CConstaterende datOldebroek
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag 20 januari 2021

Commissie Ruimtegebruik en Leefomgeving 20 januari 2021, gemeente Oldebroek8.898 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

GEMEENTE OLDEBROEK RAADSGRIFFIE COMMISSIE RUIMTEGEBRUIK EN LEEFOMGEVING Verslag van de openbare online vergadering d.d. woensdag 20 januari 2021 Aanwezig Leden

:

Voorzitter Griffier : Notulist: College

: : : :

Ambt. onderst.

:

Tevens aanwezig Insprekers Publiek Pers

: : : :

de heren A.M. Boer, G.J.L. Dokter, J.A. Dijkstra, E.D. Doorneweerd, P.H. Graansma, A. Heddema, A.J. Hellendoorn, H.G.P. Kemp (voor W. Roelofsen), N.T. Schouten, K. van Ommen, G. Vlieger en H. Wijnne. de heer E.J. Ruitenberg. de heer J. Tabak. mevrouw H. Leusink. mevrouw T.H. Haseloop-Amsing (burgemeester), mevrouw E.G. Vos-van de Weg en de heren B. Bergkamp en B. Engberts (wethouders). de dames M. Emming, L. Kerkdijk en L. Visser en de heren N. van Genderen, J.W. van Hooren, M. Maathuis, M. van Putten, M. Tijssen en F.P. Witteveen. de heer P. Lensselink, gemeentesecretaris. 1 n.v.t. (de vergadering alleen te volgen via livestream) -

Afwezig

:

de heren D.E. Doornwaard en W. Roelofsen.

Tijd

:

19.30 – 22.05 uur.

01. Opening. De voorzitter opent de digitale vergadering en heet iedereen welkom, ook de luisteraars thuis. De heer Doornwaard is afwezig wegens ziekte. 02. Vaststelling van de agenda. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. Door de fractie van ABO is een vraag voor de rondvraag aangekondigd. 03. Vaststellen ontwerpbestemmingsplan Oldebroek, brandweerkazerne. Eerste termijn De heer Boer heeft een vraag over de indeling van het plangebied, klopt het dat in het kader van het vaststellen van het ontwerpbestemmingsplan voor de brandweerkazerne legalisering plaatsvindt van het bedrijf Ten Cate wat betreft de gronden die niet van het bedrijf zijn. Als dit zo is: vindt in het kader van die nieuwe planologische, juridische situatie verkoop plaats van die gronden aan Ten Cate? En is er dan een bedrijfsbestemming op deze gronden gekomen? Hij vraagt verder naar de indeling van het terrein. Is het niet logischer om aan de achterzijde van het terrein ruimte te reserveren voor de sloopauto’s waarmee geoefend wordt, in plaats van aan de voorzijde, zodat de omwonenden daar minder last van hebben. Wethouder Engberts zegt dat hij de vraag van de heer Boer over legalisering als technische vraag (vooraf) had verwacht.

Volgens zijn informatie op dit moment is het zo dat het deel dat tussen de nieuwe brandweerkazerne en Zuiderzeestraatweg 213 ligt al eigendom is van Ten Cate, er vindt geen verkoop plaats. Over de inrichting van het terrein en de plaats van de sloopauto’s is met de buurt gesproken bij het ontwerp; voor de sloopauto’s is aan de zijkant voldoende ruimte, aan de achterzijde niet. De sloopauto’s staan niet in het zicht.

-2-

De voorzitter zegt het eens te zijn met wethouder Engberts dat deze vragen technisch van aard zijn en wijst op het belang om deze vragen vooraf te stellen zodat de beantwoording beter voorbereid kan worden. De heer Schouten zegt dat de gekozen locatie volgens de fractie van de VVD de beste is. Zijn fractie begrijpt dat omwonenden bezorgd zijn over mogelijke veranderingen in hun omgeving en ziet dat het plan daarom op bepaalde punten is aangepast. Hij snapt dat niet op alle punten overeenstemming bereikt kan worden, maar hij hoopt dat betrokken partijen kunnen leven met het resultaat. De fractie van de VVD kan instemmen met het plan. De heer Graansma zegt dat zijn fractie zich kan aansluiten bij de fractie van de VVD. Er ligt een mooi voorstel, de keuze voor de locatie is al eerder gemaakt. De fractie van de ChristenUnie stemt in met het voorstel. De heer Graansma complimenteert het college voor de manier waarop buurt is betrokken. De heer Van Ommen zegt dat de plankeuze eerder is gemaakt en dat de fractie van het CDA daar toen niet zo blij mee was maar zich erbij neer heeft gelegd. Het plan is nu netjes uitgewerkt en er is goed gekeken naar de consequenties voor de buurt. De fractie van het CDA stemt in met het voorstel. De heer Dokter heeft niet veel toe te voegen aan wat er al is gezegd door de vorige sprekers.

Uit het stuk komt naar voren dat de buurt goed is meegenomen en dat de buurt zich niet heeft vastgezet in haar eigen belang. Hij vraagt of de wethouder nog een toelichting kan geven op dat proces. Overigens heeft het voorstel de instemming van zijn fractie. Wethouder Engberts zegt dat er veel overleg met de buurt is geweest en dat de buurt veel inbreng heeft gehad. De buurt had veel wensen maar ook begrip. Burgemeester Haseloop voegt toe dat ook in het vervolgtraject de buurt zoveel mogelijk wordt meegenomen. De heer Vlieger zegt dat de fractie van de SGP ook positief is over het plan, er is een zorgvuldige procedure aan voorafgegaan en dat er voldoende rekening is gehouden met de omwonenden. Tweede termijn De heer Boer zegt toch nog een vraag te hebben over het paarse stuk in bijlage 3. In de tekst heeft hij gelezen dat dit stuk grond van de buurman is en een agrarische bestemming heeft. Waarom staat er dan in de tekst dat die grond bij deze aanvraag een bedrijfsbestemming zal krijgen? Hij is voor de rest tevreden met het plan, maar deze vraag triggert hem wel. Wethouder Engberts zegt dat in bijlage 3 het deel tussen Ten Cate en de beoogde locatie voor de brandweerkazerne als bedrijf wordt bestempeld. In de huidige situatie is daar een pad en een smalle strook gras die door ten Cate als parkeergelegenheid wordt gebruikt, dat wordt dan bestemd als bedrijf.

Er is dan sprake van een win-winsituatie die ook past in Oldebroek-voor-Mekaar. Afronding: De voorzitter constateert dat dit agendapunt voldoende is besproken. Het voorstel wordt als Bonderwerp geagendeerd voor de raadsvergadering van 4 februari 2021. 04. Gewijzigd vaststellen ontwerpbestemmingsplan Buitengebied, Kleine Woldweg 10 (Oosterwolde). Insprekers De heer G. Bonestroo zegt dat hij een mail heeft gestuurd met een aantal vragen, maar omdat die mail in eerste instantie niet goed is overgekomen heeft hij spreekrecht aangevraagd. Hij leest vervolgens zijn mailbericht voor: “Vraag 1: De nieuwe woningen komen binnen de spuitzone van 50 meter van mijn weiland. Ik wil 100% zekerheid dat dit geen gevolgen heeft voor het gebruik van mijn weiland. Dit blijft nu een welles nietes discussie, er wordt verwezen naar jurisprudentie die absoluut niet strookt met deze situatie. Ik eis alleen maar dat een ingenieursbureau zoals SPA WNP dit onderzoekt en daar een rapport van maakt. Ik schik mij volledig aan de conclusie maar dan is de discussie ten einde en zijn de te treffen maatregelen goed verankerd in het bestemmensplan. Nu alleen zeggen dat de houtwal voldoende

