07 Richtlijnen Verblijfsrecreatie NOT 2024 - Bijlage Richtlijnen verblijfsrecreatie 2024
Tekst van het document
Hoort bij raadsbesluitnr. 1441 van 27 januari 2025, De griffier,
R.W.
Subtitel
Richtlijnen verblijfsrecreatie 2024
Richtlijnen verblijfsrecreatie 2024
Datum Versie Auteur
: : :
December 2024 1 Anneke van Oss - Meijerink
Inhoudsopgave
Inleiding ……………………………………………………………………………………… 3 1. Algemene richtlijnen …………………………………………………………………… 3 2. Verblijfsrecreatie als hoofdfunctie……………………………….……………………. 3 2.1. Recreatieterrein ………………………………………………………………….. 3 2.2. Hotel ……………………………………………………………………………….. 4 3. Verblijfsrecreatie als neven- en/of ondergeschikte functie ……………………….... 4 3.1. Bed & Breakfast …………………………………………………………………… 4 3.2. Agrarisch en voormalig agrarisch bedrijf ……………………………………….. 5 Bijlage 1 Begrippen………………………………………………… ……….………………. 6 Bijlage 2 Leefstijlvlinder vakantie en vrije tijd……………………………………………… 9
Inleiding Voor de ontwikkeling van bestaande en of nieuwe verblijfsaccommodaties gelden verschillende algemene en specifieke richtlijnen. Deze zijn beschreven in de nota Verblijfsrecreatie die gezamenlijk door de gemeenten Dinkelland, Tubbergen, Oldenzaal en Losser (NOT-gemeenten) in 2014 is opgesteld en in 2018 is geactualiseerd. Doordat de verblijfsrecreatieve sector wordt beïnvloed door trends en ontwikkelingen en verschuivingen in vraag en aanbod, is het gewenst de huidige richtlijnen aan te passen. Op 1 januari is de Omgevingswet in werking getreden en alle gemeenten moeten een Omgevingsvisie- en plan opstellen. In de Omgevingsvisie zullen algemene regels worden opgenomen voor de fysieke leefomgeving, ook onderstaande richtlijnen. 1. Algemene richtlijnen • •
•
• •
Wij bieden mogelijkheden voor marktconforme en gebiedspassende verblijfsrecreatieve bedrijvigheid. De ontwikkeling dient bij te dragen aan differentiatie en vernieuwing van het bestaande aanbod en/of heeft een aantoonbare meerwaarde voor het verblijfsrecreatieve product binnen de gemeente. Bij het verzoek om medewerking wordt gevraagd om een bedrijfsplan om de meerwaarde aantoonbaar te maken (economische haalbaarheid, marktbehoefte etc.). Initiatiefnemers kunnen het plan laten onderbouwen door een vakkundig extern adviseur. Permanente bewoning is in beginsel uitgesloten in iedere recreatieve verblijfsvorm. De kwantitatieve en kwalitatieve behoefte worden getoetst op basis van actueel marktonderzoek en hierbij wordt de theorie van de zgn. ‘leefstijlvinder vakantie en vrije tijd’ (zie bijlage 2) gebruikt.
2. Verblijfsrecreatie als hoofdfunctie Initiatieven gericht op logiesverstrekking onder de noemer (verblijfs)recreatie dan wel recreatief nachtverblijf, als hoofdfunctie zijn toegestaan bij de volgende functies en onder de gestelde richtlijnen. 2.1. Recreatieterrein Richtlijnen recreatieterrein • • • • • • • •
•
De exploitatie van een recreatieterrein is jaarrond toegestaan. Inzet op versterking van bestaande recreatieterreinen (uitbreiding, herinrichting etc.) boven nieuwvestiging. Het maximaal aantal eenheden en de type verblijfsvormen worden per recreatieterrein vastgelegd in de Omgevingsvisie. Op een recreatieterrein zijn kampeermiddelen toegestaan. Recreatiewoningen en bungalows zijn toegestaan. De maximale inhoud bedraagt 300 mᵌ Groepsaccommodaties zijn toegestaan. Eenheden bestemd voor kampeermiddelen (vast en/of mobiel) op een recreatieterrein mogen niet zonder wijziging van het Omgevingsvisie ingericht worden voor andere verblijfsvormen. Het parkeren van auto’s van gasten en bezoekers aan het terrein moet binnen de grenzen van het terrein plaatsvinden. Als richtlijn wordt hiervoor de op dat moment geldende norm van het CROW gehanteerd. Horeca-activiteiten zijn zowel als ondergeschikte- of nevenfunctie toegestaan op een recreatieterrein. Bij een ondergeschikte functie is er sprake van een activiteit enkel ingericht voor de verblijfsgast op het recreatieterrein. Bij een nevenfunctie is de activiteit ingericht voor zowel de verblijfsgast als passanten. De gradatie van het type horeca betreft maatwerk. Bij de realisatie van
3
•
een horeca-activiteit wordt er rekening gehouden met ruimtelijke effecten op de locatie (toestroom, parkeerdruk etc.). Op gemeentelijk initiatief worden er geen Gereguleerde Overnachtings-Plaatsen (GOP’s) gerealiseerd.
