CConstaterende datOldenzaal
Koppel je AI →
Document · PDF

1 - UIT-22-13031 Raadsinfobrief openbaar vervoer en spoorgoederenvervoer 2022

Gemeenteraad 7 maart 2022, gemeente OldenzaalBij agendapunt: Raadsinfobrieven3.957 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSINFOBRIEF Aan de leden van de raad en de forumleden

Datum college Onderwerp

Ganzenmarkt 1 Postbus 354 7570 AJ Oldenzaal Telefoon (0541) 58 81 11 14+ netnummer 14 0541 E-mail info@oldenzaal.nl Internet www.oldenzaal.nl Bezoekadres Postadres

1 februari 2022 Openbaar vervoer en spoorgoederenvervoer 2022

Uw brief van Uw kenmerk Ons kenmerk

UIT-22-13031

Zaaknummer Behandeld door Telefoonnummer

Roderik Tonen (0541) 58 29 58 08 28

Bijlage(n)

Geachte leden van de raad en forumleden, U bent in februari 2021 geïnformeerd over de stand van zaken op het gebied van openbaar (personen)vervoer en spoorgoederen vervoer. Via deze raadsinfobrief informeren we u over de ontwikkelingen in het afgelopen jaar op het gebied van spoorgoederen- en openbaar vervoer. We nemen u mee in de volgende onderwerpen:  treinverbinding Hengelo – Bielefeld (RB61);  spoorlijn Zutphen-Hengelo-Oldenzaal en het openbaar vervoer in Oldenzaal;  goederenvervoer in Oost Nederland: een overzicht van de afgelopen jaren en de stand van zaken;  lange termijn oplossingen goederenvervoer spoor in Oost Nederland;  aanpassing wet Basisnet;  versnellen Intercity Amsterdam-Berlijn;  bezoek Kamercommissie voor Infrastructuur en Waterstraat in Oldenzaal;  MaaS pilot project Twente. Treinverbinding Hengelo – Bielefeld (RB61) De vervoerder Eurobahn (Keolis Deutschland) moest de afgelopen jaren zorgen voor een betrouwbare dienstregeling op de treinverbinding Bad Bentheim – Hengelo, de RB61 (RegionalBahn). Al sinds 2018 zijn er verschillende problemen in de dienstregeling geweest waardoor treinen vaak niet reden. De vervoerder is hier meerdere malen door de concessieverleners op aangesproken. Eurobahn heeft meerdere malen beterschap beloofd.

Uitvallen treinritten De slechte uitvoering van de dienstregeling van de RB 61 Hengelo-Bielefeld is de afgelopen jaren een punt van zorg bij politieke vertegenwoordigers van Nahverkehr Westfalen-Lippe (mede opdrachtgever naast de provincie Overijssel). Nahverkehr Westfalen Lippe had regelmatig overleg met Eurobahn (Keolis Duitsland). Zij hamerden erop dat alle contracten worden uitgevoerd conform afspraken uit de aanbestedingen. In het afgelopen jaar zijn wederom treinritten uitgevallen. Belangrijkste oorzaak is de krapte op de ‘machinistenmarkt’. Er is onvoldoende personeel om

Datum 1 februari 2022 Ons kenmerk UIT-22-13031 Paginanr. 2

de treinen volgens de dienstregeling te laten rijden. Eurobahn heeft voor deze lijn begin 2020 extra machinisten opgeleid. Deze extra inzet heeft de problemen in de dienstregeling niet opgelost. De problemen hebben ertoe geleid dat de concessieverleners (Westfalen-Lippe Local Transport (NWL), Rijn-Ruhr Transport Association (VRR), Nedersaksen Transport Authority (LNVG) en de provincie Overjissel) naast de exploitant zelf, op zoek zijn gegaan naar structurele oplossingen zoals overname door een andere partij. Overname Eurobahn Keolis Deutschland bevestigde eind december dat het zijn Duitse spooractiviteiten heeft verkocht aan herstructureringsmaatschappij Team Treuhand. De dochteronderneming van de Franse Nationale Spoorwegen (SNCF) heeft een overeenkomst getekend, om het eigendom over te dragen. Team Treuhand wordt de nieuwe aandeelhouder van de Duitse activiteiten van Keolis, die bestaan uit vier contracten in Noordrijn-Westfalen die worden geëxploiteerd onder het merk Eurobahn: Maas-Rijn-Lippe, de Hellweg, het Teutoburger Wald en Ostwestfalen-Lippe. Team Treuhand zal de lijndiensten exploiteren onder haar dochteronderneming SG Eurobahn. De herstructureringsmaatschappij Team Treuhand is gespecialiseerd in het overeind houden van financieel kwetsbare bedrijven die in een overgangsfase zitten.

