschikbaar. Mocht op dat moment besloten worden een dergelijke procedure te starten, dan is het zoals al eerder geschetst zeker denkbaar dat een rechter in het voordeel van de gemeente beslist.

Datum 15 juli 2022 Ons kenmerk UIT-22-13086 Paginanr. 7

Tot slot: met dit scenario van investeren zonder afspraken wordt niet voldaan aan het verzoek van uw raad de eigendomssituatie helder vast te leggen en afspraken te maken in een overeenkomst. Feitelijk blijft hiermee de huidige situatie bestaan. Zoals gezegd bespreken wij graag tijdens een politiek forum met uw raad welk scenario uw voorkeur voor verdere uitwerking geniet. Tot slot Heeft u nog vragen naar aanleiding van deze brief? Neemt u dan contact op met Mariëlle Ros, telefonisch bereikbaar op 0541-588136 of per e-mail via m.ros@oldenzaal.nl

Met vriendelijke groet, het college van burgemeester en wethouders

de secretaris

de burgemeester

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11835647/1