04. Beantwoording technische vragen begroting 2026 bij politiek forum 3 nov 2025
Tekst van het document
begroting 2026
Nr. P&C Product 1. Begroting 2026
Vraagsteller Harrie Snijders
Partij GroenLinks
Vraag In onderstaande tabel staan verschillende uitgaven uit de begroting van 2020–2026. Het betreft de uitgaven voor het sociaal domein, de van u ontvangen uitgaven voor preventie, en een kolom met een indexering van de uitgaven voor preventie, gebaseerd op de uitgaven van 2020. Als indexering is de inflatiecorrectie uit de meicirculaire van het betreffende jaar gebruikt. Zijn de twee kolommen met uitgaven correct?
Antwoord Kolom 1 uitgaven SD: Op basis van de door de raad vastgestelde primaire begroting zijn de uitgaven SD (samengesteld op basis van de voorgeschreven indeling taakvelden) correct. De primaire begrotingen worden in de P&C documenten bijgesteld. Voor de jaren 2020 en 2021 hebben we deze niet nagekeken. Voor 2022 was de bijstelde begroting €48.020, voor 2023 €49.236 en voor 2024 €55.283.
2.
Begroting 2026
Harrie Snijders
GroenLinks
We hebben de uitgaven voor preventie geïndexeerd om een indruk te geven van hoe deze uitgaven zouden moeten stijgen om alleen de inflatie te compenseren. Is het correct om dat zo te doen?
Kolom 2 uitgaven preventie: Deze zijn overgenomen van het aangeleverde overzicht “preventieve uitgaven” en zijn daarmee correct.
3.
Begroting 2026
Harrie Snijders
GroenLinks
De uitgaven voor preventie in het sociaal domein blijven achter bij de geïndexeerde uitgaven op basis van het niveau van 2020. Het lijkt er daarom op dat er na 2020 minder wordt ingezet op preventie. Gaat u daarin mee, of heeft u een andere verklaring?
Daarin gaan we niet mee, de uitgaven aan preventie zijn minder hard gestegen dan de uitgaven voor maatwerkvoorzieningen. De stijging van de kosten van maatwerk is de laatste jaren door autonome ontwikkelingen fors geweest, preventie kan daar uit budgettair oogpunt niet één op één in meegaan in de begroting.
4.
Begroting 2026
Gert-Jan Egberink
PvdA
Hoe verhoudt het weerstandsvermogen van Oldenzaal zich tot omliggende en vergelijkbare gemeenten?
De vergelijking met vergelijkbare en omliggende gemeenten is niet één op één te maken. Dit heeft onder andere te maken welke risico's een gemeente loopt, hoe dit ingeschat wordt alsook de systematiek van het berekenen. Om u toch een beeld te geven hebben we de weerstandsratio (beschikbaar vermogen / benodigd vermogen) vergeleken met de volgende gemeenten (op basis van beschikbare begrotingen): Oldenzaal 3,2 (2026) Borne 2,2 (2026) Dinkelland 2,4 (2025) Rijssen-Holten 2,2 (2025) Twenterand 4,5 (2026) Wierden 1,1 (2026)
5.
Begroting 2026
Gert-Jan Egberink
PvdA
Welke mogelijkheden hebben we om de algemene reserve in te zetten voor structurele lasten?
Het is mogelijk om een eventueel surplus in de algemene reserves aan te wenden voor dekking structurele lasten. Het surplus van de algemene reserve is dat deel dat niet nodig is voor het afdekken van risico's (weerstandcapaciteit). Van dit vrije besteedbare deel (surplus) kan jaarlijks maximaal 10% ingezet worden ter dekking van de structurele lasten met de voorwaarde dat de solvabiliteit groter of gelijk aan 20% is en blijft.
6.
Begroting 2026
Gert-Jan Egberink
PvdA
Wat is de marge waarmee dat kan, zonder dat onder een weerstandvermogenratio onder de 2 daalt?