Doel van de nieuwe eigenaar is om de spoorvervoerder weer winstgevend te maken en het pad te effenen voor een nieuwe strategische investeerder in de toekomst. De naam Eurobahn zal niet wijzigen. De reizigers zullen weinig merken van de overname waarbij de verwachting is dat de betrouwbaarheid van de dienstverlening zal verbeteren. Voor Oldenzaal maakt het in principe niet uit wie de eigenaar is, als de treinen maar volgens de dienstregeling in Oldenzaal zijn. Oldenzaal houdt de vorderingen rondom de RB61 in de gaten en zal in gezamenlijkheid met de provincie Overijssel blijven streven naar verbetering van deze lijn. Spoorlijn Zutphen-Hengelo-Oldenzaal en het openbaar vervoer in Oldenzaal De vervoersconcessie voor Twente loopt eind 2023 af. Rond die tijd is het huidige treinmaterieel (Lint 41 diesel mechanische aandrijving) afgeschreven. De wens van de concessieverleners (de provincies Overijssel en Gelderland en ProRail) is om het treinmaterieel te vervangen met als doel een meer duurzame tractievoorziening (elektrische aandrijving in plaats van diesel mechanisch). In de komende aanbesteding voor de periode 2023 tot en met 2027 zal echter de huidige dienstregeling en wijze van tractie (diesel) voortgezet worden. Ombouw naar duurzamer openbaar vervoer vergt namelijk meer tijd.

Het gehele openbaar vervoer (dus ook de bus lijndiensten) in Twente is gekoppeld aan de vervoersconcessie Zutphen-Hengelo-Oldenzaal. Rode Twentse bussen worden waarschijnlijk vervangen Dit betekent dat de huidige dienstregeling voor de komende jaren niet wijzigt. Ook de landelijke en regionale versobering in het openbaar vervoer (minder stadslijnen), die voorzien is voor de komende jaren heeft, zoals het er nu uitziet, geen invloed op de lijnvoering in Oldenzaal. De meest zichtbare wijziging voor de reiziger is dat de rode ‘Twents’ bussen vervangen zullen worden door het paars/blauw/groen van ‘RRReis’. Daarnaast wordt op dit moment door Oldenzaal in overleg met de vervoerder Keolis en de provincie Overijssel de mogelijkheid onderzocht om de bedrijven-

Datum 1 februari 2022 Ons kenmerk UIT-22-13031 Paginanr. 3

terreinen met het openvaar vervoer te ontsluiten. Oldenzaal streeft naar een goede openbaar vervoer ontsluiting van de bedrijventerreinen. Mocht blijken dat hier voldoende vraag naar is, dan kan een voorstel voor een nieuwe lijnvoering in de nieuwe aanbesteding meegenomen worden. Onderzoek naar verdubbeling traject Zutphen-Hengelo-Oldenzaal Naast verduurzaming is ook al jaren de wens om de capaciteit van de spoorlijn Zutphen-HengeloOldenzaal te verdubbelen. Uit onderzoek blijkt dat de vervoersvraag voldoende is voor een opwaardering van de huidige spoorlijn. Het probleem is echter dat bij een verdubbeling van het traject gelijk ook een aantrekkelijke verbinding (korter en sneller) ontstaat voor het goederenvervoer (voor vervoerrelaties ‘Port of Rotterdam’ – Duitsland/Baltische staten). Zie ook figuur 4 (op pagina 6), de vijf tracés zoals beschreven in de studie van APPM/Goudappel Coffeng 2015, waarbij we het hier hebben over het tracé ‘Twente Kanaallijn’. Oldenzaal vreest dat hierdoor het goederenvervoer per spoor door Twente zal toenemen. De provincies Gelderland en Overijssel werken aan een eenduidig advies over de verdubbeling van het traject. Wij participeren in het overleg over het onderzoek naar de verdubbeling.

