Raadsvoorstel verklaring van geen bedenkingen Vossenhoorn 9 Moergestel
Tekst van het document
Raadsvoorstel verklaring van geen bedenkingen Vossenhoorn 9 te Moergestel Onderwerp
Verklaring van geen bedenkingen Vossenhoorn 9 te Moergestel
Zaaknummer
1031997
Datum raadsvergadering
22 mei 2025
Domein/Afdeling
Fysieke leefomgeving
Voorstel Wij stellen u voor: 1. Een ontwerpverklaring van geen bedenkingen af te geven voor het afwijken van het huidige planologische kader om ter plaatse van de bedrijfswoning met aanhorigheden aan de Vossenhoorn 9 te Moergestel reguliere bewoning toe te staan.
Inleiding Aan de Vossenhoorn 9 te Moergestel is onder meer een agrarisch bedrijf in de hoedanigheid van een palingkwekerij en -rokerij toegestaan. De palingkwekerij binnen het plangebied is feitelijk reeds beëindigd. Ook is bewoning binnen een bedrijfswoning toegestaan. Dit betekent dat ter plaatse geen reguliere bewoning is toegestaan, maar enkel bewoning binnen een bedrijfswoning voor (het huishouden) van een persoon, wiens huisvesting daar noodzakelijk is, gelet op de bestemming van het gebouw of het terrein. Nu het agrarische bedrijf ter plaatse feitelijk reeds grotendeels is beëindigd, is ter plaatse bewoning niet langer noodzakelijk gelet op de bestemming van het plangebied, waardoor strijdigheid ontstaat. Het voorgaande maakt dat de initiatiefnemer voornemens is om met een omgevingsvergunning van het huidige planologische kader af te wijken om binnen de bedrijfswoning met aanhorigheden reguliere bewoning toe te staan. Dit maakt het mogelijk om het agrarische bedrijf definitief te beëindigen en de bedrijfswoning te betrekken als burgerwoning. Ook bestaat de wens om een huidig agrarisch bedrijfsgebouw met een oppervlakte van circa 350 m2 te behouden en te gebruiken ten behoeve van statische opslag. Voornoemde activiteiten zijn in strijd met het huidige planologische kader, waardoor een afwijking van het bestemmingsplan (nu Omgevingsplan) noodzakelijk is.
Hiervoor wordt een uitgebreide vergunningprocedure met toepassing van artikel 2.12 lid 1 sub a onder 3 van de Wabo doorlopen. Als onderdeel van deze procedure is voor de afwijking van het bestemmingsplan (nu Omgevingsplan) een verklaring van geen bedenkingen vereist van de gemeenteraad. Bij besluit van 27 juni 2024 heeft uw gemeenteraad reeds een ontwerpverklaring van geen bedenkingen afgegeven, waarna de ontwerpbeschikking voor een periode van zes weken ter inzage heeft gelegen. Aangezien ten aanzien van de ontwerpbeschikking een zienswijze is ingediend, is voor de definitieve beschikking om af te wijken van het bestemmingsplan (nu Omgevingsplan) opnieuw een verklaring van geen bedenkingen vereist van uw gemeenteraad. Daarvoor dient op basis van ruimtelijke relevante
argumenten de afweging te worden gemaakt of met deze ontwikkeling sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Op basis van de bij de aanvraag gevoegde onderbouwing, de verrichte onderzoeken en het doorlopen proces is geconcludeerd dat hiervan sprake is. Daarom wordt uw raad nu voorgesteld om een verklaring van geen bedenkingen af te geven.
Argumenten 1.1 De gemeente heeft een positieve grondhouding uitgesproken Op 21 juli 2022 is een principeverzoek ingediend voor medewerking aan een planologische procedure om de bedrijfswoning ter plaatse van de locatie aan de Vossenhoorn 9 te Moergestel als burgerwoning te mogen betrekken. Op 25 augustus 2022 is hier door het college positief op besloten. Dit onder de voorwaarden dat sprake is van milieuhygiënische inpasbaarheid en van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. 1.2 De beoogde ontwikkeling is wenselijk De initiatiefnemer is voornemens om hun agrarische bedrijf in de hoedanigheid van een palingkwekerij en -rokerij definitief te beëindigen. Met een omgevingsvergunning voor buitenplanse afwijking wordt het mogelijk gemaakt dat de bedrijfswoning aan de Vossenhoorn 9 te Moergestel als burgerwoning betrokken kan worden. Het agrarische bedrijf zal vervolgens worden beëindigd en een aanwezig voormalig agrarisch bedrijfsgebouw zal in de beoogde situatie gebruikt worden ten behoeve van statische opslag. Wanneer de onderhavige omgevingsvergunning planologisch wordt verankerd in het Omgevingsplan vervalt definitief de mogelijkheid om ter plaatse een agrarisch bedrijf te exploiteren en wordt het bouwvlak zoveel als mogelijk verkleind, gelet op het principe van zorgvuldig ruimgebruik.