2.2. Hotel (horecafunctie) Richtlijnen hotel Een hotel is dusdanig specifiek dat er geen nadere voorwaarden en kaders zijn vastgelegd buiten de normale wet- en regelgeving. Een nieuwe hoofdfunctie betreft altijd maatwerk. 3. Verblijfsrecreatie als neven- en/of ondergeschikte functie Initiatieven gericht op logiesverstrekking onder de noemer (verblijfs)recreatie dan wel recreatief nachtverblijf als neven- en of ondergeschikte activiteit zijn toegestaan bij de volgende functies en onder de gestelde richtlijnen. Het bestemmingsplan is vanzelfsprekend lijdend. 3.1 Bed and Breakfast De realisatie van een B & B is binnen een (bedrijfs)woning en bijgebouw toegestaan mits het ondergeschikt is aan de hoofdfunctie wonen. Richtlijnen en kaders B & B • •
•
Exploitatie jaarrond is toegestaan. De B & B is ondergeschikt aan de hoofdfunctie wonen en mag niet meer bedragen dan 50% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de (bedrijfs)woning en/of bijgebouwen met een totale vloeroppervlakte ten behoeve van de B & B van maximaal 50 m². De B & B mag geen onevenredige druk veroorzaken op de woon- en leefomgeving.
3.2. Agrarisch en voormalig agrarisch erf Onder de functie ‘agrarisch’ en bij een voormalig agrarisch erf worden diverse ontwikkelingen toegestaan. Het betreft plattelandskamers, groepsaccommodatie en/of kampeerboerderij en een kleinschalig kampeer- en/of camperterrein. Het gaat om initiatieven waarbij de beleving van het platteland en het (voormalige) agrarische erf centraal staan. Richtlijnen plattelandskamers • • • • • •
4
Exploitatie jaarrond is toegestaan. Moeten in (voormalige) agrarische bebouwing worden gerealiseerd. Bijbouwen en uitbouwen is niet toegestaan. Het (voormalige) agrarische gebouw dient in de categorieën monumentaal, karakteristiek of bebouwing met specifieke kwaliteiten (traditioneel of eigentijds) te vallen (zie bijlage 1). Het aantal plattelandskamers in één gebouw bedraagt minimaal twee om de bedrijfsmatige exploitatie te waarborgen (minimaal vier slaapplaatsen). De plattelandskamers vormen ruimtelijk een gezamenlijk object. Sanitaire voorzieningen, keuken en overige verblijfsruimten mogen per plattelandskamer worden ingericht.
Richtlijnen groepsaccommodaties en/of kampeerboerderij • • • • •
Exploitatie jaarrond is toegestaan. Inzet op versterking van bestaande groepsaccommodaties en kampeerboerderijen op agrarische erven (uitbreiding, herinrichting etc.) boven nieuwvestiging. Moeten in (voormalige) agrarische bebouwing worden gerealiseerd. Bijbouwen en uitbouwen is niet toegestaan. Het (voormalige) agrarische gebouw dient in de categorieën monumentaal, karakteristiek of bebouwing met specifieke kwaliteiten (traditioneel of eigentijds) te vallen. Het gebouw omvat minimaal tien slaapplaatsen voor recreatief nachtgebruik en kent gemeenschappelijk gebruik van sanitaire voorzieningen, keuken, overige verblijfsruimten en slaapzalen.
Richtlijnen kleinschalige kampeer- en /of camperterrein (minicamping) • • • • •
Openstelling niet jaarrond, gedurende de periode van 15 maart t/m 31 oktober. Inzet op versterking van bestaande terreinen (uitbreiding, herinrichting etc.) boven nieuwvestiging. Maximaal 25 mobiele kampeermiddelen en/of camperplaatsen toegestaan. Er zijn geen vrije veld situaties toegestaan. Maximaal 50 meter overschrijding uit bouwblok. Het sanitair moet binnen het bouwblok worden gerealiseerd en binnen de bestaande bebouwing. Nieuwbouw is niet toegestaan.
