CConstaterende datOldenzaal
Koppel je AI →
Document · PDF

09. Zienswijze begrotingen 2027 diverse Gemeenschappelijke regelingen - Raadsvoorstel en -besluit

Gemeenteraad 29 juni 2026, gemeente OldenzaalBij agendapunt: Zienswijzen begrotingen 2027 diverse Gemeenschappelijke Regelingen3.808 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlagen 2026 9 juni 2026 Nr. 23/4 Reg.nr. INTB-26-07243 Bijlagen: 7

Agendapunt: 9

Voorstel tot het het al dan niet kenbaar maken van wensen en bedenkingen ten aanzien van de begrotingen van 7 gemeenschappelijke regelingen

Aan de gemeenteraad

§ 1 Inleiding Door middel van dit voorstel bundelen wij deze procedure voor de ontwerpbegrotingen 2027 van de volgende gemeenschappelijke regelingen: a. Stadsbank Oost Nederland; b. Openbaar Lichaam Crematoria Twente; c. Gemeentelijk Belastingkantoor Twente; d. BVO Recreatieschap Twente; e. SamenTwente; f. Veiligheidsregio Twente en; g. Omgevingsdienst Twente. U bent van ons gewend dat wij alle begrotingen t.b.v. de zienswijzen in één keer aanbieden. Voor inzicht in de belangrijkste ontwikkelingen van de diverse verbonden partijen verwijzen wij u naar de paragraaf verbonden partijen in de jaarrekening en/of programmabegroting. § 2 Doel Het al dan niet kenbaar maken tot het indienen van een zienswijze de begroting van de gemeenschappelijke regelingen waaraan de gemeente Oldenzaal deelneemt. § 3 Argumenten 3.1 Via de zienswijzeprocedure kan de raad aandachtspunten, wensen of zorgen meegeven voordat de begrotingen definitief worden vastgesteld. De gemeenteraad heeft een belangrijke rol bij de beoordeling van de ontwerpbegrotingen van gemeenschappelijke regelingen. Via de zienswijzeprocedure kan de raad aandachtspunten, wensen of zorgen meegeven voordat de begrotingen definitief worden vastgesteld. Daarmee houdt de raad invloed op de koers en de financiële ontwikkelingen van de samenwerkingsverbanden waarin de gemeente deelneemt.

De behandeling van deze begrotingen staat echter niet op zichzelf. De ontwerpbegrotingen vormen het sluitstuk van een proces waarin de raad gedurende het jaar al meerdere keren is geïnformeerd over ontwikkelingen, beleidsvoornemens en financiële kaders. Via kaderbrieven, jaarstukken, raadsinformatie en bestuurlijke overleggen heeft de raad op verschillende momenten de mogelijkheid gehad om richting mee te geven. De begrotingen die nu voorliggen zijn de uitwerking van dat eerdere proces.

Juist daarom is het logisch dat er in deze fase vaak beperkt aanleiding is om zienswijzen in te dienen. Wanneer eerder vastgestelde uitgangspunten herkenbaar zijn verwerkt in de begroting en er geen nieuwe grote beleidsmatige of financiële ontwikkelingen zijn, past een terughoudende opstelling. Een zienswijze is vooral bedoeld voor onderwerpen die om bijsturing vragen. Als die noodzaak er niet is, ligt het voor de hand om de begroting vast te stellen zonder uitgebreide aanvullende opmerkingen. A. Stadsbank Oost Nederland De begroting 2027 – 2030 toont een geprognotiseerd saldo van de baten en lasten en het totaal te realiseren resultaat.