-3-

bescherming bied is niet zorgvuldig, SPA kan aangeven wat de eisen zijn aan de driftbeperkende haag en of er een dichte gevel moet komen oid. De voorwaarde voor het toepassen van de VAB regeling is dat naastliggende bedrijven niet beperkt mogen worden, alleen met een onderzoek kun je dat met zekerheid bepalen. Vraag 2: Er staat toch duidelijk in de beleidsnotitie VAB 14-12-2017 dat het uitgangspunt maximaal 3 woongebouwen per perceel is en maximaal 2 nieuwe vrijstaande woningen. Als er al 2 bestaande bedrijfswoningen staan zou er nog maximaal 1 woning bij mogen komen?. In het nieuwe voorstel komt het totaal op 4 woongebouwen dit is volgens mij niet toegestaan. Vraag 3: In het voorgaande plan stonden de meeste nieuwe woningen dicht op de bestaande bedrijfswoningen en meer aan de noord (west)zijde van het perceel. Ik had de meeste moeite met de woningen op de oostzijde / zuidzijde van het perceel. In het nieuwe voorstel komen de 2 nieuwe woningen helemaal aan de oostzijde van het perceel, ook de woning die een belemmering is voor mijn spuitzone staat weer aan de zuidzijde. Achter de bestaande bedrijfswoning wordt nu eerst een groenweide gemaakt daar waar eerst de nieuwe woningen stonden. Dit nieuwe plan kan dan toch veel compacter dus direct achter de bestaande bedrijfswoning.

Het is veel beter om de nieuwe woningen op de plek van de groenweide te zetten, dan is de spuitzone waarschijnlijk ook geen probleem meer. Het VAB beleid heeft als doel de verstening te verminderen, de nieuw woningen en straks ook de vergunningsvrije bijgebouwen komen veel verder het landschap in dan de bestaande bebouwing. Vraag 4: De nieuwe verbeelding en planregels hebben plotseling een nieuwe functie Groen als toevoeging gekregen. In de voorgaande plankaart stond de houtwal aan de zuidzijde aangemerkt als een specifieke vorm van agrarisch element en moest conform dit bestemmingsplan ook in stand worden gehouden. Dit is voor mij heel belangrijk om te handhaven i.v.m. het uitzicht op mijn bedrijf. De houtwal heeft nu dezelfde functie als de dierenweide ik zie dit graag duidelijker aangegeven.“ De voorzitter zegt dat de heer Bonestroo een aantal vragen heeft gesteld en hij hoopt dat de heer Bonestroo er begrip voor heeft dat de commissie deze vragen niet kan beantwoorden. Mogelijk dat de vragen een plek krijgen in de eerste termijn van de verschillende fracties. Hij geeft de leden van de commissie de gelegenheid vragen te stellen aan de heer Bonestroo. De heer Dokter vraagt of de vragen van de heer Bonestroo niet zijn meegenomen in het vooroverleg voordat het plan naar de gemeente werd gebracht.

De heer Bonestroo antwoordt dat hierover in het vooroverleg niet met hem is gesproken. De heer Dijkstra geeft aan dat in het vorige overleg, toen er nog sprake was van meerdere woningen, de spuitzone ook aan de orde is geweest, is er toen niet over gesproken? De heer Bonestroo zegt dat er wel over is gesproken, maar hij heeft hier verder geen bevestiging over gekregen. Het plan is nu gewijzigd en hij wil weten wat de gevolgen voor hem zijn. De heer Vlieger zegt dat de heer Bonestroo aangaf dat het gaat om vier woningen, hij heeft begrepen dat het gaat om een bestaande woning en twee bij te bouwen woningen. De heer Bonestroo zegt dat er al twee woningen staan. De heer Vlieger zegt dat één van die woningen op een ander perceel staat. Volgens de heer Bonestroo staat die woning op hetzelfde adres. Volgens de heer Vlieger heeft die woning wel een andere eigenaar. De heer Bonestroo zegt dat dit klopt. Eerste termijn De heer Graansma zegt dat Kleine Woldweg 10 al menig keer op de agenda heeft gestaan de afgelopen periode en zijn fractie was verbaasd dat het nu weer op tafel ligt. In de vergadering van september 2020 is er uitgebreid over gesproken en is er van vijf woningen afgeschaald naar vier woningen. Het argument van het college was toen dat er absoluut vier woningen moesten komen omdat het anders financieel niet haalbaar was.

Nu ligt er opeens een voorstel waarin het wel met twee woningen kan. Hij wil graag een reactie van het college waarom dit nu het geval is; ook is hij benieuwd naar de reactie van de fractie van de SGP, gelet op hun standpunt in september 2020.

-4-

Inhoudelijk heeft de heer Graansma ook nog een aantal vragen. In de technische vragen heeft zijn fractie gevraagd naar de schone ondergrond. Een van de belangrijke punten in de vorige bespreking was de financiële onderbouwing plus de argumenten voor het oplossen van milieuproblemen. De fractie van de ChristenUnie heeft nu in de technische vragen gevraagd of dit nu nog wordt gedaan als er twee woningen gebouwd worden. Volgens de beantwoording is dat wel zo; er wordt verwezen naar het Bouwbesluit 2012, dat voor een omgevingsvergunning als voorwaarde stelt dat de ondergrond schoon is. De ondergrond is nu kleiner geworden, er komen minder woningen. Worden we straks niet met een probleem opgezadeld? Eén van de vragen van de heer Bonestroo is ook een vraag die de heer Graansma heeft, namelijk de vraag over de spuitzone. Het college heeft de commissie in de vorige bespreking verzekerd dat dat absoluut geen probleem was en dat het allemaal klopte. Hij snapt de twijfels van de heer Bonestroo en vraagt nogmaals bevestiging van het college of het allemaal klopt. Naar aanleiding van de plankaarten vraagt de heer Graansma naar de bestaande houtwal die de bestemming groen heeft gekregen, echter in de beplantingsschema’s staat wel weer dat er een bestaande houtwal is en dat die blijft staan.

Hij vraagt of de bestaande houtwal inderdaad blijft staan en of die de bestemming groen heeft gekregen. Wethouder Engberts gaat in op het terugbrengen van het aantal woningen. De initiatiefnemer is hier leidend in. In de vorige vergadering is heel nadrukkelijk gezegd dat binnen het VAB-beleid moest worden gebleven. De keuze van de initiatiefnemer is nu twee woningen, ook om het financieel rond te krijgen en de subsidie voor de warme sanering te kunnen krijgen, er zit tijdsdruk op. De heer Graansma interrumpeert. Hij hoort de wethouder zeggen dat de initiatiefnemer van vier woningen is teruggegaan naar twee woningen. Waarom heeft het college de vorige keer dan met hand en tand verdedigd dat vanwege de financiële onderbouwing er vier woningen moesten komen? Wethouder Engberts antwoordt dat op basis van de toenmalige situatie dat de overwegingen waren. De initiatiefnemer heeft nu, om hem moverende redenen, het plan gewijzigd naar twee woningen, ook om het passend te maken binnen het VAB-beleid. De heer Graansma interrumpeert opnieuw. Hij vraagt waarom dan eerder is afgeweken van het VABbeleid en is meegegaan met vier woningen, terwijl het wel gewoon onder het VAB-beleid had gekund. Wethouder Engberts zegt dat de heer Graansma een verkeerde gevolgtrekking doet dat het onder het VAB-beleid had gekund.

