Verslag 12 september 2023
Tekst van het document
Notulen commissievergadering Ruimtegebruik en leefomgeving Verslag van de openbare vergadering van 12 september 2023, om 19.30 uur.
Aanwezig Commissie:
A.M. Boer, F.B. van den Bosch-Pleijter, J.A. Dijkstra, P.H. Graansma, A. Heddema, W. van der Horst, H.G.P. Kemp, L.M. van Oene, G.J. Overkempe, K. van de Put, N.T. Schouten, G. Vlieger, J.C. Vroombout, H. Wijnne
Voorzitter:
W-H. Peggeman
Griffier:
J. Tabak
Notulist:
R.H. Huisman-Geertsma
College:
T.H. Haseloop-Amsing (burgemeester), B. Engberts en B. Flier (wethouders)
Ambtelijk:
D. de Groote, J. van Dijk, J.W. van Hoorn, M. Emming, J. Korte, M. Tijssen, L. Wessels Boer
Tevens aanwezig: P. Lensselink (gemeentesecretaris) Insprekers:
4
Publiek:
11
Afwezig Lid:
A. van Loo, B. van Putten, W.J. Sanders
01. Opening De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen welkom.
02. Vaststelling van de agenda De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.
03. Voorstel: a. vaststelling ontwikkelvarianten en voorkeursvariant woningbouwlocatie Oldebroek West 3; b. geen Verklaring van geen bedenkingen bouw 30 huurwoningen Oldebroek West 3 in kader van Versneld wonen Eerste termijn De heer Kemp merkt op bij punt a, dat de VVD blij is dat er mogelijkheden zijn. Op de inloopavonden is er goed inzicht gegeven d.m.v. presentaties; complimenten hiervoor. Er moeten keuzes gemaakt worden met betrekking tot aantallen, want de ene variant biedt meer woningen dan de andere. Oldebroek zegt wel eens ‘veul voor weinig’ en in dat geval biedt de variant ‘woondeal’ de meeste kansen. Deze variant heeft dus in ieder geval in de eerste fase de voorkeur van de VVD. Het is goed dat eventueel in de tweede fase nog bijgeschakeld kan worden als de marktomstandigheden wijzigen. Hij hoopt dat de woondeal veel kansen biedt voor veel Oldebroekers. Vooral dat laatste vindt hij belangrijk. Voor de seniorencategorie geeft hij de tip van de verhuiscoach mee. Die bekijkt met inwoners wat de voordelen kunnen zijn van verhuizen. Voor punt b geldt: hoe sneller hoe beter. Er zijn genoeg mensen die dolgraag een woning willen. Ook hier hoopt hij dat veel Oldebroekers er gebruik van kunnen maken. Inwoners van omliggende dorpen kunnen hier natuurlijk ook gebruik van maken, maar hij acht die kans niet zo groot. De heer Vlieger kan zich vinden in het voorstel.
Hij begrijpt dat er gekozen is voor de woondeal. Alhoewel de SGP ook wel interesse had voor ‘tussen de slagen’, vooral op financieel gebied. Belangrijk bij de woondeal vindt hij dat er ruimte voor flexibiliteit is. Aandachtspunt blijft voor hem de verkeersontsluiting. Alles afwikkelen via de Hagen en eventueel de Rustenburgsweg is een behoorlijke belasting. Er zijn daar veel kinderen en het is belangrijk dat de 1
veiligheid gewaarborgd wordt. Ook wordt hier weer gesproken over de eventuele geluidswal in verband met de zonering van de twee bedrijven die er nog zitten. Dit moet wel opgelost worden, want een geluidswal is wat hem betreft geen mogelijkheid. Het scheelt ook weer in het aantal woningen voor dit plan. Verder kan hij zich vinden in de voorstellen die voorliggen. De heer Wijnne: In 2020 heeft de ChristenUnie een motie ingediend om de woningbouw in Oldebroek te versnellen. Daarbij is opgeroepen om Oldebroek West 3 sneller op te gaan pakken. Dat is toen in gang gezet. Nu, drie jaar later, ligt er een ontwikkelvariant. Zijn fractie is blij met de uitwerking hiervan, al frustreert het wel dat het project zo lang duurt. Het versneld bouwen van 30 huurwoningen heet ‘versneld’, maar ook dit duurt nog erg lang voordat ze er daadwerkelijk staan. Dit had de ChristenUnie graag sneller gezien. Over het plan zelf: De ChristenUnie heeft altijd gepleit voor meer woningen en voor kleinere, betaalbare woningen. Daar past de woondeal wel bij. Tijdens het raadsgesprek is besproken dat het te bouwen percentage nog laag ligt. Het lijkt de fractie goed om te kijken of er nog woningen aan toegevoegd kunnen worden en of er eventueel hoger gebouwd kan worden.
Snelheid is dus belangrijk, daarom lijkt het de ChristenUnie goed dat er zo spoedig mogelijk duidelijkheid komt over de eventuele verplaatsing van de autosloperij. En dat de gronden die niet in bezit zijn van de gemeente, zo snel mogelijk ontwikkeld worden, dat hierover overeenstemming komt met de betreffende projectontwikkelaars. De heer Boer zegt dat er tijdens een raadsgesprek lang geleden diverse varianten op tafel lagen, waaronder een idee van één van de omwonenden. Daar ziet hij helaas weinig van terug. Dat ging om een wat speelsere opzet. Waarom is hier niet voor gekozen? De speelvoorzieningen mist hij ook. Wat betreft de opgroeiende jeugd is hij benieuwd wat daarvoor gedaan wordt in de wijk. Hij noemt ook de autosloperij. Een muur van zes meter is niet wenselijk. Hier hoopt hij op tijd een oplossing voor. Hij kan zich verder best vinden in de nieuw te bouwen 30 woningen. Hopelijk wordt dit geen containeridee, maar iets wat echt wat toevoegt. Dan mogen ze wat hem betreft wel langer dan 15 jaar blijven staan. Wethouder Engberts antwoordt dat de speelvoorzieningen straks worden opgenomen in het bestemmingsplan. Deze komen op verschillende plekken in de wijk. Verder noemt hij de klankbordgroep die meepraat en meedenkt, ook over de opzet van de wijk.
Er moest toegewerkt worden naar een variant die gedragen wordt, die door bewoners naar voren geschoven wordt en waar de raad een eindoordeel over kan geven. ‘Tussen de slagen’ kwam hier uit en daar bovenop komt nu de woondeal. Deze zegt dat de gemeente als overheid het voortouw heeft te nemen in de afspraken die gemaakt zijn met de provincie. De heer Boer meent dat hij toch echt een schets gezien heeft met een wat kleiner woonwijkje met speelsere indeling van de straten. Hij voorziet dat er nu veel harder gereden gaat worden dan de bedoeling is. Dat is met kleinere woonwijkjes een minder groot probleem. Het had hem een mooie insteek geleken en hij vindt het jammer dat het niet terugkomt in dit plan. Wethouder Engberts antwoordt nog over het autosloopbedrijf, dat het college zich hiervoor verantwoordelijk voelt; er loopt een onderzoek voor een goede aanpak. De heer Vroombout kan zich vinden in het plan wat voorligt. De ontsluiting van de Hagen is al genoemd en is ook voor CVO een zorgpunt. Als het gaat om de verdeling van de flexwoningen, dan moet hier een gezonde mix in komen. Het moet niet een verantwoordelijkheid van de buurt worden om toe te zien of het daar goed gaat of niet. Hij wil graag dat de gemeente er garant voor staat dat als er zorg nodig is, die er ook komt. Over de schriftelijke communicatie: er lijkt een cirkel getrokken te worden.
Alles wat daarbuiten valt, krijgt geen brief. Hij pleit ervoor dat bewoners die er net buiten vallen, ook een brief krijgen, bijv. Schippersland. Wethouder Flier zegt dat er ruim 300 mensen aangeschreven zijn en dat de lijst van de oorspronkelijke locatie hiervoor is gebruikt. Verder kunnen mensen zich altijd melden. Via de Huis-aan-Huis en informatieavonden worden inwoners ook op de hoogte gebracht. Je trekt altijd een grens en daar vallen altijd mensen buiten. De heer Vroombout zegt dat dit gaat om een aantal mensen die op het gemeentehuis geweest zijn en waar ‘versneld wonen’ tegenover zou worden gebouwd. Hij vraagt nogmaals om die mensen ook mee te nemen in de communicatie. De heer Overkempe heeft ook de voorkeur voor de woondeal, het is mooi groen en klimaatadaptief. Ook is het een betaalbaar plan. Hij heeft verder geen vragen. De heer Dijkstra geeft complimenten voor het raadsgesprek. Het is een goede zaak dat er continu overleg is geweest met de projectgroep. Participatie is in dit plan correct verlopen. Alle partijen willen dat er gebouwd wordt en snel. Ook hoopt hij op een snelle oplossing voor het autosloopbedrijf. Hij gaat akkoord met de woondeal. Tweede termijn 2
Afronding Het worden een B-stukken voor de raadsvergadering van 28 september.
