07. Integraal huisvestingsplan onderwijs (IHP) 2025-2040 - Raadsvoorstel en -besluit
Tekst van het document
Bijlagen 2025 23 september 2025 Nr. V32/ Reg.nr. INTB-25-06944 Bijlagen: 6
Agendapunt: 7
Voorstel tot het vaststellen van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP) 2025-2040
Aan de gemeenteraad § 1 Inleiding Uw raad heeft in 2021 een Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP) vastgesteld voor de periode 2020-2039 (INTB-21-04909). Het IHP vormt het strategisch beleidskader waarin de gemeente, in nauwe samenwerking met de schoolbesturen, een gezamenlijke visie op de onderwijshuisvesting voor het primair en voortgezet onderwijs vastlegt. Deze visie luidt: Samen met de scholen streven we naar goed onderwijs door het realiseren van passende en duurzame schoolgebouwen en een optimaal onderwijsklimaat. Op basis van deze visie, gerichte analyse, scenario-ontwikkeling en financiële vertaling, worden de kaders vastgesteld waarbinnen de gemeente Oldenzaal, samen met de schoolbesturen, investeert in de onderwijshuisvesting. Het IHP biedt een integraal overzicht van de verwachte huisvestingsopgave voor de komende 16 jaar. Om de relevantie en actualiteit van het beleidskader te waarborgen, wordt het IHP iedere 4 jaar herijkt, zodat het aansluit bij de actuele vragen en behoeften. Het geactualiseerde IHP verschaft gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties een strategisch beleidsperspectief, verankerd in een breed gedragen en transparante langetermijnplanning voor de periode 2025-2040, met een doorkijk naar 2050.
Verschillen ten opzichte van het vorige IHP De verschillen ten opzichte van het vorige IHP zijn: • wettelijke verankering: een IHP wordt verplicht, renovatie wordt een gemeentelijke taak; meerjarenonderhoudsplanningen (MJOP’s) van schoolbesturen worden onderdeel van de afstemming; • planperiode: 16 jaar in plaats van 20 jaar met een 4-jaarlijkse herijking en jaarlijkse cyclus (uitvoeringsprogramma); • uitvoering: concreet schema met prioriteiten ( Franciscusschool, TCC Lyceumstraat, Drie-eenheidschool, De Essen, De Maten/De Wendakker/De Linde); • inanciën: fasering en gebruik van bestaande gebouwen om tijdelijke huisvesting betaalbaar te houden. Samenwerking gemeente en schoolbesturen Het opstellen van het Integraal Huisvestingsplan (IHP) is een complex proces dat een nauwkeurige afstemming en samenwerking met de schoolbesturen vereist. In de afgelopen periode is het volledige proces gezamenlijk met de schoolbesturen doorlopen, resulterend in overeenstemming over de inhoud van het IHP en de daarmee samenhangende investeringen in de onderwijshuisvesting voor de komende jaren. Ook na de vaststelling van het IHP blijft een constructieve samenwerking tussen de gemeente en de schoolbesturen van groot belang. Gezien de omvangrijke opgaven die de komende jaren op de planning staan, is deze afstemming essentieel voor het succesvol realiseren van de gestelde doelen.
Proces Op 10 maart 2025 heeft een politieke avond plaatsgevonden. Tijdens deze bijeenkomst is uw raad geïnformeerd over het proces rond het IHP. Ook heeft u tijdens de bijeenkomst aan de hand van
vragen input geleverd voor de visievorming met als beleidsaccenten actuele thema’s, zoals netcongestie en circulariteit. § 2 Doel Het IHP beoogt toekomstbestendige, duurzame en betaalbare onderwijshuisvesting te realiseren, in samenwerking met schoolbesturen en kinderopvangorganisaties. De gemeente voldoet hiermee aan haar wettelijke zorgplicht en creëert duidelijkheid over prioriteiten en investeringen. § 3 Argumenten 3.1 Wettelijke borging en voorbereiding op wetswijziging Het IHP wordt naar verwachting een wettelijke verplichting (wetsvoorstel ‘planmatig en doelmatige aanpak’). Door het plan nu vast te stellen loopt Oldenzaal vooruit op deze verplichting en voldoet de gemeente al aan toekomstige eisen. 3.2 Duidelijke langetermijnplanning (16 jaar, met doorkijk naar 2050) Het plan biedt een beleids- en investeringsperspectief voor 2025-2040 en geeft zekerheid aan gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties. Er wordt gewerkt in tijdvakken van 4 jaar, met jaarlijkse actualisatie van leerlingenprognoses en kosten. Dit maakt het plan dynamisch en adaptief. 3.3 Gezamenlijke aanpak en breed draagvlak Het plan is opgesteld in nauwe samenwerking met schoolbesturen via werksessies, interviews en locatiebezoeken. Er is sprake van een gezamenlijk en breed gedragen toekomstplan, wat de uitvoerbaarheid en legitimiteit versterkt.
