04a. transcriptverslag raad 4 juli 2022
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE RAADSVERGADERING VAN DE GEMEENTE OLDENZAAL van 4 juli 2022
Aanvang 16.00 uur Aanwezig:
de heer P.G. Welman, voorzitter
de dames:
M. Ailo-Zaia, R. Berger, J.M. Egbers, N. Nevels-ter Brake, E.G. Nijendijk, P.J.H. Oude Engberink-Weideveld en M.J. Seijger en A.C.M. Zuidersma-Horsthuis
de heren:
R. Bouwman, L.J. Gelevert, E. Kangus, N. Kramer (vanaf 17.00 uur), Y.B.S. Liebrand (tot 17.22 uur), L.T. Lulofs, H.J.M. Maartens, Y.B.S. Mekelenkamp, G.F.M. Nijland, X.E.N. Visscher, A.A.M. Wagelaar, H.H.W. Winkelhuis en M. (Mevlid) Yildirim de heer J.H. Brokers, griffier de heer R.G.H. Christenhusz, wethouder mevrouw M.E.A. Rödel, wethouder de heer M. (Murat) Yildirim, wethouder mevrouw E.C. Zinkweg-Ankone, wethouder
Afwezig:
de heren H.W.M. Snijders en R.T. Wienk
Algemeen De voorzitter: Goedemiddag. Het is 4 uur. Ik constateer dat nog niet iedereen er is. Wellicht ligt dat aan het tijdstip. Dus ik wacht nog een minuutje en dan wilde ik toch beginnen. Dan ben ik ook gesetteld dus er zit ook nog een klein beetje eigen belang. Over een minuut. Goed, welkom allemaal. Een minuut over 4, een minuutje later dan de bedoeling. Maar we gaan wel van start. Dat doe ik met in ieder geval te melden dat wij drie berichten van verhindering binnen hebben gekregen. De heer Wienk, de heer Snijders en de heer Kramer. De laatste komt wat later dus zal iets later weer aansluiten. Dus dat is mooi. Daarmee de opening en berichten van verhindering vermeld. 1. Vaststellen agenda De voorzitter: Dan ga ik naar het vaststellen van de agenda. Kan die op uw instemming rekenen? Daarbij in acht nemend dat er een tweetal moties vreemd bij de griffie zijn binnengekomen en die zijn ook opgeladen. Ik ga ervan uit dat dat uw instemming heeft. Maar ik vraag het toch nog even voor de zekerheid. Dat is het geval. Dan zijn die opgenomen zoals u al zag als agendapunt 10. 2. Vaststellen notulen van de vergaderingen van a. 30 mei (besloten deel) en b. 20 juni 2022 De voorzitter: Dan ga ik nu naar het vaststellen van de notulen van de vergadering van 30 mei jongstleden. Dat was een besloten deel en de besluitenlijst en de notulen van 20 juni, beiden.
Vooraf heeft zich niemand bij ons gemeld. Mag ik daarmee constateren dat er ook geen opmerkingen over zijn? Dan is dat mooi. Dan bij deze afgetikt en aangenomen.
-1-
3. Vaststellen lijst van ingekomen stukken A
Algemene stukken voor kennisgeving aan te nemen - zie link naar lijst De voorzitter: Dan ga ik naar het vaststellen van de lijst van ingekomen stukken. Dan begin ik bij 4A, algemene stukken voor kennisgeving aan te nemen en daar is ook een link toegevoegd voor de lijst. Ook daarvoor heeft zich niemand gemeld. Dan is die bij deze afgetikt.
B
Vragen volgens art. 4.7. van het Reglement van orde voor de raad 2018 De voorzitter: Dan ga ik naar 4B, vragen volgens artikel 4.7 van het reglement van orde voor de raad 2018. Ook daarvoor geldt heeft zich niemand voor gemeld. Dat is nog steeds juist constateer ik. Is ook afgetikt.
C
Raadsinfobrieven De voorzitter: Dan de raadsinfobrieven, 4C. Een vijftal zoals u ziet. Ook daarvoor heeft zich vooraf niemand gemeld. De heer Maartens, ga uw gang. De heer Maartens: Heel kort voorzitter. Met name de vijfde, de analyse van het gemeentefonds, de mei-nota zal ik maar zeggen, of de meicirculaire. Die wil ik wel graag meenemen bij de algemene beschouwingen. De voorzitter: Dank u wel. Daarmee ik teken ik hem wel af dat dat in uw bezit is.
D
Stukken ter afdoening in handen van college te stellen De voorzitter: Dan kom ik bij 4D, stukken ter afdoening in handen van het college te stellen. Ook daarvoor geldt een vijftal. Niet, dan ook bij deze een hamerslag.
E
Stukken in handen van presidium te stellen – Geen De voorzitter: Dan kom ik bij E, stukken in handen van het presidium te stellen, die zijn er niet.
F
Stukken om preadvies in handen van het college te stellen - Geen De voorzitter: Dat geldt ook voor 4F, stukken om preadvies in handen van het college te stellen. U ziet het, daar staat ook geen. Oké. Eigenlijk zouden we dan naar agendapunt 5 gaan, beëdiging van een Forumlid. Maar het betreffende Forumlid heeft verzocht om dat wat later vanavond te doen in verband met voorbereiding op examens. Dat snappen we uiteraard. Dus we proberen dat zo rond de klokslag van half 9 te doen. Het is aan u allen of dat gaat lukken maar ik ga er vanuit dat ons dat gaat lukken. Ik zal in ieder geval samen met de griffier in de gaten houden dat we daar de tijd voor inruimen.
-2-
B(espreek)-voorstellen 6. Kadernota 2023 (Algemene Beschouwingen) a. WG De voorzitter: Goed, dat betekent dus dat we inmiddels zijn aanbeland bij agendapunt 6. Dat is de kadernota 2023, de algemene beschouwingen. Zoals afgesproken geef ik als eerste het woord aan de WG. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Voorzitter dank u wel. Pipi Langkous zei ooit: ik heb het nog nooit gedaan dus ik denk dat ik het wel kan. Onder dat motto is WG Oldenzaal na de verkiezingsuitslag als grootste partij de samenwerking aangegaan met de overige zes fracties in de Oldenzaalse raad. Het is ons gelukt om in een hele korte tijd tot een stevige coalitie te komen met een goede balans tussen vernieuwing en bestuurlijke ervaring. In plaats van te vergaderen over punten en komma’s hebben we snel en op een transparante wijze een portefeuilleverdeling gerealiseerd die past bij de gekozen portefeuillehouders. In plaats van tijd te stoppen in onderhandelen en vergaderen over een coalitieakkoord hebben we raadsbreed acht thema’s gekozen die we gaan uitwerken tot een raadsprogramma op hoofdlijnen. Met het raadsprogramma willen wij het college richting meegeven. Daarbij zoeken we dus niet naar wat ons onderscheidt maar wat ons bindt. We hebben als raad de afgelopen weken geïnvesteerd in het invullen van de eerste van de acht thema’s, de binnenstad. Op onze manier en in een eigen regie en dat is ons gelukt.
Zonder hulp van dure bureaus, ook al hadden we het nog nooit gedaan. Bij het bespreken van het thema binnenstad is ook gesproken met en over Oldenzaal Promotie. Naar aanleiding daarvan hebben wij nog twee vragen voor het college. Heeft het college inzicht in de inkomsten die Oldenzaal Promotie genereert door de advertentieborden? De tweede vraag: gaat er een gat in hun begroting ontstaan nu de digitale borden er nog niet zijn? Het afgelopen traject voor een raadsprogramma geeft ons het vertrouwen dat we ook de andere zeven thema’s vorm kunnen geven. Die pakken we met zijn allen op na het zomerreces. Dat wordt hard werken maar we hebben er vertrouwen in dat het programma er voor de begrotingsbehandeling ligt. WG Oldenzaal heeft tijdens de vorige raadsperiode een koerswijziging ingezet naar een nieuw WG Oldenzaal, naar een WG 2.0. Wij geven om Oldenzaal. Daar hoort ook een nieuwe vorm van politiek bij. Nog meer samenwerken, meer verbinden, meer ontmoeten en meer transparantie. Wij vliegen de kadernota anders dan anders aan. Dit omdat het raadsprogramma nog niet klaar is en dit anders dan anders houdt voor vandaag in, dat wij niet komen met moties. Na het zomerreces gaan we met alle fracties in volle vaart verder met het verder vullen van het raadsprogramma. Daarbij doen wij een beroep aan alle fracties.
