CConstaterende datOldenzaal
Koppel je AI →
Document · PDF

08. Armoedebeleid (aanpak tegen armoede) - Lokale samenwerking de aanpak tegen armoede in Oldenzaal

Gemeenteraad 10 juli 2023, gemeente OldenzaalBij agendapunt: Armoedebeleid Oldenzaal4.056 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Hoort bij raadsbesluitnr. 1297 van 10 juli 2023, de griffier,

I.I.

Lokale samenwerking ‘’De aanpak tegen armoede in Oldenzaal’’ 2023-2027

Inhoudsopgave 1. Inleiding ..............................................................................................................................4 1.1 Wat verstaan we onder armoede? ...............................................................................4 1.2 Global goals .................................................................................................................5 1.3 Samenwerking .............................................................................................................5 1.4 Hoe is dit document tot stand gekomen? ....................................................................6 2. Wat vinden de inwoners van Oldenzaal? ...........................................................................7 2.1 Aantal minimahuishoudens ...........................................................................................7 2.2 Bereik van de minimaregelingen ..................................................................................7 2.3 Ervaringen van de inwoners van Oldenzaal .................................................................8 2.4 Tips, adviezen en aanbevelingen .................................................................................9 3. Gezamenlijke ambitie .......................................................................................................10 4.

Actielijnen .........................................................................................................................11 5. Monitoring .........................................................................................................................15 6. Planning ...........................................................................................................................15

3

1. Inleiding Wij streven in Oldenzaal naar een krachtige samenleving waarin de inwoner meedoet, naar eigen kunnen bijdraagt en daar waar nodig ondersteund wordt. De zelfredzaamheid, verbondenheid, veiligheid en gezondheid van inwoners in deze samenleving zijn en blijven de basis van wat wij willen bereiken in het sociaal domein. De ‘lokale aanpak tegen armoede’ is hier een belangrijk onderdeel van.

Figuur 1: Het streven met de vier maatschappelijke effecten

De afgelopen jaren is de aandacht voor het bestrijden van armoede in Nederland, en ook in Oldenzaal, sterk toegenomen. Dit is onder meer het gevolg van de coronacrisis en stijgende energieen levensonderhoudsprijzen. Te weinig financiële middelen om in basisbehoeften te kunnen voorzien leidt tot bestaansonzekerheid en een minder weerbare samenleving. Want het wordt steeds duidelijker dat beperkte financiële middelen invloed hebben op het welbevinden van onze inwoners. De Nederlandse regering heeft daarom verschillende maatregelen genomen en nieuwe aangekondigd. Als laatste in de Kamerbrief "Implementatieplan Aanpak Geldzorgen, Armoede en Schulden” van 23 november 2022. De aanpak Geldzorgen, Armoede en Schulden bestaat uit een groot aantal acties, initiatieven en maatregelen op diverse terreinen. Met als concrete doelen: • halvering, ten opzichte van 2015, van het aantal kinderen dat in armoede opgroeit in 2025; • halvering van het aantal mensen in armoede; • halvering van het aantal huishoudens met problematische schulden in 2030. In de Kamerbrief is onder andere aandacht voor maatregelen om het welzijn en de vaardigheden van volwassenen en kinderen in armoede te versterken.

Een voorbeeld van een recente maatregel is dat er 105 miljoen euro wordt uitgetrokken voor extra ondersteuning van leerlingen in het voortgezet onderwijs die specifieke aandacht nodig hebben om zich goed te kunnen ontwikkelen. Het zijn leerlingen die een moeilijker start op de middelbare school kennen door de omstandigheden waarin zij opgroeien. 1.1 Wat verstaan we onder armoede? Er zijn verschillende definities van armoede. Een veel gebruikte is het ‘niet-veel-maar-toereikendcriterium’ van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Daarmee wordt bedoeld het bedrag dat iemand minimaal nodig heeft voor huisvesting, energie, boodschappen en nog wat geld voor ontspanning zoals een sportabonnement. In 2023 ligt deze armoedegrens voor een alleenstaande op € 1.508 en in 2024 stijgt die grens naar € 1.573. Voor stellen en gezinnen met kinderen gelden hogere bedragen.