3.4 Focus op kwaliteit en toekomstbestendigheid De visie richt zich op duurzame, gezonde en aanpasbare gebouwen, onderwijs voor iedereen (spreiding en thuisnabijheid) en betaalbare huisvesting. Ook monumentale gebouwen en circulair bouwen worden meegenomen, wat inspeelt op maatschappelijke trends en duurzaamheidseisen. 3.5 Realistische uitvoeringsagenda Projecten zijn gefaseerd ingepland (2025-2029 eerste tijdvak) met aandacht voor beperkte personele capaciteit bij gemeente en schoolbesturen. Tijdelijke huisvesting is doordacht: hergebruik van bestaande gebouwen wordt geprefereerd boven dure tijdelijke units. § 4 Kanttekeningen 4.1 Financiële haalbaarheid en kapitaallasten Het IHP gaat uit van een investeringsvolume van circa € 132 miljoen (prijspeil 2025). Deze investeringen leiden tot forse kapitaallasten die structureel drukken op de gemeentelijke begroting. Tegelijkertijd treedt in 2026 het zogenoemde ravijnjaar in werking waarbij de algemene uitkering uit het gemeentefonds fors daalt door het wegvallen van tijdelijke regelingen. Dit beperkt de financiële ruimte voor structurele lasten, waaronder de kapitaallasten uit het IHP. 4.2 Organisatorische capaciteit Gemeente en schoolbesturen hebben beperkte personele capaciteit voor bouwprojecten. Er is afhankelijkheid van externe adviseurs en specialisten.
4.3 Tijdelijke huisvesting als risico Indien geen geschikte bestaande gebouwen beschikbaar zijn, moeten dure units worden ingezet. Dit kan de exploitatiekosten verhogen.
2
4.4 Onzekerheden in leerlingenprognoses en regelgeving Leerlingenaantallen, wet- en regelgeving en subsidies kunnen wijzigen. Het IHP is dynamisch, maar herijking blijft cruciaal om niet vast te lopen. Ook landelijke wetswijzigingen kunnen financiële en organisatorische impact hebben. 4.5 Balans tussen spreiding (thuisnabijheid) en doelmatigheid Oldenzaal wil onderwijs in de wijken behouden, ook bij dalende leerlingenaantallen. Dit kan leiden tot relatief hoge kosten per leerling en minder efficiënt ruimtegebruik. § 5 Resultaten van overleg en inspraak (inclusief burgerinitiatief) Tijdens het opstellen van het Integraal Huisvestingsplan (IHP) is intensief en structureel overleg gevoerd met de schoolbesturen. Dit overleg heeft geleid tot overeenstemming over de inhoud en prioriteiten van het plan en vormt tevens een solide basis voor de gezamenlijke uitvoering en voortzetting van de samenwerking in de komende jaren. § 6 Financiën In het IHP zijn de geraamde investeringsbedragen per onderwijslocatie weergegeven (zie uitvoeringsagenda 2025-2050). Gezamenlijk leidt dit tot een totaal investeringsvolume van € 132 miljoen (ENG + Circulair inclusief bijkomende kosten) over de periode 2025-2050, op basis van prijspeil 2025. Het is belangrijk op te merken dat de bedragen in het IHP nog niet volledig zijn.
