8e.1 Beleidskader Onderwijskansen gemeente Oldambt 2024-2026
Tekst van het document
Onderwijskansenbeleid Alle jeugdigen doen ertoe, alle jeugdigen doen mee!
Voorwoord In dit beleidsplan leggen we de basis voor de komende drie jaar. We willen de komende jaren inzetten op het vergroten van de onderwijskansen in onze gemeente. Ieder kind verdient een optimale ontwikkeling. Het is belangrijk dat kinderen al vroeg vaardigheden ontwikkelen die zij in hun latere leeftijd nodig hebben. We zetten met ons onderwijskansenbeleid in op het vergroten van gelijke kansen voor elk kind. Door beschermende factoren te stimuleren en risicofactoren te verminderen dragen we bij aan een omgeving waarin kinderen zich optimaal kunnen ontwikkelen. Dit kunnen we niet alleen: wij doen dit samen met betrokken ketenpartners als het onderwijs, de kinderopvang, voorschoolse aanbieders, de jeugdgezondheidszorg en de bibliotheek. Meer dan ooit, en op verschillende terreinen, komt die samenwerking tot stand. Daar ben ik erg blij mee. In dit beleidsplan nemen we jullie mee in onze ambitie en wat wij (al) doen om deze te bereiken. Alle jeugdigen doen er toe, alle jeugdigen doen mee! Jurrie Nieboer, Wethouder Onderwijs en Kinderopvang
1
Inhoudsopgave 1
Inleiding .............................................................................................................................................3 1.1
Doelgroep ....................................................................................................................................3
2
Wettelijke Taken ................................................................................................................................4
3
Achtergrond .......................................................................................................................................5 3.1
Huidige en nieuwe landelijke ontwikkelingen ..............................................................................5
3.2
Relevante beleidsstukken gemeente Oldambt ............................................................................5
3.3
Huidige en nieuwe ontwikkelingen in Oldambt ............................................................................6
3.3.1
Terugblik afgelopen jaren ...................................................................................................6
3.3.2
Situatieschets ......................................................................................................................6
3.4
De cijfers rondom onderwijsachterstanden .................................................................................7
3.4.1
Peuters (2,5 jaar tot 4 jaar) .................................................................................................7
3.4.2
Basisschoolkinderen (4 jaar t/m 6 jaar) ..............................................................................8
4
Ambitie Onderwijskansen ..................................................................................................................9
5
Visie voor- en vroegschoolse educatie (VVE) .................................................................................11
6
Doelstellingen en activiteiten/resultaten ..........................................................................................13 6.1
Voorschoolse educatie (VVE)....................................................................................................13
6.2
Onderwijskansenbeleid in de basisschool .................................................................................14
6.2.1
Nieuwkomersonderwijs .....................................................................................................14
6.2.2
Warme overdracht van primair onderwijs naar voortgezet onderwijs ...............................15
6.3
Onderwijskansenbeleid in het voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs (mbo) ..................15
6.4
Samenwerking binnen het sociaal domein ................................................................................15
6.4.1
Ondersteuningsroute ........................................................................................................15
6.4.2
BoekStart ..........................................................................................................................16
6.4.3
Bibliotheek op school ........................................................................................................16
6.4.4
VoorleesExpress ...............................................................................................................16
7
Monitoring en evaluatie ...................................................................................................................17
8
Uitvoeringsagenda ..........................................................................................................................18
9
Begroting .........................................................................................................................................19
Bijlage 1: Definities .................................................................................................................................20 Bijlage 2: Relevante beleidsstukken .......................................................................................................21
2
1 Inleiding De gemeente Oldambt erkent het belang van gelijke onderwijskansen voor alle kinderen en jongeren. Ieder kind moet zonder achterstand aan de basisschool kunnen beginnen. Het doel van deze beleidsnota is het formuleren van strategieën en maatregelen om onderwijsachterstanden te verminderen en gelijke onderwijskansen te bevorderen. Het Onderwijsachterstandenbeleid (OAB) kent landelijk een cyclus van vier jaar. De huidige periode loopt van 2023 t/m 2026. Dit betekent dat het Rijk in perioden van vier jaar beleid formuleert en daarvoor middelen verstrekt aan gemeenten en basisscholen. Bij de nieuwe periode vanaf 2023 heeft het Rijk geen grote wijzigingen doorgevoerd. De gemeente Oldambt heeft geen actueel onderwijskansenbeleid en heeft besloten om in 2024 (nieuw) beleid te formuleren tot aan dezelfde periode als de landelijke termijn (t/m 2026). In de het beleidskader Onderwijskansen staan onze ambitie, uitgangspunten, doelen en activiteiten voor de komende drie jaar. Het beleidskader is in nauwe samenwerking geschreven met kinderopvang, onderwijs en de gemeente Oldambt. We spreken liever van onderwijskansenbeleid dan van onderwijsachterstandenbeleid omdat we willen aansluiten bij wat kinderen al kunnen en dit versterken.
1.1
Doelgroep
Gemeenten krijgen van het Rijk middelen voor de bestrijding van onderwijsachterstanden. De gemeente heeft de verplichting om voldoende voorschools aanbod in volume, spreiding en kwaliteit aan te bieden voor doelgroepkinderen in de gemeente. Daarnaast kan de gemeente haar geld inzetten voor het bestrijden van achterstanden in het basisonderwijs. De doelgroep van het onderwijskansenbeleid is vanuit deze wettelijke basis kinderen van 2 tot 12 jaar. We realiseren ons daarbij dat het werken aan onderwijskansen al eerder start en ook na 12 jaar verder gaat. Daar waar relevant beschrijven we dit bredere perspectief, en hoe we daar gezamenlijk stappen in (willen) zetten.
3
2 Wettelijke Taken In opdracht van de Rijksoverheid hebben gemeenten een grote rol gekregen in het terugdringen van onderwijsachterstanden. De gemeente heeft daarvoor een aantal wettelijke taken. Deze wettelijke taken vormen het kader voor het beleidskader Onderwijskansen van de gemeente Oldambt. Voorschoolse educatie (artikel 159 Wet primair onderwijs) De gemeente is verantwoordelijk om voldoende aanbod van voorschoolse educatie voor peuters van 2,5 jaar tot 4 jaar met (een risico op) een achterstand te realiseren. Deze peuters worden ook wel doelgroeppeuters genoemd. De gemeente besteedt deze verantwoordelijkheid uit aan kinderopvangorganisaties. De gemeente krijgt hiervoor financiële middelen van het Rijk. Vroegschoolse educatie en overige activiteiten (artikel 158 Wet primair onderwijs) Besturen van primair onderwijs zijn verantwoordelijk voor de vroegschoolse educatie (groep 1 en 2 van de basisschool) en overige activiteiten voor onderwijskansen voor basisschoolleerlingen, zoals bijvoorbeeld taalactiviteiten, schakelklassen en een verlengde schooldag. Schoolbesturen krijgen hier als onderdeel van de lumpsum een vergoeding voor. Ook de gemeente mag haar middelen inzetten voor het versterken van onderwijskansen voor leerlingen in het basisonderwijs.