4

Ter vergelijking: De bijstandsnorm voor een alleenstaande is € 1.195,66 netto per maand. Voor gehuwden en samenwonenden is dat € 1.708,08 netto per maand. Volgens het SCP leeft 4,7 procent van de Nederlanders in armoede en de verwachting is dat, dat percentage in 2024 zal stijgen tot 5,8 procent (1 miljoen Nederlanders). Volgens het SCP groeit 6,1 procent van alle kinderen in 2023 op in armoede. In 2024 is dat naar verwachting 7,1 procent. De verwachte stijging van het aantal mensen onder de armoedegrens komt vooral doordat steunmaatregelen van het kabinet dreigen weg te vallen. Maar niet alleen huishoudens die onder de armoedegrens leven hebben geldzorgen. Ook gezinnen met een inkomen van 120 of 130 procent van de armoedegrens (maar soms ook hoger) ervaren vaak geldzorgen. Bijvoorbeeld door schuldenproblematiek, toegenomen vaste lasten en een achterblijvend inkomen. Voor mensen die in armoede leven is de dagelijkse zorg om rond te komen groot. Dit zorgt voor stress, gezondheidsproblemen, sociaal isolement, onzekerheid en schaamte. Het zet ook kinderen langdurig op achterstand, vaak van generatie op generatie. 1.2 Global goals Het bestrijden van armoede is de eerste van de 17 Global Goals die de lidstaten van de Verenigde Naties in de ontwikkelagenda voor 2015-2030 hebben vastgesteld, waarbij de gemeente Oldenzaal is aangesloten.

Deze doelen gelden in alle landen en voor alle mensen. Global Goal 1 gaat over het halveren van het aantal mensen dat onder de armoedegrens leeft, het zorgen voor gelijke toegang tot basisvoorzieningen en gelijke economische rechten en het vergroten van weerbaarheid van mensen in kwetsbare situaties. De taken die hierbij horen zijn onder andere: • bestrijden van kinderarmoede; • toekennen van bijstand; • schuldhulpverlening; • informeren van inwoners over inkomensondersteunende maatregelen; • maatregelen ter versterking zelfredzaamheid burgers; • begeleiden van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. 1.3 Samenwerking In de gemeente Oldenzaal wordt al veel gedaan om inwoners te ondersteunen die te maken hebben met (de gevolgen van) armoede. Bijvoorbeeld (niet uitputtend) door de Voedselbank, de Vereniging Armoedepreventie Oldenzaal (VAPO), de Stichting Armoedebestrijding Oldenzaal (STABO) en het Armoede preventieloket. Maar ook andere partners signaleren en ondersteunen inwoners of verwijzen hen door. Denk aan bijvoorbeeld Wijkracht, Impuls, WBO Wonen en scholen. De gemeente Oldenzaal kent naast het verlenen van wettelijke bijstand verschillende regelingen ter ondersteuning van inwoners die op of rond het bijstandsniveau leven.

De huidige regelingen zijn de bijzondere bijstand, individuele inkomenstoeslag, studietoeslag, het bijdragefonds (meedoen regeling 18+), het kindpakket (via Stichting Leergeld, bijdrage in kosten van sport, cultuur en onderwijs), de collectieve zorgverzekering en de mogelijkheid van kwijtschelding van gemeentelijke belastingen. Het doel van deze minimaregelingen in Oldenzaal is om iedereen in Oldenzaal de kans te geven om mee te doen en erbij te horen in de samenleving, ongeacht hun financiële situatie. Geldzorgen kunnen leiden tot sociaal isolement, een slechtere woonsituatie of een minder goede gezondheid. Door stress ontstaan er mentale en fysieke klachten. Armoede raakt daarom niet alleen financiën, maar alle leefgebieden. Om armoede en de gevolgen ervan effectief te bestrijden is daarom een integrale aanpak noodzakelijk en dit gaat over organisatie grenzen heen. Lokaal integraal samenwerken met maatschappelijke organisaties maakt de aanpak daarin effectiever. De doelgroepen kunnen dan beter in beeld worden gebracht, het aanbod kan beter op elkaar worden afgestemd en drempels voor hulp en ondersteuning kunnen hierdoor worden verlaagd. 5

