Raadsvoorstel Gemeenschappelijke Regeling Regiovervoer.pdf
Tekst van het document
Raadsvoorstel zienswijze concept Gemeenschappelijke Regeling Regiovervoer Midden-Brabant Onderwerp
Zienswijze concept Gemeenschappelijke Regeling Regiovervoer Midden-Brabant
Zaaknummer
1052871
Datum raadsvergadering
25-06-2026
Domein/Afdeling
Samenleving
Voorstel Wij stellen u voor: 1. De volgende zienswijze in te dienen op de concept Gemeenschappelijke Regeling Regiovervoer Midden-Brabant: We staan positief tegenover het formaliseren van de bestaande samenwerking in een Gemeenschappelijke Regeling. We onderschrijven dat de voorgestelde regeling de huidige, goed functionerende, werkwijze voldoende borgt. We vinden het belangrijk te benadrukken dat doelgroepen die gebruik maken van regiovervoer kunnen blijven rekenen op een betrouwbare dienstverlening binnen deze Gemeenschappelijke Regeling.
Inleiding De acht gemeenten in Midden-Brabant en de provincie Noord-Brabant werken al jaren samen aan de uitvoering van het regiovervoer, waaronder leerlingenvervoer, Wmo-vervoer, jeugdhulpvervoer, vervoer Participatiewet en Bravo-flex. Het systeem is opgezet voor inwoners die hun vervoer niet zelfstandig kunnen organiseren. Door deze vormen van doelgroepenvervoer regionaal te bundelen, wordt efficiënter, betaalbaarder en kwalitatief beter vervoer georganiseerd. Regiovervoer Midden-Brabant sluit aan op het bestaande openbaar vervoer in de regio (onder de Bravo-vlag) en vormt daarop een aanvullende vervoersvoorziening. Deze regionale samenwerking is historisch gegroeid, omdat gemeenten merkten dat afzonderlijke vervoerssystemen niet doelmatig waren en niet aansloten op de mobiliteitsbehoefte van inwoners die regelmatig gemeentegrenzen oversteken voor school, werk, zorg of sociale activiteiten. Regionale bundeling leidt tot betere benutting van vervoersstromen, kortere wachttijden, lagere kosten en betere kwaliteit. Vanaf 2016 is er in
meerdere gezamenlijke aanbestedingen gewerkt aan een samenhangend vervoerssysteem voor de gehele regio. Hoewel de samenwerking in de praktijk goed functioneert, blijkt uit juridische en financiële audits dat de onderliggende afspraken verouderd zijn en niet meer voldoen aan de eisen van deze tijd. De bestaande samenwerking was gebaseerd op een verouderde Dienstverleningsovereenkomst (hierna: DVO) en een verouderde samenwerkingsovereenkomst. Daarom is in regionaal verband gekozen om de bestaande samenwerking formeel te borgen in een nieuwe Gemeenschappelijke Regeling (hierna: GR) en een vernieuwde DVO. Deze documenten leggen de huidige werkwijze vast, zonder inhoudelijke wijzigingen aan de samenwerking of het vervoer. Voor inwoners verandert er in de praktijk niets. De concept-GR wordt daarom, conform de Wet gemeenschappelijke regelingen, voor zienswijze aan uw raad voorgelegd. Het ondertekenen van de DVO, waarin de uitwerking van de GR is beschreven, is een collegebevoegdheid. Hierover bent u inmiddels geïnformeerd met een raadsinformatiebrief.