04. Voorstel: gewijzigd vaststelling ontwerpbestemmingsplan Wezep, de Bulten Insprekers Er zijn 2 insprekers. De heer P. van Pelt: zie bijlage De heer A. Hulsebosch: zie bijlage Eerste termijn De heer Heddema wil graag reageren op het punt CPO Buurtmidden. Felicitaties aan de initiatiefnemers en aan de ambtelijke ondersteuning. Hij is blij dat dit particuliere initiatief waar veel energie in is gestopt, zo ver is gekomen. De gemeente heeft hier gelukkig op een mooie manier op ingespeeld. Hij is ook blij dat er maar één zienswijze is. Hij heeft de heer Hulsebosch aangehoord, maar kan zich ook wel vinden in de repliek van de gemeente. Er is nu eenmaal een parkeerbeleid. Hij ziet geen reden om daar in dit geval van af te wijken. En er is ook een groene inrichting van het parkeerterrein, dus het zal visueel niet zo’n versteende aanblik geven. Hij is blij dat het plan er ligt. De heer Van de Put vindt het mooi om te horen dat het CPO tevreden is. Goed dat de inpassing groen is. Het parkeerterrein: soms is het fijn dat er eerder te veel parkeerplekken zijn dan te weinig. En misschien zijn ze wel allemaal nodig. Laat ze eerst maar eens in gebruik genomen worden. Over het voorstel voor de straatnaam: hij is voor en hoopt dat dit haalbaar is. De heer Overkempe vindt het ook een mooi plan en kan zich vinden in de zienswijze over het behoud van groen.
Hij vindt ook dat het gaat om veel parkeerplaatsen. De behoefte is misschien wel lager dan de norm. Ziet de wethouder er wat in om parkeerplekken weg te halen en deze te vervangen voor bomen? Over het speelveld wat er naast ligt: daar zitten vrij veel jongeren, tot later op de avond. Hoe gaat dat straks? Kunnen zij daar straks niet meer zitten vanwege overlast of is hier rekening mee gehouden? Wethouder Flier antwoordt dat er meerdere ontwikkelingen in dit gebied zijn en dat het parkeerbeleid hierin wordt geïntegreerd. Mochten er parkeerplekken over zijn in de praktijk, dan kunnen deze altijd nog omgezet worden in groen. Dat wil hij eerst even afwachten. Over de jongeren: hij hoopt dat dit goed blijft gaan. Er is rekening mee gehouden en vooralsnog ziet hij geen problemen. De heer Dijkstra vindt deze 18 woningen plus de 30 woningen uit het vorige punt een mooi resultaat voor dit jaar. Er is lang gezocht naar een plek voor dit plan. Destijds werd gekeken naar de Brink, maar dat kreeg een andere bestemming. Gelukkig is een leuke plek gevonden in Wezep-Noord. Na het indienen van de zienswijze zijn er een aantal dingen aangepast, maar volgens de inspreker is dat niet voldoende. Het CDA heeft vragen gesteld over de parkeerplaatsen en zijns inziens heeft de wethouder een duidelijke verklaring gegeven. Het CDA stemt in met dit voorstel.
De heer Van Oene is zeer tevreden dat er een bestemmingsplan ligt. Hij vindt het positief dat vanuit het CPO de samenwerking met de gemeente als prettig is ervaren. Het plan is een positieve ontwikkeling voor de woningvoorraad. Hij hoopt ook op enige doorstroming. Hij heeft nog een vraag over het aantal parkeerplekken: een gedeelte van die plekken wordt gerealiseerd op het parkeerterrein van het IKC. Is het mogelijk om dit aantal te vergroten om enigszins aan de zienswijze tegemoet te komen? Of is het totaal aantal wat er nu ligt voldoende? Wethouder Flier wil het graag afwachten. Dan is er een totaalbeeld en kan er eventueel nog wat veranderd worden. De heer Vlieger: De SGP is blij met dit project. Het is een mooie uitbreiding van het woningbestand met levensloopbestendige woningen. Het is te hopen dat er meer doorstroming op gang komt. De zienswijze ging over het groen en het aantal parkeerplekken. Hij begrijpt het standpunt van de gemeente hierin en adviseert daar aan vast te houden. De groene inpassing is belangrijk. Maar hij denkt dat daar wel voldoende aandacht voor is. Hij heeft verder geen aanvullende vragen. Mevrouw Van den Bosch bezocht op 23 mei 2022 met haar collega Peggeman een informatieavond over het plan van CPO ‘de Singelhof’ op de locatie Buurtmidden in de kantine van WHC.
De ChristenUnie was toen al aangenaam verrast over de grote opkomst van belangstellenden alsook over het toen al goed uitgewerkte gepresenteerde plan. Een hofje met 18 seniorenwoningen waar zorg en wonen hand in hand gaan. Een mooi plan met oog voor duurzaamheid, groen, klimaatadaptatie en passend in de omgeving. Het is goed om te zien dat er naar aanleiding van de ingediende zienswijze waar mogelijk nog aanpassingen zijn gedaan. In het bestemmingsplan speelt ook de ontwikkeling van de Rank, Onderwijs- en Kindcentrum Wezep Noord. Haar fractie is blij met de beantwoording van de gestelde schriftelijke 3
vraag over overlast tijdens de bouwwerkzaamheden. Het antwoord was dat contact gelegd gaat worden tussen de projectgroep van het CPO en van de nieuw te bouwen school de Rank, om zo mogelijk af te stemmen zodat de overlast door alle bouwwerkzaamheden voor de buurt zoveel mogelijk beperkt wordt. De ChristenUnie kan van harte instemmen met dit plan en wenst het CPO veel succes met de bouw. Reactie insprekers De heer Van Pelt is blij dat het zo gelopen is en wil graag samen met de wethouder gaan kijken hoe de warmtestress en parkeerdruk in één keer opgelost kunnen worden. De Heer Hulsebosch heeft geen reactie. Tweede termijn Afronding Het wordt een B-stuk voor de raad van 28 september.
05. Voorstel: vaststelling ontwerpbestemmingsplan Hattemerbroek, Middeldijk 16 (locatie Van Werven) Inspreker De heer T. van der Giessen namens Fa. Van Werven: In 2014 is de uitvoeringsovereenkomst (UOK) getekend met de gemeente Oldebroek. Dit betrof plannen voor de locaties aan de Verlengde Looweg, Bovendwarsweg en Middeldijk. De eerste twee zijn enige jaren geleden al gepasseerd en geregeld. Die aan de Middeldijk bleef altijd nog open staan. Waar hij zijn handtekening onder zet, wil hij ook graag afronden. Er was wat uitstel door de ontwikkeling van H2O plandeel Hattem en later de stikstofproblematiek. Uiteindelijk is ook dat hele traject in samenwerking met de provincie Gelderland tot een goed einde gebracht en ligt nu het bestemmingsplan voor, met daarin een wijziging van het eerste bestemmingsplan. Wat betekent dat Van Werven hier niet kan blijven zitten. De milieucategorie die aangepast wordt is zodanig dat met een jaar nadat het bestemmingsplan onherroepelijk is geworden, de locatie gesloten zal worden. Binnen een jaar daarna zal de locatie leeg en bouwrijp opgeleverd worden, waarna bedrijvenpark H2O de locatie gaat aanbieden aan potentiële kopers. Eerste termijn De heer Dijkstra vindt het een aanzienlijke verbetering dat de activiteiten aan de Middeldijk naar Biddinghuizen gaan.