Voor de meerjarenraming 2027 -2029 wordt uitgegaan van een jaarlijkse prijsstijging van 2,2 %. Loonmutaties Uitgangspunt voor de opstelling van de primitieve begroting 2027 is de actuele salarisstaat inclusief sociale lasten op basis van personele formatie tegen actuele loonkosten op 31-12-2025, geëxtrapoleerd op jaarbasis. Hierin zijn de afspraken voor de jaren 2026 en 2027 verwerkt uit de huidige cao gemeenschappelijke regelingen (werkgeversorganisatie WSGO) met een looptijd tot en met 31 maart 2027. Vervolgens wordt de loonindexatie vanaf 1 april 2027 en de meerjarenraming 2028 t/m 2030 gebaseerd op de loonvoetsector overheid, "Prijsindexen CPB MEV 2026 en CEP 2025” van de septembercirculaire gemeentefonds 2025. Aangezien de actuele loonkosten op 31 december 2025 als uitgangspunt voor de berekening worden genomen, is nog geen rekening gehouden met de verhoging van 1,98% zoals opgenomen in de begroting 2026. Voor 2027 geldt een index van 4,32%, samen wordt dit 6,3%. De loonindex voor 2028 bedraagt 4,2%, voor 2029 4,5% en voor 2030 4,3%. Prijsmutaties De prijsindexatie voor de begroting van het jaar 2027 en de meerjarenraming 2028 t/m 2030 is gebaseerd op de prijsindex materiële overheidsconsumptie (IMOC), zoals opgenomen in tabel 4.2.2. "Prijsindexen CPB MEV 2026 en CEP 2025” (pag. 19) van de septembercirculaire gemeentefonds 2025.

Nacalculatie uit voorgaande jaren vindt niet meer plaats. Dit leidt tot een prijsstijging ten opzichte van de begroting 2026 van 2,2%. Voor de meerjarenraming 2028-2030 wordt voor 2028 uitgegaan van een jaarlijkse prijsstijging van 2,2% en voor 2029 en 2030 een jaarlijkse prijsstijging van 2,3%, waarbij we de prijsontwikkeling volgens de MEV wordt doorgetrokken. Indexering tarieven en bestaanskosten op basis van de loon- en prijsmutaties De tarieven zijn berekend volgens ons bekostigingsmodel op basis van de beschrijving van de standaard dienstverlening en bijbehorende werkprocessen. De klantreis wordt op basis van de gemeentelijke pakketkeuze en bijbehorende personele inzet (gewenste beschikbaarheid) berekend. De kosten van de standaarddienstverlening en de klantreis bestaan volledig uit een personeelscomponent die dan geïndexeerd wordt conform de ontwikkelingen loonmutaties.

2

De bestaanskosten betreffen zowel een loon- als een materiële component. De indexering voor het begrotingsjaar 2026 en voor de periode 2027-2029 wordt in de onderstaande tabel weergegeven ten opzichte van de begroting 2025.

Gemeentelijke bijdrage Het gemeentelijk aandeel in de begrote kosten wordt voor 75% naar rato verdeeld op basis van de afgenomen dienstverlening en de overige 25% naar rato op basis van het aantal huishoudens per gemeente. De bijdrage Oldenzaal gaat van € 498.390 in 2026, naar € 546.502 in 2027. In de meerjaren raming stijgt de bijdrage voor de gemeente Oldenzaal naar € 613.353 in 2030 Weerstandsvermogen en weerstandscapaciteit De bepaling van het benodigde weerstandsvermogen is gebaseerd op de jaarlijkse integrale risicoanalyse. Voor 2027 komt het benodigde weerstandsvermogen uit op € 1.148.100. De stand van de algemene reserve bedraagt na het toevoegen van het voorlopig saldo van de jaarrekening 2025 € 2.185.700 bij een weerstandsratio van 2,1 (niveau “uitstekend”). Het Algemeen bestuur heeft besloten om de algemene reserve in 2026 af te bouwen naar een weerstandratio van 1,4 (niveau voldoende). Dit betekent dat de Stadbank in 2026 € 430.000 van haar vermogen terug geeft aan de deelnemende gemeenten. Voor 2026 wordt een positief saldo verwacht van € 31.000 en voor 2027 van € 0. Hierdoor komt het weestandvermogen uit op € 1.786.800 bij een weerstandratio van 1,56 (niveau “ruim voldoende”)

Voorgesteld wordt geen zienswijze in te dienen B. Openbaar Lichaam Crematoria Twente (OLCT) De begroting van het OLCT bevat slechts de verrekening van het dividendresultaat uit de dochteronderneming Crematoria Twente B.V. (CT). De beheerskosten van de gemeenschappelijke regeling worden in mindering gebracht op het uit te keren dividend. -