Armoede is een complexe maatschappelijke opgave. De aanpak van armoede vraagt dan ook een lange adem en intensieve samenwerking door de verschillende maatschappelijke partners in Oldenzaal die geconfronteerd worden met inwoners die kampen met de gevolgen van armoede. Of partners die bijdragen aan het voorkomen van armoede. Daarom is er bewust voor gekozen om de ambitie en actielijnen in deze notitie gezamenlijk met de maatschappelijk partners te formuleren. Om deze reden zijn de ambitie en de actielijnen in dit document geschreven vanuit “wij/ons”. 1.4 Hoe is dit document tot stand gekomen? Voor het formuleren van nieuw beleid is allereerst onderzocht wat inwoners van Oldenzaal vinden van de huidige minimaregelingen. Daarom is in samenwerking met onderzoeksbureau KWIZ een onderzoek gehouden naar de omvang en samenstelling van de doelgroepen voor het gemeentelijk minimabeleid. Daarbij is ook onderzocht wat het gebruik en bereik van regelingen is en wat de ervaringen zijn van huishoudens met geldzorgen en/of een laag inkomen in de gemeente Oldenzaal. De opzet en uitvoering van het onderzoek zijn tot stand gekomen in overleg met maatschappelijk partners in Oldenzaal. Ook de uitkomsten van het onderzoek zijn gedeeld met deze partners, waarna gezamenlijk de ambitie en actielijnen zijn opgesteld die het uitgangspunt zijn voor het nieuwe beleid.

De maatschappelijk partners die betrokken zijn bij de totstandkoming van dit document zijn: Stadsbank Oost Nederland, Impuls, GGD Twente, Wijkracht, Zorgfederatie Oldenzaal, Zorggroep St. Maarten, WBO Wonen, St. Leergeld, de Participatiecommissie, Primair Onderwijs (PO) en Voortgezet Onderwijs (VO), Voedselbank, Vereniging Armoedepreventie Oldenzaal (VAPO), Stichting Armoedebestrijding Oldenzaal (STABO), Armoedepreventieloket, Humanitas, ROZ en de adviseur Maatschappelijke Vitaliteit. In dit document zijn de ambitie en daaruit voortkomende actielijnen opgenomen van de hierboven genoemde organisaties en de gemeente Oldenzaal in een gezamenlijke aanpak van armoede in Oldenzaal. Het proces om dit document gezamenlijk tot stand te brengen is een belangrijke aanzet tot een intensievere samenwerking en een integrale aanpak.

6

2. Wat vinden de inwoners van Oldenzaal? In samenwerking met onderzoeksbureau KWIZ is een onderzoek gehouden naar de omvang en samenstelling van de doelgroepen voor het gemeentelijk minimabeleid (armoede index). Daarbij is onderzocht wat het gebruik en bereik van regelingen is. Daarnaast is er onderzocht wat de ervaringen zijn van huishoudens met geldzorgen en/of een laag inkomen in de gemeente Oldenzaal (behoeftepeiling). Het onderzoek geeft inzicht in: • • • • • •

de omvang en kenmerken van de doelgroep met een laag inkomen; het gebruik en bereik van de minimaregelingen; bekendheid en gebruik van de regelingen en maatschappelijke organisaties; aanvullende ondersteuningsbehoeften; de tevredenheid over de aanvraagprocedure; effecten van de regelingen.