Hij is blij dat het uit Hattemerbroek weggaat en dat er weer een uitbreiding van het bedrijventerrein komt. De heer Schouten benoemt dat dit een proces is wat al heel lang bezig is en dat er eindelijk schot in de zaak zit. Dat is goed nieuws. Hattemerbroek heeft veel grote gebouwen moeten verwerken. Met het oog daarop wil hij complimenten geven voor de technische vragen van de ChristenUnie waarin ze inzetten op een kleinschalige aanpak. Dit wil de VVD ook graag. De VVD kan verder instemmen met het bestemmingsplan. De heer Vlieger heeft niet veel vragen. Hij is blij met het vaststellen van dit plan. Ook het toevoegen van de 3.5 ha is positief. Wat hem betreft kan hier zo snel mogelijk mee verder worden gegaan. De heer Graansma noemt een aantal positieve punten: er komt ruimte voor een nieuwe bouwlocatie, verbetering geur- en geluidsoverlast voor omwonenden en de beschikbaarheid van grond voor H2O. De financiële paragraaf geeft aan dat er geen financiële consequenties zijn voor de gemeente Oldebroek en dat die zijn afgedekt door de anterieure overeenkomst met de initiatiefnemer. Dat betekent dus ook dat de provinciale subsidie is veiliggesteld? Hij haalt een nota aan waarin de wethouder aangaf dat een andere samenstelling van de Provinciale Staten roet in het eten kon gooien. Hij wil hier graag een reactie op.
Een tweede vraag: Er is een tekort in de gemeente Oldebroek aan bedrijfslocaties voor de kleine lokale ondernemer. Wezep-Noord is volledig uitgegeven en zo ook al 3.3 ha uit het H2O gebied. De vraag is technisch al gesteld, maar hij wil ook graag een bestuurlijk antwoord op de vraag: Ziet u mogelijkheden om deze speciale doelgroep te helpen nu deze 7.5 ha beschikbaar komt? Bijvoorbeeld door een gedeelte aan te wijzen voor lokale ondernemers. De heer Engberts antwoordt dat er vanuit de provincie een melding is gekomen dat ze akkoord zijn met uitstel tot 1 januari 2026. Dan moet alles afgewikkeld zijn om de subsidie veilig te stellen. Op de andere vraag antwoordt hij met het voorbeeld van het laatste perceel dat uitgegeven is op H2O. 5 bedrijven hebben hier gezamenlijk geopereerd. Als de vraag er is, wil hij zich er voor inzetten om dit te faciliteren op het H2O terrein. 4
De heer Boer heeft het over de lange aanloop en is blij dat nu het einde in zicht komt. Hij vindt het goed te horen dat de subsidie doorgaat tot 2026. Heeft de ontwikkeling van het bedrijventerrein nog consequenties voor het kalvermesterijbedrijf wat er direct aan grenst? Wethouder Engberts zegt dat naar zoiets altijd gekeken wordt. Het is in dit geval andersom: het kalverbedrijf legt beperkingen op dit gebiedje. Daar moet nog verder over gebrainstormd worden. Binnen de cirkel van het kalverbedrijf mag geen kantoor gebouwd worden, dit gedeelte mag alleen gebruikt worden voor productie. De heer Vroombout spreekt de hoop uit dat vooral lokale inwoners hier op afkomen. Verder is hij het helemaal met de heer Schouten eens, inclusief het compliment aan de ChristenUnie. De heer Overkempe vindt het ook een mooi plan en haakt aan bij belangengroep ‘houd Hattemerbroek groen’. Rondom het bedrijventerrein liggen een paar potentieel waardevolle ecologische stukjes, voornamelijk de plassen. Als je dat verbindt met ecologische zones kan dat waardevol worden. Het lijkt hem interessant om te kijken of hier mogelijkheden liggen. Reactie inspreker Geen reactie van de inspreker. Tweede termijn Afronding Het wordt een B-stuk voor de raadsvergadering van 28 september.
06. Opiniërend: principeverzoek ontwikkelen enclave percelen Keizersweg 73a-79 (Wezep) Insprekers De heer J. Vijfhuizen is juridisch adviseur van de familie Kroon en al een aantal jaren betrokken bij dit plan. Hij wil beginnen met een stukje achtergrond over de voormalige agrarische enclave aan de rand van Wezep. Aan de ene kant wordt het begrensd door de spoorlijn, aan de andere kant door het waterwin- en bosgebied van Vitens. En er is het stuk aan de Keizersweg zelf. Het is een gebied met verschillende structuren en verschillende type huizen, waarvan de één wel ontwikkeld is en de ander niet. De heer Kroon heeft een deel van het gebied verworven en heeft gekeken hoe hij dit qua ruimtelijke ordening kan verbeteren. Ook wil hij vanuit zijn ideologie meer een aansluiting maken op het achterliggende Natura 2000-gebied. Juridisch gezien klopt het bestemmingsplan ‘natuur’ niet goed met de aanduiding voor Natura 2000-gebied. De achtergrond daarvan is, dat het bij de voormalige exclavering niet goed is gegaan. Al die facetten hebben er toe geleid dat de gemeente kwam kijken naar wat er stond aan bouwwerken. De discussiepunten zijn gebundeld en met wethouder Engberts, opvolger wethouder Flier en het ambtelijk apparaat is gekeken hoe dit tot één plan samengebracht kan worden. Dit is een ingewikkeld plan, omdat je op de rand van Natura 2000-gebied opereert.
Daarom is het overleg gezocht met de provincie Gelderland, hoe je vanuit de kwaliteitsgerichte gedachte Natura 2000-gebied kan vergroten in plaats van verkleinen. En hoe kan je de stikstofdepositie zo laten landen dat een uitbreiding van de bebouwing mogelijk is, zodat er een kwaliteitsverbetering toegepast wordt en er een gebouw kan staan dat herkenbaar is als hoofdwoning? Plus daarbij een 2-onder-1-kap woning aan de voorkant van het erf, zodat ook de toegankelijkheid meer herkenbaar wordt. Hier is men de afgelopen drie jaar actief mee bezig geweest. Overlegpunt was onder andere de volumetoevoeging van de woning, die groter is dan gebruikelijk. Hij meent dat die gedragen kan worden doordat 3,5 ha natuur ontwikkeld wordt. Alles bij elkaar denkt hij dat er een afgewogen ontwikkeling ligt die past in het huidige tijdsbeeld waarin groene ruimte in balans wordt gebracht, maar die tegelijkertijd wel financieel gedragen moet worden. Dit plan ligt nu in de principefase voor, zelf is hij gewend dat dit pas in de bestemmingsfase gebeurt. Maar het loopt al even. Afgelopen zomer is hij met initiatiefnemer verder gegaan met alle nodige onderzoeken en nu staat hij te trappelen om dit plan verder in procedure te brengen. Een positief bericht hier op zou van harte welkom zijn. De heer Wijnne is benieuwd of er ook aan participatie is gedaan en of er met omwonenden is gesproken.
De heer Vijfhuizen zegt dat alle buren bekend zijn met het plan. Het had eerst een andere setting. De eigenaar was daar tegen en toen is het plan aangepast. Maar participatie heeft zeker plaatsgevonden. De heer Van Oene vraagt of hij ook het principeverzoek heeft geschreven. De heer Vijfhuizen heeft dit gedeeltelijk geschreven, en een deel is geschreven door een landschapsarchitect en een ecoloog. 5
De heer Van Oene leest voor uit het principeverzoek: ‘Het einddoel laat zich hiermee het best omschrijven als de realisatie van een nieuw landgoed. Als richtlijn kan er ook worden aangesloten bij het oude beleid, waarbij aan een nieuw landgoed de volgende getallen werden toegevoegd: bij 5 ha is er ruimte voor een hoofdgebouw met drie wooneenheden. Ten opzichte van dit verouderde beleid is in voorliggende situatie sprake van fors meer oppervlakte aan landgoed, maar ook van meer bestaande woningen.’ Maar het gaat toch over een gebied van 3,5 ha, dan is er dus geen sprake van fors meer oppervlakte dan 5 ha? Een tweede vraag: In het principeverzoek wordt de term landgoed veel gebruikt. Het college houdt zich juist ver van deze term. Wat is de intentie van de cliënt? De heer Vijfhuizen zegt dat de intentie simpel is: initiatiefnemer wil 3,5 ha extra natuur ontwikkelen en wil bebouwing realiseren. Er is geen dubbele agenda in het kader van een fiscaal landgoed onder de NSW-status. Daar past deze structuur niet bij. Wat betreft de eerste vraag denkt hij dat dit een verschrijving is. Toen dit project begon, heeft cliënt gesproken met Vitens. Vitens wilde in eerste instantie meedoen om de kwaliteit van het habitattype te verbeteren door maatregelen te nemen in haar eigen gebied. Cliënt gebruikt daar ook een stuk grond van.
