07. Kadernota 2024 - Raadsvoorstel en -besluit - versie na PF
Tekst van het document
Bijlagen 2023 20 juni 2023 Nr. 23/7 Reg.nr. INTB-23-05979 Bijlagen: 1
Agendapunt: 7
Voorstel tot het vaststellen van de Kadernota 2024
Aan de gemeenteraad
Inleiding De start van de nieuwe planning & control cyclus 2024 begint in Oldenzaal jaarlijks met het opstellen van een Kadernota. In dit geval de Kadernota 2024. In de Kadernota worden, zoals de naam min of meer al aangeeft, door uw raad de kaders en uitgangspunten vastgesteld voor het opstellen van de eerstvolgende programmabegroting 2024. Door het vaststellen van de Kadernota 2024, inclusief begrotingsuitgangspunten en de voorstellen nieuw en aanvullend beleid, wordt richting gegeven aan de koers voor het opstellen van de programmabegroting 2024 en een financiële indicatie gegeven voor de komende planperiode 2024-2027. Deze indicatie is exclusief de financiële effecten van de meicirculaire 2023 en de eventuele structurele effecten uit de later dit jaar te verschijnen najaarsnota 2023. Overige aandachtspunten die in de Kadernota 2024 worden benoemd en aandacht behoeven zijn: Index Conform de bestendige gedragslijn worden de 3 gebruikte indices voor de Programmabegroting 2024 (index lonen en sociale lasten, index goederen en diensten en de index Sociaal domein) jaarlijks, naast de voorlopige indices voor het komende jaar, gecorrigeerd voor de definitief vastgestelde cijfers van voorgaande jaren. Door de gestegen inflatie in het afgelopen jaar vallen de definitieve indexcijfers hoger uit dan aanvankelijk verwacht en krijgen we in 2024 te maken met relatief hoge indexcijfers.
Hiervoor wordt de gemeente (gedeeltelijk) gecompenseerd in de Algemene uitkering. Per saldo hebben de begrotingsuitgangspunten c.q. hogere indexen echter een structureel nadelig effect van € 1,6 mln. voor de jaren 2024 en verder. Nieuw Beleid 2024 In de collegevergadering van 11 april jl. heeft het college in aanwezigheid van het CMT gesproken over de Kadernota 2024. Daarbij gaf het college als algemene boodschap mee het accent te willen leggen op het uitvoeren van hetgeen in het raadsprogramma 2022-2026 voor deze periode is meegegeven. Gelet op de meerjarige financiële positie, de reeds vastgestelde ambitieuze doelstellingen en de onzekere ontwikkelingen en risico’s met betrekking tot rente, inflatie en de komende nieuwe systematiek voor het gemeentefonds, stelt het college uw Raad dan ook voor om geen nieuw beleid op te nemen in de Programmabegroting 2024. Wel wordt er ruimte geboden voor autonome en onontkoombare (wettelijke) ontwikkelingen of voorstellen die reeds eerder zijn besloten of ingezet. De inventarisatie van deze voorstellen of autonome ontwikkelingen vindt u in de bij de Kadernota 2024 gevoegde bijlagen ‘Nieuw Beleid 2024 (autonoom, onontkoombaar, reeds ingezet)’ en ‘Aanvullend Beleid (autonoom, onontkoombaar, reeds ingezet)’. De financiële vertaling van deze beleidslijn leidt indicatief tot onderstaand meerjarenperspectief:
Totaal resultaat 2023 – 2027 Onderdelen (x € 1.000) a. Totaal programmabegroting 2023
2023 V
2024
2025
2026
2027
2.314
V
2.486
V
4.486
V
454
V
454
0
N
1.620
N
1.620
N
1.626
N
1.659
655
N
375
N
390
N
361
N
361
Pm
V
1.778
415
N
415
(na Raadsprogramma)
b. Stelposten op basis van begrotingsuitgangspunten (tabel 2) c. Concept-Voorjaarsnota 2023 (Incl. decembercirculaire 2022)
N
d. Structurele gevolgen meicirculaire 2023
Pm
Pm
e. Bekende fin. ontwikkelingen (tabel 3)
N
f. Bekende risico ontwikkelingen (tabel 4)
Pm
V
N
Pm
g. Voorgenomen aanvullend beleid h. Indicatief subtotaal komende planperiode
415
Pm
1.659
415
N
Pm
Pm
Pm
N
32
N
15
V
12
N
183
V
44
V
2.046
N
1.936
N
386
i. Voorgesteld voorlopig dekkingsplan: * Stelpost taakstelling J. TOTAALRESULTAAT
Pm V
Pm
1.659
V
44
Pm V
2.046
Pm N
1.936
Pm N
386
Een 1e doorrekening van de geformuleerde begrotingsuitgangspunten en de bekende financiële ontwikkelingen levert voorlopig een begrotingsnadeel op voor het ‘ravijnjaar’ 2026 en ook de jaarschijf 2027. De overige jaarschijven laten vooralsnog positieve saldi zien. De komende periode, richting de definitieve vaststelling van de Programmabegroting 2024, zullen deze saldi verder worden ‘gefinetuned’ door onder meer verwerken van de (financiële) effecten van de meicirculaire 2023. Afhankelijk van deze uitkomsten zal een dekkingsplan voor 2026 en 2027 worden opgesteld, waarbij een onttrekking aan de Algemene Reserve voor de beide tekortjaren in 1e instantie voor de hand lijkt te liggen. Onderstaand een nadere toelichting op aandachtspunten en componenten die van invloed zijn op de gepresenteerde resultaten in de Kadernota 2024. Overige aandachtspunten Kadernota 2024 Rentelasten Een belangrijk risico-element en oorzaak voor de verslechterde meerjarensaldi ten opzichte van de Programmabegroting 2023 zijn de opgelopen rentelasten. Bij de voorlopige uitwerking van de begrotingsuitgangspunten voor de Kadernota 2024 wordt nu reeds geconstateerd dat de opgelopen rentestanden een negatief effect hebben op het meerjarig begrotingssaldo.