De doelgroep (van de behoeftepeiling) bestaat uit inwoners die in 2022 gebruik hebben gemaakt van een bijstandsuitkering en/of één of meerdere minimaregelingen (inclusief de inwoners die de energietoeslag 2022 hebben ontvangen). In totaal zijn 1.790 inwoners aangeschreven. De maatschappelijke organisaties hebben een belangrijke rol gespeeld bij het uitdelen van de vragenlijst onder hun doelgroep en het onder de aandacht brengen van het belang om deel te nemen aan het onderzoek. Daarnaast hebben zij aan inwoners ondersteuning geboden bij het invullen. In totaal hebben 422 inwoners de enquête ingevuld (respondenten). Dat brengt de respons op 24 procent, waardoor de resultaten statistisch gezien representatief zijn voor de gehele doelgroep inwoners die gebruikmaken van een uitkering of één of meerdere minimaregelingen. Het onderzoeksrapport is in haar geheel opgenomen in de bijlage (onderzoek analyse minima Oldenzaal). 2.1 Aantal minimahuishoudens Op 1 januari 2023 hebben naar schatting 1.422 huishoudens in de gemeente Oldenzaal een inkomen tot 130 procent van het Wettelijk sociaal minimum (Wsm), dat is 10 procent van alle huishoudens in de gemeente Oldenzaal. Dit is vergelijkbaar met het gemiddelde in gemeenten van vergelijkbare grootte. Van de 1.422 huishoudens hebben 897 huishoudens een inkomen tot 100 procent Wsm.

Naar schatting groeien 693 kinderen tot 18 jaar in Oldenzaal op in een huishouden met een inkomen tot 130 procent Wsm. Dat is 11,5 Figuur 2: aantal minimahuishoudens in Oldenzaal procent van alle kinderen tot 18 jaar in de (bron: onderzoeksrapport Kwiz) gemeente. Deze percentages zijn niet vergelijkbaar met de op pagina 5 genoemde percentages van het SCP, omdat het hier huishoudens betreft met een inkomen tot 130 procent WSM. Van de 1.422 huishoudens met een inkomen tot 130 procent Wsm, heeft 29 procent (410 huishoudens) een uitkering vanuit de Participatiewet. Verder hebben 539 huishoudens een AOWuitkering en de overige 473 huishoudens een andersoortig inkomen, bijvoorbeeld een WW-uitkering of inkomsten vanuit een baan. Ruim de helft (56 procent) van de minimahuishoudens betreft een alleenstaand huishouden en 27 procent heeft thuiswonende kinderen. 2.2 Bereik van de minimaregelingen In onderstaande tabel wordt het bereik weergegeven (d.w.z. het gebruik afgezet tegen de doelgroep van de verschillende gemeentelijke minimaregelingen). Vergeleken met andere gemeenten ligt het bereik van de individuele inkomenstoeslag en collectieve zorgverzekering hoger dan gemiddeld. Het bereik van het bijdragefonds en Stichting Leergeld (sport) ligt in lijn met het gemiddelde. Het bereik van de bijzondere bijstand ligt lager dan gemiddeld. 7

Tabel 1: het bereik van de gemeentelijke minimaregelingen in Oldenzaal Categorie Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Bijzondere bijstand Individuele inkomenstoeslag Collectieve zorgverzekering Bijdragefonds Stichting Leergeld - sport - cultuur - welzijn - zwemles - school (huiswerkbegeleiding) Energietoeslag Studietoeslag *

Inkomensgrens 100% 110% 101% 130% 110% 120%

120% n.v.t.

Gebruik 2022 245 huishoudens 90 huishoudens 287 huishoudens 1586 personen 528 personen 165 kinderen 17 kinderen 3 kinderen 85 kinderen 3 kinderen 1678 aanvragen 4 personen

Bereik 81% 10% 56% 51% 41% 40% 4% 1% 20% 3% 83% n.t.b.

* De omvang van de doelgroep kan niet bepaald worden, doordat niet bekend is hoeveel jongeren er een studie volgen terwijl ze een beperking hebben.