Gelet hierop is verzekerd dat met de beoogde ontwikkeling een versterking van de omgevingskwaliteit plaatsvindt. 1.3 Er is sprake van een goede ruimtelijke ordening Bij de aanvraag voor de afwijking van het huidige planologische kader is door de initiatiefnemer een ruimtelijke onderbouwing ingediend. In deze ruimtelijke onderbouwing zijn de relevante beleids- en omgevingsaspecten beschreven en onderzocht. Ook zijn waar nodig onderzoeken uitgevoerd. De ruimtelijke onderbouwing met bijbehorende onderzoeken zijn tweemaal inhoudelijk beoordeeld door de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant. Uiteindelijk zijn de ruimtelijke onderbouwing met bijbehorende onderzoeken aan de hand van deze beoordelingen door ons akkoord bevonden. De algehele conclusie luidt dat met de beoogde ontwikkeling sprake is van een goede ruimtelijke ordening en dat de beoogde ontwikkeling passend is binnen relevante provinciale en gemeentelijke beleidskaders. Ook komt op grond van de ruimtelijke onderbouwing met bijbehorende onderzoeken naar voren dat wordt voldaan aan de voorwaarden van het principebesluit. Zo heeft de beoogde ontwikkeling geen beperking van de ontwikkelingsmogelijkheden van omliggende veehouderijen tot gevolg en is binnen de planlocatie sprake van een acceptabel woon- en leefklimaat nu sprake is van een bestaande gevoelige functie.
1.4 De beoogde ontwikkeling past binnen de omgeving De omgeving van de planlocatie betreft een overwegend agrarisch en gemengd gebied. In de directe omgeving bevinden zich voornamelijk agrarische gronden, - bedrijven en verspreid gelegen woningen. De beoogde ontwikkeling, waarmee met een omgevingsvergunning wordt afgeweken van het huidige planologische kader om binnen een bestaande bedrijfswoning reguliere bewoning toe te staan, past daarom binnen het gemengde karakter van de omgeving. 1.5 De beoogde ontwikkeling is in overeenstemming met provinciale beleidskaders De planlocatie is op grond van vigerend provinciaal beleid onder meer gelegen binnen de structuur ‘landelijk gebied’. Binnen deze structuur is onder meer het in gebruik nemen van een voormalige bedrijfswoning als burgerwoning toegestaan. Dit mits er geen splitsing plaatsvindt in meerdere woonfuncties en overtollige bebouwing wordt gesloopt. Nu in het onderhavige geval wordt voldaan aan voornoemde voorwaarden, is de
beoogde herbestemming in overeenstemming met provinciale beleidskaders. Immers, van overtollige bebouwing is geen sprake nu een voormalig agrarisch bedrijfsgebouw behouden blijft en ten behoeve van statische opslag in gebruik wordt genomen. 1.6 De beoogde ontwikkeling is in overeenstemming met gemeentelijke beleidskaders De planlocatie kent op grond van het vigerende bestemmingsplan “Buitengebied, correctieve herziening” (nu Omgevingsplan) de bestemming “Agrarisch met waarden – Landschap, natuur en cultuurhistorie 1” en de functieaanduiding ‘aquacultuur’. Op grond van artikel 4.7.2 van het vigerende bestemmingsplan (nu Omgevingsplan) heeft het college middels een wijzigingsbevoegdheid de mogelijkheid om na bedrijfsbeëindiging de bestemming “Agrarisch met waarden – Landschap, natuur en cultuurhistorie 1” te wijzigen in de bestemming “Wonen – 2” en/of “Tuin” en/of “Agrarisch met waarden” (zonder bouwvlak). De planologische procedure wordt echter niet doorlopen middels voornoemde wijzigingsbevoegdheid, maar middels een omgevingsvergunning ter afwijking van het huidige planologische kader. Vanuit een goede ruimtelijke ordening bezien is in de ruimtelijke onderbouwing getoetst aan de voorwaarden van de binnenplanse wijzigingsbevoegdheid.
