CConstaterende datOisterwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota van zienswijzen

RAAD 11 december 2025, gemeente OisterwijkBij agendapunt: Bestemmingsplan verplaatsing De Reebok - aangenomen14.292 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[32]

Indiener vraagt zich af in hoeverre het ontwerpbestemmingsplan voorziet in voldoende toevoeging van maatschappelijke waarde als bedoeld in de visie. Indiener is van mening dat onvoldoende is uitgesloten dat permanente bewoning van het park kan plaatsvinden. Beantwoording gemeente De opzet van het nieuwe recreatiepark heeft tot gevolg dat er een jaarronde exploitatie mogelijk is. Vanwege deze jaarronde exploitatie leidt juist tot een spreiding van bezoekers. Een recreatiepark met standplaatsen voor tenten en caravans heeft juist een concentratie in de zomermaanden, met uitlopers in het voor- en najaar. Een jaarrond functionerend recreatiepark kan daardoor af met een kleiner aantal recreatieeenheden om eenzelfde aantal bezoekers te kunnen ontvangen in een kalenderjaar. De maatschappelijke bijdrage is tweeledig. Enerzijds is er de uitplaatsing van Camping De Reebok vanuit het Natura 2000-gebied. Hierdoor ontstaat er een betere ecologische verbinding tussen beide delen van het Natura 2000-gebied. Daarnaast is er de maatschappelijke bijdrage op de locatie zelf. Die wordt gevormd door de aanzienlijke omvang nieuw groen met voedselbos op het nieuwe recreatiepark. Permanente bewoning is uitgesloten in artikel 6.4.1 van de planregels. Besluit Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.

14.14 Indiener is van mening dat eerst de bestaande mobiliteitsknelpunten moeten zijn opgelost, voordat ingestemd kan worden met het plan dat leidt tot een verkeerstoename. Beantwoording gemeente De gemeente onderkent dat belasting die toerisme en recreatie op bepaalde momenten geven op het buitengebied. Zoals onder 13.9 al is aangegeven, werkt de gemeente aan een instrument om de draagkracht van het gebied te kunnen analyseren, om – indien nodig – gerichte maatregelen te kunnen nemen. Besluit Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. 14.15 Indiener is van mening dat diens belangen onvoldoende zijn afgewogen ten opzichte van de ontwikkeling die mogelijk wordt gemaakt in het ontwerpbestemmingsplan. Beantwoording gemeente Er heeft geen specifiek onderzoek plaatsgevonden naar de effecten van de ontwikkeling op Landgoed Rozephoeve. Desondanks kan worden gesteld dat er voldoende aandacht is geweest voor de belangen van indiener. Uit beoordeling van de recreatiedruk,

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[33]

verkeerseffecten en milieuafstanden zijn geen belemmeringen gevolgd voor de omgeving en daarmee ook niet voor Landgoed Rozephoeve. Besluit Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. 14.16 Indiener is van mening dat de gemeente in strijd met haar eigen Visie Toerisme & Recreatie handelt als het ontwerpbestemmingsplan wordt vastgesteld. Beantwoording gemeente Wij delen de mening van indiener niet. De verschillende aspecten en perspectieven in overweging nemende, zal het bestemmingsplan ter gewijzigde vaststelling aan de gemeenteraad worden aangeboden. Besluit Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. 14.17 Indiener merkt op dat het agrarische bedrijfslocatie onderdeel is van Landgoed Rozephoeve. Indiener merkt op dat de richtafstand van het agrarische bedrijf is gehalveerd van 100 meter naar 50 meter. Indiener is van mening dat daarmee sprake is van beperking van het agrarisch bedrijf. Beantwoording gemeente Vertrekpunt bij de beoordeling van de effecten van (agrarische) bedrijven op milieugevoelige objecten is de VNG-handreiking “Bedrijven en milieuzonering”. Daarin zijn richtafstanden opgenomen voor de aspecten geur, geluid, gevaar en stof.

De richtafstand voor geur is gebaseerd op de afstand genoemd in artikel 4 van de Wet geurhinder en veehouderij tussen veehouderijen zonder een diercategorie waarvoor niet bij ministeriële regeling een geuremissiefactor is vastgesteld, tot geurgevoelige objecten binnen de bebouwde kom. In hetzelfde artikel is de afstand tot geurgevoelige objecten buiten de bebouwde kom opgenomen: 50 meter. De halvering van de richtafstand is daarom geen beperking van de agrarische bedrijfsvoering. Besluit Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. 14.18 Indiener merkt op dat er een verouderd onderzoek ten grondslag ligt aan de beoordeling van het agrarisch bedrijf. Beantwoording gemeente Het onderzoek uit 2017 is nog steeds actueel. Hoewel is sinds het uitvoeren van het onderzoek nieuwe vergunningen kunnen zijn verleend aan de beoordeelde bedrijven, is het aantal dieren niet van invloed op de vaste afstand van deze veehouderijen. De richtafstand van het bedrijf Oirschotsebaan 21 blijft onveranderd 50 meter. De voorgenomen ontwikkeling vormt geen belemmering voor de veehouderij.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[34]

Besluit Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.