De financiële gevolgen voor de initiatiefnemer hoeven nu niet in beeld gebracht te worden omdat het niet gaat om een financieel sluitend iets, het moet nu binnen het VAB-beleid passen, en het plan past daarbinnen, zonder financiële gevolgen voor de gemeente. De heer Graansma snapt dat de initiatiefnemer de keuze nu zelf gemaakt heeft, maar waarom is het college er de vorige keer dan meegegaan in een plan waarin veel meer geld gegenereerd moest worden als het VAB-beleid helder is en twee woningen mogelijk maakt. Wethouder Engberts antwoordt dat ook vanuit de provincie er geluiden zijn over het opkopen van bedrijven in het kader van stikstof en dat je niet kunt volstaan met twee woningen, er is meer nodig. Daarom heeft het college gemeend voldoende compensatie te moeten bieden. Over de houtwal zegt de wethouder dat de benaming groen sterker is dan de benaming houtwal. De voorzitter zegt dat de beantwoording van de vraag van de heer Graansma over het schoonmaken van de grond onderbelicht is gebleven. Wethouder Engberts antwoordt dat de grond schoon opgeleverd moet worden. De heer Dokter zegt dat er de vorige keer toezeggingen zijn gedaan over de overlast voor de buren. Hij vertrouwt er op dat die toezeggingen worden nagekomen.

De heer Bonestroo heeft nu een aantal vragen ingebracht die volgens de heer Dokter al in het voortraject aan de orde geweest hadden moeten zijn, voordat het plan hier op tafel kwam. Hij vraagt een toelichting van de wethouder op de procedure. Wethouder Engberts zegt dat de vragen die nu gesteld worden een herhaling zijn van eerder gestelde vragen en hiervan heeft de commissie kennis kunnen nemen. Het gaat nu om twee woningen in plaats van vier en voor het overige is de erfinrichting hetzelfde gebleven. De vragen zijn beantwoord via de zienswijzenota en in de vooroverleggen zijn deze zaken ook aan de orde geweest. De heer Dokter zegt dat het goed was geweest om ook bij het nieuwe plan even met elkaar om tafel te gaan. Wethouder Engberts is van mening dat bij het eerste plan de vragen voldoende afgehandeld zijn en toezeggingen zijn gedaan. De heer Bonestroo wordt op geen enkele wijze belemmerd in zijn

-5-

bedrijfsvoering en hij kan zijn uitbreiding doen en zijn bouwperceel vergroten. De afspraken zijn op papier gezet en in de zienswijzenota terecht gekomen. De heer Boer zegt dat een aantal van zijn vragen al is beantwoord. Hem is nog niet helemaal duidelijk wat de heer Bonestroo bedoelt met de twee bedrijfswoningen die op het perceel staan, volgens hem is één van deze woningen niet een woning die officieel meegeteld wordt. Wethouder Engberts antwoordt dat het niet gaat om meetellen van woningen maar om toevoeging van nieuwe woningen in plaats van sloop. Dat zijn er maximaal twee en die worden volgens de VAB-richtlijn toegevoegd. De heer Vlieger zegt dat er nu een nieuw plan voorligt en dat plan voldoet aan het VAB-beleid. De financiële risico’s voor de gemeente zijn afgedekt. De fractie van de SGP heeft geen verdere vragen en is positief over dit plan. De voorzitter merkt op dat de heer Graansma in zijn bijdrage de fractie van de SGP heeft gevraagd naar een reactie op dit plan, gelet op hun opstelling bij de eerdere bespreking in september 2020. De heer Vlieger zegt de vraag van de heer Graansma niet helemaal helder te hebben.

De heer Graansma zegt dat hij niet zozeer een vraag had, maar in de raadsvergadering van september 2020 heeft de SGP zijn fractie het vuur na aan de schenen gelegd over het feit dat de fractie van de ChristenUnie het beleid van de minister van landbouw niet zou volgen en het saneringsbeleid van varkenshouderijen tegen zou houden omdat de fractie niet wilde instemmen met het toen voorliggende plan. De heer Vlieger zegt dat het standpunt over het plan dat in september voorlag niet is gewijzigd, als dat plan nu weer zou voorliggen zou zijn fractie hier weer mee instemmen. De raad heeft echter niet ingestemd met het plan, nu ligt er een plan dat voldoet aan het VAB-beleid en de fractie van de SGP kan hier ook mee instemmen. De heer Dijkstra zegt de discussie van september vorig jaar over markwaarde niet te willen herhalen. Er ligt nu een plan dat past binnen het VAB-beleid. Misschien is dit maatwerk dat past binnen het VABbeleid. De heer Bonestroo heeft gevraagd om een extra onderzoek naar de spuitzone, de heer Dijkstra vraagt het college of de heer Bonestroo hier terecht om vraagt of mag de heer Bonestroo ervan uit gaan dat zijn bedrijf absoluut geen last gaat ondervinden van deze bebouwing.

Wethouder Engberts zegt dat hij met de Omgevingsdienst Noord Veluwe (ODNV) de situatie heeft beoordeeld en dat de ODNV heeft geconstateerd dat dit geen problemen gaat opleveren in de toekomst, de bedrijfsvoering van de heer Bonestroo wordt niet belemmerd. De heer Kemp zegt dat het voor de heer Bonestroo helder moet zijn dat de notulen van deze vergadering onderdeel uitmaken van de besluitvorming, dus wat in de notulen staat is door hem te gebruiken. Voor wat betreft de spuitzone hoeft hij zich dus geen zorgen te maken, de wethouder heeft tot twee keer toe aangegeven dat hij daar geen last van zal hebben. De heer Kemp geeft aan dat de fractie van de VVD de vorige keer voor het plan heeft gestemd, en de reden daarvoor is ook bekend. Nu heeft hij het gevoel dat hij ongelooflijk op het verkeerde been is gezet, het bedrijf zou doorgaan – mogelijk zelfs met expansie –, maar daarvoor was het noodzakelijk dat er vier woningen gebouwd zouden worden. Nu blijkt vier maanden later dat het toch op een andere manier kan; hij kan zich niet aan de indruk onttrekken dat hier sprake is van misleiding, de informatie van het college is achteraf niet correct geweest. De heer Engberts reageert hierop en zegt dat hij destijds niet heeft gezegd dat het bedrijf door zou gaan. Die keuze is aan het bedrijf. Maar als het bedrijf niet door zou gaan, zou het geld moeten toeleggen.

Dat is nu aan de orde, het bedrijf heeft een keuze gemaakt. Welk bedrag het bedrijf moet toeleggen is niet bekend. De heer Kemp zegt dat het bedrijf vorig jaar heeft aangegeven dat het zou doorgaan, en dat heeft de wethouder ook zo verwoord in de vergadering van september. Dat was ook de indruk die achterbleef. Hij blijft het jammer vinden dat – juist omdat hij zoveel waarde hecht aan een betrouwbare overheid en dat de vorige keer de reden was voor hem om in te stemmen – we nu min of meer in ons hemd gezet worden. Wethouder Engberts geeft aan dat in de toekomst meer van deze verzoeken zullen komen.