Goederenvervoer in Oost Nederland: een overzicht van de afgelopen jaren en de stand van zaken Goederenvervoer over het spoor is relatief veilig, duurzaam en betrouwbaar in vergelijking met goederenvervoer over de weg. Spoorgoederenvervoer ligt echter gevoelig in Oldenzaal. Dit heeft te maken met het gemengde spoorgebruik. Dat wil zeggen dat het personen- en goederenvervoer gebruik maken van hetzelfde spoor. Daarnaast bevinden de wachtsporen voor goederentreinen richting Duitsland zich midden in Oldenzaal. Het spoor loopt door bebouwd gebied, met gevolgen voor onze inwoners die daar wonen. Het gaat dan vooral om hinder (geluid, trillingen) en veiligheid (gevaarlijke stoffen). Hinder, veiligheid en impact op woningbouw Bij een stijging van het aantal goederentreinen nemen de negatieve effecten toe. De treinen zorgen steeds meer voor overlast en voor een vergroot risico op overschrijden van geluidsnormen. Daarnaast kan een goederenroute dwars door stedelijk gebied ook grote impact hebben op nieuwe woningbouwlocaties en daarmee op de toekomstige verstedelijking. In Oldenzaal wordt zoveel mogelijk binnenstedelijk gebouwd waaronder langs het spoor, maar dit is moeilijk te combineren met goederenvervoer over het spoor. Het Rijk is verantwoordelijk voor een veilige afwikkeling van het spoorgoederenvervoer.

Zij neemt waar nodig en mogelijk maatregelen om de overlast en het risico te beperken. Oldenzaal en de overheden in Oost Nederland houden de ontwikkelingen nauwlettend in de gaten en vragen aandacht voor de problematiek bij het Rijk en de Tweede Kamer. Het goederenvervoer over spoor door Oldenzaal heeft een relatie met zowel de ‘Port of Amsterdam’ als ook de ‘Port of Rotterdam’ (zie figuren 1 en 2).

Datum 1 februari 2022 Ons kenmerk UIT-22-13031 Paginanr. 4

Figuur 1 en 2. Goederenvervoerstromen over spoor vanuit Amsterdam en Rotterdam Project Hoogfrequent Spoor (PHS) In 2013 is vanuit het project Hoogfrequent Spoor (PHS) onderzoek gedaan naar spoorvarianten, bijvoorbeeld alternatieve routes richting het buitenland, die in de toekomst een goede en veilige afwikkeling van het goederenvervoer over spoor mogelijk moest maken. Door het invoeren van spoorboekloos reizen (de frequentie van de treinen is dan zo hoog dat geen vaste tijden nodig zijn) in de Randstad zou het goederenvervoer andere routes moeten gaan kiezen in de toekomst, met fors meer treinen op bestaand spoor tot gevolg. Aanvankelijk ging men daarbij uit van zeer hoge groeicijfers. In Oost Nederland kwamen de betrokken provincies, gemeenten en veiligheidsregio’s tot de conclusie dat bij de verwachte aantallen afwikkeling over bestaand spoor niet meer aanvaardbaar was. In overleg en in samenwerking met bewonersinitiatieven zoals de RONA (Regionaal Overleg Noordelijke Aftakking, een vereniging van belanggroepen langs spoor) werd actie ondernomen richting Rijk. Er volgde een onderzoek naar de noordelijke aftakking van de Betuweroute langs de N18 door de Achterhoek en Twente. Onderzoek naar de noordelijke aftakking Betuweroute In 2014 hebben de provincies Gelderland, Overijssel en Havenbedrijf Rotterdam dit onderzoek uit laten voeren.

Na het onderzoek gaf het ministerie van IenW aan dat zij de conclusies niet wilden overnemen. Daarom werd een vervolgonderzoek gedaan. Er is een gezamenlijke brief naar de Tweede Kamer gestuurd met de onderzoeksresultaten en de kosten van een noordelijke aftakking langs de N18. De geraamde kosten (prijspeil 2014) voor geëlektrificeerd en met ERTMS (European Rail Traffic Management System, het nieuwe beveiligingssysteem) spoor bedroegen rond de 2 miljard euro voor een enkelsporige variant en 2,5 miljard voor dubbelspoor. Kosten voor een (gedeeltelijke) verdiepte aanleg werden geraamd op 590 miljoen euro extra.