Zienswijze 15 – Provincie Noord-Brabant 15.1 De provincie meldt dat het bestemmingsplan niet formeel is aangemeld in het kader van het vooroverleg. Beantwoording gemeente Op 16 augustus 2022 is het bestemmingsplan via de provinciale website – en derhalve op correcte en formele wijze – aangeboden voor beoordeling. In haar brief van 31 oktober 2022 reageert de provincie op dit voorontwerp-bestemmingsplan. Besluit Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. 15.2 De provincie geeft aan positief te staan tegen het voornemen het reactiepark De Reebok op te heffen, waarbij een belangrijke verbinding kan ontstaan tussen de Natura 2000gebieden Kampina en Oisterwijkse Bossen en Vennen. Beantwoording gemeente De gemeente neemt met genoegen kennis van deze opmerking. Besluit Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. 15.3 De provincie constateert dat het ontwerpbestemmingsplan anticipeert op artikel 5.79 van de Omgevingsverordening Noord-Brabant, waarbij ook vrijetijdsvoorzieningen mogelijk zijn met meer dan 1 hectare bebouwing (tot maximaal 1,5 hectare).

De provincie merkt daarbij op dat daarbij een verzwaarde motiveringsplicht geldt, waarbij moet worden onderbouwd dat 1] de ontwikkeling past binnen de gewenste ontwikkelingsrichting van het gebied, en 2] de ontwikkeling in samenhang met andere doelen voor het gebied en de directe omgeving wordt uitgevoerd waarbij ook kwaliteitswinst voor andere functies, waaronder landschap en natuur wordt bereikt. Aansluitend gaat de provincie verdiepend in op deze zienswijze. Beantwoording gemeente Omdat de provincie aansluitend verdiepend ingaat op de onderdelen van deze zienswijze, beantwoorden wij deze hierna. Besluit Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de toelichting, planregels en verbeelding van het bestemmingsplan. In de beantwoording onder hierna wordt hier invulling aan gegeven. 15.4 De provincie vraagt de ontwikkelingsrichting van het gebied nader te duiden en te versterken, onder meer door de gemeentelijke visie voor de vestiging van recreatie op Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[35]

deze locatie en inzichtelijk te maken hoe het park ligt ten opzichte van de geplande ontwikkelingen van Staatsbosbeheer. Beantwoording gemeente De gemeentelijke ontwikkelingsvisie is opgenomen in paragraaf 2.4.1 van deze nota. Daarin is de ontwikkelingsrichting van het gebied beschreven. Staatsbosbeheer heeft niet of nauwelijks grondposities in de omgeving van het nieuwe recreatiepark. Uit nader overleg met de provincie naar aanleiding van deze zienswijze is gevolgd dat de provincie niet uitsluitend doelt op ontwikkelingen van Staatsbosbeheer, maar op landschappelijke ontwikkelingen in het algemeen. In dit kader werkt de gemeente Oisterwijk in samenwerking met Waterschap De Dommel aan het realiseren van een aantal ecologische verbindingszones. Daarnaast wordt binnen de gebiedsgerichte aanpak beoordeeld of er binnen het gebiedsproces Rozephoeve maatregelen genomen kunnen worden ten gunste van het Natura 2000gebied Kampina en Oisterwijkse Vennen. Behoud en ontwikkeling van het natuurlijke landschap is aandachtspunt van de gemeente. Besluit Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de toelichting het bestemmingsplan. 15.5 De provincie acht onvoldoende gemotiveerd hoe de principes van ‘water en bodem sturend’ zijn verwerkt in het inrichtingsplan en hoe de verbinding wordt gemaakt met de infrastructuur en het omliggende landschap.

Beantwoording gemeente Wij delen de mening van de provincie dat dit onderdeel aanvulling vraagt. De toelichting van het bestemmingsplan zal hierop worden aangevuld. Dat doen we door de toelichting aan te vullen met een bijlage met gebiedsanalyse en een overzicht van de maatregelen die op het nieuwe recreatiepark worden genomen. Het principe ‘water en bodem sturend’ wordt hierin opgenomen. Besluit Deze zienswijze leidt tot aanpassing van toelichting van het bestemmingsplan. 15.6 De provincie vraagt zich af waarom er in het inrichtingsplan is gekozen voor vakantiehuisjes op korte afstand van het Natuurnetwerk Brabant in plaats van een ruime bufferzone. Beantwoording gemeente Het bestemmingsplan is gebaseerd op het voorlopige inrichtingsplan van het recreatiepark, met maximaal 200 recreatiewoningen. Uit de uitgevoerde “nee, tenzij”toets – bijlage 6 bij de toelichting – volgt dat het plan niet leidt tot een directe aantasting van het NNB, maar wel een indirecte verstoring kan geven door geluid. Deze verstoring wordt financieel gecompenseerd. Hierover heeft al afstemming met de provincie plaatsgevonden.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[36]

In het geval in de definitieve inrichting van het recreatiepark kan worden volstaan met een kleiner aantal recreatiewoningen, kan de afstand tot het NNB alsnog worden vergroot. Besluit Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. 15.7 De provincie merkt op dat de inrichtingstekening onvoldoende inzichtelijk maakt hoe het groen wordt vormgegeven en hoe de aansluiting met het omliggende groen plaatsvindt. Beantwoording gemeente De wijze waarop het groen wordt vormgegeven en hoe de aansluiting met het omliggende groen plaatsvindt, is opgenomen in de onder 15.5 genoemde nieuwe bijlage bij de toelichting. Besluit Deze zienswijze leidt tot aanpassing van toelichting, planregels en verbeelding van het bestemmingsplan. 15.8 De provincie is van mening dat een uitgebreide landschappelijke analyse ontbreekt, die ten grondslag zou moeten liggen aan het inrichtingsplan. Beantwoording gemeente De landschappelijke analyse wordt onderdeel van de onder 15.5 genoemde nieuwe bijlage. Besluit Deze zienswijze leidt tot aanpassing van toelichting, planregels en verbeelding van het bestemmingsplan.