Onze volle inzet is nodig om het raadsprogramma gereed te krijgen in oktober. Uiteindelijk maken wij dan een totale afweging van het financieel overzicht in de raad, bij bespreking van de begroting. Laten we daar met elkaar ook pas dan het inhoudelijke debat voeren inclusief de financiële paragraaf en niet nu al. Het college beperkt zich in de voorliggende kadernota tot het invullen van de programma’s vanuit het drie o-principe: onvoorzien, onvermijdelijk en onuitstelbaar. Het college adviseert in de voorliggende kadernota om terughoudend om te gaan met nieuwe beleidsvoornemens en om gesignaleerde risico’s waar mogelijk af te dekken. Ook het college kiest voor een beleidsarme kadernota aangezien ook zij geen voorschot wil nemen op het raadsprogramma dat gemaakt wordt. WG Oldenzaal is het ermee eens dat we behoedzaam financiële keuzes moeten maken. Wij stellen ons voor dat het college ook al heeft nagedacht over de invulling van de acht thema’s die in het raadsprogramma worden uitgediept. En dat er in samenwerking voldoende financiële ruimte gevonden wordt om aan de slag te gaan met de uitwerking van het raadsprogramma. Onze oproep daarin is: geef ons als raad ruimte. Ruimte om bij te sturen, maar ook ruimte om te kiezen in -3-
scenario’s. WG Oldenzaal komt bij deze beschouwingen dus niet met moties. Wel willen we graag vier thema’s benoemen waar we tijdens de begrotingsbehandeling in november extra aandacht voor gaan vragen. De eerste is armoedebeleid. Ondanks een stabiele uitvoering van het sociaal domein, een goed georganiseerd sociaal vangnet en inzet van inkomensvoorziening voor inwoners die zelf niet in staat zijn eigen inkomen te verdienen, bestaat er in Oldenzaal nog steeds armoede. En wat ons ontzettend pijn doet; is dat armoede ook zijn weerslag heeft op de kinderen in onze stad. Vaak horen we in Oldenzaal dat in onze stad iedereen gelijk is. In de praktijk is dat helaas niet het geval. Alle inspanningen ten spijt: de kloof tussen rijk en arm bestaat nog steeds en lijkt helaas soms eerder groter dan kleiner te worden. WG Oldenzaal zet zich in voor een kansrijke samenleving voor iedereen, voor alle inwoners. Wij gaan een oproep doen om dat door alle thema’s heen terug te laten komen. Thema twee, energietransitie. Het klimaat verandert wereldwijd sneller dan verwacht, ook in ons Stedke. Het klimaatbestendig maken van de leefomgeving is daarom van groot belang. Een uitdaging om hiervoor met alle inwoners de juiste maatregelen te nemen en daar SAMEN mee aan de slag te gaan.
Dat doen we niet alleen voor onszelf, maar ook voor onze kinderen, onze kleinkinderen en de generaties die daarna nog volgen. Bij veel onderwerpen voelen we ons ineens allemaal wetenschappers. Laten we daarmee ophouden en laten we luisteren naar mensen die er echt verstand van hebben. Er zijn veel dingen die wij al zelf kunnen doen, nu. Vergroenen, verblauwen, tegelwippen en geveltuintjes creëren, o zo simpel. Laten we daar vol op inzetten en laten we voor die geveltuintjes in de binnenstad een vergunningverlening dan ook zo simpel mogelijk maken. Maar wat misschien nog wel het meest belangrijkste is: als we geen energie verbruiken, hoeven we het ook niet op te wekken, hoeven we geen gas uit de grond te halen en hoeven we daar ook geen geld voor te betalen. En hier kan iedereen een steentje aan bijdragen. Dus: als we onze huizen beter weten te isoleren en ook andere energiebesparende maatregelen aanbrengen is dat direct beter voor het milieu en onze portemonnee. Laten we gas geven om minder gas te gebruiken. Samen met alle stakeholders en partners, denk daarbij onder andere ook aan Boeskoolstroom! Wij roepen WBO op om niet te wachten, maar om daar nu al mee aan de slag te gaan.
In ons verkiezingsprogramma hebben wij opgenomen dat wij graag een duurzaamheidsfonds willen instellen vanuit leningen aan inwoners kunnen worden verstrekt om aanpassingen op het gebied van energiebesparingen en isolatie te kunnen betalen. We zijn blij dat de inzet van het energiefonds voor verduurzaming van bedrijven en maatschappelijke organisaties is verlengd. We willen dit soort regelingen ook beschikbaar maken voor alle inwoners. Een fonds veur leu met ’n kleane knip. Deze en nog veel meer opties en ideeën nemen wij mee tijdens het bespreken van de thema’s Wonen en Klimaat. Thema drie, Kijk op de Wijk. In je eigen buurt hoor je de verhalen over wat er goed of minder goed gaat. Hier begint de aanzet tot vernieuwing en sociale ontwikkeling van de wijk. Dat is precies datgene waar WG Oldenzaal in 2019 in heeft geïnvesteerd in de wijk De Thij. In een krappe 3 maanden tijd hebben wij meer dan 20 partijen gesproken, van kerken tot scholen, van sportverenigingen tot ondernemers. Dat heeft geleid tot ‘Kijk op de Wijk, De Thij’. In dit boekje staan tal van handvatten, aangedragen door de wijk zelf, hoe de wijk nog mooier kan worden. Van een 9.0 naar een 9.1. En dat gunnen we alle wijken in Oldenzaal. Dit boekje is op 7 februari 2020 door twee bewoners van de wijk aangeboden aan ons college; zij heeft toegezegd met de aanbevelingen aan de slag te gaan.
Tijdens het behandelen van het thema ‘Binnenstad’ zijn veel onderwerpen besproken. De wijk Zuid Berghuizen, ons heuse dorp in onze stad, heeft tijdens haar symposium van 24 juni al een geweldige aanzet gegeven voor een eigen Kijk op de Wijk. In onze beleving zou de wijk De Essen een logisch vervolg kunnen zijn. Onze vragen over dit thema zijn: met welke aanbevelingen uit het boekje Kijk op de Wijk, De Thij is het college al aan de slag gegaan? Hoe denkt het college over het stoppen van capaciteit in een Kijk op de Wijk in andere wijken in Oldenzaal? Welke stappen gaat het college daar de aankomende periode op in zetten? Het vierde thema waar we aandacht voor willen vragen is: inclusieve samenleving. Een inclusieve samenleving is een open gemeenschap waar iedereen ertoe doet en van waarde is, ongeacht verschillen die er natuurlijk zijn. -4-
Iedere inwoner moet op zijn of haar manier mee kunnen doen in de Oldenzaalse samenleving. WG Oldenzaal staat voor gelijke kansen, iedereen is uniek en verdient gelijke kansen om er het maximale uit te halen. En toch zijn we allemaal verschillend. Op 15 juni jongstleden stond er een artikel in de Tubantia onder de titel: wachtwoord inclusiviteit. Een artikel dat gaat over de kenmerken van een inclusieve samenleving, met elementen uit ons hart gegrepen. Een citaat uit het artikel: het maakt niet uit wie die kraan maakt, als hij maar gemaakt wordt. Vorige maand hebben we een fantastisch sportevenement in Twente gehad: de Special Olympics. Een event waarin uitdrukkelijk naar voren is gebracht dat iedereen moet kunnen sporten. Dat iedereen kansen verdient, ondanks zijn of haar beperkingen. Over dit onderwerp willen wij het college graag nog twee vragen stellen: hoe wordt op dit event een vervolg gegeven? Op welke wijze wordt het WMO-beleid in Oldenzaal t.a.v. sportinstrumenten vormgegeven? WG Oldenzaal zet zich in om de afstand tussen de inwoners en de politiek te verkleinen. Dat doen we door veel samen te werken en door verbindingen te leggen. We hebben het dan over álle inwoners. Natuurlijk hebben we veel aandacht voor onze ouderen en mensen die extra zorg nodig hebben. Maar laten we de komende jaren ook extra aandacht hebben voor onze jongeren. Zij zijn onze toekomst.