Voor 2027 wordt uitgegaan van een indexering van 3,39% voor loonstijging en 2,2% prijsstijging. Het berekenen van de winstuitkering per gemeente op basis van het gemiddeld aantal crematies per gemeente over de voorgaande 4 jaar. Voor de periode 2027 – 2029 wordt een vast bedrag van € 400.000 aan jaarlijkse winstuitkering vanuit de GR OLCT aan de deelnemende gemeenten uitgekeerd. De deelnemende gemeenten zijn gebaat bij een structurele winstuitkering vanuit de GR OLCT, die voor een periode van minimaal 4 jaar wordt toegezegd. Daarmee kan de winstuitkering van GR OLCT in de eigen gemeentebegroting van de deelnemende gemeente worden aangemerkt als een structurele bate.

3

Overzicht van de baten en lasten voor 2027

Geprognotiseerde balans per 31 december 2027

De gehanteerde uitgangspunten in de begroting 2027 zijn conform de besluiten van het algemeen bestuur. Door de verhoging van de jaarlijkse winstuitkering naar € 400.000 en de vaste toezegging daarvan tot en met 2029, komt OLCT tegemoet aan het Twente brede verzoek van de deelnemende gemeenten. Voorgesteld wordt geen zienswijze in te dienen.

C. Gemeentelijk Belastingkantoor Twente (GBT) De begroting 2027 is conform het advies van de kerngroep Financiën van de deelnemende gemeenten opgesteld. In de begroting 2027-2030 is reeds verwerkt dat een deel van het geraamde overschot aan de reserve wordt toegevoegd tot aan de maximaal toegestane hoogte van de reserve “Jaarresultaten”.

4

De daadwerkelijke reservemutatie wordt bij bepaling van het jaarrekeningresultaat 2027 door het algemeen bestuur bepaald. De begrote lasten voor mutaties in de reserve stijgen van € 16.558.812 in de primitieve begroting 2026 naar € 17.078.651 in de primitieve begroting 2027, een toename van € 519.839. In onderstaande tabel is zichtbaar gemaakt welke mutaties in de primitieve begroting 2027 hebben plaats gevonden:

Loonontwikkeling In de nieuwe systematiek is gesteld dat de loonindex gebaseerd blijft op de Cao Gemeenteambtenaren. Als een Cao van kracht wordt in een jaar, waarvoor de begroting al gemaakt is, is er nog steeds een reëel recht op compensatie. De gemeenschappelijke regeling (GR) licht zo mogelijk de financiële effecten toe in een tussentijdse rapportage en verantwoordt het effect in de jaarrekening. De begroting wordt in de loop van het begrotingsjaar niet gecorrigeerd. Als de GR, de eigen afspraken volgend, ervoor kiest om toch een begrotingswijziging op te nemen beschouwen we deze niet als formele begrotingswijziging met de noodzaak om een zienswijze op te halen bij de gemeenteraden. Hiermee wordt recht gedaan aan zowel het criterium reëel als eenvoudig. Als de looptijd van de Cao in het begrotingsjaar eindigt geldt voor de periode daarna de loonvoetsector overheid zoals opgenomen in de septembercirculaire gemeentefonds t-2 als basis. GBTwente hanteert als uitgangspunt voor de begroting van de loonsom in 2027 de gerealiseerde loonkosten in 2025, waarbij de bezetting op 31 december 2025 als basis wordt gebruikt. Daar wordt de vacatureruimte per 31 december 2025 bij op geteld, waarbij de loonsom in de functieschaal, trede 9 de basis vormt. Ook wordt de formatieontwikkeling zoals hierboven weergegeven meegenomen.

Omdat GBTwente de loonkosten 2025 als basis neemt, wordt ook de ontwikkelruimte van medewerkers, die tussen 31 december 2025 en 1 januari 2027 op basis van het vastgestelde beoordelings- en beloningsbeleid nog kunnen groeien in de salarisschaal, meegenomen. Zoals gezegd vormt de geldende Cao de basis voor de loonindexatie voor de periode waarvoor deze geldt. Daarna wordt de loonvoet sector overheid uit de septembercirculaire 2025 toegepast. De Cao kent de volgende loonsverhogingen: Per 1 april 2025: 2,00% Per 1 oktober 2025: 1,85% Per 1 januari 2026: € 35,00 nominaal in alle schalen en min. Uurloon € 16,00 Per 1 juli 2026: 1,25% Per 1 januari 2027: 1,6% De huidige Cao loopt tot en met 31 maart 2027. Daarom wordt vanaf 1 april 2027 de loonvoet sector overheid van 5,1% toegepast en naar rato verrekend: 9/12*(5,1%-1,6%)=2,63%.

