CConstaterende datOisterwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

21-52B Beroep bestemmingsplan buitengebied Haaren- raadsvoorstel - aanvaard

RAAD 12 juli 2021, gemeente OisterwijkBij agendapunt: 21-52B Beroep bestemmingsplan buitengebied Haaren4.467 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Onderwerp: Beroep bestemmingsplan buitengebied Haaren herziening 2020

Zaaknummer: 78347

Raadsvergadering d.d. 12 juli 2021

Raadsvoorstelnr: 21-52

Afdeling

Contactpersoon/email

Ruimte

carl.dortmans@oisterwijk.nl

Voorstel Wij stellen u voor: 1. Om op een zestal beroepsgronden de volgende keuzes te maken met betrekking tot de herziening van het bestemmingsplan buitengebied Haaren: 1. 2. 3. 4. 5.

Het beleid voor vrijkomende agrarische bebouwing (VAB) te herstellen; De oppervlakte bijgebouwen bij recreatiewoningen (R1) te herstellen; De maximum inhoud voor burgerwoningen ongewijzigd te laten; De maximale hoogte van bijgebouwen bij wonen ongewijzigd te laten; De maximale oppervlakte beroep of bedrijf aan huis bij de bestemming `Agrarisch’ ongewijzigd te laten; 6. De maximale periode voor plaatsing van woonunits en stacaravans voor tijdelijke huisvesting van seizoenswerknemers te verwerken in het beleid voor huisvesting van arbeidsmigranten. 2. De besluiten die leiden tot aanpassing van de herziening als zodanig te verwerken.

Inleiding Met ingang van 1 januari 2021 is het grondgebied van de voormalige gemeente Haaren opgesplitst en deels toebedeeld aan de gemeente Oisterwijk. Het `bestemmingsplan Buitengebied Haaren, herziening 2020’ dat op 24 september 2020 is vastgesteld door de gemeenteraad van de voormalige gemeente Haaren blijft ook na de herindeling van kracht en wordt na de herindeling geacht te zijn vastgesteld door de gemeenteraad van Oisterwijk. Met het oog op de rechtsongelijkheid die vanaf 2021 is ontstaan tussen de bewoners en grondeigenaren van de voormalige gemeente Haaren en die van de gemeente Oisterwijk is het de wens om in het bestemmingsplan te streven naar harmonisatie van beleid. Geconstateerd is dat door de herziening van het bestemmingsplan Buitengebied Haaren 2020 het beleid op diverse vlakken verder afwijkt van het bestemmingsplan ‘Buitengebied correctieve herziening 2015’ van de gemeente Oisterwijk. Daarnaast verliest het VAB-beleid zijn flexibiliteit omdat het deels opgenomen is in de bestemmingsplanregels. Het college van Oisterwijk heeft op 14 juli 2020 bij de gemeenteraad van Haaren een zienswijze ingediend op het ontwerp van bedoelde herziening met het doel om de verschillen in beleid te verkleinen en de flexibiliteit voor eventuele aanpassingen te behouden. Deze zienswijze is door de raad van Haaren ongegrond verklaard. Dit heeft aanleiding gegeven aan het college om

1

beroep in te dienen tegen zes op zichzelf staande bepalingen in de vastgestelde herziening van het bestemmingsplan. Uw raad kan lopende het beroep de herziening van het bestemmingsplan aanpassen waarna het college het beroep kan intrekken. De onderdelen die nu voorliggen voor standpuntbepaling en eventueel daaropvolgende wijziging zijn die, die: o Alleen een andere status hebben gekregen: Dit geldt voor het VAB-beleid. Dit beleid is niet inhoudelijk gewijzigd maar is geheel onder de wijzigingsbevoegdheid van het college gebracht door het als zodanig op te nemen in de regels van het bestemmingsplan. Voorheen was het college slechts bevoegd gezag voor een deel van het VAB-beleid. o Inhoudelijk gewijzigd en direct toepasbaar zijn; zoals de oppervlakte van bijgebouwen bij recreatiewoningen en de inhoud van burgerwoningen, o Inhoudelijk gewijzigd en indirect toepasbaar zijn; zoals de maximale hoogte van bijgebouwen bij woningen en de maximale oppervlakte beroep of bedrijf aan huis bij de bestemming `Agrarisch’.