Coördinatie voor- en vroegschoolse educatie (artikel 160 Wet primair onderwijs) De gemeente heeft een coördinerende rol in het maken van afspraken met alle betrokkenen (de jeugdgezondheidszorg, kinderopvangorganisaties en basisscholen) over: - Het bereiken van een zo groot mogelijke deelname van het aantal doelgroeppeuters aan voorschoolse educatie; - Het vaststellen van welke kinderen in aanmerking komen voor voorschoolse educatie (de doelgroepdefinitie); - De wijze van toeleiding naar voor- en vroegschoolse educatie; - De organisatie van doorlopende leerlijnen van voor- naar vroegschoolse educatie; - De resultaten van voor- en vroegschoolse educatie. Lokaal educatieve agenda (artikel 161 Wet primair onderwijs) De gemeente is verantwoordelijk voor het organiseren van een jaarlijks overleg met schoolbesturen voor primair en voortgezet onderwijs en houders van kinderopvanglocaties over het voorkomen van segregatie, het bevorderen van integratie, het bestrijden van onderwijsachterstanden en het afstemmen van de inschrijvings- en toelatingsprocedures.
Peuteropvang voor ouders die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag (Bestuurlijke afspraken Vereniging Nederlandse Gemeenten en het Ministerie van Sociale Zaken en Welzijn, april 2016) De gemeente heeft een inspanningsverplichting om voor alle peuters waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag, voor een voldoende en financieel toegankelijk aanbod aan peuteropvang te verzorgen. Tegemoetkoming in kosten kinderopvang bij een Sociaal Medisch Indicatie De gemeente is verantwoordelijk voor de tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang bij een Sociaal Medische Indicatie (SMI). De SMI-regeling is een vangnetregeling die de mogelijkheid geeft om gezinnen tijdelijk financieel te ondersteunen in de kosten van kinderopvang als zij geen of onvoldoende uren recht hebben op kinderopvangtoeslag. De SMI-regeling is voorliggend op specialistische jeugdhulp.
4
3 Achtergrond Hoofstuk 3 schetst de landelijke en lokale context van het beleidskader Onderwijskansen van de gemeente Oldambt.
3.1
Huidige en nieuwe landelijke ontwikkelingen
Er zijn een aantal landelijke ontwikkelingen waar we rekening mee moeten houden. Onderwijsachterstandenbeleidskader Rijksoverheid 2023-2026 Op 1 januari 2023 is er een nieuwe periode voor het gemeentelijke onderwijsachterstandenbeleid (GOAB) ingegaan. De Rijksoverheid heeft een aantal aanscherpingen rondom het bereik van de voorschoolse educatie en ouderbetrokkenheid aangekondigd en start daarvoor een pilot van 2 jaar in 19 grote steden. Voor de gemeente Oldambt houdt dit vooralsnog geen wijzigingen in. In het recent gepresenteerde coalitieakkoord van PVV, VVD, NSC en BBB staat over voor- en vroegschoolse educatie het volgende: ‘Voorschoolse opvang en vroegschoolse educatie kan belangrijk zijn. Aanvullend wordt bevorderd dat onderwijsaanbod, in stad en platteland, binnen een redelijke reistijd bereikbaar is. Daartoe moeten binnen de onderwijsbegroting middelen worden herschikt.’ De uitwerking hiervan volgt de komende maanden. We blijven dit volgen. Aangekondigde stelselwijziging kinderopvang circa 2027 Door kabinet Rutte IV is eerder aangekondigd dat er grote wijzigingen van het kinderopvangstelsel zullen plaatsvinden circa 2027. Het nieuwe coalitieakkoord van PVV, VVD, NSC en BBB vertelt ons dat deze stelselherziening wordt doorgezet binnen een nieuw (nog te vormen) kabinet.
In het coalitieakkoord staat: ‘De stelselherziening kinderopvang (bijna gratis voor werkende ouders en overheveling naar instellingen) wordt doorgezet.’ Wat dit precies gaat betekenen moet de komende maanden duidelijk worden. Momenteel financiert de gemeente Oldambt een deel van de peuteropvang voor ouders die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag middels de subsidieregeling peuteropvang. In hoeverre de wijzigingen van het Rijk hier invloed op heeft, zal moeten blijken. We blijven deze ontwikkeling volgen. Onderwijsinspectie rond OAB De Onderwijsinspectie toetst jaarlijks of gemeenten voldoen aan hun wettelijke verplichtingen rondom onderwijsachterstanden. Het blijkt dat er veel verschil zit in de interpretatie van deze verplichtingen door gemeenten. Het Rijk heeft daarom aangekondigd een aantal wetsartikelen aan te scherpen. Ook deze ontwikkeling zullen we blijven volgen. Instroom nieuwkomers De afgelopen jaren zien we een toename van het aantal kinderen dat uit verschillende landen naar Nederland komt. Deze kinderen starten doorgaans met een onderwijsachterstand en vragen veel aandacht van de kinderopvang en het onderwijs. Er is structureel aandacht nodig voor deze groep.
3.2
Relevante beleidsstukken gemeente Oldambt
Er is een aantal beleidsstukken die het beleidskader Onderwijskansen van de gemeente Oldambt richting geven. Al deze beleidsstukken lopen ook nog door tijdens de looptijd van het beleidskader Onderwijskansen. In bijlage 2 worden al deze beleidstukken kort samengevat. Het beleidskader toezicht en handhaving kinderopvang wordt hieronder toegelicht. Beleidskader toezicht en handhaving kinderopvang De gemeente heeft een taak in het toezicht op de kinderopvang. Deze taak is gemandateerd aan de GGD, zij ziet toe op de naleving van alle eisen vanuit de wet Kinderopvang, die ook van toepassing is op aanbieders van voorschoolse educatie. De GGD kan aanwijzingen geven voor de verbetering van de kwaliteit van de voorschoolse educatie-aanbieders op basis van de toezichtstaken. Het naleven van
5
de basiskwaliteitseisen vanuit het wettelijk kader is een vereiste voor het aanbieden van voorschoolse educatie.
3.3
Huidige en nieuwe ontwikkelingen in Oldambt
3.3.1
Terugblik afgelopen jaren
Momenteel heeft de gemeente Oldambt geen actueel onderwijskansenbeleid. Wel vinden er verschillende activiteiten plaats die bijdragen aan het vergroten van onderwijskansen en worden deze gefinancierd uit de onderwijsachterstandsmiddelen van de gemeente. Al deze activiteiten worden doorgezet in het nieuwe beleidskader en worden dan ook toegelicht in hoofdstuk 6.
3.3.2
Situatieschets
De afgelopen periode is door ketenpartners en de gemeente hard gewerkt om de onderwijskansen van onze kinderen te vergroten. Zo wordt er gewerkt aan warme overdrachten tussen organisaties en zijn we al een aantal jaren bezig om kinderen een verrijkte schooldag aan te bieden en hebben (bijna) alle kinderen toegang tot boeken op school. Onze peuters worden goed voorbereid op de basisschool en krijgen waar nodig extra ondersteuning. Het laatste wordt mogelijk gemaakt door een nauwe samenwerking tussen de voorschool en de basisscholen. Alle kinderopvangorganisaties hebben de afgelopen jaren hard gewerkt aan een verbetering van de algehele kwaliteit. Niet omdat de overheid dit vraagt, maar dit is ontstaan uit noodzaak: we zien steeds meer peuters met een extra ondersteuningsvraag. Naast al deze goede ontwikkelingen zien we ook een aantal punten waarop we nog kunnen verbeteren, te weten: - De afgelopen jaren zien we een toename van het aantal peuters met zorgen over het gedrag en de ontwikkeling. Steeds meer niet VVE kinderen starten in het basisonderwijs met een taalen/of motorische achterstand. Dit is een landelijke tendens waar geen eenduidige verklaring voor is. Het is daarom van belang dat we gaan werken met een eenduidige zorg-/ ondersteuningsstructuur. Dat doen we al in het onderwijs en in de kinderopvang vraagt dit meer aandacht.
