Notulen Raad Oldebroek 09-03-2023.docx
Tekst van het document
Notulen vergadering gemeenteraad Oldebroek Datum vergadering: 9 maart 2023
Aanwezig Raadsleden: ABO:
de heer A.M. Boer, mevrouw M.P. Deen, de heer J. Deij, de heer A. Heddema
CDA:
de heer J.A. Dijkstra, de heer W. van der Horst
ChristenUnie:
mevrouw F.B. van den Bosch-Pleijter, de heer P.H. Graansma, de heer A. Hardonk, de heer W.H. Peggeman, mevrouw M. Sloots-Kieviet, de heer H. Wijnne
CVO:
de heer J.T. de Nooijer, de heer B. van der Velde, de heer J.C. Vroombout
Duurzaam Oldebroek: de heer G.J. Overkempe SGP:
de heer D.E. Doornwaard, de heer G. Vlieger
VVD:
de heer H.G.P. Kemp
Voorzitter:
mevrouw T.H. Haseloop-Amsing
Griffier:
de heer J. Tabak
Wethouders:
de heer B. Engberts, de heer B. Flier, mevrouw E.G. Vos-van de Weg
01. Opening De VOORZITTER heet iedereen welkom en opent de vergadering op de gebruikelijke wijze met ambtsgebed.
02. Vaststelling van de agenda De heer HEDDEMA (ABO) wil een motie vreemd aan de orde van de dag indienen over de verplaatsing van voetbalvereniging WHC. De motie wordt toegevoegd aan de agenda onder nummer 08a. De agenda wordt aldus vastgesteld.
03. Vaststelling notulen vergadering van 2 februari 2023 De notulen worden ongewijzigd goedgekeurd en vastgesteld.
04. Ingekomen stukken De raad gaat akkoord met de afdoening zoals voorgesteld op de lijst van ingekomen stukken voor deze vergadering.
05a. Spreekrecht niet geagendeerde onderwerpen Er zijn geen sprekers.
05b. Mondelinge vragen van raadsleden Er zijn geen vragen.
06. Lijst van B-onderwerpen, die bij hamerslag worden afgedaan De heer PEGGEMAN (ChristenUnie) legt een verklaring af met betrekking tot punt 06.03 Vaststelling verordening toekomstbestendig wonen lening voor vereniging van eigenaren en beschikbaar stellen van budget. In het geval van stemming zou hij hieraan niet deelnemen, omdat hij betrokkenheid heeft bij dit onderwerp. De heer Peggeman is 1
senior controller bij SVN die de regeling gaat uitvoeren. Daarnaast is hij manager finance and control en onderdeel van het managementteam van het Nationaal Warmtefonds die een soortgelijke regeling uitvoert. De raad gaat unaniem akkoord met de voorgestelde besluitvorming van de voorstellen op de lijst van B-onderwerpen voor deze raadsvergadering.
07. Voorstel beschikbaarstelling kredieten huisvestingsprogramma onderwijs 2023 (t.b.v. Eben Haëzerschool, Oldebroek) De heer DOORNWAARD (SGP) geeft aan dat de SGP in de commissie al heeft aangegeven waar de fractie voor staat: ruimhartig als het gaat om onderwijs en onderwijshuisvesting. Het gaat de SGP in de eerste plaats om de kinderen. Zij zijn gebaat bij een goede onderwijshuisvesting. Het voorliggend voorstel betreft uitbreiding van de Eben Haëzerschool. Daarover bestaat geen discussie, maar in de commissie kwamen er nog wel twee belangrijke punten naar voren. Punt 1, hoe om te gaan met de twee lokalen die ouder zijn dan 40 jaar. Punt 2, het al of niet bijdragen aan een goede ventilatie en daarmee het binnenklimaat. Punt 1: Door de uitbreiding moet er een lokaal gesloopt worden. Daardoor blijven er twee lokalen over die ouder zijn dan 40 jaar en boekhoudkundig afgeschreven zijn. Laat je die lokalen staan, of vernieuw of renoveer je ze omdat er toch gebouwd gaat worden. Vernieuwen is voor rekening van de gemeente, renoveren voor rekening van het schoolbestuur volgens de huidige kaders. Lastig hierbij is dat er nieuwe wetgeving aankomt met betrekking tot onderwijshuisvesting. Gemeenten worden verplicht om een integraal huisvestingsplan (IHP) op te stellen, waarbij ook renovatie als alternatief voor nieuwbouw voor rekening van de gemeente komt.
De vraag is dan of je bij de huidige kaders blijft, of sorteer je voor op nieuwe wetgeving en geef je daarmee nu al kaders mee. De SGP kiest voor het laatste, want het is vrijwel zeker dat de levensduur verlengende renovatie onderdeel wordt van het nieuwe huisvestingsplan onderwijs. Daarnaast heeft de Eben Haëzerschool een subsidie toegekend gekregen vanuit de landelijke overheid en is het voor de gemeente daardoor goedkoper. Ook is wat de SGP betreft nu één bouwstroom beter dan later nogmaals verbouwen. Waarom dan niet nieuwbouw van deze twee lokalen. De SGP was de enige in de commissie die nieuwbouw wilde overwegen. Dat was en is nog steeds voor de fractie een serieus alternatief. Dat staat ook in het verkiezingsprogramma van de SGP. Nu kiezen voor nieuwbouw en een heel ruim kader neerleggen richting het nieuw op te stellen beleid, is voor de fractie een argument om te kiezen voor variant D++. Punt 2: wel of niet bijdragen aan ventilatie en goed binnenklimaat. In de commissie verwees het college naar het bestuur als werkgever die verantwoordelijk zou zijn. Maar de kinderen dan? Goede huisvesting voor kinderen is een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Vanuit de landelijke overheid is daar ook aandacht voor. Scholen kunnen bij de landelijke overheid subsidie aanvragen om de ventilatie en daarmee het binnenklimaat te verbeteren.
