Raadsvoorstel definitief Koersdocument Oostflank
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Onderwerp: Definitief Koersdocument Oostflank
Zaaknummer: 1021652
Raadsvergadering d.d. 27 juni 2024 Domein/Afdeling: Ruimte Voorstel Wij stellen u voor : 1. Het aangepaste Koersdocument Oostflank vast te stellen. Inleiding Het aangepaste concept Koersdocument Oostflank is in maart 2024 in beide gemeenteraden behandeld. Op 7 maart heeft de raad van gemeente Oisterwijk het Koersdocument Oostflank behandeld, hierbij zijn 1 motie en 8 amendementen aangenomen. In gemeente Tilburg is dit op 11 maart gebeurd, daarbij zijn 2 moties aangenomen. Op basis van deze moties zijn onder andere diverse gesprekken gevoerd met Treeport, ZLTO en de Duinboeren, onder leiding van onafhankelijk gespreksvoorzitter Pieter van Geel. Daarnaast is tussentijds ook extra overleg gevoerd met natuurmonumenten, Brabants landschap, Brabantse Milieufederatie én het biodiversiteitsteam Oisterwijk. Op basis van deze gesprekken, de aangenomen moties en amendementen is het Koersdocument opnieuw aangepast en ligt deze nu ter besluitvorming voor. In bijlage 1 is het koersdocument opgenomen inclusief een versie waarin de wijzigingen tussen de versie van januari 2024 en mei 2024 zichtbaar zijn bijgehouden. Ten opzichte van de behandeling van het concept Koersdocument op 11 maart jl. zijn in bijlagen 2 – 6 geen wijzigingen aangebracht.
(In bijlage 2 zijn de belangrijkste wijzigingen in het Koersdocument opgenomen tussen de eerdere versies van september 2023 en januari 2024.) In bijlage 7 is een overzicht weergegeven van de gesprekken met de agrarische en natuurpartijen en met coöperatie Biezenmortel, inclusief voorgestelde wijzigingen in het koersdocument op basis van deze gesprekken.
Argumenten 1.1 Het Koersdocument geeft richting aan de urgente maatschappelijke opgaven De gemeente Oisterwijk en Tilburg staan voor grote uitdagingen om alle urgenties in het gebied van de Oostflank, met het oog op een duurzame leefomgeving, aan te pakken. Het gaat om het gebied waarin Berkel-Enschot, Biezenmortel, Haaren, Heukelom, Moergestel, Oisterwijk en Udenhout zijn gelegen. De opgaven die spelen binnen de SRBT zijn als volgt: Meer brede welvaart verdeeld over stad en land Benutten van de kracht van het Brabantse mozaïek Slim motorblok van Noord-Brabant en Nederland Transitie naar duurzame warmte en energie en circulaire economie Woningbouw inzetten als hefboom Bereikbaar blijven De gemeente Oisterwijk en de gemeente Tilburg staan samen voor de uitdaging om op basis van de diverse maatschappelijke urgenties de koers te bepalen voor dit gebied. Zodat het gebied in 2040 toekomstbestendig is door de aanwezigheid van sterke natuur, vitale landbouw, passende mobiliteit, voldoende woningen en een sterke lokale economie. In het Koersdocument maken we keuzes voor grondgebruik en infrastructuur door te kijken wat randvoorwaarden zijn vanuit
natuur, water, bodem en cultuurhistorie (de lagenbenadering). Het Koersdocument is een integrale visie. In dit Koersdocument geven we richting aan drie urgente opgaven: 1. Transitie landelijk gebied; Het grondgebruik wordt in balans gebracht met wat het bodem- en watersysteem aan kan. Daardoor komen landbouw en natuur weer in evenwicht, waardoor er sprake is van een toekomstbestendige landbouw. 2. Transitie Mobiliteit; Een deel van het vervoer per auto verschuift naar OV vervoer of per fiets. 3. Transitie Wonen, werken en recreëren; Vanuit deze 2 transities geven we verder vorm aan de invulling van de dorpen door het toevoegen van woningen in verbinding met het landschap, het stimuleren van(nieuwe) economische functies in samenhang met de transities, boomteelt en natuurontwikkeling. We sluiten aan bij Van Gogh Nationaal park, voor en door het versterken van de kwaliteiten van het landschap. We zetten in op natuurbeleving en duurzaam toerisme. 1.2 Het Koersdocument stelt een koers voor gebaseerd op de lagenbenadering, waarbij de onderste laag bodem en water, sturend is voor de lagen erboven. We weten dat niet alles overal kan. Het Koersdocument is een ruimtelijk kader, welke richting geeft voor de leefbaarheid in de dorpen en het landelijk gebied ertussen. Wat ons hierbij helpt is een integrale aanpak volgens de lagenbenadering.