- Het belang van monitoring is groter geworden. Momenteel ervaren we een knelpunt dat er onduidelijkheid is over het aantal peuters met een VVE-indicatie vanwege verschillende interpretaties en ook het non bereik is daarmee niet goed in beeld. - We hebben gezien dat niet alle peuters met een risico op een onderwijsachterstand voorschoolse educatie krijgen. Niet alle ouders kunnen voor dezelfde aanbieder kiezen. Het is nodig dat ouders hierin keuzevrijheid krijgen. - We zien dat er veel winst is te behalen in goede afspraken over de doorgaande lijn tussen kinderopvang en onderwijs. - We willen meer het effect gaan meten van onze interventies. Het is noodzakelijk dat kinderopvang, onderwijs en gemeente resultaatafspraken gaan maken. - De ouderbetrokkenheid lijkt de afgelopen jaren sterk afgenomen. We erkennen het belang van betrokken ouders bij de ontwikkeling van hun kind. Ouders spelen een cruciale rol in het versterken van deze ontwikkeling. Het is belangrijk dat wij hen meer gaan betrekken bij wat we doen. - Er is veel winst te behalen in een goede samenwerking tussen kinderopvang, onderwijs en gemeente.
6
3.4
De cijfers rondom onderwijsachterstanden
Landelijk stelt het Ministerie OCW voor 15 procent van de kinderen met het hoogste risico op een onderwijsachterstand extra financiering beschikbaar. Van de 3100 kinderen in Oldambt valt 19 procent binnen deze landelijke doelgroep. Om te bepalen of een kind in de landelijke doelgroep valt, heeft het CBS een aantal criteria bepaald. Aan de hand van de volgende criteria wordt bepaald of een kind in de landelijke doelgroep valt en dus (een risico op) een onderwijsachterstand heeft: - Het opleidingsniveau van beide ouders; - Het herkomstland van de moeder; - De verblijfsduur van de moeder in Nederland; - Het gemiddelde opleidingsniveau van alle moeders op de school; - Of de ouder(s) in de schuldsanering zitten.
3.4.1
Peuters (2,5 jaar tot 4 jaar)
Tabel 1 is een overzicht van het aantal peuters in Oldambt dat valt binnen de landelijke doelgroep in de afgelopen vijf jaar. Van de 475 peuters uit Oldambt valt 20 procent binnen de landelijke doelgroep in 2023. Tussen 2019 en 2023 is een stijging te zien van het aantal peuters (10) in Oldambt dat binnen de landelijke doelgroep valt. In 2019 had Oldambt 85 peuters met een risico op een onderwijsachterstand volgens het CBS en in 2023 waren dit er 95. Tabel 1 Aantal peuters in Oldambt die vallen in de landelijke doelgroep (CBS) Jaar 2023 2022 2021 2020 2019
Totaal aantal peuters 475 445 460 430 475
Landelijke doelgroep Aantal 95 85 85 75 85
Percentage 20 19 18 17 18
In tabel 2 is er een vergelijking gemaakt met de andere gemeenten in Oost Groningen. In de gemeenten Pekela (21%), Veendam (21%) en Stadskanaal (21%) vallen er procentueel meer peuters in de landelijke doelgroep dan in Oldambt (20%). De andere gemeenten hebben procentueel minder peuters in de landelijke doelgroep of hetzelfde percentage (Westerwolde 20%, Midden-Groningen: 16%). Echter, de verschillen tussen de gemeenten zijn klein. Oldambt scoort gemiddeld in de regio. Tabel 2 Gemeente Oldambt in vergelijking met omliggende gemeenten (2023) Gemeente Oldambt Veendam Pekela Westerwolde Stadskanaal Midden-Groningen
Percentage peuters in de landelijke doelgroep 20 21 21 20 21 16
Het is niet mogelijk om het dashboard van het CBS te koppelen aan individuele kinderen. Dit betekent dat de gemeente zelf een doelgroep definitie moet vaststellen om te bepalen welke peuters een risico lopen op een onderwijsachterstand. Een peuter die valt onder de doelgroep definitie in Oldambt krijgt een indicatie voor de voorschoolse educatie van de jeugdgezondheidszorg (GGD). In 2023 waren er 80 7
peuters met een indicatie voor voorschoolse educatie in Oldambt. Wanneer een peuter een indicatie krijgt, betekent dit niet direct dat deze ook deelneemt aan het VE-programma. Dit omdat ouders zelf de keuze hebben de indicatie wel of niet te verzilveren.
3.4.2
Basisschoolkinderen (4 jaar t/m 6 jaar)
In tabel 3 is een overzicht van het aantal basisschoolkinderen in Oldambt dat valt binnen de landelijke doelgroep in de afgelopen vijf jaar te vinden. Van de 2626 basisschoolleerlingen uit Oldambt, valt 19 procent binnen de landelijke doelgroep in 2023. Tussen 2019 en 2023 is het percentage kinderen (nagenoeg) gelijk gebleven. Tabel 3 Aantal basisschoolkinderen in Oldambt dat valt in de landelijke doelgroep (CBS) Jaar
Totaal aantal basisschoolkinderen
2023 2022 2021 2020 2019
2626 2645 2535 2590 2580
Landelijke doelgroep Aantal 500 520 500 490 480
Percentage 19 20 20 19 19
Op basis van de eerder omschreven indicatoren krijgen alle basisscholen in Nederland een achterstandsscore. Op basis van deze scores verdeelt OCW het onderwijsachterstandenbudget over de basisscholen. In tabel 4 is een overzicht te zien van alle achterstandsscores op de reguliere basisscholen in Oldambt. Van de 20 basisscholen hebben 18 een achterstandsscore. Tabel 4 Onderwijsachterstandenscore basisscholen in Oldambt in 2023 School OBS de Beukenlaan, SOOOG (Winschoten) Sint Vitus, Primenius (Winschoten) De Uilenburcht, SOOOG (Beerta) Kleine Dollard, SOOOG (Winschoten) Waterlelie, SOOOG (Winschoten) Houwingaham, SOOOG (Nieuweschans) Annewieke, VCOMOG (Scheemda) De Letterwies, SOOOG (Nieuwolda) De Lichtboei, VCOMOG (Oostwold) Futura, SOOOG (Scheemda) Mons Sinaï, VCO MOG (Heiligerlee) Maranatha, VCOMOG (Winschoten) De Vossenburcht, VCOMOG (Winschoten) De Leilinde, Noorderbasis (Winschoten) De Bouwsteen, SOOOG (Finsterwolde) Tweemaster, SOOOG (Winschoten) Drieborg, SOOOG (Drieborg) Het Baken, VCOMOG (Westerlee) De Noordkaap, SOOOG (Oostwold) OBS Heiligerlee, SOOOG (Heiligerlee)
Aantal leerlingen 196 154 132 203 173 84 124 79 140 189 77 201 176 70 101 162 45 93 156 77
Achterstandsscore 125,27 118,02 112,44 106,97 69,44 52,37 51,93 51,33 51,10 41,35 41,12 25,88 24,95 21,09 20,11 19,00 4,48 2,74 0,00 0,00
8
4 Ambitie Onderwijskansen Wij willen dat elk kind in Oldambt veilig, gezond, kansrijk en met plezier kan opgroeien. Alle jeugdigen verdienen de meest optimale kansen die zij nodig hebben om zich te kunnen ontwikkelen en te komen tot een succesvolle onderwijsloopbaan- binnen hun eigen mogelijkheden en ongeacht de omgeving waarin zij opgroeien of leven. Wij werken samen met onze partners om dit te realiseren. Bij onze inspanningen houden wij er rekening mee dat sommige ouders hun kinderen minder kunnen meegeven door de situatie waarin zij zich bevinden en/of dat de gezinsomstandigheden maken dat een kind niet tot leren kan komen, bijvoorbeeld door armoede. We gunnen ieder kind een goede start voor de toekomst. De hoofdambitie van het onderwijskansenbeleid is: Peuters met een (dreigende) onderwijsachterstand ten gevolge van sociale, economische of culturele oorzaken in hun omgeving starten goed voorbereid en dus zonder achterstand op de basisschool. Om deze doelstelling te bewerkstelligen investeren we in de voorschoolse periode. Zodat kinderen goed voorbereid starten op de basisschool. Het gemeentelijke onderwijskansenbeleid beoogt om het risico op onderwijsachterstanden vroegtijdig te signaleren en te bestrijden.