Daarbij wordt wel gesproken over een cofinanciering van de gemeente. Volgens de fractie kan het dan niet zo zijn dat gemeente Oldebroek daar niet aan mee wil doen. Verwijzen naar bestaande kaders is logisch, maar gezien de periode van Covid-19 is het zeer urgent en noodzakelijk om die kaders aan te passen. Een generieke bijdrage van 20% voor de verbetering van de ventilatie en het binnenklimaat is een eerlijk en rechtvaardig kader. Een amendement daarover dient de SGP samen met VVD, ChristenUnie, ABO en CVO in. Amendement A1 De fracties van SGP, VVD, ChristenUnie, ABO en CVO stellen het volgende amendement voor: De raad besluit het concept-besluit onder de volgende punten: 2. vanwege de meest passende variant een aanvullend krediet van € 227.500 beschikbaar te stellen; 3. in afwijking van de Financiële verordening gemeente Oldebroek de afschrijvingstermijn over de uitbreiding vast te stellen op 50 jaar; 4. de totale kapitaallasten van € 25.813 ten laste te brengen van de reserve onderwijshuisvesting; 9. de 11e begrotingswijziging 2023 vast te stellen. als volgt te wijzigen: 2
2. voor variant D++ (inclusief levensduur verlengende renovatie en bijdrage aanpak binnenklimaat) een aanvullend krediet van € 667.347 beschikbaar te stellen; 3. in afwijking van de Financiële verordening gemeente Oldebroek de afschrijvingstermijn over de uitbreiding vast te stellen op 50 jaar en over de levensduur verlengende renovatie en bijdrage aanpak binnenklimaat vast te stellen op 25 jaar; 4. de totale kapitaallasten van € 43.407 ten laste te brengen van de reserve onderwijshuisvesting; 9. de 11e begrotingswijziging 2023 gewijzigd vast te stellen. Toelichting: Het nieuwe IHP is nog niet vastgesteld. De huidige kaders laten nog geen ruimte voor levensduur verlengende renovatie. Door de vangnetsubsidie, bestemd voor schoolbesturen met een schoolgebouw waarvan verbetering van het binnenklimaat na meting geclassificeerd is als zeer urgent, kan de EHS (Eben Haëzer school) aanspraak maken op een forse subsidie. Het is de bedoeling dat levensduur verlengende renovatie opgenomen wordt in het nieuwe IHP, en om te voorkomen dat de school dan weer een forse verbouwing moet ondergaan in het bouwdeel uit 1981 is de keuze om nu bij te dragen aan renovatie van dit gedeelte van het gebouw. Daarnaast is een goed binnenklimaat gewenst. Niet alleen vanuit werkgeverschap maar ook de kinderen hebben belang bij een goed binnenklimaat, wat een verantwoordelijkheid is voor de gemeente.
De subsidieregeling voor de aanpak van het binnenklimaat benoemt de gezamenlijke verantwoordelijkheid van schoolbesturen en gemeenten voor goede onderwijshuisvesting. Vanuit die gezamenlijke verantwoordelijkheid is een generieke 20 procent bijdrage van de gemeente voor de kosten welke betrekking hebben op de verbetering van het binnenklimaat wenselijk en geeft ook duidelijkheid aan andere scholen. De heer KEMP (VVD) vond en vindt het voorliggend voorstel een doordacht plan. Als het gaat om grote ingrijpende zaken op een school kun je het maar beter goed doen. Als dan de geschetste situatie zich voordoet met een 40 jaar oud deel en een 25 jaar oud deel, lijkt het de VVD verstandig om dit in evenwicht te beoordelen. Naast de vastgelegde bekostiging van gebouwen en de exploitatiekosten zijn veranderende regelgeving en met name de te subsidiëren klimaatverbeteringen nog eens een beperkende factor. Wat in een recent verleden niet mogelijk was, lijkt nu bij een ‘urgent slechte’ kwaliteitsbeoordeling van het schoolklimaat wel mogelijk; zelfs tot 60% rijkssubsidie, de landelijke SUViS regeling (Specifieke uitkering ventilatie in scholen). Is er sprake van een precedent ten aanzien van andere scholen? De VVD vindt van niet. Op dit moment is de regeling verbeterd en met terugwerkende kracht kun je niet rekenen. Het wordt dan voortschrijdend beleid genoemd.
Uitbreiding van de Eben Haëzerschool is nu aan de orde en de school kan een forse verbouwing tegemoetzien. Dan is het volgens de fractie voor de hand liggend dat men gebruik moet maken van de opwaardering van de SUViS regeling. Uitstel of later besluiten, zou wat de VVD betreft een enorme kapitaalmisser zijn. De bedoelde € 600.000 staat reeds op de rekening van de school. De school binnen afzienbare tijd nogmaals in de steigers zetten, zou financieel niet handig zijn, nog afgezien van de onrust voor leerkrachten en leerlingen. Als er bij het college andere scholen komen met vergelijkend slechte monitoruitslagen, 3.0, klimaat urgent slecht, dan is de VVD bereid om hierover na te denken, want een ‘urgent slecht’ klimaat voor leerlingen wil de fractie niet. De heer HARDONK (ChristenUnie) noemt dat kwalitatief goed onderwijs van groot belang is voor de toekomst van kinderen. Het is de verantwoordelijkheid van de gemeente om te zorgen voor goede huisvesting van de scholen en de verantwoordelijkheid van de schoolbesturen om de gebouwen goed te onderhouden en er kwalitatief goed onderwijs te geven. De Eben Haëzerschool heeft aangegeven behoefte te hebben aan twee extra lokalen als gevolg van de groei van het aantal leerlingen en kan aantonen dat ze deze langdurig nodig heeft. Op basis van de huidige regelgeving kon het college met niets anders komen dan variant D als de beste optie.
Renovatie is namelijk nog niet gerekend als verantwoordelijkheid van de gemeente en het college heeft te maken met een besluit om niet financieel bij te dragen aan de SUViS regeling. Tijdens de commissievergadering gaven de meeste fracties al voorzichtig aan dat er meer moet gebeuren. De Eben Haëzerschool vraagt ook om een bijdrage in de kosten van de installatie van een klimaatsysteem en een bijdrage aan de levensduur verlengende renovatie. Het bestuur van de school heeft een vangnetsubsidie aangevraagd en gekregen, € 6 ton, bedoeld voor scholen die een binnenklimaat hebben waarvan metingen aantonen 3
dat verbetering ervan zeer urgent is. Deze vangnetsubsidie bekostigt 60% van het noodzakelijke klimaatsysteem en vraagt een eigen bijdrage van 40%. Dit wordt een gezamenlijke verantwoordelijkheid van gemeente en schoolbestuur genoemd, maar het schoolbestuur heeft daar niet voldoende middelen voor. De ChristenUnie vindt het daarom belangrijk om het schoolbestuur hierin tegemoet te komen door 20% van de kosten van het klimaatsysteem te vergoeden. De fractie vindt het belangrijk dat de ontvangen subsidie optimaal benut kan worden en de kinderen straks les krijgen in lokalen met een goed binnenklimaat. In het voorliggend amendement wordt een generieke 20% bijdrage van de gemeente voorgesteld in de kosten voor de verbetering van het binnenklimaat. De ChristenUnie vindt dat dit geldt voor nieuwe aanvragen waarvan de voorbereidende werkzaamheden nog niet zijn gestart. Dan de levensduur verlengende renovatie. Algemeen wordt erkend dat het op dit moment niet goed geregeld is in Nederland. Daarom komt er wetgeving en moeten gemeenten een IHP opstellen. De wetgeving laat echter nog enkele jaren op zich wachten en het IHP is er nog niet. De ChristenUnie vindt dat onderwijs aan kinderen van hoge kwaliteit moet zijn. Een goed, duurzaam gebouw en een gezond binnenklimaat dragen daar zeker aan bij.