Argumenten 1.1 De voorgestelde GR borgt de bestaande, goed functionerende samenwerking. Uit de audits van AKD en Adlasz blijkt dat de samenwerking in de praktijk al jaren effectief verloopt en dat de operationele afstemming goed functioneert. Tegelijkertijd constateren beide audits dat de juridische basis onder deze samenwerking ontbreekt: er zijn geen actuele, geldende overeenkomsten en de huidige constructie is een vorm die juridisch niet houdbaar is. Door een GR te treffen, wordt de bestaande werkwijze niet gewijzigd, maar juist geformaliseerd en bestendigd. De GR legt vast wat in de praktijk al werkt, waardoor continuïteit en stabiliteit worden gegarandeerd zonder dat dit leidt tot inhoudelijke veranderingen in de uitvoering. 1.2 Het formaliseren van bevoegdheden en verantwoordelijkheden is noodzakelijk. AKD concludeert dat een gemeenschappelijk orgaan het beste aansluit bij de bestaande en gewenste werkwijze, omdat dit model de mogelijkheid biedt om bevoegdheden formeel over te dragen, besluiten gezamenlijk te nemen en mandaten helder te beleggen. Het formaliseren van bevoegdheden via een GR is daarom noodzakelijk om de uitvoeringspraktijk juridisch te ondersteunen en bestuurlijke slagkracht te behouden. 1.3 De GR versterkt transparantie en rechtszekerheid.
De GR maakt besluitvorming, mandatering en financiële afspraken expliciet en creëert daarmee een transparante governance-structuur. Voor Tilburg als opdrachtnemer is dit van belang, omdat het risico’s beperkt en duidelijkheid biedt over de juridische positie en uitvoeringsverantwoordelijkheden. Voor alle deelnemende gemeenten versterkt de GR de rechtszekerheid doordat besluiten van het gemeenschappelijk orgaan een duidelijke wettelijke basis hebben en uniform moeten worden uitgevoerd. Daarmee wordt de bestuurlijke betrouwbaarheid richting inwoners vergroot. 1.4 Hierdoor blijft de continuïteit van regiovervoer voorop staan. Kwetsbare groepen maken gebruik van het regiovervoer, waardoor het van belang is dat zij geen hinder ondervinden van deze, aan de achterkant ingerichte, oplossing. De voorgestelde werkwijze is juridisch en procedureel zorgvuldig vormgegeven en kan daarom worden
onderschreven. Aangezien wordt gesteld dat gebruikers geen gevolgen zullen ervaren, blijft het essentieel om dit in het verdere proces expliciet te bewaken en te borgen.
Kanttekeningen 2.1 Er zijn geen realistische inhoudelijke alternatieven. De regio heeft al vastgesteld dat het huidige samenwerkingsmodel inhoudelijk goed functioneert. Een alternatief zoals uitbesteding aan de markt is eerder onderzocht en afgevallen, onder meer vanwege verlies van publieke sturing en grotere afhankelijkheid van externe partijen. Daarom richt het voorstel zich uitsluitend op het formaliseren van de bestaande werkwijze.
Samenwerking Regiovervoer Midden-Brabant is ontstaan vanuit de gezamenlijke ambitie van de acht regiogemeenten (Dongen, Gilze-Rijen, Goirle, Hilvarenbeek, Loon op Zand, Oisterwijk, Tilburg en Waalwijk) en de provincie Noord-Brabant.
Financiën Er zijn géén aanvullende financiële gevolgen voor dit raadsbesluit.
Communicatie Er is geen communicatie hierover met inwoners. Dit proces heeft geen directe invloed op de dienstverlening aan inwoners, maar gaat over de samenwerking. Dit is een regionaal proces en hier verloopt de communicatie via de bestaande ambtelijke en bestuurlijke lijnen.
Uitvoering Na uw besluit zal de zienswijze gestuurd worden aan de stuurgroep van regiovervoer MiddenBrabant. Deze stuurgroep verwerkt alle zienswijzen uiterlijk in de zomer van 2026. Na beoordeling van alle zienswijzen, wordt de tekst van de GR, indien nodig, gewijzigd. Daarna wordt aan uw raad definitief toestemming gevraagd voor het treffen van de GR.
Bijlagen 1. Concept Gemeenschappelijke Regeling Regiovervoer Midden-Brabant
Ter inzage gelegde stukken Oisterwijk 14-04-2026, Het college, de gemeentesecretaris,
de burgemeester
Judith Koppers-van der Krabben
Hans Janssen