Het inzetten van het weerstandsvermogen voor structurele lasten brengt duidelijke risico’s met zich mee. Reserves zijn bedoeld als buffer voor onvoorziene tegenvallers en niet als structurele dekking van terugkerende uitgaven. Door jaarlijks het maximale toegestane deel van 10% van het surplus van de algemene reserve in te zetten, wordt dit na circa tien jaar volledig uitgeput, terwijl het structurele tekort nog steeds bestaat. Op basis van de programmabegroting 2026 (paragraaf weerstandsvermogen en risiciobeheersing) bedraagt het surplus van de algemene reserve: Saldo AR €20.243.000 minus €16.000.000 (benodigd ter afdekking van risico's ten behoeve van voldoende weerstandsratio = 2) = €4.243.000 x 10% = €424.300. Wanneer de algemene reserve van de grondexploitatie, die in beginsel is bedoeld voor risico's rondom de grondexploitaties, ingezet wordt dan bedraagt het surplus €900.000.
7.
Begroting 2026
Gert-Jan Egberink
PvdA
Welke consequenties heeft het aanspreken van het weerstandsvermogen (bijvoorbeeld met het oog op het toezicht vanuit de provincie)?
Het aanspreken van het weerstandsvermogen beïnvloedt de financiële positie van de gemeente en het toezicht door de provincie. De provincie beoordeelt bij elke reserve-inzet of deze past binnen de geldende regels. In de begrotingscirculaire 2026 adviseert de provincie Overijssel om een structurele inzet van reserves altijd vooraf af te stemmen met de toezichthouder en in de begroting duidelijk aan te geven of mutaties incidenteel of structureel zijn.
8.
Begroting 2026
Gert-Jan Egberink
PvdA
Waarom is er geen "trend" opgenomen in de tabellen van de beleidsindicatoren?
Het opnemen van trends is geen wettelijke verplichting en niet één op één te koppelen aan onze beleidsinzet. Mocht uw raad dit wenselijk achten dan horen wij dat graag.
9.
Begroting 2026
Nick Kramer
PvdA
Voor de komende begrotingsbehandeling overwegen wij een voorstel in te dienen om de voorgenomen bezuiniging op verenigingen terug te draaien. Ons idee is om deze dekking te vinden binnen het weerstandsvermogen, gezien de ruime reservepositie van de gemeente.
Het weerstandsvermogen mogen we niet aanspreken. Een eventueel aanwezig surplus in de algemene reserves mag wel worden aangewend, voor maximaal 10% en indien de solvabiliteit op minimaal 20% blijft. Zie hiervoor ook de beantwoording op de vragen 6 t/m 8.
10. Begroting 2026
Nick Kramer
PvdA
Omdat dit technisch gezien een specifieke dekking betreft en het van belang is dat de motie of het amendement juridisch en financieel goed in elkaar zit, willen wij graag vooraf even afstemmen welk instrument hiervoor het meest passend is (motie, amendement of eventueel een andere vorm).
Het indienen van een amendement is het meest passende instrument hiervoor.
11. Begroting 2026
Luc Gelevert
CDA
12. Begroting 2026
Luc Gelevert
CDA
Zijn de geplande investeringen doorgerekend in de balans van 2027 t/m 2029 (pagina 155), want ik zie de materiële vaste activa Een aantal investeringen zijn doorgerekend, een aantal niet. De investeringen die niet zijn doorgerekend moeten nog via een niet zodanig stijgen in die jaren, terwijl de investeringen in gebouwen de komende jaren fors zijn? (Het kan te maken hebben met separaat voorstel ter besluitvorming aan uw raad worden voorgelegd. Deze worden opgesomd in het raadsvoorstel behorende versnelde afschrijvingen van bestaande resterende boekwaarden ivm sloop, dan graag inzicht in het totaal van die afboekingen bij de programmabegroting 2026. en waar die afboekingen terugkomen ten laste van eigen vermogen of resultaat). Is het inzichtelijk te maken wat de impact op het begrote resultaat is van die jaren van de grote investeringen die (moeten) worden Ja, dit is inzichtelijk te maken. gedaan in de gebouwen (scholen, sporthallen en stadhuis)? Indien mogelijk zou ik dat inzicht graag krijgen.