Hieruit komt naar voren dat de beoogde ontwikkeling hierbinnen passend is, waardoor de beoogde ontwikkeling passend is binnen relevante gemeentelijke beleidskaders. 1.7 Er is een omgevingsdialoog gevoerd De initiatiefnemer heeft een omgevingsdialoog gevoerd, waarbij directe omwonenden zijn geïnformeerd over het planvoornemen en in de gelegenheid zijn gesteld om hun bezwaren hiertegen kenbaar te maken. De conclusies van de gevoerde omgevingsdialoog zijn weergegeven in paragraaf 5.2.1 van de ruimtelijke onderbouwing en de complete resultaten zijn als bijlage aan deze ruimtelijke onderbouwing opgenomen. Het merendeel van de omwonenden heeft aangegeven geen bezwaren tegen de plannen te hebben. Eén omwonende heeft aangegeven te willen kijken in hoeverre het plan gevolgen heeft voor eventuele ontwikkelingsmogelijkheden. De omgevingsdienst heeft de stukken echter beoordeeld en is tot de conclusie gekomen dat de beoogde ontwikkeling geen beperking van de ontwikkelingsmogelijkheden tot gevolg heeft. Nadien is meermaals sprake geweest van onderling contact, waarbij de omwonende herhaaldelijk heeft verzocht om inzage te krijgen in de ruimtelijke onderbouwing. Naar aanleiding hiervan is de ruimtelijke onderbouwing eind maart 2024 toegezonden aan deze omwonende.
1.8 Het vooroverleg is afgerond In het kader van het wettelijk vooroverleg is de ruimtelijke onderbouwing met bijlagen voorgelegd aan de provincie Noord-Brabant, de Veiligheidsregio Midden- en West Brabant en het Waterschap De Dommel. De veiligheidsregio heeft aangegeven dat gebruik gemaakt kan worden van het standaardadvies externe veiligheid, zoals reeds als bijlage is bijgevoegd bij de ruimtelijke onderbouwing. Het waterschap heeft ingestemd met het planvoornemen aangezien met de beoogde ontwikkeling geen enkel waterbelang is gemoeid. Verder heeft de provincie enkele opmerkingen ten aanzien van de ruimtelijke onderbouwing geplaatst. Dit onder meer ten aanzien van de procedure, de borging, het landschappelijk inpassingsplan, de geurbelasting en de mantelzorgfunctie. Voor een nadere motivatie van de binnengekomen vooroverlegreactie en de wijze waarop een en ander tot aanpassingen heeft geleid, wordt verwezen naar paragraaf 5.2.2 van de ruimtelijke onderbouwing. Alle vooroverlegreacties zijn naar behoren verwerkt. Waar nodig, zijn aanpassingen doorgevoerd in de stukken. 1.9 Een verklaring van geen bedenkingen is wettelijk vereist In het Besluit omgevingsrecht is geregeld dat een verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad is vereist bij een omgevingsvergunning met een uitgebreide voorbereidingsprocedure voor het afwijken van het bestemmingsplan (nu Omgevingsplan).
