10 Definitieve RES Twente 1.0 - RES Twente 1.0
Tekst van het document
MER-procedure Twente start met een MER-proces om vroegtijdig de informatie in beeld te brengen over de gevolgen van de keuzes die in de RES 1.0 worden gemaakt. Het uiteindelijke milieueffectrapport (MER) dient als input voor besluiten die in RES Twente 2.0 vastgelegd worden en voor de onderbouwing van ruimtelijke plannen en vergunningen. Ook kan het onderzoek uit de MER worden gebruikt als onderbouwing om besluiten te nemen in de RES Twente 2.0. Het proces om tot een MER te komen, kan dus helpen om structuur aan te brengen, te trechteren in zoekgebieden en alternatieven en daarnaast om invulling te geven aan transparantie en participatie.
16
Opwek elektriciteit en omgeving Binnen dit thema wordt een verdiepingsslag gemaakt hoe en waar energieprojecten landschappelijk kunnen worden ingepast. Hierbij is haalbaar, betaalbaar en schaalbaar een belangrijke randvoorwaarde. Diverse pilots passen onder dit thema. Denk hierbij aan een pilot voor middelgrote windturbines, of een pilot met een combinatie van wind en de bossenstrategie of andere combinaties waarbij gewassen CO2 kan worden vastgehouden. Ook zijn er kansen in combinatie met natuurontwikkeling, duurzaam beheer van landschap en andere klimaatopgaven, zoals voorbereiding op effecten van klimaatverandering (extreem natte en droge perioden). In relatie met wonen wordt vooral gewerkt aan regionale uitgangspunten voor afstand naar de bebouwde kom en de inrichting van uitloopgebieden in stedelijk gebied. De resultaten van deze afstemming worden verwerkt in de RES Twente 2.0 en vormen samen een bouwsteen voor de provinciale omgevingsvisie als regionaal kader voor ruimtelijke kwaliteit.
Kansen voor economie en arbeidsmarkt Tot 2050 zullen er in Nederland bijna acht miljoen woningen aardgasvrij gemaakt moeten worden, dat zijn 13.000 wijken. In Twente gaat het om 475 wijken en buurten die van het aardgas afgekoppeld moeten worden de komende 25 tot 30 jaar. Om dat te realiseren zijn voldoende goed geschoolde arbeidskrachten met zogenaamde ‘green skills’. Daarnaast ontstaan door de energietransitie nieuwe banen in projectontwikkeling en infrastructuur, zal er extra vraag ontstaan in de bouw- en installatiesector voor energieprojecten voor duurzame opwek elektriciteit en het verduurzamen van gebouwen en woningen. De nieuwe banen zullen ook deels voortkomen uit nieuwe innovatieve technieken waar onder de paraplu van de Twente Board en de onderzoekstafel RES Twente hard aan gewerkt wordt.
Onderwijs Om de energietransitie te laten slagen, liggen er, vooruitlopend op de arbeidsmarkt, ook uitdagingen bij het onderwijs. Zowel aan de Twente Board áls aan de RES-Twente neemt de Universiteit Twente actief deel. Mede op initiatief van de Universiteit is er een Human Capital Agenda voor de energietransitie ontwikkeld. In deze Human Capital Agenda werken het ROC, hogeschool Saxion én de Universiteit samen om het onderwijs te faciliteren voor de nieuwe banen die gaan ontstaan in de energietransitie. Om de regionale economie en arbeidsmarkt duurzaam te versterken, willen de kennisinstellingen samenwerken met het bedrijfsleven, lokale overheden, werknemers, burgers en maatschappelijke instellingen, zodat Twente klaar is voor de uitdadingen en kansen die de energietransitie biedt.
6.2.
Onderzoekstafel RES Twente
In de afgelopen periode zijn veel vragen gesteld over de mogelijkheden van kernenergie, thorium, waterstof, geothermie en aquathermie. De nieuwe (technologische) ontwikkelingen en innovaties bewaken we via de onderzoekstafel. Inwoners en ondernemers die zich in de afgelopen periode hebben gemeld met mogelijke kansen die zij zien, brengen we met elkaar en met kennisinstellingen en betrokken specialisten in contact. Zij gaan als ‘denktank’ aan de slag om nieuwe technieken en ontwikkelingen toepasbaar te maken voor de energietransitie met het oog op het inwisselen van deze technieken voor de huidige bronnen voor elektriciteit en warmte. Voor een doorvertaling naar de uitvoering worden in deze denktanks is ook een vertegenwoordiging van diverse LEI betrokken. Kleinschalige initiatieven die werken, kunnen we dan grootschalig uitrollen. In de onderzoekstafel is aandacht voor onder meer de volgende thema’s. De thema’s kunnen gaandeweg worden aangevuld waar nodig.