Kosten voor de afkoop van de boekwaarde van bestaande gebouwen, VAT-kosten, eenmalige aanvullende kosten voor tijdvak 2 tot en met 5, en de verduurzaming van de onderwijslocaties in tijdvak 5 zijn nog niet meegenomen. Deze kosten worden pas duidelijk zodra een uitgebreider plan is opgesteld. Voor de projecten in het eerste tijdvak (2025–2029), waarvoor al een businesscase bestaat, zijn de eenmalige kosten wél inzichtelijk gemaakt en opgenomen in de uitvoeringsagenda. Dekking: Via de Kadernota 2026 zijn de eerder vastgestelde kredieten voor de geplande projecten in de periode 2025-2029 (tijdvak 1) aangepast aan het prijspeil van 1 januari 2025 en het aantal m2 bruto vloeroppervlak (bvo), conform de opgave van ICSadviseurs. Een uitzondering vormt de Franciscusschool, waarvoor het krediet al was geautoriseerd en het project in uitvoering is. Daarnaast zijn de eenmalige bijkomende kosten voor de Drie-eenheid en Scholencomplex De Essen geactualiseerd op basis van de businesscase. Dit leidt tot de volgende investeringskredieten in de begroting 2026: Onderwijshuisvesting
Investering
(Bedragen x1.000)
Drie-eenheid Meijbreestraat Nieuwbouwkosten Plankosten en terreininrichting Restant boekwaarde (31-12-2024)
Scholencomplex De Essen Nieuwbouwkosten De Esch Plankosten en terreininrichting Restant boekwaarde (31-12-2024) Nieuwbouwkosten De Linde Plankosten en terreininrichting Restant boekwaarde (31-12-2024)
TCC Lyceumstraat Revitaliseringskosten Vernieuwbouwkosten Nieuwbouw gymzaal TOTAAL
5.411 394 466 6.271
4.609 294 889 6020 294 1 12.107
5.563 13.834 4.071 23.468 41.846
Bijdrage onderwijs
333 333
272
Totale investering na bijdrage onderwijs
Kapitaallasten
5.078 394 466 5.938
Meerkosten +circulair
Hogere Jaar kapitallasten gereed + circulair
117 21
132
3
138
132
3
101 16
112
2028
Lineair, 45 jaar, rente 0,3%, 10% restwaarde Lineair, 20 jaar, rente 0,3%, geen restwaarde
3
2029
Lineair, 45 jaar, rente 0,3%, 10% restwaarde Lineair, 20 jaar, rente 0,3%, geen restwaarde
2029
Lineair, 45 jaar, rente 0,3%, 10% restwaarde Lineair, 20 jaar, rente 0,3%, geen restwaarde
2028 2028 2028
Lineair, 30 jaar, rente 0,3%, 10% restwaarde Lineair, 45 jaar, rente 0,3%, 10% restwaarde Lineair, 45 jaar, rente 0,3%, 10% restwaarde
131 16
146
3
648
4.337 294 889 5.644 294 1 11.459
263
257
6
568 1.397 400 2.365 3.346
4.995 12.437 3.671 21.103 38.500
167 290 86 542 943
376
390
Toelichting
9
De bedragen in het IHP zijn geactualiseerd ten opzichte van de Kadernota 2026. In het IHP is gerekend met de variant ENG + Circulair, terwijl de gemeente uitgaat van uitsluitend ENG. Voor de periode
3
2025-2029 (tijdvak 1) resulteert dit in een verschil van € 390.000, met bijbehorende kapitaallasten van € 9.000 (zie bovenstaande tabel). Gehele looptijd IHP Over de gehele looptijd leidt toepassing van de variant ENG + Circulair tot een extra investering van € 2.583.400 ten opzichte van ENG, conform de uitvoeringsagenda 2025-2050 van het IHP. Daarnaast zijn er verschillen in de verwerking van de eenmalige bijkomende kosten. In het IHP zijn voor de onderwijslocaties Drie-eenheid en scholencomplex De Essen de kosten van planontwikkeling (K€ 61), terreininrichting (K€ 921) en sloopkosten (K€ 769) als eenmalige kosten opgenomen, terwijl in de Kadernota 2026 is uitgegaan van de mogelijkheid om deze kosten te activeren. Hierbij worden de uitgangspunten gehanteerd zoals opgenomen in de beleidsnotitie ‘Afschrijvingsbeleid en waarderingsgrondslagen 2025’ en in het ‘Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV)’. Afschrijvingstermijnen Op 24 februari 2025 heeft de raad de “Beleidsnotitie afschrijvingsbeleid en waarderingsgrondslagen 2025” vastgesteld. Voor onderwijshuisvesting betekent dit dat per 1 januari 2026 de afschrijvingstermijnen voor zowel bestaande als toekomstige investeringen zijn aangepast. Voor (ver-)nieuwbouw is de termijn verlengd van 40 naar 45 jaar en voor renovatie van 15 naar 30 jaar. Daarnaast is een restwaarde van 10% ingevoerd.