Datum 1 februari 2022 Ons kenmerk UIT-22-13031 Paginanr. 5

Ontwerp Tracébesluit stopgezet Rond 2014 bleek dat de eerdere prognoses veel te hoog waren geweest en de aantallen goederentreinen in de komende twintig jaar veel minder zouden gaan stijgen dan verwacht. Het ministerie heeft toen de procedure rondom het ontwerp Tracébesluit (OTB) stopgezet (geen 2de fase MER/OTB). Daarmee werd een definitieve keuze voor de afwikkeling van het goederenvervoer in Oost Nederland uitgesteld. Het Rijk heeft toen gekozen om het goederenvervoer in Oost Nederland de komende jaren af te wikkelen via de bestaande Twenteroute (ook wel aangeduid als Bentheimroute) en dit gemeld aan de Tweede Kamer. Bij de geregistreerde vervoersaantallen wordt de risicoruimte (het gebied waar een kans op een gebeurtenis mogelijk is) sinds de invoering van het Basisnet regelmatig overschreden (zie ook onderdeel ‘aanpassing wet Basisnet). De toenmalige staatssecretaris heeft toegezegd om in 2020 de gewenste verbinding tussen Randstad en grensovergang Bad Bentheim (noordelijke aftakking) nogmaals tegen het licht te houden aan de hand van de dan bekende aantallen en prognoses. Deze prognoses zijn in 2021 beschikbaar gekomen in het kader van de IMA (Integrale Mobiliteits Analyse). Nieuwe cijfers goederenvervoer De afgelopen jaren is het gemiddelde aantal goederentreinen beperkt gestegen ten opzichte van 2014. Dit heeft onder andere te maken met de coronacrisis.

Er zijn meer goederentreinen (ook met gevaarlijke stoffen) over de Twenteroute gegaan door de werkzaamheden aan het derde spoor in Duitsland. Het project Derde Spoor Zevenaar - Duitsland is een spoorwegproject van ProRail en DB Netze. Tussen 2016 en 2030 wordt het spoor tussen Zevenaar-Oost en Oberhausen uitgebreid om een toenemende hoeveelheid goederenvervoer via de Betuweroute mogelijk te maken. Door de werkzaamheden is de Betuweroute soms niet beschikbaar en moeten treinen omrijden over bestaand spoor, ook langs Oldenzaal. De aanleg van dit derde spoor is vertraagd en nog lang niet klaar. DB Netze spreekt zelfs over de periode 2030-2040 voordat het derde spoor volledig bruikbaar is. Dit betekent dat er al lang geen sprake meer is van tijdelijke maatregelen. Inwoners langs het spoor, waaronder in Oldenzaal, hebben straks meer dan twintig jaar last gehad van deze maatregelen. Ook is sprake van langdurige en frequente buitendienststellingen van een of twee sporen de komende jaren. ProRail heeft hiervoor al de alarmklok geluid. Dit houdt kortgezegd in dat we in Oldenzaal ook de komende jaren rekening moeten houden met meer goederentreinen. In het afgelopen jaar is het goederenvervoer weer toegenomen ten opzichte van het jaar daarvoor. In figuur 3 is het aantal goederentreinen van en naar het buitenland en voor het deel van en naar Duitsland in beeld gebracht.

Datum 1 februari 2022 Ons kenmerk UIT-22-13031 Paginanr. 6

Figuur 3: Aantal goederentreinen van en naar het buitenland

Langetermijn oplossingen goederenvervoer spoor in Oost Nederland In het Toekomstbeeld OV 2040 is in grote lijnen de invulling van de ambitie voor het toekomstige openbaar vervoer vanaf 2040 beschreven. Op dit moment worden vanuit Toekomstbeeld OV 2040 een aantal studies uitgevoerd. Personenvervoer en goederenvervoer wordt daarbij in samenhang bekeken. Dit is ook nodig, want het spoor in Nederland is vol en dreigt door alle ambities in de toekomst overvol te raken. Het goederenvervoer Oost Nederland (GON) wordt onderzocht in het kader van de studie GNOE (Goederen vervoer Noordoost Europa).

