22-109 Jaarrekening 2021 en begroting 2023 OMWB - Raadsvoorstel - aanvaard
Tekst van het document
Raadsvoorstel Onderwerp: Begroting 2023 en jaarrekening 2021 OMWB Raadsvergadering d.d. 9 juni 2022
Zaaknummer: 132719
Raadsvoorstelnr: 22-109
Afdeling: Advies, Ondersteuning en Veiligheid (AOV)
Voorstel Wij stellen u voor: 1. Kennis te nemen van de voorlopige jaarrekening 2021 van de OMWB; 2. Kennis te nemen van de ontwerpbegroting 2023 van de OMWB en daarop geen zienswijze in te dienen. Inleiding De Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB) is een samenwerkingsverband van 25 gemeenten en de provincie Noord-Brabant. De OMWB is belast met de voorbereiding van besluitvorming over vergunningen, toezicht en handhaving en specialistische taken op het gebied van milieu. In artikel 59, eerste lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen en in de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant zijn bepalingen opgenomen over de te volgen procedure bij het vaststellen van de begroting. Op grond daarvan worden de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten en Provinciale Staten in de gelegenheid gesteld hun zienswijzen over de ontwerpbegroting aan het dagelijks bestuur van de OMWB kenbaar te maken. Met inachtneming van de ingediende zienswijzen wordt de begroting ter vaststelling aangeboden aan het algemeen bestuur van de OMWB. Eventuele zienswijzen moeten uiterlijk 10 juni 2022 worden ingediend. Argumenten 1.1 Voorlopige jaarrekening 2021 laat een positief resultaat zien Het boekjaar 2021 is afgesloten met een klein positief resultaat van € 164.000 (2020: € 542.000).
Op pagina 6-8 van de voorlopige jaarstukken 2021 is een toelichting op dit resultaat gegeven. Bij de vaststelling van de jaarrekening 2021 wordt aan het algemeen bestuur van de OMWB een voorstel gedaan voor bestemming van het resultaat. Naar verwachting wordt het resultaat toegevoegd aan de algemene reserves. 2.1 De ontwerpbegroting 2023 is sluitend en voldoet aan de wettelijke voorschriften Wij kunnen ons vinden in de ontwerpbegroting 2023. De ontwerpbegroting is meerjarig financieel sluitend en voldoet aan de eisen van het Besluit begroting en verantwoording (Bbv). Ook is de financiële positie versterkt. Er is sprake van een gezond financieel beleid, ondanks de onzekerheden (zie kanttekeningen) die er ook zijn.
1
In de ontwerpbegroting is rekening gehouden met een loonstijging van 2,3% en een prijsstijging van 1,5%. Deze percentages zijn gebaseerd op de septembercirculaire 2021 van het ministerie van BZK. De productiviteitsnorm bedraagt als gevolg van het verlies aan declarabiliteit door de harmonisatie van verlofrechten op basis van de nieuwe cao 1328 uur (was 1350 uur). Voor 2023 heeft een actualisatie van het uurtarief plaatsgevonden, waarbij rekening is gehouden met cao-effecten, kostenindexering en kostenbesparingen. Het gemiddelde uurtarief voor 2023 bedraagt € 97,00 (tarief 2022 € 95,00). 2.2 MWB-norm (kwaliteitsnorm) is geëvalueerd Voor de uitvoering van de wettelijke basistaken wordt vanaf 2019 gerekend met de zogenaamde MWB-norm, zoals deze is vastgesteld door het algemeen bestuur van de OMWB op 15 december 2017. In opdracht van het Algemeen Bestuur (AB) is deze norm geëvalueerd. De MWB-norm blijft voor toezicht uitgaan van een professioneel minimaal aanvaardbaar niveau en voor de aanbod gestuurde taken (vergunningverlening, repressief, bezwaar en beroep en klachten) is de historie bepalend voor de norm (voorheen gold hiervoor een bepaald percentage dat in de praktijk niet realistisch bleek). Voor vrijwel alle gemeenten betekent dit dat de nieuwe MWB-norm (aanzienlijk) hoger is dan de oude norm.