Indien niet mogelijk De impact op het begrotingssaldo voor de genoemde investeringen is als volgt: zou ik dan een uitleg kunnen krijgen waarom dat niet een op een te herleiden is uit de cijfers? Investering 2026 € 5.300.000 Begrote kapitaallasten € 0 Investering 2027 € 41.400.000 Begrote kapitaallasten € 52.000 Investering 2028 € 28.359.000 Begrote kapitaallasten € 1.057.000 Investering 2029 € 0 Begrote kapitaallasten € 2.559.000 N.B. De kapitaallasten gaan een jaar later in dan dat de investering gerealiseerd wordt. In afwachting op vrijgave van deze kredieten door uw raad zijn deze begrote kapitaallasten verwerkt op een stelpost.
13. Begroting 2026
Erwin Iepma
VVD
Het inzetten van het surplus mag voor een periode van 3 jaar. Klopt deze veronderstelling?
Pagina 1 van 3
Nee, aan het inzetten van het surplus geldt geen voorwaarde van 3 jaar. Het (structureel) inzetten van het surplus eindigt als dit leidt tot onvoldoende weerstandscapaciteit en/of als de solvabiliteit onder de 20% daalt. Zolang aan de voorwaarden voldaan kan worden kan het suplus structureel als dekkingsmiddel gebruikt worden.
begroting 2026
Nr. P&C Product 1. 14. Begroting 2026
Vraagsteller Harrie Snijders Erwin Iepma
Partij GroenLinks VVD
Vraag Op pagina 133 van de programmabegroting staat vermeldt dat het onderhoudsbudget VRI’s niet toereikend is voor 2026. Waarom is nu bij de begroting een extra / hoger bedrag opgenomen voor onderhoud Ivri's En had dat niet eerder kunnen worden aangegeven bij het oorspronkelijke besluit?
Antwoord Kolom 1 uitgaven SD:geen Op basis de door de raad vastgestelde primaire zijn de uitgaven SD (samengesteld op Het is juist dat er nog extravan budget is aangevraagd voor de Ivri’s. Een begroting collegebesluit hierover is uitgesteld in afwachting basis de voorgeschreven indeling taakvelden) primaire begrotingen worden Overijssel in de P&C zal documenten bijgesteld. van devan uitkomsten van de aanbesteding, die begin correct. 2026 in De samenwerking met de Provincie plaatsvinden, Voor dezullen jaren wij 2020 en uw 2021 hebben we deze niet nagekeken. Voor 2022 was de bijstelde begroting €48.020, voor 2023 Hierna er bij raad op terugkomen. €49.236 en voor 2024 €55.283.
15. Begroting 2026
Erwin Iepma
VVD
Vragen IHP / grote investeringen
Op basis van de actualisatie van het IHP zijn in het Meerjaren Investeringsplan (MIP) de actuele kredieten opgenomen. Dit is inclusief indexatie.
16. Begroting 2026
Rutger Bouwman
Solidair Oldenzaal Waarom is de omslagrente met 1,25% verlaagd?
17. Begroting 2026
Rutger Bouwman
Solidair Oldenzaal Bij het opstellen van de Kadernota 2026 is uitgegaan van een foutief totaalsaldo programmabegroting 2025 (inclusief Najaarsnota Bij de kadernota 2026 is uitgegaan van een verkeerde beginsaldo voor de jaren 2028 en 2029. Dit is bij de begroting 2026 2024). Hoe kan dit verklaard worden? aangepast.
18. Begroting 2026
Rutger Bouwman
Solidair Oldenzaal Wat zijn voor de Oldenzaler de totale kosten per jaar voor kinderopvang?