Toelichting beroepsgronden, keuze-opties en voorkeur

1. VAB-beleid Beroepsgrond: Het beleid voor vrijkomende agrarische bebouwing was een Haarense beleidsnotitie die door de Haarense herziening opgenomen is in de regels van het bestemmingsplan. De gemeenteraad van Haaren heeft in 2017 het Beleidskader Vrijkomende Agrarische Bebouwing (VAB-beleid) vastgesteld. Dit beleid is bedoeld om ruimere mogelijkheden te bieden aan het gebruik van agrarische bedrijfsgebouwen na beëindiging van de agrarische onderneming. Op basis van het beleid konden stoppende agrariërs bij de gemeenteraad een verzoek doen om de bestemming van gronden binnen het (agrarisch) bouwvlak te wijzigen in de bestemming ‘Wonen’ of de bestemming ‘Bedrijf’. De raad was daarbij bevoegd gezag. Slechts voor een VAB-verzoek voor wijziging van agrarisch naar wonen met minder dan 200 m2 aan bijgebouwen was al een wijzigingsbevoegdheid van toepassing. De herziening van het bestemmingsplan heeft niet geleid tot een inhoudelijke wijziging van het VAB-beleid als toetsingskader maar de status van het beleid is gewijzigd omdat het nu is geïntegreerd in het bestemmingsplan. Als de gemeenteraad van Oisterwijk op enig moment een verruiming of een beperking van het toetsingskader wil doorvoeren, kan dat alleen nog maar met een herziening van het bestemmingsplan.

Wanneer het VAB-beleid niet was geïntegreerd dan zou een verruiming of beperking van het toetsingskader procedureel niet meer inhouden dan de gebruikelijke wijziging van een beleidsregel. Daarnaast is door het opnemen van een wijzigingsbevoegdheid het college nu bevoegd gezag voor alle VABaanvragen waar eerst de raad moest beslissen. Opties: 1. VAB-beleid ongewijzigd laten 2. VAB-beleid weer losmaken van het bestemmingsplan (voorstel) Voorstel: De flexibiliteit om het VAB-beleid naar voortschrijdend inzicht aan te passen is nu verdwenen. Wanneer de nieuwe Visie Buitengebied Oisterwijk zou leiden tot nieuw VAB-beleid dan zal dit beleid niet gelden voor het voormalig grondgebied van Haaren omdat hiervoor het Haarense VAB-beleid al verankerd is in het bestemmingsplan. Hierdoor is harmonisatie niet mogelijk en blijft de rechtsongelijkheid tussen burgers bestaan. Het VAB-beleid kan daarom

2

het best weer worden losgemaakt van het bestemmingsplan. De gemeenteraad kan dan op een later moment zijn eigen beleid in de plaats stellen van het Beleidskader Vrijkomende Agrarische Bebouwing zonder dat hiervoor het bestemmingsplan hoeft te worden gewijzigd. De beoordeling van aanvragen voor bestemmingswijzigingen voor VAB’s zal daarmee op dezelfde wijze verlopen als de afgelopen jaren. Aanvragen die reeds geruime tijd in ontwikkeling zijn zullen op basis van gewekt vertrouwen volgens Haarense VAB-beleid worden afgewikkeld.

2. Oppervlakte bijgebouwen bij recreatiewoningen R1 Beroepsgrond: Recreanten mogen ingevolge de herziening bij hun recreatiewoning met bestemming R1 een bijbehorend bouwwerk van 30 m² plaatsen. Vóór de herziening waren alleen bergingen met een oppervlakte van 6 m² toegestaan. Opties: 1. De maat van 30 m2 blijft gehandhaafd: 2. De maat wordt hersteld naar 6 m2 (voorstel) Voorstel: De bestaande maat van 6 m2 per recreatiewoning te handhaven. Een verdere verruiming leidt tot extra bebouwing in het buitengebied en kan daarnaast permanente bewoning in de hand werken. Daarnaast vergroot een verruiming tot 30 m2 de rechtsongelijkheid met het buitengebied van Oisterwijk waarbij geen bijgebouwen bij recreatiewoningen mogen worden opgericht. Met het handhaven van de maat van 6 m2 zet de raad tevens de lijn uit voor de toekomstige mogelijkheid om in Oisterwijk ook deze oppervlakte toe te staan bij recreatiewoningen. De aanduiding `Recreatiewoning 1’ komt op Oisterwijks grondgebied geheel niet voor. De aanleiding voor deze aanpassing is gelegen buiten het grondgebied van de huidige gemeente Oisterwijk. Deze aanpassing in de herziening dient dan ook geen doel voor het nieuwe Oisterwijks grondgebied en kan slechts worden toegepast bij eventueel nieuw toe te kennen bestemmingen `Recreatiewoning 1’. Deze precedentwerking is ongewenst.