Uiteindelijk vond Vitens het toch te ingewikkeld om het langjarig in een bestemmingsplan vast te gaan leggen. Hij denkt dat daar die eerdere zin vandaan komt, omdat het verzoek een aantal keren is aangepast. Het oude beleid is provinciaal beleid. Dit plan is kwaliteitsgericht en een beetje out-of-the-box. Hij is met cliënt zoekende geweest waar het precies binnen paste. Het past nu volgens hem goed binnen het gemeenteprogramma ‘Vitaal Platteland.’ De heer Van de Put vraagt waar de exclavering in het verleden fout is gegaan. Verder gaat hij in op de groene ideologie van de familie Kroon. Waarom hebben ze dan wel gebouwd in het verleden in Natura 2000-gebied? De heer Vijfhuizen: De tekstuele exclavering is een beruchte discussie in het Natura 2000-hoofdstuk. Dit is op heel veel plekken fout gegaan. De aanwijzing van Natura 2000-gebieden is destijds op grote schaal op kaart gebeurd met een ander detaillistisch niveau dan we vandaag de dag gewend zijn. Dat betekent dat er op heel veel plekken gewerkt is met een tekstuele regeling, waarin staat dat ondanks dat het Natura 2000-gebied op de kaart als zodanig is aangewezen, bestaande agrarische erven daar buiten vallen. Vervolgens krijg je in het gemeentelijke spoor een bestemmingsplan dat daar al dan niet precies op past.
Hij durft niet te zeggen waar het exact is misgegaan, maar je ziet dat de verordening andere grenzen kiest dan het bestemmingsplan. Dat kan eigenlijk alleen maar komen doordat die beelden niet goed op elkaar zijn gelegd. Over het bouwen in Natura 2000-gebied: Cliënt heeft de ideologie om Natura 2000- gebied te ontwikkelen, maar dat wil niet zeggen dat hij precies op de hoogte was van de begrenzing van het bestemmingsplan. Hij heeft de woning waar het om gaat met de bijgebouwen gekocht. Er is een overgang van tuin naar bosgebied, met een steeds nauwer wordende dichtheid van bomen en hij heeft dat beschouwd als zijn tuin. Hij dacht dat hij daar kon bouwen en heeft niet stilgestaan bij de begrenzing. Uit ecologisch onderzoek blijkt dat bouwen in Natura 2000-gebied niet per definitie betekent dat de kernkwaliteiten die in dat gebied voorkomen ook achteruit gaan. Twee aspecten spelen een rol: Enerzijds stikstofdepositie, anderzijds vermindering van oppervlakte. Van die laatste is hier geen sprake van omdat de schaal te klein is. Je moet het per project beschouwen. Gebiedsbescherming wordt niet door andere factoren beïnvloed anders dan stikstof. In die zin probeert hij met de 3,5 ha extra te investeren. De heer Van de Put vindt dat die 3,5 ha eigenlijk nu ook al natuur is, dus er verandert niet zoveel aan. De heer Vijfhuizen is het hier niet helemaal mee eens.
Het is planologisch bestemd als natuur, maar dat zegt nog niks over de kwaliteit. Juist daar gaat het ook over in het grotere maatschappelijke debat rondom de verbetering van natuurkwaliteit. Het gaat niet zozeer om oppervlakte maar om hoe je investeert in kwaliteit van natuur zodat het aanwezige habitattype die milieueffecten kan opvangen. Daar gaat dit plan vooral op in en dat kan men terugvinden in het beplantings- en aanlegplan. Eerste Termijn De heer Van de Put heeft er waardering voor dat de handschoen is opgepakt door de gemeente om samen te kijken naar wat mogelijk is. Hij ziet echter wel problemen. Hoe kan dit gelegaliseerd en tevens gerechtvaardigd worden naar Oldebroekse inwoners met misschien dezelfde problemen? Hij noemt op wat er gevraagd wordt in dit plan: legalisatie van gebouwen en een zwembad, uitbreiding van een woonhuis naar 1.400 m3 en het bouwen van een 2-onder-1-kap woning. Dit alles onder de noemer van een kleinschalig landgoed. Daar tegenover staat uitbreiding en verbetering van de natuur. Wat CVO betreft worden de lijnen overzichtelijk gehouden: Huisnummer 73a opnieuw bouwen is geen probleem. Een 2-onder-1-kap bouwen om zo de kosten op te vangen van natuuraanleg en herstel vindt CVO te ver gezocht. Uitbreiding van nr. 79 naar 1.400 m3 kan niet verantwoord worden. De standaard is 700 m3 en het lijkt CVO goed om dit te handhaven.
Misschien kan de norm in de toekomst naar 800 m3 uitgebreid worden gezien de huidige isolatienormen. De illegale bouwwerken van drie schuren en een zwembad is niet gering. Alle vier zijn ze vergunningsplichtig, maar op de bonnefooi gebouwd. Bij één object gun je iemand het voordeel van de twijfel, maar 6
viermaal is te veel. Om hiervoor herbegrenzing van Natura 2000 toe te passen gaat te ver. Dan weet hij nog wel wat boeren op de Veluwe die ook wel een herbegrenzing willen. Een landgoedstatus is niet van toepassing. De heer Heddema worstelt ook met het voorstel. Het startpunt is een aantal activiteiten die in het verleden zijn gedaan en die illegaal waren. Het gaat niet alleen om het legaal maken daarvan, maar het is veel meer. Het is ook een initiatief om een aantal extra elementen toe te voegen. ‘Ja tenzij’ is het vertrekpunt, maar er moet wel evenwicht zijn. Enerzijds moet je kijken wat het oplevert, anderzijds buiten de bestaande kaders meegaan in wat voorligt. Hij is het deels eens met CVO. Er wordt gevraagd naar een overschrijding van de inhoudsmaat met meer dan 100%. Met toevoeging van één woning wat volgens de manier waarop we gewend waren te kijken niet kan. Hij wil wel meedenken, maar dit plan lijkt op rupsje nooitgenoeg, het is een en-en voorstel: er is geen evenwicht. Hij wil ook ingaan op de uitbreiding van het Natura 2000-areaal. Als ABO is hij niet voor het vergroten hiervan, gegeven de steeds groter wordende eisen. Misschien worden boeren er wel door geraakt. Plus dat als ingestemd wordt met dit voorstel, we dan praten over een enorme vergroting van een woning plus een extra woning. Als dat in geld gezien wordt, gaat dat richting de miljoen euro.
Kwaliteitsverbetering van het groen heeft betrekking op schraal grasland en heide. Investeringen daarvoor zijn een fractie van dat bedrag. In financiële zin is dus de balans niet aanwezig. In hoeverre heeft de wethouder kennis genomen van de financiële paragraaf? Participatie heeft plaatsgevonden, maar hij vindt het onvoldoende. Hij wil ook weten wat het heeft opgeleverd en wil graag een mening horen van de omwonenden. Wethouder Flier zegt dat er tot nu toe ruimtelijk is getoetst en niet financieel. De heer Heddema vindt het juist belangrijk dat er inzage is in de financiële paragraaf. Wethouder Flier zegt dat het om een principeverzoek gaat. Het is een ingewikkelde zaak en daarom ook een opiniërende nota. Het komt uit het handhavingsbeleid, maar het college is ook bereid om dingen op te lossen. Er is sprake van een rafelig Natura 2000-gebied, wat nu duidelijker begrensd wordt. En er wordt Natura 2000 aan toegevoegd. Dat vindt hij een sterk argument. Het college ziet er veel goede dingen in, maar vindt het ook lastig. Dit plan is in eerste instantie ruimtelijk getoetst. Voor wat betreft de waarde is hij teruggegaan naar de provincie en hoe die het noteert. Toen kwam hij op een positief resultaat uit. De heer Heddema heeft nog geen antwoord op zijn vraag gehad.