Hierbij is water en bodem sturend, waarbij we vanuit een brede blik alle ruimtelijke uitdagingen met elkaar verbinden. In dit Koersdocument geven wij richting aan de integrale gebiedsontwikkeling die nodig is om dit gebied op een kwalitatieve manier te ontwikkelen. Dit willen we samen met het gebied oppakken. Zodat we zo goed mogelijk voorzien in de behoeften van de samenleving op deze plek, maar ook maatwerk kunnen leveren. Op basis van het Koersdocument Oostflank worden toekomstige projecten, (omgevings)plannen en programma’s voor onder andere betaalbare woningbouw met voorzieningen, natuurontwikkeling en transitie van de landbouw verder uitgewerkt. De belangrijkste uitgangspunten uit het Koersdocument zijn de volgende: We passen de lagenbenadering toe, waarbij de onderste laag randvoorwaarden stelt aan de bovenliggende lagen. Op basis van de lagenbenadering formuleren we heldere ontwikkelprincipes. We zetten in op natuur- en landschapsontwikkeling en het verbinden van de natuurgebieden. Dit willen we doen middels inzet van robuuste landschapsstructuren en bos. In totaal verwachten we daarmee ca. 400 ha nieuwe natuur te realiseren, waarvan ca. 200 ha bos en ca. 20 strekkende km houtwallen en singels en ca. 20 strekkende km lanen (allemaal onderdeel van deze 400 ha nieuwe natuur) (aangepast versie mei ‘24).
We zetten maximaal in op de mobiliteitstransitie door te kiezen voor versterking van het OV- en fietsnetwerk, het zoveel mogelijk ‘verluwen’ van het autoverkeer in de dorpskernen en houden de bereikbaarheid op orde. We realiseren maximaal 4.000-5.000 woningen in de Oostflank tot 2040, waarvan de helft t/m 2030. We sluiten aan bij de SRBT-woondeal, waarin we hebben afgesproken om minimaal 70% van de woningbouwprogrammering in de Oostflank als geheel in te zetten voor betaalbare woningen: Concreet: 30% sociale huurwoningen en 40% middenhuur en/of betaalbare koopwoningen (€390.000, betaalbaarheidsgrens 2024). Beiden gemeenten houden zich hiernaast uiteraard tevens minimaal aan hun eigen beleid. We kiezen eerst voor passende inbreiding en transformatie van bestaande bebouwing dan voor uitbreiding en zetten vol in op de versterking van de dorpskernen. Buiten de dorpskernen faciliteren we nieuwe economische functies in samenhang met de landbouwtransitie, boomteelt en natuurontwikkeling. We laten de dorpen niet aan elkaar groeien en passen woningbouw in op basis van de lagenbenadering. Nieuwe woningbouwontwikkelingen gaan een verbinding aan met het landschap. Mede hierdoor ontstaan nieuwe woonmilieus. Vanuit het bebouwd en stedelijk gebied leveren we een bijdrage aan natuur en biodiversiteit.
We sluiten aan bij door beide gemeentes vastgesteld beleid en ambities op het gebied van duurzaam bouwen (o.a. natuurinclusief bouwen, energieneutraal,
klimaatadaptief en waterzuinig bouwen, waar mogelijk ecologisch beheer van parken en bermen, waterberging en soortenbescherming).(toegevoegd versie mei ‘24) 1.3 Het Koersdocument is tot stand gekomen na uitgebreide participatie In het voortraject, bij de totstandkoming van het concept Koersdocument is met stakeholders gesproken. Na vrijgave van het concept Koersdocument zijn nog diverse bijeenkomsten geweest waarin het concept Koersdocument is gepresenteerd aan inwoners, bedrijven, dorps, buurt- en wijkraden en diverse belangengroepen. Bij de informatiebijeenkomsten voor inwoners in Oisterwijk is door middel van informatiepanelen het concept Koersdocument gepresenteerd en was het mogelijk om individueel in gesprek te gaan over het Koersdocument. Ook was het mogelijk om ter plekke reactieformulieren in te vullen. In bijlage 3 zijn de verslagen en sfeerimpressies van de bijeenkomsten opgenomen. Ook was het mogelijk een reactieformulier op de websites van beide gemeentes in te vullen, of de reactie te mailen. Tevens zijn per post nog reacties ontvangen. Deze reacties zijn verzameld en opgenomen in één groot overzicht, inclusief bijlagen. In totaal zijn er ca. 300 reacties binnengekomen. De reacties hebben we op verschillende wijzen gegroepeerd. Te weten: Een overzicht met een korte samenvatting van alle inhoudelijke reacties. Zie bijlage 4.
