03 Raadsprogramma 2022-2026 Samen vooruit, juist nu - bijlage 1 - Raadsprogramma
Tekst van het document
Hoort bij raadsbesluitnr. 1223 van 7 november 2022, de griffier, ValidSigned door Hans Brokers op 08-11-2022
Raadsprogramma 2022-2026: Samen vooruit, juist nu
Raadsprogramma 2022-2026: Samen vooruit, juist nu
Samen vooruit, juist nu: 2022-2026 Samen richting geven, verbindt Oldenzaal Hardwerkende mensen, een weelderig verenigingsleven en nuchtere inwoners: dat is Oldenzaal. In Oldenzaal zijn we dorps, nuchter, familiemensen en soms ietwat Bourgondisch. Dit zijn waarden waar we ontzettend trots op mogen zijn. Het vertrouwen in elkaar, het gemeentelijk bestuur en de democratie staan vandaag de dag onder druk. Landelijke perikelen hebben ervoor gezorgd dat ook het vertrouwen in het lokaal bestuur is afgenomen. Dit is zorgelijk, omdat wij vinden dat alle inwoners terecht moeten kunnen bij een gemeente met een gezicht, die met hen meedenkt. Zo kunnen we trots blijven op onze prachtige stad. Ook het vertrouwen in de toekomst staat onder druk. Veel inwoners worden beziggehouden door de vraag of zij wel in hun eigen stad kunnen blijven wonen. Ook de torenhoge energierekeningen en de alsmaar stijgende inflatie zorgen ervoor dat het vertrouwen in de toekomst deuken oploopt. Het raadsprogramma De gemeenteraad van Oldenzaal voelt zich verantwoordelijk voor het herstellen van het vertrouwen in het gemeentelijk bestuur. Op maandag 25 april heeft de Oldenzaalse gemeenteraad daarom unaniem voor de motie ‘Raadsprogramma’ gestemd. Daarmee hebben alle Oldenzaalse politieke partijen de wil uitgesproken om tot een raadsprogramma te komen: een tegenhanger van het traditionele coalitieprogramma.
Een raadsprogramma is een soort document waarin ambities staan voor de komende raadsperiode. Bij de totstandkoming van een raadsprogramma wordt gezocht naar gedeelde doelen op hoofdlijnen. De vraag hoe ‘de politiek’ deze ambities gaat halen en met welke middelen deze ambities behaald worden, wordt in het raadsprogramma niet beantwoord en blijft een punt van discussie. Met het formuleren van een raadsprogramma op hoofdlijnen, hebben wij enkel een richting bepaald. Uitgangspunten hierbij zijn: Een raadsprogramma zorgt ervoor dat het initiatief belegd wordt op de plek waar het thuishoort, namelijk: bij de gemeenteraad; Doordat het initiatief bij de gemeenteraad komt te liggen, wordt een bijdrage geleverd aan het dualisme; De gemeenteraad wordt ‘aan de voorkant’ betrokken bij besluit- en beleidsvorming. Aanpak Voor u ligt het raadsprogramma ‘Samen vooruit, juist nu: 2022-2026’: een programma waarin wij (de gemeenteraad van Oldenzaal) onze ambities voor Oldenzaal met u delen. Om tot dit programma te komen, hebben wij veel gesprekken gevoerd met ambtenaren, maatschappelijke partners, verenigingen, ondernemers en inwoners. Wij zijn alle betrokkenen veel dank verschuldigd. Zonder hen hadden wij dit programma niet vorm kunnen geven. Tijdens verschillende informatieavonden zijn wij door hen geïnformeerd.
Hopelijk hebben wij daarmee de toon gezet voor een toekomst waarin samenwerking van groot belang is. Het raadsprogramma is opgebouwd uit acht verschillende thema’s, namelijk:
binnenstad dienstverlening (eu-)regionale samenwerking klimaat sociaal domein veiligheid wijken wonen
Raadsprogramma 2022-2026: Samen vooruit, juist nu
Met de keuze voor deze onderwerpen, presenteren wij een alomvattend programma, waarin wij onze ambitie uitspreken ten aanzien van de grootste en meest actuele thema’s. Bepaalde onderwerpen hebben betrekking op verschillende thema’s. Denk hierbij aan de toegang tot het Sociaal Plein. Dit onderwerp kan zowel besproken worden binnen het thema dienstverlening, als binnen het thema sociaal domein. Het kan daarom voorkomen dat bepaalde onderwerpen meermaals aan bod komen binnen verschillende thema’s, of slechts binnen één thema besproken worden. Door de actualiteit zullen sommige onderdelen van het raadsprogramma uiteindelijk worden ingehaald. Daarmee blijft er ruimte bestaan voor politieke discussies in de gemeenteraad. In het bijlagenboek staan de bijlages passend bij de verschillende hoofdstukken. Hierin worden suggesties gedaan richting het college over hoe de in dit raadsprogramma geformuleerde ambities uitgevoerd en bereikt kunnen worden. Vervolg Tijdens de totstandkoming van het raadsprogramma zijn wij aan zet geweest en heeft de gemeenteraad de richting en koers bepaald voor de komende jaren. Met het programma dat nu voor u ligt, zijn onze inwoners echter nog niet geholpen. Tijdens het aanbieden van dit raadsprogramma aan het college van Burgermeester en Wethouders (B&W) hebben wij het college van B&W gevraagd om op basis van het programma met concrete voorstellen te komen.
Deze concrete voorstellen worden tijdens reguliere gemeenteraadsvergaderingen ter discussie gesteld. Vanaf dat moment gaan we verder bouwen aan de stad waar wij allemaal ontzettend trots op zijn. Tot slot Tot slot richten wij nogmaals een woord van dank tot iedereen die een bijdrage heeft geleverd aan de totstandkoming van het raadsprogramma. De gesprekken die wij gevoerd hebben met inwoners, ondernemers, maatschappelijke partners en verenigingen laten ons zien dat samenwerking en verbinding in tijden als deze niet mag ontbreken. Ook de Oldenzaalse ambtenarij heeft met zijn verregaande expertise op een veelvoud aan terreinen een grote bijdrage geleverd. Voor deze ambtenarij maken wij een diepe buiging.
4
Inhoud Voorwoord ........................................................................................................................... 3 Hoofdstuk 1: Binnenstad ..................................................................................................... 7 1.1
Versterking van de cultuur en historie: van zien naar gezien worden
7
1.2
Gastvrije stad: van voorbijganger naar verblijven
7
1.3
Wonen en ondernemen: van winkelstad naar bruisende leefstad
7
a. Meer groen in de binnenstad: van versteend naar aangenaam b. Winkelvoorzieningen: voor dagelijkse boodschap en recreatief winkelen c. Horeca: voor snelle consumptie en lang genieten d. Stadsstructuur & Promotie: van ieder voor zich naar samen 1.4
Financiering
8 8 8 8 8
Hoofdstuk 2: Dienstverlening .............................................................................................. 9 2.1. Een betrouwbare overheid
9
2.2. Informatievoorziening en communicatie
9
2.3. Digitaal waar het kan, persoonlijk waar nodig
9
2.4. Van ‘zorgen voor’ naar ‘zorgen dat’
9
2.5. De gemeente als verbinder en spin in het web
10
2.6. Slimmere dienstverleningsprocessen
10
2.7. Toegankelijk en vriendelijk
10
Hoofdstuk 3: (EU)regionale Samenwerking...................................................................... 11 3.1. (EU)regionaal
11
3.2. Noordoost-Twente
11
Hoofdstuk 4: Klimaat en Duurzaamheid ........................................................................... 12 4.1.