Het hanteren van een restwaarde van 10% voor schoolgebouwen kan in sloopscenario’s ongunstig uitvallen, omdat bij de oorspronkelijke bouw veelal geen rekening is gehouden met losmaakbare en herbruikbare materialen. Hierdoor blijft in die situatie naar verwachting geen of slechts beperkte restwaarde over. Risico’s • Prijsstijgingen in de bouw en stijgende rente kunnen leiden tot overschrijdingen. • Afwijkingen in leerlingenprognoses kunnen de prioritering beïnvloeden. • Geen of beperkte restwaarde in sloopscenario’s. • Restant boekwaarde: bij vervanging of renovatie vóór het verstrijken van de afschrijvingstermijn van 45 jaar kan nog een aanzienlijke boekwaarde openstaan, wat extra financiële lasten met zich meebrengt. • Vertraging in de uitvoering van projecten kunnen leiden tot extra kosten, bijvoorbeeld: o extra kosten voor tijdelijke huisvesting doordat nieuwbouw later beschikbaar is; o hogere bouwkosten als gevolg van prijsstijgingen in de markt; o doorlopende exploitatiekosten voor het in stand houden van verouderde gebouwen; o kosten voor het opnieuw opstarten of aanpassen van een projectplanning; o extra advies- of proceskosten om vertraging op te lossen. § 7 Globale Goals 4. Kwaliteitsonderwijs
11. Duurzame steden en gemeenschappen
Bij de ontwikkeling van onderwijsgebouwen wordt rekening gehouden met de Sustainable Development Goals: Kwaliteitsonderwijs (SDG 4): Door moderne, veilige en goed toegeruste leeromgevingen te creëren, bevorderen we gelijke onderwijskansen en optimale leerresultaten voor alle leerlingen.
4
Duurzame steden en gemeenschappen (SDG 11): Door duurzame materialen, energie-efficiëntie en een veilige, toegankelijke omgeving dragen de gebouwen bij aan leefbare en veerkrachtige gemeenschappen. Zo ondersteunt de gemeente met iedere investering een inclusieve, toekomstbestendige en duurzame leeromgeving.
§ 8 Uitvoering Na vaststelling van het IHP start de voorbereiding van de planvorming voor de eerst geplande onderwijsgebouwen, zodat de kredietaanvragen tijdig kunnen worden ingediend en uitvoering volgens planning kan plaatsvinden. § 9 Communicatie De schoolbesturen worden schriftelijk over het besluit geïnformeerd. Ook wordt een nieuwsbericht verstuurd. In de vergadering van het politiek forum van 13 oktober 2025 is besloten uw raad te adviseren tot behandeling en besluitvorming over te gaan.
Oldenzaal, 17 oktober 2025 Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris,
de burgemeester,
G.A. Tiebot
P.G. Welman
Bijlagen 1. Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP) 2025-2040 2. Bijlage 1: Leerlingenprognose en ruimtebehoefte (speciaal) basisonderwijs 2024 3. Bijlage 2: Leerlingenprognose en ruimtebehoefte voortgezet onderwijs 2024 4. Bijlage 6: Factsheets gebouwen 5. Overzichtsplaat IHP 6. Presentatie politiek forum
5
Nr. 1489
De raad van de gemeente Oldenzaal;
gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 23 september 2025, nr. V32/4, reg.nr. INTB-25-06944;
besluit:
•
het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP) 2025-2040 vast te stellen.
Vastgesteld in de openbare vergadering van 27 oktober 2025 De griffier,
de voorzitter,
C.H. Hartendorp
P.G. Welman