15.9 De provincie vraagt om de vormgeving van het park met heidevelden, met bosjes, wandelpaden, waterberging en voedselbos te verduidelijken en deze te motiveren met een uitgebreide landschappelijke analyse. Beantwoording gemeente De gevraagde verduidelijking en motivering worden onderdeel van de onder 15.5 genoemde nieuwe bijlage. Besluit Deze zienswijze leidt tot aanpassing van toelichting, planregels en verbeelding van het bestemmingsplan. 15.10 De provincie adviseert heideplagsel vanuit nabijgelegen heidegebieden op te brengen en geen heideplantjes uit een tuincentrum te planten.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[37]

Beantwoording gemeente Het advies van de provincie wordt gevolgd. Deze werkwijze wordt opgenomen in de onder 15.5 genoemde nieuwe bijlage. Besluit Deze zienswijze leidt tot aanpassing van toelichting, planregels en verbeelding van het bestemmingsplan. 15.11 De provincie is van mening dat de omvang en locatie van de benodigde waterberging onvoldoende is onderbouwd. Indiener wijst daarbij op de bestaande eigenschappen van het landschap (maaiveldhoogten) en de wijze van inrichting van de laagten en naastgelegen wallen. Beantwoording gemeente Het oorspronkelijke inrichtingsplan voor de nieuwe locatie bevatte een aantal vennen, die mede bedoeld waren voor de berging van hemelwater. Op advies van het waterschap zijn de vennen vervangen door droogvallende laagten, omdat oppervlaktewater zou leiden tot ongewenste verdroging van het gebied. Het waterschap heeft aangegeven te verwachten dat het plan – ondanks de aanzienlijke hoeveelheid nieuwe verharding – niet tot wateroverlast zal leiden. Het voorzien in voldoende waterberging is opgenomen als voorwaardelijke verplichting. Omdat de gezamenlijke oppervlakte van de nieuwe bebouwing/verharding meer bedraagt dan 10.000 m² is een watervergunning nodig. Die zorgt voor een extra borging van de wateropgave. De motivering van de situering van de laagten wordt opgenomen in de onder 15.5 genoemde nieuwe bijlage.

Besluit Deze zienswijze leidt tot aanpassing van toelichting, planregels en verbeelding van het bestemmingsplan. 15.12 Indiener merkt op dat in de toelichting wordt verwezen naar het PMWP (provinciaal milieu- en waterplan) terwijl deze is vervangen door het RWP (regionaal water- en bodemprogramma). Beantwoording gemeente Het nieuwe beleid wordt verwerkt in de toelichting. Besluit Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de toelichting van het bestemmingsplan. 15.13 De provincie constateert dat het park ook openbaar is voor niet-gasten, maar vraagt zich af hoe die openbaarheid zich verhoudt tot de privacy van gasten. Daarnaast is indiener van mening dat een fysieke verbinding met de omliggende natuur een meerwaarde kan vormen. Beantwoording gemeente

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[38]

Het nieuwe recreatiepark zal vrij toegankelijk zijn voor bezoekers, die geen gebruik maken van een recreatiewoning. Deze bezoekers maken gebruik van de centrale ingang aan de Oirschotsebaan. Er worden geen grootschalige voorzieningen gerealiseerd en geen functies aangelegd die een bezoekersaantrekkende werking hebben. De verwachting is daarom dat er geen externe bezoekers zich op het park gaan begeven. Hoewel we de meerwaarde onderkennen, is bewust gekozen voor één entree, om te voorkomen dat er (ongewenste) doorgaande routes naar het achterliggende gebied – met eigendommen van derden – ontstaan. Besluit Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. 15.14 Ten aanzien van de achterblijvende locatie mist de provincie nog voorstellen voor ontsnipperingsmaatregelen voor de Scheidingsweg.