We streven daarbij naar een maximaal bereik zodat alle peuters met een (dreigende) onderwijsachterstand gebruikmaken van de voorschoolse voorzieningen in onze gemeente. We zorgen ervoor dat deze voorzieningen beschikbaar, van hoge kwaliteit en betaalbaar zijn. Zo zorgen wij voor optimale onderwijskansen voor alle kinderen. We realiseren ons dat bij de start in het onderwijs de achterstanden niet altijd zijn verdwenen. De sub ambitie van het onderwijskansenbeleid is: Het vergroten van de onderwijskansen van alle basisschoolkinderen. Om deze subdoelstelling te bewerkstelligen investeren wij in samenwerking met het basisonderwijs ook in het vergroten van onderwijskansen in het primair onderwijs. Onderdeel hiervan vormt ook het nieuwkomersonderwijs, uitgevoerd in de Taalklas Nieuwkomers. We starten niet bij nul. De afgelopen jaren is er al veel inzet gepleegd om achterstanden te verminderen en kansen voor onze Oldambtster kinderen te verbeteren. Voor de komende beleidsperiode gaan we huidige activiteiten verbeteren en verduurzamen, en nadrukkelijk de verbinding zoeken met andere ontwikkelingen zoals de verlengde schooldag. We hanteren daarbij de volgende uitgangspunten: -
We investeren op een jonge leeftijd in kinderen om te zorgen voor een goede toekomst; We hebben oog voor risicogroepen, maar werken zoveel mogelijk inclusief; We werken samen met betrokken partners; We werken zoveel als mogelijk met bewezen effectieve methoden; Met meetbare resultaten maken we onze impact inzichtelijk;
Samenwerking De gemeente Oldambt geeft uitvoering aan het onderwijskansenbeleid in samenwerking met de jeugdgezondheidszorg, de kinderopvang, de voorschoolse aanbieder(s), het onderwijs, de bibliotheek, welzijns-, sport en culturele organisaties en informele partijen. Hun rollen zijn de volgende: - De jeugdgezondheidszorg speelt een rol bij de indicering en toeleiding richting de voorschoolse voorziening. Daarnaast vervult zij een bredere rol in het adviseren en ondersteunen van ouders en heeft zij een wettelijke taak in het systematisch volgen en signaleren van de ontwikkeling van kinderen. - De kinderopvang biedt peuteropvang voor alle ouders die daar gebruik van willen maken. - De voorschoolse aanbieders bieden voorschoolse educatie aan peuters met (een risico op) een achterstand. - De kinderopvang en voorschoolse aanbieders verzorgen een soepele overgang naar de basisschool.
9
-
-
Het onderwijs is verantwoordelijk voor het vergroten van onderwijskansen bij hun leerlingen. Het onderwijs krijgt hier middelen voor van het rijk. Het primair onderwijs is specifiek verantwoordelijk voor de vroegschoolse educatie. De bibliotheek levert een taalondersteuningsaanbod in de voorschool en het basisonderwijs. De welzijns-, sport en culturele organisaties bieden een ondersteunend en aanvullend aanbod op kinderopvang en onderwijs. De informele organisaties kunnen ouders in brede zin ondersteuning bieden bij het opgroeien en opvoeding. De gemeente speelt een regierol in de samenwerking met alle partijen. Daarnaast heeft de gemeente een rol in het voorzien van een toegankelijk aanbod voorschoolse voorzieningen voor alle ouders, door het ook voor ouders die geen recht hebben op Kinderopvangtoeslag mogelijk te maken een voorschools aanbod af te nemen voor hun kind. De gemeente ziet toe op een dekkend en kwalitatief hoogwaardig voorschools aanbod voor doelgroepkinderen.
De lokaal educatieve agenda In 2022 is door de kinderopvang, het onderwijs en de gemeente Oldambt al de wens uitgesproken om meer samen te werken. Om de samenwerking te bevorderen wordt ingezet op het opzetten van gezamenlijke activiteiten en projecten. Gezamenlijk is er een ambitiedocument vastgesteld met de volgende opgaven: 1. Wij werken samen om gelijke kansen te bieden aan alle jeugdigen; 2. Wij werken aan sterke verbindingen; 3. Wij dragen samen zorg voor passende ondersteuning. Binnen de Lokaal Educatieve Agenda (LEA) wordt de bredere verbinding gelegd op het gebied van onderwijskansen met alle betrokken partners, die opgavegericht worden uitgewerkt.
10
5 Visie voor- en vroegschoolse educatie (VVE) Voor- en vroegschoolse educatie vormt het hoofdonderdeel van het onderwijskansenbeleid. Daarom is er gekozen om een visie te schrijven op dit onderdeel, passend binnen de gemeentelijke kaders zoals beschreven in paragraaf 3.2, en als verdere uitwerking van de ambitie onderwijskansen. Vanuit het streven alle kinderen in de gemeente Oldambt optimale ontwikkelingskansen te bieden, streven we naar brede inclusieve laagdrempelige basisvoorzieningen die voldoen aan landelijke en lokale kwaliteitseisen. Wij hechten waarde aan het ontwikkelrecht van alle peuters. Daarbij investeren we ongelijk, door ons in te spannen VVE aan alle peuters en kleuters aan te bieden met (een risico op) een achterstand. In de voorschoolse voorziening 1 is er niet alleen aandacht voor ontwikkelingsstimulering, maar ook voor nauwe samenwerking met ketenpartners uit het domein van Kansrijke Start, met het onderwijs en andere partners uit het sociaal domein die een bijdrage kunnen leveren aan een zo optimaal mogelijke ontwikkeling.