-6-

Reactie inspreker De voorzitter geeft de heer Bonestroo de gelegenheid te reageren op hetgeen er in eerste termijn is gezegd. De heer Bonestroo zegt dat hem nu duidelijk is dat het voor zijn bedrijf geen belemmeringen oplevert. De voorzitter bedankt de heer Bonestroo voor zijn inbreng. Tweede termijn De heer Graansma constateert dat de spuitzone geen belemmeringen oplevert voor het bedrijf van de heer Bonestroo. Net als de heer Kemp houdt hij ook een wrang gevoel over aan de eerdere behandeling. De heer Dokter zegt dat bij de vorige behandeling al toezeggingen zijn gedaan, die zijn nu weer gedaan. Volgens hem is geen nader onderzoek nodig als er al een toezegging is gedaan. Ook de heer Dokter is het eens met wat de heer Kemp in eerste termijn heeft gezegd over het eerste plan en het beschaamde vertrouwen. De heer Dijkstra zegt dat de wethouder de heer Bonestroo nu ook duidelijkheid heeft gegeven. Het huidige plan is conform het VAB-beleid en hiermee kan zijn fractie instemmen. De heer Boer zegt dat de fractie van ABO ook instemt met het voorstel. De heer Kemp zegt dat ook de fractie van de VVD instemt met het voorstel. Afronding: De voorzitter constateert dat dit agendapunt voldoende is besproken. Het voorstel wordt als Bonderwerp geagendeerd voor de raadsvergadering van 4 februari 2021. 05. Handhavingsnota Fysieke Leefomgeving 2021-2026.

Eerste termijn De heer Dijkstra zegt dat het een gedegen stuk is, maar zijn fractie heeft nog wel een aantal vragen. De systematiek van Elburg is overgenomen en is in NEO-verband tot stand gekomen. Hij vraagt of er niets van Nunspeet is opgenomen, kan het college hier een toelichting op geven. Verder een vraag over het afval. Op pagina 5 staat dat de gemeenteraad op 12 december 2019 nieuw afvalbeleid heeft vastgesteld, is dat in de afgelopen vergadering (raadsvergadering 17 december 2020) met Diftar niet opnieuw vastgesteld? De heer Dijkstra heeft ook een vraag over permanente bewoning, er wordt gerefereerd aan het plan Mulligen, hij vraagt het college toe te lichten waarom daaraan wordt gerefereerd. Een volgende vraag is waarom er niet wordt gereageerd op anonieme meldingen, of alleen onder bepaalde condities. Wat betreft het gedogen, uitgangspunt is dat er niet wordt gedoogd, maar vervolgens wordt een aantal uitzonderingen genoemd, ook hier wil hij een toelichting op van het college. De heer Dijkstra zegt tenslotte dat in het stuk beleid over de kangoeroe woningen mist. De voorzitter merkt op dat de heer Dijkstra een groot aantal technische vragen heeft gesteld die in het voortraject gesteld konden worden. Hij geeft het college niet de gelegenheid hier nu op te reageren.

De heer Dijkstra is van mening dat de vraag over de kangoeroewoning niet technisch van aard is, de overige vragen wil hij nog wel schriftelijk indienen, maar de voorzitter heeft eerder vanavond ook technische vragen toegestaan. De voorzitter zegt dat hij bij het eerdere agendapunt al heeft aangegeven dat hij nog niet helemaal scherp was en de vragen daarom heeft toegestaan. Het gaat hier om een opiniërende nota waarbij het college aan de commissie vraagt wat er nog toegevoegd zou moeten worden. Over de opmerking over de kangoeroewoning zegt hij dat dit volgens hem meer thuishoort in de woonvisie en niet in de handhavingsnota. Misschien kan de heer Dijkstra deze vraag verduidelijken in relatie tot de handhavingsnota, zodat het college deze vraag kan beantwoorden. De heer Dijkstra zegt dat hij ziet dat er op dit moment een aantal kangoeroewoningen wordt gebouwd en hij vraagt zich af of daar beleid op is en of daar handhaving op is.

-7-

Burgemeester Haseloop zegt wel een toelichting te willen geven op de gekozen methode en waarom Elburg wel is benoemd en Nunspeet niet. Elburg had deze vorm van een paraplu-stuk in een nota met daarnaast uitvoeringsplannen en jaarverslagen; met deze vorm kun je langer voort. Oldebroek doet meer samen met Elburg en Nunspeet als het gaat om handhaving. Waarom Nunspeet niet is genoemd weet burgemeester Haseloop niet, ze zijn wel genoemd als samenwerkingspartner en dat blijven ze ook. Over permanente bewoning zegt zij dat de fractie van de ChristenUnie daar ook vragen over had gesteld. In de beantwoording daarvan staat dat de handhavingsnota een lang voorbereidingstraject heeft gehad en dat het bestemmingsplan Mulligen op dat moment nog niet onherroepelijk was. Bij het vaststellen van de nota zal deze passage er uit gehaald worden. Anonieme meldingen worden per geval bekeken; in principe doen we er niets mee. Maar als het gaat om zaken die we ook niet zo maar kunnen laten lopen, gaat het college daar wel mee aan de slag. De burgemeester is het met de voorzitter eens dat de kangoeroewoningen niet in deze nota thuis horen. Wethouder Engberts gaat nog in op de vraag over de kangoeroewoningen. Het klopt dat daar nog geen beleid op is, dus kan er ook niet op worden gehandhaafd. De definitie van kangoeroewoningen is zelfs nog niet vastgesteld.

Hij vraagt of de eer Dijkstra zijn vraag schriftelijk wil stellen, dan het college daar schriftelijk op antwoorden. De voorzitter bedankt het college voor de beantwoording en roept de overige fracties op zich te richten op het geven van input voor de nota. De heer Vlieger zegt dat voor wat betreft de fractie van de SGP er een helder stuk ligt dat voldoende informatie geeft. Er zijn nog wel wat verhelderende vragen. Op pagina 6 wordt bij het onderwerp reclame aangegeven dat er in oktober 2019 is gestart met inventariseren. Hij vraagt of het college helder heeft wat nu de stand van zaken is. Bij 4.1 Preventiestrategie is het hoofddoel voorlichting te geven, de heer Vlieger vraagt – gezien de beperkingen die er nu zijn – hoe het college daar mee omgaat. Op pagina 18 gaat het over stimuleren en benutten van maatschappelijke betrokkenheid. In het stuk wordt veel gesproken over de toepasbaarheid van Oldebroek voor Mekaar, kan het college aangeven hoe dit werkt in de praktijk en zijn hier voorbeelden van? De laatste vraag van de heer Vlieger gaat over de controles (4.2.1). Van bewoners heeft de fractie geluiden gehoord dat bij een inspectie wordt gezegd dat het allemaal wel meevalt, maar dat er daarna wel een brief op de mat valt met veel verwijzingen naar wet- en regelgeving. De fractie van de SGP zou ook hier willen pleiten voor de OvM-gedachte.

De voorzitter zegt dat de vraag over de reclame een technische vraag is die vooraf gesteld had kunnen worden. Voor de overige vragen geeft hij het college de gelegenheid te reageren. Burgemeester Haseloop gaat in op de vraag over voorlichting, het college probeert zoveel mogelijk door uitingen in de media en in stukken dat mee te nemen. Als het gaat om OvM wordt aangegeven dat men eerst met elkaar in gesprek moet gaan en moet proberen er samen uit te komen voordat handhaving wordt ingeschakeld. Als het gaat om handhavingsverzoeken of als het college er iets van moet vinden, ontkom je er niet aan dat er juridische teksten gebruikt worden en dat er wetten gehandhaafd moeten worden. Maar er wordt wel altijd geprobeerd dat zo goed mogelijk toe te lichten. Zij zegt dat de vraag van de heer Vlieger over de inspecties waarin wordt gesteld dat het wel meevalt en er toch een juridisch getinte brief wordt verstuurd, nu lastig te beantwoorden is. Zij kan in deze vergadering niet op specifieke casussen ingaan en zij herkent zich hier ook niet in. Als burgers dit zo ervaren is het advies om contact op te nemen. De heer Kemp zegt dat het een stevig verhaal is en dat goed gereedschap is in kader van veiligheid en handhaving. De fractie van de VVD vindt het ook goed dat dit in samenwerking met NEO is opgepakt, ook voor de ODNV. Het college zit op de goede weg.