Maatschappelijke organisaties zoals de Kledingbank, Voedselbank en Stadsbank zijn bij ongeveer driekwart van de geïnterviewden bekend. Een op de tien geïnterviewden maakt ook daadwerkelijk gebruik van de ondersteuning vanuit deze organisaties. Tot slot krijgt één op de tien geïnterviewden ondersteuning van andere organisaties zoals (ambulante) begeleiding, Wmo- ondersteuning of ze bezoeken een Repaircafé of de Huisraadbank. 2.3 Ervaringen van de inwoners van Oldenzaal Financiële situatie De helft van de geïnterviewden geeft aan niet (altijd) rond te kunnen komen. Woonlasten, energiekosten en boodschappen vormen de grootste kostenposten. De bestaande minimaregelingen hebben een positief effect op het dagelijks leven van respondenten. Zo hebben zij minder zorgen over geld (56 procent), kunnen ze meedoen (43 procent) en horen ze erbij (30 procent). Aanvullende ondersteuningsbehoefte Geïnterviewden zouden graag (meer) ondersteund willen worden in de kosten voor participatie (sport, vervoer, laptop), schulden, energiekosten, gemeentelijke belastingen, zorgkosten, huishoudelijke apparatuur/witgoed en de kosten van het dagelijks levensonderhoud. Voor sommige kosten zoals participatie en zorgkosten biedt de gemeente Oldenzaal al ondersteuning aan (Bijdragefonds, Stichting Leergeld en collectieve zorgverzekering).

In de praktijk maken geïnterviewden hier echter niet altijd gebruik van óf wordt de vergoeding niet toereikend gevonden. Aanvraagprocedure Voor de helft van de geïnterviewden is het duidelijk waar zij moeten zijn om een regeling aan te vragen (47 procent) en snappen zij de informatie die ze krijgen (44 procent). Een kwart van de geïnterviewden weet echter niet waar ze moeten zijn voor een aanvraag en snapt de ontvangen informatie niet. De meeste geïnterviewden hebben hulp nodig bij het aanvragen van de regelingen. De meerderheid van de geïnterviewden doet de aanvraag voor een regeling het liefst op papier. Informatie Vrienden of kennissen, de lokale krant of folder en de website van de gemeente/organisatie vormen de belangrijkste informatiebronnen voor informatie over de regelingen. Het voornaamste informatiekanaal verschilt per leeftijdscategorie: jongeren halen hun informatie vaker van de website en AOWgerechtigden komen aan informatie door de lokale krant of folder. 8

2.4 Tips, adviezen en aanbevelingen Tips en adviezen van Oldenzaalse inwoners Geïnterviewden gaven de volgende tips en adviezen mee: • uitbreiding van het aanbod aan minimaregelingen: geïnterviewden geven aan dat zij (meer) ondersteuning wensen op het gebied van sport, openbaar vervoer/reiskosten en ziektekosten; • informatievoorziening: er is behoefte aan laagdrempelige en toegankelijke informatie, het liefst schriftelijk en proactief verstrekt door de gemeente; • communicatie: geïnterviewden vinden een persoonlijke benadering en maatwerk belangrijk; • aanvraagprocedure: het aanvragen van regelingen vindt een deel van de respondenten lastig. Met name het jaarlijks aanleveren van bewijsstukken; • tevredenheid: geïnterviewden geven aan tevreden en dankbaar te zijn voor de ondersteuning die ze ontvangen. Aanbevelingen vanuit het onderzoeksbureau Onderzoeksbureau KWIZ heeft naar aanleiding van het onderzoek onder de inwoners de volgende negen aanbevelingen geformuleerd:

Figuur 3: aanbevelingen onderzoeksbureau voor het armoedebeleid in Oldenzaal

9

3. Gezamenlijke ambitie Op basis van de uitkomsten van het onderzoek en in de gezamenlijke werksessies (maatschappelijk partners en gemeente), komt naar voren dat het vergroten van het bereik van ondersteuning en ondersteunende (minima-)regelingen een belangrijke opgave is. Daarnaast moeten we ons blijven realiseren dat de gevolgen van armoede impact hebben op diverse leefgebieden, zoals woonsituatie, (mentaal) welbevinden en gezondheid. Een integrale benadering is dan ook noodzakelijk in het bieden van ondersteuning. Veel inwoners die ondersteuning nodig hebben, weten onvoldoende waar ze die kunnen vinden en zien soms door de bomen het bos niet meer. Door laaggeletterdheid, schaamte, onzekerheid of onvoldoende digitale vaardigheden kunnen aanvraagprocedures een grote barrière vormen om de juiste ondersteuning te zoeken en te vinden. Door actief inwoners op te zoeken zullen meer inwoners worden bereikt die anders mogelijk (bijvoorbeeld vanwege schaamte of onvermogen) niet in beeld komen. Wij denken dat inwoners beter kunnen worden ondersteund wanneer er meer persoonlijk contact is. Ook inwoners geven aan hier behoefte aan te hebben. Door meer samen te werken wordt de mogelijkheid vergroot om meer inwoners te bereiken, passende oplossingen te vinden en maatwerk toe te passen.

Figuur 4: visualisering van de term armoede tijdens de werksessie met partners

We streven er in Oldenzaal naar dat iedere inwoner zo zelfstandig mogelijk in eigen bestaansonderhoud kan voorzien, bijvoorbeeld huisvesting, energie, boodschappen en ontspanning. ‘’Het is daarom onze ambitie om tijdig passende ondersteuning te bieden aan alle inwoners van Oldenzaal die de gevolgen van armoede (dreigen te) ervaren.’’

10

4. Actielijnen Met de inzichten uit het onderzoek onder de inwoners en de werksessie zijn er 4 actielijnen geformuleerd om de ambitie van Oldenzaal te realiseren: 1. perspectief bieden; 2. verbeteren van persoonlijke ondersteuning; 3. samen signaleren; 4. vereenvoudiging van regelingen en procedures.

Figuur 7: Opbrengst werksessie om tot actielijnen te komen

Actielijn 1. Perspectief bieden Financiële zelfredzaamheid Behalve het ondersteunen van inwoners om de huidige actuele situatie te verbeteren, willen wij ook dat inwoners in de toekomst (beter) in staat zijn om zich financieel te redden. We gaan daarom het huidige aanbod om inwoners daarin te begeleiden evalueren en daarop aanvullend aanbod ontwikkelen. Hierbij kan ook gedacht worden aan het begeleiden van inwoners naar betaalde arbeid. Wij streven in de ondersteuning naar een aanpak waarin we inwoners in staat stellen om financiële problemen in de toekomst te voorkomen of sneller aan te pakken. Krachtige inwoner Mensen in armoede of met schulden leven vaak langdurig in stress en schaarste. Dit kan leiden tot ineffectief gedrag zoals moeite met plannen en organiseren, impulsief gedrag of juist apathie. Daardoor ontstaat het gevoel bij mensen dat ze geen invloed hebben op wat er gebeurt en alles hen overkomt. Wij onderzoeken in samenwerking met de inwoner wat helpt om meer grip op het eigen leven te krijgen en dit te behouden. Actielijn 2. Verbeteren van persoonlijke ondersteuning Netwerkstructuur

11

Armoede kan alleen bestreden worden door samen te werken. Door afspraken te maken over elkaars rollen, taken en verantwoordelijkheden kunnen we kennis delen, beter afstemmen en inwoners beter ondersteunen of doorverwijzen. Zo zullen we elkaar versterken. Gezamenlijk zijn we beter in staat om onze inwoners te ondersteunen. Hierbij kijken we naar de structuur van het armoedenetwerk. Wij gaan afspraken maken over elkaars rollen, taken en verantwoordelijkheden met als doel om beter samen te werken en de inwoners beter te ondersteunen, waardoor we het armoedenetwerk versterken. Wij organiseren gezamenlijke bijeenkomsten om kennis uit te wisselen en om elkaar te blijven ontmoeten. Proactieve benadering Door o.a. schaamte, het missen van overzicht, onzekerheid en/of onvermogen gaat een deel van de inwoners niet zelf op zoek naar ondersteuning. Hierdoor blijven inwoners buiten beeld en/ of komt er ondersteuning op een (te) laat moment. We willen intensiever samenwerken om ook inwoners te benaderen die niet zelf op zoek gaan naar ondersteuning, bijvoorbeeld door achter de voordeur te kijken en proactief regelingen toe te kennen als inwoners bekend zijn in onze bestanden. Wij gaan onze eigen zichtbaarheid verbeteren. Niet alleen via folders of website, maar ook door de wijk in te gaan en achter de voordeur te kijken.

