Raadsvoorstel extra ontsluiting Moergestel
Tekst van het document
Raadsvoorstel Extra ontsluiting Moergestel Onderwerp
Extra ontsluiting Moergestel
Zaaknummer
1044889
Datum raadsvergadering
29 januari 2026
Domein/Afdeling
Fysieke leefomgeving
Voorstel Wij stellen u voor: 1. In te stemmen met de concrete uitwerking in een schetsontwerp van tracé 1a en tracé 3c uit het onderzoek van Sweco als mogelijke routes voor een extra ontsluiting bij Moergestel, met inachtneming van de afstand tussen woonwijk en nieuwe ontsluitingsroute, door ook een parallelstructuur goed te onderzoeken. 2. Een route over de hoogspanningslijn voor langzaam verkeer, als verbinding tussen de woonwijken Heiligenboom en Moergestel Noord, ruimtelijk te onderzoeken. 3. Parallel aan de onderzoeken onder beslispunt 1 en 2 ook een onderzoek in te stellen naar alternatieve en handhavingsgerichte maatregelen zoals opgenomen in motie 403 van 10 april 2025. 4. Voor de onderzoeken genoemd onder beslispunten 1 tot en met 3 een voorbereidingskrediet van in totaal € 150.000 beschikbaar te stellen.
Inleiding De leefbaarheid in Moergestel staat onder druk. Een hoge verkeersintensiteit in combinatie met zwaar verkeer dat door het centrum van de kern rijdt leidt tot problemen, wat zich uit in verkeersonveiligheid (met name voor langzaam verkeer) en overlast door trillingen. Een toename van de verkeersintensiteit (door autonome groei en extra woningbouw) zorgt de komende jaren voor een toename van die problematiek. In 2024 is enerzijds onderzocht op welke manier de maatregelen (zoals verlagen van de snelheid op de Tilburgseweg, verbeteren van oversteekpunten op Rootven en Raadhuisstraat of onderzoeken van mogelijkheden voor eenrichtingsverkeer rondom het centrum) in de kern moesten en konden worden aangepast. Deze zijn in 2024 verwoord in een herijking van de Verkenningsnotitie Leefbaarheid Moergestel (te vinden via https://oisterwijk.raadsinformatie.nl/vergadering/1261073). Enkele al eerder geformuleerde maatregelen zijn in stand gehouden, er zijn een aantal gedragsmaatregelen aan het pakket toegevoegd. Daarmee wordt vooral een verzachting van de problematiek beoogd. Daarnaast is gekeken naar de effecten van een extra ontsluiting aan de oostzijde van de kern, zowel in een
noordelijke als zuidelijke variant. Daaruit bleek dat een ontsluiting aan de zuidoostzijde een sterk dempend effect heeft op de verkeersintensiteit in het centrum van Moergestel. Een noordelijke variant is veel minder effectief, zowel solitair als in combinatie met een zuidoostelijke variant. In 2025 is, als vervolg op voorgaande onderzoeken, een vervolgonderzoek uitgevoerd waarmee zes mogelijke tracévarianten in beeld zijn gebracht (een kaartoverzicht is te vinden in bijlage 1, onderdeel 4) op basis van een aantal ruimtelijke aspecten. Deze zijn binnen het onderzoeksgebied (afgebakend door Scheerman, Oirschotseweg, gemeentegrens Oirschot en A58) in drie deelgebieden verdeeld: een gebied direct ten oosten van de kern rondom de Reusel, een gebied in de nabijheid van de Rozep en een gebied bij de gemeentegrens met Oirschot. Voor u ligt het raadsvoorstel om vervolgonderzoek te doen naar de varianten met het grootste oplossende vermogen. De op 13 november tijdens de raadsontmoeting door uw raad ingebrachte opmerkingen zijn zoveel mogelijk meegenomen in dit raadsvoorstel.