Samen zorgen we voor een duurzame stad
4.2.
Actief werken aan het Klimaatakkoord: stap voor stap minder emissie van broeikasgassen 13
4.3.
Klimaat-robuuste stad: groenblauwe dooradering van stad en land
Verdiepingsambities a. Poule van coaches b. Meer structurele inzet op het Klimaatakkoord c. We hebben lef 4.4.
Financiering
12
14 14 14 14 15 15
Hoofdstuk 5: Sociaal Domein ............................................................................................ 16 5.1.
Een kwalitatief goed ondersteuningsaanbod
17
5.2.
Samenwerken in de keten
18
Hoofdstuk 6: Veiligheid...................................................................................................... 19 6.1.
Terugdringen van overlast en criminaliteit
19
6.2.
Tegengaan van ondermijnende, georganiseerde criminaliteit
19
6.3.
Versterken van de verbinding op het snijvlak zorg en veiligheid
19
6.4.
Het ontwikkelen van een passende aanpak voor het gebruik van verdovende middelen
20
6.5.
Verkeers- en spoorveiligheid
20
5
Hoofdstuk 7: Wijken ........................................................................................................... 21 7.1.
Ontmoeten: weet wat er leeft én voer uit waar behoefte aan is
21
7.2.
Doe het samen
21
7.3.
Communicatie: informatie
21
Hoofdstuk 8: Wonen........................................................................................................... 22 8.1.
Een (t)huis voor iedereen
22
8.2.
Aantrekkelijkheid van Oldenzaal vergroten door stedelijke (her)ontwikkeling
23
8.3.
Verduurzaming en vernieuwing van de bestaande woningvoorraad
23
8.4.
Financiering
23
Hoofdstuk 9: Financiële kaders raadsprogramma ........................................................... 24
6
Hoofdstuk 1: Binnenstad “Van ’n plek woaj könt koop’n noar ’n plek woaj wilt wean!” Met dit onderdeel van het raadsprogramma benoemen we de opgaven en kansen waaraan we de komende vier jaar willen werken in de binnenstad, daarbij wordt ook gekeken naar de effecten voor de langere termijn. We realiseren ons dat de macro-economische ontwikkelingen en de invloed daarvan op de binnenstad moeilijk te voorspellen zijn. Dit vraagt erom dat de gemeente dagelijks in speelt op de actualiteit (bijv. corona, prijsontwikkelingen, arbeidsmarkt, Oekraïne) en continue in gesprek blijft met de stakeholders. Hierbij moeten ook de bewoners van de binnenstad betrokken worden. Dit werd ook duidelijk uit de bijdragen van de stakeholders. Er wordt onderscheid gemaakt in drie kernambities. Deze kernambities geven duiding aan de identiteit van de binnenstad: een gastvrije, culturele en historische binnenstad waar ondernemen en wonen goed samengaan. De andere ambities (a t/m d) zijn voor de raad belangrijk bij het vormgeven van deze identiteit. In bijlage 1 zijn ideeën opgenomen die de raad het college wil meegeven bij het uitwerken dan wel uitvoeren (laaghangend fruit) van deze ambities.
1.1
Versterking van de cultuur en historie: van zien naar gezien worden
Oldenzaal kent een unieke en rijke cultuur en historie. We benutten en versterken de Oldenzaalse culturele en historische waarden. Dit doen we door deze waarden op een eigentijdse manier zichtbaar te maken voor jong en oud. Dit versterkt de Oldenzaalse identiteit en draagt bij aan de levendigheid van de binnenstad, maar ook zeker daarbuiten. We zetten in op recreatie en toerisme met jaarlijks terugkerende cultuurhistorische evenementen die verwijzen naar onze rijke historie. De gemeente stimuleert initiatieven op dit gebied actief, om ondernemers en anderen hun activiteiten te (laten) realiseren. We starten hiervoor een fonds voor cultuurhistorische initiatieven en vragen het college om dit uit te werken in een voorstel.
1.2
Gastvrije stad: van voorbijganger naar verblijven
Oldenzaal is de gezelligste binnenstad van Twente waar je welkom bent en graag terugkomt. We verbeteren de kwaliteit van de openbare ruimte met mogelijkheden voor ontmoeten, bewegen en creëren voldoende rustplekken. We realiseren een betere bereikbaarheid en leefbaarheid van de binnenstad voor zowel inwoners als bezoekers. We streven naar een autovrije, fietsvriendelijke en veilige binnenstad. We zijn gastvrij naar onze bezoekers en laten ze overal in de stad de glimlach van Twente ervaren. Zo wordt Oldenzaal een nog aantrekkelijkere binnenstad met een grotere verblijfskwaliteit van én voor iedereen. Door het instellen van een binnenstad fonds kunnen initiatieven gerealiseerd worden.
1.3
Wonen en ondernemen: van winkelstad naar bruisende leefstad
De binnenstad transformeert naar een plek om te verblijven. Mede door de komst van webwinkels veranderen winkelconcepten en verkleint het fysieke winkelaanbod. De detailhandelsvisie beschrijft hoe we het kernwinkelgebied verkleinen en in de aanloopstraten meer ruimte bieden aan wonen. Dit vraagt ook om een aanpassing van de openbare ruimte, bijvoorbeeld voor laden en lossen en parkeren. Door de grotere druk op de openbare ruimte, en het bredere en grotere aanbod van activiteiten kan spanning ontstaan tussen de verschillende functies in - en het gebruik van - de binnenstad. Het is bij de uitwerking van de bij dit thema genoemde ambities van belang om een optimale mix te vinden tussen de functies en het gebruik, van de binnenstad, door de verschillende doelgroepen. De (sociale) veiligheid van inwoners én bezoekers moet blijvend worden gegarandeerd.
7
a. Meer groen in de binnenstad: van versteend naar aangenaam We vergroenen de binnenstad voor een beter verblijfsklimaat en houden daarbij rekening met de ruimte die andere functies – zoals evenementen en de markt - van de binnenstad vragen. Dit draagt bij aan het voorkomen van hittestress. Met het vastgestelde Singelplan als vertrekpunt leggen we een goede basis voor vergroening en maken we de historie van de stad beter zichtbaar. b. Winkelvoorzieningen: voor dagelijkse boodschap en recreatief winkelen De attractieve waarde voor bezoekers staat voorop. We bestrijden de leegstand in de binnenstad door panden creatief in te vullen en we verleiden daarbij de startende of nieuwe (Duitse) ondernemers om zich hier te vestigen. We dagen ondernemers uit voor meer onderlinge afstemming. We onderstrepen dat het functioneren van een bruisende binnenstad voor een groot deel tot de verantwoordelijkheden van de ondernemers behoort. Met een vastgoedfonds willen wij initiatieven van ondernemers en andere stakeholders optimaal ondersteunen in het realiseren van deze ambitie. c. Horeca: voor snelle consumptie en lang genieten In ons horecabeleid willen wij horecaondernemers optimaal faciliteren in het (gezamenlijk) organiseren van evenementen. Zo ondersteunen wij de horeca om te bouwen aan een bruisende binnenstad.