Dit tenzij het categorieënbesluit van toepassing is en de algemene verklaring van geen bedenkingen geldt. Nu de beoogde ontwikkeling niet onder het categorieënbesluit valt, is een verklaring van geen bedenkingen vereist. Hiermee wordt invulling gegeven aan de bestuurlijke rol van uw gemeenteraad als het gaat om het stellen van ruimtelijke beleidskaders. Deze verklaring is een bindend advies en vormt
een integraal onderdeel voor het verlenen van een omgevingsvergunning. Zonder deze verklaring van geen bedenkingen kan de omgevingsvergunning niet worden verleend. 1.10 Er is één zienswijze ingediend ten aanzien van de ontwerpbeschikking De ontwerpbeschikking heeft ter inzage gelegen van 17 oktober 2024 tot en met 27 november 2024. Gedurende deze periode van tervisielegging is namens één omwonende een zienswijze ingediend. Aangezien ten aanzien van de ontwerpbeschikking een zienswijze is ingediend, is voor de definitieve beschikking om af te wijken van het bestemmingsplan (nu Omgevingsplan) opnieuw een verklaring van geen bedenkingen vereist van uw gemeenteraad. De binnengekomen zienswijze wordt deels gegrond verklaard en heeft deels aanleiding gegeven om de stukken aan te passen. Zo is onder meer het besluitvak/het werkingsgebied van de omgevingsvergunning aangepast zodat deze niet langer van toepassing is op het eigendom van de omwonende. Ook is in de ruimtelijke onderbouwing duidelijker aangegeven dat de mantelzorgwoning geen onderdeel uitmaakt van de procedure. Daarnaast zijn ook de geurrapporten samengevoegd, waarbij een aanvullende motivatie ter verduidelijking is opgenomen.
Voor een nadere motivatie van de binnengekomen zienswijzen en de wijze waarop deze tot aanpassingen heeft geleid, wordt verwezen naar de nota zienswijzen die als bijlage 2 aan dit raadsvoorstel is opgenomen. In de nota zienswijzen is ook aangegeven welke ambtshalve aanpassingen worden doorgevoerd.
Kanttekeningen 1.1 Weigering van de verklaring van geen bedenkingen kan alleen als er géén sprake is van goede ruimtelijke ordening In het Besluit omgevingsrecht is bepaald dat uw gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen slechts kan weigeren in het belang van een goede ruimtelijke ordening. Deze weigering dient te zijn gebaseerd op basis van ruimtelijk relevante argumenten. In onze optiek ontbreken deze argumenten en is met de voorgestelde ontwikkeling sprake van een goede ruimtelijke ordening. Mocht toch worden besloten om de verklaring van geen bedenkingen te weigeren dan kan de initiatiefnemer hiertegen bezwaar maken.
Financiën Het voorstel kent geen financiële consequenties voor de gemeente Oisterwijk. De kosten die gemaakt worden bij de uitvoering van deze ontwikkeling zijn voor de initiatiefnemer. Dat geldt ook voor de procedurekosten en eventuele planschadeclaims. Aangezien geen sprake is van een bouwplan in de zin van artikel 6.2.1 Bro, worden ten behoeve van de apparaatskosten van de behandeling van deze aanvraag door de initiatiefnemer leges betaald conform de gemeentelijke legesverordening.
Communicatie Na het besluit van uw raad over de verklaring van geen bedenkingen wordt de aanvrager hiervan op de hoogte gebracht. Het college neemt vervolgens een definitief besluit op de aanvraag omgevingsvergunning. De terinzagelegging van het besluit wordt gepubliceerd in de Nieuwsklok en de Staatscourant. Daarnaast worden de gebruikelijke instanties (provincie, waterschap en veiligheidsregio) van het plan op de hoogte gebracht. Het besluit en de stukken behorend bij de aanvraag omgevingsvergunning zijn voor de inwoners te raadplegen via de landelijke website ruimtelijkeplannen.nl en op aanvraag in te zien bij de publieksbalie.
Uitvoering Na het besluit van uw raad over de ontwerpverklaring van geen bedenkingen kan het definitieve besluit worden opgesteld. Het college zal vervolgens een definitief besluit nemen op de omgevingsvergunningaanvraag. Dit definitieve besluit zal met de verklaring van bedenkingen worden gepubliceerd en gedurende een periode van zes weken ter inzage worden gelegd. Gedurende deze termijn kan er door belanghebbenden beroep worden ingesteld bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Op de dag dat de
beroepstermijn afloopt, treedt het besluit in werking, tenzij beroep is ingesteld én een verzoek om voorlopige voorziening (schorsing) is ingediend.
Bijlagen 1. Ruimtelijke onderbouwing t.b.v. afwijken bestemmingsplan Vossenhoorn 9 te Moergestel met bijlagen (inclusief nota zienswijzen).
Ter inzage gelegde stukken Oisterwijk, 25 februari 2025, Het college, de gemeentesecretaris,
de burgemeester
Judith Koppers-van der Krabben
Hans Janssen