Zonder onze jongeren zou de stad verworden tot een groot bejaardentehuis. Dus moeten we er voor zorgen dat we de jeugd aan Oldenzaal binden. Laten we ervoor zorgen dat hun stem gehoord wordt. Er zijn heel veel thema’s waarbij wij de jeugd echt zullen moeten betrekken. Als eerste denken we dan natuurlijk aan het thema wonen. Maar ook bij de anderen: klimaat, binnenstad, cultuur, sport en ga maar door. Zij zijn een belangrijke, onmisbare partner. WG Oldenzaal gelooft in de kracht van de gemeenschap. Door samen te werken met tal van organisaties en stakeholders, van individuele burgers tot allerlei maatschappelijke organisaties, samen met alle politieke partijen. Zo maken wij Oldenzaal mooier, sterker en leefbaarder. Wij zeggen steeds dat we als WG Oldenzaal onze stad een stukje mooier willen maken. Daarmee bedoelen we eigenlijk dat wij het welzijn, het welbevinden van onze inwoners willen vergroten. Dat moet de rode draad zijn door ons raadsprogramma. En daarop aansluitend: we moeten onze begroting zo opstellen dat we streven naar meer welzijn, naar meer geluk. Tijdens het symposium in Berghuizen noemde Jan Olde Kalter het al erg treffend; we moeten WELZIJN boven WELVAART durven stellen. Het kan geen toeval zijn dat de Twente Board onlangs een onderzoek voor heeft uitgezet onder alle Twentse inwoners; een onderzoek naar het Bruto Twents Geluk, naar de kwaliteit van het leven.
Welzijn bepaalt hoe we met elkaar omgaan. Als mensen zich wel bevinden, als ze wel zijn, heeft dat een positieve invloed op iedereen: op hun straat, hun wijk, hun stad. Bij ons 50-jarig jubileum hebben we onze naam veranderd van Werknemers Groepering naar Wij Geven om Oldenzaal. Die eerste naam dekte namelijk al lang de lading niet meer. Wij Geven om Oldenzaal doet dat wel. Wij willen dat onze inwoners zich in onze stad welbevinden, dat ze wel zijn. En daar gaan we ons in de komende jaren weer keihard voor inzetten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar D66. Oh u heeft nog een aantal vragen. Dan gaan we dat doen. De heer Visscher: Voorzitter dat weet u toch inmiddels. De voorzitter: Dus als mevrouw Oude Engberink nog even wil blijven staan. De heer Visscher: Dank u wel voorzitter. Ik moet heel eerlijk zeggen dat ik dit meer een reclamespotje vond voor de WG dan dat het een algemene beschouwing was maar goed dat is aan jullie, daar ga ik verder niet tussenin zitten. Ik heb twee vragen. Eerste vraag gaat over de opmerking over dat we uiteindelijk later pas een totale afweging maken over het financiële overzicht. Nu begrijp ik dat we straks als het raadsakkoord klaar is dat we gaan bepalen waar dat geld naartoe gaat. Maar ik ben toch eigenlijk wel benieuwd hoe de WG tegenover de huidige financiële staat van de gemeente -5-
staat. Daar ben ik toch wel een beetje benieuwd naar. Een tweede vraag gaat over het verhaal van de tij. Ik lees van een 9.0 naar een 9.1. Dan denk ik, als mijn kinderen met een 9.0 thuiskomen dan ben ik een week dronken en dan ga ik ze niet vragen of je alsjeblieft een 9.1 wil halen. Dus ik vraag mij af: wil de WG echt dat we daar beleid op gaan voeren als iets al een 9 is. Dan zie ik als eventueel vervolg De Essen. Maar dan denk ik, ik las laatst dat de wijk Glinde-Hooiland dat daar in potentie nogal wat drugsgevaar zit. Dus misschien moeten we daar dan eerst onze pijlen op richten voordat we een wijk die al heel erg goed is nog beter gaan maken. Dat tot slot mijn twee vragen. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Dank u wel voorzitter. Allereerst, hoe WG Oldenzaal op dit moment denk over de stand van de financiële zaken. In het politiek forum hebben we ook al aangegeven dat we ons zorgen maken over de financiële stand van zaken van de gemeente. In de kadernota heeft het college al een aantal richtingen voor aangegeven maar geeft ook aan heel erg terughoudend en zorgvuldig te zijn als het gaat om het inzetten van nieuw beleid en financiële keuzes. Volgens mij is het aan ons als raad om daar uiteindelijk ook de keuzes in te maken. Dus ik denk dat zorgvuldigheid en voorzichtigheid heel erg op haar plaats is als het gaat om het maken van financiële keuzes.
U geeft dan ook aan: in hoeverre zou dat dan passen in de planning om daar tot die financiële keuzes te komen? Daarmee bedoelen we dat we vooral ook eerst met de raad moeten kijken hoe het raadsprogramma eruit ziet en dat we dan met elkaar moeten kijken welke financiële keuzes willen we daarin nemen. Wij roepen het college op om ons daar de ruimte in te geven. Maar we hebben ook al eerder daarover gesproken. Het is ook aan ons om daar keuzes in te maken een daarin het college de opdracht toe te geven om dat uit te voeren. Dan stelt u een vraag: het cijfer 9.0 naar 9.1. Dat is niet iets wat wij zelf hebben bedacht dat is het cijfer 9 hebben de inwoners van wijk De Thij zelf gegeven aan hun wijk. We hebben in het boekje een aantal aanbevelingen en tips staan waarin de inwoners zelf hebben aangegeven hoe ze de wijk nog mooier kunnen maken. Dan is het cijfer 9.1 is een fictief getal. Dus de inwoners geven een 9 maar om de wijk nog mooier te maken hebben de inwoners daarvoor een aantal tips meegegeven, die staan in het boekje beschreven en dan hangen wij daar een 9.1 aan. Maar goed als we een 9 stabiel kunnen houden dan zijn we natuurlijk ook al ontzettend tevreden. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog even rond. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Nog een vraag. De voorzitter: Ik dacht dat het twee vragen waren. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Nee het waren er drie.
U geeft aan: wij pleiten voor Kijk op de Wijk, wij stellen voor De Essen. Maar uiteraard staat het ook vrij om in de raad te kijken: op het moment dat we doorgaan met kijken op de wijk dan zullen we denk ik in onderling overleg wel tot een goede keuze kunnen komen. Dat zou een andere wijk dan De Essen kunnen zijn. We zouden misschien wel meerdere tegelijk kunnen toepassen. De voorzitter: Mooi. Dan kijk ik nog even rond of er andere fracties, CDA, de heer Maartens. De heer Maartens: Toch even op dat Kijk op de Wijk. Iedereen hier weet dat ik uit Berghuizen kom. We hebben in Berghuizen, ik benoem het toch maar zo nu en dan, is heel bewust de keuze gemaakt om dat in de wijk zelf te doen met ongeveer honderd wijkbewoners. Ik ben heel erg bang dat we als overheid een kijk op de wijk gaan maken voor wijken. Daar moeten we vooral verre van blijven denk ik. Ik denk dat het vooral aan de wijkbewoners zelf is. Dus ik zou het heel mooi vinden als we met elkaar die wijken uit kunnen dagen om zelf het edele handwerk op te pakken en dat te gaan doen. -6-
Maar vooral niet de overheid of de politiek die dat soort dingen gaat organiseren voor wijken. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Daarop reagerend. Daar zijn we het uiteraard volledig mee eens. Het moet ook vanuit de intrinsieke motivatie van de wijk zelf komen. Maar ik zou wel graag het college willen uitdagen om met die wijk in gesprek te gaan om te polsen wat de behoefte is aan de stukken in ondersteuning. De voorzitter: Ik kijk nog even rond. Niet. Dan, dank u wel. b. D66 De voorzitter: Dan ga ik naar D66. Mevrouw Ailo-Zaia: Voorzitter, voor u staat een tevreden D66-raadslid. Op dit moment zijn wij als raad bezig met het opstellen van een raadsprogramma. Een raadsprogramma dat het beste met de Oldenzaalse inwoners voor heeft. Wij hebben met ons allen ja gezegd tegen dit experiment en daarmee slaan wij de handen ineen. D66 is enthousiast over dit proces. Het thema Binnenstad is bijna afgerond. We zien dat de raad echt samen vooruit wil om de inwoners zoveel mogelijk van dienst te zijn. Helaas is het ambitieuze plan om 3 thema’s voor de kadernota af te hebben niet gelukt. Toch zijn wij positief en trots dat we samen op constructieve wijze, met hulp van onze ambtenaren en stakeholders, ver zijn gekomen met het thema Binnenstad. We kijken uit naar het proces en de samenwerking over de nog te behandelen thema’s. D66 blijft bij deze nota bescheiden met moties en amendementen.