De fractie vindt het verstandig om, nu er toch twee nieuwe lokalen moeten worden gebouwd en er daarvoor een lokaal moet worden afgebroken, de twee overblijvende lokalen te renoveren, omdat renovatie straks in het IHP wel geregeld gaat worden en de school dan niet opnieuw door een verbouwing heen moet. Hij leest in het voorstel dat de architect van de Eben Haëzerschool een financiële raming heeft gemaakt voor het levensduur verlengend renoveren. Op deze cijfers moet de raad vertrouwen. Het budget hiervoor dat in het amendement is opgenomen, is daarop gebaseerd. Dat is wat de ChristenUnie betreft dan ook taakstellend. Bij de generieke 20% bijdrage van de gemeente wil de fractie wel benadrukken dat de voorwaarden voor de toekenning van deze 20% gelijk dienen te zijn aan de voorwaarden die gesteld worden aan de toekenning van de SUViS- en de maatwerksubsidie. Uit onderzoek blijkt dat indien het amendement wordt aangenomen, deze subsidie geen onderdeel kan zijn van het dit jaar vast te stellen IHP, maar dat deze dient te worden opgenomen in een verordening. Is dit juist? Graag een reactie van het college. Dit besluit heeft gevolgen voor de reserve onderwijshuisvesting. Zoals het er nu voorstaat zal er geld bij moeten. Dat zal dan ook in het IHP geregeld moeten worden. Mevrouw DEEN (ABO) geeft aan dat vanaf de informatieavond van de Eben Haëzerschool de SGP en ABO op één lijn zaten.
Later sloot CVO aan. In feite staat optie 1 deze fracties meer aan maar leek hen niet haalbaar. Dankzij het amendement gaat het toch optie D++ worden. In de afgelopen commissie is gesproken over moed hebben. Zij heeft toen opgeroepen om moedig te zijn. ABO is dan ook blij dat enkele andere partijen zo moedig zijn om mee te gaan. De kinderen en de medewerkers hebben recht op een betere school en klimaat, en dat gaat nu gebeuren. ABO wenst hen dan ook veel succes en leerplezier. De heer VAN DER VELDE (CVO) noemt dat Aalt van de Streek, betrokken bij de Eben Haëzerschool en woonachtig in Oldebroek, samen met zijn zoon een jaar lang elke zaterdag bezig is geweest om een volledig nieuw plein te realiseren bij de Eben Haëzerschool. Tegelijkertijd regelde hij de vrijwilligers, de materialen en dat elke zaterdag weer. Daardoor is er een gigantisch bedrage bespaard. Er hoefde geen professionele partij aan te pas komen. Dit is echt Oldebroek voor Mekaar. Belangeloze inzet voor de school door zelf aan de slag te gaan. Om deze reden is het plein dan ook naar hem vernoemd. CVO vond dat het absoluut geen kwaad kon dat dit in de raadsvergadering even benoemd wordt en de complimenten richting Aalt en Daniël uit te spreken. Dan over het voorstel. Dat de Eben Haëzerschool te klein is, daar kan niemand omheen, en dat er nieuwe klaslokalen bij moeten, daar zijn alle partijen het over eens.
Tijdens de commissievergadering waren SGP, ABO en CVO het met elkaar eens dat het zo niet langer kan. Leerkrachten die de mobiele airco van thuis meenemen en kinderen die door de warmte zitten te suffen. Uit onderzoek bleek dat het binnenklimaat van de school zo ver beneden peil was, dat het slechtst mogelijke rapportcijfer werd gegeven. Er móet een verbetering in de ventilatie komen. Het schoolbestuur heeft daarin haar verantwoordelijkheid genomen en subsidie aangevraagd. Maar liefst 60% van de te verwachten kosten is verleend en uitbetaald. Door het schoolbestuur is duidelijk gemaakt dat met tegelijk nieuwbouw van twee lokalen en één te vervangen lokaal het echt nodig is om te renoveren en het binnenklimaat en de ventilatie aan te pakken. Volgens afspraken van destijds zouden de kosten van de laatste twee voor het schoolbestuur zijn. Het schoolbestuur heeft daar echter het geld niet voor. Daarbij komt dat door de komende landelijke wetswijziging werkzaamheden voor renovatie gelijk worden aan werkzaamheden voor nieuwbouw en daarmee ook de verantwoordelijkheid van de gemeente worden. Daarom is CVO ervoor om nu door te pakken, zodat er zo min mogelijk overlast is voor de kinderen, de leerkrachten, de ouders en de buurt. De fractie is 4
ook blij dat het amendement breed gedragen wordt binnen de raad. Fijn om te zien dat al deze partijen over de regels heen kunnen kijken en een praktische beslissing willen nemen in het belang van deze basisschoolleerlingen. De heer VAN DER HORST (CDA) stelt vast dat het college een voorstel heeft gedaan om uitsluitend te voorzien in een uitbreiding van de school middels nieuwbouw. Dit is binnen de kaders van het huidige beleid. Naast uitbreiding komen twee extra gebreken aan het licht: het binnenklimaat en renovatie. De vraag is wie verantwoordelijk is voor het binnenklimaat en voor het onderhoud. Dat is in het huidige beleid de school. De school heeft een bijdrage van het Rijk binnengehaald van € 600.000 voor de verbetering van het binnenklimaat; geld dat zeer welkom is voor dit urgente probleem. Het CDA is van mening dat wanneer de wethouder buiten haar beleid had willen gaan en met een voorstel was gekomen, zij eerst een boekenonderzoek had moeten doen als zij meer geld had willen uitgeven dan binnen het beleid mogelijk is. Nu komt de raad met een voorstel dat van de school is overgenomen en naar de beoordeling van de fractie zonder een gedegen onderzoek vanuit de raad. Het CDA heeft zich wel verdiept in het dossier De heer HEDDEMA (ABO) vraagt bij interruptie om een toelichting op het genoemde boekenonderzoek.
De heer VAN DER HORST (CDA) antwoordt dat als men buiten het beleid treedt, men in de boeken van de school moet kijken wat de financiële stand van zaken is en wat de bijdrage van de school dan wel zal zijn. Dat is niet gedaan. Het CDA heeft de cijfers van de school wel ingezien en is dankbaar dat de school deze cijfers wilde delen. De fractie constateert dat de school met een berekening komt voor een renovatie en die neemt de raad over maar heeft het niet zelf beoordeeld. De school heeft slechts zes jaar gereserveerd voor onderhoud en in de ogen van het CDA een relatief klein bedrag; dit volgt uit het onderzoek van de fractie, waardoor er voor een levensduur verlengende renovatie onvoldoende gereserveerd is. In het voorstel staat dat de school geen lening wil aangaan voor ventilatie en onderhoud. Dat is een bestuurlijke keuze van de school. De raad had bijvoorbeeld een renteloze lening kunnen verstrekken als financiering. Het probleem van de school en de bestuurlijke verantwoordelijkheid en financiële keuzes worden bij de gemeente en de raad neergelegd vanavond. De fractie verbaast zich over het gemak waarmee fracties meegaan in dit plan. Hoe verder? Het CDA constateert dat er geen IHP is. Kortom, het ontbreekt aan beleid. Men weet dat er een wetswijziging aankomt die waarschijnlijk levensduur verlengend onderhoud onder de verantwoordelijkheid stelt van de gemeenten.