Beantwoording gemeente De gemeente gaat hierover na vaststelling van het bestemmingsplan in gesprek met Natuurmonumenten. Zie ook beantwoording onder 11.5. Besluit Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. 15.15 De provincie constateert dat er een financiële compensatie gaat plaatsvinden voor de verstoring van Natuurnetwerk Brabant. De provincie merkt daarbij op dat de compensatie € 11,32/m² moet bedragen. Bovendien ontbreekt de borging middels een voorwaardelijke verplichting in de regels. Beantwoording gemeente Het plan wordt hierop aangevuld. Besluit Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de planregels van het bestemmingsplan. 15.16 De provincie vraagt de bouwregels voor erf- en terreinafscheidingen in de bestemming ‘Natuur’ te schrappen, omdat deze gronden juist bedoeld zijn voor een ecologische verbinding. Beantwoording gemeente Vertrekpunt voor de opzet van de planregels van het ontwerpbestemmingsplan is de natuurbestemming zoals die in een groot deel van de gemeente wordt gehanteerd. Hoewel de verwachting is dat de eigenaar van het gebied, te weten Natuurmonumenten, geen erf- en terreinafscheidingen zal plaatsen, volgen wij de verzoek van de provincie en schrappen we de mogelijkheid om binnen de natuurbestemming erf- en terreinafscheidingen te realiseren.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[39]

Besluit Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de planregels van het bestemmingsplan. 15.17 De provincie constateert dat de landschappelijke inpassing geborgd is in de planregels en vraagt ook het beheer en onderhoud van het voedselbos te borgen in de planregels. Beantwoording gemeente Wij delen de mening dat beheer en onderhoud van het landschappelijke groen, waaronder het voedselbos, van belang zijn voor behoud van de kwaliteit van die landschapselementen. Dit wordt opgenomen in de in 15.5 genoemde nieuwe bijlage en in de planregels geborgd. Besluit Deze zienswijze leidt tot aanpassing van toelichting, planregels en verbeelding van het bestemmingsplan.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[40]

2.4

Beantwoording terugkomende onderwerpen

Diverse zienswijzen bevatten enkele terugkomende onderwerpen. In deze paragraaf wordt hierop ingegaan. 2.4.1 Ligging en begrenzing nieuw recreatiepark De locatiekeuze voor het nieuwe recreatiepark kent een lange geschiedenis. Al in 1992 is de intentie uitgesproken voor de verplaatsing van Camping De Reebok. Daarom is in het provinciale Reconstructieplan Beerze Reusel (2005) een ‘projectlocatie recreatie’ voor De Reebok aangewezen. Deze projectlocatie is in het Reconstructieplan omschreven als: “Gebied waar een clustering mogelijk is van grootschalige en kleinschalige verblijfsrecreatieve bedrijven, dagattracties, intensieve watersportlocaties, intensieve toeristisch-recreatieve voorzieningen en openluchtrecreatiegebieden, indien de randvoorwaarden dit toelaten. Er is ruimte voor (incidentele) nieuwvestiging van zowel grootschalige verblijfsaccommodaties, dagattracties en dagrecreatieve voorzieningen als kleinschalige bedrijven en voorzieningen. De gebieden op de kaart zijn veelal zoeklocaties. Dit gezien het feit dat er nog geen volledige planologische afweging heeft plaatsgevonden met betrekking tot deze locaties.” Figuur 1 bevat een uitsnede van de kaart ‘Recreatie’, die onderdeel is van het Reonstructieplan Beerze Reusel van de provincie Noord-Brabant.

Daarop is ten oosten van Moergestel een projectlocatie aangeduid, die – volgens de toelichting van het reconstructieplan – “primair is bedoeld voor de opvang van een camping die moet verplaatsen vanwege natuurontwikkeling in de Kampina”. Belangrijk is om op te merken dat de projectlocatie recreatie in het reconstructieplan globaal begrensd is. Het betreft immers een zoekgebied. Dit is ook te zien aan de ovale vorm van de projectlocatie, die uitsluitend aan de zijde van de Oirschotseweg begrensd is door topografische kenmerken.

Figuur 1

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[41]

De projectlocatie recreatie uit het reconstructieplan is vervolgens nader uitgewerkt in het ‘Ontwikkelingsplan projectlocatie Recreatie Oisterwijk’ uit 2008. In het Ontwikkelingsplan is de projectlocatie nader geconcretiseerd en begrensd door de wegen Oirschotsebaan aan de zuidoostzijde en Oirschotseweg aan de zuidwestzijde, en de natuurwaarden van de Oisterwijkse Vennen en Bossen aan de noordzijde. De concrete vorm van de projectlocatie wijkt daardoor af van die van de zoeklocatie in het reconstructieplan Beerze Reusel. De concrete projectlocatie heeft een omvang van ruim 200 hectare en kent een driedeling, zoals op figuur 2 is te zien.

Figuur 2

Het gebied ten westen van de Heikant en Zandstraat (groen gearceerd) biedt ruimte voor ontwikkelingsmogelijkheden voor extensieve recreatie. Het gebied ten noorden van de Fransebaan (oranje gearceerd) is het bestaande gebied met intensieve recreatie, met Landal Klein Oisterwijk. Ten zuiden van de Fransebaan is een gebied aangewezen (rood gearceerd) dat geschikt is voor ontwikkelingsmogelijkheden voor intensieve toerisme en recreatie. De locatie voor het nieuwe recreatiepark ligt in het rood gearceerde gebied en past daardoor in het ‘Ontwikkelingsplan projectlocatie Recreatie Oisterwijk’. Vervolgens heeft de gemeenteraad op 7 april 2011 besloten dat de locatie aan de Oirschotsebaan een geschikte locatie is. Daar weer op volgend heeft de gemeenteraad op 4 oktober 2018 de Startnotitie verplaatsing camping De Reebok vastgesteld. Hierin zijn kaders opgenomen voor de bestemmingsplanprocedure op het gebied van inhoud en proces. Het beleid uit het genoemde ontwikkelingsplan en de daarop genomen raadsbesluiten is nog steeds actueel. Zo is de locatie van het nieuwe recreatiepark in de gemeentelijke Visie Buitengebied uit 2022 aangewezen als ‘zoekgebied leisure-ontwikkeling intensief/hoge Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[42]