In dit stadium wil D66 samen met de andere partijen invulling geven aan het raadsprogramma. Een punt waar we ons inziens de komende tijd rekening mee moeten houden is dat een financiële buffer nodig is om enerzijds onze inwoners van dienst te zijn en anderzijds onvoorziene omstandigheden aan te kunnen. We lezen immers financiële meevallers die het rijk ons gegeven heeft. Bijvoorbeeld coronagelden en opschalingskorting, maar ook meerkosten waar we iets mee moeten zoals Jeugdzorg, WMO en Buig. Bovendien wordt de raad regelmatig geconfronteerd met de vraag naar extra budget om beleidsuitvoering daadwerkelijk mogelijk te maken. En dan rest ons ook de jaarlijkse taakstellingen tot 2024 met bedragen tussen de 2 en bijna 2,8 miljoen. De grote mate van onvoorspelbaarheid maakt dat we als raad behoedzaam met gemeentelijk geld om moeten gaan. We gaan samen als raad op zoek naar kansen om nieuw beleid mogelijk te maken waar onze inwoners enthousiast over worden. Voorzitter, wat verwachten wij van het college tot aan de begrotingsbehandeling van november 2022? We vragen het college flexibel te zijn en orde op zaken te houden. De basis van de werkzaamheden vloeit voort uit het raadsprogramma, maar die is nog niet af. Daarom verzoeken wij het college om vooral bij politiek-gevoelige onderwerpen tot aan de begrotingsbehandeling terughoudend te zijn.
Vooruitlopen op het raadsprogramma kan leiden tot tegenstrijdigheden die we zo kunnen voorkomen. Uiteraard kan het college wel uitvoering geven aan raadsbesluiten op basis van afgeronde thema’s. Tegelijkertijd kan het college kansen benutten door alvast op zoek te gaan naar verschillende subsidiemogelijkheden op provinciaal, landelijk of EUniveau. De subsidies helpen de gemeente, inwoners, scholen en bedrijven een handje mee in, bijvoorbeeld, de bekostiging van duurzaamheidsplannen. Alle kleine beetjes zijn van harte welkom! Het zal u niet verbazen, voorzitter, dat D66 zich grote zorgen maakt om de hedendaagse ontwikkelingen en de gevolgen daarvan op onze samenleving. De oorlog in de Oekraïne, de stikstofproblematiek, het woningtekort, en het wellicht opnieuw oplaaien van corona kunnen grote negatieve gevolgen hebben. De effecten op de lagere inkomensgroepen kunnen groot zijn, ook in Oldenzaal. Denk aan de kosten voor energie en de boodschappen. Hierdoor zal de armoede toenemen. De hulpvragen zullen dan ook toenemen. Kan ons armoedebeleid dit dan nog aan? Wat -7-
zijn de gevolgen voor MKB’ers in de aanvoer en afzet van producten en personeelsbezetting? Ook de gemeente heeft te kampen met tekorten in het ambtelijk apparaat. We moeten ook niet vergeten dat juist in onzekere tijden preventie uiterst belangrijk blijft: voorkomen is beter dan genezen. Zo is dure zorg niet altijd nodig als er op tijd hulp komt. We zijn dan ook erg blij met het lezen van de aanpak van het college om preventie en maatwerk toe te passen. Er vindt nu meer vroeg signalering plaats op basisscholen. Met Talenthouse Studio 15 zijn wij overtuigd van een positieve prikkel voor jongeren die anders niets te doen hebben. Verder moeten we op zoek naar nieuwe kansen om de energiearmoede van huishoudens met een laag inkomensniveau te beperken. Alleen subsidies verstrekken om de rekening betaalbaar te houden, lost het probleem helaas niet op. We helpen inwoners door faciliterend op te treden om het energieverbruik te verlagen. Tijdelijke maatregelen zijn bijvoorbeeld het gratis beschikbaar stellen van tochtstrippen. Het vertrouwen in een plan van aanpak en het vertrouwen in elkaar moet weer opgebouwd worden. Ik herhaal het nogmaals: het vertrouwen in een plan van aanpak en het vertrouwen in elkaar moet opgebouwd worden. Dit kan alleen als wij als gemeente het goede laten zien en onze verantwoordelijkheid durven op te pakken.
Een eerste aanzet in Oldenzaal is het raadsprogramma waar we met alle politieke partijen aan werken. We kunnen onze verantwoordelijkheid ook op andere fronten pakken. De situatie in Ter Apel is inhumaan en de morele verantwoordelijkheid ligt bij alle gemeentes in Nederland. We zouden ons moeten beraden en kijken naar wat mogelijk is voor de opvang van vluchtelingen uit onveilige landen en statushouders. Het is jammer te zien dat er een klein aantal langdurig leegstaande woningen zijn, terwijl mensen elders geen dak boven hun hoofd hebben. We vragen het college hier aandacht aan te geven. Diezelfde statushouders, waarvan onze gemeente verplicht is om jaarlijks een aantal van op te vangen, zouden ons op hun beurt kunnen helpen door het personeelstekort in sommige sectoren te verminderen. Een win-winsituatie. Kansen die wij in Oldenzaal kunnen benutten. Voorzitter, rest ons nog drietal opmerkingen ten aanzien van nieuw beleid. D66 is zeer verheugd over het realiseren van audiovisuele middelen voor een raadszaal en een derde ruimte. Ja, het kost wat. Het is echter een investering die ervoor zorgt dat geïnteresseerde inwoners makkelijker politieke besluitvorming kunnen volgen en daardoor dus meer vertrouwen in ons kunnen krijgen. D66 is ook zeer verheugd met de al eerder genoemde Talenthouse Studio 15. Het is een preventiemaatregel die zich ons inziens op termijn terugbetaalt.
Talenthouse Studio 15 heeft tot doel om met behulp van cultuur een stimulans te geven voor talentontwikkeling, actieve participatie en nieuwe activiteiten van en voor jongeren. Dan de website Sociaal Plein Oldenzaal. Wij begrijpen dat de opstartkosten 75.000 euro bedragen, maar wachten nog op een overtuigend antwoord van het college waarom wij structureel 75.000 euro opzij moeten leggen om de website in leven te houden. Ons inziens is een structureel bedrag tussen de 30.000 en 40.000 euro reëler. Ik kom tot een afronding, voorzitter. Waar een wil is, is een weg. Beste raadsleden, samen bereiken wij meer! Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even rond. De VVD in ieder geval. De heer Visscher. De heer Visscher: Dank u wel voorzitter. Ik heb ook aan mevrouw Ailo twee vragen. De eerste vraag gaat over haar opmerking over dat ze het college vraagt om terughoudend te zijn bij politiekgevoelige onderwerpen. Ik ben even benieuwd wat mevrouw Ailo daar precies mee bedoeld. Het college moet de stad besturen. Volgens mij bepalen zij niet of zij een politiek-gevoelig onderwerp wel of niet behandelen. Alles wat voorkomt moet volgens mij gewoon behandeld. Ik ben daar even benieuwd naar. Dan de opmerking van mevrouw Ailo over Talenthouse Studio 15. Mevrouw Ailo is de eerste die erover begint dus vandaar dat ik nu mijn vraag stel.
Want ze stelt dat het een hele positieve prikkel is voor jongeren die anders niets te doen hebben. Maar dan ben ik even benieuwd over welke jongeren gaat het dan? Want ik lees in het verhaal dat het gaat om jongeren tussen de 14 en de 30. Wij vroegen ons als fractie af: een jongere die rond de 25-30 is, moet die niet gewoon aan
-8-
het werk zijn in plaats van gitaarles bij impulsstudio 15 te volgen? Dus ik ben even heel erg benieuwd hoe D66 daarnaar kijkt. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Ailo-Zaia. Mevrouw Ailo-Zaia: Dank u wel voorzitter. De eerste vraag richting voor wat betreft politiek-gevoelige zaken waar het college dan al dan niet iets van moet vinden en daarnaar moet handelen. Ik denk wat we nu in de kadernota hebben gezien dat het een goed voorbeeld is van waar het college op dit moment staat tot aan die begrotingsbehandeling. Ja, ze mogen beleidsarm met bepaalde zaken komen maar het gaat dan met name om ongoing concern, iets wat al op de agenda staat waarvan we weten: dit gaat de goede kant op. Daar hoort Talenthouse ons inziens dus ook bij. Dus ik vind dat het goed gaat zoals het nu gaat maar dat we de komende maanden ook op deze voet doorgaan dat de going concern gewoon door blijft gaan en wij als raad aan zet zijn om te kijken waar willen wij de komende tijd ons druk over maken. Dan de tweede vraag over de Talenthouse 15. Om welke jongeren gaat het? Ik heb dit eigenlijk al vaker binnen de raad gezegd en ik moet er helaas ook iedere keer op terugkomen want ik heb het gevoel dat dat toch niet overkomt. Wij zitten hier met een bepaalde groep mensen die het goed voor elkaar heeft. We hebben een goede baan, onze kinderen doen het goed op school, we kunnen ze alles bieden.