De horeca profiteert van de maatregelen voor de gastvrije stad, evenementen en winkelvoorzieningen. Onze ambitie is om meer ruimte te geven aan horeca en evenementen. d. Stadsstructuur & Promotie: van ieder voor zich naar samen De ambitie is om meer bezoekers en toeristen aan te trekken en vast te houden. Oldenzaal Promotie heeft hierin een belangrijke taak. We vinden het belangrijk dat de horeca, de winkeliers, de cultuursector en de organisaties van evenementen meer gaan samenwerken om bezoekers te boeien en te binden. We stellen middelen ter beschikking voor concrete voorstellen die leiden tot meer reuring en activiteiten in de binnenstad. Een belangrijke rol hierbij is weggelegd voor de stakeholders in de binnenstad, verenigd in de Stadsnoabers.
1.4
Financiering
Bovenstaande ambities willen we mede realiseren door het instellen van een binnenstadfonds, een vastgoedfonds en een cultuurfonds (laatstgenoemde is niet uitsluitend bedoeld voor de binnenstad). We vragen het college een voorstel uit te werken voor de financiering en besteding van deze fondsen. We zien hierbij ook kansen voor financiering op provinciaal, nationaal of Europees niveau (Hanzestad).
8
Hoofdstuk 2: Dienstverlening “Oldenzaal, een gemeente met een gezicht” In dit hoofdstuk van het raadsprogramma, benoemen we de opgaven en kansen op het gebied van het thema Dienstverlening. Dit thema gaat uit van verschillende kaders, zoals: professionaliteit, haalbaarheid, betaalbaarheid, toegankelijkheid, verbinding, gastvrijheid én de anticipatie op de ontwikkelingen in de samenleving.
2.1. Een betrouwbare overheid We zijn trots op hoe de dienstverlening in Oldenzaal wordt ervaren en willen dat ook graag blijven. Daarom investeren wij nu én in de toekomst in goede – betaalbare – dienstverlening. Verder zorgt kwalitatief goede dienstverlening voor vertrouwen en waardering. We ‘zeggen daarom wat we doen’ en ‘doen wat we zeggen’, ook als blijkt dat iets niet mogelijk is. We geven uitleg over waarom we de dingen doen zoals we ze doen én onderbouwen daarbij onze besluiten. Zo blijven wij een ‘gemeente met een gezicht’ en worden we als een betrouwbare overheid ervaren.
2.2. Informatievoorziening en communicatie Inwoners* kunnen op verschillende manieren met ons in contact komen, bijvoorbeeld via; onze website, telefonisch, per mail, per post, via persoonlijk contact en via onze sociale mediakanalen. Wij streven ernaar inwoners zo snel mogelijk van een antwoord op hun vraag te voorzien, dit betekent ook dat wij ervoor zorgen dat de geboden informatie actueel en volledig is, en zo makkelijk mogelijk vindbaar. Ook zorgen we ervoor dat deze informatie in begrijpelijke taal beschikbaar is. De inwoner ervaart de informatievoorziening en communicatie als één organisatie. Daar waar mogelijk integreren wij de verschillende kanalen aan de achterkant, om zo te zorgen voor een zo compleet mogelijk klantbeeld (omnichannel). Hierbij is de kwaliteit van de kanalen belangrijker dan de kwantiteit van de kanalen.
2.3. Digitaal waar het kan, persoonlijk waar nodig “Inwoners en ondernemers verwachten van de gemeente de snelheid van webwinkels en de veiligheid van banken” De gemeente heeft oog voor al haar inwoners: onze, digitale, toegankelijkheid is op orde en we blijven kijken naar mogelijkheden tot verbetering van de digitale inclusiviteit. Ons uitgangspunt is dan ook ‘digitaal waar het kan’ (bijvoorbeeld voor eenvoudige diensten en producten) én ‘persoonlijk en met maatwerk waar nodig’. Zo blijft persoonlijke dienstverlening bestaan voor inwoners die niet zelfredzaam zijn én voor urgente of meer complexe vraagstukken, waarbij maatwerk nodig is en kan worden ingezet.
2.4. Van ‘zorgen voor’ naar ‘zorgen dat’ Door de toegenomen wens naar zelfredzaamheid van de samenleving én om de kosten beheersbaar te houden, wordt er steeds meer een beroep gedaan op de eigen verantwoordelijkheid van onze inwoners. Het concept ‘zorgen voor’ – waarbij de gemeente werk zoekt, plannen maakt en zaken regelt – verschuift steeds meer naar het concept ‘zorgen dat’, waarbij we een beroep doen op de zelfredzaamheid van onze inwoners en hun eigen netwerk om zo samen te zorgen voor een krachtige samenleving.
9
2.5. De gemeente als verbinder en spin in het web Bij complexe vraagstukken en financieel kostbare trajecten stelt de gemeente zich op als verbinder en spin in het web, daarbij benutten we ook de expertise van onze maatschappelijke en strategische partners én van andere gemeenten. Wij organiseren dit proces via een accountmanager of samenwerkingsgroep als dat ten goede komt van de investering of de snelheid van de oplossing, ook zorgen wij voor de verbinding tussen de verschillende partners. We nodigen inwoners, ondernemers en anderen uit om mee te denken en mee te doen om zo invloed uit te oefenen op onderwerpen die het woon-, werk- en leefplezier in Oldenzaal bevorderen. Samen zijn wij Oldenzaal! Ons beleid wordt breder gedragen in de maatschappij als iedereen meedoet. Het stadhuis als ‘Huis van de stad’ past in de uitgangspunten van het thema Dienstverlening en we onderzoeken hiervan dan ook de mogelijkheden. Kernwoorden bij het stadhuis als ‘Huis van de stad’ zijn ontmoeten, samenwerken en verbinden. Het ‘Huis van de stad’ is daarmee vooral een concept dat is bedoeld om deze kernwoorden te versterken.
2.6. Slimmere dienstverleningsprocessen De ambtenaren van gemeente Oldenzaal werken dagelijks hard om alle (hulp)vragen snel en goed te beantwoorden. Het is daarbij van belang dat dienstverleningsprocessen zo goed mogelijk worden ondersteund en daarom investeren we o.a. ook in één digitale infrastructuur die interactie makkelijker maakt, met meer; slimmer en transparanter gebruik van data, én door het opruimen en vernieuwen van (oude) systemen. Hiermee brengen we de basis voor een goede dienstverlening op orde, waardoor we sneller kunnen anticiperen op externe ontwikkelingen (zoals bijv. de Omgevingswet). Verder beoordelen we initiatieven integraal, bevorderen we participatie, maken we juridische regels toepasbaar en daar waar het kan laten we los door minder regels te stellen. Als gemeente zorgen we voor balans in het spanningsveld tussen goede dienstverlening, privacy, beveiliging en fraudebestrijding.