Wanneer de raad wel zal bijdragen aan het onderhoud, dan weet men dat er morgen gelijksoortige aanvragen zullen binnenkomen. Die zal de raad dan op dezelfde wijze moeten beoordelen. De keuze van vanavond is voorsorteren op nieuw beleid en dat kan de raad absoluut. Echter, na één casus zijn niet alle kaders naar zijn mening helder geformuleerd, maar niets doen is geen optie. Daar zijn het schoolbestuur en de raad het wel over eens. Het CDA verbaast zich over de houding van de school die haar hakken in het zand zet in het nemen van de verantwoordelijkheid tot financiering. Als de raad niet meegaat met het voorstel D++, dan gebeurt er dus niets. Dat is wat de fractie betreft ook geen optie. Ook het CDA wil niet het risico lopen om die € 6 ton subsidie te verliezen. Het CDA kan echt vooruitkijken en voorsorteren op dit nieuwe beleid, maar weet ook dat er een precedent zal komen. De kaders die de fractie wil meegeven aan haar steun, is dat dit bedrag taakstellend is en dat de school ervoor verantwoordelijk is om het plan daadwerkelijk ten uitvoer te brengen met dit geld. Het CDA is voor goed onderwijs voor de schoolgaande kinderen. Uiteraard dienen de voorzieningen daarvoor geschikt te zijn. Daarom zal het CDA meegaan in het amendement, maar wel zeer schoorvoetend.
Hij roept het college op om zo snel mogelijk met een nieuw IHP te komen dat wel kaderstellend is voor dit soort opties. De heer DE NOOIJER (CVO) merkt op dat het CDA tegen het amendement is maar er wel in meegaat. Het CDA zou ook tegen het amendement en voor het gewijzigde voorstel kunnen stemmen. De heer VAN DER HORST (CDA) antwoordt dat het CDA voor het amendement zal stemmen, omdat de fractie vindt dat men mee moet gaan met het voorstel, zij het schoorvoetend. Juist omdat de fractie veel moeite heeft met de aanloop ervan en hier nog geen juist beleid voor is. Wethouder VOS antwoordt dat het college gaat kijken wat er in het IHP kan worden geregeld. Als blijkt dat de technische of financiële kaders nog apart moeten komen, dan komen die in een verordening. Dan een reactie op het amendement. In de commissievergadering is over het voorstel van het college uitgebreid gesproken. De raad heeft daarbij kaders meegegeven met betrekking tot onderwijshuisvesting waaraan het college de aanvragen toetst. Daarnaast zijn er uiteraard ontwikkelingen, zoals de regeling die gaat over de verbetering van de ventilatie. Deze 5
regeling geeft een aantal kaders weer, maar laat ook ruimte voor interpretatieverschillen. Deze interpretatieverschillen zijn terug te zien in het voorliggende amendement. Waar het college als uitgangspunt heeft dat het binnenklimaat primair de verantwoordelijkheid is van het schoolbestuur, legt de raad meer de nadruk op de combinatie van ventilatieverbetering en renovatie, waarbij de kosten ‘onderwerp zijn van een gesprek tussen gemeente en schoolbestuur’. Dat gesprek heeft het college wel degelijk gevoerd. Daar komt alleen een ander punt uit. Om die reden begrijpt zij wel het amendement maar heeft er een paar vragen bij. In het voorstel is de aanpak van het binnenklimaat, lees ventilatie, nadrukkelijk gekoppeld aan de regeling die door het Rijk is aangeboden. Zij leest nu dat 20% aanvulling van de raad om verbetering van ventilatie gaat. Haar vraag: is er bij nieuwe aanvragen daadwerkelijk een koppeling met een subsidieregeling nodig of is een significante verbetering van de ventilatie ook een optie voor de raad om bij te dragen. In het amendement wordt ook gesproken over een levensduur verlengende renovatie.
Kan die ook op zichzelf staan, of alleen in combinatie met een regeling van het Rijk? Dit amendement is voor de casus financieel heel duidelijk, waarbij zij wel aangeeft dat het bedrag dat genoemd is in het collegeadvies voor de levensduur verlengende renovatie, niet is doorgerekend door de medewerkers van de gemeente maar tot stand is gekomen door inzichten bij de Eben Haëzerschool met hun deskundige. Zij gaat er nu van uit dat dit een taakstellend budget is. Dat is nog wel een vraag. Wat voor consequenties dit amendement verder heeft voor andere scholen kan ze niet inschatten. Daarom vindt ze het een lastig amendement, want voor deze school is het helder maar de gevolgen die het heeft is ‘een glazen bol’. Zij kent de raad en gaat er dan ook van uit dat met de antwoorden die straks gegeven worden en de kaders die vanavond worden meegegeven ook andere schoolbesturen kunnen rekenen op financiële steun, ondanks het feit dat de reserve onderwijshuisvesting dan nog eerder in de min gaat lopen. De heer HEDDEMA (ABO) vraagt hoe de wethouder aankijkt tegen het door het CDA genoemde boekenonderzoek. Wethouder VOS antwoordt dat het college niet zo ver is gekomen, omdat men het standpunt heeft gebezigd dat het binnenklimaat een verantwoordelijkheid is van het schoolbestuur.
Zou het college gedacht hebben dat men moet dealen – moet men 20%, 40% samen doen, dan denkt ze dat het zoals in de subsidieverordening staat heel wenselijk is om te kijken wat het vermogen is van een organisatie zelf. Dat doet het college namelijk ook met andere partijen aan wie het subsidie verstrekt. Tweede termijn De heer DOORNWAARD (SGP) memoreert dat de SGP in de commissie optie E op tafel heeft gelegd. Daar kreeg hij toen niet voldoende steun voor om daarmee verder te gaan. Dat het CDA zegt dat het bestuur deze variant heeft aangedragen, is totaal bezijden de waarheid. De raad heeft informatie gekregen en de stukken van het college gehad. Bijlage 1 van die stukken gaat over de getallen die het bestuur aanlevert. Het CDA vraagt waar die bedragen vandaan komen. Het antwoord is dat het bestuur deze heeft aangeleverd. Men wilde hier in dit huis niet verder omdat de bestaande kaders aangaven dat alleen D kan. Daar is niet verder gerekend. Dan moet de raad het doen met de gegevens die hij heeft. Die zijn de raad aangedragen en staan in bijlage 1. Dat heeft niets te maken met een voorstel van het schoolbestuur dat overgenomen is. Dan over de boeken. Dat is misschien het probleem, het CDA hangt in het verleden maar geeft later in haar bijdrage aan dat men wel naar de toekomst wil kijken. Dat is ook noodzakelijk, want dat nieuwe IHP komt eraan.
