04e - Algemene beschouwingen 2023 - fractie PvdA
Tekst van het document
Hoort bij raadsbesluitnr. 1230 van 7 november 2022, de griffier,
ValidSigned door Hans Brokers op 08-11-2022
Voorzitter, net als velen speelden wij met de gedachte om de begroting – zoals deze voor ons ligt – als een conform voorstel door te geleiden. Het is immers een document zonder nieuw beleid. De PvdA maakt zich echter grote zorgen over de sterk stijgende kosten van levensonderhoud. Daarom willen wij het vandaag hebben over datgeen wat we niet onopgemerkt de revue mogen laten passeren, namelijk: armoede, Het leven deelt soms tikken uit. Bijvoorbeeld wanneer je je baan verliest, wanneer je ziek wordt, wanneer je geen eerlijke kans krijgt of wanneer je je onveilig voelt. Zo veerkrachtig als wij Oldenzalers zijn, herstellen wij van deze tikken. Wij proberen vaak zelf te herstellen van zo’n tik en als dat niet lukt, kunnen wij vaak terugvallen op de hulp van een ander: met een duwtje in de rug en een arm over onze schouder heen. In tijden als deze kunnen we er niet langer op rekenen dat onze Oldenzalers op eigen kracht kunnen herstellen. Sterker nog: op het moment dat het leven niet langer tikken uitdeelt, maar klappen, moet er een lokale overheid klaarstaan die een hand reikt aan de mensen die vandaag de dag nauwelijks het hoofd boven water kunnen houden. Wij moeten degene zijn die onze inwoners geven wat ze op dit moment het hardste nodig hebben: perspectief en een eerlijke kans om weer vooruit te durven kijken.
Maar hoe doen we dat in een tijd waar de prijzen van energie de pan uitrijzen en boodschappen onbetaalbaar worden? Moeten wij hardwerkende Oldenzalers laten kiezen tussen warme voeten of een fatsoenlijke maaltijd op tafel? Moeten wij opa’s en oma’s laten kiezen tussen het trakteren van hun kleinkinderen of voorzien in de eigen levensmiddelen? Moeten wij gezinnen met een inkomen nét boven het sociaal minimum verwijzen naar de voedselbank? Mogen wij in een gemeente die pretendeert een gemeente met een gezicht te zijn, toestaan dat inwoners afgesloten dreigen te worden van water, elektra of gas? Hoort kinderarmoede hier thuis? Het antwoord is ondubbelzinnig: nee. Het wordt tijd dat wij gaan winnen voor de inwoners die al een hele lange tijd niet meer gewonnen hebben. Regeren is vooruitzien, wordt ook hier weleens gezegd. Dat is dan ook de reden geweest dat wij, net als Solidair Oldenzaal, al voor de zomervakantie aandacht hebben gevraagd voor alarmerende signalen uit de samenleving, namelijk: een langzaam oplopend armoedecijfer. Destijds werd de door ons gevoelde urgentie niet door elk raadslid herkend. Ook vanuit het college kon niet gerekend worden op herkenning. Op mondelinge vragen met betrekking tot de voedselbank werd geantwoord: ‘wij zien nog geen zorgwekkend stijgende cijfers’.
Ook voorstellen met betrekking tot de verruiming van de inkomenscriteria inzake de energietoeslag en het opstellen van een noodplan, mocht armoede de kop opsteken, zijn een stille dood gestorven. De actualiteit heeft dit vraagstuk allang ingehaald. Inmiddels is er bijvoorbeeld een groot aantal inwoners geweest dat gebruik heeft gemaakt van deze eenmalige energietoeslag. In het kader hiervan vragen wij het college: (i) om hoeveel inwoners gaat het? (ii) hoe verhoudt dit aantal zich tot het aantal inwoners dat mogelijk gebruik kon maken van deze regeling? (iii) wat heeft het college eraan gedaan om deze toeslag onder de aandacht te brengen bij de Oldenzaalse inwoners? (iv) hoeveel gelden zijn nog over van de aan de gemeente toegewezen gelden ten behoeve van het uitkeren van energietoeslag? En tot slot: (v) biedt het overgebleven bedrag alsnog de mogelijkheid om het inkomenscriterium te verruimen naar 130 procent van de bijstandsnorm? Vandaag de dag worden onze politieke debatten gedomineerd door alarmerende berichten omtrent armoede, nadat het landelijke nieuws grotendeels ging bestaan uit berichtgeving omtrent het oplopende armoedecijfer. Dit betreuren wij als geen ander. Onze raad is straks degene die uit moet leggen waarom haar kiezers harde keuzes moeten maken. Voorzitter, u vraagt zich vast af wat onze uitleg zal zijn.