De reacties welke te lang zijn voor een samenvatting in het totale overzicht zijn opgenomen in een aparte bijlage. Zie bijlage 4a. Inhoudelijke reacties die vergelijkbaar zijn hebben we per onderwerp gegroepeerd. In dit overzicht is ook een reactie gegeven, en is te zien of de reactie heeft geleid tot verwerking in het Koersdocument. Zie bijlage 5. Reacties welke we hebben ontvangen van de georganiseerde partijen zoals dorps – en wijkraden, andere overheden, woningcorporaties en andere belangengroepen en organisatie zijn verzameld. De reacties inclusief de beantwoording zijn opgenomen in bijlage 6. Op basis van de reacties is het Koersdocument op onderdelen aangepast. In bijlage 2 zijn de belangrijkste wijzigingen in het Koersdocument opgenomen tussen de versie van september 2023 en januari 2024 (betreft versie Koersdocument welke is voorgelegd op 7 maart jl. aan gemeenteraad Oisterwijk en 11 maart jl. aan gemeenteraad Tilburg). Ten opzichte van de behandeling van het concept Koersdocument op 7 maart jl. zijn in bijlagen 2 – 6 geen wijzigingen aangebracht.
1.4 Het aangepaste koersdocument geeft invulling aan het aangenomen amendement van PGB en CDA (amendement 9) in Oisterwijk, en de aangenomen motie van de VVD in Tilburg Amendement PGB/CDA Oisterwijk: De komende tijd (nogmaals) in gesprek te gaan met een vertegenwoordiging van de landbouw / boomteelt om de verschillen van inzicht aangaande het koersdocument scherp in beeld te brengen en het gesprek hierover met elkaar te voeren, zodat het koersdocument hierop zo nodig kan worden bijgesteld; De raad te informeren over de uitkomsten hiervan voordat het koersdocument ter definitieve besluitvorming wordt aangeboden, zodat zij dit kan meenemen in haar afwegingen. Motie VVD Tilburg: Om zich sterk in te zetten om het vertrouwen te herstellen met Treeport, ZLTO, Duinboeren en Coöperatie Biezenmortel door opnieuw met hen in gesprek te gaan. Daarbij stil te staan bij het proces tot op heden om lessen te trekken. Samen met bovengenoemde partijen een inventarisatie te maken van kansen, bedenkingen en knelpunten. Deze in samenspraak en vervolgens gelijktijdig met de behandeling van het definitieve koersdocument aan te bieden aan de raad Concrete oplossingen en tekstvoorstellen aan te bieden aan de raad begin mei 2024, en daarin duidelijk onderbouwen welke keuzes er zijn gemaakt
-
-
Zoeken naar de beste balans tussen woningbouw, landbouw, boomteelt en natuur, én meer duidelijkheid bieden door de verdeling van ruimte duidelijker te vermelden in het eindvoorstel Verduidelijking van definities die gebruikt worden in het koersdocument door het toevoegen van een begrippenlijst aan het einde van het document. Een economische effectparagraaf en een financiële paragraaf toe te voegen aan het uiteindelijke Koersdocument Oostflank.
We hebben als volgt invulling gegeven aan deze motie en dit amendement: We hebben de afgelopen periode drie uitgebreide sessies gehad met Treeport, ZLTO en de Duinboeren en tussentijds één sessie met Natuurmonumenten, Brabants Landschap, Brabantse Milieufederatie en het Biodiversiteitsteam Oisterwijk onder leiding van onafhankelijk gespreksleider Pieter van Geel. Dit is o.a. georganiseerd conform het tweede dictum van de motie van de VVD Tilburg. Zie bijlage 7.1 voor het plan van aanpak en de verslaglegging van deze sessies waarbinnen een overzicht wordt gegeven van de kansen en bedreigingen.. Op basis van de besprekingen is tevens een notitie gemaakt die ook terug te vinden is in deze bijlage, 7.6. Hierin zijn de voorgestelde wijzigingen inclusief toelichting opgenomen. Zowel Treeport en ZLTO als de natuurorganisaties hebben hier op gereageerd. Deze reacties vindt u ook bijlage 7.7,7.8,7.9. Pieter van Geel heeft vervolgens nog een reflectie gegeven op het proces. Dit vindt u in bijlage 7.10. De belangrijkste wijzigingen naar aanleiding van deze besprekingen zijn als volgt: o Thema: Status en haalbaarheid koersdocument ▪ Toelichting m.b.t. de doorvertaling van het plan in beleidsdocumenten van andere overheden ▪ Definitie van koers en koersdocument. ▪ Toelichting m.b.t. de gekozen grenzen van het plangebied.