Argumenten 1.1 Oplossend vermogen met nieuwe ontsluitingsroutes Alle zes door Sweco onderzochte tracé varianten (zie bijlage 1, onderdeel 4 voor een kaartoverzicht) hebben een effect op het verkeer dat door de kern Moergestel rijdt. Variant 1a onttrekt, op een vergelijkbaar niveau met variant 1b, het meeste verkeer uit de kern Moergestel (>2500 motorvoertuigen per dag geweerd uit het centrum). Ook de varianten in het gebied ten oosten van de Rosep scoren allen zodanig goed dat de intensiteit in de kern tot onder de streefwaarde van 5000 motorvoertuigen per dag daalt in de toekomst. Een tweede optie zien we daarom in tracévariant 3c, die weliswaar verder van de kern af ligt, maar ook zorgt voor een vermindering van verkeer (>1500 motorvoertuigen per etmaal geweerd uit het centrum). Variant 1b is qua oplossend vermogen weliswaar vergelijkbaar met variant 1a, er is ook meer weglengte nodig en er is een grotere doorsnijding van natuur nodig. Ook wordt met deze variant het uitstroomgebied van de Reusel sterker geraakt. Van de varianten 3a, 3b en 3c liggen de eerste twee wat verder van de kern Moergestel, zien we weinig koppelkansen en zijn de kosten nog wat hoger dan bij variant 3c. Van de zes in beeld gebrachte varianten is variant 2, dicht tegen de gemeentegrens met Oirschot, het minst realistisch.
Aanleg van een ontsluiting over dit tracé heeft het laagste effect op de verkeersintensiteit in Moergestel, er bestaat feitelijk geen relatie met het dorp, er zijn geen koppelkansen en de kosten voor uitvoering zijn het hoogst. De conclusie op basis van voornoemde redenen is dat vervolgonderzoek voor varianten 1a en 3c op dit moment het meest logisch is.
1.2 Natuurwaarden en koppelkansen rondom nieuwe tracés Tracé 1a doorsnijdt van alle varianten het minste een gebied waar natuur is beoogd. Daarnaast zijn er koppelkansen met het laten meanderen van de Reusel en/of ontwikkeling van natuur. Rondom variant 3c zien we koppelkansen met de ontwikkeling van natuurvriendelijke oevers van de Rosep en het toevoegen van extra agrarisch gebied.
1.3 Luchtkwaliteit biedt ruimte Het onderdeel Luchtkwaliteit uit het door Sweco uitgevoerde onderzoek laat zien dat dit aspect geen belemmering vormt voor het aanleggen van een van de tracés. De verwachte waarden die horen bij een nieuwe route (geldt voor elk van de onderzochte varianten) blijven binnen de zogenaamde Rijksomgevingswaarden.
1.4 Kosten en lengte van verder te onderzoeken tracés is gunstig Van alle in beeld gebrachte varianten (zie bijlage 1, onderdeel 4 voor een kaartoverzicht) kent tracé 1a de kortste route tussen Oirschotseweg en de aansluiting naar snelweg A58 en slechts een kunstwerk (brug over de Reusel). Wanneer (deels) gebruik wordt gemaakt van een route over de Scheerman levert dit een kostenbesparing op: de gemeente is al eigenaar van die grond. Dit tracé is vanwege de relatief korte weglengte die nodig is ook het goedkoopst. In het gebied rondom de Rosep geldt hetzelfde voor variant 3c, gebaseerd op de benodigde weglengte. Een voordeel bij dat tracé is dat de Blankemansweg, waar een groot deel van de route overheen gaat, in eigendom is bij de gemeente Oisterwijk.
1.5 Inpassing van het tracé in het bestaande landschap Met de concrete uitwerking wordt in beeld gebracht op welke manier een tracé wordt ingepast in het landschap en onder welke randvoorwaarden. Denk daarbij aan de aansluiting op bestaande infrastructuur, de gevolgen voor leefbaarheid van inwoners, de manier waarop waterberging wordt opgelost, de wijze waarop natuur wordt gecompenseerd, welke mitigerende maatregelen nodig zijn en hoe de verkeersveiligheid wordt gewaarborgd. Richtlijnen met betrekking tot kruispuntvormen, oversteeklocaties en fietsvoorzieningen bieden voor elke tracévariant voldoende mogelijkheden om een veilig wegprofiel in te passen.
1.6 Oirschotseweg kan verkeer blijven verwerken Onderzoek van Sweco wijst uit dat de Oirschotseweg ook in de toekomst, rekening houdend met de uitbreiding van twee woonwijken, verkeerskundig voldoende capaciteit heeft om een toename van verkeersintensiteit op te vangen. Om de verkeersveiligheid in het algemeen en de positie van fietsers in het bijzonder te verbeteren is in 2024 een maatregel geformuleerd in de herijking van de Verkenningsnotitie Leefbaarheid Moergestel (maatregel 7). Aanvullend onderzoek van Sweco heeft de noodzaak daartoe onderschreven. Voorbereiding voor de uitvoering van die maatregelen start begin 2026.