De omslagrente wordt berekend op basis van de gemiddelde rente op de langlopende leningen van de gemeente, aangevuld met de kortlopende financiering. Het BBV schrijft voor dat de omslagrente transparant en reëel moet zijn. Daarom wordt deze op een verplichte, uniforme manier berekend, zodat financiële gegevens betrouwbaar en onderling vergelijkbaar blijven. Omdat onze daadwerkelijke rentelasten dalen, moeten we de omslagrente naar beneden bijstellen om deze in lijn te houden met de werkelijke lasten. Hierdoor wordt het begrote percentage van de omslagrente voor 2026 verlaagt naar 0,3%.
Kinderopvang is in principe een keuze van de inwoner en wordt door de inwoner zelf bekostigd, hiervoor kunnen zij kinderopvangtoeslag (KOT) aanvragen bij de rijksoverheid. Er zijn twee vormen van kinderopvang waar de gemeente Oldenzaal een deel van de kosten betaald: 1. Sociaal Medische Indicatie (SMI) is een vangnetregeling om gezinnen tijdelijk financieel te ondersteunen in de kosten van de kinderopvang als zij door bepaalde medische of sociale omstandigheden (tijdelijk) niet in aanmerking komen voor de kinderopvangtoeslag (KOT). De lasten bedragen €447.272. 2. Voor kinderen die binnen de doelgroep Onderwijsachterstandenbeleid vallen, draagt de gemeente bij bij aan de kosten voor Voor en Vroegschoolse Educatie. VVE-kinderopvang door een deel van de ouderbijdrage te betalen, of de kosten zelfs volledig te dekken voor bepaalde inkomensgroepen en VVE-kinderen. De lasten bedragen €392.092.
19. Begroting 2026
Rutger Bouwman
Solidair Oldenzaal Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE). Wil de gemeente hier gebruik van maken? Zo ja, welk bedrag denkt de gemeente aan en wat vraagt dit aan capiciteit?
Wij maken hier al meerdere jaren gebruik van. Deze middelen werden jaarlijks verkregen door middelen van de SPUKregeling. Vanaf 2026 wordt dit via het gemeentefonds verkregen. Voor 2026 ontvangen we €1.083K via het gemeentefonds septembercirculaire 2025 (hierover bent u geinformeerd via raadsinformatiebrief UIT-25-13485). Hoewel dit incidenteel is mogen we het bedrag, na uitspraak van de Provinciale Toezichthouder, als structureel beschouwen met de voorwaarde dat het budgetneutraal in de begroting wordt opgenomen. Dit houdt in dat we ook voor €1.083K aan lasten begroten. Dit vraagt geen extra capaciteit.
20. Begroting 2026
Rutger Bouwman
Solidair Oldenzaal Op pagina 37 staat kort beschreven dat de gemeente binnen de R.E.S. invulling geeft aan het actieprogramma, met als focus onder andere netcongestie. De vraag is niet of, maar hoe gaat de gemeente bijdragen aan het oplossen van de netcongestie?
De gemeente kan het netcongestieprobleem niet oplossen. Dat is een taak van de netbeheerders. Wat de gemeente Oldenzaal wel doet is: •het actief ondersteunen van lokale ondernemers bij netcongestievraagstukken; •doorlooptijd vergunningaanvragen versnellen voor netcongestie verzachtende maatregelen, zoals batterijen; •samen met de netbeheerder onderzoek doen naar alternatieve oplossingen; wat kan nog wel. In de duurzaamheidsrapportage 2024 staat een uitgebreide beschrijving van de acties die op dit moment lopen om de netcongestievraagstukken, waar mogelijk, op te lossen.
21. Begroting 2026
Rutger Bouwman
Solidair Oldenzaal In 2025 hebben de 1-persoonshuishoudens 7,3% meer bruto woonlasten en meerpersoonshuishoudens 6,8%. Wij zien graag een Technisch gezien kunnen we deze doorrekening niet maken, omdat onbekend is hoe de lasten zich in andere gemeenten de doorrekening naar landelijk gemiddelde: 5,8%, en een doorrekening hoe Oldenzaal op de woonlastenladder weer komende jaren ontwikkelen. Een lagere positie op de ‘ladder’ kan alleen worden bereikt door de OZB te verlagen. Voor iedere kan zakken. Onze fractie heeft de ambitie om niet nóg verder te stijgen op deze woonladder en ziet het liefst de trend van de procentpunt verlaging is circa €100.000 aan structurele dekking elders nodig. gemeente Losser: dalende woonlasten.