▪ Verwijzing naar Versailles van het Noorden van ZLTO/Treeport Midden Brabant en de gebiedsplannen van de Duinboeren. ▪ Toevoeging van een tabel met de verwachtte kosten op hoofdlijnen voor de belangrijkste thema’s en welke partners betrokken gaan worden om dat onderdeel haalbaar te maken én daarbij opgenomen dat als iets conform de Koers wordt uitgewerkt maar er blijkt geen enkel zicht te zijn op budgetten en/of een realistisch verdienmodel en/of er ontstaat geen zicht op maatregelen om onevenredige economische schade (bij uitwerking van de deelontwikkelingen) te ondervangen dan zullen de consequenties ervan voor de Koers in beeld gebracht worden. Waar nodig zullen alsdan ambities worden bijgesteld. o Thema: Verstedelijking ▪ Onder de tabel met hectares in het koersdocument is opgenomen dat er op dit moment in het plan geen grootschalige natuurcompensatie in formele juridische zin voorzien is voor de ontwikkelingen. o Thema: Water ▪ De koers m.b.t. water en bodem sturend is beter uitgelegd en daaraan toegevoegd dat er met belanghebbenden wordt gekeken hoe de watertransitie gemaakt kan worden en bijvoorbeeld ook met mogelijke innovatieve oplossingen. ▪ M.b.t. de grondwaterpeilen wordt nu nadrukkelijk verwezen naar het grondwaterconvenant 2021-2027 waar afspraken zijn gemaakt over het grondwater.
▪ Op basis van informatie en kaartbeelden van het waterschap is nu een onderscheid gemaakt tussen beekdalen (De nieuwe Leij/Voorste Stroom en de Reusel/Achterste Stroom) waar de Kaderrichtlijn Water (KRW) voor geldt en beekdalvormige laagtes: De Roomleij, Koolvenseloop en de Ruijsbosche waterloop waar geen KRW geldt maar waar
o
o
inrichtingsmaatregelen nodig zijn en de Raamse Loop waar geen inrichtingsmaatregelen nodig zijn. ▪ De rol van de stad bij de waterkwaliteit is in de tekst in het koersdocument nadrukkelijker beschreven. Thema: Natuur en landbouw ▪ De achterliggende doelen achter het begrip natuurinclusief zijn nadrukkelijk opgenomen in het koersdocument en tevens is aangegeven dat de definitie geen vastomlijnd eisenpakket kent. We kijken met elkaar in de gebiedsprocessen gebiedsgewijs wat nodig is, haalbaar is en hoe we daar gezamenlijk naar toe kunnen. Voorbeelden als agroforrestry, kweekbossen, voedselbossen zijn geschrapt. ▪ Voor wat betreft de overgangszone rondom de natura 2000 gebieden en in beekdalen varen we op de koers die de provincie hierin zal kiezen, we gaan daarbij voor dit moment uit van een zone van in beginsel gemiddeld 500 meter. Waarbij de doelen voorop staan en niet de omvang van de zone. We hanteren dus geen minimaal 500m zone, maar een ca. 500m zone. ▪ De tabel met de hectares is aangepast en onder de tabel is een nadere toelichting opgenomen. Het plangebied bleek bij narekening niet 7.200ha te zijn maar 6.300ha. De hectares natuur en landbouw zijn daarmee ook afgenomen en e.e.a. is afgerond op 100ha. ▪ De ambitie voor ca. 500 ha natuur is in ongeveer dezelfde verhouding ook afgeschaald naar ca. 400 ha.
▪ We hebben nu ook nadrukkelijker opgenomen dat we zoeken naar het deels verweven van natuurinclusieve boomteelt en natuur/bos. De omvang hiervan kan nu nog niet worden vastgesteld. Allereerst willen we op korte termijn gezamenlijk met boomtelers en natuur- en milieu organisaties een stevige pilot opzetten. Een monitoringsprogramma op bijdrage aan biodiversiteit en watermanagement hoort daarbij. Bij gebleken succes kan deze integratie van natuur/bos en natuurinclusieve boomteelt wellicht geleidelijk worden opgeschaald tot een omvang van ca 50-100 hectare binnen de genoemde 400ha nieuwe natuur en landschapsontwikkeling. ▪ We hebben tevens nadrukkelijker opgenomen dat natuurinclusiviteit ook van toepassing is voor bebouwd en stedelijk gebied. Samenwerking vervolg – gebiedsprocessen: Er is beter omschreven hoe we samenwerking met de diverse partijen in het vervolg zien.