3. Maximum inhoud burgerwoningen Beroepsgrond: In de herziening wordt de maximale maat voor burgerwoningen, en bij woningen bij gemengde bestemming, in het buitengebied opgerekt van 600 tot 750 m3. Opties: 1. De maat van 750 m3 blijft gehandhaafd (voorstel) 2. De maat wordt hersteld naar 600 m3. Voorstel: Gelet op de algemene hedendaagse behoefte aan vergroting van het wooncomfort kan ook de maat van de buitengebiedwoning worden opgeschaald. De schaal en perceelsgrootte in het buitengebied verdragen een grotere korrelgrootte van bouwwerken. Momenteel worden in de gemeente Oisterwijk al geregeld verzoeken voor ruimere woningen gedaan die doorgaans worden gehonoreerd. Tevens wordt daarbij aangesloten bij de maatvoering voor bedrijfswoningen waarvoor in het Haarense buitengebied al een maat van 750 m3 geldt.

3

4. Maximum hoogte bijgebouwen bij Wonen Beroepsgrond: In de herziening geldt een afwijkingsbevoegdheid onder de bestemming `Wonen’ om bijbehorende bouwwerken waarvan de bouwhoogte normaal (en in het voorgaande bestemmingsplan) beperkt is tot 5,5 meter te verhogen tot 8,00 meter. Wel is daarvoor een zorgvuldige landschappelijke en stedenbouwkundige inpassing vereist. In het bestemmingsplan buitengebied van Oisterwijk bedraagt deze maat 6 meter. Opties: 1. De maat van 8 meter blijft gehandhaafd (voorstel) 2. De maat van Oisterwijk wordt gehanteerd; 6 meter Voorstel: Deze verruiming kan in stand worden gelaten. De afwijkende maximale hoogte van 8 meter is gebonden aan een afwijkingsbevoegdheid van het college. Aangezien er tevens kwaliteitseisen aan deze verruimde maat worden gebonden blijft het college met het verlenen van toestemming, grip houden op deze mogelijkheid tot verruiming.

5. Maximale oppervlakte voor beroep of bedrijf aan huis bij agrarische bestemmingen Beroepsgrond: In de vastgestelde herziening krijgt het college de bevoegdheid om af te wijken van het bestemmingsplan en een omgevingsvergunning te verlenen voor het voeren van een bedrijf of beroep aan huis als ondergeschikte functie bij de agrarische functie waarbij maximaal 200 m² aan oppervlakte wordt toegestaan. Het bedrijf moet daarbij passen binnen de milieucategorie 1 en 2 van de Handreiking Bedrijven en Milieuzonering 2009 waarbij geen relatie met het buitengebied hoeft te bestaan. De activiteit dient te worden uitgeoefend door de bewoner en detailhandel is niet toegestaan. Deze bevoegdheid bestond nog niet in Haaren. In het voorgaande bestemmingsplan werd slechts 30 m² voor aan-huis-gebonden-beroep en 60 m² voor aan-huis-gebonden-bedrijf toegestaan. Oisterwijk kent deze regeling ook, maar staat slechts toe dat 80 m² wordt ingezet voor het bedrijf of beroep aan huis. Opties: 1. De maat van 200 m2 blijft gehandhaafd (voorstel) 2. De Oisterwijkse maat van 80 m2 wordt gehanteerd voor zowel beroep als bedrijf aan huis; Voorstel: Wanneer de raad van mening is dat de agrarische sector meer ruimte geboden moet worden voor het verwerven van alternatieve inkomsten dan kan met een maat van 200 m2 worden ingestemd aangezien de wijzigingsbevoegdheid daarbij blijft behouden.

De wijzigingsbevoegdheid maakt het mogelijk om grip op deze ontwikkeling te houden. Het toestaan van 200 m2 kan dan tevens de norm zijn voor het toekomstige Oisterwijks beleid.