dynamiek’ (zie paragraaf 3.4.2 van de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan). De nieuwvestiging van het recreatiepark past ook binnen dit beleid. Samengevat kan worden geconcludeerd, dat de locatie aan de Oirschotsebaan al sinds lange tijd geschikt is geacht voor het nieuwe recreatiepark. 2.4.2 Recreatiedruk Oirschotsebaan De recreatiedruk als gevolg van de verplaatsing van Camping De Reebok is op verschillende schaalniveaus beoordeeld: op gemeenteniveau en op het niveau van de directe omgeving van de nieuwe locatie. Toerisme en recreatie vormen een van de pijlers onder de gemeentelijke economie en zijn daarom belangrijk voor Oisterwijk. Desondanks is een zorgvuldige ontwikkeling van deze sector geweest. Kwaliteit gaat boven kwantiteit. Verplaatsing van Camping De Reebok naar het nieuwe park zorgt ervoor dat het aantal recreatie-eenheden in de gemeente op peil blijft. De verplaatsing gaat overigens gepaard met een andere vorm van verblijfsrecreatie. Waar het op De Reebok vooral ging om caravans, tenten en kleine chalets, zijn op het nieuwe park vooral recreatiebungalows voorzien. Als gevolg van het nieuwe park verandert de omgeving van de Oirschotsebaan en dat kan invloed hebben op de leefomgeving van omwonenden.

Uit de toetsing van de verschillende ruimtelijke aspecten (met name invloed op het landschap, op het verkeer en op de natuur) en van de milieuaspecten volgt dat er sprake is van een aanvaardbaar plan, dat passend is in het gebied.

2.4.3 Effecten op natuur Het bestemmingsplan heeft mede tot hoofddoel een positief effect te hebben op de natuur. Aanleiding voor de verplaatsing van de camping is de namelijk de lang gekoesterde wens om de natuurgebieden Kampina en Oisterwijkse Bossen en Vennen beter op elkaar aan te laten sluiten, door Camping De Reebok te saneren. Het bestemmingsplan voorziet hierin. Aan de Oirschotsebaan wordt het open landschap voor een deel geslotener, doordat agrarische gronden worden omgezet in een recreatiepark met recreatieve voorzieningen en een aanzienlijke hoeveelheid nieuw groen, waaronder een voedselbos. Dit leidt naar onze mening tot een vergroting van de biodiversiteit ten opzichte van de huidige, agrarische monocultuur. De effecten van het nieuwe recreatiepark op de natuur zijn beoordeeld in meerdere onderzoeken, zowel in het kader van gebiedsbescherming als soortenbescherming. Daaruit volgt dat er geen overtreding van de natuurwetgeving zal plaatsvinden. Stikstofdepositie Uit het uitgevoerde onderzoek volgt dat het plan voldoet aan de wet- en regelgeving over de stikstofproblematiek. In verband met de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vraagt dit onderzoek om een actualisatie. Het geactualiseerde onderzoek wordt als bijlage bij de toelichting van het bestemmingsplan gevoegd.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[43]

Leefgebied dassen De ingekomen zienswijzen hebben aanleiding gegeven nader onderzoek uit te voeren naar de das. Uit de eerste inspectie (Notitie dasseninspectie Oirschotsebaan ong. te Oisterwijk, Blom Ecologie, 19 juli 2024) volgt dat er nabij de nieuwe locatie sporen van de das zijn aangetroffen, waaronder holen die mogelijk onderdeel zijn van een burcht. Momenteel vindt er vervolgonderzoek plaats om meer inzicht te krijgen over het leef- en foerageergebied van de das. In het najaar van 2025 zullen hiervan de complete resultaten bekend zijn. Het aanvullend onderzoek naar de das vormt geen belemmering voor de vaststelling van het bestemmingsplan. De resultaten moeten wel bekend zijn voordat de werkzaamheden in het veld gaan plaatsvinden. 2.4.4 Verkeer en parkeren Verkeersgeneratie en parkeernormen In diverse zienswijzen is aangegeven dat er twijfel is over de juistheid van de gehanteerde parkeernormen en kencijfers inzake het verkeer. Hoewel de in de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan opgenomen totalen en de daaraan verbonden conclusies correct zijn, delen we mening van indieners dat er onduidelijkheid bestaat ten aanzien van toepassing van de parkeernormen. De kencijfers met betrekking tot de verkeersgeneratie zijn correct. De in paragraaf 2.3.5 van de toelichting bij het ontwerpbestemmingsplan opgenomen conclusies zijn eveneens correct.