In bijlage 7.10 heeft onafhankelijk gespreksleider Pieter van Geel in een brief zijn reflectie gegeven op het doorlopen proces. Een aantal passages uit deze brief: “Ik denk dat een aantal afspraken in de overleggen en de aanpassingen in het Koersdocument ruimte hebben gecreëerd om elkaar tegemoet te komen” “Mijn waarneming is dat – ik zou bijna zeggen uiteraard – niet alles naar ieders tevredenheid zal zijn aangepast. Zo blijft er nog discussie over het precieze aantal hectares voor de onderscheiden functies in het gebied, over uitbreiding van het areaal boomteelt en de onderbouwing van het aantal hectare nieuw te realiseren natuur.” (Zie ook de reactie van deze partijen in bijlagen 7.6,7.7, 7.8 en 7.9) “Aan de andere kant is uit de gesprekken met de Natuur en Milieuorganisaties af te leiden dat deze zich zorgen maken over het verdwijnen van de ambities op dit terrein. Mijn persoonlijke inschatting is dat als iedereen de ogen op de bal houdt en zich dus op de inhoud richt, alle betrokkenen in het gebied een heel eind met elkaar kunnen komen. Betrokkenheid bij de uitwerking op gebiedsgericht niveau is daarbij in mijn ogen een belangrijke voorwaarde en dus sleutel voor succes. Nog belangrijker wellicht; open staan voor elkaars ideeën.
Een mooi voorbeeld vind ik de afspraak om te bezien in hoeverre door middel van een experiment boomteelt van de toekomst ook natuurinclusief kan zijn.
Last but not least; het waren stevige inhoudelijke discussies, goed voorbereid en in een goede sfeer.” Hoewel we zowel met de landbouworganisaties, als de natuur- en milieuorganisaties goede gesprekken hebben gevoerd en op een heel aantal thema’s een eind tot elkaar zijn gekomen, heeft het niet geleid tot volledige overeenstemming .De reacties van deze organisaties op deze aanpassingen (en met name de notitie) is te vinden in bijlage 7.6, 7.7 en 7.8. Door de Gemeente Tilburg is separaat zowel ambtelijk als bestuurlijk overleg gevoerd met Coöperatie Biezenmortel op basis van de door de coöperatie voorgestelde aanpassingen hoofdstuk landbouw. Dit heeft geleid tot enkele aanpassingen, zie bijlage 7.11. Het gaat om de volgende aanpassingen op hoofdlijnen: o Landbouw: ▪ Het economisch belang van de bedrijven in het buitengebied voor de leefbaarheid van de dorpen is nog een keer extra benadrukt. ▪ Het belang van de veehouderij als hoeder van het landschap is beter omschreven. ▪ De omschrijving van de VAB mogelijkheden is iets aangepast. ▪ Er is een passage toegevoegd dat we als gemeenten met ondernemers mee willen denken om innovatie mogelijk te maken. o Passage hoofdstuk Biezenmortel: op basis van de input van de dorp coöperatie en motie 50 plus is een passage toegevoegd bij het hoofdstuk over Biezenmortel. Zie argument 1.5.
Tot slot is op basis van de motie een korte, niet limitatieve begrippenlijst toegevoegd aan het einde van het koersdocument. 1.5 Het aangepaste koersdocument geeft invulling aan het aangenomen amendement van CDA/VVD/FvB/D66 (amendement 1) in Oisterwijk Bij paragraaf Inleiding en uitgangspunten is een alinea toegevoegd met de volgende tekst: “Zowel de gemeenteraad in Tilburg als de gemeenteraad in Oisterwijk hebben zelf lokale visies opgesteld, zoals de Woonzorgvisie Oisterwijk, de Visie Buitengebied Oisterwijk, de Visie Toerisme en Recreatie, de Stedelijke ontwikkelingsstrategie Wonen Tilburg en Landschapspark Pauwels Tilburg. Ook wordt momenteel nog gewerkt aan een aantal andere lokale visies, zoals de Economische Visie Oisterwijk. Zowel in de uitwerking van het Koersdocument, als in de toetsing van toekomstige besluiten, zoals omgevingsplannen (amendement was: bestemmingsplannen), zijn de lokale visies altijd leidend.”. 1.6 Het aangepaste koersdocument geeft invulling aan de aangenomen amendementen van CDA/PRO/FvB/VVD (amendement 2) en PGB/D66 (amendement 10) in Oisterwijk Bij de koers per kern, 5.1 Oisterwijk is de onderstaande tekst gewijzigd. - De gehele laatste alinea op pagina 76 is gewijzigd in: “Binnen deze zoeklokatie is geen ruimte voor woningbouw voor Ruimte voor Ruimte titels. Hiertoe wordt gekeken naar mogelijkheden elders in Oisterwijk.