Dan meteen een reactie op het college: in het nieuwe IHP kunnen afspraken worden gemaakt als het gaat om ventilatie. Dat betekent dat het nieuwe IHP hier zo snel mogelijk moet liggen, zodat de raad daar duidelijke afspraken in kan maken. Dan zoals het CDA aangaf, het gemak waarmee andere fracties meegaan. Dat is niet het geval geweest. Er is op een goede manier in de commissie daarover gesproken. De voorliggende gegevens maken duidelijk dat dit een goed besluit is. Richting het college; de cijfers van deskundigen. Die gegevens waren er niet en dan moet je het doen met de gegevens die je aangereikt krijgt. De fractie gaat ervan uit dat die gegevens kloppen, want het college neemt die cijfers zelf ook op in bijlage 1. Dan als het gaat om nieuwe aanvragen. Die moeten weer op hun merites worden beoordeeld. De SGP hoopt dat het nieuwe IHP er dan is en de raad dat op basis daarvan kan doen. De heer KEMP (VVD) hoorde vanavond dat het bestuur van de school eigenlijk het amendement gemaakt heeft. Dat zou betekenen dat de raad er zelf niet goed over nagedacht heeft en dat heeft de VVD zeer zeker wel gedaan. Het is bekend dat de landelijke regelgeving in 2024 veranderd wordt. Verantwoordelijk bestuur acht hij ook bij een school erg belangrijk. Dan moet men ze niet twee keer in een verbouwing storten en zou het de gemeente nog meer geld 6
kosten. Hij hoopt dat het CDA zich daarin ook kan vinden. Afgelopen zomer waren er al genoeg voorbeelden te zien van bijzonder slecht klimaat in scholen. Dan past het de raad niet altijd om een schuldige aan te wijzen. Het ís er. En het bestuur heeft ook zijn verantwoordelijkheid. Als er dan landelijk al regelgeving op stapel staat, laat men daar dan gebruik van maken. Het schoolbestuur heeft daarop gehamerd, is met een voorstel gekomen en uiteindelijk € 6 ton binnengehaald. Als ze daar niet op inspringen, zijn ze al een deel van het geld kwijt. Dan over precedentwerking. Als er een andere school is in deze gemeente die binnenkort bij het college aanklopt en dezelfde monitor heeft gebruikt, hetzelfde onderzoek en ook bij die school komt eruit dat de leerlingen in een zeer urgente situatie zitten, 3.0, dan moet de raad wel degelijk zijn verantwoordelijkheid nemen. Als dat zou gebeuren, dan denkt hij dat de raad er zich wel over zal buigen. Naar het CVO: je kunt heel kritisch zijn en toch meegaan. De heer VAN DER VELDE (CVO) zegt richting het CDA over het boekenonderzoek, dat het college naar zijn mening eerst naar de raad had moeten gaan om te vragen of er mag worden afgeweken van de bestaande regels. Dan over precedentwerking. CVO hoopt dat als er nieuwe aanvragen komen, er een nieuw huisvestingsplan is.
Als dat er nog niet is, dan hoopt CVO ook dat de hele raad weer het gezonde verstand zal gebruiken. De heer VAN DER HORST (CDA) wil correcte beslissingen nemen en een goede afweging maken. Het college bevestigt dat de cijfers niet zijn doorgerekend door ambtenaren. Dat zegt iets over wat de raad beslist. Op een interruptie van de SGP antwoordt hij niet te twijfelen aan de deskundigheid van degenen die de cijfers presenteren. Het is aan de raad om daarover een beslissing te nemen. Het CDA vertrouwt ook op de ambtenaren die dan zo’n doorrekening doen. Dat is ook een verantwoordelijkheid van de raad. Als het gaat om de kaders, sluit hij zich aan bij de ChristenUnie. Wethouder VOS antwoordt de SGP dat het college verwacht dat de ventilatie opgenomen wordt in het IHP, maar hoeveel en of het Frisse Scholen B wordt, is nog wel een vraag. Dat is meteen de koppeling dat het heel lastig is om op dit moment met het IHP bezig te gaan. Voor Frisse Scholen B zou wellicht het bouwbesluit gewijzigd moeten worden. De vraag is wat de gevolgen daarvan zijn. Het college doet zijn best met de scholen om de voorbereiding te doen voor het IHP, maar wetgeving is ook kaderstellend en daar heeft het college het mee te doen. De VOORZITTER gaat over tot de besluitvorming. Amendement A1 wordt unaniem aangenomen.
Het voorgestelde besluit, waarvan het amendement A1 onderdeel uitmaakt, wordt unaniem aangenomen.
08. Voorstel vaststelling cultuurnota gemeente Oldebroek en beschikbaarstelling budget De heer DE NOOIJER (CVO) vindt het mooi om cultuurbeleid te hebben, maar vindt het ook belangrijk dat de raad aan zet blijft en dicht op de bal kan zijn als het gaat om subsidies en dergelijke. In de toekomstige discussies die de raad gaat voeren, is dit iets wat men in het achterhoofd moet houden. Hij heeft één vraag aan het college. Deze gaat over de deskundigheidsbevordering. Waar komt dit vandaan. Wat is de motivering geweest om subsidie specifiek hiervoor beschikbaar te stellen. Hij heeft paar verenigingen gevraagd of het bij hen vandaan kwam en het antwoord was nee. Als er verenigingen zijn die al op voorhand aangeven daar niet per se behoefte aan te hebben, dan kan dat geld veel beter aan iets anders worden uitgegeven waarvan iedere vereniging profiteert. Graag een reactie van het college. Dan, CVO komt vanavond met een amendement. In feite een aanvulling op de voorliggende cultuurnota. In de voorliggende cultuurnota wordt over heel veel verschillende dingen gesproken, waaronder de streektaal, de streekproducten, klederdracht; het immateriële erfgoed van Oldebroek. In de cultuurnota zijn negen actiepunten opgenomen, die verder gaan met de uitwerking, maar de streektaal, de streekproducten, de klederdracht, die unieke Oldebroekse identiteit komt daar helemaal niet in terug.
Dat is vergeten, lijkt het wel. Dat kon CVO niet laten gebeuren. Samen met de twee andere lokale partijen, Duurzaam Oldebroek en ABO, dient CVO dit amendement in. Tot slot. Het zou mooi zijn om als gemeente in grote mediakanalen daar af en toe iets mee te doen, of dat men samenwerkt met de oudheidkundige vereniging. Amendement A2 7
De fracties van CVO, Duurzaam Oldebroek en ABO stellen het volgende amendement voor: De raad besluit: dat na de negen actiepunten in hoofdstuk 5 in de cultuurnota wordt toegevoegd: 10. We zetten ons als gemeente in voor het behoud van onze unieke Oldebroekse identiteit, waaronder onze dialecten (streektaal), streekgerechten en klederdracht. We willen dit aandacht blijven geven door eigen inzet hiervoor, en werken hierbij samen met inwoners en instellingen die hier al inspanningen voor verrichten. Toelichting: In de cultuurnota wordt gesproken over onze streektaal, streekproducten en klederdracht. Echter, die worden slechts beschreven in de nota, maar daar worden geen acties aan verbonden voor de toekomst. Het komt immers niet terug in de negen geformuleerde actiepunten. De indieners vinden het van belang dat we onze unieke Oldebroekse culturele identiteit niet vergeten. We moeten dit als gemeente koesteren en ons hiervoor willen inzetten. Door het op te nemen als tiende actiepunt, kan de gemeente hier uitvoering aan geven (door de tweejaarlijkse uitvoeringsagenda). Hier kan de gemeente zelf inzet op plegen (bijvoorbeeld in haar communicatie), maar ook kan voor deze doelstelling worden samengewerkt met inwoners en instellingen die zich hier al voor inzetten.