Figuur 4: De vijf tracés zoals beschreven in de studie van APPM / Goudappel Coffeng 2015 Andere keuze voor route van het goederenvervoer

Datum 1 februari 2022 Ons kenmerk UIT-22-13031 Paginanr. 7

In de ontwikkelagenda Toekomstbeeld OV is geconstateerd dat een (andere) keuze voor de route van het goederenvervoer een bijdrage levert aan: (1) het oplossen van meerdere vervoersknelpunten, (2) het faciliteren van goederenvervoer richting 2040, (3) de maatschappelijke opgaven van het OV en (4) een schaalsprong naar de toekomst (verbeteren personenvervoer over spoor). Dit is overeenkomstig de conclusie van de studie van APPM/Goudappel Coffeng naar de vijf tracés (in 2014 hebben de provincies Gelderland, Overijssel en Havenbedrijf Rotterdam dit onderzoek uit laten voeren, zie ook hiervoor beschreven ‘Ontwerp tracebesluit stopgezet’). In figuur 4 zijn de vijf tracés ingetekend. Om een goed (én gedeeld) inzicht te krijgen in de problematiek, de nut en noodzaak en de stakeholderomgeving (belanghebbenden zoals organisaties en bewoners) is gestart met een definitiefase, die naar verwachting loopt tot maart 2022. De uitkomst van deze fase moet randvoorwaarden meegeven voor een mogelijke vervolgstap en oplossingsrichtingen. Studie naar toekomstige afwikkeling van goederenvervoer In het bestuurlijk overleg over het goederenvervoer Oost Nederland is vastgelegd dat in ieder geval de vijf nu bekende opties voor toekomstige afwikkeling van het goederenvervoer in Oost Nederland onderzocht moeten worden.

Hier zitten ook varianten van een noordelijke aftakking van de Betuweroute bij, in Nederland maar ook in Duitsland. Eind 2021 is ook een motie in de Tweede Kamer aangenomen die de minister IenW vraagt om een studie te doen naar een noordelijke aftakking. Dit wordt meegenomen in de studie. In het bestuurlijk overleg over het goederenvervoer Oost Nederland zijn de volgende kanttekeningen geplaatst: de gemeente Oldenzaal vindt de alternatieven of varianten door Oldenzaal met een hogere geprognotiseerde vervoersstroom dan de verwachte autonome vervoersstroom op het huidige tracé niet aanvaardbaar. Anders gezegd, een grotere toename van het goederevervoer dan dat je op basis van de huidige situatie mag verwachten is onaanvaardbaar. Naast Oldenzaal verbindt het gehele bestuurlijk overleg in Twente zich op voorhand niet aan de uitkomsten van toekomstig onderzoek. Oldenzaal vindt een aanpassing van de spoorinfrastructuur, waarbij sprake is van een toename van de hinder van het goederenvervoer door Oldenzaal, onaanvaardbaar. Dit is de inzet van Oldenzaal bij de verwachte ontwikkelingen. Aanpassing wet Basisnet In 2015 is de wet Basisnet in werking getreden. Het Basisnet is een landelijk netwerk voor het vervoer van gevaarlijke stoffen over weg, water en spoor.

Het heeft als doel een evenwicht voor de lange termijn te creëren tussen de belangen van het vervoer van gevaarlijke stoffen, de bebouwde omgeving en de veiligheid van mensen die in de buurt van het vervoer wonen of verblijven. Risicoplafonds Het Basisnet stelt grenzen aan de risico's die het vervoer van gevaarlijke stoffen kan opleveren voor omwonenden in de vorm van 'risicoplafonds'. Deze risicoplafonds stellen een maximaal risico van het vervoer van gevaarlijke stoffen per jaar voor en zijn vastgelegd in risicoafstanden of risicozones. Dit is uitgedrukt in meters vanaf de infrastructuur, waarbinnen de risico’s van het vervoer in een kalenderjaar moet blijven. Risico's voor omwonenden ontstaan niet alleen door het vervoer van gevaarlijke stoffen, maar ook als te dicht bij de infrastructuur wordt gebouwd. Het Basisnet stelt daarom ook grenzen aan de bebouwing. Tot een bepaalde afstand (afhankelijk van het risicopla-

Datum 1 februari 2022 Ons kenmerk UIT-22-13031 Paginanr. 8

fond op een traject) vanaf de infrastructuur mag het risico op overlijden van mensen door een ongeluk met gevaarlijke stoffen hier niet groter dan één op een miljoen per jaar zijn. Dit is het beschermingsniveau dat voor omwonenden is vastgelegd in het Basisnet. Overschrijding van de risicoplafonds Sinds 2015 worden op veel plekken langs de routes in Brabant en Overijssel met name tijdens de omleidingen derde spoor, de risicoplafonds overschreden. Dit kwam omdat veel extra treinen met gevaarlijke stoffen over bestaand spoor reden. Uit de laatste analyse (najaar 2020) bleek dat zo’n 3.000-3.500 wagons met gevaarlijke stoffen (ca 15%) waren omgeleid van de Betuweroute vanwege werkzaamheden aan het derde spoor Duitsland. Niet alleen via de Bentheimroute (Twenteroute) maar ook een groot aantal via de Brabantroute. Doordat er werkzaamheden waren aan het derde spoor is het aantal omgeleide treinen met gevaarlijke stoffen in 2021 weer toegenomen. De komende jaren zal het aantal naar verwachting verder gaan stijgen. Dit omdat de Betuweroute door de omleidingen minder gebruikt zal worden. In het Basisnet zijn de risicoplafonds op sommige routes laag gehouden om als sturingsinstrument te kunnen dienen. Anders gezegd, alternatieve routes voor de Betuweroute hebben een lager risicoplafond zodat vervoerders daar minder gebruik van kunnen maken.