Hoewel niet de juiste parkeernorm is toegepast, is er sprake van een uitvoerbaar plan, omdat de totalen wel vergelijkbaar zijn en er een correcte afweging is gemaakt. In het verkeersonderzoek is uitgegaan van een 285 campingstandplaatsen met een lagere norm, terwijl het bestemmingsplan maximaal 200 standplaatsen voor recreatiewoningen en kampeermiddelen met een hogere parkeernorm toestaat. Verkeersafwikkeling en verkeersveiligheid Het nieuwe recreatiepark heeft een verkeersgeneratie van gemiddeld 740 motorvoertuigbewegingen per etmaal. In paragraaf 2.3.5 en bijlage 3 van de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan is nader ingegaan op de toename van het verkeer en de afwikkeling van dat verkeer op de Oirschotsebaan. Daaruit volgt dat de totale intensiteit op de Oirschotsebaan toeneemt tot gemiddeld 3.920 motorvoertuigbewegingen per etmaal, als gevolg van de nieuwe ontwikkelingen en de autonome ontwikkeling in autogebruik. Deze toename wordt verkeerskundig acceptabel geacht, omdat het aantal verkeersbewegingen ruim onder de grenswaarde van 6.000 motorvoertuigen per etmaal voor dit type weg blijft. Ongeacht de toename van het aantal verkeersbewegingen blijft de verkeersdoorstroming goed. In genoemde paragrafen wordt ook ingegaan op het veiligheidsaspect. Daarin wordt geadviseerd om de inritconstructie zodanig vorm te geven dat er een veilige in- en uitrit mogelijk is.

Dit advies wordt te zijner tijd nader uitwerkt bij de concretisering van het plan. Waar nodig neemt de gemeente daarover een verkeersbesluit, dat eventueel appellabel is.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[44]

2.4.5 Maatwerkregeling Interim Omgevingsverordening Het ontwerpbestemmingsplan omvat de nieuwvestiging van een niet-agrarische ontwikkeling op een locatie waar nog geen bouwperceel ligt. Volgens de provinciale Interim Omgevingsverordening is dit uitsluitend toegestaan onder toepassing van de maatwerkbepaling in artikel 3.81 van die omgevingsverordening. Daarbij is een van de voorwaarden dat “op een andere locatie aanzienlijke omgevingskwaliteitswinst wordt bereikt doordat het bouwperceel van een vergelijkbare gebruiksactiviteit met een gelijke omvang aan bebouwing als die mogelijk wordt gemaakt, feitelijk en juridisch volledig wordt opgeheven”. In tegenstelling tot wat indieners beweren, zijn ook op de oude locatie ook ‘bouwwerken ten behoeve van recreatief nachtverblijf’ toegestaan. Het gezamenlijke aantal standplaatsen voor kampeermiddelen en bouwwerken ten behoeve van recreatief nachtverblijf mag niet meer bedragen dan 290, waarvan ten minste 80 voor verblijf in kampeermiddelen. Op de nieuwe locatie zijn maximaal 200 recreatiewoningen toegestaan. Zoals in paragraaf 3.3.4 van de toelichting bij het ontwerpbestemmingsplan is opgenomen, wordt ruim 11.000 m² aan bebouwing op de oude locatie verwijderd. Indieners stellen correct dat de Interim omgevingsverordening ten hoogste 1 hectare aan gebouwen toestaat op de nieuwe locatie.

Om invulling te kunnen geven aan het gewenste segment, zijn grotere recreatie-eenheden noodzakelijk. Dit is eveneens in paragraaf 3.3.4 van de toelichting gemotiveerd. Onderhavig bestemmingsplan moet worden getoetst aan de Interim Omgevingsverordening, terwijl inmiddels ook een nieuwe Omgevingsverordening van kracht is geworden die ten hoogste 1,5 hectare aan gebouwen toestaat. Daarom heeft de gemeente aan de provincie gevraagd af te wijken van de Interim Omgevingsverordening en de regels van de nieuwe Omgevingsverordening toe te passen. De provincie heeft te kennen gegeven hiertoe bereid te zijn als aan de voorwaarden van de nieuwe Omgevingsverordening voldaan wordt. Daarin is in het bestemmingsplan invulling gegeven. Samengevat is er sprake van opheffing van een locatie met een vergelijkbare gebruiksactiviteit en wordt voldaan aan de maatwerkbepaling in artikel 3.8.1 van de Interim Omgevingsverordening. 2.4.6 Omgevingsdialoog De omgevingsdialoog bij het bestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok” is gevoerd conform de gebruikelijke werkwijze in de gemeente Oisterwijk. Daarin voert de initiatiefnemer zelf de dialoog met belanghebbenden. Het verslag daarvan is als bijlage bij het ontwerpbestemmingsplan gevoegd.

Samengevat heeft de volgende omgevingsdialoog plaatsgevonden: De initiatiefnemer heeft in de periode december 2020 tot december 2021 diverse vormen van omgevingsdialoog gevoerd. Daarbij hebben er individuele gesprekken plaatsgevonden met direct belanghebbenden en heeft er een informatieavond plaatsgevonden met een terugkoppeling. In verband met de covid-maatregelen hebben deze bijeenkomsten digitaal plaatsgevonden. Omdat er in de periode december 2021 – december 2023 geen grote aanpassingen aan het plan hebben plaatsgevonden die relevant zouden zijn voor belanghebbenden, is er geen aanvullend dialoogmoment gehouden.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[45]