Een financiële toets is toch belangrijk, om dit plan goed te kunnen beoordelen? De heer Flier heeft niet op die manier gekeken, maar gekeken naar de provincie. Over participatie: die heeft nog niet plaatsgevonden, maar dit is inherent aan het stadium. De ruimtelijke procedure moet nog gestart worden. De heer Wijnne zegt dat het beleid inmiddels is aangepast en het nieuwe beleid heeft een nieuw afwegingskader. Zo heeft hij er naar gekeken. Van belang is dat een ontwikkeling kwaliteit toevoegt en dat het moet passen in de koers van het deelgebied. Het moet geen belemmering vormen voor omliggende functies en de woningen moeten passen in het gemeentelijk woonprogramma. Hij ziet bij dit voorstel dat er een verbetering van de ruimtelijke ontwikkeling wordt toegepast. Er wordt een probleem opgelost en kwaliteit wordt toegevoegd. Maar hij begrijpt de moeilijkheid wat betreft illegale situaties die gelegaliseerd moeten worden. Maar onderdeel van het afwegingskader is ook dat er duidelijk gekeken wordt of er samengewerkt kan worden met ontwikkelingswensen in de omgeving en dat gevraagd wordt aan omwonenden hoe zij tegen de plannen aankijken. Daar verwacht hij dus nog wel meer van te horen in de verdere procedure. De heer Vlieger vindt het ook een lastig punt. Maatwerk vindt de SGP belangrijk, maar ook maatwerk kent zijn grenzen. Daar loopt hij bij dit plan tegenaan.
Het gaat voor zijn gevoel de verkeerde kant op. Met Vitaal Platteland is er voor nieuw beleid gekozen. Maar hij krijgt wel het gevoel dat doordat dingen in het verleden verkeerd zijn gegaan, mensen denken dat ze op deze manier wel dingen voor elkaar kunnen krijgen. Dat voelt niet helemaal goed. Als hij ziet wat er gelegaliseerd wordt, vindt hij dat uit verhouding. Hij kan zich nog wel vinden in het plan om een 2-onder-1kap woning te bouwen in het kader van kwaliteitsherstel. De andere punten zijn wat hem betreft uit verhouding. De heer Heddema vraagt aan de heer Vlieger waaruit hij afleidt dat er sprake is van een grote kwaliteitsverbetering. De heer Vlieger zegt dat in het plan een kwaliteitsverbetering wordt toegepast van een stuk heide en grasland en hij kan zich voorstellen dat daar financiële consequenties aan vast zitten. Daarom snapt hij wel dat er gezegd wordt dat er een 2-onder-1-kap woning gebouwd wordt ter compensatie van de twee schuren die afgebroken worden. Dat vindt hij passend maatwerk. Maar wat betreft het hele plan: het is te veel van het goede. De heer Van Oene heeft ook bedenkingen. Hij staat positief tegenover ruimtelijke ontwikkeling als het gaat om kwaliteitsverbetering. Het college trekt in het stuk twee dingen uit elkaar.
Ze zegt dat er een duidelijke kwaliteitswinst voor de natuur wordt beoogd én dat de ruimtelijke kwaliteit van de omgeving er op vooruitgaat. Netto wordt er 1.300 m2 toegevoegd, dus hij snapt het punt dat de natuur er op vooruit gaat. Maar hij kan zich niet vinden in die ruimtelijke kwaliteitsslag. Deze wordt nauwelijks onderbouwd. Een voorbeeld van wat nauwelijks onderbouwd wordt, is het voornemen van het college om af te wijken van het maximaal aantal toegestane te bebouwen vierkante meters in het 7
buitengebied. Dat zou van 600 naar 700 gaan. Het enige argument wat hiervoor wordt gebruikt, is dat het college zegt dat dit in veel gevallen wordt gedaan. De VVD wil juist weten waarom het in dít geval moet worden toegestaan en waarom dat leidt tot een ruimtelijke kwaliteitsverbetering. Ook geeft het college aan dat voor een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling op verschillende wijze gecompenseerd kan worden. En dan worden er wat algemene dingen opgenoemd. Het is goed dat dit aangegeven wordt, maar de wethouder vergeet vervolgens aan te geven waar hier sprake van is. In welk opzicht wordt hier nog meer gecompenseerd dan natuur? Hij concludeert dat voor 1 300 m2 een legalisering van de bijgebouwen plaatsvindt, een woonhuis mag worden uitgebreid en een 2-onder-1-kap woning mag worden gebouwd. Ook hij vindt dat er geen evenwicht meer is. Hij is er niet per se tegen en als het college het misschien iets beter kan onderbouwen waarom er sprake is van een ruimtelijke kwaliteitsslag, dan staat de VVD misschien iets positiever tegenover het voorstel. De heer Van der Horst zegt dat dit maatwerk op maximaal niveau is. En hij vraagt zich af hoe ver hierin meegegaan moet worden. Het is een lastig dossier. De gemeente stelt dat een aantal bouwwerken illegaal aanwezig zijn en in strijd zijn met het bestemmingsplan.
Wanneer bouwwerken vergund hadden kunnen worden binnen reeds bestaand beleid, dan kon dit plan de goedkeuring van het CDA wel wegdragen. Echter dit is niet het geval. Hij ziet de verbetering voor de natuur ook, maar de vraag is of dit opweegt tegen de nadelen. De winst op Natura 2000 is wat het CDA betreft slechts beperkt. Dit is een te zwak argument om al deze plannen te legaliseren. Ook maakt hij zich zorgen over mogelijke precedentwerking. Alle regels moeten voor inwoners gelijk zijn. De balans is in dit maatwerkverzoek vooralsnog zoek. De heer Overkempe sluit zich aan bij de woorden van het CDA. Reactie insprekers De heer Vijfhuizen begrijpt dat het een plan is wat niet iedere dag langs komt en dat je vragen kan stellen bij de balans. Hij wil nog wat dingen opmerken. Het zwembad is niet illegaal maar vergunningsvrij. Hij is in zijn eerdere bijdrage bewust niet ingegaan op de mogelijke illegaliteit van de bijgebouwen, omdat handhaving iets negatiefs is. De juridische werkelijkheid van die kwestie is wel dat een gedeelte, zoals hij het ziet, niet zuiver illegaal is. Legalisatieonderzoek dient plaats te vinden, maar gelet op de complexiteit van alles wat is genoemd (rafelige Natura 2000-randen, onduidelijke bestemmingsplanstructuur), is dit onderdeel geweest van de discussie.
Het college en de heer Kroon hebben toen besloten zich niet te willen verliezen in procedures maar het juist om te buigen in een plan. Met het idee dat je beter op zoek kan gaan naar een gezamenlijke gedachte. Over het volume en de oppervlakte van de hoofdwoning: ernaast staat een schuur die door een tussenlid bij de woning wordt getrokken. Daardoor wordt het volume vergroot. Het wordt dus fors vergroot, maar de helft van die vergroting is al bestaande bouw. Wat betreft de natuur: initiatiefnemer heeft het proces juist omgedraaid door eerst met ecologen van de provincie Gelderland te spreken. Dat traject heeft anderhalf jaar geduurd. Deze ecologen kijken echt heel zwaar naar wat kwaliteitsverbetering is en of er geen sprookjesverhaal wordt opgehangen. Hij durft er zijn hand voor in het vuur te steken, dat als de provincie Gelderland dit een natuurverbetering vindt, het dat ook is. Hij snapt de twijfel en zorg, maar van precedentwerking is geen sprake. Als je vanuit jurisprudentie kijkt naar gelijke gevallen in gelijke bestemmingsplannen, dan zijn die er niet. Dat onderzoek heeft hij zelf al gedaan. Het maatwerkverhaal moet wat hem betreft beoordeeld worden op basis van alle feiten en niet alleen vanuit de perceptie dat iemand die veel middelen heeft, wegkomt met een plan dat uit balans is.