Maar er zijn heel veel mensen die dat gewoon niet hebben. Ik hoorde volgens mij ook vanuit de WG, kansengelijkheid dat roep je heel makkelijk maar dan betekent het niet dat het er ook daadwerkelijk is. Daar doel ik op. Bij Talenthouse Studio 15 worden jongeren tot aan 30 jaar gevraagd om te komen. Er zijn er genoeg bij die gewoon geen werk hebben. Wat is beter, de hele tijd achter de computer zitten en niksen of dat ze even daarheen gaan? Of hangjongeren die tussendoor even niks te doen hebben, in plaats van dat ze buiten zijn dat ze even naar de talenthouse kunnen om iets te kunnen doen met zijn allen op een positieve manier inbreng geven aan hun tijdverdrijf. Dat is hoe wij ernaar kijken. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog even richting de heer Visscher. Ik zie een hand dus de heer Visscher. De heer Visscher: Dank u wel voorzitter. Volgens mij gaat dit niet over gelijke kansen. Het gaat over weer een preventiemiddel wat we inzetten terwijl we nog helemaal niet in beeld hebben wat onze preventie eigenlijk oplevert. Maar als ik dan zie tot 30 jaar. We leven in een tijd dat er geen banen eigenlijk zijn meer want alles is vol. Sorry, ik zeg het verkeerd. Er zijn juist heel veel vacatures maar er zijn geen mensen om het in te vullen. Volgens mij iemand van 6-7-8-29 die hoeft niet heel veel moeite te doen om aan een baan te komen of voor een dagelijkse invulling.
Dus volgens mij hebben we dit niet nodig. Maar daar kom ik straks nog op terug. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik weet niet of u nog wilt reageren. Ja ga uw gang. Mevrouw Ailo-Zaia: Ik wou zeggen dat ik graag zou willen dat dat niet het geval was maar dat is helaas wel zo. Sommigen kunnen dat gewoon zelf niet bijbenen. Misschien is het dan via Talenthouse wel mogelijk om ze weer die stimulans te geven verder te kijken dan alleen thuis of alleen ergens rond te hangen. Ik denk dat dat echt een preventiemaatregel is waarbij wij wel een verschil kunnen hebben in kijk. Maar wij denken door op tijd met dit soort zaken te komen juist in een binnenstad, dan zorg je ervoor dat zo een jongere gezien wordt, gewaardeerd wordt en dan het gevoel heeft: hey laat ik eens iets doen waar ik mee verder kom. Daar staan wij echt volledig achter. Daar zijn we ook blij mee dat het college daarmee is gekomen.
-9-
De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog even rond of er vanuit andere fracties raadsleden. Dat is niet het geval. Dank u wel. Dan ga ik nu naar het CDA. Ik denk de heer Maartens. c.
CDA De heer Maartens: Dank u wel voorzitter. Het is niet de eerste die het zegt. Voor de periode 20222026 is er geen coalitieprogramma omdat deze raad heeft verstandige besluit genomen heeft om met alle partijen gezamenlijk te gaan werken aan een raadsprogramma op een achttal thema’s. Er is ook nog geen raadsprogramma. De raad heeft inmiddels wel een begin mee gemaakt met één thema, de binnenstad. Vanavond na deze raad evalueren we nog het verloop van het proces om daarna, wat ons betreft nog voor de begrotingsbehandeling, de zeven andere thema’s uit te werken. Dat totale proces moet uiteindelijk de kaders voor het college voor de huidige raadsperiode opleveren. Op basis daarvan kan het college dan een actieplan of een collegeprogramma of hoe je het ook maar noemen wilt maken voor de komende jaren en aan deze raad voorleggen zodat we met elkaar ook samen daar de politieke discussie eventueel over kunnen voeren. Om dat proces niet te verstoren zal ik nu hooguit zijdelings ingaan op de acht thema’s van het nog te ontwikkelen raadsprogramma. Dat betekent niet dat wij als CDA, het college, geen kaders willen meegeven voor de begroting 2023. Dat is zeker wel het geval. Ik begin met intergemeentelijke samenwerking. In NOT-verband samenwerken op gekozen onderwerpen, bijvoorbeeld het backoffice sociaal domein.
Dat doen we inmiddels en dat loopt volgens de informatie die wij van het college krijgen goed, een hele mooie ontwikkeling dus. Voor de toekomst de ambtelijke organisaties in elkaar vlechten om kennis en slagkracht te vergroten en vervangbaarheid te verbeteren, een ambtelijke fusie noemen we dat ook wel, is wat ons betreft prima. Dat moet wat ons betreft dan wel leiden tot de voordelen zoals ik die net noemde en vooral ook niet tot meer kosten maar wel weer tot kwaliteitsverbeteringen. Een eventuele logische vervolgstap daarop, soms kijk ik ook wat verder in die toekomst, zou natuurlijk een bestuurlijke fusie kunnen zijn, naar één gemeente Noordoost-Twente. Als CDA willen we dat niet uitsluiten maar voorlopig is dat voor het ons nog wel een brug te ver. Eerst maar eens werken aan een solide en succesvolle ambtelijke samenwerking. Wel willen we nu al graag de toezegging dat onze inwoners, als die bestuurlijke samenwerking ooit actueel wordt, nauw betrokken worden bij de besluitvorming. Sterker nog, we willen graag dat u onderzoekt op welke manier inwoners dan kunnen meebeslissen. Samenwerken kun je natuurlijk veel breder maken. Dat kun je ook met andere organisaties, wij denken daarbij aan de grote Twentse gemeentes. Ook dat juichen wij toe.
Op die manier kun je als kleinere gemeente extra expertise en vaardigheden binnen halen die je normaal gesproken zelf niet in huis hebt en waarvoor je dan extern moet inhuren tegen vaak hoge tarieven. Vraag: deelt het college deze visie en gebeurt er al iets met externe inhuur bij collega-gemeentes? Dan het onderdeel, nieuw beleid zoals het in de kadernota staat en voor zover we daar opmerkingen over hebben. De Omgevingswet. Volgende week, 11 juli worden we als raad verder geïnformeerd over de invoering daarvan. Landelijk staat die invoeringsdatum opnieuw ter discussie. Wij willen eigenlijk wel graag horen, hoeft niet vandaag maar wel op 11 juli, van het college horen hoe de kans wordt ingeschat dat de invoering opnieuw wordt uitgesteld. Wij schatten zelf in dat geruchten over mogelijke intimidatie van ambtenaren bij Binnenlandse zaken kunnen leiden tot uitstel van behandeling in de Eerste Kamer en daarmee tot uitstel van de invoering. Onze vraag is wel: welke consequenties uitstel zou kunnen hebben voor Oldenzaal, zowel inhoudelijk als financieel? Dan Stadsvisie. Allereerst de vraag of het echt noodzakelijk is die stadsvisie te maken in relatie tot de Omgevingswet en alles wat daarmee samenhangt en dat verband vooral. Maar ook of het echt noodzakelijk is om daar een extern bureau voor in te huren.