2.7. Toegankelijk en vriendelijk De dienstverlening in Oldenzaal is toegankelijk, zodat iedereen in onze samenleving mee kan doen. Inwoners ervaren onze dienstverlening als laagdrempelig, vriendelijk, makkelijk bereikbaar en ze voelen zich welkom bij ons. In onze dienstverlening naar inwoners en ondernemers ligt de nadruk op ‘meedenken met’ in plaats van ‘nadenken voor’. We denken in mogelijkheden, daarbij is gemeente Oldenzaal ook voor medewerkers een fijne werkplek. Samen met onze inwoners werken we aan hét gezicht van Oldenzaal!
10
Hoofdstuk 3: (EU)regionale Samenwerking Oldenzaal werkt al jaren samen met partners op diverse beleidsvelden, zowel op bestuurlijk als op ambtelijk gebied. Deze samenwerking wordt gevoerd op regionaal niveau (regio Twente) én op subregionaal niveau (Noordoost-Twente). Wij zien samenwerking als een middel om efficiënt en effectief te functioneren als gemeente. Samenwerking mag echter nooit een doel op zich zijn, maar moet voor alle participanten een meerwaarde bevatten. Daarbij kan het gaan om een functionele samenwerking (veelal gerelateerd aan uitvoering) of om een samenwerking op een gebied dat de individuele mogelijkheden van een gemeente overstijgt (zoals complexe taken en de aanpak van een crisis). Voor een goede samenwerking is commitment van alle betrokken partijen van doorslaggevend belang. Deze partijen moeten daarnaast ook vanuit hun eigen opvattingen kaders kunnen stellen, die controle achteraf mogelijk maken. We vertrekken daarbij niet vanuit een blanco situatie, in dit hoofdstuk wordt ingegaan op een aantal bestaande samenwerkingsverbanden: (EU)regionaal, Noordoost-Twente.
3.1. (EU)regionaal Om kansen te kunnen creëren en gezamenlijke ambities beter waar te kunnen maken, hebben de 14 Twentse gemeenten in 2019 besloten om hun onderlinge samenwerking én de samenwerking met andere partners in de regio Twente te versterken. Uiteindelijk willen de 14 gemeenten meer eenvoud en focus bereiken in de regionale samenwerking, vandaar dat bijvoorbeeld de Stichting Twente Board Development is opgericht voor versterking op sociaaleconomisch gebied én het Recreatieschap Twente voor de exploitatie van recreatieve voorzieningen. Verder bestaat er bijvoorbeeld ook een gemeenschappelijke regeling gezondheid in Twente. Ook op het gebied van samenwerking tussen onderwijs, ondernemers en overheden (3O-samenwerking) heeft Regio Twente al veel ervaring. Samenwerking via de Twente Board en de regionale investeringsagenda’s – zoals de ‘Agenda voor Twente’ en de ‘Regiodeal Twente’ – is niet alleen van belang voor de regio, maar ook voor Oldenzaal. Daarbij kan o.a. worden gedacht aan de ontwikkelingen rondom het goederenvervoer op ‘ons’ spoor, maar ook aan verschillende economische ontwikkelingen als mobiliteit en bereikbaarheid; de programmering van werklocaties; de arbeidsmarkt en werkgelegenheid; en wonen in Twente.
3.2. Noordoost-Twente Van oudsher heeft Oldenzaal een natuurlijke binding met Noordoost-Twente. Dit blijkt o.a. uit de voorzieningen op het gebied van duurzaamheid, het voortgezet onderwijs en onze bedrijventerreinen waar zich bedrijven vestigen uit heel Noordoost-Twente. Ook werken we bijvoorbeeld actief samen op het gebied van de vrijetijdseconomie en gaan we dit de komende jaren verder versterken. Er komen de aankomende jaren veel complexe taken en opgaven op ons af, dat kan ertoe leiden dat we als gemeente kwetsbaar worden. Vandaar dat wij positief tegenover de verkenning van een mogelijke ambtelijke samenwerking tussen Dinkelland, Tubbergen en Oldenzaal staan.
11
Hoofdstuk 4: Klimaat en Duurzaamheid “De stad leefbaar houden voor de toekomst doen we samen.” In dit onderdeel van het raadsprogramma benoemen we de opgaven en kansen op het gebied van klimaatverandering. De komende vier jaar gaan we aan de slag om extreme klimaatverandering en de effecten daarvan te verminderen. Wij realiseren ons dat Oldenzaal hierbij afhankelijk is van samenwerking. Tijdens de bijdragen van onze stakeholders kwam ook naar voren dat zij deze opgave niet alleen kunnen oplossen én dit samen met Oldenzaal willen doen. Oldenzaal is een Global Goals gemeente. Hiermee geven wij aan dat wij duurzaamheid toepassen in de breedst mogelijke zin van het woord, dat gaat van het verminderen van armoede tot aan het toepassen van duurzame energie, en van het voeren van klimaatactie tot aan het geven van kwaliteitsonderwijs en alles daar tussenin. We passen de doelen van de Global Goals op hoofdlijnen toe, duurzaamheid is daarmee onderdeel van ons dagelijks werk geworden. Het is niet de vraag óf we op een duurzame manier handelen, maar in welke mate we bijdragen aan de duurzaamheid. Bij elk onderwerp, bij elke maatregel. Er wordt onderscheid gemaakt tussen drie kernambities, die duiding geven aan de twee sporen voorkomen van en aanpassen aan: een leefbare stad waarin we ruimte geven aan natuur en water - in en om de stad - én waarin we onze CO2-voetafdruk gaan verlagen.
De andere verdiepingsambities (a t/m c) zijn voor de raad belangrijk bij het invullen van de kansen en uitdagingen die het veranderende klimaat met zich meebrengt. In de bijlage zijn ideeën opgenomen die de raad aan het college wil meegeven bij het uitwerken, dan wel uitvoeren van de ambities.
4.1. Samen zorgen we voor een duurzame stad De grote uitdagingen waar we voor staan vragen om concrete acties en een breed draagvlak. Dit draagvlak creëren we door fors in te zetten op gedragsverandering via communicatie, maar ook door zichtbaar te zijn in de stad én door het opzetten van verschillende – duurzaamheid gerelateerde – acties. We beginnen uiteraard bij onszelf! We zetten breed in op verschillende doelstellingen, want de (duurzame) Oldenzaler handelt duurzaam op veel verschillende vlakken in zijn/haar directe woon- en leefomgeving. Dit gaat van waterbesparing tot het goed scheiden van afval, en van het vaker pakken van de fiets tot het planten van meer groen in de tuin. Als gemeente geven we het goede voorbeeld aan onze inwoners door de duurzame maatregelen die we zelf nemen en de uitleg die we hierover meegeven. Hiermee willen we onze inwoners, verenigingen en bedrijven inspireren om zelf ook actief stappen te zetten op het gebied van duurzaamheid. We ondersteunen het zelf zetten van stappen op het gebied van duurzaamheid door het delen van kennis, het optimaal inzetten van nationale, regionale en/of lokale middelen, en door het integraal uitvoeren van maatregelen (werk met werk maken). Hierbij werken we samen in de regio en met externe partners.
