Inbreng Treeport (geredigeerd)- Vervolg
Tekst van het document
1
Vervolg Het laatste concept van het koersdocument dat u onlangs heeft ontvangen is het resultaat van drie verdiepende gesprekken die wij mochten hebben dankzij uw interventie bij de bespreking van het koersdocument op 11 maart jongstleden.
Veel is daarbij bereikt maar helaas zijn we op een aantal cruciale punten onvoldoende nader tot elkaar gekomen. Mijn collega’s komen daar vast nog op terug c.q. zijn daar al op teruggekomen. Nadat u het voorliggende concept koersdocument heeft ontvangen heeft er nog een vierde verdiepend gesprek plaatsgevonden. In het verslag daarvan, dat u vermoedelijk nog niet heeft bereikt, staan een drietal waardevolle uitgangspunten staan, die naar onze mening integraal in het koersdocument moeten worden opgenomen om ze niet verloren te laten gaan. Ik citeer ze even letterlijk voor u:
1. De getallen in het document suggereren een bepaalde mate van exactheid. Tegelijkertijd is voor de uitwerking in het gebiedsproces flexibiliteit nodig om te komen tot een goede uitwerking. Toegelicht wordt dat de zones en genoemde oppervlakten als zodanig niet taakstellend zijn, maar indicatief, en dat feitelijke invulling plaatsvindt bij de uitwerking in het gebiedsproces, samen met de betrokken partijen. 2. Er wordt stilgestaan bij de mogelijkheid dat in de toekomst door bevoegd gezag zoals Rijk en Provincie andere besluiten kunnen worden genomen dan waar in het koersdocument nu van wordt uitgegaan (bijvoorbeeld 500 meter overgangsgebied rondom Natura 2000 gebieden). De wethouders geven aan dat besluiten van hogere overheden die consequenties hebben voor de zones uiteraard worden gevolgd.
2
3. De pijlen welke zijn opgenomen in de Koerskaart natuur (pag. 39) geven de ambitie aan dat er een verbinding wordt gemaakt tussen de verschillende natuurgebieden. De pijlen zijn indicatief, en zeggen nog niets over de exacte locatie, of het exacte aantal verbindingen. Dat wordt in het gebiedsproces verder uitgewerkt. Ook invulling van die verbindingen zoals globaal gesuggereerd in de verbeelding uit "Versailles van het Noorden” is mogelijk.
In de informatiebijeenkomst van 3 juni heeft wethouder toegezegd zich sterkte maken om punt 1 en 3 in het koersdocument op te nemen. Punt 2 vond hij niet nodig omdat dit een volstrekte open deur zou zijn vanwege de vanzelfsprekendheid ervan. In het koersdocument wordt regelmatig geschermd dat de maatvoering van beschermende zones rond Natura2000 gebieden en beekdalen alsmede EVZ’s ingegeven zijn door beleid van hogere overheden, terwijl hierover door die overheden amper besluiten zijn genomen. Het hoofdlijnenakkoord van het nieuwe kabinet voorziet in elk geval in forse aanpassingen van het huidige beleid: 5.1,2,e
1. Onze boeren, tuinders en vissers moeten gekoesterd worden, omdat ze belangrijk zijn voor onze voedselvoorziening en het Nederlandse cultuurlandschap, en onlosmakelijk onderdeel zijn van onze Nederlandse cultuur. Daarbij wordt hoogwaardige landbouwgrond beschermd. 2. De derogatievrije zones (overgangsgebieden) rondom Natura-2000 gebieden worden beperkt tot alleen stikstofgevoelige natuurgebieden. 3. De bufferstroken worden verkleind van 250 naar 100 meter. 4. Herijking van de Natura2000-gebieden, gericht op een hoofdstructuur van robuuste natuurgebieden (geen ‘snippernatuur').
3
5. In het natuurbeleid wordt de daadwerkelijk gemeten staat van de natuur leidend. De kritische depositiewaarde gaat uit de wet en wordt vervangen door een juridisch houdbaar alternatief. 6. Boeren en tuinders werken al eeuwen met de bodem, dieren, omgevingen natuur. Zij zijn de professionals. De vakkennis van de boeren en tuinders staat daarom centraal: we gaan van middel- naar doelsturing. De boer staat hierbij aan het roer. 7. Het transitiefonds van 20,5 miljard euro komt te vervallen.
In dat licht bezien moet punt twee zelfs nog worden verbreed naar: Besluiten van hogere overheden die consequenties hebben voor de ambities, doelen en maatregelen in het Koersdocument Oostflank worden uiteraard gevolgd. Proceduretechnisch kan het college volgens zelf mij geen veranderingen in de tekst aanbrengen van een raadsvoorstel. Om er echt zeker van te zijn dat deze uitgangspunten ook echt landen in het koersdocument is een amendement met alle drie de punten noodzakelijk. Dat zou in elk geval een hoop kou uit de lucht halen.
Dan nog even terug naar het proces. De verdiepende gesprekken hebben zeker zin gehad en er is ookwaarderingvoor de wijze waarop deze onafhankelijk zijn voorgezeten en zijn genotuleerd. Naar beide kanten is veel duidelijkheid ontstaan. In het derde gesprek hebben wij de suggestie gedaan om voor het vervolg een aanpakte kiezen die deze lijn voortzet en hebben als voorbeeld de methode ‘Opgaven gestuurd werken’ genoemd. Een handout over deze methode is bijgevoegd.
4
Bij een gebiedsproces als dit, dat vele jaren gaat duren en veel belanghebbenden kent, kun je volgens ons niet volstaan met een normaal inspraaktraject zoals dat is geregeld in de participatieverordening. Vandaar onze suggestie. Wij hopen van harte dat u als raad alsnog deze suggestie wil oppakken, zodat we voor het vervolg een gelijk speelveld creëren met de grootste kans dat de gewenste transitie ook daadwerkelijk slaagt. 5.1,2,e
Adviseur Treeport Midden Brabant