Hierbij hanteren we -aanvullend aan de uitgangspunten die in het vorige hoofdstuk zijn benoemd- de volgende uitgangspunten: Een rijke speel/ en ontwikkelomgeving op alle voorschoolse voorzieningen Uit onderzoek2 blijkt dat het investeren in het ontwikkelen en leren van jonge kinderen hun latere ontwikkeling en ook de samenleving ten goede komt. De Sociaal Economische Raad 3 pleit voor een grote deelname aan kinderopvang en voorschoolse voorzieningen en een pedagogische infrastructuur van hoog niveau. De kwaliteit van het pedagogische/educatief handelen speelt hierin een doorslaggevende rol. We willen hierin, net als andere gemeenten, gezamenlijk in investeren en zo ook de samenwerking tussen voorschoolse voorzieningen onderling en met het onderwijs verder versterken. Hierbij willen we innovatie vanuit aanbieders faciliteren en stimuleren. Aandacht voor preventie en vroegtijdige signalering We hechte waarde aan preventie en vroegtijdige signalering zodat grote problematiek wordt voorkomen en de ontwikkeling van kinderen rustig kan verlopen. De gemeente draagt daarvoor zorg voor een transparante ondersteuningsstructuur op alle locaties, met waar nodig een adequate adressering van problemen. Door de ondersteuningsstructuur kunnen partners met de benodigde expertise snel betrokken worden door de voorschoolse voorzieningen bij opgroei- en opvoedsituaties.
We doen dit vanuit het vertrekpunt van normaliseren en niet medicaliseren. Wanneer een peuter afwijkt van de gemiddelde ontwikkelingslijn betekent dit niet direct dat er een probleem is. We erkennen dat alle peuters zich op een eigen unieke manier ontwikkelen. Inclusieve voorschoolse voorzieningen We streven naar passende en inclusieve kinderopvang, dit wil zeggen dat we geen doelgroepen (VVE en/ of peuters met een zorgvraag) willen concentreren maar ervoor willen zorgen dat de voorschoolse voorzieningen zoveel mogelijk toegerust zijn om alle peuters op te kunnen vangen, en daar waar nodig extra ondersteuning kan worden ingezet. Dit betekent dat we onze OAB-middelen zoveel mogelijk in deze lijn willen inzetten: niet om voorzieningen in stand te houden, maar vanuit het ‘geld volgt kind’ principe, in heterogene groepen. Doorgaande lijn/ warme overdracht Om de voor- en vroegschool goed op elkaar aan te laten sluiten zijn de kinderopvang, het onderwijs en de gemeente gezamenlijk aan zet. Een goede overgang van de voor- naar de vroegschool is erg belangrijk voor kinderen, zeker wanneer zij (een risico op) een achterstand hebben. Momenteel verloopt de warme overdracht goed tussen de voorschool en de basisschool.
Wanneer we overgaan naar een 1 Kinderopvang en voorschoolse aanbieders 2 ‘Investeren in kinderen van 0/12 jaar’ (Pact voor kindcentra) Paul Leseman en Pauline Slot, 2019 3 Advies ‘Gelijk goed van start’ (SER), 2016
11
stelsel waarin meerdere aanbieders VE mogen aanbieden vraagt dit onderwerp extra onze aandacht. Het is belangrijk om nieuwe en duidelijke afspraken over de warme overdracht met elkaar te maken. Dit geldt ook voor de doorgaande lijn. Keuzevrijheid van ouders, gelijkwaardige partner Er is in de gemeente Oldambt sprake van een gevarieerd aanbod, waarbij inmiddels door vrijwel alle kinderopvangaanbieders wordt gewerkt met een VVE-programma. Ook wordt aan overige kwaliteitseisen gewerkt om VVE te kunnen bieden. Hiermee bieden we ouders keuzevrijheid in het zoeken naar de aanbieder die het beste bij hen en hun kindje past. Hiermee willen we aan ouders ook laten zien dat het gaat om partnerschap, en actieve ouderbetrokkenheid een onmisbare schakel is in het werken aan optimale ontwikkelkansen. Dichtbij, in de buurt We maken bij de spreiding van voorzieningen onderscheid in locaties waar kinder- en peuteropvang wordt aangeboden en locaties waar ook VVE wordt aangeboden. Omdat we met onze VVE-middelen geen voorzieningen in stand willen houden, betekent dit dat we VVE tenminste willen kunnen aanbieden in de kernen waar de doelgroeppeuters zich bevinden, onderbouwd vanuit de praktijk en vanuit de data van CBS. Dit betreft de kernen Finsterwolde, Oostwold, Beerta, Scheemda-Heiligerlee, Bad Nieuweschans en Winschoten.
In alle overige kernen streven we naar tenminste één voorschoolse voorziening.
12
6 Doelstellingen en activiteiten/resultaten Vanaf 2025 werken we in Oldambt met een jaarlijks uitvoeringsprogramma voor het onderwijskansenbeleid, waarin jaarlijks gezamenlijke doelen worden uitgewerkt in concrete activiteiten en resultaten. Zo werken we gezamenlijk en in stappen aan de ambitie zoals verwoord in dit beleidskader. In dit hoofdstuk wordt op hoofdlijnen aangegeven waar we eind 2026 willen staan.
6.1
Voorschoolse educatie (VVE)
Gemeenten zijn wettelijk verantwoordelijk voor het organiseren van voldoende en gespreid aanbod aan voorschoolse educatie. Het aanbieden van voorschoolse educatie is geen doel op zich. Voorschoolse educatie kan thuismilieus aanvullen en eventuele tekorten compenseren. Zodat kinderen goed voorbereid starten aan hun schoolloopbaan en zich zo optimaal mogelijk kunnen ontwikkelen. Door deelname aan een VE programma worden de ontwikkelkansen van kinderen vergroot en verbetert hun positie in de samenleving. Voor voorschoolse educatie stellen we de volgende doelen: 1. Voor alle jonge kinderen vanaf 2 jaar is er een voorschools aanbod; 2. Voor- en vroegschoolse voorzieningen zijn van hoge kwaliteit; 3. Het voorschoolse aanbod en het basisonderwijs sluiten goed aan. Doel 1 Voor alle jonge kinderen vanaf 2 jaar is er een voorschools aanbod. Activiteiten Om doelstelling 1 te behalen worden de volgende activiteiten ingezet: - De jeugdgezondheidszorg indiceert welke kinderen tot de doelgroep behoren. Om te kunnen indiceren wordt er gebruik gemaakt van een doelgroepdefinitie. Deze stelt de gemeente samen met de jeugdgezondheidszorg van de GGD, voorschoolse aanbieders en het onderwijs vast. De jeugdgezondheidszorg heeft op tweejarige leeftijd extra aandacht voor de taalontwikkeling van een peuter.