Bij de kwalitatieve uitwerking van Pannenschuur VI wordt samengewerkt met de buurtraad Heukelom, de buren van Pannenschuur VI en andere betrokkenen.” Én dat er eerst burgerparticipatie moet plaatsvinden voordat een plan wordt voorgelegd aan de raad. -De kaart op pagina 83 is zo aangepast, dat het westelijk gebied van Pannenschuur VI richting Heukelom onbebouwd blijft. 1.7 Het aangepaste koersdocument geeft invulling aan het aangenomen amendement van PRO/CDA/D66 (amendement 6) in Oisterwijk Op pagina 76 in paragraaf “Bedrijfsweg Oisterwijk” is de zin “De Bedrijfsweg (ca. 4-6 ha) is de voornaamste ontwikkellocatie voor uitbreiding van bedrijventerreinen in Oisterwijk” gewijzigd in “De Bedrijfsweg (ca. 4-6 ha) wordt voor mogelijke uitbreiding van bedrijventerreinen in Oisterwijk onderzocht.”
1.8 Het aangepaste koersdocument geeft invulling aan het aangenomen amendement van PGB (amendement 8) in Oisterwijk Er wordt een onderzoek uitgevoerd wat leidt tot een integraal plan voor bedrijventerrein in de gemeente Oisterwijk, waarbij de inbreng van belanghebbenden wordt meegenomen. De 3 genoemde locaties in het Koersdocument Oostflank, de Bedrijfsweg in Oisterwijk, Sonman II in Moergestel en de locatie ten noorden van bedrijfspark Laarakkers en Kerkhoven in Oisterwijk worden hierin meegenomen. Dit is opgenomen op pag. 62, 82 en 98 van het Koersdocument Oostflank. Een besluit over nieuwe bedrijventerreinen is afhankelijk van dit onderzoek. Er vinden daarom nu nog geen onomkeerbare besluiten plaats over nieuwe bedrijventerreinen. 1.9 Het aangepaste koersdocument geeft invulling aan de aangenomen motie van 50Plus in Tilburg De motie vroeg om een passage op te nemen in Hoofdstuk Biezenmortel: “Biezenmortel heeft een stevige woningbouwopgave om de leefbaarheid op peil te houden. De identiteit van Biezenmortel behouden is de belangrijkste opgave ten aanzien van de groei die Biezenmortel door gaat maken. Een gestage maar gefaseerde toevoeging van woningen heeft tot doel om de eigen inwoners en woningzoekenden met binding met Biezenmortel de optimale kans te geven om de woningen te betrekken.
De gefaseerde toevoeging van woningen dient verder om nieuwe Biezenmortelnaren voldoende en kansrijk te laten integreren.” De laatste zin is vervangen door een passage die de lading beter dekt: “en onderdeel te worden van de lokale samenleving. Immers onderzoek van het Sociaal en Cultureel planbureau toont aan dat actieve deelname aan het dorp vordert met de jaren dat men in een dorp/wijk woont. Een van de ambities uit het dorpsakkoord is ook: “De realisatie van nieuwe woningen met als uiteindelijk doel dat een volledige wooncarrière in het dorp doorlopen kan worden en een verbeterd voorzieningenniveau duurzaam in stand blijft.” De eerste 300 woningen tot 2030 zijn bedoeld als inhaalslag van de afgelopen jaren en passen tevens binnen de gemaakte regionale afspraken. Om vervolgens het voorzieningenniveau op peil te houden gaan we na 2030 vooralsnog uit van een toevoeging van ca. 30 woningen per jaar tot 2040. Toevoeging van dit aantal woningen vraagt om een nadere onderbouwing vanuit goede ruimtelijke ordening en zal bij de uitwerking ook verder regionaal en provinciaal afgestemd worden.” 1.10 Amendementen en motie meegenomen in verdere uitwerking van het Koersdocument, welke niet specifiek geleid hebben tot aanpassingen: Het amendement van VVD/CDA (amendement 7) waarin werd gevraagd om de tijd tot aan 30 mei a.s.
te gebruiken om aan de voorkant maximale participatie met stakeholders toe te passen om zodoende vóór vaststelling van het koersdocument een gedragen input t.b.v. dat koersdocument van hen te krijgen is uitgevoerd. De behandeling van het aangepaste Koersdocument Oostflank is met één maand uitgesteld om zo te komen tot maximale participatie. Naast de drie uitgebreide sessies met Treeport, ZLTO en de Duinboeren en tussentijds één sessie met Natuurmonumenten, Brabants Landschap, Brabantse Milieufederatie en het Biodiversiteitsteam Oisterwijk hebben er ook nog diverse (telefonische) contacten plaatsgevonden met overige belanghebbenden. Daarnaast vindt er op 27 mei een bijeenkomst ‘Bedrijvigheid Koersdocument’ plaats betreffende de integrale aanpak rondom bedrijventerreinen met direct belanghebbenden (zie onderstaand). Het amendement van D66/CDA/FvB/PGB/VVD (amendement 11) waarin werd gevraagd ervoor te zorgen dat de vertegenwoordiging van Treeport Midden Brabant in de GGA verzekerd is, is uitgevoerd. In beide GGA’s (LLD en Kampina) is de vraag geagendeerd of Treeport ook daar aan kan aansluiten. De afspraak ligt er dat op GGA-niveau de samenwerking zal worden geïntensiveerd. De motie van PvB/CDA( Motie 1) waarin werd gevraag om op korte termijn een voorstel te ontwikkelen voor een integrale aanpak rondom de bedrijventerreinen van de gemeente Oisterwijk is in uitvoering.