De heer KEMP (VVD) zegt dat hoewel in de nota wordt gesproken over de streektaal, streekproducten en unieke identiteit, nergens terug te vinden is dat daarmee echt iets wordt gedaan. Tijdens de commissievergadering kwam het college helaas niet met de toezegging om het mee te nemen terwijl het wel genoemd was. Dit amendement benoemt het en daarom zal de VVD het steunen. Mevrouw SLOOTS (ChristenUnie) noemt dat tijdens de raadsvergadering van 5 maart 2020 de raad de behoefte heeft uitgesproken om een visie vast te stellen voor cultuur. Dat is waar de raad nu voor staat in deze cultuurnota. Door afspraken vast te leggen in een cultuurnota wordt de meerwaarde van cultuur voor de samenleving zichtbaar. Aangezien cultuur heel breed is heeft het college destijds besloten om uitgangspunten in een startnotitie aan de raad voor te leggen. De ChristenUnie heeft destijds aangegeven dat cultuur geen ondergeschoven kindje mag zijn en ook om meer duidelijke kaders mee te geven. Dat is waar de ChristenUnie nog steeds voor staat en wil meegeven in deze cultuurnota. Wil de raad beleid vaststellen of wil men het college het vertrouwen geven om het beleid uit te voeren. Voor die vraag staat de raad. Wat de raad vanavond doet, is het vaststellen van doelen waarmee het college het uitvoeringsplan vaststelt en de subsidies kan verstrekken. De ChristenUnie kan met het amendement A2 instemmen.
Met de cultuurnota stelt de raad de doelen vast. De weg ernaartoe is aan het college. Voor het vervolg is het nodig om een helder uitvoeringsplan te maken. Het lijkt de fractie dan ook van belang dat het uitvoeringsplan heldere en evalueerbare doelen heeft, zodat het verstrekken van subsidies vanuit de cultuurnota op de juiste manier met de juiste doelen voor ogen kan worden gedaan. Er wordt in de cultuurnota doorgebouwd op huidige afspraken voor subsidies. Voor de bestaande subsidieafspraken verandert er niets. Wel komt er een instemming met het voorstel van € 15.000 voor specifieke inzet. Geeft de raad de vrijheid weg? Wat de ChristenUnie betreft niet. Het college kan op basis van de cultuurnota met de daarin door de raad vastgestelde doelen subsidie verstrekken om de doelen te behalen op het gebied van de Oldebroekse cultuur. De heer VAN DER HORST (CDA) gaat in op het amendement A2. Het CDA gaat erin mee, want je kunt daar niet op tegen zijn. Het enige kader dat hij daarbij stelt, is dat het geen dwingend karakter krijgt vanavond, dus geen verplicht les in dialect op scholen. De heer DOORNWAARD (SGP) vindt dat het amendement in het uitvoeringsplan hoort, want in de cultuurnota staat echt het woord erfgoed benoemd. De SGP vindt de Oldebroekse culturele identiteit zeer waardevol en zal instemmen met het amendement.
Wethouder FLIER antwoordt CVO dat het college signalen heeft gekregen van verenigingen, onder meer dat het steeds moeilijker wordt om bestuurstaken te vervullen. Zij zouden hierin wel graag ondersteuning willen. Dat heeft het college meegenomen. Daarnaast kan het ook zo zijn dat kinderen zich melden bij een vereniging die meer begeleiding en ondersteuning nodig hebben. Dan zouden die verenigingen wel ondersteuning kunnen gebruiken en is 8
er meteen een voorzichtige link naar het sociaal domein. Over het amendement. Het college ziet geen bezwaar in het toevoegen van een tiende punt. In Oldebroek zet men zich al in voor de unieke Oldebroekse identiteit. Er is het Boerderijmuseum en de oudheidkundige vereniging die mooie boekjes uitgeeft. Wat het college betreft heel goed dat deze aanvulling er is. De heer DE NOOIJER (CVO) bedankt iedereen voor de ondersteuning van het amendement. De VOORZITTER gaat over tot de besluitvorming. Amendement A2 wordt unaniem aangenomen. Het voorgestelde besluit, waarvan het amendement A2 onderdeel uitmaakt, wordt unaniem aangenomen.
08a. Motie vreemd aan de orde van de dag De heer HEDDEMA (ABO) licht de reden van de motie toe. ABO stond alleen in het debat tijdens de laatste commissievergadering toen het ging over het haalbaarheidsonderzoek WHC. De conclusie van de overige fracties was dat de verplaatsing niet kan met gesloten beurs, er is immers een tekort van ruim € 1 mln. Daarmee wordt het haalbaarheidsonderzoek beëindigd, want het past niet binnen de meegegeven randvoorwaarden. Op geen enkele manier werd een perspectief geschetst hoe nu verder. ABO vindt dat erg onbevredigend en eigenlijk onverteerbaar. Het gaat over het realiseren van een nieuw sportpark voor de grootste vereniging van de gemeente Oldebroek en de mogelijkheid tot het bouwen van ruim 300 woningen waar meer dan 600 bewoners in komen; een heel grote groep mensen die deel uitmaken van Oldebroek. En dat op het moment dat eenieder zijn uiterste best doet om bouwlocaties te vinden. Locaties die schaars zijn en moeten worden gezekerd door het opleggen van een voorkeursrecht. Er worden gesprekken gevoerd met inwoners uit alle kernen, omdat het aanwijzen van locaties waar gebouwd gaat worden altijd erg gevoelig ligt. Er wordt heel veel energie van het college en de ambtenaren geïnvesteerd en steun van alle fracties om eindelijk weer nieuwe woningen te kunnen realiseren.
Men sprak er in verkiezingstijd schande van dat er de laatste jaren te weinig gebeurd was op dat vlak. Nu laat men weer een mogelijke bouwlocatie links liggen. Hoe nu verder. In de ogen van ABO zal eerst WHC zich duidelijk moeten uitspreken. Het kan niet zo zijn dat raad en college zich sterk maken voor een project en een algemene ledenvergadering van de sportvereniging zich in laatste instantie tegen uitspreekt. En er is een zwaar commitment nodig van WHC om bij te dragen in de realisatie van het nieuwe sportpark. Als WHC blijft zitten, zullen zij ook fors moeten investeren in het park dat op onderdelen verouderd is. Als het voorgestelde plan zou worden doorgezet, betreft het pas bouwen vanaf circa 2025 en de jaren daarna. Nu niet doorzetten vanwege de lastige markt van dit moment, getuigt niet van visie en bestuurlijke moed. Laat de raad nog een keer naar de randvoorwaarden en de risico’s kijken door middel van een second opinion op de businesscase. Het zal de raad helpen om zich te realiseren dat in het geval van een beperkte gemeentelijke bijdrage, het een kans is die men niet mag laten liggen. Dat is de raad verplicht aan zijn inwoners. Verder zou ABO graag als besloten wordt tot een second opinion daarover kunnen beschikken. Graag hoort hij de mening van de overige fracties op het voorstel van ABO.