5
Bijlage 1, Begrippen Bebouwing met specifieke kwaliteiten (traditioneel of eigentijds) Bebouwing die voldoet aan: • Bouwstijl veelal Saksisch, bouwvorm veelal het Hallohoes/Loshoes of een (eigentijdse) afgeleide daarvan. • Sobere bouwstijl, geen overmatige detaillering zonder functionaliteit/doelstelling. • Positie van de bebouwing op het erf en oriëntatie t.o.v. omliggend landschap is passend en in relatie tot (historische) landschaps- erfopbouw correct. • De schaal/omvang van de bebouwing heeft directe relatie met het erf, des (historische) functie/gebruik en het omliggend landschap. • Materiaalgebruik passend bij de historische kenmerkende bouwkwaliteit van het gebied. • Kleurgebruik passend en opgaand in omliggend landschap. Bebouwing zonder specifieke kwaliteiten of karakteristieken • Uniforme bouwstijl, geen specifieke streekeigen stijl. • Materiaalgebruik uniform, wel passend bij de kenmerkende bouwkwaliteit van het gebied. • Kleurgebruik passend in de omgeving, gedekte kleuren, niet afstekend in de omgeving. • Positie van bebouwing in het landschap en/of op het erf is niet/beperkt gerelateerd of afgeleid aan de ontstaansgeschiedenis van het gebied. • De schaal van de bebouwing is functioneel, maar niet overheersend in de omgeving.
Bed and Breakfast Een aan de woonfunctie ondergeschikte bedrijfsmatige logiesverstrekkende voorziening voor kortdurend toeristisch verblijf met ontbijt, die deel uitmaakt van het hoofdgebouw en/of is gevestigd in (vrijstaande) bijgebouwen en wordt gerund door de hoofdbewoner van de woning. Bungalow Een op de grond staand gebouw c.q. complex van ruimten op enkel de begane grond dat naar aard en inrichting is bedoeld voor recreatief nachtverblijf, waarvan de gebruikers hun hoofdverblijf elders hebben. Gebouw Elk bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijke met wanden omsloten ruimte vormt. Gereguleerde Overnachtings-Plaatsen (GOP’s) Openbare en veelal gratis, camperterreinen of -voorzieningen ingericht voor recreatief nachtverblijf. De maximale verblijfstijd bedraagt 72 uur. Groepsaccommodatie Een verblijf met minimaal tien slaapplaatsen bestemd voor recreatief nachtverblijf. Het verblijf kent gemeenschappelijk gebruik van sanitaire voorzieningen, keuken, overige verblijfsruimten en slaapzalen. Het verblijf kan gesitueerd zijn op een recreatieterrein of op een (voormalig) agrarisch erf. Hotel Een verblijfsvorm onder de bestemming horeca, waar recreatief nachtverblijf wordt aangeboden in de vorm van overwegend een- en tweepersoonskamers tegen boeking per nacht.
In een hotel kunnen faciliteiten aanwezig zijn zoals restaurant, bar, lounge, vergaderruimte, fitnessruimte en/of zwembad.
6
Kampeerboerderij Een verblijf met tien of meer dan tien slaapplaatsen bestemd voor recreatief nachtverblijf veelal gericht op (jeugd)verenigingen, scholen en overige jongerengroepen. Het verblijf kent gemeenschappelijk gebruik van sanitaire voorzieningen, keuken, overige verblijfsruimten en slaapzalen. Het verblijf is gesitueerd op een (voormalig) agrarisch erf. Karakteristieke bebouwing • Bouwstijl veel Saksisch, bouwvorm veelal het hallehoes/Loshoes of een afgeleide daarvan (m.u.v. ontginningsboerderijen of niet-agrarische bebouwing) • Sobere bouwstijl, geen overmatige detaillering, aanwezige detaillering heeft (historische) functionaliteit/doelstelling. • Positie van de bebouwing op het erf en oriëntatie t.o.v. omliggend landschap is passend en historisch correct. • De schaal/omvang van de bebouwing heeft directe relatie met het erf, de (historische) functie/gebruik en het omliggend landschap. • Materiaalgebruik passend bij de historische kenmerkende bouwkwaliteit van het gebied. • Kleurgebruik passend en opgaand in omliggend landschap. • Minimaal 50 jaar oud. • De bouwtechnische staat van het pand is niet onomkeerbaar slecht.
Een slechte bouwkundige staat betekent niet direct dat het pand wordt uitgesloten van deze categorie, echter dienen de waardevolle kwaliteiten in de bestaande situatie wel redelijkerwijs voldoende herkenbaar te zijn en het gebouw moet voldoende oorspronkelijke materialen hebben om hersteld te kunnen worden onder de noemer restauratie of renovatie (geen totale nieuwbouw). Kleinschalige kampeer- en camperterrein Een terrein of plaats geheel of gedeeltelijk ingericht om daarop gelegenheid te geven tot het plaatsen van kampeermiddelen ten behoeve van recreatief (nacht)verblijf. Het gaat om een vorm van verblijfsrecreatie waarbij de beleving van het platteland centraal staat. Het verblijf is gesitueerd op een (voormalig) agrarisch erf. Mobiel kampeermiddel Een mobiel en/of demontabel onderkomen bedoelt voor recreatief nachtverblijf. Hieronder kan onder andere een tent, tentwagen, kampeerauto, caravan of camper worden verstaan. Monumentale bebouwing • Aangewezen gebouwen als gemeentelijk of Rijksmonument. • Het gaat om historisch belangrijke bebouwing. • De bouwstijl is meestal streekeigen, niet altijd denk aan molens, watermolens, landhuizen, kerken etc. Plattelandskamer Een (deel van) een (voormalig) agrarisch gebruikt gebouw dat blijvend bestemd is voor recreatief nachtverblijf. Het gaat om een vorm van verblijfsrecreatie waarbij de beleving van het platteland centraal staat.