Burgemeester Haseloop zegt dat er weliswaar is samengewerkt met Elburg en Nunspeet, maar het college wil ook proberen om Hattem, Heerde en Epe hierbij te betrekken, zodat er voor de kop van de Veluwe eenduidig beleid is. De heer Heddema geeft het college een compliment voor het heldere stuk over beleidskeuzes en prioriteiten. De fractie van ABO heeft het stuk zo gelezen dat hetgeen omkaderd is de keuzes zijn die het college heeft gemaakt, zijn fractie kan zich aansluiten bij die keuzes. In het kader van recente

-8-

ontwikkelingen in Den Haag over handhavingsbeleid wat ontspoord is, doet hij de suggestie om de menselijke maat op te nemen in de nota als toetssteen. In de nota wordt gesproken over het mogelijk inhuren van expertise. De heer Heddema vraagt of het de bedoeling is om dit in NEO-verband te doen. Burgemeester Haseloop zegt dat het kan voorkomen dat we met een casus geconfronteerd worden waarvoor we de expertise niet in huis hebben, maar mogelijk binnen NEO wel. Als dat laatste ook niet het geval is, kunnen we als NEO iets doen. De meerwaarde van de samenwerking op de kop van de Veluwe is juist de uitwisseling van expertise. Voor wat betreft de menselijke maat komt dat vooral tot uitdrukking in OvM, echter we ontkomen er ook niet aan dat voldaan moet worden aan wet- en regelgeving. De suggestie om de menselijke maat mee te nemen in de tekst neemt de burgemeester mee. De heer Doorneweerd zegt dat de fractie van de ChristenUnie positief is over de nota en zich kan vinden in de door het college voorgestelde prioritering. Hij benoemt de punten die voor zijn fractie belangrijk zijn: schenken zonder vergunning, zwerfafval, tijdelijke vergunningen voor mantelzorgwoningen moeten echt tijdelijk zijn, en illegale bebouwing bij bedrijven. Verder is het uitgangspunt van starten met OvM waar mogelijk een goede zaak, met praten wordt soms meer bereikt dan met handhaving.

Burgemeester Haseloop denkt dat de aandachtspunten die de heer Doorneweerd heeft aangegeven zijn meegenomen in de nota en de uitgangspunten. De heer Dokter geeft aan dat er in maart 2019 een bijeenkomst is geweest en hij vraagt zich af hoe de mensen die daarbij aanwezig waren zich herkennen in deze handhavingsnota. Hij wil als bestuurlijke vraag meegeven wat we als gemeente denken op te lossen met deze nota, anders dan aanpassing aan nieuwe wet- en regelgeving. Met andere woorden: waar liepen we tegenaan in de handhaving en hoe kunnen we dat nu herijken. De communicatie en afstraling naar de burgers is belangrijk voor hem. Burgemeester Haseloop zegt dat deze nota voornamelijk intern van belang is, wat speelt er en welke instrumenten hebben we. Het concept is ook toegestuurd aan de ondernemersvereniging en de andere mensen die hebben ingesproken. De burgers zullen het vooral gaan merken in het gedrag en de uitvoeringsplannen van de gemeente. Tweede termijn Er zijn geen opmerkingen in tweede termijn. Afronding: De voorzitter stalt vast dat dit agendapunt voldoende is besproken en wenst het college succes met het opstellen van de definitieve versie van de nota. 06. Vaststellen verordening gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit. Eerste termijn De heer Vlieger zegt dat zijn fractie geen vragen heeft, het stuk vloeit voort uit wettelijke regelgeving vanuit de Omgevingswet.

De fractie van de SGP hoopt dat het inderdaad leidt tot een kostenbesparing en efficiëntere werkwijze. De heer Heddema zegt dat ook de fractie van ABO blij is met dit voorstel; de kwaliteitsstap en de efficiëntere werkwijze zijn goede ontwikkelingen. De fractie van ABO heeft zorgen over de ontwikkelingen in het buitengebied, daar is eerder over gesproken. Er zijn zorgen over verrommeling en de gevolgen van de regionale energiestrategie (RES) en de uitwerking op korte termijn. Hij zegt in de verordening te hebben gelezen dat het college in een groot aantal gevallen bepaalt in hoeverre een advies nodig is voor een bepaalde ontwikkeling. Hij vraagt of het mogelijk is om in het geval van grootschalige ontwikkelingen in het buitengebied (bijvoorbeeld de windmolens) verplicht advies te krijgen van de adviescommissie. Wethouder Engberts reageert dat de adviescommissie omgevingskwaliteit de taken van de welstandscommissie en de monumentencommissie overneemt. We moeten goed opletten welke taken dat zijn en er voor waken dat de taken niet worden uitgebreid. Als het niet een welstandsgebied betreft, heeft de commissie geen taak. De welstandscommissie gaat niet over de windmolens, dus de

-9-

adviescommissie omgevingskwaliteit ook niet. Voor de grootschalige ontwikkelingen gelden natuurlijk wel alle andere de eisen zoals die zijn vastgelegd in de bestemmingsplannen. De heer Kemp zegt dat deze in deze adviescommissie de welstandscommissie en de monumentencommissie ineen worden geschoven. Op beide commissies was wel iets aan te merken en hij hoopt dat deze commissie beter en efficiënter gaat werken. Maar nog belangrijker vindt hij dat de commissie transparant is, willekeur moet worden voorkomen. Het is een adviescommissie die adviseert aan het college. De vraag is hoe zwaar deze adviezen wegen. De heer Kemp vraagt of de raad kennis kan nemen van de adviezen voordat een besluit genomen wordt, net als bij de adviescommissie sociaal domein. Wethouder Engberts is van mening dat transparantie belangrijk is; als een advies wordt gevraagd krijgt de initiatiefnemer dat te zien en bij de raadsstukken zal het ook naar voren komen. De door de heer Kemp gevraagde transparantie is er en de wethouder is het met de heer Kemp eens dat willekeur moet worden voorkomen. De heer Wijnne zegt dat het goed is dat dit onderwerp ook via een raadsgesprek is voorbereid, dat maakt het onderwerp duidelijk en inzichtelijk.