Omdat in de werkplannen meestal al rekening werd gehouden met realistische ramingen op basis van ervaringsgegevens, heeft dit echter voor de meeste gemeenten geen negatieve gevolgen. Voor Oisterwijk bijvoorbeeld is de hoogte van de nieuwe MWB-norm voor de inrichting gebonden taken € 315.100, terwijl in het werkprogramma 2022 is uitgegaan van een bedrag van € 318.500. 2.3 Er is geen aanleiding om een zienswijze in te dienen De ontwerpbegroting 2023 toont een financieel gezonde organisatie en geeft ons geen aanleiding u voor te stellen daarover een zienswijze in te dienen. Kanttekeningen 2.1 Er is een aantal financiële onzekerheden Naar verwachting treedt op 1 januari 2023 de Omgevingswet in werking. De invoering van de wet betekent een grote verandering voor de taakuitoefening en werkwijze van de OMWB. Ondanks het feit dat de OMWB daarop goed voorbereid is, begint het feitelijke veranderproces pas na de inwerkingtreding. De financiële gevolgen hiervan zijn op dit moment nog niet in te schatten. Daarnaast zijn als gevolg van de Russische invasie van Oekraïne de prijzen van olie en gas en bepaalde grondstoffen aanzienlijk gestegen. Ook dit kan impact hebben op het toekomstig kostenniveau van de OMWB. Financiën In de meerjarenbegroting van de gemeente Oisterwijk is voor de OMWB een bedrag opgenomen van € 728.000.
De voor de gemeente Oisterwijk in de begroting van de OMWB opgenomen (voorlopige) deelnemersbijdrage voor 2023 is € 696.172. Dit bedrag is gebaseerd op het bestuurlijk goedgekeurde werkplan 2022 (681.796) met wijziging van het uurtarief van € 95,00 naar € 97,00. Naar verwachting treedt per 1 januari 2023 de Omgevingswet in werking en in samenhang daarmee gaat het bevoegd gezag voor bodem en ondergrond (saneringen e.d.) van provincie over naar gemeenten. De OMWB heeft per gemeente een inschatting gemaakt van de
2
benodigde financiën die voor het uitvoeren van de nieuwe bodemtaak noodzakelijk zijn. Voor de gemeente Oisterwijk zou dit neerkomen op een bedrag van ongeveer € 42.000. In de begroting van de gemeente Oisterwijk is al rekening gehouden met dit extra benodigde bedrag. Dit verklaart voornamelijk het verschil tussen de in de begroting van de OMWB opgenomen deelnemersbijdrage 2023 en het in de meerjarenbegroting van Oisterwijk opgenomen bedrag voor de OMWB. Per saldo zou dit een tekort van ongeveer € 10.000 betekenen. Dit bedrag wordt opgehoogd bij de begroting 2023 waarmee het budget van de OMWB stijgt van € 728.000 naar € 738.000. De definitieve invulling van de deelnemersbijdrage vindt overigens plaats aan de hand van het bestuurlijk vast te stellen werkprogramma 2023 en de eindafrekening gebeurt op basis van de werkelijk afgenomen producten en diensten met als ondergrens de MWB-norm. Communicatie Uw standpunt wordt ter kennisname gebracht van het dagelijks bestuur van de OMWB. Uitvoering Met inachtneming van de ingediende zienswijzen legt het dagelijks bestuur van de OMWB de begroting ter vaststelling voor aan het algemeen bestuur. Bijlagen 1. Aanbiedingsbrief ontwerpbegroting 2023 d.d. 1 april 2022 2. Ontwerpbegroting 2023 3. Voorlopige jaarrekening 2021
Oisterwijk 19 april 2022, Het college, de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
Coen Boode
Hans Janssen
3
Raadsbesluit Voorstel tot het kennis nemen van de voorlopige jaarrekening 2021 en de ontwerpbegroting 2023 OMWB en daarop geen zienswijze in te dienen
De raad van de gemeente Oisterwijk, gelezen het voorstel van het college d.d. 19 april 2022, afdeling Advies, Ondersteuning en Veiligheid (AOV), raadsvoorstel nr. 22/109;
gelet op artikel 59, eerste lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen en de in de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant opgenomen bepalingen; besluit: 1. Kennis te nemen van de voorlopige jaarrekening 2021 van de OMWB; 2. Kennis te nemen van de ontwerpbegroting 2023 van de OMWB en daarop geen zienswijze in te dienen. Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Oisterwijk op 9 juni 2022 de griffier,
de voorzitter,
Daniëlle Robijns
Hans Janssen
4