In de raadsinformatiebrief is opgenomen dat er geen overwegende bezwaren zouden zijn tegen het plan. Dat bleek een verkeerde inschatting. Diverse indieners van een zienswijze merken dit op. Vanwege de lange tijd tussen het laatste dialoogmoment en het moment van terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan, is het begrijpelijk dat belanghebbenden zich onvoldoende gehoord kunnen voelen. Het voorgaande heeft aanleiding gegeven een extra dialoogavond te organiseren, waarvoor de gemeente alle indieners van een zienswijze heeft uitgenodigd. Tijdens deze dialoogavond ging de gemeente voornamelijk in op de vijf terugkerende onderwerpen, zoals die ook in de paragrafen 2.4.1 tot en met 2.4.5 zijn opgenomen. Daarnaast heeft de initiatiefnemer van het park een toelichting gegeven op de voorgenomen inrichting van het nieuwe recreatiepark. Tot slot zijn de vragen vanuit de zaal beantwoord. Het algemene beeld van de avond is dat de omwonenden zich betrokken voelen bij hun leefomgeving en daarom kritisch zijn op het bestemmingsplan. De toelichting door initiatiefnemer en gemeente heeft verduidelijking gegeven, waarbij overigens niet alle zorgpunten helemaal zijn weggenomen. Van de dialoogavond is een verslag gemaakt dat als bijlage bij de toelichting van het bestemmingsplan is gevoegd.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[46]

3. Aanpassingen planregels en verbeelding 3.1

Aanpassingen als gevolg van zienswijzen

In hoofdstuk 2 is aangegeven of zienswijzen aanleiding hebben gegeven tot aanpassingen van de planregels en verbeelding. Het bestemmingsplan is hierbij op onderstaande onderdelen aangepast:

A. A.1

Naar aanleiding van zienswijze 2.4 Op de verbeelding wordt de functieaanduiding ‘verkeer’ aan de zijde van de Kollenburgsebaan vervangen door de functieaanduiding ‘specifieke vorm van verkeer - calamiteiten’.

A.2

In artikel 4.2.3, onder b, onderdeel 2 vervalt: , met dien verstande dat aanvullend inof uitritten ten behoeve van een calamiteitenontsluiting zijn toegestaan.

A.3

Na artikel 4.2.3 wordt een artikel ingevoegd, luidende: 4.2.4 Calamiteitenontsluiting Een calamiteitenontsluiting mag uitsluitend worden gerealiseerd ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van verkeer - calamiteiten’.

B. Naar aanleiding van zienswijze 7.6 Artikel 6.1 onderdeel d.2 wordt aangevuld met: , waarbij de oppervlakte van een restaurant niet meer mag bedragen dan 300 m².

C. Naar aanleiding van zienswijze 11.2 Aan artikel 5.3.2 wordt na onderdeel b een nieuw onderdeel ingevoegd, luidende: c. nodig zijn voor de uitvoering van het inrichtingsplan. D. D.1

D.2

Naar aanleiding van de zienswijzen 15.7, 15.8, 15.9, 15.10, 15.11, 15.15 en 15.17 De verbeelding wordt als volgt gewijzigd: a. De functieaanduidingsvlakken ‘parkeerterrein’ aan de zijde van de Kollenburgsebaan binnen de bestemming ‘Groen’ worden vervangen door een nieuw functieaanduidingsvlak ‘parkeerterrein’, dat zich uitstrekt tot 50 meter gemeten vanuit de hondensportvereniging aan de Kollenburgsebaan. b. Ter plaatse van het onder a bedoelde nieuwe functieaanduidingsvlak ‘parkeerterrein’ wordt de bestemming van de gronden gewijzigd van ‘Groen’ in ‘Recreatie – Verblijfsrecreatie’. c. Elders binnen het plangebied worden delen van de bestemming ‘Recreatie – Verblijfsrecreatie’ gewijzigd in ‘Groen’, zodat de totale oppervlakte van de bestemming ‘Recreatie – Verblijfsrecreatie’ niet meer bedraagt dan 8 hectare. Artikel 3.1 wordt als volgt gewijzigd: a. Onderdeel a.1 wordt vervangen door: groenvoorzieningen, bermen en beplanting, conform het inrichtingsplan bedoeld in artikel 6.2.3 onder b;. b. Onderdeel c vervalt.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[47]

c.

De onderdelen d en e worden geletterd c en d.

D.3

Artikel 3.2.2 wordt als volgt gewijzigd: a. De onderdelen a, c en d vervallen. b. Onderdeel b wordt geletterd a. c. Onderdeel e wordt geletterd b.

D.4

In artikel 4.1, onder a wordt het tekstdeel «zoals opgenomen in Bijlage 2» vervangen door: dat is opgenomen in hoofdstuk 5 van Bijlage 2 Structuurschets en landschappelijke inpassing.

D.5

Aan artikel 6.1 wordt een nieuw onderdeel toegevoegd, luidende: j. ter plaatse van de aanduiding ‘parkeerterrein’: uitsluitend parkeervoorzieningen.

D.6

Artikel 6.2.1 wordt als volgt gewijzigd: a. Onderdeel b wordt geletterd c. b. Na onderdeel a wordt een onderdeel ingevoerd, luidende: b. buiten het bouwvlak: 1. gebouwen en overkappingen ten behoeve van natuureducatie;.