Het verblijf is gesitueerd op een (voormalig) agrarisch erf. Recreatieterrein Een terrein of plaats geheel of gedeeltelijk ingericht om daarop gelegenheid te geven tot het plaatsen en/of geplaatst houden van accommodaties ten behoeve van recreatief (nacht)verblijf. Onder deze bestemming worden onder andere reguliere kampeerterreinen/campings, camperterreinen en bungalowterreinen verstaan.
7
Recreatiewoning Een op de grond staand gebouw c.q. complex van ruimten dat naar de aard en inrichting is bedoeld voor recreatief nachtverblijf, waarvan de gebruikers hun hoofdverblijf elders hebben. Vast kampeermiddel Een verblijfsvorm die gedurende langere tijd op een recreatieterrein op dezelfde plaats staat en dat door zijn plaatsing direct of indirect steun vindt in of op de grond. Hieronder kan onder andere een stacaravan, trekkershut of chalet worden verstaan.
8
Bijlage 2, Leefstijlvinder vakantie en vrije tijd De leefstijlen geven inzicht in het gedrag, waarden en behoeften van recreanten en toeristen op basis van psychologische en sociologische kenmerken. Er worden zeven doelgroepen ook wel leefstijlengenoemd onderscheiden met allemaal een eigen vrijetijdsprofiel. Dit zijn: avontuur-, plezier-, harmonie-, verbindings-, rust-, inzicht- en stijlzoeker. Harmoniezoekers • Tijd om samen (met het gezin) te genieten, te ontspannen en plezier te maken. • Goede balans tussen dingen ondernemen (shoppen, zwemmen, bezoekje aan dieren- of pretpark) en rustig aan doen (sauna, spelletje spelen). • Voor iedereen wat te doen, niet te duur. Plezierzoekers • Op zoek naar plezier, gezelligheid, entertainment en avontuur: er moet wel voor iedereen wat te beleven zijn. • Ze gaan graag met een groep en relatief vaak op pad: hoe meer, hoe beter. • Vrije tijd is het moment om het hoofd leeg te maken, tijd om je te laten gaan en leuke dingen te doen. Verbindingzoekers • Ontspanning, genieten en gezelligheid, rust en stilte, tijd voor elkaar. • Liefst samen op pad. • Ze willen het gevoel hebben dat je het ‘echte leven’ ervaart. • Ze willen hun vrije tijd graag nuttig besteden, door zich in te zetten voor een ander. • In hun vrije tijd komen ze ook graag in beweging: fietsen, wandelen of gaan naar een museum. Rustzoekers • Rust en stilte.
Ze gaan relatief weinig op pad en blijven graag thuis. • Ze zijn niet op zoek naar nieuwe dingen of nieuwe mensen: geen ‘gekkigheid. • Vrije tijd betekent tot rust komen en even geen gedoe. Denk aan een dagje vissen, rondje fietsen, een wandeling maken of vrijwilligerswerk doen. • Ze waarderen een huiselijke vertrouwde omgeving. Avontuurzoekers • Op zoek naar avontuur, uitdaging, kennis, inspiratie, nieuwe ervaringen en nieuwe mensen, creatief bezig zijn en het lokale ervaren, iets unieks. • Vrije tijd is om je te verbreden en om geïnspireerd te raken door er op uit te gaan (sportief, cultuur, natuur) en een (creatieve) cursus te doen. • Ze trekken graag hun eigen plan, liever niet met grote groepen. Stijlzoekers • Activiteiten zodat ze hun vrije tijd optimaal kunnen besteden aan sporten, feesten, zichzelf uitdagen, zich laten verwennen maar ook uitrusten. • Ze houden van exclusiviteit, luxe en comfort. • Ze willen geprikkeld worden dus er mag veel te beleven zijn. • ‘work hard, play hard’ is op de stijlzoeker van toepassing. Inzichtzoekers • Een moment om zichzelf te ontwikkelen, tijd die bewust en nuttig wordt besteed. • Rust en stilte.
9
• • •
10
Trekken graag rond. Tijd voor kunst en cultuur: museumbezoek, bekijken van bezienswaardigheden of bezoek aan de natuur. Doen waar ze zelf zin in hebben.