CConstaterende datOisterwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel - Vinkenberg 9 Moergestel

RAAD 23 oktober 2025, gemeente OisterwijkBij agendapunt: Vinkenberg 9, Moergestel - aangenomen1.935 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel ontwerpverklaring van geen bedenkingen wijziging melkveehouderij Vinkenberg 9 te Moergestel Onderwerp

Ontwerpverklaring van geen bedenkingen wijziging melkveehouderij Vinkenberg 9 te Moergestel

Zaaknummer

1038155

Datum raadsvergadering

23 oktober 2025

Domein/Afdeling

Fysieke leefomgeving

Voorstel Wij stellen u voor: 1. Een ontwerpverklaring van geen bedenkingen af te geven voor de wijziging van de melkveehouderij aan de Vinkenberg 9 te Moergestel als onderdeel van de procedure voor de uitgebreide omgevingsvergunning, door in te stemmen met de conclusie dat met het beoogde plan sprake is van een goede ruimtelijke ordening. 2. De ontwerpverklaring van geen bedenkingen aan te merken als definitieve verklaring van geen bedenkingen indien er geen zienswijzen worden ingediend op de ontwerpbeschikking.

Inleiding Aan de Vinkenberg 9 te Moergestel exploiteert initiatiefnemer een melkveehouderij. Conform de vigerende vergunning, d.d. 15-02-2012, mogen er op de locatie 200 melk- en kalfkoeien en 140 stuks vrouwelijk jongvee worden gehuisvest. Binnen het kader van de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant (hierna: Iov), die ten tijde van de aanvraag van kracht was, dient de rundveehouderij op termijn te worden voorzien van emissiearme huisvesting. Om te voldoen aan de stalsysteem eisen van de Iov is de aanvrager voornemens twee verouderde stallen te slopen en één nieuwe stal, welke voldoet aan de vereiste stalsystemen, terug te bouwen. Initiatiefnemer heeft 19 september 2022 een aanvraag omgevingsvergunning ingediend voor het afwijken van het huidige planologisch kader. In de beoogde situatie worden op het bedrijf 199 melk- en kalfkoeien en 140 stuks jongvee gehouden. De beoogde ontwikkeling is niet direct toegestaan in het vigerende bestemmingsplan. Het bestemmingsplan schrijft namelijk voor dat een wijziging van het bestaande aantal diersoorten, dierplaatsen of stalsystemen niet is toegestaan. Er moet dus met een uitgebreide omgevingsvergunning van het bestemmingsplan worden afgeweken om hierin te kunnen voorzien.

Door de ligging van het plangebied (binnen 250 meter van de bebouwde kom) en de toename van fijnstof is een verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad nodig voor het beoogde plan.

Argumenten 1.1 Er is sprake van een goede ruimtelijke ordening en er wordt voldaan aan wettelijke normen voor natuur en milieu. Bij de aanvraag voor de wijziging van de veehouderij is door de initiatiefnemer een ruimtelijke onderbouwing ingediend. In deze ruimtelijke onderbouwing zijn de relevante beleids- en omgevingsaspecten beschreven en onderzocht. De onderzoeken zijn inhoudelijk beoordeeld door de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant en zijn akkoord bevonden. De algehele conclusies luidt dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening en dat wordt voldaan aan alle wettelijke normen voor natuur en milieu.

1.2 De beoogde wijziging van de veehouderij heeft een zeer geringe afname van het aantal dieren tot gevolg. In de huidige situatie is sprake van een vergunde situatie voor het houden van 200 melk- en kalfkoeien en 140 stuks vrouwelijk jongvee binnen de planlocatie. In de beoogde situatie worden binnen de nieuwe stal 199 melk- en kalfkoeien gehouden in plaats van 200 in de huidige situatie. Verder blijft het aantal stuks jongvee ongewijzigd. Gelet hierop heeft de beoogde ontwikkeling een zeer geringe afname van het aantal dieren tot gevolg.

1.3 De ammoniakemissie neemt af. Om te voldoen aan de stalsysteem eisen uit de Iov moet de beoogde stal worden gerealiseerd. De nieuwe stal voldoet, in tegenstelling tot de te slopen stallen, wel aan de stalsysteem eisen van de Iov. Door het emissiearm stalsysteem wordt dus de emissie van ammoniak gereduceerd wat positief bijdraagt aan het woon- en leefklimaat in en om het plangebied. Vanwege de ligging van het plangebied binnen de bebouwingsconcentratie Vinkenberg heeft de beoogde ontwikkeling hiermee een positief effect op een behoorlijk aantal geurgevoelige functies.

1.4 Er is sprake van zorgvuldig ruimtegebruik. In onderhavige ontwikkeling worden twee verouderde stallen gesaneerd en wordt een nieuwe stal gerealiseerd conform de emissiearme stalsysteem eisen. De sleufsilo’s die op de locatie van de beoogde stal liggen worden verplaatst en gesitueerd naast de sleufsilo’s die zich ten zuiden van het bouwvlak bevinden. Dit voor een efficiëntere bedrijfsvoering. Tevens kan hierdoor alle bebouwing binnen het bouwvlak worden gesitueerd waardoor sprake zal zijn van zorgvuldig ruimtegebruik.