D.7

In artikel 6.2.2 wordt aan het schema in onderdeel d een regel toegevoegd, luidende: gebouwen en overkappingen buiten 100 m² 3m 5m het bouwvlak

D.8

Artikel 6.2.3 wordt vervangen door een nieuw artikel, luidende: 6.2.3 Voorwaardelijke verplichtingen omgevingsvergunning bouwen Een omgevingsvergunning voor het bouwen wordt niet eerder verleend dan nadat: a. de vereiste compensatie van het Natuurnetwerk Brabant overeenkomstig artikel 3.24 van de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant, dan wel de rechtsopvolger daarvan, heeft plaatsgevonden; b. burgemeester en wethouders een inrichtingsplan hebben goedgekeurd, dat voldoet aan de in bijlage 2 opgenomen Structuurschets en landschappelijke inpassing, en; c. uit de aanvraag om omgevingsvergunning blijkt dat het bouwplan voldoet aan de duurzaamheidsprincipes zoals die zijn genoemd in bijlage 4, dan wel dat de duurzaamheidsprincipes genoemd in bijlage 4 krachtens een voorschrift aan de omgevingsvergunning verbonden zijn.

D.9

Artikel 6.4.3 wordt vervangen door een nieuw artikel, luidende: 6.4.3 Voorwaardelijke verplichting landschappelijke inpassing en uitvoering structuurplan Het gebruiken en doen (laten) gebruiken van de voor ‘Recreatie – Verblijfsrecreatie’ aangewezen gronden is slechts toegestaan indien: a. de landschappelijke inpassing, overeenkomstig het landschappelijke inpassingsplan dat is opgenomen in hoofdstuk 5 van Bijlage 2 Structuurschets

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[48]

b.

en landschappelijke inpassing, binnen 2 jaar na het onherroepelijk worden van dit plan is gerealiseerd en vervolgens als zodanig in stand wordt gehouden; de landschapsmaatregelen van het in 6.2.3 onder b genoemde inrichtingsplan binnen 2 jaar na het vaststellen van het inrichtingsplan zijn gerealiseerd en vervolgens als zodanig in stand worden gehouden.

D.10 Artikel 17.2 vervalt. D.11 Bijlage 2 bij de planregels wordt vervangen door een nieuwe bijlage genaamd: Structuurschets en landschappelijke inpassing E. Naar aanleiding van zienswijze 15.16 De artikelen 5.2.1 en 5.2.2 worden vervangen door een nieuw artikel, luidende: 5.2.1 Toelaatbare bebouwing a. Op deze gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde, die ten dienste staan van de in 5.1 genoemde functies en waarvan de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 3 meter. b. Het bouwen van erf- en terreinafscheidingen is niet toegestaan.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[49]

3.2

Ambtshalve aanpassingen

In sommige gevallen is er aanleiding tot aanvullende aanpassingen zonder dat daar een zienswijze aan ten grondslag ligt. Dit betreffen de zogenaamde ambtshalve wijzigingen. Het bestemmingsplan is hierbij op onderstaande onderdelen aangepast:

A.

Formulering bouwregels bestemming ‘Recreatie – Verblijfsrecreatie’

Toelichting Om de toepasbaarheid van de planregels te verbeteren is het wenselijk om de bouwregels in artikel 6.2 op onderdelen aan te passen. Aanpassing A.1 In artikel 6.2.1, onder a, onderdeel 1 vervalt: , waarbij de voorgevel dient te worden gepositioneerd op een afstand van minimaal 60 meter tot de as van de Oirschotsebaan. A.2

In artikel 6.2.2 wordt onderdeel b vervangen door: de gezamenlijke oppervlakte van gebouwen en overkappingen bedraagt niet meer dan 15.000 m²;.

A.3

In artikel 6.2.2, onder d, tabel wordt de maximale oppervlakte van bouwwerken voor recreatief nachtverblijf vervangen door: 95 m².

A.4

Artikel 6.2.2 wordt als volgt gewijzigd: a. De onderdelen e, f en g worden geletterd f, g en h. b. Na onderdeel d wordt een onderdeel ingevoegd, luidende: e. de afstand van de voorgevel van de bedrijfswoning tot de as van de Oirschotsebaan bedraagt niet minder dan 60 m;.

A.5

In artikel 6.2.2, onder f en g worden de tekstdelen «bedrijfswoningen» vervangen door: de bedrijfswoning.

B.

Voorwaardelijke verplichting sloop De Reebok

Toelichting De voorwaardelijke verplichting in artikel 6.4.7 van het ontwerpbestemmingsplan is gekoppeld aan de datum van 13 december 2025, die is gevolgd uit de privaatrechtelijke overeenkomsten tot beëindiging en sanering van De Reebok. Omdat het is niet met zekerheid te stellen dat het bestemmingsplan dan al in werking getreden is, is deze regel mogelijk niet uitvoerbaar. Zonder afbreuk te doen aan de inhoud van de privaatrechtelijke overeenkomsten, wordt de datum uit de planregels verwijderd. Aanpassing In artikel 6.4.7 vervalt: uiterlijk 13 december 2025.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ontwerpbestemmingsplan “Verplaatsing De Reebok”

[50]

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16176222/1