Na een indicering op tweejarige leeftijd kan een peuter vanaf 2,5 jaar 4 gebruik maken van het VE aanbod. De doelgroepdefinitie wordt jaarlijks geëvalueerd. - De GGD is de organisatie die de toeleiding naar VE verzorgt. Ze hebben in beeld welke kinderen een VE-indicatie hebben en kunnen in gesprek gaan met ouders om hen te wijzen op de voordelen van opvang bij een VE-locatie, en waar zij dan terecht kunnen in hun buurt. - Actief en preventief ouders informeren over voorschoolse educatie. - We monitoren het bereik en non bereik van voorschoolse educatie en sturen bij waar nodig. Zo houdt de GGD ook bij waarom ouders niet wensen gebruik de maken van voorschoolse educatie. Resultaten Om doelstelling 1 te behalen worden de volgende resultaten nagestreefd: 1. In Oldambt vergroten we het bereik peuters tot 100% in 2026 met een voor alle ouders betaalbaar voorschools aanbod. 2. In Oldambt vergroten we de deelname van VVE-doelgroepkinderen aan het VVE-aanbod tot 100% in 2026. Doel 2 Voor- en vroegschoolse voorzieningen van hoge kwaliteit. Activiteiten Om doelstelling 2 te behalen worden de volgende activiteiten ingezet: 1. Er wordt een lokaal kwaliteitskader opgesteld, waarin aanvullend op de wettelijke eisen een lokale plus wordt geformuleerd 2. Het kwaliteitskader wordt jaarlijks geëvalueerd. 4 In uitzonderingssituaties kan ook al eerder gebruik worden gemaakt van VVE, vanaf 2 jaar
13
3. Op basis van het kwaliteitskader werken we gezamenlijk aan kwaliteit, met een doorvertaling naar meer samenwerking op inhoud: waarderingskader/ audits, en gezamenlijke scholing. 4. De rol van de GGD (inspectie) wordt verder afgestemd op de lokale afspraken. Resultaten Om doelstelling 2 te behalen worden de volgende resultaten nagestreefd: 1. Minimaal 75% van de doelgroeppeuters stroomt na deelname aan een VVE-programma door naar het basisonderwijs met een leeftijdsadequaat niveau (geen geconstateerde achterstand) op de ontwikkelingslijnen taal en rekenen. 2. Minimaal 75% van de doelgroeppeuters stroomt na deelname aan een VVE-programma door naar groep 3 met een leeftijdsadequaat niveau (geen geconstateerde achterstand) op de ontwikkelingslijnen taal en rekenen. 3. Bij minimaal 90% van de doelgroepkleuters is de ontwikkelingslijn taal en rekenen bij instroom groep 3 gelijk of beter ten opzichte van de instroom groep 1. Doel 3 Het voorschoolse aanbod en het basisonderwijs sluiten goed aan. Activiteiten Om doelstelling 3 te behalen worden de volgende activiteiten ingezet: 1. We werken met een uniform overdrachtsformulier en in aanwezigheid van ouders, intern begeleider en pedagogisch medewerker. 2. Een vroegtijdig overleg bij zorgpeuters. Resultaten Om doelstelling 3 te behalen worden de volgende resultaten nagestreefd: 1.
In 2026 hebben alle voorschoolse voorzieningen met VVE-doelgroepkinderen een digitaal ontwikkelvolgsysteem waardoor informatie beschikbaar is voor het basisonderwijs over het niveau van de ontwikkeling van de kleuter bij aanvang van groep 1. Het vroegschoolse aanbod sluit op het juiste niveau van het kind aan. 2. In 2026 is er een 100% warme overdracht voor de VVE-doelgroep (is een mondelinge toelichting op de informatie uit het ontwikkelvolgsysteem). 3. In 2026 heeft 100% van de basisscholen die vroegschoolse educatie uitvoeren een doorgaande ontwikkellijn met één of meerdere peutervoorzieningen. De doorgaande ontwikkellijn kenmerkt zich door afspraken over doelen, leerlijnen en samenwerking.
6.2
Onderwijskansenbeleid in de basisschool
Het onderwijs is primair verantwoordelijk voor het onderwijskansenbeleid in hun scholen. Gemeenten kunnen het onderwijs ondersteunen om onderwijskansen in de schoolse periode te versterken. Bij een deel van de kinderen die voorschoolse educatie hebben gehad, verdwijnt de onderwijsachterstand of een risico daarop niet of gedeeltelijk. Bovendien kunnen kinderen tijdens de basisschoolperiode een terugval krijgen. De gemeente Oldambt kiest ervoor om ook met haar middelen te investeren in basisschoolleerlingen. Scholen krijgen zelf ook middelen en het is dus van belang dat de interventies van scholen en gemeenten op elkaar aansluiten en elkaar versterken. De komende jaren willen we hier vanuit een gezamenlijke ambitie nog meer inhoud aan geven. De gemeente zet haar onderwijskansenmiddelen in op drie thema’s, te weten: nieuwkomersonderwijs, taalontwikkeling en de warme overdracht tussen primair en voortgezet onderwijs.
6.2.1
Nieuwkomersonderwijs
In Oldambt is er een Taalklas Nieuwkomers vanaf groep 1, op dit moment uitgevoerd door schoolbestuur SOOOG (Stichting Openbaar Onderwijs Oost Groningen). Het onderwijs van de taalklas richt zich op kinderen die nog maar kort in Nederland wonen en de Nederlandse taal niet goed beheersen. Het doel van het onderwijs is dat deze kinderen na 1 tot 2 jaar doorstromen naar het reguliere onderwijs en hun ontwikkeling aansluit bij het niveau in het regulier onderwijs. De school krijgt zelf ook middelen van het 14
Rijk om extra te investeren in deze leerlingen. Deze middelen zijn niet altijd toereikend en bestemd voor schoolse vaardigheden als rekenen en taal. Onze gemeentelijke middelen willen we de komende jaren inzetten op bredere vaardigheden, als cultuur, sport en deelname aan de maatschappij, om zo de integratie van deze leerlingen te bevorderen.
6.2.2
Warme overdracht van primair onderwijs naar voortgezet onderwijs
In het onderwijskansenbeleid is er niet alleen aandacht voor de overgang tussen de voor- en vroegschool, maar ook tussen het primair en het voortgezet onderwijs. Wij erkennen dit als een belangrijk overgangsmoment voor kinderen. Door kwetsbare kinderen extra begeleiding te bieden, zorgen we voor een soepele overgang en dit draagt bij aan een optimale ontwikkeling van deze kinderen. Bij de warme overdracht is het belangrijk dat professionals oog hebben voor vooroordelen. We willen voorkomen dat kinderen een label krijgen. Door het inzetten van een ambulante medewerker worden kwetsbare kinderen nu al begeleid tijdens de overgang van groep 8 naar klas 1. Vanuit gemeentelijke middelen wordt er de komende jaren een bijdrage gedaan aan het zogenoemde doorstroomprogramma van de scholen in Oldambt.
6.3
Onderwijskansenbeleid in het voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs (mbo)
In dit beleidskader is ervoor gekozen om de nadruk te leggen op onze jongste kinderen (peuters en basisschoolleerlingen). We willen preventief werken en onderwijsachterstanden zo vroeg mogelijk terugdringen om zo onderwijskansen op jonge leeftijd al te vergroten. Mede omdat we weten dat ook het voortgezet onderwijs en het mbo hier baat bij hebben. Daarnaast kan de gemeente haar rijksmiddelen aan kinderen tot 12 jaar besteden. Dat betekent niet dat op latere leeftijd niet gewerkt wordt aan het vergroten van onderwijskansen. Scholen krijgen hier zelf ook middelen voor. Een goed voorbeeld hiervan is de samenwerking tussen het voortgezet onderwijs (Dollard College) en mbo (Noorderpoort) in Oldambt. De komende jaren gaan zij actief aan de slag met het versterken van de doorlopende leerlijn. Leerlingen van beide onderwijssoorten krijgen steeds vaker samen les om zo voor een zachte landing te zorgen van voortgezet onderwijs leerlingen in het mbo. Nog een goed voorbeeld is het toevoegen van een oriëntatiejaar in het mbo. In dat jaar kunnen studenten zich breed oriënteren en kunnen zij hun studiekeuze nog even uitstellen. Tot slot is er de komende jaren extra aandacht voor het bieden van passend onderwijs voor kwetsbare studenten (waar onder studenten met (een risico op) een onderwijsachterstand).