1.5 Met het beoogde plan wordt voldaan aan de Iov In het kader van de Iov moet de rundveehouderij op termijn voorzien worden van emissiearme huisvesting. Om te voldoen aan de stalsysteem eisen van de Iov beoogt de aanvrager om twee verouderde stallen te slopen en één nieuwe stal, welke voldoet aan de vereiste stalsystemen, terug te bouwen. Derhalve wordt door het beoogde plan aangesloten bij de Iov. Ook wordt voldaan aan overige relevante beleidskaders uit de Iov.

1.6 Met het beoogde plan wordt voldaan aan gemeentelijk beleid Onderhavig plan geeft invulling aan de ambities uit de Visie Buitengebied. Gelet op de Visie Buitengebied streeft gemeente Oisterwijk ernaar om agrarische bedrijven waar mogelijk te steunen in hun ontwikkeling. Tegelijkertijd bestaat de ambitie om natuurwaarden in Natura 2000-gebieden te behouden en te versterken. Aangezien de onderhavige ontwikkeling een wijziging van een veehouderij betreft die resulteert in een afname van ammoniakemissie wordt met onderhavige ontwikkeling aan beide ambities invulling gegeven. Tevens wordt bij onderhavige ontwikkeling het bestaand ruimtebeslag benut wat ook aansluit bij de ambities uit de Visie Buitengebied (zie argument 1.4).

1.7 Vooroverleg met de provincie heeft plaatsgevonden Het beoogde plan is voorgelegd aan en besproken met de provincie Noord-Brabant, Waterschap De Dommel en Veiligheidsregio Midden-West Brabant. Vanuit dit overleg volgden enkele opmerkingen vanuit de provincie. De provincie wees op het provinciale veehouderijbeleid uit 2016, dat uitbreiding binnen 250 meter van woonkernen beperkt. Dit beleid is inmiddels aangepast, waardoor binnen deze zone onder voorwaarden ontwikkeling mogelijk blijft. De afstandszone vormt daarom geen belemmering voor dit initiatief. Wel is mede door de ligging binnen deze zone een verklaring van geen bedenkingen vereist. Verder is er op verzoek van de provincie een aanvullende toelichting toegevoegd aan het inpassingingsplan om meer duiding te geven aan de bestaande en nieuwe (groen)elementen. Het Waterschap De Dommel en Veiligheidsregio Midden-West Brabant hebben aangegeven geen belemmeringen te zien vanuit het aspect omgevingsveiligheid.

1.8 Omgevingsdialoog heeft plaatsgevonden Voorafgaand aan de aanvraag heeft initiatiefnemer een dialoog gevoerd met de directe omgeving. Alle bewoners binnen 500 meter van het bedrijf hebben de mogelijkheid gehad om een reactie te geven op de beoogde plannen. Initiatiefnemer heeft aan de hand van de tekening de plannen uitgelegd. Bij de omgevingsdialoog heeft geen van de omwonenden kenbaar gemaakt weerstand te hebben tegen het beoogde plan.

1.9 Het plan is landschappelijk ingepast Een uitgebreide omgevingsvergunningaanvraag in het landelijk gebied moet gepaard gaan met een fysieke verbetering van het landschap. Daarnaast moet worden aangetoond hoe deze fysieke verbetering financieel, juridisch en feitelijk wordt verzekerd. Middels een inpassingsplan is aangetoond hoe de ontwikkeling landschappelijk ingepast wordt. Omdat de functie in het beoogde plan niet wijzigt en het bouwvlak niet wordt vergroot is er geen sprake van waardevermeerdering van de grond. Hierdoor hoeft er geen financiële tegenprestatie worden geleverd en kan volstaan worden met een zorgvuldige landschappelijke inpassing.

1.10 Het beoogde plan leidt niet tot een onevenredige aantasting van de gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van naastgelegen percelen In het kader van deze aanvraag omgevingsvergunning zijn de milieuaspecten in de melding activiteitenbesluit beoordeeld. Gelet op deze beoordeling kan worden geconcludeerd dat de beoogde uitbreiding passend is in de omgeving. De realisatie van de nieuwe stal, welke voldoet aan de emissiearme stalsysteem eisen op het bedrijf, zal derhalve geen invloed uitoefenen op de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen en leidt niet tot een aantasting van het woon- en leefklimaat.

1.11 Het beoogde plan vormt geen belemmering voor mogelijke verbreding A58 Er zijn plannen om de A58 tussen Eindhoven en Tilburg te verbreden van twee naar 3 banen. Zo ook ter hoogte van het plangebied. Ondanks dat de plannen voor de verbreding van de snelweg gepauzeerd zijn is het belangrijk om uit te sluiten dat onderhavig plan een belemmering vormt voor de verbreding van de snelweg die in de toekomst mogelijk plaats zal vinden. Op basis van onderhavig plan en de contourschets van de eventuele verbreding van de A58 kan geconcludeerd worden dat onderhavig planvoornemen de verbreding van de snelweg niet belemmert.