12
Door aan deze ambitie te werken dragen we bij aan alle Global Goals:
4.2. Actief werken aan het Klimaatakkoord: stap voor stap minder emissie van broeikasgassen Om de extreme klimaatverandering te beperken gaan we stap voor stap minder CO 2 uitstoten, Oldenzaal neemt hierbij het totale doel van het Klimaatakkoord als uitgangspunt. Het Klimaatakkoord bevat 5 pijlers: Gebouwde omgeving, Mobiliteit, Industrie, Landbouw en Landgebruik, en Elektriciteit. Op elk van deze vijf pijlers van het Klimaatakkoord doet Oldenzaal een bijdrage die passend is binnen onze mogelijkheden. De voor Oldenzaal meest kansrijke pijler uit het Klimaatakkoord, is het voeren van extra inzet en maatregelen op de ‘Gebouwde omgeving’. Hierbij kunnen we met name inzetten op het verminderen van het energieverbruik, door in te zetten op gedragsverandering én door te zorgen voor goed geïsoleerde gebouwen. Bij het voldoen aan de pijler ‘Elektriciteit’, en dan met name de opwek van duurzame energie, zijn we sterk afhankelijk van onze omliggende regio. We werken binnen deze pijler actief samen in én met Noordoost -Twente en dragen op deze manier een extra steentje bij. Samen met het Rijk én onze partners zorgen we ervoor dat de energietransitie toegankelijk en bereikbaar is voor iedereen, waarbij eventuele differentiatie mogelijk is.
Het is goed om te beseffen dat de gemeente Oldenzaal, onze inwoners, onze bedrijven en onze verenigingen samen het verschil kunnen maken waar het gaat om het verminderen van de extreme klimaatverandering en ons aan te passen aan het veranderende klimaat. Door aan deze ambitie te werken dragen we bij aan de volgende Global Goals:
13
4.3. Klimaat-robuuste stad: groenblauwe dooradering van stad en land Oldenzaal is een stedelijke gemeente waarin veel meer ruimte komt voor water en natuur, dit wordt hét uitgangspunt bij het ontwerpen van de openbare ruimte. Waar het kan gaan we omgekeerd ontwerpen; waarbij het uitgangspunt wordt dat alles natuurlijk groen/blauw is en alleen de noodzakelijke ruimten verhard worden. Bij herinrichting van de openbare ruimten zijn we bereid om de functies/ het gebruik om te zetten naar groen én blauw, dit kan niet overal maar toekomstige ontwerpen moeten aantoonbaar meer ruimte voor water en natuur bevatten ten opzichte van de huidige situatie. Randvoorwaarde hierbij is wel dat wegen en ruimten goed toegankelijk dienen te blijven voor hulpdiensten, mindervaliden, etc. om bij te dragen aan de inclusiviteit van de stad. Een gezond ecosysteem is van groot belang voor de leefbaarheid in onze stad en in ons buitengebied. We zetten aanwijsbaar in op meer bio-divers groen in bestaand, en nieuw stedelijk gebied, ter vermindering van hitte en droogte in de stad. Meer groen in de stad verhoogt tevens het welzijn en het woonplezier van onze inwoners. Door de aanleg van groenblauwe dooradering werken we integraal aan het bestrijden van drie verschillende klimaatrisico’s; wateroverlast, droogte en hitte.
We zetten ons ervoor in om met het extra geplante groen onze CO2-uitstoot te compenseren, bij voorkeur binnen Oldenzaal of binnen de regio. Dit extra groen, de natuur, vangt onze broeikasgassen en fijnstof lokaal op en zorgt zo voor minder broeikasgassen in de atmosfeer. Ook hiermee dragen we bij aan de pijlers van het Klimaatakkoord. Door aan deze ambitie te werken dragen we bij aan de volgende Global Goals:
Verdiepingsambities a. Poule van coaches We hebben behoefte aan bredere kennis en meer informatie over het klimaat in onze stad én over wat onze invloed daarop is en kan zijn. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om meer informatie over duurzame energie, maar ook over meer kennis op het gebied van isolatie, waterbeheersing, droogte, hitte, afval en gevarieerde natuur. We zetten daarom in op een uitbreiding van ‘klimaat-coaches’ die onze inwoners over deze verschillende disciplines kunnen adviseren. Veel van onze inwoners geven zelf al het goede voorbeeld en zijn al een ambassadeur voor een duurzaam Oldenzaal. Deze inwoners, die zich actief inzetten om anderen te inspireren én te bewegen in de klimaattransitie, ondersteunen we middels het energieloket, de groene loper, etc. Dit doen we samen met onze duurzame partners. Tegelijkertijd zetten we ook in op onderwijs over dit thema, aangezien onze jeugd de toekomst heeft. Zo komen er in Oldenzaal steeds meer “groene inwoners”. b. Meer structurele inzet op het Klimaatakkoord Het voldoen aan de minimale verplichtingen uit het Klimaatakkoord levert voor Oldenzaal al een hoge ambitie op. We zetten ons ervoor in om deze minimale verplichtingen op een realistische manier te behalen, door voor elk van de vijf pijlers van het Klimaatakkoord een apart plan van aanpak op te stellen om te besluiten hoe we aan deze verplichtingen kunnen voldoen.
In deze plannen nemen we
14
de ondersteunende wet- en regelgeving mee. Daarnaast is het van belang dat de organisatie voldoende is toegerust én voldoende capaciteit bevat om de gestelde doelstellingen te realiseren, hierbij zetten we ook de beschikbare rijksmiddelen zo goed mogelijk in. Het is belangrijk dat de klimaatmaatregelen voor iedereen haalbaar en betaalbaar blijven én dat er transparantie is wanneer het aankomt op wat onze inwoners en bedrijven van ons mogen verwachten, ook als het gaat over handhaving op het gebied van klimaatregelgeving.
c. We hebben lef Een transitie zo groot als deze kan niet worden uitgevoerd zonder gebruik te maken van – nieuwe – innovaties. We tonen lef op dit gebied en maken op een verantwoorde wijze gebruik van deze innovaties, we staan daarbij open voor nieuwe ontwikkelingen en bewegen mee met de kansen die voorbijkomen.
4.4. Financiering We willen bovenstaande ambities mede realiseren door het continueren van onze reserve Duurzaamheid, deze is bedoeld voor het uitvoeren van de ambities omtrent het Klimaatakkoord en de vergroening van Oldenzaal. Daarnaast is het mogelijk dat structurele uitgaven omtrent het Klimaatakkoord een plek krijgen in onze programmabegroting. Ook maken we meer ruimte in het bestaande budget afkomstig uit de Rioolheffingen om te zorgen voor een betere waterbeheersing. We vragen het college om een voorstel uit te werken m.b.t. de financiering en uitgaven uit dit fonds/deze heffing. Verder stelt ook het Rijk financiële middelen beschikbaar voor de uitvoering van het Klimaatakkoord. Om hier optimaal gebruik van te kunnen maken moet voldoende capaciteit beschikbaar zijn binnen onze organisatie. We zien daarnaast nog meer kansen voor financiering op zowel provinciaal, nationaal en Europees niveau.
