CConstaterende datOisterwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

22-81 Technische wijzigingen bestemmingsplan Verblijfsrecreatieterreinen- bijlage 3 Nota zienswijzen

RAAD 10 maart 2022, gemeente OisterwijkBij agendapunt: 22-81 Technische wijzigingen Bestemmingsplan Verblijfsrecreatieterreinen1.328 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota zienswijzen Bestemmingsplan Herziening verblijfsrecreatieterreinen

Inhoudsopgave Pagina

1.

INLEIDING ..................................................................................................................................... 3

2.

Zienswijzen ................................................................................................................................... 4

2.1

Reclamant 1, 2, 3 en 6 ............................................................................................................. 4

2.2

Reclamant 4 .................................................................................................................................. 5

2.3

Reclamant 5 .................................................................................................................................. 6

3.

Ambtshalve aanpassingen ..................................................................................................... 7

Nota zienswijzen bestemmingsplan Herziening verblijfsrecreatieterreinen

2

1.

INLEIDING

Het ontwerp van het bestemmingsplan Herziening verblijfsrecreatieterreinen met bijbehorende stukken heeft ingevolge artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening ter inzage gelegen van 26 november 2021 tot en met 6 januari 2022. Ook is het ontwerpbestemmingsplan digitaal raadpleegbaar gemaakt via de gemeentelijke website en de landelijke voorziening www.ruimtelijkeplannen.nl. Gedurende de periode van tervisielegging zijn zes zienswijzen ingediend. Deze zienswijzen zijn binnen de gestelde termijn binnengekomen en derhalve ontvankelijk. In hoofdstuk 2 van deze nota is de reactie samengevat en beantwoord.

Nota zienswijzen bestemmingsplan Herziening verblijfsrecreatieterreinen

3

2.

Zienswijzen

Gedurende de periode van tervisielegging van het ontwerpbestemmingsplan zijn zes zienswijzen ingediend door de onderstaande personen: • • • • • •

Reclamant 1; Reclamant 2; Reclamant 3; Reclamant 4; Reclamant 5; Reclamant 6.

Hierna is de zienswijze samengevat weergegeven en beantwoord. Dat de zienswijze is samengevat, betekent overigens niet dat deze slechts gedeeltelijk zijn beoordeeld. Bij de beantwoording van de zienswijze is de volledige reactie betrokken.

2.1

Reclamant 1, 2, 3 en 6

Reclamanten vragen aandacht voor de volgende punten. 2.1.1 Gevolg van de technische wijzigingen verhelderen Reclamanten merken op dat de wijzigingen in het bestemmingsplan van technische aard lijken te zijn. Uit de toelichting blijkt onvoldoende wat de gevolgen van de wijzigingen zijn. Beantwoording: Zoals is aangegeven in de toelichting van het bestemmingsplan bevat het bestemmingsplan “Verblijfsrecreatieterreinen” (vastgesteld op 25 september 2014) een aantal onvolkomenheden, onduidelijkheden en gebrekkige definities. Deze zaken worden met de herziening hersteld. Gevolg van de wijzigingen die worden doorgevoerd is hoofdzakelijk dat dat voor gebruikers een beter leesbaar bestemmingsplan ontstaat en voor ons als gemeente eveneens een beter toetsbaar bestemmingsplan. Voor de specifieke wijzigingen die worden doorgevoerd met de onderhavige herziening wordt verwezen naar hoofdstuk 2 van de toelichting. Conclusie: De zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. 2.1.2 Actuele ontwikkelingen vermelden Reclamanten merken op dat in de herziening actuele ontwikkelingen met betrekking tot verblijfsrecreatie en permanent wonen niet worden benoemd.

Dit terwijl een amendement is aangenomen op de Perspectiefnota 2021-2024 waarin wordt vermeld dat de gemeente streeft naar maatwerk voor een viertal parken met een hoge kwaliteit, maar met weinig toeristisch perspectief. Reclamanten wensen meer inzicht te verwerven in de criteria van de gemeente voor een dergelijk plan. Verder merken reclamanten op dat is aangegeven dat De Noenes als pilot wordt gezien. Pas als daar een ‘ei over is gelegd’, zou de gemeente de situatie rond vier parken met hoge kwaliteit en weinig toeristisch perspectief willen bezien. Reclamanten benoemen dat het

Nota zienswijzen bestemmingsplan Herziening verblijfsrecreatieterreinen

4

wenselijk is om eerder met elkaar in gesprek te gaan, namelijk nadat het juridische onderzoek is afgerond. Beantwoording: Het bestemmingsplan “Herziening verblijfsrecreatieterreinen” betreft uitsluitend een geringe herziening, waarbij met name enkele omissies worden hersteld en definities worden aangescherpt. Het betreft géén inhoudelijke herziening van de geldende planologische kaders. Het uitgangspunt van het bestemmingsplan “Verblijfsrecreatieterreinen” is dat permanente bewoning niet is toegestaan. Dit uitgangspunt blijft dan ook in de onderhavige herziening ongewijzigd. Daarom wordt in het bestemmingsplan “Herziening verblijfsrecreatieterreinen” niet ingegaan op actuele ontwikkelingen met betrekking tot verblijfsrecreatie en permanent wonen. Maatwerk waarop wordt gedoeld voor parken met een hoge kwaliteit en met weinig toeristisch perspectief betreffen afzonderlijke ruimtelijke procedures. Verder kan hierbij opgemerkt worden dat momenteel inderdaad een onderzoek wordt uitgevoerd naar de juridische mogelijkheden omtrent permanente bewoning op recreatiewoningen. Wanneer dit onderzoek is afgerond, ontstaat pas enig inzicht in eventuele criteria. Vanaf dat stadium is het dan ook pas zinvol om met elkaar in gesprek te komen. Het signaal om niet pas na afronding van het traject voor De Noenes, maar eerder, met elkaar in gesprek te komen is dan ook aangekomen.

