Bijlage 1 Aanvullende informatie
Tekst van het document
Bijlage 1 Aanvullende informatie
1. Voorgeschiedenis De leefbaarheid in Moergestel staat onder druk. Een hoge verkeersintensiteit in combinatie met zwaar verkeer dat door het centrum van de kern rijdt leidt tot problemen. Een toename van de verkeersintensiteit (door autonome groei en extra woningbouw) zorgt de komende jaren voor een toename van die problematiek. Daarop is al in 2020 geacteerd door het vaststellen van de “Verkenningsnotitie leefbaarheid Moergestel” (in de volksmond: Verkeersplan Moergestel). Dit plan omvatte een aantal maatregelen gericht op het sturen en reguleren van verkeersstromen binnen de bebouwde kom. Door veranderende omstandigheden (met name: niet verbreden A58, extra woningbouw) was er een noodzaak om opnieuw naar de effectiviteit van de maatregelen te kijken. Tegelijk met de inzet op een herijking van het Verkeersplan is door het college (Raadsinformatiebrief dd. 10 oktober 2023) ook voorgesteld om een onderzoek te starten naar de effecten van een extra ontsluiting aan de oostzijde van Moergestel. Het uiteindelijke doel blijft om effectieve maatregelen te formuleren die bijdragen aan het verbeteren van de (verkeers-)leefbaarheid in het centrum van Moergestel. In 2024 is het Verkeersplan Moergestel herijkt en is de set maatregelen herzien en uitgebreid. In dezelfde periode is een eerste onderzoek op hoofdlijnen naar een extra ontsluiting uitgevoerd.
De resultaten van beide onderzoeken zijn in november 2024 aan de raad gepresenteerd. Op 10 april 2025 is een set met maatregelen uit het herijkte Verkeersplan Moergestel vastgesteld door de gemeenteraad. Tegelijkertijd is vastgelegd dat een uitgebreider haalbaarheidsonderzoek moest worden uitgevoerd naar een mogelijk tracé voor een extra ontsluiting aan de zuidoostzijde van de kern. De resultaten van dat haalbaarheidsonderzoek liggen nu voor. Parallel daaraan is ook bekeken wat een tracé over de hoogspanningslijn oplevert voor de kern.
2. Ondersteunend beleid Gemeentelijk Verkeer- en Vervoerplan (GVVP, 2014) Al in 2014 is voor de ontsluiting van Moergestel een paragraaf opgenomen in het gemeentelijk Verkeer- en Vervoersplan. Daarin werd geconcludeerd dat een zuidoostelijke randweg zorgt voor een ontlasting van verkeer op de Schoolstraat, Kerkstraat en Raadhuisstraat. Ook toen is al vastgesteld dat de intensiteit van motorvoertuigen boven de acceptabele richtlijn van 5000 motorvoertuigen per etmaal ligt. Een extra ontsluiting via een tracé tussen de rotonde Schoolstraat en de Oirschotseweg is in het GVVP als reservering op genomen. Mede omdat nog niet exact duidelijk was welke gevolgen een verbreding van de A58 zou hebben. Koersdocument Oostflank (2024) Het Koersdocument Oostflank SRBT beschrijft op hoofdlijnen een wegenstructuur die voorziet in het bereikbaar blijven van onze dorpen voor lokaal autoverkeer, maar er ook aan bijdraagt dat de kernen ook voor de voetganger (en fietser) leefbaarder en toegankelijker worden. In het Koersdocument is daarnaast een passage opgenomen over een eventuele ontsluiting aan de oostzijde van Moergestel: “Ook een nieuwe oostelijke randweg zou een bijdrage kunnen leveren aan het autoluw maken van het dorpshart. Nader onderzoek is hiervoor noodzakelijk, waarbij het ook moet gaan over het voorkomen van sluipverkeer door de kern van Moergestel.
De ingrepen mogen geen extra verkeer aantrekken.”
Ook wordt kort wat gezegd over de verbreding van de A58: ”Aanpassingen van de straatprofielen in het dorpshart komen de verkeersveiligheid ten goede en doet ook veel voor de beleving. Mogelijk heeft dit onvoldoende effect voor de verkeersintensiteit, en daarom wordt er ook onderzocht of ingrepen aan de A58 (capaciteitsverruiming), met of zonder het in westelijke richting verplaatsen van de op- en afrit aan de A58, verbetering opleveren.” 3. Participatieproces Op verschillende momenten in de afgelopen vijf maanden is er overleg gevoerd met bewoners, ondernemers en externe belanghebbenden (Waterschap, Rijkswaterstaat, Provincie NoordBrabant, Natuurmonumenten, B-Team, Staatsbosbeheer, ZLTO en Brabants Landschap). Bewoners en ondernemers zijn geïnformeerd op twee avonden: op 1 juli (conceptresultaten en tracés met reactiemogelijkheid voor aanwezigen) en 30 september (informatief over eindresultaat). Daarnaast is er – aansluitend aan de bijeenkomst van 1 juli – een digitale participatieronde geweest. Externe belanghebbenden zijn geïnformeerd op twee momenten: 19 juni en 22 september. Bij dat laatste moment was de provincie Noord-Brabant afwezig. De Werkgroep Verkeer is op twee aparte overlegmomenten meegenomen in de afwegingen en resultaten van het haalbaarheidsonderzoek (19 juni en 29 september).