15
Hoofdstuk 5: Sociaal Domein “Iedereen doet mee!” In dit onderdeel van het raadsprogramma benoemen we de opgaven en kansen voor het Oldenzaalse Sociaal Domein. Daarbij geven we aan waar we aan willen werken de komende vier jaar én voor de langere termijn. We streven in Oldenzaal naar een krachtige samenleving waarin de inwoner meedoet, bijdraagt naar eigen kunnen én daar waar nodig wordt ondersteund. Zo streven we naar een Oldenzaal met zelfredzame, gezonde en verbonden inwoners die zich veilig voelen. Om dit bovenstaande te bereiken vormen het ‘Masterplan Sociaal Domein (maart 2021)’ en het ‘Integraal Beleidskader Sociaal Domein (januari 2022)’ de basis voor het beleid en de uitvoering binnen het sociaal domein. De volgende principes vormen daarin de leidraad:
we werken vraaggericht vanuit de bedoeling. We werken vanuit de vraag van de inwoner en streven ernaar dat alle inwoners actief deelnemen aan de samenleving; we spreken mensen aan op hun gedeelde verantwoordelijkheid. Uitganspunt is gedeelde verantwoordelijkheid in plaats van ‘recht hebben op’. Dat betekent dat we zelfredzaamheid stimuleren; we komen om weer te gaan. We vinden het belangrijk dat we mensen helpen zichzelf te helpen (=reablement). Dat geldt zowel voor de maatwerk-, als voor de algemene- en voorliggendevoorzieningen. Het sociaal domein vraagt sinds de decentralisaties in 2015 veel aandacht van gemeenten én zal dat de komende jaren ook blijven doen. Er zijn verschillende maatschappelijke en demografische ontwikkelingen die de komende jaren aandacht vragen vanuit het sociaal domein: de (versnelde en verhoogde) opvang van asielzoekers, vluchtelingen en statushouders; de toenemende armoedeproblematiek; en daarnaast ook thema’s als eenzaamheid, dementie en gelijke kansen. Daarbij hebben we blijvende aandacht voor gezondheidsbevordering en preventie. Bovendien zetten we in op innovatie en technologie, om tegemoet te komen aan de schaarste van mensen en middelen in brede zin.
16
Bovenstaande piramide geeft schematisch weer hoe het ondersteuningsaanbod in Oldenzaal eruitziet. Het is ons doel om ondersteuningsvragen zo laag mogelijk in de piramide op te lossen én alleen op te schalen indien nodig. Voor deze werkwijze is een kwalitatief goed ondersteuningsaanbod nodig op elk niveau van de piramide. Daarnaast is het van belang dat er wordt samengewerkt in de keten om vervolgens ook op en af te kunnen schalen binnen het ondersteuningsaanbod. Het is van belang dat de verschillende partners op de hoogte zijn van elkaars ondersteuningsaanbod om de mogelijkheden van de algemene voorzieningen zo goed mogelijk te benutten. Ook is het van belang dat partners samen optrekken rondom de ondersteuning van de inwoner. Kortom: investeren in een kwalitatief goed ondersteuningsaanbod (aansluitende ondersteuningslijnen) en samenwerken in de keten (doorlopende ondersteuningslijnen) maken het mogelijk dat we zorg zo licht als kan, en zo zwaar als moet inzetten. Om met elkaar de beoogde impact te bereiken stellen we daarom de volgende twee kernambities voor: 1. een kwalitatief goed ondersteuningsaanbod; 2. samenwerken in de keten.
5.1. Een kwalitatief goed ondersteuningsaanbod We realiseren aansluitende ondersteuningslijnen voor onze inwoners. Dat houdt in dat er voor elke doelgroep een toereikend aanbod beschikbaar is, met daarbij vooral ook oog voor de aansluiting tussen het preventieve- en maatwerk aanbod. De (sociale) basis in de ondersteuning van inwoners van Oldenzalers, wordt gevormd door hun eigen kracht en het eigen sociale netwerk. Aanvullend hierop zijn er voorzieningen waar inwoners zonder indicatie met hun hulpvragen terecht kunnen. Bijvoorbeeld op het gebied van sociaal werk, sport, onderwijs en kinderopvang, gezondheid, cultuur en informele zorg, ook wel de algemene voorzieningen genoemd. De (sociale) basisondersteuning is voor én van iedereen én draagt bij aan preventie. Door een sterke (sociale) basis is het mogelijk om in te zetten op ‘zorgen dat’ in plaats van ‘zorgen voor’. Of het preventieve aanbod voldoet aan een kwalitatief goed ondersteuningsaanbod zal blijken als we dit – op basis van die vier effecten – in kaart brengen samen met onze partners, daardoor wordt helder waar zich overlap of hiaten bevinden. Inzicht in het preventief ondersteuningsaanbod geeft ons de mogelijkheid de ondersteuning daar te organiseren waar nodig, zodat er een aanbod gecreëerd
17
wordt waarmee onze inwoners ook de ondersteuning krijgen die zij nodig hebben én die bijdraagt aan de vier effecten. Bij het in kaart brengen van het ondersteuningsaanbod en het (door)ontwikkelen van het beleid in het sociaal domein kunnen data ons helpen in de brede zin van het woord. Het biedt de mogelijkheid om intern én extern met onze partners het gesprek aan te gaan – op beleidsmatig- en uitvoerend niveau – over de wijze waarop is ingezet én de bijdrage aan de vier effecten en impact van deze interventies (‘wat blijven we doen en waar stoppen we mee?). Door dit in kaart te brengen kunnen we effectiever en efficiënter handelen. Ook kan data ons helpen bij het beter voorspellen van – en op termijn wellicht beter beheersen van – kostenontwikkeling in het sociaal domein.
5.2. Samenwerken in de keten We realiseren doorlopende ondersteuningslijnen voor onze inwoners. Een goede ketensamenwerking is daarbij van belang en draagt bij aan efficiënte(re) en effectievere dienstverlening, zodat de ondersteuning die aan onze inwoners wordt geboden op een natuurlijke manier in elkaar overgaat. We leren van elkaar: we leren elkaars expertise beter kennen én benutten. Zo kan er bijvoorbeeld sneller passende ondersteuning worden geboden, als blijkt dat de ene partij iets niet kan én een ander wellicht wel. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan de begeleiding van mensen richting (on)betaald werk. Dit alles om ervoor te zorgen dat op- en afschalen van ondersteuning voor de inwoner soepel verloopt. Om de zelfredzaamheid van inwoners te stimuleren is het belangrijk dat zwaardere ondersteuning afgeschaald kan worden naar lichte(re) ondersteuning én waar mogelijk zelfs naar geen ondersteuning. Oftewel: we zetten ondersteuning in zo zwaar als het moet en zo licht als het kan. De integrale toegang, het Sociaal Plein, is de eerste stap tot samenwerken in de keten. Het Sociaal Plein is de plek waar inwoners met al hun vragen terecht kunnen op het gebied van werk en inkomen, (jeugd)zorg, leefbaarheid, en ondersteuning. Dit Sociaal Plein is de verbindende schakel tussen de (sociale) basisondersteuning en de toegang tot de eerste- en/of tweedelijnsondersteuning.