Kan dat niet in eigen beheer bijvoorbeeld met extra eigen personeel of met inzet vanuit collega-gemeentes, wat ik in het vorige punt bedoelde, die die ervaring al in huis hebben? Wij willen, voordat we daadwerkelijk aan de slag gaan, in ieder geval van het college een gedegen plan van aanpak en een duidelijk antwoord op de vraag hoe de wijken betrokken gaan -10-
worden daarin. Een stadsvisie is meer dan alleen binnenstad en alles wat daarmee samenhangt, het ook vooral om goed wonen in deze wijken, goed wonen in Oldenzaal. Ik heb net de wijk al even genoemd waar ik zelf woon, Zuid-Berghuizen. Die heeft bijvoorbeeld die eigen wijkontwikkelingsvisie. Ik heb inmiddels vernomen van het bestuur van de stichting Kansrijk Berghuizen dat in 2023 bij opnieuw de grote groep wijkbewoners die wijk fysiek herijkt gaat worden en dus het een bijdrage kan leveren op die manier aan de stadsvisie voor de hele stad. Dan Talenthouse Studio 15. Wat ons betreft eindelijk een idee voor een integraal en vraaggericht dagelijks aanbod gericht op talentontwikkeling voor en door jongeren waarin, Actief na school, jongereninloop paal 12, jongerenwerk en Studio 15 echt samen aan de slag gaan. We willen graag dat u met de initiatiefnemers afspreekt dat ook de jeugdraad actief betrokken wordt bij de in het plan genoemde klankbordgroep, zodat ook vanuit de jeugdraad de inbreng geborgd is. We willen graag een toezegging van het college om aan de voorkant goede afspraken te maken over voortzetting en wijze van financiering van Studio 15 als het een doorslaand succes blijkt te zijn en dat aan de voorkant ook schriftelijk vast te leggen met de organisaties achter Studio 15. Dan het sociaal domein.
De budgetontwikkeling in het sociaal domein blijft zorgelijk wat ons betreft. Zeker nu in de kadernota wordt aangegeven dat nog een flink aantal van de ombuigingen zacht zijn. Naast het idee om bij de begroting 2023 te komen met haalbare dekkingsvoorstellen willen we het college oproepen de als zacht, ik heb het maar vertaald met moeilijk haalbare, voorgenomen ombuigingen alsnog realiseerbaar te maken. In dat verband zijn we ook benieuwd naar het resultaat van het onderzoek om anders om te gaan met de gemeentelijke ziektekostenverzekering bij Menzis. Er zijn gemeentes die daar inmiddels andere keuzes in hebben gemaakt en die ons in ieder geval voor houden dat je daarmee zonder je inwoners tekort te doen toch een aantal bezuinigingen kunt inboeken. Wanneer kunnen we een advies van het college verwachten en de discussie in de raad natuurlijk op de zogeheten oranje maatregelen? De overschrijding van de kosten jeugdzorg zoals die nu in de kadernota staan zijn gebaseerd op de eerste twee maanden van 2022. Nu is ook bekend dat de rekeningen niet altijd op tijd komen en soms wat na ijlen. Twee maanden lijkt ons wat kort om een betrouwbare voorspelling te oden. Wij zouden eigenlijk willen vragen om dat nu na een half jaar de eerste zes maanden zijn voorbij, nog eens goed scherp naar te kijken en voor ons te analyseren.
Wat betekent dat voor de rest van het jaar? Dat zouden we wel graag eind zomervakantie beschikbaar willen hebben. Dan toch iets over wonen. Ook al is het een van de onderwerpen voor ons raadsprogramma. We hebben recent een politiek forum gehad over woonwagenbeleid. Tijdens die bijeenkomst werd al aandacht gevraagd voor het mogelijk maken van Tiny Houses in Oldenzaal. Natuurlijk weten we allemaal dat woonwagens en Tiny Houses twee heel verschillende zaken zijn. We zijn ervan overtuigd dat voor beide vormen van wonen in Oldenzaal belangstelling is. We willen van het college dan ook graag de toezegging om ook voor het ontwikkelen van Tiny Houses op, ik heb hier staan korte maar laten we zeggen niet al te lange termijn beleid te maken. Dan een andere vraag: per 1 juli 2022 moeten er in elke woning op elke verdieping brandmelders geïnstalleerd zijn. We horen uit het land verontrustende geluiden over de stand van zaken bij woningbouwcorporaties. Hebben we enig idee over de stand van zaken bij de WBO? Hebben we zicht op de aanwezigheid van brandmelders in eigen woningen? Hoe gaan we ermee oom? Gaan we hierop handhaven? En zo ja, hoe doen we dat dan? Verkeer en verkeersveiligheid. Sinds een aantal jaren kennen we de verkeersknelpuntenlijst met een prioritering voor de aanpak van verkeersknelpunten.
We horen graag van u of we er ook bij het nieuwe college op kunnen rekenen dat deze lijst halfjaarlijks geactualiseerd wordt en dat we als raad tijdig geïnformeerd worden over ontwikkelingen. Er zijn wat ons betreft nog te veel plekken in de stad waar de verkeersveiligheid in het geding is. Dan de laatste stappen wat ons betreft naar financiën. Ik heb het ook al tijdens politiek forum gezegd, het instellen van een inflatiestelpost op investeringen lijkt ons op voorhand een prima idee. We willen het college vragen vooral ook te kijken naar de mogelijkheid om investeringen waar mogelijk natuurlijk, uit te stellen of verder in de tijd uit te smeren. Ook dat kan helpen om je financiën onder controle te houden. De -11-
vereenvoudiging gemeentelijke belastingen. Er is gekozen voor de vorm van afschaffen hondenbelasting en precariobelasting. Dat juichen wij toe, alleen al vanwege de relatief hoge perceptiekosten. Daarnaast vinden wij als CDA Oldenzaal al langer dat hondenbelasting volstrekt niet meer van deze tijd is en alleen daarom al afgeschaft moet worden. Wat we nu doen is niet meer dan de laatste stap in het afschaffen na meerdere verlagingen. Dat is nooit aanleiding geweest om de OZB te verhogen. Waarom doen we dat nu wel? Desintegratiekosten en eventuele extra kosten voor OZB-bezwaren, die ook in de kadernota staan, zijn wat ons betreft incidenteel en kunnen wat ons betreft beter gedekt worden uit bijvoorbeeld de algemene reserve. Dan lastenverzwaring inwoners. Meerdere collega’s hebben al wat dingen gezegd over de energielasten, de inflatie. Wij zijn van mening dat we juist in die tijd dat inwoners met dergelijke lasten geconfronteerd worden als gemeentelijke overheid lastenverzwaring voor onze inkomens zoveel mogelijk moeten voorkomen. We weten dat het niet gemakkelijk is maar willen het college vragen om het uiterste in het werk te stellen om de gemeentelijke tarieven niet te verhogen en indien enigszins mogelijk zelfs te verlagen. Een mooi kader lijkt ons voor de begroting 2023.
Dan even naar het resultaat 2021, de 7 komma zoveel miljoen toevoegen aan algemene reserve maakt dat we een algemene reserve hebben die prima op peil is. Dat leidt er ook toe dat de weerstandsratio flink toeneemt. We hebben dus weer een flinke spaarpot. Dat is prima en die spaarpot hoeven we ook niet meteen op te maken. Maar het biedt ons wel kansen om eventuele noodzakelijke incidentele kosten hieruit te betalen. Echt tot slot, de doorrekening van de meicirculaire. Het geeft een prachtig mooi beeld, een hele mooie en forse financiële groei voor Oldenzaal weer. Wij zijn het volledig eens met het college om daar uiterst voorzichtig mee om te gaan. De septembercirculaire zou niet voor de eerste keer een flinke correctie zijn op het mooie beeld van de meicirculaire. Daarnaast maken we ons best zorgen om de ontwikkelingen in de wereld. Denk aan de oorlog in Oekraïne, mogelijke uitbreiding op andere plekken, extreem hoge energielasten en forse inflatie en de gevolgen daarvan voor onze stad en haar inwoners. Laten we vooral goed op onze financiën blijven letten. Tot zover voorzitter. De voorzitter: Excuus, dank u wel. Ik kijk even rond, ik zie in ieder geval de VVD, of er nog andere fracties zijn. De SO. Ik begin bij de heer Visscher en dan ga ik naar de heer Bouwman. De heer Visscher: Dank u wel voorzitter. Een opmerking en twee vragen.