1.7 Bewoners en ketenpartners blijven gesprekspartner Als eerste de bewoners van Moergestel, maar ook Waterschap, provincie, Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer en de andere externe partners die ook in 2025 al zijn betrokken blijven belangrijke gesprekspartners. De Omgevingsdienst zal ook een rol spelen in het vervolgproces, omdat zij goedkeuring moeten geven op milieuaspecten zoals uitstoot van fijnstof, akoestiek en bijvoorbeeld externe veiligheid.
Voor het Waterschap is, zeker voor tracé 1a, van belang dat inzichtelijk wordt waar en hoe er gecompenseerd kan worden voor waterberging en op welke manier een oversteek over de Reusel wordt vormgegeven. De provincie Noord-Brabant wil inzicht in alle onderzochte alternatieven. Onderdeel daarvan is de uitwerking van de motie die op 10 april is aangenomen waar het gaat over alternatieve en handhavingsgerichte maatregelen . Gesprekken met bijvoorbeeld de provincie vinden overigens doorlopend plaats.
1.8 Enkele ruimtelijke aspecten worden verder uitgediept ten behoeve van het schetsontwerp De exacte ligging van de verder te onderzoeken tracés, die concreet wordt gemaakt in een schetsontwerp, is uitgangspunt voor het uitdiepen van een aantal ruimtelijke aspecten. Voor akoestiek en uitstoot van fijnstof kan, op basis van rekenmodellen, meer specifiek worden beschreven wat de gevolgen van een tracé zijn voor de omgeving. Voor andere aspecten is het niet nodig op dit moment verdiepend onderzoek te doen, zoals bodemgebruik, cultuurhistorie, ecologie en archeologie. Die aspecten komen terug in een aanpassing van het omgevingsplan in een later stadium (juridische procedure). Overleg met partners zoals provincie en Waterschap is in deze fase ook nodig om duidelijk te hebben of zij definitief kunnen instemmen met aanleg van een nieuwe ontsluiting.
1.9 Onderzoek parallelstructuur kan bijdragen aan realisatie variant 1a Het onderdeel Akoestiek uit het onderzoek dat door Sweco is uitgevoerd heeft, op basis van de omgevingsverordening van de provincie Noord-Brabant, alleen in beeld gebracht dat er geen stiltegebieden zijn waar rekening mee moet worden gehouden. In kaart brengen van de gevolgen voor (bestaande) woningen en bedrijven moet dus in vervolgonderzoek inzichtelijk worden gemaakt. De afstand tussen een nieuwe ontsluitingsroute en bestaande bebouwing zorgt voor mogelijk extra benodigde mitigerende maatregelen. Uitwerken van een parallelstructuur voor variant 1a kan daar aan bijdragen.
2.1 Extra onderzoek naar route over hoogspanningslijn Op basis van een toezegging aan uw raad op 10 april 2025 is door Sweco extra onderzoek gedaan naar de effecten van een tracé over de hoogspanningslijn (tevens afdoening motie 402 dd. 10 april 2025). Hierbij is in beeld gebracht hoe groot de ontlasting van verkeer zou zijn indien tussen Heiligenboom en Akkerweg een doorgaande verbinding zou ontstaan. In 2024 is al op hoofdlijnen in kaart gebracht wat de verkeerseffecten zijn van een route aan de noordzijde van Moergestel. Het onderzoek van Sweco in 2025 naar een tracé over de hoogspanningslijn laat vergelijkbare resultaten zien. De impact op de verkeersintensiteit is met zo’n tracé is veel minder groot, zowel solitair aangelegd als in combinatie met een tracé aan de zuidoostzijde. Daarnaast liggen aan de noordoostzijde van Moergestel ook grote uitdagingen met betrekking tot stikstof, vanwege de nabijheid van Natura2000 gebied en fysieke inpassing van een tracé vanwege bestaande bebouwing aan de noordzijde van Moergestel (in de vorm van het sportpark, parkeerterreinen en woningen).