Wat betreft het component van de rode ontwikkeling (datgene wat gebouwd wordt): ook stedenbouwkundig is het nu een rommeltje. Er staat laagbouw aan de Keizersweg, er staat een boerderij achterop, daarnaast staat weer een andere woning. Juist door daar stedenbouwkundig wat aan toe te voegen wordt ruimtelijke kwaliteit toegevoegd. Dit zit dus niet alleen in natuur maar ook in steen. Uiteindelijk krijg je meer een samenhangend geheel, wat de gedachte is van dit plan. Tot slot wil hij nog meegeven dat je het beste een oordeel kan vormen als je op de locatie zelf bent geweest en daarom nodigt hij de commissieleden uit om contact op te nemen met hem of de heer Kroon en om te komen kijken waar het feitelijk over gaat. Tweede termijn De heer Van de Put leest toch echt in het stuk: ‘aantal bouwwerken, zwembad en hobbymatig garagegebruik illegaal aanwezig.’ Maar volgens de heer Vijfhuizen is het dus niet zo zwart-wit. Hij wil graag van de wethouder weten hoe dit nu precies zit. Is het wel te legaliseren, of niet? De heer Heddema herinnert zich een discussie over het bijbouwen van twee woningen in plaats van één. Daarbij speelde de financiële paragraaf een grote rol. Dat was het argument destijds waarop de wethouder bepleitte om mee te gaan in het voorstel, wat ook toen buiten de kaders was. Daarom wil hij nog een keer aangeven dat hij graag 8
getoetst ziet wat de financiële baten/kosten zijn. Ten tweede wil hij meer participatie zien, met name als het gaat om de omwonenden. Wanneer blijkt dat de buurt dit helemaal niet ziet zitten, is dit voor ABO een belangrijk argument om mee te wegen. Verder is ook hij bang voor precedentwerking. De heer Wijnne gaat graag in op de uitnodiging om op locatie te komen kijken. Hij geeft het plan het voordeel van de twijfel, het is goed om er geen juridische strijd van te maken. Hij wil graag het college meegeven die ruimtelijke ontwikkeling goed uit te werken en participatie op zich te nemen. De heer Vlieger zegt dat zijn zorgen nog niet weg zijn genomen. De heer Van Oene wil met een positieve noot eindigen. Dit is een betere manier om er met elkaar uit te komen dan via procedures. Hij wil graag aan de wethouder vragen of hij ook wil reflecteren op wat er in het algemeen is gezegd over bijvoorbeeld de ruimtelijke kwaliteitsslag. De heer Van der Horst sluit zich hier bij aan. Precedentwerking is er niet alleen juridisch, maar ook politiek. Er moet verantwoord worden aan de inwoners. Wethouder Flier antwoordt op de vraag of het zwembad wel of niet illegaal is: zoals het hier staat is het niet meegenomen in de vierkante meters van de bijgebouwen die genoemd worden als het gaat om legalisatie.
Het is illegaal omdat het op dit moment zich in Natura 2000-gebied bevindt, maar als die grenzen logischer worden gemaakt dan wordt het zwembad vanzelf gelegaliseerd. Op de financiële vraag van de heer Heddema antwoordt hij, dat wanneer het college de volgende keer met een dergelijk initiatief komt, ze dit zeker mee zullen nemen. Hij merkt op dat bij een ‘kleinschalig landgoed’ een hoofdgebouw hoort wat een bepaalde allure heeft. Kenmerk van dit hoofdgebouw is, dat het nu uit twee gebouwen bestaat met steen ertussen. Er zou dus geen verdere verstening plaatsvinden. Participatie wordt absoluut meegenomen, maar dit is nieuw en we zijn niet gewend om dit al bij een principeverzoek te doen. Er moet een manier gevonden worden om bij dergelijke principeverzoeken aan de initiatiefnemer mee te geven dat hij alvast aandacht moet geven aan participatie. Hij geeft aan goed te hebben opgelet vanavond en naar eer en geweten alle zaken mee te nemen die genoemd zijn als het gaat om de ruimtelijke kwaliteitsverbetering. De heer Van Oene is blij dat de wethouder het meeneemt en er op gaat reflecteren. Maar hij wilde er nu graag al een korte reactie op. Volgens wethouder Flier zit de winst in het helder maken van wat Natura 2000-gebied is, zodat er goed beheer op toegepast kan worden.
Voor de rest ziet hij een kwaliteitsslag als het gaat om de bebouwing: een 2-onder-1-kap woning in plaats van twee rare bijgebouwen. Landschappelijk past het ook beter in het karakter van het gebied. Het hoofdgebouw wat er nu staat, bestaat uit twee kleinere gebouwen en wordt dan één geheel, wat gezien mag worden. De heer Wijnne geeft aan dat de financiële paragraaf meenemen niet past bij het beleid van Vitaal Platteland. Bij eerdere gevallen heeft de ChristenUnie aangegeven dit niet zo relevant te vinden. Het afwegingskader zou vooral ruimtelijk moeten zijn. Wat dan de baten en/of kosten zijn voor de initiatiefnemer maakt voor de ruimtelijke inpassing weinig uit. De heer Heddema zegt dat in het verleden juist de financiële paragraaf naar voren werd gebracht als argument. Het kan niet zo zijn dat de gemeente Sinterklaas gaat spelen, omdat we de ruimtelijke ontwikkeling prachtig vinden. Hij komt op een waardetoevoeging in dit plan wat richting een miljoen euro gaat. En de kostenkant is zeker een stuk lager dan dat. Dat is zijn inschatting en hij heeft gevraagd om dit te toetsen. Afronding Het onderwerp is voor nu voldoende besproken.
07. Opiniërend: inventarisatienota nieuw Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan (GVVP) Eerste termijn Mevrouw Van den Bosch is blij dat er eindelijk een opiniërende nota ligt. Het huidige GVVP dateert van 18 jaar geleden, inmiddels is er veel veranderd en is herijking broodnodig. Ze wil de wethouder dan ook met klem verzoeken het nieuwe GVVP nog dit jaar aan de raad voor te leggen om vast te stellen, zodat er serieuze stappen gezet kunnen gaan worden. Over de ambities van het GVVP: Ambitie 1. Veilig leefbaar en gezond. Het is goed dat er meer rekening gehouden gaat worden met kwetsbare verkeersdeelnemers, zoals voetgangers en fietsers. Echter wil de ChristenUnie pleiten voor een meer prominente plek voor de minder validen, die afhankelijk zijn van rolstoel, scootmobiel, rollator of welk hulpmiddel dan ook. Wat haar fractie betreft heeft deze groep inwoners prioriteit in dit document. Op de avond over inclusie in de Brinkhof in Wezep vertelde een zeer slechtziende 9
bijvoorbeeld dat oversteken ontzettend moeilijk is en dat bij verkeerslichten de ratel gemist wordt die aangeeft dat er overgestoken kan worden. Bij voortduwen van een rolstoel of rollator of het besturen van een scootmobiel vormen op- en afgangen van een stoep of onregelmatige, scheve en te smalle voet- en fietspaden serieuze obstakels. Kan de wethouder toezeggen dat deze bijzondere groep kwetsbare verkeersdeelnemers een meer prominente plek krijgt in het nieuwe GVVP? Onder veilig leefbaar en gezond, valt wat de ChristenUnie betreft naast fysieke veiligheid en gezondheid ook mentale gezondheid en welzijn, zoals genoemd in het raadsgesprek van afgelopen woensdag. Regelmatig wordt in onze gemeente overlast ervaren door geluid van verkeer dat bijvoorbeeld te hard over klinkers rijdt. Dit kan van grote invloed zijn op het mentale welbevinden van omwonenden. Is de wethouder zich bewust van het feit dat een goed GVVP, naast fysieke veiligheid, ook van belang is voor mentale veiligheid en gezondheid van inwoners? Ambitie 2. Bereikbaarheid in Balans Inhoud van dit GVVP is onder andere gebaseerd op een gehouden enquête en inwonersavonden. Het is goed om te zien dat inwoners en ondernemers meegenomen worden. Maar uit de enquête blijkt dat duurzaam vervoer en het openbaar vervoer nauwelijks prioriteit hebben.
De enquête blijkt nauwelijks ingevuld te zijn door jongeren en laten zij nu juist het meest gebruik maken van het OV. Ze zou graag namens de jongeren willen vragen om ook het openbaar vervoer als prioriteit te blijven zien, om zo met name de verbindingen richting Zwolle, Nunspeet en Harderwijk toegankelijk en levend te houden. Het is goed dat er gestreefd wordt naar een betere balans tussen gemotoriseerd verkeer en fietsers en voetgangers. De ChristenUnie ziet graag dat fietsen gestimuleerd wordt en dat kan onder andere door goed aangelegde, ruime veilige fietspaden met goede verbindingen tussen de kernen, maar ook met omliggende dorpen en steden. Het is goed om te lezen dat de focus niet alleen ligt op het centrum of knooppunten, maar ze wil wel expliciet wijzen op de kern van Oosterwolde. Ze was aanwezig op de goed bezochte inloopavond en hoorde veel verhalen over sluipverkeer, hoge snelheden en parkeeroverlast. De roep om betere handhaving klonk regelmatig. En dat is iets wat haar fractie graag zou willen zien: handhaven op parkeeroverlast, want dit probleem speelt op veel plaatsen in de gemeente, bijvoorbeeld in Wezep en op ’t Loo en zorgt voor gevaarlijke situaties.