Energiebesparing Wat kunnen inwoners doen om energie te besparen? En wat kunnen overheden, woningcorporaties, kennisinstellingen of andere organisaties doen om hen daarbij te ondersteunen? De RES Twente brengt de inwoners en specialisten bij elkaar brengt om samen tot slimme, laagdrempelige en praktische oplossingsrichtingen te komen.
Opslag Omdat het niet altijd waait en de zon niet altijd schijnt, wordt gekozen voor een flexibel energiesysteem. Dat begint met gebruik van energiebronnen die elkaar aanvullen. De mix van zon en wind zorgt al voor een stabieler net dan de opwek met alleen wind- of zonneenergie. Daarnaast is het van belang om te zorgen voor een goede buffer en mogelijkheid om de energie op te slaan bij pieken, zodat het inzetbaar is op momenten dat er geen elektriciteit wordt opgewekt. De duurzame opslag- en bufferoplossingen zijn nu nog zeer prijzig. Innovatie en doorontwikkeling op dit vlak is dan ook van groot belang. Kennisinstellingen, bedrijvenparken, beleidsmedewerkers energie en mobiliteit en vertegenwoordigers van de LEI, ondernemers en inwoners bundelen hun krachten.
17
Ontwikkelingen schone elektriciteit Kernenergie en thorium zijn oplossingsrichtingen die zijn genoemd, maar hierover moet landelijke besluitvorming plaatsvinden en zijn ook fossiele grondstoffen nodig. Toch zijn er in deze regio enkele initiatieven die de mogelijkheden onderzoeken. Verder is het inzetten van ´big data´ om sturing te kunnen geven aan opwek, opslag en verbruik van energie in Twente een onderwerp dat verder verkend moet worden. Technieken of ontwikkelingen die aantoonbaar toepasbaar zijn, maar ook haalbaar, betaalbaar en schaalbaar kunnen leiden tot wijzigingen. Het is van belang dat een vertegenwoordiging van de RES organisatie, kennisinstellingen, LEI en initiatiefnemers samen aan de slag gaan en waar nodig initiatief nemen voor pilots of (praktijk)onderzoeken. Zo is in een vroeg stadium duidelijk of technologische ontwikkelingen kunnen worden doorgevoerd in de RES Twente 2.0, 3.0 of later.
6.3.
Wat is nodig?
De RES Twente is een steunstructuur om onze partners te ondersteunen bij beleidsontwikkeling, communicatie en participatie en (de voorbereiding op) de realisatie van de energieprojecten. Maar de RES Twente heeft het Rijk, provincie en de gemeenten hard nodig.
Van het Rijk Om de regionale doelstellingen te halen, is medewerking nodig van het Rijk. Meer juridische armslag, aangepaste wet- en regelgeving, kennis en financiering voor de extra overheidstaken voor uitvoering van het Klimaatakkoord. Daarnaast is steun van het Rijk nodig om woonlastenneutraliteit bij verschillende woningtypen en warmteoplossingen mogelijk te maken. Samen met provincie Overijssel, de RES-regio West Overijssel en regio’s in Oost Nederland en Brabant is vanuit Twente actief de lobby ingezet. Belangrijke thema’s zijn de SDE’s voor zon op dak en meervoudig ruimtegebruik zonnevelden en de samenwerking met Duitsland, maar er wordt ook aandacht gevraagd voor bijvoorbeeld de regelgeving voor het aanvragen van netcapaciteit. De lobby is dan ook altijd in beweging en volgt de actualiteit. Lees meer over de lobby in het jaarverslag Lobby 2020.