Hij heeft nog wel een vraag: tijdens het raadsgesprek is gesproken over het aanstellen van een dorpsadviseur als onderdeel van de commissie voor de reguliere niet complexe zaken. Hij heeft hierover in het voorstel niets teruggezien en bij de beantwoording van zijn technische vraag wordt verwezen naar artikel 9 (daar staat dat de commissie er zelf voor kan kiezen om bepaalde zaken door één persoon af te laten handelen). De heer Wijnne vraagt of je voor een dorpsadviseur leefomgeving niet iemand nodig hebt met specifieke vaardigheden en kennis, en moet je dat dan niet op voorhand regelen? Wethouder Engberts antwoordt dat de verkleinde commissie die de eenvoudige zaken gaat afhandelen juist wordt gevormd door mensen die beter op de hoogte zijn met de plaatselijke omstandigheden; het is niet handig om daar een specifiek persoon voor aan te stellen, ook omdat het advies gegeven moet worden door de commissie. De heer Dokter wil aan alles wat al gezegd is toevoegen de vraag of er na het vaststellen van deze verordening voor de raad nog iets noodzakelijk is als het gaat om budget. De raad heeft eerder het potje voor monumenten leeg gemaakt. Als je ergens aandacht wil geven zijn daar vaak ook middelen voor nodig. Wethouder Engberts zegt dat het samenvoegen van de twee commissies winst zal opleveren in de vorm van betere adviezen tegen minder kosten en in minder tijd.

Waar eigenaren van monumenten wel terecht kunnen voor subsidie hoort niet in deze verordening; daar moeten we in de woonvisie mee aan de slag. De heer Dijkstra geeft complimenten voor het duidelijke stuk. Uit het antwoord op zijn technische vraag begrijpt hij dat ook de second opinion geen bindend advies is voor het college, het college kan afwijken van het advies van de commissie en van een eventuele second opinion. Is dit juist? Wethouder Engberts antwoordt dat het advies en de second opinion niet bindend zijn, maar het college kan de adviezen niet te vaak naast zich neerleggen en er van afwijken. Er komt een jaarverslag en dan kan de commissie ook vragen stellen aan het college en zal het college moeten motiveren waarom zij afwijkt van het advies. Tweede termijn De heer Heddema zegt dat hij teleurgesteld is over de beantwoording van zijn vraag in eerste termijn. Hij had uit de verordening begrepen dat de taakopvatting van de commissie breder zou zijn dan strikt kijken naar de welstand en de monumenten. Artikel 2 van de verordening biedt daar ook ruimte voor, ook voor de kwaliteit van het buitengebied. Wethouder Engberts zegt dat de heer Heddema terecht opmerkt dat artikel 2 lid 2 het mogelijk maakt om daar waar het college dat nodig acht advies te vragen. Dat kan zijn inzake het buitengebied. Er moet dan wel iets zijn voor de commissie om aan te toetsen.

Bij windmolens is het niet alleen deze commissie die daar advies over kan geven, er zijn ook nog andere wegen om een plan te toetsen. De wethouder zegt dat de term verrommeling ook nader gedefinieerd moet worden.

- 10 -

De heer Heddema stelt dat het volgens de fractie van ABO logisch is om de commissie breder in te zetten en dus ook voor het buitengebied. De heer Dokter wil het betoog van de heer Heddema wil onderstrepen, ook omdat we nog met de RES aan de slag moeten. Wellicht kan de commissie hier een rol in spelen. Wethouder Engberts geeft aan dat als er aanleiding voor is, bijvoorbeeld omdat er inbreuk is, het college daar aandacht voor zal hebben. Afronding: De voorzitter constateert dat dit agendapunt voldoende is besproken. Het voorstel wordt als Bonderwerp geagendeerd voor de raadsvergadering van 4 februari 2021. 07. Vaststellen Cultuurhistorische Waardenkaarten. Eerste termijn De heer Dokter spreekt zijn waardering uit voor het stuk, het gaat over de mooie dingen in onze gemeente. Hij heeft geen vragen en zijn fractie stemt in met het voorstel. De heer Van Ommen sluit zich aan bij de vorige spreker. De fractie van het CDA is hier tevreden over. De heer Doorneweerd heeft een vraag naar aanleiding van de beantwoording van de technische vragen. Daar staat: Bij een omgevingsvergunning of in een bestemmingsplanprocedure zou er bezwaar gemaakt kunnen worden op het onderdeel cultuurhistorie als het ontbreekt of onvoldoende is. Hij vraagt of de waardenkaart enige waarde heeft als er bezwaar gemaakt wordt. Wethouder Engberts antwoordt dat de waardenkaart nu wordt vastgesteld.

Met de waarden die nu vastgelegd worden moet rekening worden gehouden en moet op ingespeeld worden. Het is de bedoeling dat de waarden blijvend zijn en een voorstel zal daar ook op in moeten spelen. De heer Kemp zegt dat het vaststellen van een waardenkaart één ding is, maar punt twee is wat we er mee doen. Bijna alle zaken die we belangrijk vinden en in algemeen belang vaststellen zijn particulier eigendom. In het algemeen belang vragen we onderhoud, dat kost geld. Vraag is dan wat we daar als samenleving aan bij willen dragen. Volgens de heer Kemp kunnen we niet een verplichting vaststellen zonder daar ook een financiële bijdrage tegenover te stellen. De heer Heddema zegt verbaasd te zijn over het pleidooi van de heer Kemp voor een gemeentelijke bijdrage. Als het gaat om rijksmonumenten zijn daar regelingen voor en weten de eigenaren ook dat ze een monument kopen en op welke regelingen ze een beroep kunnen doen. Op de waardenkaarten staan lijnstructuren die in bezit zijn van de gemeente of het waterschap en dan kost het particulieren geen extra geld. De heer Kemp zegt dat de heer Heddema het niet helemaal goed begrepen heeft. In bijlage 3 staan naast een klein aantal rijksmonumenten ook een aantal gemeentelijke monumenten die in particuliere eigendom zijn.

Voor die monumenten zal de samenleving er iets tegenover moeten stellen en de vraag was of het college hierover nagedacht heeft. Wethouder Engberts zegt het nu gaat om het vaststellen welke waarden in het landschap belangrijk zijn. De heer Kemp heeft gelijk dat er veel particuliere eigenaren zijn. Op dit moment bestaan er kleine subsidies in een regeling; of dat toereikend is, is niet bekend. Het college wil hier wel verder met de commissie over spreken, maar dat kost enige voorbereiding. De wethouder zegt toe hier op terug te komen, hij kan hier geen termijn aan koppelen. De heer Kemp zegt dat hij nu wel een dilemma heeft. Als de waardenkaarten worden vastgesteld, leggen we eenzijdig een verplichting op zonder dat daar iets tegenover staat. Wethouder Engberts reageert dat als dat in de toekomst aan de orde is, het college met eigenaren van gemeentelijke monumenten in gesprek zal gaan om te kijken welke mogelijkheden er zijn. De heer Heddema zegt dat de fractie van ABO blij is met deze waardenkaarten omdat ze datgene beschermen waar we niet zoveel van hebben. Het in kaart brengen leidt tot aandacht en beter bewaren. Hij heeft nog een wens, maar weet niet goed of dat hierin past, namelijk de waarde van het buitengebied in kaart brengen.

- 11 -

De heer Vlieger zegt dat de fractie van de SGP veel waarde hecht aan de culturele erfenis en blij is dat dit een duidelijke plek krijgt binnen de ruimtelijke ordening. Dit is zelfs opgenomen in het verkiezingsprogramma van de SGP. Zijn fractie heeft geen verdere vragen en stemt in met het voorstel. Tweede termijn De heer Kemp proeft welke kant het opgaat met dit agendapunt. Hij wil genotuleerd hebben dat de fractie van de VVD niet instemt met dit voorstel om de eerder door hem genoemde argumenten Afronding: De voorzitter constateert dat dit agendapunt voldoende is besproken. Het voorstel wordt als Bonderwerp geagendeerd voor de raadsvergadering van 4 februari 2021. 08. Vaststellen Nota Grondprijsbeleid 2021-2022. Eerste termijn De heer Kemp zegt dat in het stuk staat dat met terugwerkende kracht tot 1 januari 2021 herberekeningen over grondtransacties gedaan kunnen worden. Hij vraagt of dit wel toegestaan is. De heer Kemp heeft een vraag over de sociale grondgebonden woningen, met name de passage waar het college een vergelijking maakt met andere gemeenten en dan vindt dat de grondprijs hier omlaag moet, terwijl in de gemeenten om ons heen de grondprijs voor sociale huurwoningen hoger ligt. Dit begrijpt hij niet, kan het college dit toelichten? Wethouder Bergkamp gaat in op de terugwerkende kracht.