22. Begroting 2026
Rutger Bouwman
Solidair Oldenzaal Wat is er intern besproken waardoor het Sociaal Plein in het raadsvoorstel wordt gekoppeld aan de Ganzenmarkt 11? De raadsfracties hebben immers hun bedenkingen hierover geuit. Wij leven in onzekerheid en wachten hierover op antwoorden, maar hier loopt het college op de zaken vooruit;
In de kadernota 2025 (zie nieuw beleid volgnummer 18-20) heeft u besloten het Sociaal Plein te huisvesten in de Ganzenmarkt 11. Op 10 juni 2025 heeft uw raad een voorbereidingskrediet beschikbaar gesteld (INTB-06848). In het eerste kwaartaal 2026 zullen wij u informeren over de uitkomsten van deze fase en het voorlopig ontwerp, de projectbegroting en de uitkomst van de bouwteamselectie aan u voorleggen.
23. Begroting 2026
Rutger Bouwman
Solidair Oldenzaal Kunnen wij een doorrekening krijgen voor de situatie dat alle in Oldenzaal woonachtige inwoners die een kindje krijgen, kunnen genieten van gratis kraamzorg? Wat kost de gemeente dit op een termijn van 10 jaar met de gemiddelde demografische trend?
Op deze korte termijn is het niet mogelijk om deze doorrekening te maken. Dit komt omdat de berekening complex is en afhankelijk van meerdere variabelen, zoals het aantal geboortes per jaar, de gemiddelde kosten van kraamzorg, mogelijke indexaties, demografische ontwikkelingen en de mate waarin inwoners al recht hebben op zorg via andere regelingen. Bovendien is niet op voorhand duidelijk hoe de uitvoering en bekostiging lokaal vormgegeven zouden moeten worden. Een betrouwbare inschatting vraagt daarom om een uitgebreider onderzoek, waarin zowel financiële als uitvoeringsaspecten worden meegenomen.
24. Begroting 2026
Rutger Bouwman
Solidair Oldenzaal In de aangenomen motie over het ‘Innovatiefonds verenigingen (nr. 1476) wordt opgeroepen om bij de Programmabegroting 2026 Er is geen uitgewerkte subsidieregeling toegevoegd bij de Programmabegroting. een uitgewerkte subsidieregeling, inclusief criteria, maatwerk-instrumenten en verantwoording, aan de raad voor te leggen, De kaders voor de subsidieregeling zijn helder in de motie verwoord. In de praktijk blijkt uit gesprekken met enkele zodanig dat de eerste aanvragen uiterlijk 1 april 2026 kunnen worden ingediend. Waar kunnen wij deze uitgewerkte verenigingen dat een uitgewerkte subsidieregeling maatwerk behoeft. Om dit op een passende manier vorm te geven, willen subsidieregeling vinden? we input en behoeften ophalen bij de verenigingen. Daar hebben we meer tijd voor nodig. Zodra de subsidieregeling is uitgewerkt, wordt de raad hierover geïnformeerd via een Raadsinfobrief. Het vaststellen van een subsidieregeling is conform Asv een bevoegdheid voor het college. De raad hoeft deze dus niet vast te stellen. Het streven is om de subsidieregeling uiterlijk 1 april 2026 open te stellen, zoals ook in de motie is genoemd.
25. Begroting 2026
Rutger Bouwman
Solidair Oldenzaal Is de gemeente inmiddels volledig gecompenseerd m.b.t. het GAZPROM-contract? Zo nee, wat moeten we nog ontvangen en wanneer verwacht het college deze gelden te kunnen ontvangen?