2.2 Verbinding voor langzaam verkeer over hoogspanningslijn is meerwaarde Onderzoeken van een verbinding over de route van de hoogspanningslijn richt zich dus op het ontsluiten van beide woonwijken voor langzaam verkeer, en niet als route voor motorvoertuigen. Juist langzaam verkeer, in de vorm van voetgangers en fietsers, kan profiteren van een extra verbinding over de Reusel. Voor deze groep verkeersdeelnemers wordt het eenvoudiger om van en naar het sportpark te lopen of fietsen, of het tussengelegen natuurgebied in te komen. Ook ontstaat er een extra route van en naar Oisterwijk voor bewoners van Oostelvoortjes I en II (Heiligenboom). Dit sluit aan bij provinciaal, regionaal (SRBT / Koersdocument Oostflank) en lokaal beleid (o.a. Scenario 1 – Verkeersveiligheid) voor het verbeteren van de positie van voetgangers en fietsers in het straatbeeld. Voor het gebied tussen Moergestel Noord en Oostelvoortjes II (Heiligenboom) is in een verkenning door de GGA-regio, in het kader van de groen/blauw gebiedsgerichte aanpak, aangegeven dat ook hier de Reusel zou moeten kunnen meanderen. Aanleg van een autoverbinding, waarvoor bredere en zwaardere infrastructuur nodig is, ligt daarom minder voor de hand dan een verbinding voor langzaam verkeer.
3.1 Onderzoek langzaam verkeer mogelijk subsidiabel Beleid van de provincie en binnen de samenwerking SRBT is om voetgangers en fietsers een prominentere plek te geven in de openbare ruimte. Via het Regionale Mobiliteits Programma zijn er mogelijkheden om subsidie te krijgen voor onderzoek en uitvoering van routes die specifiek zijn gericht op kwetsbare verkeersdeelnemers. Hierdoor is mogelijk een kleiner deel van het gevraagde voorbereidingskrediet vanuit eigen middelen nodig.
4.1 Krediet voor verdere uitwerking In de begroting is, mede vanwege het nog te nemen besluit door uw raad over de verdere uitwerking van het onderzoek, nog geen rekening gehouden met vervolgonderzoek voor een extra ontsluiting. We vragen daarom nu een voorbereidingskrediet om vervolgonderzoeken te kunnen uitvoeren.
Kanttekeningen 1.1
Overeenstemming provincie en Waterschap nodig
Zowel provincie als Waterschap hanteren nu het standpunt nee tenzij, wat overigens geldt voor alle onderzochte varianten. Gesprekken met deze, en andere, externe stakeholders blijven dus nodig om uiteindelijk goedkeuring te krijgen voor inpassen van een extra route in het gebied. Hierbij is het uitgangspunt ‘water- en bodemsturend’ een belangrijk aspect in de vervolgstappen.
1.2
Mogelijk sprake van barrièrewerking
Bij het uitwerken van de schetsontwerpen moet ook aandacht zijn voor barrière werking. Voor variant 1a zal de toegang tot het Moergestels Broek en de omgeving van de Reusel vanuit de wijk Heivelden een uitwerking moeten krijgen in het schetsontwerp. Ook voor variant 3c speelt dat een rol, zeker waar het gaat om mogelijke ontwikkeling van natuurvriendelijke oevers (of natuur in het algemeen) en de mogelijke toegang daartoe voor het publiek. Daarnaast zorgt het verharden van de Blankemansweg bij deze variant voor een vergroting van de barrière die al aanwezig is in de vorm van de A58.
1.3 Grondeigendom speelt rol bij realisatie tracé In de uiteindelijke haalbaarheid voor aanleg van een van de tracévarianten speelt grondeigendom ook een rol. De gemeente Oisterwijk is voor een groot deel van de gronden waarover de mogelijke tracés liggen grondeigenaar. In het vervolgonderzoek hebben we daar dan ook specifiek aandacht voor.
2.1
Ruimtelijk onderzoek nodig voor verbinding tussen woonwijken
Voor een verbinding aan de noordoostzijde van Moergestel tussen Moergestel Noord en Oostelvoortjes II (Heiligenboom) is nog niet in beeld wat de ruimtelijke gevolgen zijn. Het is voorstelbaar dat tenminste waterberging en doorsnijding van natuur hier belangrijke aspecten zijn. Maar ook grondeigendom zal een rol spelen bij inpassing van een route omdat de gronden onder de hoogspanningslijn grotendeels in eigendom bij andere partijen zijn.