5

Gemeentelijke bijdrage Oldenzaal per product en belastingsoort:

Voor Oldenzaal bedraagt de bijdrage voor 2027. € 964.035. Dit is een stijging van € 37.462 ten opzichte van de 1e begrotingswijziging GBT 2026. De begroting en meerjarenraming zijn in evenwicht. Voorgesteld wordt geen zienswijze in te dienen.

D. BVO Recreatieschap Twente Het aandeel gemeentelijk bijdrage voor 2027 is geraamd op € 4,416 miljoen. Deze bijdrage is ten opzichte van de begroting 2026 gestegen met € 123.439. De grootste stijging wordt veroorzaakt door aanpassingen binnen de cao SGO en het toepassen van de loon- en prijscompensatie-spelregels van de Twentse gemeenten voor verbonden partijen.

Verklaring stijging bijdrage Recreatieschap Twente 2027 ten opzichte van 2026

6

De gemeentelijke bijdrage vormt met 75,4% veruit de grootste inkomstenbron van het Recreatieschap. Daarnaast leveren huur- en erfpachtinkomsten, parkeergelden en opbrengsten uit evenementen en projecten een belangrijke aanvullende bijdrage. De overige inkomsten bestaan uit diverse kleinere posten, waaronder bosbeheer, routekaarten en kleinschalige activiteiten. De kapitaallasten uit reserve (€ 30.000) betreffen een vrijval die wordt ingezet ter dekking van investeringslasten. De totale baten sluiten aan op de totale lasten, waarmee de begroting voor 2027 sluitend is. Voor Oldenzaal bedraagt de bijdrage per taakveld voor 2027; Gemeente

Oldenzaal

Aantal Inw. 1-1-2026

0.4

0.10

3.1

5.7

Totaal

Overh

Mutaties reserves

Economische ontwikkeling

Gemeentelijke bijdrage

32.034

0

-1.486

39.753

Openbaar groen En (openlucht) recreatie 180.561

218.827

De gemeentelijke bijdrage 2027 wordt verdeeld over de gemeente op basis van de inwoneraantallen (in % van totaal) per 1 januari 2026 (eigen opgave gemeenten). Loon- en prijscompensatie 2027 De looncompensatie wordt in principe conform de uitgangspunten van de Twentse gemeenten gehanteerd namelijk 3,39% voor 2027. Bij Recreatieschap Twente wordt echter uitgegaan van de daadwerkelijke loonindex voor 2027 van 3,41%. Deze marginale stijging komt omdat in de CAO SGO 2025 2027 per 1 januari 2026 een nominale loonsverhoging is afgesproken van € 35. Het procentuele effect is daarmee marginaal en is mede afhankelijk van het loongebouw. De looncompensatie blijft een inschatting, omdat nog niet bekend is hoe de volgende cao eruit ziet. Met het bestuur is afgesproken dat geen tussentijdse begrotingswijziging wordt doorgevoerd wanneer een nieuwe CAO bekend wordt. Prijsindex ( 2,20 %) Deze index is gelijk aan de prijsindex zoals uiteengezet in de Ontwikkelingenbrief 2027. Voor de prijsontwikkeling wordt uitgegaan van de IMOC op basis van het percentage zoals gepubliceerd in de septembercirculaire t-2. Gecombineerde loon- en prijsindex (2,60%) De loonkosten bedragen grofweg 33 % van de totale lasten en het prijsgevoelige deel is 67%. Dit leidt tot gecombineerde index van 2,60%. 0,33 x (2,63% + 0,78%) + 0,67 x 2,2 % = 2,60

7

De baten en lasten per taakveld voor 2027

Voor de periode 2027 t/m 2030 worden geen incidentele baten of lasten verwacht. Investeringen De verwachte herinvesteringen voor de jaren 2027 -2030 betreffen investeringen met economisch nut die worden geactiveerd en via kapitaallasten worden afgeschreven.