Motie M1, ingediend door de fractie van ABO De raad van de gemeente Oldebroek in vergadering bijeen op 9 maart 2023, gehoord de beraadslaging, Constaterende dat: 1. het haalbaarheidsonderzoek naar de verplaatsing van voetbalvereniging WHC te Wezep een negatief resultaat heeft opgeleverd van € 2 mln.; 2. op grond van een door de raad meegegeven randvoorwaarde van kostenneutraliteit het haalbaarheidsonderzoek wordt beëindigd. Overwegende dat: 3. het project Versneld Wonen zoals dat door de raad is omarmd, ten doel heeft op korte termijn tijdelijke en definitieve woningen tot stand te brengen; 9
4. door het laten vervallen van de WHC-locatie nu elders compensatie moet worden gevonden voor circa 300 woningen, en daardoor de opgave om woningbouwlocaties te vinden nog ingewikkelder wordt en rekening gehouden moet worden met langere doorlooptijden voordat er gebouwd kan worden; 5. inwoners die al jaren op de wachtlijst staan nog langer moeten wachten; 6. het waarschijnlijk is dat WHC in geval de vereniging niet verhuisd gaat worden, voor de renovatie van de accommodatie een financieel beroep op de gemeente zal doen. Draagt het college op: - mits WHC, voordat de gemeente verdere stappen gaat ondernemen, eerst in haar Algemene Ledenvergadering groen licht geeft voor (a) een mogelijke verhuizing naar de Voskuilerdijk en (b) in dat geval het leveren van een aanzienlijke bijdrage in natura bij de aanleg van het nieuwe sportcomplex - : 1. door middel van een second opinion meer zekerheid te krijgen over het risicoprofiel en resultaat van de business case; 2. indien sprake is van een maximaal negatief resultaat van circa € 2mln. en een aanvaardbaar risicoprofiel, in overleg met de raad over te gaan tot de ontwikkeling van de WHC-locatie met de bouw van circa 300 woningen, waarbij voor vv WHC een nieuw sportcomplex wordt ontwikkeld aan de Voskuilerdijk. En gaat over tot de orde van de dag.
De heer WIJNNE (ChristenUnie) wil eerst het verzoek aan de raad doen om moties eerder met de andere fracties te delen dan vlak voor de raadsvergadering. Anders biedt het weinig tijd om zich goed voor te bereiden. Dan over de motie. Voor de ChristenUnie zijn een aantal dingen onduidelijk. Er wordt niet aangegeven waarom een second opinion nodig zou zijn en ook niet hoe die betaald moet worden. Er wordt een grens genoemd van € 2 mln., die wat willekeurig lijkt gekozen. Als uit de second opinion blijkt dat het € 2,5 mln. gaat kosten, wat doet de raad dan. Er wordt ook niet omschreven wat precies een aanvaardbaar risicoprofiel is. De ChristenUnie heeft het haalbaarheidsonderzoek gezien, het is afgerond. De fractie was niet blij met de uitkomst, maar heeft het ermee te doen. In de commissie heeft de fractie gevraagd aan het college om de raad te informeren over eventuele vervolgstappen. Deze motie vraagt in feite om opnieuw te beginnen, maar dan worden de randvoorwaarden die de raad aan het begin heeft meegegeven, zoals kostenneutraliteit, alsnog veranderd. Daarmee worden die € 2 mln. al weggegeven. Die worden in feite extra in het sportpark van WHC gestoken. Wat doet de raad dan als andere voetbalof sportclubs komen met aanvragen. Wat de ChristenUnie betreft, gebeurt dit niet. Het haalbaarheidsonderzoek heeft al voldoende informatie gegeven.
Stel dat WHC wel groen licht geeft en bereid is een substantiële bijdrage te leveren, maar ook als een projectontwikkelaar de marktconforme prijs betaalt en bereid is om bindende afspraken te maken over de woningbouw, dan ben je er al. Dan ligt de bal niet zozeer bij het college maar eerder bij de andere partij en is er ook geen second opinion nodig. De ChristenUnie heeft het college gevraagd de raad te informeren over het vervolg en vindt het nu niet aan de orde om een onderzoek opnieuw te gaan doen. Daarnaast heeft hij het college horen zeggen dat er ook nagedacht moet worden over hoe om te gaan met eventuele aanvragen van sportclubs voor verbetering en verduurzaming en de rol van de gemeente daarin. Dat is de reden van de vraag die eerst moet worden besproken, zeker als men € 2 mln. wil bijdragen aan wat een kostenneutrale verhuizing had moeten zijn. De ChristenUnie gaat daarom niet mee met de motie. De heer DIJKSTRA (CDA) memoreert dat het CDA bij aanvang van dit voorstel tegen heeft gestemd. De fractie vond het geen goed plan om bouwplannen te ontwikkelen op gronden die nog niet in bezit van de gemeente waren. Het CDA is meegegaan in een haalbaarheidsonderzoek om in dit proces de juiste afweging te maken. De raad is hierin kaderstellend geweest. Deze plannen dienen allereerst kostenneutraal te zijn, alvorens het CDA ermee instemt. ABO vraagt om een second opinion.
Is er een bepaald wantrouwen tegen het onderzoek dat door een vorige wethouder is opgestart? Het CDA twijfelt daar niet aan. Een hernieuwd onderzoek levert naar zijn mening dezelfde resultaten op en brengt geen oplossing. Dit is zinloos, tijd- en geldverspilling. De raad heeft destijds duidelijke kaders vastgesteld. De onderliggende informerende nota spreekt over een financieel risico voor de gemeente van meer dan € 12 mln. Dit is voor het CDA een groot financieel risico. Deze motie beoogt niet alleen een second opinion. Dit beoogt doorgang van de plannen met een negatief resultaat van € 2 mln. en dat is tegen de kaders van de raad in. De motie laat niet zien 10
welk financieel risico voor ABO wel aanvaardbaar is. Vanuit zorgvuldige bedrijfsvoering en het baken voor de financiële gezondheid van de gemeente, kan en wil het CDA niet meegaan in deze motie. De heer DE NOOIJER (CVO) vindt dat er een aantal dingen in zitten waarover de motie niet geheel duidelijk is. Dat kan ook als positief worden gezien: de raad kan dat dan zelf invullen. Het punt waarom deze motie is ingediend, is volgens hem de diepliggende motivatie van ABO dat er geen follow-up is, dat er geen blik is op wat wél kan. ABO wil nu de situatie te baat nemen om te kijken wat dan wel de mogelijkheden zijn. Volgens hem dacht ABO iets ruimer dan CVO over het risicoprofiel van € 12 mln. in het haalbaarheidsonderzoek, want: er komt woningbouw, dus de raad krijgt er veel voor terug. Daar is CVO wel iets kritischer in, maar daar moet men het dan met de raad over gaan hebben. Al zou CVO deze motie vanavond steunen, dan betekent dat niet dat als ABO vindt dat deze motie goed is uitgevoerd, CVO automatisch voor WHC op de nieuwe locatie zal zijn. Dat moet dan nog wel afgewogen worden met wat er op dat moment voorligt. Het belangrijkste voor CVO is dat de raad aan zet blijft. Ondanks dat deze motie erg sturend is, zal CVO het op dat moment beoordelen. Maar de richting die deze motie uit wil begrijpt de fractie wel.