Op 27 mei vindt er een bijeenkomst ‘Bedrijvigheid Koersdocument’ plaats met direct belanghebbenden. De bijeenkomst is bedoeld als startmoment van het proces om samen met belanghebbenden te komen tot een
integraal plan. Maar ook als terugblik op het gelopen proces m.b.t. het Koersdocument Oostflank en een vooruitblik op de aanpak rondom de bedrijventerreinen gemeente Oisterwijk Vanuit hier wordt er gestart met het uitschrijven van een onderzoeksvraag en deze uit te zetten in de markt. 1.11 In het koersdocument zijn, naast de verwerking van bovenstaande moties en amendementen nog enkele andere wijzigingen doorgevoerd ter verduidelijking: Op elke kaart is een watermerk gezet: “Deze kaart is illustratief en doet geen uitspraak over exacte percelen.” Vanwege de aanhoudende vragen over precies invulling van percelen. De toezegging 356 (gemeente Oisterwijk) is daarmee afgedaan. Legenda’s: Op basis van alle aanpassingen in de teksten en kaarten zijn ook de legenda’s aangepast. Daarbij zijn tevens (om fouten in dubbelingen/herhalingen te voorkomen) toelichtingen bij legenda’s weggehaald. BPG Vereniging landelijk Brabant is opgenomen als partij om ook in de toekomst te betrekken bij de verschillende processen en projecten. Dit naar aanleiding van de brief van BPG aan beide raden en het gesprek dat met BPG heeft plaatsgevonden. Kanttekeningen 1.1 Participatie betekent niet dat alle wensen meegenomen worden. We weten dat niet alles overal kan. Daarom hebben we ons verdiept in de kwaliteiten en kansen van dit gebied.
Het ontwikkelen van een toekomstbestendig gebied kunnen we ook niet alleen. De opgaven zijn complex, ontwikkelingen raken veel betrokkenen en de belangen zijn soms tegenstrijdig. Tijdens het participatietraject konden belanghebbenden hun wensen, ideeën, ambities en kritische kanttekeningen inbrengen. In het Koersdocument Oostflank bepalen we onze gezamenlijke koers, maar stellen we ook prioriteiten en maken we keuzes. Wat ons hierbij helpt is een integrale aanpak. Financiën Zoals ook te lezen is in de alinea uitvoering gaan we ervanuit dat voor de uitvoering van het Koersdocument Oostflank o.a. middelen vanuit het Rijk, provincie, en diverse subsidies beschikbaar worden gesteld. Voor de uitvoering van het Koersdocument Oostflank zoals opgenomen in de ‘stap naar uitvoering’ is binnen de gemeente Oisterwijk capaciteit en budget beschikbaar vanuit het versnellingsteam. Indien er voor de uitwerking van specifieke onderdelen van projecten nog aanvullend budget noodzakelijk is (voor bijvoorbeeld advisering) wordt dit voorgelegd via de reguliere P&C cyclus. De ontwikkeling van de sleutelprojecten m.b.t. de woonopgave is deels belegd bij projectleiders, capaciteit is hierin voorzien. Ook ondersteuning vanuit de versnellingstafel kan ingezet worden. Communicatie Belanghebbenden en stakeholders worden geïnformeerd over de vaststelling van het Koersdocument Oostflank.
De vastgestelde documenten worden op www.oisterwijk.nl/oostflank geplaatst. Na vaststelling van het Koersdocument Oostflank wordt de gemeenteraad van Oisterwijk 1x per kwartaal geïnformeerd over de voorgang van de uitvoering van het Koersdocument Oostflank. Uitvoering Het aangepaste Koersdocument bevat een paragraaf ‘stap naar uitvoering’. Samengevat komt dit neer op het volgende. Vanuit het Koersdocument worden er de komende jaren vele deelprojecten gedefinieerd. Deze deelprojecten hangen met elkaar samen en zijn soms ook randvoorwaardelijk voor elkaar. De projecten brengen het gebied in transitie. Maatregelen op gebied van mobiliteit, natuur en landschap zullen in de tijd zo goed mogelijk worden afgestemd op realisatie van de diverse woningbouwopgaven. In de komende jaren worden de deelprojecten nader gespecificeerd en worden de randvoorwaarden en afhankelijkheden steeds duidelijker in beeld gebracht.