In de praktijk heeft dit niet gewerkt en is sprake geweest van overschrijding op de Brabant- en Bentheimroute. Ondanks flinke overschrijdingen op deze routes is volgens het Ministerie IenW de veiligheid niet in het geding geweest. Dit is niet uit te leggen aan de omgeving. Omdat in de praktijk is gebleken dat nauwelijks valt te sturen op de risicoplafonds zijn zij ongeschikt gebleken als (wettelijk) instrument. Daarom wordt nu door het Ministerie IenW met alle partijen gewerkt aan een aanpassing van de wet Basisnet. Het doel is dat het risico voor inwoners op een begrijpelijke en monitorbare manier in de wet wordt opgenomen. Oldenzaal participeert in de overleggen over het Basisnet en de discussie over de geluid- en risicoplafonds. Zij blijft hier haar standpunt herhalen: invoering van risicoplafonds is alleen zinvol als ook sprake is van handhaving van die plafonds en dat er oplossingen moeten komen ter voorkoming van een mogelijke overschrijding. Versnellen Intercity Amsterdam-Berlijn Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) heeft de ambitie om het internationaal personenvervoer per spoor te verbeteren, waaronder het versnellen van de Intercity (IC) AmsterdamBerlijn. Deze ambitie wordt ook gedeeld door het Duitse ministerie van Verkeer en Digitale infrastructuur (BMVI).

In samenwerking met het BMVI heeft het ministerie van IenW in 2018 een studie laten uitvoeren naar het verbeteren van de treinverbinding Amsterdam – Berlijn (‘Quick scan verbetering treinverbinding Amsterdam – Berlijn’). In deze quick scan is geconstateerd dat een verbetering van de treinverbinding tussen Amsterdam en Berlijn wenselijk is. Op basis van de uitkomsten van deze quick scan heeft de staatssecretaris van ministerie van IenW de opdracht aan ProRail verstrekt om de route-opties uit de quick scan nader te onderzoeken en voor de meest kansrijke variant de haalbaarheid, kosten en baten verder uit te werken. Snellere verbinding tussen Amsterdam en Berlijn Voor de nabije toekomst (middellange termijn tot 2030) is versnelling van de verbinding tussen Amsterdam en Berlijn via de huidige route het meest aantrekkelijk en kansrijk. Dit betreft een versnelling van een half uur. DB Fernverkehr en DB Netze hebben aangegeven dat rond 2024,

Datum 1 februari 2022 Ons kenmerk UIT-22-13031 Paginanr. 9

naast nieuw materieel, een sneller treinpad in Duitsland beschikbaar komt. Een reistijdverkorting is dus haalbaar als de trein eerder vanuit Nederland aan de grens kan komen (de aangepaste grenstijd). Om de reistijdverkorting (de aangepaste grenstijd) te realiseren zijn de volgende ingrijpende maatregelen nodig:  extra perron in Deventer;  gedeeltelijke upgrade grensbaanvak;  versnellen Hengelo – Bad Bentheim; Het versnellen op tracé tussen Hengelo en de Duitse grens kan door een snelheidsverhoging van 125 km/uur naar 140 km/uur en een extra perron op station Oldenzaal (dan hoeft de IC trein niet van spoor te wisselen). Oplossingen voor station Oldenzaal die momenteel in een verkenningsstudie worden bekeken en uitgewerkt, zijn:  extra perron noordzijde voor keren stoptrein Zutphen – Hengelo – Oldenzaal;  verbreed eilandperron voor alle treinen. Oldenzaal is betrokken bij de verkenningsstudie die door ProRail wordt uitgevoerd. Vanwege de complexiteit van het vraagstuk is een flinke vertraging opgetreden bij het onderzoek naar de versnelling van de huidige Berlijnlijn op middellange termijn: realisatie is nu voorzien tussen 2026 en 2030. Versnelling op basis van het oorspronkelijke plan per dienstregeling 2024 is daarmee niet meer haalbaar. Voor de versnelling op middellange termijn is 50 miljoen euro beschikbaar.