De voor 2024 te hanteren omslagrente (het gehanteerde rentepercentage voor berekening kapitaallasten investeringskredieten) neemt ten opzichte van 2023 naar verwachting met 0,75% toe tot 1,25%. Dit betekent een structurele extra last voor de begroting 2024 van minimaal € 800.000. Verder oplopende rentetarieven zullen vanzelfsprekend navenant oplopende (kapitaal-) lasten betekenen. Stuwmeer Investeringen en kapitaallasten na 2027 De stijgende rentelasten zijn enerzijds het gevolg van de oplopende rentestanden, maar worden ook veroorzaakt door de ambitieuze investeringsplanningen van de gemeente Oldenzaal. Zoals reeds aangegeven bij vaststelling van de Programmabegroting 2023 staan voor de komende planperiode diverse investeringen gepland die veel (ambtelijke) capaciteit zullen gaan vergen. Tevens werd toen al geconstateerd dat “de aanvankelijk geraamde bedragen door inflatieontwikkelingen onder druk komen te staan. Medio 2022 bedroeg de omvang van de openstaande investeringen € 57,8 miljoen. Gevoegd bij de nieuwe beleidsvoornemens uit het Raadsprogramma legt dit een fors beslag op de beschikbare (ambtelijke) capaciteit” 2
Op dit moment (mei 2023) is de omvang van het ‘Stuwmeer’ opgelopen tot € 63 miljoen. Naast een fors beslag op de ambtelijke capaciteit, beperken de openstaande investeringen in toenemende mate (stijgende rente) de meerjarige begrotingsruimte, waarbij investeringsbudgetten door opgelopen inflatie mogelijk ook niet meer toereikend zijn. Voor een realistische investeringsplanning is een kritische heroriëntatie en herbeoordeling van de openstaande investeringsvoornemens op fasering en actualiteit aan te bevelen. Dit heeft een tweeledig effect: een verminderde druk op de beschikbare ambtelijke (uitvoerings-) capaciteit en een vermindering van toekomstige investerings- en kapitaallasten. Tenminste voor zover er geen nieuwe investeringen bijkomen. Verder gaan vanaf 2028 (buiten de ‘scope’ van deze Kadernota), de kapitaalasten (afschrijving en rente) als gevolg van investeringen in onderwijshuisvesting en (binnen-)sport accommodaties aanzienlijk toenemen. In de komende periode en in aanloop naar de Programmabegroting 2025 worden dan ook financieel-technische oplossingen onderzocht en zo nodig voorgesteld aan uw Raad.
Concreet moet hierbij bijvoorbeeld worden gedacht aan de instelling van dekkingsreserves voor kapitaallasten, waardoor toekomstige begrotingssaldi worden ontlast Inflatie Ook de oplopende inflatie vertaalt zich bij de Kadernota 2024 voorlopig in (historisch) hoge indexpercentages voor lonen en sociale lasten (5,6%) en goederen en diensten (8,9%). De sinds enkele jaren gehanteerde ‘OVA-index’ voor de budgetten Sociaal domein bedraagt voor 2024 7,58%. Naar verwachting, en vanuit oogpunt van conservatief begroten, worden we daarvoor slechts gedeeltelijk door het Rijk gecompenseerd via het gemeentefonds. Het voorlopig becijferde aanvullende structurele nadeel dat hierdoor ontstaat bedraagt ca. € 870.000. Gemeentefonds Het kabinet heeft het voornemen om voor de periode vanaf 2026 een nieuwe financieringssystematiek voor het gemeentefonds uit te werken met daarbij ook een verruiming van het gemeentelijke belastinggebied. Het Kabinet geeft daarbij aan te streven naar een financieringssystematiek die “gemeenten en provincies stabiliteit biedt en ruimte geeft om autonome keuzes te maken, vanuit een solide financiële basis”. Vooruitlopend hierop heeft het Kabinet voor 2026 eenzijdig de huidige systematiek ‘opgezegd’ en de jaarlijkse aanpassing van het gemeentefonds voor stijgende lonen, prijzen en het aantal inwoners (het zogenoemde accres) teruggezet naar een lager niveau.