De aanpak naar uitvoering is uitgewerkt voor drie verschillende transitielijnen. Hiervoor geldt het volgende: 1. Landelijk gebied: binnen deze transitielijn worden 6 deelgebieden onderscheiden, waar Tilburg & Oisterwijk ofwel samen aan werken of waar elke gemeente afzonderlijk aan kan werken. Binnen deze deelgebieden wordt samengewerkt met diverse partners. Waar dit een GGA opgaven is zal nadrukkelijk de samenwerking met onze inwoners en de huidige partijen in de GGA processen worden gezocht. Sommige partners zijn bij alle deelgebieden betrokken, sommige partners enkel in specifieke deelgebieden. Middelen: Voor transitie van het landelijk gebied zal waar nodig ten aanzien van middelen met name worden ingezet op middelen vanuit het Rijk (Nationaal Programma Landelijk Gebied), de provincie (Brabants Programma Landelijk Gebied, Bossenstrategie), de GGA’s en de waterschappen. 2. Mobiliteit: de projecten in deze transitielijn zijn altijd via een spinnenwebstructuur op een of andere manier met elkaar verbonden. Daarom wordt dit teruggekoppeld via een integraal mobiliteitsoverleg tussen beide gemeenten. Daarnaast wordt binnen de verschillende deelprojecten samengewerkt met specifieke partners, waaronder andere gemeentes en provincie (N65).
Middelen: Voor de diverse transities op het gebied van mobiliteit zullen middelen bij diverse betrokken partijen worden opgehaald of gekoppeld zijn aan (woningbouw) ontwikkelingen. 3. Wonen en werken: de projecten in deze transitielijn kunnen, binnen de kaders gesteld in het Koersdocument, per gemeente individueel uitgewerkt worden. Uiteraard vindt in het bestuurlijk overleg terugkoppeling plaats van de status van de projecten. Middelen: Voor de deelprojecten op het gebied van wonen zal voor middelen met name gekeken worden naar de desbetreffende ontwikkelaars en woningbouwcorporaties en waar mogelijk worden eventuele subsidies aangetrokken, zoals de Woningbouwimpuls (WBI) en eventuele andere Rijkssubsidies. Er zijn enkele top-thema’s gedefinieerd die voor de uitvoering geen grenzen kennen/over grenzen heengaan en daarmee in alle deelgebieden en deelprojecten een rol krijgen: water, natuur- & biodiversiteit, cultuurhistorie en recreatie. Daar waar voor deze items overkoepelend afstemming wordt gevraagd zullen we dit uiteraard zoeken. Circa 2-3x per jaar zal er een bestuurlijk overleg plaatsvinden tussen de twee gemeentes. Bestuurlijk wordt hierbij afstemming gezocht met de Groenblauwe GGA gebieden Kampina en Loonse Drunense Duinen (welke gaat over de groenblauwe opgaven in en om deze natuurgebieden ) en de wijk-en buurtraden.
De GGA’s leveren op hun beurt operationeel input aan de opgaven voor het landelijk gebied in deze integrale gebiedsontwikkeling Oostflank. Wijk- en buurtraden en mogelijke bewonersgroepen leveren met name operationeel input aan de opgaven op het gebied van mobiliteit, wonen en werken met aandacht voor de maatschappelijke voorzieningen. Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
a. Koersdocument Oostflank mei 2024 _schone versie b. Koersdocument Oostflank mei 2024 _versie met wijzigingen bijgehouden Overzicht belangrijkste wijzigingen koersdocument (tussen versie sept ’23 en januari ’24) (versie voorgelegd in de gemeenteraden op 7 en 11 maart) Verslagen bijeenkomsten Lijst met alle reacties a. Bijlage bij bijlage 4 lijst met alle reacties Samengevatte lijst met belangrijkste reacties Reacties professionals incl. reactie op deze reacties Aanvullend participatieproces agrarische- en natuurpartijen
Ter inzage gelegde stukken n.v.t.
Oisterwijk 21 mei 2024, Het college, de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
Marco Wilke
Hans Janssen
Raadsbesluit Voorstel tot het vaststellen van het aangepaste Koersdocument Oostflank
De raad van de gemeente Oisterwijk, gelezen het voorstel van het college d.d. 21 mei 2024, domein/afdeling Fysieke Leefomgeving;
gelet op het doorlopen proces om te komen tot een aangepast Koersdocument Oostflank besluit : Het aangepaste Koersdocument Oostflank vast te stellen. Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Oisterwijk op 27 juni 2024 de griffier,
de voorzitter,
Daniëlle Robijns
Hans Janssen