De ChristenUnie is zich er terdege van bewust dat we deels afhankelijk zijn van de provincie, maar doet toch de dringende oproep om een integrale aanpak om de Zuiderzeestraatweg verkeersvriendelijker te maken, met bijzondere aandacht voor het centrum van Oldebroek en Hattemerbroek. Ambitie 3. Duurzaam en Klimaatbestendig Duurzaam vervoer kan wat de ChristenUnie betreft nooit te veel worden aangeprezen. Maar ze mist in het rijtje het stimuleren van het gebruik van een zogenoemde deelauto. Ambitie 4. Een mooie omgeving en slim ruimtegebruik Het feit dat voor herinrichting nieuwe plannen met zorg en aandacht bedacht gaan worden, zodat het landschap versterkt wordt en een toevoeging aan de omgeving ontstaat, is positief. Tot slot wijst ze nog op een fout in de inventarisatienota op blz. 33, waarin in plaats van Oldebroek Heerde wordt genoemd. Ze gaat ervan uit dat dit aangepast gaat worden. Wethouder Engberts antwoordt over inclusie dat de aandacht daarvoor terecht is. Hij zal dit zeker meewegen. Dit zal vooral gebeuren bij nieuwe ontwikkelingen, op bestaande plekken is dit lastig. Er is bijvoorbeeld niet altijd ruimte om voetpaden die er liggen te verbreden. Mentale veiligheid is ook belangrijk, als het gaat om geluid. Dit wordt ook bepaald. In een 30 km gebied neemt het geluid snel af en dat is positief.
Maar dan moeten de voertuigen die er rijden zich wel aan die snelheid houden. Dat blijkt vaak een lastig probleem. Handhaving op snelheid komt overal terug. Echter vaak wordt gemerkt dat vooral de buurtbewoners zelf hier de overtreders zijn. Er is zeker ook aandacht voor parkeeroverlast, dit treedt veel op in de oudere wijken met veel huurwoningen en weinig ruimte voor parkeren. Als er vernieuwingen doorgevoerd worden van de rioleringen, worden dit soort zaken ook meegenomen. Ook klimaatadaptief wordt er mee aan de slag gegaan. Het OV moet zeker een prioriteit blijven, dat is terecht. Vooral voor de jongeren. Dit heeft zeker de aandacht. Integrale aanpak Zuiderzeestraatweg: in de overleggen ‘Noord-Veluwe bereikbaar’ wordt hier nadrukkelijk de aandacht voor gevraagd. De Zuiderzeestraatweg wordt straks opnieuw een ontsluitingsweg voor alle nieuwe wijken. Daar moeten we wel wat mee en gaan we ook doen. Hij vraagt hier ook regiobreed aandacht voor. Er zijn meerdere taken, op verkeer, maar ook op wonen. En dat mag elkaar niet tegenwerken. De heer Vlieger kan zich vinden in veel punten van de ChristenUnie, met name ook die van de mentale gezondheid. Hij vindt het belangrijk dat er ook oog voor de veiligheid is. Bij de Zuiderzeestraatweg moeten mensen ook echt het gevoel hebben dat ze niet harder dan 30 km/u kunnen rijden. Nu is dat vaak nog niet het geval.
Handhaving vindt iedereen belangrijk en dat vindt hij ook de oplossing. Alleen is er wel beperkte capaciteit. Het is lastig om gedrag te veranderen. Hij is benieuwd of de wethouder hier een idee over heeft. 10
Wethouder Engberts zegt dat hij daar op terugkomt bij het uitvoeringsplan. De heer Schouten vindt de vier ambitiepunten heel mooi, maar ook wel algemeen van aard, daar kan je bijna niet tegen zijn. Hij wil nog benoemen dat hij het heel mooi vindt dat andere kernen dan gebruikelijk de revue passeren en aan bod komen. Denk aan Hattemerbroek, waar wel degelijk overlast wordt ervaren. Hij ziet graag dat daar wat mee wordt gedaan, zodat het niet een ondergeschoven kindje wordt. De heer Van der Horst: Veiligheid van alle weggebruikers is van het grootste belang en daarom blijft hij aandacht vragen voor de Zuiderzeestraatweg. Algemeen wil hij benadrukken dat handhaving en duidelijke zichtbaarheid van de snelheidszones een must is. Het GGVP is erg uitvoerig en geeft de wensen van de inwoners duidelijk weer. Hij ondersteunt de oproep van de ChristenUnie om meer aandacht te hebben en te houden voor het OV, met name voor de jongeren. De heer Overkempe sluit zich aan bij de VVD als het gaat om de oproep aandacht te hebben voor Hattemerbroek. Hij vindt het fijn dat er zoveel aandacht is voor de veiligheid van fietsers en voetgangers. Hij wil benadrukken dat een duurzame samenleving zich niet per se richt op elektrische auto’s, maar zich veel meer richt op goed openbaar vervoer. Daarom zou hij het waarderen als dit als serieus onderdeel wordt meegenomen.
En dat er gekeken wordt naar ambitieuze mogelijkheden als uitbreiding van het OV binnen de gemeentegrenzen. De heer Vroombout spreekt zijn dank uit voor het hele traject. Tevens bedankt hij voor het gehouden raadsgesprek. Hij noemt ook de mindervaliden. Verder is de aansluiting in Oosterwolde van het multifunctioneel centrum en de Zwarteweg onder de aandacht gebracht, en is door de beleidsmedewerker aangegeven dat die meegenomen wordt in de aanpak van de Zwarteweg. Het ontbreken van die aansluiting wordt op dit moment als onveilig ervaren. Hij noemt ook de onveiligheid op de Oostendorperstraatweg en het sluipverkeer aldaar. Landbouwverkeer wordt genoemd bij ambitie 2. CVO heeft dit onder de aandacht gebracht in het raadsgepsrek. Daar werd aangegeven met betrekking tot de passage over erftoegangswegen, dat die stapsgewijs gedurende de onderhoudscyclus meegenomen worden. CVO wil dit graag versneld begaanbaarder zien voor landbouwverkeer. Aangezien deze vervoersmiddelen steeds groter worden en zorgt voor irritatie en vertraging op de Zuiderzeestraatweg, wat niet echt de veiligheid bevordert. Hij vraagt te kijken naar andere provincies wat die voor oplossingen hebben, zoals inhaalstroken etc. Hij wil de aandacht voor de Zuiderzeestraatweg onverminderd hoog houden bij de provincie. Met als doel een veilig centrum voor Oldebroek en Hattemerbroek.
De heer Heddema sluit zich aan bij de complimenten. Er is volop ingestoken op inbreng van inwoners. Er was geen massale opkomst, maar dat komt ook doordat het een abstract onderwerp is. Wel was hij teleurgesteld dat ‘NoordVeluwe bereikbaar’ niet als kader is meegegeven. De realiteit is dat als het gaat om mobiliteit, we aanhaken bij regio Zwolle waarbij ook de provincie Overijssel meespeelt. De fietssnelweg en plannen rond station Wezep komen voor in dat plan. Dat mist hij hier als uitgangspunt. Kracht moet gezocht worden in bundeling. Zeker omdat regio Zwolle erkend is als economisch belangrijke regio in Nederland. Daar gaan gelden heen die wellicht ook naar regio Oldebroek kunnen komen. Naast de genoemde ambities wil hij de Zuiderzeestraatweg ook als ambitie noemen. Dit is een knelpunt waar veel ongevallen voorkomen en strekt zich uit van Oldebroek tot Hattemerbroek. Als het gaat om het specifieke stukje Oldebroek, vindt hij dat het verder afwaarderen van die weg geen enkel effect zal sorteren. Je moet nu al stevig in de remmen en 30 km/u is op dit moment niet haalbaar, je moet echt terug naar 15 of 20 km/u om de snelheid er uit te halen. Verder afwaarderen is kansloos. Hij raadt het college aan om een integrale studie te doen naar het veiligheidsaspect enerzijds en anderzijds de alternatieven.