Wij maken met elkaar afspraken hoe we signalen met elkaar delen om escalaties te voorkomen. Wij onderzoeken de mogelijkheid tot een pro- actieve toekenning van regelingen als inwoners bekend zijn in de bestanden. Integraal uitvragen Wij willen dat de inwoner met een hulpvraag snel, in zo min mogelijk stappen, op de juiste plek terecht komt en passende ondersteuning krijgt. Het moet niet uitmaken bij welke partner de inwoner zich meldt. We moeten de juiste vragen stellen en signalen oppikken om de hulpvraag van de inwoner te achterhalen. Door goed uit te vragen wat de behoefte is en of er mogelijk meer speelt, willen we denken vanuit de hulpvraag van de inwoner en maatwerk leveren. Dit vraagt soms om creativiteit en ruimte om buiten de gebaande paden te denken en te handelen. Mogelijk moet aan vrijwilligers en professionals deskundigheidsbevordering worden geboden. Wij willen werken met een brede intake om de ondersteuningsbehoefte van de inwoner in kaart te brengen. Daarvoor wordt uitgevraagd naar de verschillende leefgebieden. Ongeacht de plek waar de hulpvraag wordt gesignaleerd of de inwoner ondersteuning vraagt, wordt de inwoner passende ondersteuning geboden of naar de juiste organisatie geleid. Optimaliseren schuldhulpverlening De gemeentelijke schuldhulpverlening moet worden geactualiseerd en waar nodig binnen de lokale samenwerking een plek krijgen. Actielijn 3.

Samen signaleren Vroegsignalering Door vroegsignalering kan worden voorkomen dat betalingsachterstanden verder oplopen en zich ontwikkelen tot een problematische schuldsituatie. Het is essentieel om betalingsachterstanden snel op te merken. De samenwerking tussen de maatschappelijke partners is daarbij noodzakelijk. Signalen van armoede zullen door een intensievere samenwerking sneller worden gesignaleerd, waardoor tijdig passende ondersteuning ingezet kan worden. Ook huisartsen kunnen hierbij een signalerende rol spelen. Wij gaan afspraken maken om intensiever samen te werken rondom signalering, ondersteuning aan inwoners en monitoring. Signaleren kinderen in armoede De gevolgen van armoede kunnen ook van invloed zijn op de gezonde ontwikkeling van een kind. Vroegtijdig signaleren is daarom belangrijk en kan helpen voorkomen dat kinderen langdurig worden 12

blootgesteld aan de gevolgen van armoede. De ‘vindplaatsen’ van kinderen in armoede hebben een belangrijke rol in de signaleringsfunctie. Samen kunnen we ervoor zorgen dat kinderen in Oldenzaal in een veilige en gezonde omgeving kunnen opgroeien en de kansen krijgen die zij verdienen. Want ieder kind verdient een kansrijke start. Wij gaan onderzoeken en afspraken maken hoe scholen (basis- en voortgezet onderwijs) en sportverenigingen armoede onder kinderen kunnen signaleren (in samenwerking met de JGZ) en hoe kinderen kunnen worden ondersteund. Hierbij is oog voor vaardigheden en financiële basiskennis van kinderen en jongeren. Actielijn 4. Vereenvoudiging van regelingen en procedures Aanvullende regelingen Naast de landelijke regelingen rondom minimumlonen en de maatregelen vanuit het Rijk, zoals ‘de aanpak Schulden en Armoede’ kent de gemeente Oldenzaal verschillende (wettelijke) lokale regelingen ter ondersteuning van inwoners die op of rond het bijstandsniveau leven: • bijzondere bijstand; • bijdrage fonds; • kwijtschelding gemeentelijke belasting; • individuele inkomenstoeslag; • collectieve zorgverzekering; • schulddienstverlening; • noodfonds; • fashionbonnen uitgifte (sinds 2017); • participatiewet; • Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO); • voorkomen van schoolverlating (RMC en Twentse Belofte); • lokale initiatieven (o.a. Voedselbank, Stichting leergeld, STABO).