6. Maximale periode voor plaatsing van woonunits en stacaravans voor tijdelijke huisvesting van seizoenswerknemers Beroepsgrond: In het voormalige bestemmingsplan was reeds een afwijkingsbevoegdheid opgenomen voor het tijdelijk plaatsen van woonunits en stacaravans voor de tijdelijke huisvesting van seizoenswerknemers. In de herziening is de maximale periode gedurende welke deze objecten geplaatst mogen worden, opgerekt van zes maanden naar negen maanden. Na deze termijn dienen de tijdelijke woonverblijven te worden verwijderd. De basis voor deze herziening is een wijziging in rijksregelgeving. Het beroep is ingesteld omdat dit argument een niet ruimtelijkrelevant argument is.

4

Voorstel: Een verdere ruimtelijke afweging van deze beroepsgrond kan de raad maken in het kader van de totstandkoming van het beleid voor huisvesting van arbeidsmigranten.

Argumenten 1.1. Eensluidend VAB-beleid voor geheel Oisterwijk is mogelijk Een goed VAB-beleid is belangrijk omdat het perspectief biedt voor stoppende agrariërs om op eigen kracht alternatieve bedrijfsinkomsten te creëren. Momenteel wordt een nieuwe visie op het buitengebied ontwikkeld. Daarbij kan, voor het VAB-beleid dat daaruit voorkomt, ook geleerd worden van het Haarense VAB-beleid. Wanneer de raad verandering wenst in dit beleid moet dit ook op voormalig Haarens grondgebied kunnen worden doorgevoerd. Met het fixeren van het Haarense VAB-beleid in het bestemmingsplan wordt een eensluidend VABbeleid voor Oisterwijks grondgebied bemoeilijkt en getemporiseerd. 1.2. Vooralsnog kan het beleid ongewijzigd worden voortgezet. Met het herstellen van de herziening op deze VAB-beroepsgrond blijft de beoordeling van VAB-aanvragen ongewijzigd. Zowel het inhoudelijke toetsingskader waarmee beoordeeld wordt welke woon- of bedrijfsfunctie onder welke randvoorwaarden mogelijk zijn als de bevoegdheid van de raad om de bestemming te wijzigen, blijven ongewijzigd. Het Haarense VAB-beleid is met de samenvoeging van de gemeenten in kracht gebleven en niet door de gemeente Oisterwijk ingetrokken.

Pas na het uitkristalliseren van de visie buitengebied en het daaruit voortkomende VAB-beleid kan het besluitvormingstraject worden opgestart om te komen tot aanpassing van het VAB-beleid voor de hele gemeente. Vooralsnog blijft het bestaande Haarense VAB-beleid nog geruime tijd van toepassing op voormalig Haarens grondgebied. Daarnaast is bestuurlijk besloten dat aan initiatieven op basis van gewekt vertrouwen verder zal worden meegewerkt. 1.3. Ongewijzigd laten VAB-beleid is minder gewenst Wanneer de herziening intact blijft, wordt het belangrijkste deel van het VAB-beleid in het bestemmingsplan opgenomen en wordt de bevoegdheid om de bestemming te wijzigen, gedelegeerd naar het college. Met het fixeren van het beleid in het bestemmingsplan is beoogd om de werking ervan voor geruime tijd te borgen aangezien aanpassing slechts mogelijk is met een tijdrovende herziening van het bestemmingsplan. Dit is ongewenst. Ten eerste ligt de starheid van het VAB-beleid niet in lijn met de gewenste flexibiliteit van het bestemmingsplan zoals verwoord in de bestuursopdracht. Het beleid zou door voortschrijdend inzicht moeten kunnen worden aangepast. Ten tweede duurt daarmee de rechtsongelijkheid tussen inwoners van voormalig Haarens en voormalig Oisterwijks grondgebied langer voort dan nodig is terwijl het de wens is om snel naar harmonisatie van beleid te streven. 1.4.