Op lange termijn richting 2030-2040 en verder wordt in Toekomstbeeld OV onderzocht of op deze termijn grote investeringen in de infrastructuur en grote aanpassingen in de dienstregeling in Nederland en Duitsland wel haalbaar zijn. Het onderzoek kijkt daarom zowel naar de huidige route als de alternatieven via Arnhem en via Zwolle. De raad zal tijdig worden geïnformeerd over de voortgang en de conclusie uit het onderzoek naar de mogelijke aanpassingen aan station Oldenzaal. Op dit moment zijn er nog geen alternatieven/varianten die ver genoeg uitgewerkt zijn om aan u voor te leggen. Oldenzaal streeft naar een oplossing waarbij het huidige voorzieningenniveau van het station zelf en het openbaar vervoer ernaartoe op zijn minst gehandhaafd, en indien mogelijk, verbeterd wordt. Bezoek Kamercommissie voor Infrastructuur en Waterstraat in Oldenzaal Op 8 april komt de Kamercommissie voor Infrastructuur en Waterstaat (IenW) in Oldenzaal langs om zich te laten informeren over de Twentelijn en IJssellijn van Oldenzaal (grens) tot en met Elst. Naast Oldenzaal zullen ook Wierden, Deventer en Arnhem bezocht worden.

De boodschap die wij de Kamercommissie willen meegeven zal zich toespitsen op:  het laten zien, horen en voelen van de effecten (geluid, trillingen en veiligheid) van goederentreinen langs woningen, werk-, onderwijs-, studeer- en uitgaansruimtes bij het spoor;

Datum 1 februari 2022 Ons kenmerk UIT-22-13031 Paginanr. 10

 

het informeren over de gevolgen van de spoorplannen voor bouwplannen en de ruimtelijke ordening zoals de wijziging van station Oldenzaal en de maatregelen die nodig zijn voor beperking van geluid en trillingen voor onze nieuwbouwlocaties; capaciteitsproblemen op het spoor zelf. Die capaciteitsproblemen koppelen aan het Toekomstbeeld OV 2040 (ook internationaal) en Goederenvervoer Noord Oost Europa (GNOE); lokale problemen rondom regelgeving zoals de Kaderwet Basisnet.

Wij hebben in Oldenzaal ca. 20 minuten de tijd om ons verhaal te vertellen. Dit gaat natuurlijk met een kopje koffie op het station waar we ook aandacht geven aan de Werkwijzer die de stationsrestauratie exploiteert.

Mobility as a Service (MaaS) pilot project Twente Eind 2018 is het pilot project MaaS Twente van start gegaan. Aan Mobility as a Service, afgekort tot MaaS, doen de Twentse gemeenten mee, evenals provincie Overijssel en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Het is een onderdeel van een landelijk programma dat de mobiliteit optimaliseert. In de pilot komen alle vormen van vervoer beschikbaar in één app. Wie een reis plant, krijgt allerlei mogelijkheden aangeboden: bus, trein, taxi, fiets of gewoon lopend. Maar veelal een combinatie daarvan. Het plannen, boeken en het betalen gaat allemaal via één app. MaaS maakt het ‘plannen-boeken-betalen’ van vervoer in één (digitale) gang mogelijk. MaaS pilot is verlengd naar medio 2022 De gemeente Oldenzaal heeft zitting in het kernteam en de stuurgroep van de pilot MaaS Twente. De doorlooptijd van de pilot is, vanwege de coronamaatregelen, verlengd van eind 2021 naar medio 2022. Sinds voorjaar 2021 is de Maas App ‘Goan’ in de lucht. Er is een grootschalige campagne ingezet waarbij de mogelijkheden voor deelmobiliteit, zoals de deelauto, deelscooter, deelfiets en het openbaar vervoer voor iedereen beschikbaar is. Tot slot Heeft u vragen over de onderwerpen in deze brief, dan kunt u terecht bij Roderik Tonen via r.tonen@oldenzaal.nl.

Met vriendelijke groet, het college van burgemeester en wethouders

de secretaris

de burgemeester

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11261299/1