Pagina 2 van 3
De compensatie 2023 en 2024 is van het Rijk ontvangen. Er heeft een zogenaamde "plafondcorrectie" van ongeveerd €20.000 plaats gevonden.
begroting 2026
Nr. P&C Product 1. 26. Begroting 2026
Vraagsteller Harrie Snijders Trees Vloothuis
Partij GroenLinks WG
Vraag Kunnen we inzichtelijk maken wat er in de Algemene Uitkering zit voor onderwijshuisvesting?
Antwoord Kolom 1 uitgaven SD: OpDe basis van de door de raad vastgestelde zijnendedaaruit uitgaven SD specifiek (samengesteld op Nee, dat is niet mogelijk. Algemene Uitkering is opgebouwd uit primaire circa 60 begroting maatstaven is niet een saldo basis van de voorgeschreven indeling taakvelden) correct. De primaire begrotingen worden in de P&C documenten bijgesteld. voor onderwijshuisvesting te halen. Voor dehet jaren 2020Onderwijs en 2021 hebben we deze iet nagekeken. Voor 2022 was de bijstelde begroting €48.020, vooroppervlakte 2023 Binnen cluster zitten maatstaven zoals het aantal leerlingen, spreiding/afstanden, leerlingdichtheid, €49.236 en voor 2024 €55.283. schoolgebouwen, leerplichtindicatoren en sociaal-economische kenmerken. Vanuit deze maatstaven bekostigen we onder meer: •Onderwijshuisvesting; •Leerlingenvervoer; •Leerplicht en RMC-taken; •Voorschoolse educatie (VVE) en onderwijsachterstandenbeleid (OAB); •Bibliotheek (lees- en taalbevordering); •Lokaal onderwijsbeleid zoals samenwerking met scholen en brede scholen. Deze kosten worden gedekt uit de algemene uitkering, maar zijn niet afzonderlijk te herleiden tot een specifiek deelbedrag.
27. Begroting 2026
Maarten van der Waal
D66
De weerstandsratio is dit jaar berekend op 3.2, waar deze in 2025 3.7 was. De weerstandsratio is gebaseerd op het weerstandsvermogen (algemene reserve en algemene reserve grondexploitatie. Het weerstandvermogen is in 2026 25.241.000, waar deze in 2025 22.154.000 was. Dit is een toename van 13% Deze waarde van het weerstandsvermogen moet gedeeld worden door de som van de risico's (2026: 4.738k, 2025: 4.238k) plus de ondergrens algemene reserve grondexploitatie (2026: 4.700k, 2025: 2.100k) Tegenover een aanwas van 13% in het weerstandsvermogen staat een verhoging van 12% voor de risico's en 123% in de ondergrens grondexploitatie. De grote boosdoener is hier dus de ondergrens algemene grondexploitatie, die met 123% lijkt te zijn toegenomen. Vraag: is hier een verklaring voor? (Ik kan deze ondergrens nergens in de begroting terugvinden)
Pagina 3 van 3
Het begrote beschikbare weerstandscapaciteit (algemene reserve algemene dienst + grex) bedraagt voor 2026 €25.214.000 en in 2025 €23.154.000. Dit is een stijging van 9%. De stijging van het percentage van de (concern) risico's stijgt inderdaad met 13%. De begrote ondergrens van de minimale omvang van het weerstandsvermogen van de grondexploitaties bedraagt voor 2026 €3.298.000 en voor 2025 €2.094.000; een stijging van 57%. De daling van het weerstandsratio van 3,7 naar 3,2 wordt grotendeels veroorzaakt door de verhoging van de ondergrens van de risico's op de grondexploitatie. De reden van de stijging van de ondergrens ad. €1.204.000 is grotendeels te verklaren door: - vanuit BBV voorschriften dient het conjuctuurrisico verantwoord te worden onder het algemene risico in plaats van specifieke risico; - het marktrisico is hoger ingeschat door te realiseren verkopen; - het fiscale risico (vpb) voor het beoordelen van de inbrengwaarde nieuwe complexen is hoger ingeschat.