Bestemming `Recreatiewoning 1’ (R1) komt op Oisterwijks grondgebied niet voor Een handhavingsinventarisatie in het Haarens buitengebied, gelegen buiten Oisterwijks grondgebied, vormde de aanleiding voor deze verruiming. De bestemming R1 komt echter op voormalig Haarens grondgebied en verder in Oisterwijk niet voor. Er is dan ook geen aanleiding om de bouwmogelijkheden voor R1 te verruimen. 1.5. Voor de bestemming R1 is de bebouwde oppervlakte al vergroot; een verdere vergroting van bijgebouwen is ongewenst. In de herziening is de inhoud van de bebouwing voor R1 al vergroot van 200 naar 260 m3. Met deze verruiming wordt tegemoet gekomen aan de behoefte aan meer comfort. Een verdere verruiming van de oppervlakte voor bijgebouwen van 6 naar 30 m2 kan leiden tot permanente bewoning of het gebruik van het bijgebouw als zelfstandige verblijfseenheid. Tenslotte leidt een dergelijke ruime maat tot precedenten voor toekomstige recreatieve bestemmingen R1.

5

1.6. Verruiming van de bouwmogelijkheden leidt tot ongewenst verstening In Oisterwijk zijn bijgebouwen bij recreatiewoningen niet toegestaan. Het verruimen van de maatvoering van 6 naar 30 m2 op voormalig Haarens grondgebied kan leiden tot een verdere verstening van het buitengebied. Gelet op het behoud van de landschappelijke kwaliteit is dit ongewenst. Vanuit Oisterwijks gezichtspunt biedt de oppervlakte van 6 m2 een verruiming. 1.7. Herstellen bouwmogelijkheden past minder in Oisterwijks beleid Als alternatief voor het herstellen van de herziening voor dit onderdeel is het ongewijzigd laten van de herziening. Aangezien de bestemming niet voorkomt op Oisterwijks grondgebied heeft deze keuze geen directe gevolgen. Toch wordt deze optie afgeraden omdat het niet uit te sluiten is dat deze bestemming in de toekomst gelegd gaat worden en omdat een toekomstige harmonisatie van Oisterwijks beleid dan slechts in deze richting mogelijk wordt terwijl Oisterwijk in haar beleid momenteel zelf geen bijgebouwen toestaat. 1.8. Grotere inhoud voor woningen komt tegemoet aan de vraag Perceeleigenaren in het buitengebied hebben in de regel de wens om ruimer te bouwen dan het huidige maximum van 600 m3. Een ruimer bemeten woning is in het buitengebied normalerwijze ook stedenbouwkundig verantwoord en komt tegemoet aan de vraag naar meer comfort. 1.9.

Hiermee wordt gebruik gemaakt van de beleidsruimte die de provincie biedt. De bepaling van de inhoud van een woning laat de provincie aan de gemeente over. De keuze om de inhoudsmaat van burgerwoningen te vergroten dient gebaseerd te zijn op het principe van bevordering van ruimtelijke kwaliteit. In het huidige beleid van de gemeente Oisterwijk en voormalige gemeente Haaren is 600 m3 toegestaan waarbij met het toepassen van uitstekende bouwdelen en realisering van een kelder in de praktijk al tot 750 m3 kan worden uitgebreid. Aanvragen voor een woning met een inhoud tot 750 m3 worden doorgaans ook gehonoreerd. Voor Haarens grondgebied sluit deze maat aan op de norm die reeds geldt voor bedrijfswoningen. 1.10. Herstellen inhoud woningen geeft niet de gewenste ruimte Bij herstel van de herziening wordt de bestaande maat van 600 m3 hersteld. Daarmee wordt niet tegemoet gekomen aan de wens van de voormalige Haarense raad om meer ruimte te bieden aan woningen voor burgerbewoning en gemengde bestemming in het buitengebied. Ook in Oisterwijk wordt vaak het verzoek gedaan en gehonoreerd om ruimer te bouwen.

