Inspreektekst Dhr. Alexander Vugts
Tekst van het document
Geacht college, beste raadsleden, Mijn naam is Alexander Vugts en samen met mijn vrouw en onze zoon hebben we een biologisch melkveebedrijf en zorgboerderij aan de beekweg in Haaren, rondom grenzend aan de noenes. Al generaties lang wordt hier door de familie Vugts geboerd. Ik ben zeer positief over de plannen mbt het legaliseren van de permanente bewoning op de Noenes. Na een lange periode van onzekerheid is er dan nu eindelijk duidelijkheid voor de bewoners en de aangrenzende agrariers en bewoners. Waar wij ons nu echter zorgen over maken is de toekomst van ons biologische melkveebedrijf. We hebben een opvolger die al mee in onze maatschap zit en het bedrijf dolgraag over wil nemen in de nabije toekomst. We werken dagelijks met en in de mooie natuur van dit gebied en worden blij van de mooie reakties van de mensen die hier wonen als bijvoorbeeld de koeien in het voorjaar weer naar buiten gaan. Onze keuze om biologisch te gaan produceren is de beste keuze die we ooit gemaakt hebben! Tot nu toe……. Echter is de toekomst van ons mooie gezinsbedrijf afhankelijk van oa de inhoud van het omgevingsplan “de Noenes”’ (met daaraan vast het gebiedsplan “Helvoirts Broek”). Hierin heeft de gemeente oisterwijk afspraken gemaakt op regionaal nivo, de “regionale werkafspraken kwaliteitsverbetering landschap”.
Conform deze afspraken is er met het toestaan van permanente bewoning sprake van een categorie 3 ontwikkeling, dit betekent landschappelijke inpassing en kwaliteitsverbetering van het landschap RONDOM de Noenes. Hier wringt voor ons de schoen. Door de plannen en afspraken die gemaakt zijn met oa het Brabants Landschap, maar ook de provincie (heeft van Helvoirts Broek een versnellingsdossier gemaakt!) word onze biologische bedrijfsvoering ernstig in gevaar gebracht, zelfs bijna onmogelijk! De gronden rondom de noenes worden nu gebruikt voor oa de beweiding van ons (en ook van andere veehouders) (jong)vee maar ook voor het winnen van bijvoorbeeld hooi en strooisel voor het vee. Daarnaast grazen onze melkkoeien er gedurende minimaal 7 maanden per jaar op onze, nu nog toereikende, huiskavel. Deze word echter veel kleiner (7,5HA om precies te zijn) door de grondaankopen en ruilingen binnen dit gebied door brabants landschap. Als onze huiskavel dus veel kleiner wordt en bovendien de gronden vernat gaan worden, word voor ons beweiding van deze percelen ernstig belemmerd, onze huiskavel word waarschijnlijk zoveel vernat dat vertrapping door het vee dreigt waardoor de beweidingsduur ernstig verkort word! Dit is juist wat men niet wil. Dmv beweiding zijn er immers geen stikstofverliezen omdat er geen ammoniak gevormd word.
Omdat we biologisch zijn en dus ook geen kunstmest en bestrijdingsmiddelen gebruiken zijn wij als gezinsbedrijf al (8) generaties lang de (ideale) gebruiker van deze percelen. Wat is er immers mooier dan een biologisch bedrijf als “buffer” tussen een natuurgebied en een “gangbaar” gebied! En bovendien onderhouden we als agrariers dmv begrazing en maaien het mooie landschap. Een bijkomend nadeel van vernatting is naast alle bouwkundige problemen voor de bewoners van de noenes (denk aan lekkende kelders etc), er veel meer overlast van ongedierte gaat komen, denk hierbij aan oa muggen en knutten die voor ernstige dierziektes zoals blauwtong bij koeien en schapen kunnen zorgen. En laten we het maar niet over ratten en muizen hebben… Ik wil daarom u als college en raadsleden vragen om hier meer aandacht aan te geven bij de uitvoering van deze plannen en dat, zoals in het Tam omgevingsplan beschreven is, over de positie van de agrarier in de omgeving: -Er bewust wordt gekeken naar de belangen van omliggende agrarische bedrijven - Er geen actieve verslechtering van hun situatie mag optreden -Eventuele effecten planologisch en waterhuishouding moeten worden onderbouwd
Het document positioneert de agrarier dus als een belanghebbende partij waarvan de bedrijfsvoering beschermd moet worden tegen ongecontroleerde vernatting, maar tegelijkertijd wordt het natuurdoel (moerasvorming) als leidend beleidsdoel gepresenteerd! Daarom vraag ik u met klem om een maatwerk aanpassing in het landschappelijk plan op te nemen waarin (ernstige) vernatting niet meer aan de orde is en we met elkaar gezamenlijk een voor iedereen aanvaardbaar(gebieds)plan krijgen zodat het ook voor iedereen werkbaar is! En dat voor zowel bewoners als agrariers en natuur, een win win situatie oplevert.