Als er al onderhandelingen zijn geweest en er afspraken zijn gemaakt, dan worden die niet opengebroken. Voor wat betreft de opmerking over de prijsaanpassing in de sociale sector zegt de wethouder dat de prijzen voor sociale huur worden verlaagd en voor sociale koop worden de prijzen iets verhoogd. Dat heeft te maken met het feit dat er in de vorige periode geen aanpassing is geweest; de verlaging voor sociale huur is vooral ingegeven door de signalen die de raad heeft afgegeven om daar een impuls aan te geven. In vergelijking met onze omgeving is een lichte verhoging voor sociale koop te rechtvaardigen, er gelden hier dan nog steeds redelijke prijzen. De heer Wijnne zegt dat zijn fractie achter de verlaging voor sociale huur staat. De vraag is dan wel of er op korte termijn ook wordt gebouwd. De heer Wijnne heeft een opmerking over sociale koopwoningen. De grens ligt op € 200.000,00. Het wordt steeds moeilijker om voor die prijs te bouwen, maar het kan wel als je kleinere huizen bouwt. De fractie van de ChristenUnie heeft gevraagd of die huizen dan ook worden gebouwd, maar dan is het antwoord dat dat niet het geval is. Kan het college een garantie geven dat die woningen nu wel gebouwd worden als we deze prijzen vaststellen.

Wethouder Bergkamp zegt dat de sociale huurwoningen nadrukkelijk onderdeel zijn van de afspraken met de woningcorporaties en ook terugkomen in het woonprogramma. Als het met de corporaties niet lukt, zijn er ook particuliere ontwikkelaars die in dit segment wat doen. Waar het gaat over sociale koop zegt hij dat er al plannen liggen voor woningbouw waarin sociale koopwoningen zijn opgenomen. De heer Dijkstra zegt dat de fractie van het CDA instemt met het voorstel. De heer Dokter zegt dat het duidelijk is dat we een nota grondprijzenbeleid moeten hebben. Maar de vraag die voor hem ook van belang is, is de vraag wat we er mee willen bereiken. Wat kunnen we met het grondprijzenbeleid doen om in te spelen op ontwikkelingen op de huizenmarkt. Wethouder Bergkamp zegt dat het grondprijzenbeleid nadrukkelijk ondersteunend is voor hoger gelegen beleidsdoelen, die doelen hebben alles te maken met een gevarieerd en passend pakket aan woningen. Het tweede deel van de opmerking van de heer Dokter heeft meer te maken met het woonprogramma. Voor de sociale bouw is er een minimale periode van 20 jaar dat de woning verhuurd moet worden. Als er eerder iets anders mee wordt gedaan, moet er een nabetaling worden gedaan; dat volgt uit de contractuele afspraken met de ontwikkelaars. De heer Vlieger zegt dat het een heldere nota is. Zijn fractie stemt in met het voorstel.

- 12 -

De heer Boer zegt dat de fractie van ABO ook instemt met het voorstel. Tweede termijn Er zijn geen vragen in tweede termijn. Afronding: De voorzitter constateert dat dit agendapunt voldoende is besproken. Het voorstel wordt als Bonderwerp geagendeerd voor de raadsvergadering van 4 februari 2021. 09. Actualiteiten regionale samenwerkingen. Er is geen overzicht van actualiteiten om te bespreken. 10. Terugblik raadsgesprekken en informatiebijeenkomsten. Naar aanleiding van het raadsgesprek vorige week vraagt de heer Wijnne of er al een planning is voor het programma Vitaal Platteland Oldebroek. Wethouder Engberts antwoordt dat er nu eerst een plan van aanpak wordt gemaakt, daarin wordt ook een tijdlijn uitgewerkt en daarin wordt aangegeven wanneer de raad aan zet is. Het plan van aanpak wordt ook aan de raad voorgelegd. 11. Mededelingen college. Er zijn geen mededelingen. 12. Rondvraag. De heer Heddema heeft een viertal vragen aan het college aangekondigd over IJsselheide.

Hij leest de vragen voor: • Is het juist dat het college t.o.v het eerdere "pas op de plaats" beleid, een gewijzigd standpunt inneemt ten aanzien van de bewoners van IJsselheide? • Kan worden toegelicht waarom - nu de corona crises voortduurt - het standpunt is gewijzigd? • Kan worden aangegeven om hoeveel gedoogsituaties het medio januari 2021 nog gaat? • Is, in het verlengde van het eerdere pleidooi van ABO, nog steeds sprake van een coulance beleid voor die bewoners die mede door corona en het structurele gebrek aan alternatieve huisvesting, in de knel komen? Burgemeester Haseloop zegt dat de informerende nota over handhaving permanente bewoning IJsselheide in tijden van corona op de postlijst van deze commissie staat. In deze nota staan de antwoorden op de eerste twee vragen van de heer Heddema. Het eerdere pas op de plaats beleid geldt niet meer. In de eerste lockdown hadden de woningcorporaties niet voldoende woningen om beschikbaar te stellen, daarom is de begunstigingstermijn verlengd waardoor betrokkenen 9 maanden extra hadden. In de zomermaanden is aangegeven dat de problematiek niet meer op die manier speelde omdat het leven ook onder corona gewoon doorging. Het beleid is gewijzigd omdat de situatie van een tekort aan woningen en het niet kunnen toewijzen niet meer aan de orde was. Op dit moment zijn 2 gedoogbeschikkingen afgegeven.

Gedoogbeschikkingen zijn de gevallen waar het niet gaat om handhaving op permanente bewoning, maar waar het mensen betreft die elders een huis hebben gekocht en die tijdelijk nog andere huisvesting nodig hebben. Voor de overige zaken zijn er nog 8 gevallen van handhaving. Daarvan is voor 2 of 3 zicht op vertrek van de betrokkenen, de overige zitten nog in een begunstigingstermijn. Er is nog steeds sprake van een coulancebeleid. In 2018 waren 76 van de 128 chalets permanent bewoond. Op dit moment zijn dat er in de handhavende sfeer nog 8. In de afgelopen periode zijn 68 personen vertrokken naar een andere woning. In 2018 is gezegd dat er een periode van een jaar in plaats van een half jaar wordt gegeven aan de mensen die wat langer tijd nodig hebben. Daar is nu een aantal keren uitstel voor gegeven. Burgemeester Haseloop hecht er aan te zeggen dat het gaat om uitvoering van beleid dat door de raad is vastgesteld, en dat de gemeente er ook voor moet waken dat de rechter zal zeggen dat het een verkapt gedoogbeleid is. De gemeente is nog steeds coulant, maar het houdt wel een keer op. De heer Heddema zegt blij te zijn met de uitgebreide beantwoording en de resultaten tot nu toe.