Met het ongewijzigd laten van de herziening op deze beroepsgrond zet de raad bewust en weloverwogen de norm voor de maatvoering in de herziening van het bestemmingsplan buitengebied van Oisterwijk waarmee aan aanvragen voor woningen, ruimer dan 600 m3, ook in Oisterwijk geen medewerking kan worden verleend. 1.11.. Grotere bouwhoogte is alleen na nadere afweging toelaatbaar Afhankelijk van de argumenten om hoger te bouwen en de gevoeligheid van de locatie is een verruiming van de bouwhoogte te overwegen. In de afwijkingsbevoegdheid zijn kwaliteitseisen toegevoegd. Hiermee kan in voorkomende aanvragen zorgvuldig worden afgewogen of medewerking in het betreffende geval gewenst is. Bij aanpassing van het bestemmingsplan kan ook de goothoogte met een gelijke marge worden verhoogd. 1.12. Herstellen bouwhoogte geeft niet de gewenste ruimte Met het ongewijzigd laten van de herziening komt de raad niet tegemoet aan de wens om af te kunnen wijken van de vastgestelde maatvoering. Daarmee wordt tevens de norm gezet voor de maatvoering in de toekomstige herziening van het bestemmingsplan buitengebied van Oisterwijk. Een verruiming van de Oisterwijkse maat kan dan niet meer worden verantwoord. 1.13. Verruiming max.

oppervlakte beroep of bedrijf aan huis biedt mogelijkheid alternatieve inkomsten De noodzaak van schaalvergroting in de landbouw leidt voor locaties of bedrijven waar schaalvergroting niet mogelijk is, tot het achterblijven van inkomsten of het beëindigen van het agrarische bedrijf. Voor de laatstgenoemde categorie kan het VAB-beleid uitkomst bieden door functiewijziging naar een ander type bedrijf. Voor de agrarische bedrijven waar de

6

inkomsten achterblijven kan geopteerd worden voor een nevenfunctie (zoals caravanstalling) of beroep of bedrijf aan huis. In het voorgaande bestemmingsplan werd slechts 30 m² voor aan-huis-gebonden-beroep en 60 m² voor aan-huis-gebonden-bedrijf toegestaan. De mogelijkheden zijn met deze maximale oppervlakten beperkt. Met een verruiming van de oppervlakte tot maximaal 200 m2 kunnen meer mogelijkheden worden geboden om tot een volwaardig bedrijfsinkomen te komen. 1.14. Uitbreiding oppervlakte is gebonden aan regels De toename van oppervlakte is fors ten opzicht van het voorgaande bestemmingsplan. De mate waarin de verruiming plaatsvindt is echter afhankelijk van de bereidheid van het college om medewerking aan deze afwijkingsbevoegdheid te bieden. Daarnaast zijn er voorwaarden van toepassing waaraan de functie moet voldoen: slecht bedrijfscategorie 1 en 2 zijn mogelijk (kleinschalige ambachtelijke bedrijven); detailhandel is niet toegestaan; activiteit dient te worden uitgevoerd door de bewoner; voldoende parkeerplaats voorhanden; verantwoorde afwikkeling van verkeer. Daarnaast is het college niet gebonden aan de maximale maat van 200 m2 maar kan ook besluiten tot een kleinere oppervlakte. 1.15.

Aanpassen oppervlakte naar maatvoering Oisterwijk is ongewenst De optie van het herstellen van de herziening is niet realistisch aangezien daarmee een strengere norm wordt gehanteerd dan het Oisterwijkse beleid. Een aanpassing naar de norm van 80 m2 voor beroep en bedrijf aan huis is een realistisch alternatief aangezien daarmee tevens sprake is van harmonisatie met Oisterwijks beleid. De beleidsruimte die de voormalige gemeente Haaren heeft gemeend te moeten creëren voor agrarische bedrijven is ingegeven door de wens om in specifieke gevallen de mogelijkheid te bieden om 200 m2 voor beroep of bedrijf aan huis te bieden. Met het vastleggen van de maximale oppervlakte van 80 m2 wordt niet aan deze wens tegemoet gekomen. Gemeente Oisterwijk wil de beoogde beleidsruimte van Haaren respecteren door deze intact te laten. In het kader van harmonisering ligt een mogelijkheid tot verruiming daarmee ook voor Oisterwijk in het verschiet. 1.16. Het besluit t.a.v. de maximale periode voor plaatsing van woonunits en stacaravans voor tijdelijke huisvesting van seizoenswerknemers, is te nemen in het kader van het beleid voor huisvesting van arbeidsmigranten Beroep tegen dit onderdeel is aangetekend omdat de argumenten niet ruimtelijke van aard zijn. De besluitvorming over dit onderwerp vindt plaats in het kader van de totstandkoming van het beleid voor huisvesting van arbeidsmigranten.