Met als doel om te voorkomen dat zij vroegtijdig uitvallen en hun schoolloopbaan niet meer vervolgen.
6.4
Samenwerking binnen het sociaal domein
6.4.1
Ondersteuningsroute
Kinderopvang en onderwijs hebben een taak in het bieden van basisondersteuning aan alle kinderen. Voor de meeste kinderen is dit voldoende. Sommige kinderen en/of ouders hebben meer ondersteuning nodig. De afgelopen jaren is er hard gewerkt aan een ondersteuningsroute voor het onderwijs. In deze ondersteuningsroute werken onderwijs, gemeente, welzijn en jeugdhulp samen aan een sterke keten rondom het kind. De komende jaren werken we aan een goede ondersteuningsroute voor peuters die extra ondersteuning nodig hebben. Zodat het voor professionals en ouders duidelijk is waar zij met vragen en signalen terecht kunnen. Momenteel wordt er al in Oldambt gewerkt met een multidisciplinair overleg (mdo) specifiek voor peuters met een extra ondersteuningsvraag die op korte termijn doorstromen naar de basisschool.
15
6.4.2
BoekStart
De bibliotheek biedt in Oldambt meerdere activiteiten aan op verschillende leeftijden die de taalontwikkeling stimuleren en leesplezier vergroten. Vanuit het onderwijskansenbeleid wordt er gewerkt met BoekStart in de kinderopvang. De bibliotheek adviseert, helpt de opvang bij het schrijven en actualiseren van het voorleesplan en geeft trainingen aan pedagogische medewerkers. Uit onderzoek weten we dat een kind dat elke dag 15 minuten wordt voorgelezen elk jaar 1000 nieuwe woorden leert. BoekStart stimuleert de luistervaardigheid, het concentratievermogen, de taal- en spraakontwikkeling en de sociaal emotionele ontwikkeling van kinderen. Daarnaast verhoogd BoekStart ook de ouderbetrokkenheid. Zo blijkt dat er door BoekStart meer thuis wordt voorgelezen.
6.4.3
Bibliotheek op school
De bibliotheek op school is de laatste jaren vanuit het Nationaal Programma Groningen gefinancierd en uitgerold op (bijna) alle basisscholen in Oldambt. Vanuit het onderwijskansenbeleid wordt deze voorziening voortgezet. De bibliotheek op school is een aanpak voor het primair onderwijs, waarin Biblionet en scholen structureel samenwerken aan taalontwikkeling, leesbevordering en mediawijsheid van kinderen. Met de aanpak worden kinderen gestimuleerd om meer te lezen door middel van deskundige lees/mediaconsulenten, inspirerende boeken en een goede digitale lees- en leeromgeving.
6.4.4
VoorleesExpress
De VoorleesExpress is de laatste jaren ook vanuit het Nationaal Programma Groningen gefinancierd en wordt vanuit het onderwijskansenbeleid gecontinueerd. De VoorleesExpress richt zich op gezinnen waarbij kinderen een dreigende taalachterstand hebben. Deze aanpak is landelijk beschikbaar en bewezen effectief. Het verhaalbegrip van kinderen neemt toe en de taalomgeving thuis verbetert. Om de taalontwikkeling van deze kinderen te stimuleren worden (getrainde) vrijwilligers aan gezinnen gekoppeld en wordt er structureel ingezet op (voor)lezen. Daarbij wordt rekening gehouden met de wensen en mogelijkheden van ouders.
16
7 Monitoring en evaluatie Voor het onderwijskansenbeleid willen we werken met een jaarlijks uitvoeringsprogramma, als onderdeel van het uitvoeringsprogramma van het Lokaal Educatie Agenda overleg. Specifiek voor de voor- en vroegschoolse educatie willen we gaan werken met een hernieuwde resultaatmonitor, de huidige afspraken komen uit 2016 zijn achterhaald. De resultaatafspraken voor de voor- en vroegschoolse educatie (VVE) moeten leiden tot een adequate leeftijdsinstroom in groep 1 en een hoger aantal kinderen die zonder achterstand groep 3 instromen. De Onderwijsinspectie bekijkt bij de resultaatafspraken of: Er op gemeentelijk niveau bepaald is wat de gewenste inhoudelijke resultaten zijn van VVE; De resultaten concreet en meetbaar zijn; Er afspraken gemaakt zijn met de schoolbesturen (en de scholen) over het aanleveren van gegevens aan de gemeente. Daarbij gelden de volgende uitgangspunten: De monitor als basis voor een jaarlijkse leer- en verbetercyclus door het voeren van een kwaliteitsdialoog; We monitoren alleen de peuters en kleuters met een VVE-indicatie. Om de effecten van VVE te kunnen meten is het nodig de ontwikkeling van kinderen te volgen vanuit de kindvolgsystemen.
De SLO-doelen worden hierbij als basis gebruikt, waarbij wordt gekeken naar een leeftijdsadequate ontwikkeling met een bandbreedte van 2 maanden binnen de kinderopvang en van 3 maanden in het basisonderwijs. Naast de informatie uit de kindvolgsystemen wordt ook informatie vanuit openbare gegevens verwerkt in de monitor, van bv. de GGD en CBS.
17
8 Uitvoeringsagenda Tabel 5 Uitvoeringsprogramma op hoofdlijnen Wat? Herijking VVE inclusief kwaliteitskader en (subsidie)regeling Uitwerking uniform overdrachtsformulier en resultaatafspraken Jaarlijks uitvoeringsplan (evaluatie) VVE verder in lijn brengen met SMI-regeling
Wie? Gemeente
2024 X
2025
2026
VVE-werkgroep
X
Gemeente
X
X
Gemeente
X
OAB (verder) verbinden met opgavegerichte aanpak vanuit het LEA en aanpalende beleidsterreinen
LEA
X
18
9 Begroting De gemeente Oldambt krijgt jaarlijks middelen van het rijk voor de bestrijding van onderwijsachterstanden (OAB). De uitkering betreft een specifieke uitkering van het Rijk en de middelen zijn dus enkel bedoeld voor onderwijsachterstanden. In tabel 6 is een overzicht te vinden van de verwachte inkomsten tijdens de looptijd van het beleidskader. In tabel 7 is een overzicht te vinden van de verwachte jaarlijkse uitgaven tijdens de looptijd van het beleidskader. Tabel 6
Verwachte inkomsten
Verwachte inkomsten (OAB)
2024 € 1.37 mln.
2025 € 1.37 mln.
2026 € 1.37 mln.
Doorschuif voorgaande jaren
€ 0.5 mln.
X
X
Totale inkomsten
€ 1.87 mln.
€ 1.37 mln.
€ 1.37 mln.