De gehanteerde uitgangspunten in de begroting 2027 zijn conform de besluiten van het algemeen bestuur. Voorgesteld wordt om geen zienswijze in te dienen.

E. SamenTwente De begroting van Samen Twente heeft in 2027 een omvang van € 64,7 mlj, en stijgt daarmee in totaal met € 3,6 mlj t.o.v. de begroting 2026. Het aandeel van de gemeentelijke bijdragen is geraamd op € 47,8 mlj. Deze bijdrage is gestegen met € 3,8 mlj t.o.v. de begroting 2026. De gemeentelijke baten maken 74 % van de totale baten uit.

8

De primaire programmabegroting 2027 verdeeld per taakveld;

De belangrijkste ontwikkelingen in de stijging van de gemeentelijke bijdrage naar 47,8 mln.

Loonindex (3,13%)

9

In de Ontwikkelingenbrief 2027 werd nog uitgegaan van een stijging van de loonkosten met 3,39% in 2027. De daadwerkelijke loonindex voor 2027 valt iets lager uit, namelijk 3,13%. Dit percentage is als volgt opgebouwd: Verhoging per 1 januari 2027 op basis van de cao: 1,6% (cumulatief 1,69%). Verhoging per 1 april 2027 op basis van de loonvoet overheid (septembercirculaire gemeentefonds 2025): 9/12 × (5,1% - 1,6%) = 2,63%. Totale loonindex 2027 exclusief correcties voorgaande jaren 4,32%. Verrekening voorgaande jaren op basis van de CAO 2025 (looptijd 1 april 2025 tot en met 31 maart 2027): -1,19%. Dit leidt tot een totale loonindex van 3,13% (C + D). De CAO 2024 (lopende tot maart 2025) is verwerkt in de loonindex voor de begroting 2026. De salarislasten worden voor 2026 verhoogd met 4,7 %. Voor 2026 wordt uitgegaan van een verdere stijging van 2,1 %. Prijsindex (2,20%) Deze index is gelijk aan prijsindex zoals uiteengezet in de Ontwikkelingenbrief 2027. Voor de prijsontwikkeling wordt uitgegaan van de IMOC (netto materiële overheidsconsumptie) op basis van het percentage zoals gepubliceerd in de septembercirculaire t-2. Voor de begroting 2027 kijken we dus naar de septembercirculaire 2025. De IMOC wordt voor 2027 ingeschat op 2,20%. Gecombineerde loon- en prijsindex (2,90%) De loonkosten bedragen grofweg 75% van onze lasten en het prijsgevoelige deel is 25%.

Dit leidt tot een gecombineerde index van 2,90%: 0,75 × 3,13% + 0,25 × 2,20% = 2,90 Uitgangspunten meerjarenraming 2028-2030 Bij de opstelling van de meerjarenraming gaan we uit van de loon- en prijsontwikkeling meerjarig geraamd door het CPB in verzamelde bijlagen van de MEV en uiteengezet in onze Ontwikkelingenbrief en kaders begroting 2027:

Invulling taakstelling - In de begroting van 2026 is opgenomen dat € 119.000 aan taakstellingen ingevuld moest worden. Inmiddels is daar € 49.000 van gerealiseerd. De resterende € 70.000 hebben betrekking op de energiekosten van het Twentehuis. Er wordt onderzocht welke maatregelen bijdragen tot verlaging van de energiekosten. - De bedrijfsmatige keuzes en taakstellingen uit de kerntakendiscussie van ca € 525.000 zijn in deze begroting volledig en structureel ingevuld. De gemeentelijke bijdrage 2027 voor Oldenzaal bedraagt € 2.351.929. In de 2026 bedroeg de bijdrage € 2.171.700 en stijgt daarmee met € 180.229. De stijging wordt grotendeels veroorzaakt door grote posten zoals informatieveiligheid en forensische artsen. Voorgesteld wordt om geen zienswijze in te dienen op voorliggende begroting 2027 F. Veiligheidsregio Twente Begroting In het verlengde van de basistaken die door de VRT uitgevoerd worden, zijn er ook een aantal taken die niet tot het (wettelijke) basispakket behoren van de VRT. Sommige van deze taken vloeien voort 10