Hoewel er in dit raadsvoorstel geen besluit wordt genomen over dit onderdeel wordt op deze locatie nog aangegeven dat in Oisterwijk geheel geen begrenzing van de duur voor plaatsing van deze woonverblijven geldt.

Kanttekeningen 1.1. Afwijkingen van VAB-beleid zijn mogelijk Hoewel het VAB-beleid een toetsingskader vormt voor initiatieven blijft medewerking aan initiatieven die niet in het kader passen ook nog mogelijk. Het VAB-beleid is derhalve een richtlijn waarlangs zowel de initiatiefnemer als het bevoegd gezag de passendheid van een initiatief kan beoordelen. Voor initiatieven die niet passen in het beleid is medewerking echter niet uitgesloten. Maatwerk blijft altijd, ook buiten het VAB-kader om, mogelijk. 1.2. Verkorte procedures worden niet waargemaakt In de herziening heeft Haaren het VAB-beleid als een wijzigingsbevoegdheid opgenomen in het bestemmingsplan. Met uitvoering van het voorstel om het VAB-beleid te herstellen worden de regels weer uit het bestemmingsplan gehaald maar verdwijnt daarmee tevens de wijzigingsbevoegdheid voor het grootste deel van het VAB-beleid. Alleen voor de wijziging van agrarisch naar wonen met minder dan 200 m2 bijgebouwen blijft de wijzigingsbevoegdheid bestaan. Voor andere aanvragen naar de bestemming wonen of naar bedrijf wordt de raad

7

weer het bevoegd gezag. De beoogde verkorting van de procedure voor VAB-aanvragen via een wijzigingsbevoegdheid wordt daarmee niet gerealiseerd. 2.1. Er zijn nog andere beroepen die invloed kunnen hebben op de herziening Er zijn bij de vaststelling van de herziening ook vier beroepen door andere partijen ingediend. In deze procedures was de gemeenteraad van Haaren verweerder, en is nu, door de herindeling, voor het Oisterwijks grondgebied de raad van Oisterwijk verweerder. Deze procedures zullen in beginsel gewoon doorlopen en Oisterwijk zal hierin de rol van verweerder op zich (moeten) nemen. Het gaat bij die indieners van beroep zowel om een particulieren, die een eigen belang hebben voor wat betreft hun eigen perceel, als om belangenorganisaties op het gebied van milieu en natuur met een breder belang. De keuzes die de raad maakt hebben mogelijk gevolgen voor het verweer tegen deze beroepen. Immers, er kan pas verweer gevoerd worden wanneer besloten is over de aanpassing van de herziening. Vervolgens staat elke wijziging van de herziening weer open voor beroep tegen deze wijziging. Daarnaast kunnen deze vier beroepen van invloed zijn op de uiteindelijk vast te stellen herziening ingeval de Afdeling bestuursrechtspraak een beroep gegrond verklaart.

Financiën Het risico van planschade is afhankelijk van de keuze die de raad op de beroepsgronden maakt. Aangezien de herziening niet onherroepelijk is lijkt de kans op planschadeclaims zeer gering. Met het maken van een keuze overeenkomstig het voorstel is er geen sprake van feitelijke beperkingen ten opzichte van de herziening. Daarmee is de kans op planschade nihil.

Communicatie Vanaf eind 2019 heeft communicatie plaatsgevonden rond de herziening van het bestemmingsplan buitengebied van de gemeente Haaren. Daarbij is door het college gecommuniceerd met de gemeente Haaren in de voorontwerpfase, ontwerpfase en definitieve vaststellingsfase van het plan. Tegelijkertijd is inhoudelijk en procedureel zowel ambtelijk als bestuurlijk afgestemd met de ontvangende gemeenten Boxtel en Vught. Het college heeft zowel zienswijzen als beroep ingesteld. De raad is daarbij door raadsinformatiebrieven op de hoogte gehouden. Ter voorbereiding van de aanpassing van de herziening en de beslissing omtrent beroep heeft op 25 maart een raadsontmoeting plaatsgevonden. Vanwege de wens voor een verdere verdieping heeft een tweede sessie in de vorm van een raadsplein plaatsgevonden op 20 mei j.l.