Nou: ‘het college zag nog geen zorgwekkend stijgende cijfers’. Onze kiezers en onze
inwoners zijn echter niet gebaat bij een chagrijnige houding van onze kant. Zij zijn – zoals ik net al noemde – gebaat bij perspectief en hoop. Wij vertrouwen er daarom op dat het college op dit moment kosten noch moeite zal sparen om het oplopende armoedecijfer terug te dringen. Tegelijkertijd kan het college erop vertrouwen dat een Partij van de Arbeid klaar zal staan die erop toe zal zien dat het college doet wat hij verplicht is, namelijk: zorgdragen dat onze inwoners perspectief krijgen. Natuurlijk begrijpt ook de Partij van de Arbeid dat in tijden als deze niet alles kan. Vasthouden aan de voormalige welvaartsstandaard is in de tijden als deze niet alleen onverstandig, maar ook onverantwoord. We mogen daarom best van onze inwoners vragen om keuzes te maken. Hier doel ik uiteraard niet op de keuzes die ik in de inleiding van mijn betoog aanhaalde. Wanneer wij verwachten van onze inwoners dat er keuzes gemaakt dienen te worden, dan moeten wij het college uiteraard dezelfde keuzes voorhouden. Is het in tijden als deze gerechtvaardigd om te investeren in een zwembad, terwijl de kans bestaat dat veel inwoners de entreekosten straks niet kunnen betalen? Is het verantwoord om te investeren in een binnenstad, wanneer wij zien dat het besteedbaar inkomen van onze inwoners langzaam terugloopt? De antwoorden op deze retorische vragen laat ik voor nu in het midden.
De onderlegger is immers duidelijk: inwoners vragen om keuzes te maken, vraagt om het heroverwegen van reeds gemaakte keuzes binnen dit huis. Het raadsprogramma dat zojuist is overhandigd aan het college, biedt het college onvoldoende handvatten om snel en adequaat te acteren op het oplopende armoedecijfer. Ook de recent ontvangen berichten vanuit het college, in de vorm van een raadsinfobrief, biedt ons onvoldoende vertrouwen dat het terugdringen van armoede met de hoogst mogelijke prioriteit wordt opgepakt. Zo laat het college weten dat hij de aangekondigde aanpassingen van de landelijke wet- en regelgeving mee wil nemen, terwijl wij als spreekbuis van de samenleving weten dat deze aanpassingen te laat zullen komen. Ook vragen wij ons hardop af, of ‘wachten op innovatieve oplossingen’ en ‘een brede kijk op armoede presenteren’ zaken zijn waarmee wij onze inwoners op dit moment de hoop en het perspectief kunnen bieden dat ze nodig hebben. In de beantwoording op schriftelijke vragen over de mogelijke creatie van een noodfonds gesteld door de PvdA en het CDA, wijst het college op een reeds bestaand noodfonds. Het noodfonds waar het college op wijst is – zoals we allen weten – slechts gevuld met 50.000. Tegelijkertijd wisten we – al ver voor dit debat – dat dit noodfonds in zijn huidige vorm niet kan voorzien in de problematiek die in de komende maanden op ons af zal komen.
Daarom wil de Partij van de Arbeid samen met het CDA, WG Oldenzaal en Solidair Oldenzaal het college verzoeken – middels een amendement dat wij zo dadelijk in zullen dienen – om een noodfonds in het leven te roepen, opdat direct ondersteuning geboden kan worden aan onze inwoners en onze verenigingen. Daarbij geven wij het college een aantal kaders mee, waarvan een aantal in de overwegingen van het amendement naar voren zullen komen. Daarmee komen we bij de indiening van het amendement. [indienen amendement] Voorzitter, ik rond af. We leven in een tijd waarin sociaal beleid en democratie belangrijker zijn dan ooit. Laten we hier zuinig mee omgaan, omdat dit de twee hoofdingrediënten zijn van hoop en perspectief. Laten we vanavond bewijzen dat onze raad hiertoe in staat is. En nu voorwaarts, dank u wel.