uit een andere wetgeving en/of zijn in opdracht van de gemeenten belegd bij de VRT. De taken worden uitgevoerd door de VRT omdat het bijdraagt aan de veiligheid in Twente. Voor een aantal van deze taken bestaat een andere financieringssystematiek. Het gaat hierbij om taken als; het adviseren bij (grootschalige) evenementen, grensoverschrijdende samenwerking, Regionale toezichtsruimte en de coördinatie vluchtelingen. De begroting 2027 heeft een omvang van € 79,3 mln. (2026: € 74,1 mln.). Het gemeentelijk aandeel daarvan is geraamd op € 60,4 mln. Per saldo neemt de gemeentelijke bijdrage in 2027 met € 2,7 miljoen toe ten opzichte van de begroting 2026.

Vergelijking gemeentelijke bijdrage met vorig jaar Verhoging gemeentelijke bijdrage Verhoging bijdrage Bijdrage begroting 2026

€ 57.775.704

Bijdrage begroting 2027

€ 60.434.911

Per saldo een stijging van de bijdrage 2027 t.o.v. de begroting

€ 2.659.207

2026 Uitgangspunten begroting 2027 - Looncompensatie*

€ 2.460.906

- Prijscompensatie

€ 306.298

- Rente

€ -107.993

Totaal stijging gemeentelijke bijdrage

€ 2.659.207

*De salarissen worden geraamd volgens het principe: werkelijk niveau 31-12 (t-2) + loonindex (t-1) + loonindex (t). Voor het vergelijk tussen begroting 2026 en begroting 2027, zie onder.

De toename van de gemeentelijke bijdrage wordt vooral beïnvloed door loon- en prijsontwikkelingen. Daarbij wordt aangetekend dat in de voorliggende begroting de uitkomst afwijkt voor het jaar 2027. De kadernota ging voor de raming van de lonen volledig uit van de cijfers van het CPB, omdat nog onderhandeld werd over een nieuwe cao. Medio maart jl. is een nieuwe cao voor de veiligheidsregio’s gesloten. Daarom wordt in lijn met gemaakte afspraken over indexering de effecten van de cao meegenomen in de begroting. De huidige CAO heeft een looptijd tot 1 augustus 2027. Voor het resterende deel van 2027 wordt uitgegaan van de loonvoet sector overheid uit het MEV. Het CPB gaat uit van een loonstijging van 5,1%. Ofwel 2,13% over de periode dat niet met de huidige CAO is afgedekt.

11

Jaar

Begroting 2026

Begroting 2027

Verschil

2024

Werkelijk

2025

2,0%*

4,4% (werkelijke stijging)

+2,4%

2026

2,1%

3,1%

+1,0%

2,2%

+2,2%

2027 Totaal

+5,6%

* De genoemde percentages voor de jaarschijf 2025 hebben betrekking op de looneffecten volgens de MEV in de periode augustus 2025 t/m december 2025 (= 5/12 x 4,7%).

Voor de meerjarenraming 2027 -2030 wordt uitgegaan van een jaarlijkse loon- en prijsindexering van 1,4%. Deze houdt gelijke tred met het perspectief uit de kadernota. Voorgesteld wordt geen specifieke zienswijze in te dienen op voorliggende begroting 2027. G. Omgevingsdienst Twente (ODT) De financiële begroting 2027 is mede gebaseerd op de vastgestelde programmabegroting 2026 en de vastgestelde kadernota 2027: -

-

De begroting is opgesteld aan de hand van hand van het aantal benodigde (productieve) uren per deelnemer, gebaseerd op de regionaal vastgestelde ambities omtrent de VTH- samenwerking. De formatie voor het primaire proces wordt hierop aangepast. Het overheadspercentage komt uit op 17 %. Dit is een daling van 0,3 % ten opzichte van 2026. Het integrale uurtarief is gebaseerd op het totaal van de structurele exploitatie begroting, gedeeld door het aantal structurele productieve uren. Op basis van de daadwerkelijk gemaakte uren wordt aan het einde van het jaar per deelnemer afgerekend. Na deze individuele afrekening vindt bij overschotten of tekorten nog een collectieve afrekening plaats.