De heer OVERKEMPE (Duurzaam Oldebroek) vindt dat het haalbaarheidsonderzoek gedegen is uitgevoerd en zijn de risico’s vrij helder. De vraag is dan ook of een second opinion veel nieuwe informatie oplevert. Zijn vraag is of de verplaatsing van WHC en de 300 nieuwe woningen € 2 mln. waard zijn. Naar zijn mening moet de raad daar wat langer over nadenken dan nu zo beslissen. De fractie zal dan ook niet mee gaan met de motie. De heer VLIEGER (SGP) geeft aan dat de SGP in het verleden heeft ingestemd met het beschikbaar stellen van het krediet, destijds € 2 ton. De fractie had destijds graag een knip gewild in het onderzoek en het bedrag, maar daar was geen meerderheid voor in de raad. Daarom heeft de fractie ingestemd met het onderzoek omdat men het wel belangrijk vond dat er een onderzoek kwam. Tussentijds is het onderzoek aangepast. Daar was de SGP op tegen, voor de fractie moest het onderzoek blijven zoals het was waarbij kostenneutraliteit van groot belang was. De keuze is gemaakt dat het niet haalbaar is. Dan is het goed om dit even te laten betijen om te kijken of er nieuwe initiatieven opborrelen. De fractie heeft eerder aangegeven dat de gemeente wellicht wat te vast zit aan deze projectontwikkelaar en of er niet wat breder naar nieuwe opties of initiatieven kan worden gekeken.
Misschien is dit juist een moment om zich niet vast te pinnen op deze locatie maar breder te gaan kijken. De SGP is dan ook benieuwd wat er de komende tijd wellicht op de gemeente af komt. De wethouder gaf in de commissie aan dat er nu een informerende nota komt met mogelijkheden, eventueel met een doorkijk naar de financiële positie van verenigingen die met aanvragen zullen komen en hoe daarmee om te gaan. Wat de SGP betreft is het belangrijk dat de raad daar eerst op wacht en een pas op de plaats maakt. De heer HEDDEMA (ABO) interrumpeert. Het ging ABO erom een visie te hebben op de urgentie die er is met betrekking tot woningbouw. Ziet de SGP ook die urgentie, gegeven het probleem dat men als gemeente moet tackelen? De heer VLIEGER (SGP) antwoordt zeker ook de urgentie van woningbouw te zien, maar de raad heeft duidelijke kaders gesteld. Om dan nu het onderzoek aan de kant te schuiven en € 2 mln. klaar te zetten, is voor de SGP niet acceptabel. Het is een forse investering, met een risico van € 12 mln. waarvoor geen dekking is. Dat is voor de SGP op dit moment te groot. De fractie zal dan ook tegen de motie stemmen. De heer KEMP (VVD) vraagt zich af wat ABO nu wil, nadat er al € 2 ton in het water is gegooid met een onderzoek waarvan de VVD destijds al aangaf dat het kansloos was.
Praten en plannen maken over eigendommen die niet van de gemeente zijn, maar die wel nodig zijn voor een plan, is echt kansloos. ABO pleit nu voor een second opinion. Weer een onderzoek en dat niet alleen, er wordt gesteld dat als er sprake is van een maximaal negatief resultaat, men weer wil onderhandelen. Stel dat het zover komt, dan staat de gemeente Oldebroek weer met de rug tegen de muur. De VVD wil ABO bedanken. Na het laatste debat in de commissie over de nota waarin het resultaat van de haalbaarheid van de verplaatsing van WHC werd beschreven, werd de VVD veelvuldig benaderd door inwoners. Het was bij een heel groot aantal burgers niet duidelijk waarom de gemeente dat sportpark niet kon verplaatsten en inrichten. Het kostte hem wel wat tijd maar uiteindelijk was de reactie nadat hij het nog een keer had uitgelegd: zit dat zo, waarom kunnen jullie dat in de raad dan niet duidelijk maken. Nu snappen ze waarom de VVD tegen was, en niet alleen de VVD. Zonde 11
geld, noemde men dat; weer € 2 ton weg. Nu ABO het nogmaals agendeert, kan hij het nog meer burgers een keer goed uitleggen, waarvoor dank. Wethouder ENGBERTS benadrukt dat de gemeente in dit lange voortraject al heel veel heeft gevraagd: om die opinion, juist vanuit de deelnemers, de betrokkenen, vanuit die partijen, maar daar kwam geen soelaas. Ook de onderhandelingsposities zijn nadrukkelijk aan de orde geweest, maar daar komt geen zekerheid. Vandaar deze haalbaarheid met een nee. Daarnaast heeft het college aangegeven dat er eerst met de raad een beleidsnotitie gemaakt moet worden met voldoende kaders voor ontwikkelingen bij sportclubaccommodaties, voordat er nieuwe scenario’s ook maar kunnen worden beoordeeld. De urgentie die ABO noemt, zit eerst bij WHC. Dan zijn er twee bestemmingsplannen op te stellen en nog een verhuizing van een sportclub, oftewel de tijdtermijn wordt echt heel lang. De heer HEDDEMA (ABO) vraagt of de wethouder een termijn kan noemen waarbinnen dat kader aan de raad wordt voorgesteld, zodat in dit dossier vervolgstappen kunnen worden gezet. Wethouder ENGBERTS antwoordt dat het college nog geen termijn heeft. Zoals in de commissievergadering al is gezegd: het college heeft erg veel te doen, de plannen worden nog niet aangedragen, maar het college zal wel zijn uiterste best doen om daarover op een redelijke termijn met elkaar na te denken.
De heer DE NOOIJER (CVO) interrumpeert. De informerende nota die was toegezegd, ging over: hoe gaan we in de toekomst daarmee om. Deze motie wil juist kijken: wat is er nu wel mogelijk. Hoe nadrukkelijk wordt dat betrokken in de nota die wordt opgesteld. Gaat het college ook kijken wat wel kan of niet. Wethouder ENGBERTS antwoordt duidelijk te hebben aangegeven in de commissie dat er eerst een beleidsnotitie moet worden gemaakt hoe om te gaan met ontwikkelingen bij sportclubaccommodaties. Daarna komen voorstellen. Ook die andere zullen opnieuw langs de boordelingslat gelegd moeten worden. Daar neemt het college de raad natuurlijk in mee aan de voorkant. De heer HEDDEMA (ABO) vraagt of de wethouder kan toezeggen dat die nota in ieder geval de komende drie maanden komt te verschijnen. Wethouder ENGBERTS: nee. De VOORZITTER gaat over tot de besluitvorming. Motie M1 De fracties van ABO en CVO stemmen voor de motie. De fracties van ChristenUnie, SGP, CDA, VVD, Duurzaam Oldebroek stemmen tegen de motie. Met 7 stemmen voor en 12 stemmen tegen is de motie verworpen.
09. Sluiting De VOORZITTER gaat voor in dankgebed en sluit de vergadering.
Aldus goedgekeurd en vastgesteld in de openbare vergadering van de gemeenteraad van Oldebroek op 20 april 2023.
, griffier J. Tabak,
, voorzitter T.H. Haseloop-Amsing.
12