Van de provincie De provincie Overijssel is een partner in de RES Twente, maar de RES Twente heeft de provincie ook nodig voor beleidskaders. Zo stelt de provincie Overijssel een provinciale omgevingsvisie vast. Dat is van belang als regionaal kader voor ruimtelijke kwaliteit binnen de RES Twente. Ook trekt de RES Twente gezamenlijk op met de provincie om de verbinding met andere maatschappelijke opgaven goed te kunnen vormgeven. De subregionale samenwerking draagt daar aan bij. Betrokkenheid in de subregionale samenwerking van de provincie, maar ook de netbeheerders, is dan ook van belang. Verder werkt de RES Twente intensief samen met het provinciaal programma Nieuwe Energie Overijssel. Via gezamenlijke energiewerkplaatsen wordt het netwerk sterker en wordt kennis en ervaring binnen en buiten de netwerkorganisatie gedeeld. Ten slotte is de provincie zoals gezegd een belangrijke partner in het lobby-proces. Maar ook bij de afstemming tussen provincies via het Interprovinciaal Overleg (IPO) is de provincie een cruciale schakel voor de voortgang van de energietransitie.
Van de gemeenten De gemeenten zijn hard nodig in het vervolgproces en de uitwerking van de RES 2.0 en verder. De gemeenten dragen daar aan bij door voldoende capaciteit te leveren. Daarmee brengen zij de kennis en ervaring binnen de RES-organisatie in. Ook hebben gemeenten een signaalfunctie. Waar nodig en in gezamenlijke afstemming kan daar bijvoorbeeld een lobby-traject op ingezet worden. Binnen de subregionale samenwerking wordt de afstemming tussen diverse buurgemeenten in het kader van de RES Twente worden versterkt. Uiteindelijk worden de (sub)regionale uitgangspunten verankerd in lokaal beleid en omgevingsvisies. Bovendien zorgen gemeenten voor de verlening van omgevingsvergunningen en vervullen zij in de uitvoering voor de regierol bij de realisatie van energieprojecten. Ook zetten gemeenten in op het informeren en betrekken van de inwoners. Doorontwikkeling van kleinschalige initiatieven of proefprojecten gaan de komende periode een belangrijke rol spelen. Dit kan alleen worden ‘ingewisseld’ in de RES Twente 2.0 als ze aantoonbaar haalbaar, betaalbaar en schaalbaar zijn. Gemeenten geven ruimte voor pilotprojecten vanuit de samenleving. Ten slotte hebben de gemeenten met regelmaat afstemming in het kader van de Verenging voor Nederlandse Gemeenten (VNG). Dat is van belang in het lobby-proces, maar ook voor de uitwisseling van kennis en ervaring.
De RESTwente staat in contact met de Twente Board en stemt af waar de Board de RES-Twente in de lobby kan ondersteunen.
18
Van het NP RES Om de continuïteit van de RES-organisatie te waarborgen, zijn extra budgetten nodig voor extra werk en benodigde extra capaciteit. Het NP RES heeft dit aangekaart op Rijksniveau samen met onder andere IPO en VNG. Continuering van NP RES, en daarmee de ondersteuning van de regio’s, is volgens het kabinet van belang. Naar verwachting zal eind mei/begin juni budget beschikbaar worden gesteld voor een tweejarige voortzetting van de RES. Op dit moment lijken binnen de RES Twente nog voldoende middelen voorhanden om continuïteit te kunnen bieden. Verder faciliteert het NP RES de 30 RES-regio’s door kennis en ervaring te delen. Lees meer in bijlage 9 over de Twentse Energie Agenda.
19
7.
INFORMEREN EN BETREKKEN INWONERS EN LOKAAL EIGENDOM
Voor de uitvoering van de RES is maatschappelijke acceptatie van groot belang. Het informeren en betrekken van de samenleving vindt op lokaal en regionaal plaats. Hoewel op beide niveaus bijeenkomsten en andere activiteiten hebben plaatsgevonden, geven volksvertegenwoordigers en belanghebbenden aan dat inwoners nog onvoldoende op de hoogte zijn en nog onvoldoende zijn betrokken. De partners van de RES Twente zorgen dat inwoners, ondernemers, belanghebbenden en natuurlijk jongeren nog intensiever worden geïnformeerd en betrokken op weg naar RES Twente 2.0 om zo te zorgen voor een gelijk kennisniveau. Daarbij zet de RES Twente zich in voor een eerlijk beeld over de (on)mogelijkheden en een open dialoog met de omgeving. Uiteraard worden de beslissers (raadsleden, ABleden van het waterschap en Statenleden) meegenomen in dit proces.