1.12 Een verklaring van geen bedenkingen is wettelijk vereist. In het Besluit omgevingsrecht is geregeld dat een verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad is vereist bij een omgevingsvergunning met een uitgebreide voorbereidingsprocedure voor het afwijken van het bestemmingsplan. Dit tenzij het categorieënbesluit van toepassing is en de algemene verklaring van geen bedenkingen geldt. Nu de beoogde ontwikkeling niet onder het categorieënbesluit valt aangezien sprake is van een zeer geringe toename van de fijnstofemissie (van 28920 gram per jaar naar 30932 gram per jaar) en het plangebied is gelegen binnen 250 meter van de bebouwde kom, is een verklaring van geen bedenkingen vereist. Hiermee wordt invulling gegeven aan de bestuurlijke rol van de gemeenteraad als het gaat om het stellen van ruimtelijke beleidskaders. Deze verklaring is een bindend advies en vormt een integraal onderdeel voor het verlenen van een omgevingsvergunning. Zonder deze ontwerpverklaring van geen bedenkingen kan de omgevingsvergunning niet worden verleend.

2.1 Bij het ontbreken van zienswijzen zijn er geen nieuwe inzichten om te bespreken Als er geen zienswijzen worden ingediend op het ontwerpbesluit, zijn er geen redenen om de eerdere positieve beoordeling van de ontwerpverklaring van geen bedenkingen te wijzigen. Door de ontwerpverklaring van geen bedenkingen in zo’n geval meteen als definitieve verklaring van geen bedenkingen aan te merken, wordt de procedure aanzienlijk versneld. Dit voorkomt een extra raadsbesluit en daarmee samenhangende administratieve lasten, terwijl de rechtsbescherming voor belanghebbenden gewaarborgd blijft. Zo realiseren we een efficiënte besluitvorming zonder concessies te doen aan de zorgvuldigheid en transparantie van het proces.

Kanttekeningen 1.1 Weigering van verklaring van geen bedenkingen kan alleen als er géén sprake is van goede ruimtelijk ordening In het Besluit omgevingsrecht is bepaald dat de gemeenteraad een (ontwerp)verklaring van geen bedenkingen slechts kan weigeren in het belang van een goede ruimtelijk ordening. Deze weigering dient te zijn gebaseerd op basis van ruimtelijke relevante argumenten. In onze optiek ontbreken deze argumenten en is met de voorgestelde ontwikkeling sprake van een goede ruimtelijke ordening. Mocht toch worden besloten om de ontwerpverklaring van geen bedenkingen te weigeren dan kan de initiatiefnemer hiertegen bezwaar maken.

Financiën Het voorstel kent geen financiële consequenties voor de gemeente Oisterwijk. De kosten die gemaakt worden bij de uitvoering van deze ontwikkeling zijn voor de initiatiefnemers. Dat geldt ook voor de procedurekosten en eventuele planschadeclaims. De omvang van de bijdrage die de initiatiefnemers dienen te betalen voor de gemeentelijk inzet worden vastgelegd in een anterieure overeenkomst.

Communicatie Na een positief besluit van uw raad over de ontwerpverklaring van geen bedenkingen wordt de aanvrager hiervan op de hoogte gebracht. Het college neemt vervolgens een ontwerpbesluit op de aanvraag omgevingsvergunning. De terinzagelegging van het besluit wordt gepubliceerd in de Nieuwsklok en de Staatscourant. Daarnaast worden de gebruikelijke instanties (provincie, waterschap en veiligheidsregio) van het plan op de hoogte gebracht. Het besluit en de stukken behorend bij de aanvraag omgevingsvergunning zijn voor de inwoners te raadplegen via de landelijke website ruimtelijkeplannen.nl en op aanvraag in te zien bij de publieksbalie.

Uitvoering Na een positief besluit van uw raad over de ontwerpverklaring van geen bedenkingen kan het ontwerpbesluit worden opgesteld. Het college zal vervolgens een ontwerpbesluit nemen op de omgevingsvergunningaanvraag. Dit ontwerpbesluit zal met de ontwerp verklaring van geen bedenkingen worden gepubliceerd en gedurende een periode van zes weken ter inzage worden gelegd. Gedurende deze periode kunnen belanghebbenden zienswijzen indienen tegen het ontwerpbesluit.

Bijlagen 1. Ruimtelijke onderbouwing Vinkenberg 9, 5092 CJ Moergestel met bijlagen. 2. Raadsbesluit Vinkenberg 9

Oisterwijk 2 september 2025, Het college, de gemeentesecretaris,

de burgemeester

Judith Koppers-van der Krabben

Hans Janssen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15922093/1