De opmerking van de heer Maartens over de stadsvisie in eigen beheer die wil ik eigenlijk wel ondersteunen. Want ik denk dat we eigenlijk in de eerste instantie moeten kijken wat we zelf kunnen. Weer een externe rapportage met weer informatie uitvragen, dan gaat het raadsakkoord dat ook al doen. Dus ik kan mij daar wel in vinden. Dus daar kunnen we het over hebben binnenkort. Dan ik begin weer over Talenthouse 15, blijf ik de hele avond over doorgaan, dan weet u dat vast. Ik hoor in het stuk van de heer Maartens dat er worden vier zaken genoemd: Actief na school, jongereninloop paal 12, jongerenwerk en Studio 15. Dat die nu echt samen aan de slag gaan. Vraag een: waar baseert u dat op dat ze samen aan de slag gaan? Vraag twee is: kunnen we ze dan niet gewoon samenvoegen tot een organisatie? De helft aan de budgetgevers dat we ook nog wat overhouden zodat ook echt gericht is op wat we met elkaar willen bereiken. De laatste vraag die gaat over de hondenbelasting versus de OZB. Ik begrijp, het college heeft de keuze gemaakt om het stukje wat we verliezen aan hondenbelasting in de OZB op te plussen. Ik kan mij ook voorstellen, ik zou het liever ook anders zien. Maar heeft het CDA dan ook bedacht waar we dan op moeten bezuinigingen om dat op een andere manier te kunnen realiseren? Tot zover voorzitter. De voorzitter: De heer Maartens. De heer Maartens: Eerst maar Talenthouse.
Het is heel simpel. Dat staat in het plan van aanpak van Impuls en Kaliber. Dat plan van aanpak heb ik opgevraagd bij de beide partijen om vooral helder te -12-
krijgen: wat willen jullie precies? Wat zijn de doelstellingen die je wilt bereiken? Daar vind je dat in terug. Het klinkt mij te simpel in de oren: laten we die vier dingen dan samenvoegen en dan de helft van het geld eraf halen en ze dan hetzelfde laten doen. Volgens mij kan dat niet. Ook al omdat dat verhaal van naar school vooral bij het onderwijs ligt en de andere dingen ergens anders. Vooral zomaar de helft van het geld eraf halen, dan denk ik niet dat je mag verwachten dat je daarvan een zelfde resultaat krijgt. Ik wil daar nog een kanttekening bij maken. Ik heb ook de term vraaggericht gebruikt. Die vind je ook terug in datzelfde plan van aanpak. Tot nu toe is heel veel in het welzijnsgebeuren aanbodgericht. We hebben iets leuks voor u. Hier wordt het gesprek aangegaan. Wat hebt u als jongeren nodig om die ontwikkeling die meerdere partijen van belang vinden en die kansengelijkheid, om daar gestalte aan te geven? Dan denk ik, als we dat met elkaar kunnen bereiken laten we dat alsjeblieft een paar jaar proberen. De tweede vraag was: help mij even. De heer Visscher: Hondenbelasting en OZB. De heer Maartens: Oh ja, hondenbelasting OZB. Nee ik heb nog geen dekking voor om en nabij een ton. Maar ik ben er ook van overtuigd dat als ik door de begroting heen ga dat ik geheid ergens ongeveer een ton bij elkaar kan harken. Ik denk dat u dezelfde mening hebt.
De heer Visscher: Ik zoek graag mee. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Bouwman. De heer Bouwman: Dank u wel voorzitter. Ik heb een vraag over het puntje wonen. Dan geeft u aan dat u ook op korte slash middellange termijn ook beleid wil voor Tiny Houses. Maar we hebben een taakstelling voor die woonwagenstandplaatsen. We hebben ook een vast woningbouwopgave. In relatie tot de schaarste aan beschikbare grond vraag ik mij even af hoe u dat voor zich ziet. De heer Maartens: Als we serieus nemen wat er in de samenleving gebeurt en daarvoor ben ik in ieder geval ingehuurd binnen mijn eigen partij, dan denk ik dat ik ook niet doof moet zijn voor de geluiden uit die samenleving. Dat geldt voor mensen die een reguliere woning willen. Dat geldt voor mensen die op zoek zijn naar een appartement. Dat geldt dus ook voor mensen die op zoek zijn naar seniorenhuisvesting. Maar dat geldt ook voor mensen die zeggen: ik wil een andere vorm van wonen. Die vorm van wonen is woonwagenbeleid of in woonwagens, die is Tiny Houses. Misschien zijn er nog wel meer. Ik woon zelf in een huis met twee gezinnen, is ook een keuze van onszelf, maar is ook een manier van wonen die niet iedereen doet. Daar kun je voor kiezen.
Ik denk dat je als overheid die vraag in de samenleving, we hadden het net bij welzijn over vraaggericht werken, laten wij als overheid nu ook vraaggericht werken en zeggen: als die vragen in die samenleving is, laten we daar dan goed over nadenken. Bij voorkeur samen met die mensen die die vraag stellen, het nieuwe beleid maken. Dat is mijn antwoord. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog rond of er, de WG, mevrouw Oude Engberink. Mevrouw Oude Engberink-Weideveld: Dank u wel. Niet zozeer een vraag maar wel een opmerking. Wij kunnen ons ook zeker vinden in wat de heer Maartens aangeeft over de stadsvisie en hoe de heer Visscher daarop reageert. We zouden daar prima ook zelf een aantal stappen in kunnen zetten en die middelen daar komen we dan zeker ook wel uit. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dank u wel de heer Maartens.
-13-
e.
VVD De voorzitter: Dan ga ik naar de VVD. De heer Visscher. De heer Visscher: Dank u wel voorzitter. Ik heb wat beelden ter ondersteuning. Voorzitter, vanmiddag bespreken wij een beleidsarme kadernota. Beleidsarm, omdat de Raad een Raadsprogramma verkoos boven een Coalitieprogramma. Een keuze waar ik zo meteen nog op terug kom. Deze kadernota schetst wat ons betreft nog steeds een zorgelijke toekomst. Het lijkt op het eerste gezicht prima, maar onderliggend liggen nog behoorlijk veel gevaren. We hebben de afgelopen vier jaar gepleit voor ruimte in onze financiën en dat blijft ons belangrijkste punt. Als we dat willen bereiken, dan zullen wij daar als Raad anders mee om moeten gaan. Twee weken geleden was ik, het is al eerder gememoreerd, bij het wijksymposium van Zuid-Berghuizen en daar was een interessante lezing van Carint Reggeland. Dat ging over technologische hulpmiddelen in de zorg. Dat was op zichzelf al de moeite waard, maar ik werd getriggerd door hun nieuwe motto: niet langer zorgen voor, maar zorgen dat. Een insteek waarbij men uitgaat van eigen kracht, het maken van eigen keuzes en zoveel mogelijk zelfredzaamheid. Een insteek die ons als liberale partij uiteraard zeer past maar het zou ook wel een insteek mogen zijn die we als raad zouden mogen aannemen.
Wij moeten namelijk voor zorgen dat onze wensen uitgevoerd worden door college en ambtelijke organisatie, wij moeten dus zorgen dat iets gebeurt. Wij moeten zelf niet op de inhoud en details blijven focussen. Ook vandaag, probeer dat altijd beetje anders te maken, lijkt het toch weer uit te monden in een vraag en antwoord spelletje met het college in plaats dat wij als raad met elkaar in debat gaan. Daarom pleiten wij dat we eigenlijk in de komende tijd veel vaker juist met elkaar in debat gaan en werkvormen toepassen waarbij dat kan. En waar nodig ook zonder het college. We zien bij het raadsakkoord dat dat prima werkt. We kunnen ook vragen stellen zonder dat er vier wethouders ons handje vasthouden. Als eerste en belangrijkste voor ons, we moeten zorgen dat wij ruimte in onze financiën krijgen. Ruimte voor nieuw beleid. Financiële ruimte voor investeringen die we moeten doen in woningbouw, bijvoorbeeld het Singelpark wat we graag willen afmaken, de binnenstad, verbetering van verkeersveiligheid, et cetera et cetera et cetera. En het is niet de oplossing om aan het College te vragen wanneer we ruimte krijgen, want daar gaan wij zelf over. In de afgelopen vergadering heb ik toch een aantal keer ook van ervaren raadsleden de vraag gehoord aan het college hoe wij als raad nieuwe ruimte kunnen krijgen.