Het integraal benaderen van het probleem (toekomstgericht, ruimte reserveren nu het kan) en de relatie met de uitgangspunten in het Koersdocument Oostflank SRBT zijn speerpunten voor hen. Bewoners van met name de Scheerman en de achterliggende straten zijn bezorgd dat extra verkeer dat over een nieuwe ontsluiting gaat rijden de leefbaarheid rondom hun woningen aantast. Met bewoners van de Oirschotseweg heeft apart overleg plaatsgevonden, waarin zij hun zorgen hebben geuit over de huidige en verwachte verkeersdrukte in combinatie met bijvoorbeeld het gemis aan goede loopvoorzieningen en een (te) hoge snelheid van auto’s en zwaar verkeer. 4.
Belangen een aandachtspunten
Het haalbaarheidsonderzoek van Sweco laat voor een groot aantal ruimtelijke aspecten zien wat de gevolgen zijn van zes mogelijke tracévarianten in het onderzoeksgebied ten zuidoosten van Moergestel. Middels quick-scans is voor elk van de thema’s een score geformuleerd voor de mate van impact op het gebied. Daarnaast is met berekeningen op basis van het verkeersmodel in beeld gebracht wat het oplossend vermogen (aantal voertuigen meer of minder) per variant is. Tenslotte is een inschatting gemaakt van de globale kosten. Belangrijk bij dat laatste punt is dat enkel de kosten voor verharding en kunstwerken (bruggen of tunnels) zijn opgenomen op basis van weglengte en ligging van het tracé. Kosten voor bijvoorbeeld grondaankoop of werk aan kabels en leidingen zijn hierin nog niet meegenomen. Ook is voor elk van de varianten, waar mogelijk, beschreven wat de koppelkansen zijn voor het gebied dat er direct omheen ligt.
1
De resultaten zijn samengevat in een tabel:
Figuur 1 Overzichtskaart varianten
Tabel 1 Beoordeling van de varianten
2
5. Standpunt Natuurorganisaties en Provincie De externe stakeholders, met name Natuurmonumenten, Brabants Landschap, Waterschap, Staatsbosbeheer en de Provincie Noord-Brabant zijn kritisch op het aanleggen van een weg door een gebied dat is aangewezen om naar natuur te worden omgevormd. Ze zien de koppelkansen in het gebied, maar wijzen er tegelijkertijd op dat ook duidelijk moet worden gemaakt in hoeverre alternatieven geen oplossing bieden. Met name de provincie NoordBrabant ervaart hierin nog een kennisachterstand en wordt hierover bijgepraat. Niettemin blijft het ‘nee-tenzij’ principe van kracht en daarbij geldt: er is geen definitief ‘ja’, maar ook geen definitief ‘nee’ van deze partijen. Medewerking van deze partijen is cruciaal om tot uiteindelijke uitvoering te kunnen komen. De provincie Noord-Brabant is bij de eerste sessie met externe belanghebbenden (1 juli, zie ook punt 3) aanwezig geweest en heeft ambtelijk gereageerd. Daarbij geven zij aan dat zij op dit moment nog niet zijn overtuigd van de nut en noodzaak van een nieuwe weg. Vooral de externe effecten verdienen nog extra aandacht, zoals verkeer van en naar Spoordonk, een eventueel aantrekkende werking van een extra ontsluiting en welke alternatieven nu zijn onderzocht.
Niettemin wordt ook geconstateerd dat de intensiteit ruim boven de richtlijn ligt en dat het oplossend vermogen van een eventueel tracé samenhangt met de afstand tot de kern. Extra duiding van de wegenstructuur (functie versus gebruik) in en rondom Moergestel is nog gewenst. Daarnaast is er vanuit twee ecologen aandacht gevraagd voor de vogels die rondom de Reusel leven. De ontvangen briefreacties zijn bijgevoegd in bijlage 11 (BMF, Vereniging Natuurmonumenten, Brabants Landschap en B-Team Oisterwijk) en bijlage 12 (ecologen). We blijven met al deze partijen ook in het vervolgtraject in gesprek, op korte termijn wordt opnieuw met de provincie overleg gevoerd.
6.
Stand van zaken A58
De verbreding van de A58 is door stikstofproblematiek een aantal jaren geleden uitgesteld. Momenteel is er, zo bleek uit gesprekken met Rijkswaterstaat, geen concreet plan om te starten met een project om de A58 te verbreden. Bovendien heeft Rijkswaterstaat duidelijk gemaakt een extra aansluiting op de A58 onwenselijk te vinden. Verplaatsen is mogelijk een optie voor Rijkswaterstaat, maar niet per definitie uitgangspunt. Het is op dit moment daarom logisch te veronderstellen dat de op- en afrit op de huidige locatie bij de Vinkenberg blijft liggen. Begin januari 2026 staat bij het uitgestelde BO MIRT een eventuele verbreding van de A58, voor het deel Eindhoven - Tilburg, ook op de agenda.
3