Conclusie: De zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.

2.2

Reclamant 4

Reclamant vraagt aandacht voor de volgende punten: 2.2.1 Toestaan permanente bewoning Reclamant merkt op dat het wenselijk is om de bestemming voor recreatiepark ‘Hermitage’ te wijzigen naar ‘wonen’, waarbij de recreatiewoningen permanent bewoond kunnen worden. Dit aangezien het recreatiepark ‘Hermitage’ volgens het project “Duurzaam en veilig recreëren” geen toeristisch/recreatief perspectief heeft en dus niet beschouwd kan worden als een recreatieterrein. Recreatiepark ‘Hermitage’ heeft ook de aandacht van het burgerinitiatief Parken Zonder Toeristisch Perspectief wat aanduidt dat het noodzakelijk is dat bestemmingsplan nodig veranderd zou worden. De voorgestelde verandering sluit bovendien aan bij de wijziging van het Besluit omgevingsrecht, waarbij de mogelijkheden voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor permanente bewoning van recreatiewoningen worden verruimd. Bovendien merkt reclamant op dat de gewijzigde omgevingswet gemeenten meer ruimte biedt om permanente bewoning van een recreatiewoning mogelijk te maken. Reactie: Zoals in paragraaf 2.1.2 is aangegeven, betreft de onderhavige herziening uitsluitend een geringe herziening, waarbij met name enkele omissies worden hersteld en definities worden aangescherpt. Het betreft géén inhoudelijke herziening van de geldende planologische kaders.

Het uitgangspunt van het bestemmingsplan “Verblijfsrecreatieterreinen” is dat

Nota zienswijzen bestemmingsplan Herziening verblijfsrecreatieterreinen

5

permanente bewoning niet is toegestaan. Dit uitgangspunt blijft dan ook in de onderhavige herziening ongewijzigd. Zoals in paragraaf 2.1.2 ook is aangegeven, zijn we momenteel bezig met een onderzoek naar de juridische mogelijkheden omtrent permanente bewoning op recreatiewoningen. Dit onderzoek wordt in principe uitgevoerd voor De Noenes, maar geeft ook input voor andere recreatieparken binnen onze gemeente. De Noenes wordt hierbij als pilot gezien. Pas wanneer het traject voor De Noenes is afgerond, wordt eventueel gekeken naar maatwerk voor andere recreatieparken. Conclusie: De zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.

2.3

Reclamant 5

Reclamant vraagt aandacht voor de volgende punten: Reclamant geeft met betrekking tot de ‘Groenstrook Hermitage’ aan dat eerder om ontheffing is verzocht om deels buiten een bouwvlak een bouwwerk voor recreatief nachtverblijf op te richten. Deze ontheffing zag op één bouwvlak die qua omvang te gering is (omvang van 36 m2) om een bouwwerk voor recreatief nachtverblijf van voldoende omvang op te richten. Deze omgevingsvergunning is nadien ingetrokken. In het verleden is vaker bezwaar gemaakt op zowel de positie als de afmetingen van de ingetekende bouwvlakken. Dit omdat de ingetekende bouwvlakken weinig te maken hebben met de aanwezige opstallen. Daarnaast merkt reclamant op dat de bouwvlakken qua omvang nogal sterk verschillen en het aantal bouwvlakken ter plaatse van dit perceel niet correspondeert met de aanwezige opstallen. Daarom wordt verzocht om het betreffende bouwvlak met een omvang van 36 m 2 aan te passen naar minimaal 54 m2 of groter en te verschuiven naar minimaal 1 meter van de erfgrens. Op deze manier kan namelijk een meer eenduidige aanpak van de herinrichting worden nagestreefd. Reactie: Zoals in de voorgaande paragrafen is aangegeven, betreft de onderhavige herziening uitsluitend een geringe herziening, waarbij met name enkele onvolkomenheden, onduidelijkheden en gebrekkige definities worden hersteld.

Het betreft géén inhoudelijke herziening van de geldende planologische kaders. Dit maakt dat de bouwvlakken ter plaatse van ‘Groenstrook Hermitage’, zoals bepaald in het bestemmingsplan Verblijfsrecreatieterreinen (vastgesteld op 25 september 2014), als uitgangspunt blijven fungeren in de onderhavige herziening. Voor zover wordt beoogd om één bouwvlak te vergroten en te verschuiven dient hier een afzonderlijke ruimtelijke procedure voor doorlopen te worden. Conclusie: De zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.

Nota zienswijzen bestemmingsplan Herziening verblijfsrecreatieterreinen

6

3.

Ambtshalve aanpassingen

In hoofdstuk 2 is aangegeven of (en zo ja, hoe) de zienswijzen aanleiding hebben gegeven tot aanpassingen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan. In sommige gevallen is er tevens aanleiding tot aanvullende aanpassingen zonder dat daar een zienswijze aan ten grondslag ligt. Dit betreffen de zogenaamde ambtshalve wijzigingen. Het bestemmingsplan is hierbij op de onderstaande onderdelen aangepast: 1. In de toelichting wordt hoofdstuk 6 aangevuld ter beschrijving van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan; 2. De nota zienswijzen wordt als bijlage toegevoegd aan de toelichting van het bestemmingsplan.

Nota zienswijzen bestemmingsplan Herziening verblijfsrecreatieterreinen

7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11088730/1