Hij noemt de rondweg Oldebroek, waarbij wellicht een stuk ontwikkeling tussen die rondweg en de kern van Oldebroek als kans moet worden gezien. Het zal voor een veel betere bereikbaarheid zorgen van het centrumgebied en ook stedenbouwkundig gaat het er dan op vooruit. Hij roept het college op hier echt wat mee te gaan doen. Hattemerbroek mag ook niet onbesproken raken, want dat is ook vaak een racebaan. Daar kan met snelheidsbeperkende maatregelen al een stuk veiligheid worden toegevoegd. Verder vraagt hij aandacht voor de tijdelijke bouwsituaties in de gemeente. Bij gebiedsontwikkkeling horen bouwverkeer en afzettingen. Zijn ervaring is dat op dat front de handhaving gemist wordt. Vaak loopt het niet goed met het fietsverkeer, er wordt niet gelet op veilig oversteken en op alternatieve routes. De ene aannemer pakt het beter op dan de andere, maar hij mist de regie van de gemeente die veel strakker hierop zou kunnen sturen. Een ander punt is dat het niet alleen gaat om ongevallen maar ook om welzijn. Dit wordt onder andere beïnvloed door geluidsoverlast. Ook noemt hij het thema geluidsoverlast A28. Die genereert vooral met westenwind enorm veel verkeerslawaai in de kern Wezep. Een laatste opmerking nog over de planning: hij mist een uitvoeringsplan. Hij adviseert om de vier ambities eerst links te laten liggen en eerst de ‘no-regret-maatregelen’ op te pakken.
Die hebben te maken met verkeersveiligheid. Als we werk willen maken van 0 verkeersslachtoffers, dan moet daarvan een absolute prioriteit gemaakt worden. Tegelijk worden dan ook al heel wat andere ambities ingevuld. De rest komt daarna wel. 11
Tweede termijn Mevrouw Van den Bosch vindt dat bestaand straatwerk prima aangepast kan worden en wil samen met de wethouder wel een rondje in een scootmobiel doen om te kijken welke obstakels er zijn en hoe die opgelost kunnen worden. De heer Heddema wil het nog hebben over sluipverkeer. ABO is bang dat door het verschuiven van de afrit Wezep richting de toenemende filevorming op de A28, er meer sluipverkeer gaat ontstaan wat afslaat bij ’t Harde en zijn weg zoekt binnendoor door de kernen Oosterwolde, Oldebroek, via de Bovendwarsweg en Wezep. Hij pleit ervoor dat dit ook benoemd wordt in de nota en dat er gekeken wordt met andere gemeentes hoe dit beteugeld kan worden. Wethouder Engberts begint over het sluipverkeer. Dit wordt door bewoners ook genoemd. Er gaat rekening mee gehouden worden en wordt ingepast waar mogelijk. Eventueel met een wegafsluiting door middel van een knip. Hij wil graag eens samen met mevrouw Van den Bosch in de scootmobiel een rondje doen. En gaat dus in op het voorstel. Maar hij bedoelde te zeggen dat aanpassen niet in alle gevallen mogelijk is. Daar waar het kan, zal hij er de nodige aandacht aan besteden. Afronding Het onderwerp is voldoende besproken.
08. Voorstel: beslissing op bezwaar besluit Wet voorkeursrecht gemeenten Eerste termijn De heer Overkempe heeft geen vragen. De heer Van de Put heeft een vraag over percelen aan de Zuiderzeestraatweg, maar deze zal technisch ingediend moeten worden. De heer Boer kan zich vinden in de besluiten. Natuurlijk hebben mensen nog diverse rechten als het wel tot ontwikkeling komt van de gronden. ABO is er voor om die gronden tijdig vast te leggen zodat een projectontwikkelaar niet alleen de macht heeft en de gemeente hier en daar ook zelf wat in de melk te brokkelen heeft. De heer Wijnne stemt hier mee in. De heer Vlieger stemt ook in. De heer Kemp is blij dat er voorkeursrecht wordt gebruikt. Dat past bij actief grondbeleid. Het is goed om hier actief mee bezig te zijn, zodat inwoners er ook van weten. Het zal best wel eens als vervelend worden ervaren door mensen. Aan de andere kant kan het in de toekomst ruimte bieden. Hij vindt dat het in de toekomst best vaker gedaan mag worden. Ook om meer ruimte te bieden om woningbouw of andere uitbreidingen mogelijk te maken. Hij noemt nog het bezwaarschrift wat is ingediend. Het college heeft aangegeven dat ze er best wel tevreden mee is, want ze heeft het betreffende perceel toch niet nodig. Achteraf gezien blijkt het een mooie overgangszone en daar heeft de VVD dus geen problemen mee. Een ander punt is het perceel achter ‘Beukenoord’.
Er wordt gevraagd om aandacht voor het gebied zoals het er nu bij ligt en dat er niet strak tegenaan wordt gebouwd. Dat hier aandacht aan besteed gaat worden, wordt nu toegezegd en dat vindt hij een goede zaak. De heer Van der Horst is blij dat dit plan doorgang kan vinden en heeft geen verdere opmerkingen. Tweede termijn Afronding Het gaat als B-stuk naar de raadsvergadering van 28 september.
09. Informatief: evaluatie participatie bestemmingsplan Buurskamp Eerste termijn De heer Vlieger benoemt dat in het verleden verschillende dingen niet in orde waren hierin en dat dat ook door omwonenden werd aangegeven. In de evaluatie is geconstateerd dat veel dingen in het vervolg een stuk beter kunnen en dat daar aandacht voor is. Medewerkers hebben extra training en scholing gehad om daar stappen in te zetten. Er zijn verschillende leerpunten aangegeven voor de toekomst. Hij neemt aan dat dit in verdere trajecten voortgang heeft. Het is goed dat deze evaluatie heeft plaatsgevonden en heeft verder geen aanvullende vragen. De heer Van Oene kan zich ook vinden in de punten die zijn aangedragen om van te leren. Wel had hij het idee dat sommige dingen gewoon zo voor de hand liggen. Dat ziet hij ook terugkomen bij andere onderwerpen en 12
agendapunten. De essentie is dat er goed gecommuniceerd wordt en dat er tegelijk aan verwachtingsmanagement wordt gedaan. Dat kan een hoop ontevredenheid en frustratie voorkomen. Je kan nooit iedereen het naar de zin maken, er zullen altijd mensen zijn die zeggen dat de participatie een stuk beter kan. Participatie staat ook niet gelijk aan gelijk krijgen of inspraak hebben. Hij is blij dat de conclusies er liggen en hoopt dat ze meegenomen worden en een integraal onderdeel worden van de organisatie. Ook hij vindt het goed dat medewerkers hierin getraind worden. De heer Van der Horst sluit zich hierbij aan. De heer Overkempe zegt dat er een reactie is gekomen van een buurtbewoner. Deze evaluatie is bedoeld voor de raad zelf, om te controleren of de juiste stappen zijn gezet. Maar wat hem betreft zou je juist naar de buurt moeten gaan om te vertellen dat dit de stappen waren en te vragen of dit overeenkomt met hun gevoel. Zijn vraag is dus of de buurt niet bij deze evaluatie betrokken had moeten worden? Burgemeester Haseloop-Amsing antwoordt dat degene die de reactie heeft geschreven, haar vorig jaar in de zomer gezegd heeft dat hij niet tevreden was. Toen is hij uitgenodigd en heeft ze hem nog een keer gesproken. Hij heeft twee keer zijn kant van het verhaal kunnen doen en dat is meegenomen. Dit is ook ambtelijk geregistreerd.
Het is dus niet zo dat zijn reactie niet is meegenomen. Maar het college is verder niet meer de buurt in gegaan om te vragen wat iedereen er van vond. De heer Vroombout sluit zich aan bij de heer Van Oene dat het advies wat meegegeven wordt, zo logisch lijkt. Hij gaat terug naar november vorig jaar. Bij de basisprincipes, nummer 2, wordt gezegd dat de projectontwikkelaar verantwoordelijk was voor de participatie. Hij wil meegeven dat er gezorgd moet worden dat de spelregels van tevoren bekend zijn en dat de gemeente er ook op toeziet dat de buurt door de projectontwikkelaar er goed bij betrokken wordt. En dat het duidelijk inzichtelijk is voor iedereen wat er van de projectontwikkelaar verwacht wordt. Dan kan de gemeente er ook op acteren als de ontwikkelaar zijn afspraken niet nakomt. Dat kan ook veel onvrede wegnemen bij de inwoners. Want in dit geval werd de gemeente er op aangesproken, terwijl de projectontwikkelaar verantwoordelijk was voor het traject en dit niet voldoende had gedaan. Zijn advies is te zorgen dat de spelregels duidelijk zijn, anders blijft men naar elkaar wijzen. Burgemeester Haseloop-Amsing zegt dat dat precies is wat in deze evaluatie aangegeven wordt. In de wet worden bepaalde eisen gesteld aan de participatie.