Uit het onderzoek komt naar voren dat een deel van de geïnterviewden ondersteuning mist op het gebied van sport, openbaar vervoer/reiskosten en ziektekosten. Daarnaast geven meerdere geïnterviewden aan dat de regelingen wel ondersteunen maar niet altijd toereikend zijn. Wij gaan onderzoeken of er een aanvulling moet komen op de bestaande regelingen (bijvoorbeeld door verbreding van inkomensgrenzen of dat er tijdelijke regelingen structureel moeten worden of nieuwe regelingen moeten worden ontwikkeld). Vereenvoudiging en communicatie afstemmen op de doelgroep Zoals hierboven geschetst zijn er meerdere inkomensondersteunende regelingen beschikbaar, maar uit onderzoek is gebleken dat een deel van de geïnterviewden moeite heeft met het begrijpen en aanvragen van de regelingen. Inwoners zijn de taal niet altijd machtig en hebben diverse kanalen waar informatie wordt gezocht en gevonden. Jongeren vinden hun informatie hoofdzakelijk digitaal, ouderen krijgen de informatie het liefst mondeling of op papier. Wij willen de bestaande regelingen toegankelijk maken voor iedere inwoner door regelingen en procedures eenvoudiger en beter begrijpbaar te maken, de toekenning te vereenvoudigen, informatiekanalen af te stemmen op verschillende doelgroepen. Laagdrempelige toegang Een laagdrempelige toegang betekent dat inwoners gemakkelijker hulp kunnen vragen en geholpen kunnen worden.

Informatie moet kort, krachtig en begrijpelijk worden weergegeven (taalniveau B1 + pictogrammen). Daarnaast moet de inwoner makkelijk terecht kunnen bij de gemeente of een van de partners om snel geholpen te worden. Wij zorgen dat ongeacht de plek waar de inwoner ondersteuning vraagt of de hulpvraag wordt gesignaleerd, de inwoner altijd de passende ondersteuning krijgt. 13

Figuur 5: Overzicht actielijnen

14

5. Monitoring Voor iedere actielijn willen we gewenste effecten formuleren. Om inzicht te krijgen in de effecten is er een armoedemonitor ingericht. Deze monitor bestaat uit dashboards die informatie bieden over inkomen, inkomensgemiddelden, voorzieningen, vroegsignalering en benchmarking voor gemeenten in de regio Twente. De monitor is op dit momenteel in de basisversie gereed en wordt naar behoefte doorontwikkeld. Kortom, de armoedemonitor is een dynamisch en up-to-date instrument om inzicht te krijgen en te behouden op de effecten.

6. Planning De vier actielijnen perspectief bieden, verbeteren van persoonlijke ondersteuning, samen signaleren, vereenvoudiging van regelingen en procedures zullen door ons in een projectorganisatie worden uitgewerkt. Omdat armoede een blijvend aandachtspunt is zal ook een voorstel worden voorbereid om de samenwerking te bestendigen, zodat we onze gezamenlijke focus ook in de toekomst blijven behouden. Dit maakt dat er op 17 oktober 2023 oftewel ‘de internationale armoede dag 2023’, een bijeenkomst wordt georganiseerd met het armoedenetwerk om de aanpak met elkaar te onderschrijven. Wij wachten uiteraard niet totdat alle voorstellen zijn uitgewerkt. In de tussentijd kunnen Oldenzaalse inwoners op onze ondersteuning blijven rekenen en daar waar we al aan de slag kunnen met nieuwe ideeën en uitwerkingen gaan we dat zeer zeker doen! Het streven is om uiterlijk in december 2023 de voorstellen voor de actielijnen uitgewerkt te hebben. Dit is inclusief de financiële paragraaf.

15

16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12961378/2