7.1.
Informeren van onze samenleving
Op lokaal en regionaal niveau informeren de partners van de RES Twente inwoners, ondernemers, belanghebbenden over nut en noodzaak van de energietransitie, de bijdrage aan de klimaatopgave, maar vooral ook wat dit gaat betekenen voor de omgeving en wat zij hier zelf in kunnen doen. De RES Twente geeft inzicht in de afwegingen en keuzes, geeft duidelijkheid aan de hand van feiten en fabels en laten zien welk effect energieprojecten hebben op de omgeving met visualisaties. Aan de hand van concrete en regionale projectvoorbeelden zorgt de RES Twente voor inspiratie en dat we van elkaar kunnen leren. Op regionaal niveau zal meer dan voorheen aandacht zijn voor energiebesparing en de wisselwerking tussen elektriciteit en warmte, want wat we niet verbruiken, hoeven we ook niet op te wekken. De RES Twente faciliteert de gemeenten bij hun gebiedsgerichte en grensoverschrijdende communicatieprocessen met een juiste mix aan communicatiemiddelen om de verschillende doelgroepen te bereiken en als het wenselijk is, wordt gezorgd voor Q&A-sessies voor inwoners en ondernemers, zodat ze inzicht krijgen in de (on)mogelijkheden en verbindingen kunnen leggen.
7.2.
Betrekken omgeving bij de uitwerking en realisatie van de energietransitie
Om meer gehoor te kunnen geven aan een afspiegeling van onze samenleving, richt de RES Twente een omgevingsadviesraad op die betrokken wordt bij de verdere uitwerking én realisatie van de energietransitie. De adviesraad is representatief voor Twente en de diverse belangen die er spelen met een vertegenwoordiging van alle gemeenten, rekening houdende met onder andere: aantal en diversiteit inwoners; diverse leeftijdscategorieën; diverse inkomenscategorieën; binnen en buiten bebouwde kom. De omgevingsadviesraad wordt met regelmaat geïnformeerd en geraadpleegd over ontwikkelingen vanuit de RES Twente. Meepraten over gerealiseerd beleid en reeds gemaakte keuzes is niet mogelijk, die worden als een randvoorwaarde gezien voor het vervolggesprek. Maar binnen deze kaders zijn er op weg naar de uitvoering vele aspecten die aan de orde komen. De omgevingsadviesraad is zo opgebouwd, dat zij ook benaderd kunnen worden in het kader van de subregionale samenwerking die nodig is bij bijvoorbeeld de grootschalige energieprojecten in clustergebieden. Zo kan al in een vroeg stadium worden meegekeken met visualisaties van energieprojecten. Binnen de Twentse Energie Agenda stemmen de partners van de RES Twente af met kennisinstellingen, specialisten op diverse terreinen, maar ook met een vertegenwoordiging van belanghebbenden vanuit diverse perspectieven, ondernemers en inwoners.
Samen vormen zij een denktank met daadkracht, waarbij het de bedoeling is dat zij de mening van hun achterban meenemen in het werkproces. De grootste uitdagingen binnen de Twentse Energie Agenda die de RES Twente graag samen met onze omgeving oppakt zijn onder meer om te komen tot de juiste koppelkansen, verdienmodellen, praktische oplossingen waarbij vraag en aanbod van energie dichtbij elkaar liggen, maar ook om (vernieuwende) ontwikkelingen en technieken tot uitvoering te kunnen brengen met als randvoorwaarde haalbaar, betaalbaar en schaalbaar. In het geval van bijvoorbeeld de omgevingsvisie, of de aanpak stikstof, haakt de RES Twente aan bij lopende gebiedsgerichte processen om zo ook de afstemming met andere programma’s te houden. De RES Twente geeft de omgevingsadviesraad en de invulling van de programmeer- en onderzoekstafel samen met betrokkenen vorm, die in de afgelopen periode hebben gemeld dat zij graag willen meedenken. Voor de ‘grote groep’ inwoners, ondernemers en belanghebbenden zijn op regionaal en lokaal niveau diverse bijeenkomsten en werkateliers, waarbij het bijvoorbeeld aan de hand van de visualisaties aan de slag gaan met de energieopgave en de effecten op de omgeving.