- 13 -

Hij heeft nog een vervolgvraag: de burgemeester sprak over nog 8 gevallen, waarvan 2 of 3 met zicht op vertrek. Klopt het dan dat er nog 5 of 6 gevallen zijn die in de begunstigingstermijn zitten? Burgemeester Haseloop antwoordt dat die 5 of 6 gevallen zijn gemaand om te vertrekken; alle gevallen zitten in een begunstigingstermijn, maar als de termijnen verlopen wordt overgegaan tot inning van de dwangsom. 13. Verslag vergadering 2 en 9 december 2020. Het verslag van 2 en 9 december 2020 wordt ongewijzigd vastgesteld, met dank aan de notulist. Actiepunten De actiepuntenlijst wordt besproken aan de hand van het overzicht. Punt 188 – budgetvoorstel invoering Omgevingswet – is afgehandeld en kan van de lijst. Punt 198 – Stand van zaken VANG-subsidie – kan van de lijst. Raad – Informerende nota over koppeling budgetten zwerfafval van VANG en Diftar-voorstel – kan van de lijst. Raad - Visie buitengebied: in gesprek met de raad over de onderdelen, tempo, doelen en kaders – is afgehandeld en kan van de lijst. 14. Sluiting. De voorzitter bedankt alle deelnemers aan de vergadering en sluit de vergadering om 22:05. Verslag ongewijzigd vastgesteld op 17 februari 2021. , griffier H. Tabak.

- 14 -

Actiepunten etc.: Volgnr.: 112.

Actiepunt, toezegging, etc.:

Door:

Uit verg.:

De commissie schriftelijk informeren over de zaak Spronk.

Wethouder Engberts

163.

Voorstel geluidshinder A28.

Wethouder Bergkamp

03-12-2014 30-09-2015 12-09-2017 25/31-102017

163a.

Er komt een voorstel om een deel van de winst op het grondbedrijf te reserveren voor een geluidwal.

Wethouder Bergkamp

23-05-2018

4

166.

College-informatie aanleg fietspad Gelderse Gracht.

Wethouder Bergkamp

25/31-102017

8, p. 22

176.

Uiterlijk in de commissievergadering van november 2018 komt er een haalbaarheidsvoorstel over het burgerinitiatief Noorderhaven (nu havenkom en geul Noorderrot). Eind 2019 wordt het nieuwe beleid ten aanzien van het kappen van bomen geëvalueerd.

Wethouder Bergkamp

11-09-2018

10

Wethouder Bergkamp

28-11-2018

5

191.

Voldoende differentiatie woningbouw / bouwen voor doelgroepen: wethouder komt er bij de commissie op terug.

Wethouder Engberts

16-10-2019

6, p. 8

194.

Voorstel over het project Oldebroek-West, in relatie tot de toekomstvisie voor Oldebroek.

Wethouder Engberts.

13-05-2020

5

178.

Agenda punt: 7 8 10 8, p. 21

Planning afdoening: 1e kwartaal 2021 Voor de planning van de nieuwe Geluid Productie Plafonds (GPP's) zijn we afhankelijk van Rijkswaterstaat en het Rijk. Afhankelijk van de voortgang en uitkomsten van het project A28 Moet Stiller (zie nr. 163) zal er een voorstel volgen. Voorbereidingswerkzaa mheden zijn uitgezet bij een ingenieursbureau. Begin februari '21 krijgen we de eerste resultaten. Het voornemen is het integraal projectplan eind 1e kwartaal 2021 aan te bieden. De bomenverordening is aangepast n.a.v. de vastgestelde bomenvisie. Een raadsgesprek wordt voorbereid. Het onderzoek naar de woonbehoefte loopt op dit moment (jan. '21). Uitkomsten van het woningbehoefte rapport wordt besproken met de raad. Het projectplan is klaar. De planning is als volgt: tot 1 okt. 2021 opstellen conceptvisie voor Oldebroek West 3; 1 ok. - 1 jan. ‘22 conceptvisie; 1 jan. ‘22 28 feb. ‘22 bestuurlijke vaststelling. Gedurende het proces zal de gemeenteraad een aantal keren worden geïnformeerd en zal, nadat de eerste participatieronde met belanghebbenden heeft plaatsgevonden, een presentatie voor de raad worden verzorgd.

- 15 Volgnr.: 200.

Actiepunt, toezegging, etc.:

Totaalvisie voor het buitengebied. De raad wordt Wethouder eerst geïnformeerd over het tijdpad tot de Engberts verschijning van die visie.

09-09-2020

201.

Voorstel voor beleid t.a.v. initiatieven voor inbreidingslocaties in de bebouwde kom.

Wethouder Engberts

14-10-2020

3 en 4

202.

Rapportage over verduurzaming gemeentelijk vastgoed.

Wethouder Bergkamp

14-10-2020

6, p. 7

203.

Vóór de realisatie van het plan ‘Hart van Oosterwolde’ de raad laten weten op welke manier aan de randvoorwaarden is voldaan. In de loop van 2021 krijgt de commissie een presentatie over het programma Noord-Veluwe Bereikbaar.

Wethouder Engberts

02-12-2020

3

Wethouder Bergkamp

09-12-2020

10

Mogelijkheden financiële bijdrage voor eigenaren particuliere monumenten. Informatie aanbieden over de agrarische overleggen en de inhoud ervan en of er successen zijn. Omgevingswet: regelmatig raad bijpraten (DSO, pilot Omgevingsplan) Wijziging Legesverordening, proef met Blitts (eenvoudiger kleine omgevingsvergunningen digitaal aanvragen): terugkoppeling van de ervaringen met de proef na één jaar. Woning- en bedrijfslocaties: college komt met toekomstverkenning naar de raad. Prestatieafspraken met woningcorporaties: college komt met plannen hierover te zijner tijd bij de raad terug.

Wethouder Engberts Wethouder Engberts

20-01-2021

7, p. 10

Wethouder Engberts Wethouder Engberts

07-11-2019

Wethouder Engberts Wethouder Engberts

Klimaatneutrale organisatie: een geactualiseerd plan.

Wethouder Bergkamp

09-07-2020, Voor de zomer 2021. p. 23 09-07-2020, Prestatieafspraken 2021 zijn p. 23 ondertekend door woningcorporaties en huurdersorganisaties. Er komt een informerende nota over de prestatieafspraken 2021 naar de raad. 09-07-2020, Alle onderdelen zijn in uitvoering p. 22 volgens plan.

204.

205. Raad Raad Raad

Raad Raad

Raad

Door:

Uit verg.:

Agenda punt:

Planning afdoening: Op 13 jan. ‘21 heeft er een raadsgesprek plaats gevonden over de contouren van het Programma Vitaal Platteland Oldebroek en een Plan van Aanpak. De verwachting is dat het woonprogramma, en de (toetsings)kaders voor de beleidsnotitie, in het 1e of 2e kwartaal van 2021 aan de raad wordt aangeboden. Zie ook punt m.b.t. Klimaatneutrale organisatie. Het onderzoek door adviesbureau DWA krijgt vanaf deze maand (jan. '21) een doorstart. In het voorjaar ('21) worden de eerste resultaten en aanbevelingen verwacht. Eind 1e kwartaal 2021. Huidige projectleider is benaderd en is bereid om een presentatie te verzorgen. In overleg met de wethouder en griffie wordt een afspraak ingepland.

07-11-2019, 2e kwartaal 2021. p. 16

23-04-2020

Mei 2021. In februari 2021 het rapport met de evaluatie beschikbaar.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oldebroek&id=4cc96730-7c90-45ab-89cf-a89ba7c8672b