Daar gaan wij zelf over als raad en dat zullen we toch eens moeten gaan doen met elkaar. We moeten ook zorgen dat we onze eigen norm behalen, de Zinkwegnorm. De Zinkwegnorm stelt dat we elk begrotingsjaar 1 procent van ons begrotingstotaal aan ruimte overhouden. Dat betekent als je dat omrekent ongeveer negen ton. Als we dan kijken naar wat we op dit moment overhouden, dan zitten we allemaal nog in het rood. Als wij dingen willen realiseren dan moeten wij echt ruimte creëren. Natuurlijk, we hebben ook nog eens ombuigingen die nog niet gerealiseerd zijn van 1,3 miljoen per jaar. Dus we zijn er nog lang niet en we hebben nog lang geen ruimte voor nieuw beleid wat we dan met elkaar graag wollen. Ik snap wat de heer Maartens zegt over de meicirculaire, dat ons die ruimte gaat bieden. Maar zoals onze burgemeester altijd zegt: het Rijk is de meest onbetrouwbare partner die we hebben. Dus het kan ook nog zomaar zijn dat in september de boel weer weggenomen wordt. Dus laten we daar nog niet teveel over praten. Dat is dan een kader, die financiën. Maar dat moet ook gelden voor alle andere beleidsterreinen. Wij moeten als raad veel meer kaderstellend gaan optreden en we moeten daarna controleren of het college dat op de goede manier heeft uitgevoerd. Minder op de inhoud, meer op de hoofdlijnen.
Daar is het belangrijk dat we ons raadsakkoord af gaan maken, ons raadsprogramma sorry ik maak het verkeerde woord, wat er helaas nog steeds niet is. Tijdens dat hele proces hebben wij gehamerd op snelheid. Tuurlijk is het ons verweten waarom snelheid boven zorgvuldigheid, maar dat was helemaal geen issue. De kiezer liet ons weten dat het tijd was voor actie en die actie hebben wij met elkaar nog niet gevonden. We hadden heel veel discussie, heel veel e-mails, bureau wel, bureau niet, heel veel -14-
onduidelijkheid maar er was geen snelheid. We zijn drie en een halve maand verder en over anderhalve maand wordt een hoofdstuk daadwerkelijk afgehamerd. Er is wat ons betreft geen enkel excuus meer om na de vakantie heel snel te werk te gaan en de overige zeven hoofdstukken af te maken, in ieder geval voor 1 november 2022. Ik kan vast melden dat het ons niet zal liggen. Preventie, een heel belangrijk onderwerp altijd in ons politieke beleid. We hebben ook nog een preventie bezuinigingsslag te maken van 175.000 die nog ingeboekt moet worden. We zien ook dat diverse gemeenten worstelen met hun preventiebeleid. Er zijn zelfs gemeenten die hun hele preventielijst overboord hebben gegooid. Kan het college ons informeren over andere gemeenten die een heel andere koers varen inzake preventie? U begrijpt, ik hoef dat antwoord niet vandaag te ontvangen. Natuurlijk weten wij van sommige preventiemaatregelen wel dat het dingen oplevert, maar bij lange na niet van alles. Het blijft ook onduidelijk hoeveel we precies doen voor welke doelgroep. Dat zit in die preventie-matrix. We wachten al enige tijd op die preventie-matrix waarin dat allemaal duidelijk wordt gemaakt.
Kan het college aangeven wanneer die matrix klaar zal zijn? Waarom is er niet gewacht tot die klaar is voordat we ook weer nieuw beleid ingezet hebben? Een beleidsarme kadernota, maar wel inclusief een nieuw plan voor jongeren waarvan we geen idee hebben of het ons überhaupt iets gaat brengen. Studio 15. Een project van twee instellingen die, en ik zeg het met klem, 80.000 euro gemeenschapsgeld gebruikt hebben om te kijken of ze wellicht zouden samen in een pand zouden kunnen gaan samenwonen. 80.000 euro gemeenschapsgeld. Daar hadden we hele mooie andere dingen van kunnen doen. Laten we zeggen dat het een heel duur huwelijk is tussen Impuls en Kaliber. Dat huwelijk blijkt een moetje te zijn want nog voor de huwelijksdatum is er een baby. Een peperdure baby van 125.000 euro. Terwijl we met elkaar praten over het IJslandse model, waarbij activiteiten na school en op school willen laten plaatsvinden, gaan we de jeugd toch weer proberen te verleiden om naar Impuls en Kaliber te komen. Wat ons betreft zeer tegenstrijdig. En ook dat begrip jeugd, een leeftijdsgrens van 30. Ik heb er net al iets over gezegd. Moeten sommige jongeren niet gewoon geacht worden te gaan werken in plaats van gitaarles te krijgen bij Studio 15? Daarom dienen wij een amendement in en ik weet de uitslag al. Dat zal duidelijk zijn, om alles van Studio 15 zo snel mogelijk uit deze kadernota te halen.
Eerst duidelijkheid en helderheid over de preventie aanpak en dan misschien een keer nadenken over nieuwe projecten. De komende jaren wordt onze begroting gedomineerd mede door de huisvesting van onderwijs met een investering van een slordige 100 miljoen. Bij de totstandkoming van het IHP hebben wij diverse malen aangedrongen op het efficiënt herverdelen van de ruimte. Vanuit het bezoek aan het Carmel college is duidelijk dat er ruimte is. Wij willen het College vragen om ze snel mogelijk te komen met aanpassingen op het IHP als het gaat om de concrete maatregelen. Er is ruimte op de Thij, er is ruimte op de Potskamp. Wij begrijpen zeer goed dat het praktijkonderwijs op de huidige locatie gehuisvest moet blijven worden. Als we dan de Thij als voorbeeld nemen. Daar waren vier scholen, eentje verhuist naar het Blikpunt. De ruimte op de Thij geeft ons mogelijkheden wellicht om naar een schoolgebouw minder te gaan. En een schoolgebouw minder betekent een behoorlijk lagere investering voor ons als gemeente. Hetzelfde geldt voor Potskamp. Zijn daar ideeën voor wat we met de overgebleven ruimte daar kunnen doen? Is bijvoorbeeld de grond achter de Potskamp geschikt te maken voor woningbouw? Graag roep ik het college op om vaart maken om deze plannen vorm te geven. En wellicht biedt de ruimte ons dus ook mogelijkheden voor de bouw van woningen.
Want naast alle crises waar we als gemeente vrij weinig aan kunnen doen, is de woningcrisis er eentje waar we wel zeker iets mee kunnen. Door te gaan bouwen. En wat ons betreft gaan we ook daar voortvarend mee aan de slag. We hebben wat dat betreft weinig mogelijkheden voor uitbreiding, maar wel voor inbreiding. Breng locaties in kaart en zorg dat ontwikkelaars een uitgebalanceerd aanbod realiseren. Want of iemand nu in een villa, een appartement, een rijtjeshuis, een Tiny House of een woonwagen wil wonen, wij moeten zorgen voor het goede aanbod. En als gemeente hebben we ook een plicht naar onze jongeren toe. Voor jongeren wordt het steeds moeilijker om een huis te kopen met alle maatregelen en voorwaarden die eraan verbonden worden. -15-
We hebben de starterslening. Wij pleiten ervoor om die starterslening uit te breiden en daarnaast ook te komen met een duurzaamheidslening. Daarmee slaan we twee vliegen in een klap, jongeren maken meer kans op een koophuis en we zorgen ook dat de duurzaamheid vooruit geholpen wordt. We hadden daar moties voor voorbereid, maar gezien de status van ons raadsakkoord hebben we besloten om dat maar even niet in te dienen. We komen met die voorstellen als we het raadsakkoord gaan bespreken. We hebben nog wel wat vragen aan het college. Vraag is of het College op dit moment in gesprek is met de WBO? Of de WBO op koers ligt? Of er duidelijk al in beeld is hoeveel nieuwe woningen eigenlijk noodzakelijk zijn. Er zijn diverse onderzoeken gepubliceerd recent. Zowel in de Volkskrant als bij de VNG, dat gaat over de woningdruk. Uit die woningdruk blijkt dat in Oldenzaal de woningdruk 93 is. Dat betekent concreet dat er 100 woningen zijn voor 93 huishoudens. Dat zou betekenen dat de behoefte niet extreem groot is in Oldenzaal. Graag laten we ons daarover informeren tijdens de informatiesessies over het woonbeleid. Voorzitter, ik spreek de hoop uit dat we ruim voor de begrotingsbehandeling ons raadsprogramma gereed zullen hebben. We weten nu hoe het moet. Vanavond een paar puntjes op de i zetten en in rap tempo doorgaan. Twee uitspraken tot slot.