Samenwerken nodigt uit om met elkaar anders en efficiënter te organiseren én kan leiden tot innovatieve oplossingen, daarbij is creativiteit nodig binnen de grenzen van de geldende wetgeving om informatie met elkaar uit te kunnen wisselen. Bij het intensiveren van de samenwerking is het nodig afspraken te maken over de verschillende rollen, in het bijzonder tot de regiefunctie. Deze regiefunctie hoeft namelijk zeker niet altijd bij de gemeente te liggen.
18
Hoofdstuk 6: Veiligheid “Veilig samenleven” Het is van belang dat onze inwoners zich veilig voelen in hun woon- en leefomgeving. De beleving van veiligheid heeft namelijk een sterke invloed op het welbevinden van onze inwoners. We willen deze veiligheidsbeleving periodiek meten onder onze inwoners, om te bezien of onze beleidskeuzes effect hebben op de gewenste thema’s en om – tijdig – bij te kunnen sturen. Veiligheid vraagt om flexibiliteit en focus. Binnen het veiligheidsdomein wordt onderscheid gemaakt tussen 5 kernambities: terugdringen van overlast en criminaliteit; tegengaan van ondermijnende, georganiseerde criminaliteit; versterken verbinding snijvlak zorg en veiligheid; ontwikkelen van een passende aanpak voor verdovende middelen, en aandacht voor verkeers- en spoorveiligheid.
6.1. Terugdringen van overlast en criminaliteit De veiligheidsbeleving van onze inwoners wordt sterk beïnvloed door geweldsmisdrijven, woninginbraken, overvallen en straatroof. De afgelopen jaren is dan ook extra ingezet op het terugdringen van dit soort misdrijven. Het beeld is echter dat ook andere vormen van overlast – zoals vernielingen of straatintimidatie – toenemen en daarmee invloed hebben op de veiligheidsbeleving van onze inwoners. We vinden het belangrijk dat ook deze vormen van overlast en criminaliteit worden teruggedrongen.
6.2. Tegengaan van ondermijnende, georganiseerde criminaliteit Bij ondermijnende criminaliteit gaat het om een breed scala aan criminele fenomenen en de ondermijnende werking die daarvan uitgaat op de samenleving. Georganiseerde criminaliteit is altijd geworteld in de lokale samenleving waarbij legale structuren, voorzieningen en diensten van de overheid worden misbruikt. De gemeente Oldenzaal is een eerlijke en betrouwbare partner, wij zijn een integere overheid! De gemeente doet alleen zaken met integere partijen en sluit daarbij niet-integere partijen buiten. We vinden het belangrijk om als één overheid samen te werken bij het aanpakken van ondermijning. Hiervoor is het van belang dat alle schakels binnen de gemeentelijke organisatie zich bewust zijn van het probleem én de middelen die er zijn benutten om niet-integere praktijken – tijdig – te signaleren.
6.3. Versterken van de verbinding op het snijvlak zorg en veiligheid We stellen de veiligheid van de persoon en de omgeving centraal in ons handelen en werken daarbij samen, over de grenzen van de verschillende domeinen heen. We willen bijvoorbeeld meer veiligheid creëren in situaties rondom personen die onbegrepen gedrag vertonen: voor de personen zelf, maar ook voor hun omgeving. Vroegtijdige signalering en een integrale aanpak kunnen overlast en criminaliteit voorkomen. Daarvoor moeten we de regievoering op de ketensamenwerking – op het snijvlak tussen zorg en veiligheid – versterken. In Oldenzaal geloven we in een persoonsgerichte aanpak, oftewel in het organiseren van ‘maatwerk’: op het juiste moment de juiste professionals en expertise bij elkaar brengen, om een kwetsbare persoon de zorg en ondersteuning te bieden die hij of zij op dat moment nodig heeft. Hierbij zetten we zowel in op preventie als op de-escalatie. De rol van de gemeente daarbij is wat ons betreft de regievoering op de gehele ketensamenwerking (zorg, veiligheid en straf), daarvoor is voldoende capaciteit en expertise nodig.
19
6.4. Het ontwikkelen van een passende aanpak voor het gebruik van verdovende middelen Op dit moment voert het Trimbos Instituut een onderzoek uit naar drugsgebruik in Oldenzaal, naar verwachting worden de resultaten van dit onderzoek begin 2023 opgeleverd. Deze resultaten worden meegenomen in de nog te ontwikkelen bredere aanpak tegen het gebruik van verdovende middelen.
6.5. Verkeers- en spoorveiligheid Voor het vergroten van de verkeersveiligheid in Oldenzaal hanteren we prioritering via de lijst verkeerskundige knelpunten. We continueren onze huidige werkwijze én houden de vinger aan de pols. Het treinspoor in Oldenzaal loopt dwars door onze bebouwde kom. Het gebruik van het spoor heeft, mede daardoor, uiteraard impact op onze inwoners. Zij hebben daarom ook recht op de meest actuele informatie rondom ontwikkelingen m.b.t. het spoor.
20
Hoofdstuk 7: Wijken In het Masterplan Sociaal Domein (2020) staat beschreven: “In Oldenzaal zetten we ons ervoor in dat alle inwoners actief deelnemen aan de samenleving binnen de mogelijkheden die we daarvoor hebben. Daarbij vinden wij het belangrijk de eigen kracht van de Oldenzalers en de Oldenzaalse samenleving zo goed mogelijk te benutten”. Dit vormt het uitganspunt van ons handelen, ook in onze wijken.
7.1. Ontmoeten: weet wat er leeft én voer uit waar behoefte aan is We willen inwoners blijven stimuleren om zelf (steeds vaker) actief een bijdrage te leveren aan de zelfredzaamheid en gezondheid in hun buurt of wijk, daarbij dragen zij ook actief bij aan een groene en prettige leefomgeving. Dit heeft betrekking op alle wijken in onze gemeente, het is daarom van belang dat inwoners weten hoe ze hierbij ondersteund en gefaciliteerd kunnen worden. Om onze rol als volksvertegenwoordiger goed te kunnen vervullen, is het belangrijk om te weten wat er speelt in de Oldenzaalse wijken én hoe het toekomstbeeld van deze wijken eruitziet. Daarbij heeft elke doelgroep uiteraard haar eigen wensen en ideeën. Zo willen ouderen graag in hun ‘eigen’ wijk blijven wonen, om zo lang en onafhankelijk mogelijk te kunnen functioneren in een voor hen vertrouwde omgeving. Voor jongeren en kinderen zijn echter andere punten belangrijk; zij zien graag verschillende activiteiten en (sport)verenigingen terug in hun wijk. Daarnaast blijkt dat Oldenzalers met een buitenlandse achtergrond lastig te bereiken zijn, waardoor hun wensen en behoefden onvoldoende in beeld zijn.
7.2. Doe het samen Een sociale basisinfrastructuur faciliteert inwoners bij het bouwen aan een vitale gemeenschap in hun buurt of wijk. Deze staat in dienst van alle inwoners, zodat zij zich op een actieve wijze kunnen inzetten voor elkaar en voor hun wijk/buurt. Wij zijn dan ook van mening dat er in iedere wijk een goede én herkenbare sociale basisinfrastructuur aanwezig moet zijn. Als vertrekpunt daarbij nemen we de invulling die Impuls geeft aan dit concept: “Het geheel van organisaties, diensten en betrekkingen die het mogelijk maken dat mensen in redelijkheid in sociale verbanden samen kunnen leven en kunnen participeren in de samenleving”. Bij het uitvoeren van deze sociale basisinfrastructuur in de verschillende wijken wordt gewerkt vanuit de behoeften, waarbij de systemen een ondersteunende werking hebben én niet leidend zullen zijn.