Samenwerking Inwonersparticipatie In het vervolgtraject zal ten eerste veel aandacht zijn voor contact en overleg met inwoners en ondernemers die langs of dichtbij een van de twee tracés wonen of werken. Zeker waar het inwoners van de wijk Heivelden betreft, gezien de ligging van tracévariant 1a, is regelmatige afstemming nodig. Dat is onderdeel van een vervolgopdracht, en we blijven vanuit de gemeente ook communiceren via bijvoorbeeld het platform OnsMoergestel.
Stakeholders In het proces van het haalbaarheidsonderzoek is op meerdere momenten contact geweest met provincie Noord-Brabant, Waterschap, Natuurmonumenten, Brabants Landschap, BTeam, ZLTO en Staatsbosbeheer. Ook in het vervolgproces blijven we daar aandacht voor houden, met regelmatig overlegmomenten met alle interne en externe betrokkenen. Zeker nu het gaat om specificering naar twee tracés in plaats van zes.
Financiën De voorziene onderzoekskosten voor vervolgonderzoek naar een mogelijk ontsluitingstracé, het verkennen van de mogelijkheden voor een verbinding voor langzaam verkeer over de hoogspanningslijn en het onderzoek naar alternatieve en handhavingsgerichte maatregelen bedragen €150.000. We voorzien €115.000 aan kosten voor een concrete uitwerking naar een schetsontwerp van tracévarianten 1a en 3c en €35.000 aan kosten voor onderzoek naar alternatieve en handhavingsgerichte maatregelen. In de begroting is geen rekening gehouden met deze kosten. Daarom vragen we aan uw raad om een voorbereidingskrediet beschikbaar te stellen van €150.000. Op basis van de uitkomsten van het onderzoek komen we later bij uw raad terug voor een uitvoeringskrediet. Het voorbereidingskrediet zal dan aan het uitvoeringskrediet worden toegevoegd.
Communicatie Rondom het haalbaarheidsonderzoek dat in 2025 is uitgevoerd is al een raamwerk voor communicatie opgebouwd. Er is contact met een groot aantal burgers, die via nieuwsbrieven en het platform OnsMoergestel op de hoogte worden gehouden van de ontwikkelingen. We hebben daarnaast contact met alle belangrijke ketenpartners, zoals Rijkswaterstaat, Waterschap en de provincie Noord-Brabant. In het proces van het vervolgonderzoek zal wederom aandacht zijn voor inwonersparticipatie.
Uitvoering en vervolg Voor het vervolgonderzoek naar twee mogelijke ontsluitingsroutes en een route over de hoogspanningslijn voor langzaam verkeer wordt wederom een externe partner gezocht met kennis van ruimtelijke ontwikkelingen. Het onderzoek wordt uitgevraagd in de markt via een aanbesteding. Dat onderzoek kan normaliter worden uitgevoerd in 2026, met een uitloop naar 2027. Aan de hand van de resultaten uit het vervolgonderzoek wordt dan aan uw raad voorgelegd welk tracé kan worden uitgevoerd. Op basis van een definitieve keuze kan dan normaliter in 2027 worden gestart met de wijziging van het omgevingsplan (voorheen: bestemmingsplanwijziging). Een MER-procedure zal daar naar alle waarschijnlijkheid onderdeel van zijn. In beeld brengen van alternatieve en handhavingsgerichte maatregelen zal ook door een externe partner worden gedaan. Resultaten daarvan kunnen we normaliter in Q3 2026 met uw raad delen.
Bijlagen 1. Aanvullende informatie; 2. Werkboek extra ontsluiting Moergestel (Sweco); 3. Rapport beoordeling varianten (Sweco); 4. Toelichting luchtkwaliteit (Sweco); 5. Rapport Archeologie (Sweco); 6. Rapport Bodem (Sweco); 7. Rapport Ecologie (Sweco); 8. Toelichting Geluid (Sweco); 9. Memo verkeersanalyse Oirschotseweg (Sweco); 10. Verkeerseffecten Moergestel verbreding A58 (Sweco); 11. Analyse modelstudie hoogspanningstracé (Sweco); 12. Resultaat analyse modelstudie variant 2 (Sweco); 13. Resultaat analyse modelstudie 3a (Sweco); 14. Vragen en antwoorden bewonersavond; 15. Reactie BMF en anderen extra ontsluiting; 16. Brandbrief ecologen.
Ter inzage gelegde stukken Niet van toepassing.
Oisterwijk 9 december 2025, Het college, de gemeentesecretaris,
de burgemeester
Judith Koppers-van der Krabben
Hans Janssen