In de begroting 2027 is uitsluitend een overzicht opgenomen van de reguliere uren per gemeente en de daarmee samenhangende kosten. Overige werkzaamheden die ODT voor de deelnemende gemeenten uitvoert, worden afzonderlijk in rekening gebracht. Afgelopen jaren is gebleken dat jaarlijks 12.000u aanvullend gevraagd zijn door de deelnemers. Voor deze uren is het afgelopen jaar dekking gevonden in vacatureruimte van (nog) niet ingevulde functies. Verwachting is dat deze de komende jaren wordt ingevuld, waardoor er geen ruimte meer is binnen de begroting om deze extra lasten op te

12

vangen. Omdat deze 12.000 adviesuren niet in de begroting zijn opgenomen is er sprak van daadwerkelijke toename ten opzichte van de begroting. De ODT dient hiervoor dekking op te nemen in de begroting 2027. De begroting van de ODT biedt voor de deelnemende gemeente geen realistisch inzicht in de daadwerkelijk te verwachten bijdrage. De definitieve afrekening volgt pas aan het einde van het jaar. Deelnemende gemeenten zijn zelf verantwoordelijk voor het dekken van de kosten van deze adviesuren in hun begroting 2027 of gedurende het boekjaar 2027. Overzicht baten en lasten

De indexaties van de budgetten zijn verwerkt volgens het advies vanuit de Twentse gemeenten voor loon- en prijsontwikkelingen. Met ingang van 2027 zijn de uitgangspunten in dit advies gewijzigd. In deze begroting is een indexatie van 3,39% voor de loonkosten toegepast. Hierbij is rekening gehouden met de indexaties vanuit de Cao SGO, die geldig is tot en met 31 maart 2027. Er is nog geen principeakkoord voor de rest van 2027. De indexatie voor prijsontwikkeling komt uit op 2,20%. De salariskosten voor direct personeel zijn opgebouwd uit 131,8 fte voor reguliere VTH-taken. Dit is een uitbreiding van 8,8 fte om te kunnen voldoen aan de toenemende vraag naar adviesproducten. De salariskosten voor indirect personeel zijn opgebouwd uit 28,4 fte. Uurtarief Het uurtarief voor boekjaar 2027 wordt berekend aan de hand van de totale structurele kosten en het totaal aantal uren.

De stijging van het uurtarief wordt grotendeels verklaard door toepassing van indexaties.

13

Overzicht uren per programma 2027 gemeente Oldenzaal

Vergunningen 1229

Toezicht 3124

Handhaving 404

Advies 666

Projecten 659

Totale uren 6.083

Overzicht deelnemersbijdrage Totale begroot OD Twente Bijdrage gemeente Oldenzaal

2026

2027

2028

2029

2030

19.047 693

19.770 719

20.177 734

20.840 758

21.525 783

Voorgesteld wordt om geen zienswijze in te dienen op voorliggende begroting 2027. Oldenzaal, Het college van burgemeester en wethouders 19 juni 2026, de secretaris,

de burgemeester,

G.A. Tiebot

P.G. Welman

Bijlagen 1. Ontwerpbegroting 2027 OLCT 2. Programmabegroting Recreatieschap Twente 2027 3. Programmabegroting 2027 ODT 4. Begroting 2027 GBT 5. Programmabegroting VRT 2027 6. Primitieve begroting 2027 Stadsbank 7. Programmabegroting 2027 Samen Twente

14

Nr. 1558

De raad van de gemeente Oldenzaal;

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 9 juni 2026, nr.23/4, reg.nr. INTB-26-07243; gelet op artikel 35 van de wet Gemeenschappelijke regelingen

besluit:

1.

Geen zienswijze in te dienen op de ontwerpbegrotingen 2026 van GBTwente, Omgevingsdienst Twente, Openbaar Lichaam Crematorium Twente, Recreatieschap Twente, Samen Twente, Stadsbank Oost Nederland en de Veiligheidsregio Twente.

Vastgesteld in de openbare vergadering van 29 juni 2026 De plaatsvervangend griffier, {{esl:Signer1:Capture:size(250,55), offset(-50,-6)}}

W. Knobben

de voorzitter, {{esl:Signer2:Capture:size(250,55), offset(-50,-6)}}

P.G. Welman

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17062255/2