Tevens is voor 2026 de terugkeer van de volledige opschalingskorting weer aangekondigd. In de onlangs verschenen Voorjaarnota 2023 van het Kabinet staat dat gemeenten er vanaf 2027 structureel geld bij krijgen. De opschalingskorting blijft echter in stand en doordat er pas in 2027 geld bij komt, bedraagt de terugval van middelen in 2026 € 3 miljard (ten opzichte van 2025). Vanaf 2027 kent het Kabinet gemeenten structureel een bedrag van € 1 miljard toe en een volume indexatie. Op basis van de informatie uit de Voorjaarsnota kunnen we een voorzichtige eerste indicatie geven dat een extra structurele bijdrage van € 1 miljard ongeveer gelijk staat aan een extra inkomst voor Oldenzaal van € 1,8 miljoen. Bij de meicirculaire 2023 zal een en ander nader geconcretiseerd worden. In afwachting daarvan wordt bij de uitwerking van de Kadernota 2024 uitgegaan van een hogere uitkering van € 1,8 miljoen voor 2027. Afwijkende indexering verbonden partijen De gehanteerde indices ‘loon- en prijsontwikkeling 2024’ voor de betreffende verbonden partijen zijn conform het advies vanuit de Twentse gemeenten. Zowel systematiek als percentages wijken echter af van de door Oldenzaal gehanteerde methodiek. Voor de Programmabegroting 2024 resulteert dit per saldo in een structureel begrotingsnadeel van ca. € 200.000 - € 250.000.
Tariefverhoging ICT Hengelo Als gevolg van een gewijzigde prijs- en bekostigingssystematiek zal het benodigde budget voor de dienstverlening ICT door de gemeente Hengelo wijzigen. De gewijzigde (meer variabele) systematiek zal naar verwachting een budgetintensivering betekenen. Deze is voorlopig als ‘Pm’ opgenomen. Ook 3
hiervoor geldt dat de doorrekening wordt meegenomen bij opstellen van de Programmabegroting 2024. Budgetontwikkelingen en aanbestedingen Sociaal Domein In het sociaal domein zijn een aantal ontwikkelingen die mogelijk, dan wel zeker, zullen leiden tot een hogere prijs voor geleverde diensten door aanbieders. Dit gaat om:
aanbesteding doelgroepenvervoer; aanbesteding Huishoudelijke ondersteuning; aanbesteding Wmo; aanbesteding Jeugd; onderzoek reële tarieven.
De (financiële) effecten en omvang hiervan zijn bij opmaak van de Kadernota nog niet inzichtelijk en voorlopig als ‘PM’ opgevoerd. Bij de uitwerking van de Programmabegroting 2024 zal, voor zover mogelijk, de financiële vertaling worden gemaakt. Naast de mogelijke effecten van de aanbestedingen kan op basis van extrapolatie van de eerste maanden van 2023, reeds de conclusie worden getrokken dat huidige budgetten Sociaal Domein structureel niet toereikend zijn. De financiële effecten hiervan zijn verwerkt en toegelicht bij de Voorjaarsnota 2023 en hebben hun effecten op de bij deze Kadernota 2024 gepresenteerde saldi. Bij verdere uitwerking naar de Programmabegroting 2024 zal hierover zo nodig nader worden gerapporteerd. Advies We stellen u voor door middel van het vaststellen van deze kadernota in te stemmen met de hierin opgenomen kaders voor het opstellen van de programmabegroting 2024. In de vergadering van het politiek forum van 3 juli 2023 is besloten uw raad te adviseren tot behandeling en besluitvorming over te gaan.
Oldenzaal, 4 juli 2023 Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris,
de burgemeester,
G.W. Goedmakers
P.G. Welman
Bijlagen Kadernota 2024
4
Nr. 1296
De raad van de gemeente Oldenzaal;
gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 20 juni 2023, nr. 23/7, reg.nr. INTB-23-05979; gelet op 147, lid 2, 89 en 192 van de Gemeentewet
besluit:
vast te stellen de Kadernota 2024.
Vastgesteld in de openbare vergadering van 10 juli 2023 de griffier,
de voorzitter,
J.H. Brokers
P.G. Welman