20
7.3.
Lokaal eigendom
Lokaal eigendom betekent dat bewoners en/of bedrijven uit de lokale gemeenschap (mede)eigenaar zijn van een energieproject. Dat eigendom is een collectief eigendom, vaak in de vorm van een coöperatie of en andere passende rechtsvorm. Soms is het collectief van bewoners en/of lokale bedrijven voor 50% tot 100% eigenaarschap van het energieproject. In dat geval werkt dit collectief vaak samen met een commerciële projectontwikkelaar. Soms neemt een gemeente zelf deel aan een energieproject. Dit kan worden meegenomen als lokaal eigendom, mits de opbrengsten terugvloeien naar de samenleving. De RES Twente neemt minimaal 50% lokaal eigendom als uitgangspunt en geeft zo lokale gemeenschappen zeggenschap over de energietransitie. Lokale opbrengsten blijven lokaal. Bovendien zijn het lokale mensen die de energieprojecten ‘bouwen’ en zij zijn van nature betrokken bij die gemeenschap. Hun aanpak is erop gericht om de omgeving goed te betrekken bij het project en de lusten en lasten zo eerlijk mogelijk te verdelen. Dat schept vertrouwen. De RES Twente ontwikkelt samen met de LEI-Twente een ‘Plan van Aanpak Lokaal Eigendom’.
Dit is een handreiking voor gemeenten om samen met de LEI binnen hun gemeente lokaal eigendom vorm te geven en vast te leggen in lokaal beleid met onder andere: Soort energieprojecten Zeggenschap over de opbrengsten Financieringsmogelijkheden Mogelijke varianten lokaal eigendom
Bijdrage tegengaan energiearmoede De RES Twente werkt samen met de LEI aan oplossingsrichtingen om de ‘energiearmoede’ tegen te gaan. Daarmee geeft de RES Twente een handreiking aan gemeenten om de energierekening van inwoners met een lager inkomen zodanig te verlagen, dat zij geen effect voelen van de maatschappelijke kosten die zouden stijgen door investeringen dien nodig zijn om de energietransitie mogelijk te maken. Lees meer in bijlage 10 over Maatschappelijke acceptatie.
21
8.
SLOTWOORD
In de RES Twente 1.0 is opgenomen hoe we willen zorgen dat we richting 2030 de juiste strategische koers kunnen varen om de helft van het huidig elektriciteitsverbruik op te wekken met wind- en zonne-energie en gebouwen aardgasvrij te verwarmen. De besluitvorming ligt bij gemeenten, waterschap Vechtstromen en provincie Overijssel, maar de RES Twente is van ons allemaal. Het gaat immers om onze leefomgeving. En dat heeft invloed op de Twentse samenleving als geheel. De RES Twente 1.0 is tot stand gekomen op basis van de resultaten van: lokale beleidsvorming, participatie en besluitvorming; regionale afstemming tussen de partners van de RES Twente; afstemming met diverse (vertegenwoordigers van) regionale belanghebbenden; afstemming met andere RES-regio’s en landelijke werkgroepen. Het proces om te komen tot een gezamenlijke koers die door de omgeving wordt gedragen, haalbaar, betaalbaar en schaalbaar is en ruimtelijk kan worden ingepast en worden gecombineerd met andere opgaven, is niet eenvoudig. De opgave waar we allen voor staan is een hele pittige opgave. We vragen bestuurders verantwoordelijkheid te nemen om de klimaatverandering te vertragen en hiervoor ingrijpende maatregelen te nemen. Dat vereist bestuurlijk lef en begrip van onze omgeving. Het informeren en betrekken van de omgeving om eenzelfde omslag te kunnen maken, dat kost tijd.
We willen iedereen bedanken die hebben bijgedragen aan de RES Twente 1.0 en die door meedenken en (kritische) reflecties te geven, onze koers verder hebben aangescherpt. We willen in dit kader ook benadrukken dat we er nog niet zijn. Sterker nog, we zijn net begonnen. We willen de komende periode de samenwerking tussen partners, maar ook de afstemming met de omgeving voortzetten en versterken. We zoeken verbinding met andere programma’s en zorgen dat afstemming met onze samenleving sterker wordt verankerd in onze projectorganisatie. Samen maken we de stap naar een klimaatneutraal 2050.
22