Tabel 7
Verwachte uitgaven (per jaar)
Activiteit Voorschoolse educatie Onderwijsachterstanden in het basisonderwijs Bibliotheek Monitoring Ambtelijke capaciteit Onvoorzien Totaal
Uitgave € 920.000,€ 35.000,€ 230.000,€ 30.000,€ 100.000,€ 55.000,€ 1.370.000
19
Bijlage 1: Definities Bereik Doelgroeppeuter
Onderwijsachterstanden, kinderen met (een risico op)
Reguliere peuter Voorschools educatie
Vroegschoolse educatie
Het aantal door de GGD geïndiceerde peuters dat daadwerkelijk voorschoolse educatie volgt. Kind tussen de 2 en 4 jaar met (risico op een) onderwijsachterstand en in aanmerking komt voor voorschoolse educatie als geïndiceerd door de GGD. kinderen die onder invloed van omgevingskenmerken het risico lopen om minder goed te presteren op school in vergelijking met kinderen met hetzelfde leerpotentieel, maar dan zonder die kenmerken Kind tussen de 2 en 4 jaar zonder (risico op een) onderwijsachterstand. Door kinderopvang worden, aan de hand van een specifieke methodiek, op gestructureerde en samenhangende wijze activiteiten aangeboden voor peuters met een (risico op een) onderwijsachterstand. Door het basisonderwijs worden, aan de hand van een specifieke methodiek, op gestructureerde en samenhangende wijze activiteiten aangeboden voor kinderen met een (risico op een) onderwijsachterstand in groep 1 en 2 van de basisschool.
20
Bijlage 2: Relevante beleidsstukken Het coalitieakkoord Zaaien en Oogsten 2022-2026 Iedereen doet er toe en iedereen doet mee is de stip op de horizon uit het coalitieprogramma. We gaan voor een sociale gemeente met een breed en vrij toegankelijk aanbod van sociale voorzieningen. Door in te zetten op de versterking van onderwijs en kinderopvang als brede pedagogische basisvoorzieningen, werken we aan gelijke (onderwijs)kansen.
Koersdocument Sociaal Domein 2023-2027 Het Koersdocument Sociaal Domein zet de koers uit voor de komende jaren in het sociaal domein en geeft richting aan de uitvoering van al onze plannen. We werken samen met onze inwoners en partnerorganisaties. Op basis van vertrouwen en op basis van wat nodig is. We werken aan duurzame oplossingen en maken in samenhang keuzes. De uitgangspunten voor de visie zijn: - Vertrouwen in onze inwoners en partner-organisaties - Kiezen voor de meest kwetsbaren - Doen wat er nodig is in Oldambt - Inzetten op preventie en versterken van het voorliggend veld - Geïndiceerde zorg en hulp toekennen waar nodig, normaliseren waar het kan. - Bevorderen van sociale cohesie in dorpen en wijken - Bevorderen van eigen kracht van onze inwoners - Werken volgens de bedoeling van wet- en regelgeving.
Uitvoeringsprogramma jeugd 2.0 2023-2024 Het uitvoeringsprogramma jeugd richt zich op het versterken van het voorliggende veld, het versterken van de toegang en het verbeteren van de monitoring. De ambitie is om de hulp naar de voorkant te halen, meer te doen aan preventie en basiszorg en het terugdringen van specialistische zorg. Bij hulpvragen moet vaker ingezet worden op de eigen kracht, het sociale netwerk en/of de voorliggende voorzieningen.
Kansrijke start 2023-2026 In september 2018 is vanuit de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport het landelijk actieprogramma “Kansrijke Start” gelanceerd. Met het actieprogramma wordt ingezet op een zo goed mogelijke start in de eerste 1.000 dagen voor ieder kind (van conceptie tot 2 jaar). Hierbij wordt ingezet op verbinding en samenwerking tussen het sociaal, medisch en informeel domein. Gemeente Oldambt is met een lokale coalitie5 aangesloten bij het actieprogramma. We willen (aanstaande) ouders in een kwetsbare situatie helpen zodat hun kinderen zo gezond mogelijk hun leven starten. En als bijkomend gevolg de inzet van (jeugd)zorg verderop in het leven van de kinderen zoveel als mogelijk te beperken dan wel voorkomen. Door ouders zo vroeg mogelijk de juiste adviezen te geven en door snel in te grijpen bij beginnende problemen, voorkomen we dat er later zwaardere zorg en/of ondersteuning nodig is.
5 De volgende partijen vormen samen de lokale coalitie: Gemeente Oldambt (jeugdteam), Sociaal Werk Oldambt,
GGD Groningen, Stichting Peuterwerk Oldambt, Kinderopvang KIWI, Verloskundig Centrum De Wieg, ISIS Kraamzorg, Kraamzorg het Groene Kruis, Karssen Verloskundige, huisartsenpraktijken.
21
Het Nationaal Programma Groningen Binnen dit programma willen we voor onze jeugd een doorlopende lijn creëren van baby naar zelfstandig volwassene, van kinderopvang tot werkgever, die ervoor zorgt dat in 2030 jongvolwassenen zich optimaal naar vermogen hebben ontwikkeld en in Oldambt wonen en werken. Een aantal projecten in ons lokaal programma richt zich op het terugdringen van achterstanden in samenwerking met het onderwijs, te weten: -
-
-
-
-
Verrijkte schooldag: Vanuit de school als basis geven we een structurele impuls aan de ontwikkeling van onze kinderen. Dat doen we door gebruik te maken van vernieuwende en buitenschoolse leermogelijkheden op het gebied van sport, cultuur, gezondheid en techniek. De bibliotheek op school: Op bijna alle basisscholen in de gemeente Oldambt wordt een bibliotheek op school gerealiseerd. Stichting Biblionet verzorgt de inzet van een leesconsulent en de scholing van een leerkracht tot leescoördinator. VoorLeesExpress: De VoorleesExpress richt zich op gezinnen met kinderen die een dreigende taalachterstand hebben. Om de taalontwikkeling van deze kinderen te stimuleren worden (getrainde) vrijwilligers aan gezinnen gekoppeld en wordt er structureel ingezet op (voor)lezen. Opgroeien in een kansrijke omgeving: Het programma Opgroeien in een Kansrijke Omgeving (OKO) wil een positieve leefomgeving creëren voor jongeren van 12 tot 18 jaar. De focus ligt op collectieve preventie. Het gaat uit van integrale samenwerking door betrokken partijen en beleidsterreinen die actief zijn in de leefgebieden van jongeren. Generatierijkdom: met een preventieve en curatieve aanpak wordt de intergenerationele armoede aangepakt. Op scholen wordt geïnvesteerd in sociaal werker en financiële educatie. Zo wordt armoede bespreekbaar gemaakt en wordt kinderen geleerd hoe om te gaan met geld.
Het Nationaal Programma Onderwijs Met het Nationaal Programma Onderwijs wordt gewerkt aan het terugdringen van achterstanden die opgelopen zijn door de coronapandemie. Zowel onderwijsorganisaties als gemeenten krijgen geld voor de uitvoering van het NPO. Gemeenten wordt gevraagd om aanvullende maatregelen te treffen die het onderwijs niet of minder goed zelf kan organiseren. Oldambt zet haar middelen in voor het verhogen van het welbevinden van jeugdigen zodat zij tot ontwikkeling kunnen komen. Activiteiten richten zich op het bevorderen van ontmoeting en ontwikkeling, het bevorderen van de taalontwikkeling en leesbevordering, het uitbreiden van de sociaal werkers op school, het bevorderen van weerbaarheid en het tegengaan van thuiszitters.
De Regiodeal Oost-Groningen Doel van het programma is het vergroten van de leefbaarheid in de regio. Er wordt geïnvesteerd in goed onderwijs, passende werkgelegenheid, een gezonde leefstijl en de kwaliteit van de woonomgeving. Projecten richten zich onder andere op het verminderen van het aantal vroegtijdig schoolverlaters, het terugdringen van armoede en schuldenproblematiek, het stimuleren van talentontwikkeling en het verbeteren van de samenwerking tussen de gemeente en het onderwijs.
22