7.3. Communicatie: informatie We vinden het van belang dat de ruim beschikbare kennis en informatie – van verschillende betrokken partijen – bij elkaar wordt gebracht. Zo kan met de betrokken organisaties bekeken worden hoe deze kennis geïnterpreteerd dient te worden én wat deze betekent in ‘ons’ handelen.
21
Hoofdstuk 8: Wonen Wonen is een recht In dit onderdeel van het raadsprogramma benoemen we de opgaven en kansen van het thema ‘Goed Wonen’ in Oldenzaal. We benoemen waar we de komende vier jaar aan willen werken, maar ook onze ambities voor de langere termijn komen aan bod. Dit hoofdstuk vormt onze visie op wonen in Oldenzaal voor de middellange termijn. We realiseren ons dat de macro-economische ontwikkelingen en de grote invloed daarvan op de woonproblematiek moeilijk te voorspellen zijn. We zitten op dit moment in een overgangsfase van een ‘abnormale’ naar een ‘normale’ woningmarkt. Dit vraagt van de gemeente het voortdurend inspelen op de actualiteit en het continue in gesprek blijven met onze woonpartijen. Jongeren willen in de stad blijven wonen waar ze zijn opgegroeid, net zoals ouderen oud willen worden in de stad die hen lief is. Dit werd ook duidelijk uit de bijdragen van de woonpartijen. Er wordt in dit hoofdstuk onderscheid gemaakt tussen drie kernambities, die duiding geven aan het doel ‘Goed Wonen’ in Oldenzaal. Het gaat om de kernambities; een (t)huis voor iedereen, aantrekkelijkheid van Oldenzaal vergroten door stedelijke (her)ontwikkeling en verduurzaming van de bestaande woningvoorraad. In de bijlage zijn ideeën opgenomen die de raad aan het college wil meegeven bij het uitwerken, dan wel uitvoeren van de ambities.
8.1. Een (t)huis voor iedereen We maken (samen)wonen mogelijk voor alle groepen in onze maatschappij. Ook starters en doorstromers verdienen een goed dak boven hun hoofd, het toenemende aantal eenpersoonshuishoudens leidt tot een andere woonvraag. Daarnaast blijft ook de woonvraag van tweepersoonshuishoudens en gezinnen groot. Rondom het huisvesten van vluchtelingen en statushouders, leveren we onze bijdrage conform de taakstelling van het Rijk. De nieuwe taakopvatting van WBO – waarin er een verbreding is van de doelgroep - juichen wij van harte toe. Het gaat binnen deze doelgroep niet alleen om wie het niet betalen kan, maar ook om mensen die door de huidige woningmarkt niet gemakkelijk zelfstandig in huisvesting kunnen voorzien. We pakken samen onze kansen: van krimp van de sociale huursector naar vernieuwing (en toevoeging van midden huur). Ook bieden we ruimte aan diverse groepen die een plek voor alternatieve en collectieve woonvormen zoeken in de Oldenzaalse samenleving. We zijn ons terdege bewust van het signaal van de woonpartijen dat een inschrijflijst niet vanzelfsprekend een woonplek betekent. Daarbij zijn wij verheugd dat de 4000 huurders van WBO Wonen verenigd zijn in huurdersvereniging Blij Wonen.
Mede door de scheiding in de financiering van de woon-, zorg- en welzijnscomponent van wonen, vragen deze drie pijlers (wonen, zorg en welzijn) om een vernieuwde samenwerking. Het vinden van balans tussen de vraag en het aanbod van wonen én zorg, vraagt om het bewandelen van andere wegen én om het vernieuwen van de huidige normen.
22
8.2. Aantrekkelijkheid van Oldenzaal vergroten door stedelijke (her)ontwikkeling We hebben meer inzicht nodig in de demografische ontwikkeling van Oldenzaal, daardoor kunnen we beter sturen op beleidskeuzes met betrekking tot ondermeer: voorzieningen, woningbouw en infrastructuur. Daarnaast is ook daadkracht vereist. De komende tien jaar willen wij 1.000 nieuwe woningen toevoegen. Met de vastgestelde strategische woonprogrammering zetten we in op het versnellen van de woningbouw. Daarbij hebben we ook aandacht voor alternatieve woonvormen. We geven prioriteit aan de ontwikkeling van de Oldenzaalse sleutelprojecten Stakenbeek, De Graven Es en de Langestraat. Maar we hebben daarnaast ook oog voor de planontwikkeling op kleinere locaties, want ook deze dragen wezenlijk bij aan de stedelijke vernieuwing van Oldenzaal. Het transformeren van bijvoorbeeld kantoren, voorzieningen, winkels en kerken naar woningen, kan een bijdrage leveren aan de leefbaarheid in én de aantrekkelijkheid ván onze stad.
8.3. Verduurzaming en vernieuwing van de bestaande woningvoorraad De huidige energiecrisis maakt duidelijk hoe groot de impact is op de betaalbaarheid van wonen. We geven, in samenwerking met WBO, een prominente plek aan het verduurzamen en het levensloopbestendig maken van de woningvoorraad in Oldenzaal.
8.4.
Financiering
Extra inzet op bovenstaande ambities vergt een grotere inspanning en middelen van alle woonpartijen. We vragen het college om hiervoor met initiatieven te komen. Ook vragen wij het college met onze woonpartijen in gesprek te blijven omdat deze bij uitstek de experts zijn van Goed Wonen in Oldenzaal.
23
Hoofdstuk 9: Financiële kaders raadsprogramma De raad van de gemeente Oldenzaal stelt voor de realisering van het ‘Raadsprogramma 2022-2026’ een bedrag van €4 miljoen beschikbaar. Dit betreft een incidenteel bedrag dat gefinancierd wordt vanuit het overschot op de begroting van 2021 (en feitelijk uit de Algemene Reserve). Het is op dit moment voor de gemeenteraad moeilijk in te schatten wat de exacte kosten zullen zijn die zijn gemoeid met de uitvoering van het Raadsprogramma. De gemeenteraad acht niet uitgesloten dat dit bedrag van €4 miljoen ontoereikend is én dat naast de genoemde incidentele bijdrage een aanvullende incidentele bijdrage nodig is óf zelfs structurele bijdragen. Wij verzoeken het college van B&W om in januari 2023 met een uitgewerkte zienswijze te komen richting de gemeenteraad, inclusief inhoudelijke voorstellen en een overzicht van de benodigde financiën. De gemeenteraad beseft dat in januari wellicht nog niet alles duidelijk kan zijn, maar verwacht op dat moment wel een eerste inzicht. Dit voorstel zal door de gemeenteraad inhoudelijk en financieel worden besproken én aan de hand van de beraadslaging zal een en ander verwerkt worden in begrotingswijzigingen. Ook als blijkt dat er meer middelen nodig zijn dan initieel door de gemeenteraad beschikbaar gesteld, zullen we dit op dat moment bespreken.
24