Uitvoering Met het instellen van beroep heeft de gemeente Oisterwijk vooral de mogelijkheid willen creëren om de nieuwe raad te laten beslissen over enkele belangrijke onderdelen van de herziening. Het raadsvoorstel wordt in behandeling gebracht op de collegevergadering van 8 juni 2021. Na accordering door het college wordt het aan de raad voorgelegd op de zitting van 12 juli 2021. De raadsleden beslissen per beroepsgrond welke keuze gemaakt gaat worden. Het raadsbesluit wordt uit de gekozen componenten samengesteld. Na het besluit van de raad is de keuze op elk van de beroepsgronden duidelijk en kan het verweer tegen de overige vier beroepen gevoerd worden. Tevens kan na het besluit van de raad een eventuele aanpassing van de herziening worden voorbereid die recht doet aan de keuze die de raad heeft gemaakt. Deze aanpassing wordt

8

vervolgens aan de raad ter vaststelling aangeboden. Na gewijzigde vaststelling van de herziening wordt deze gepubliceerd in de Staatscourant. Belanghebbenden kunnen binnen zes weken na terinzagelegging bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State in beroep tegen het besluit. Vervolgens kan het college het ingestelde beroep bij de Raad van State intrekken. Na behandeling van alle beroepen krijgt de definitieve herziening zijn onherroepelijke status. Mocht de raad besluiten om de herziening ongewijzigd te laten dan volstaat intrekking van het beroep door het college. Het besluit van de gemeenteraad van Haaren van 24 september 2020 tot vaststelling van het bestemmingsplan ‘buitengebied Haaren, herziening 2020 blijft daarmee intact.

Bijlagen geen

Ter inzage gelegde stukken geen

Oisterwijk 8 juni 2021, Het college, de secretaris,

de burgemeester,

Coen Boode

Hans Janssen

9

Raadsbesluit

Voorstel tot aanpassing van de herziening van het bestemmingsplan buitengebied Haaren 2020 De raad van de gemeente Oisterwijk, gelezen het voorstel van het college d.d. 8 juni 2021, afdeling Ruimte, raadsvoorstel nr. 21-52; gelet op: het bepaalde in artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 6:19 van de Algemene wet bestuursrecht; de herziening van het bestemmingsplan buitengebied Haaren die op 24 september 2020 door de voormalige gemeente Haaren is vastgesteld; de zienswijze op de ontwerpherziening die het college in juli 2020 aan de raad van de voormalige gemeente Haaren heeft gericht; het beroep dat het college en de gemeente Oisterwijk tegen vaststelling van de herziening hebben gericht; de mogelijkheid om lopende het beroep de herziening aangepast vast te stellen; het collegevoorstel van 8 juni 2021 waarin aan de raad een voorstel wordt gedaan met de mogelijkheid om voor elke beroepsgrond voor een optie te kiezen; de totstandkoming van de Visie Buitengebied Oisterwijk; de wens om het VAB-beleid dat daaruit voorkomt voor het gehele grondgebied van toepassing te laten zijn; het besluit om het Haarense VAB-beleid intact te laten; de wens om gewenste aanpassingen in VAB-beleid mogelijk te maken; het besef dat geen van de voorgestelde verruimingen die op Oisterwijks grondgebied voorkomen, worden ingeperkt; het besef dat met de voorgestane verruimingen een voorschot

wordt genomen op het toekomstige beleid voor het buitengebied van Oisterwijk; besluit: 1. Om op een zestal beroepsgronden de volgende keuzes te maken met betrekking tot de herziening van het bestemmingsplan buitengebied Haaren: 1. Het beleid voor vrijkomende agrarische bebouwing (VAB) te herstellen; 2. De oppervlakte bijgebouwen bij recreatiewoningen (R1) te herstellen; 3. De maximum inhoud voor burgerwoningen ongewijzigd te laten; 4. De maximale hoogte van bijgebouwen bij wonen ongewijzigd te laten; 5. De maximale oppervlakte beroep of bedrijf aan huis bij de bestemming `Agrarisch’ ongewijzigd te laten; 6. De maximale periode voor plaatsing van woonunits en stacaravans voor tijdelijke huisvesting van seizoenswerknemers te verwerken in het beleid voor huisvesting van arbeidsmigranten. 2. De besluiten die leiden tot aanpassing van de herziening als zodanig te verwerken.

Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Oisterwijk op 12 juli 2021

10

de griffier,

de voorzitter,

Daniëlle Robijns

Hans Janssen

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10252011/4