CConstaterende datOisterwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

21-49 Bestemmingsplan Oirschotseweg naast 22, Moergestel - bijlage 1B.4 standaardverantwoording groepsrisico omwb

RAAD 18 maart 2021, gemeente OisterwijkBij agendapunt: 21-49 Bestemmingsplan Oirschotseweg naast 22, Moergestel2.991 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Standaard Verantwoording Groepsrisico Gemeente Oisterwijk

Opdrachtgever: K. Schollen, gemeente Oisterwijk Uitvoering L. Jansen, M. van der Wielen, Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant Datum 25 april 2017

1

Standaard Verantwoording Groepsrisico Inleiding Deze standaard verantwoording groepsrisico betreft alle risicobronnen die kunnen leiden tot een groepsrisico, zoals Bevi-inrichtingen, buisleidingen en autowegen. In deze standaard verantwoording worden binnen de gemeente aanwezige risicobronnen beschouwd, alleen indien hiertoe aanleiding bestaat wordt een specifieke bron specifiek benoemd. Deze standaard verantwoording wordt toegepast op grond van art. 13 voor Wro-besluiten en omgevingsvergunningen Wabo voor afwijken van bestemmingsplan of beheersverordening. Voor het groepsrisico moet worden beschouwd welke populatie wordt getroffen door een ongeval met gevaarlijke stoffen. De gevolgen van het onderhavige bestemmingsplan/Wabo-besluit voor het groepsrisico zijn bekend en vormen samen met de aanwezige mogelijkheden tot voorbereiding van bestrijding en beperking van de omvang van een calamiteit en de mogelijkheden tot zelfredzaamheid van in de nabijheid aanwezige personen de basis voor de verantwoording groepsrisico. Voor een verantwoording van het groepsrisico dient de Veiligheidsregio in de gelegenheid te worden gesteld advies uit te brengen. De Veiligheidsregio heeft ervoor gekozen om in vooraf bepaalde situaties een standaardadvies af te geven.

In het standaardadvies wordt in het kader van de verantwoording aandacht besteed aan de volgende aspecten: Mogelijk te treffen maatregelen ter verbetering van de veiligheid; Mogelijkheden voor de rampenbestrijding; Mate van zelfredzaamheid van de aanwezigen Dit standaard advies, van 5 december 2016 is betrokken in onderstaande verantwoording. In de volgende paragrafen worden: x De beleidsuitgangspunten externe veiligheid van Oisterwijk samengevat. x Het toepassingsgebied van deze standaardverantwoording nader toegelicht. x De groepsrisico’s van risicobronnen nader toegelicht. x De bestrijding van de calamiteit en de zelfredzaamheid in relatie tot het standaard advies van de Veiligheidsregio nader uitgewerkt. Er wordt afgesloten met een verantwoording. Extern veiligheidsbeleid van de gemeente Oisterwijk

De gemeente Oisterwijk heeft in 2009 ‘De beleidsvisie externe veiligheid Gemeente Oisterwijk Externe Veiligheid “Wat is dat en hoe gaan we er mee om?” vastgesteld. In deze beleidsvisie wordt inzicht gegeven in de aanwezige risico’s in de gemeente Oisterwijk. Om zowel ruimte te bieden voor de ontwikkeling van bedrijvigheid, de ruimtelijke ontwikkeling van de woonkernen én er voor te zorgen dat de veiligheidsrisico’s beperkt en beheersbaar blijven wordt aan de hand van het beleid (ambities) sturing gegeven aan de situering van bedrijven met een risicocontour en aan ruimtelijke ontwikkelingen binnen risicocontouren. Bovendien zijn de aanpak en de organisatie beschreven, waarmee het beleid wordt gerealiseerd. Een samenvatting van de ambities per gebiedstype zijn weergegeven in onderstaande tabel.

2

Tabel: ambities per gebiedstype (bron: gemeentelijke beleidsvisie)

Woonwijken

Buitengebied

Bedrijventerreinen

Bestaand Bevi

Toestaan onder voorwaarde

Toestaan onder voorwaarde

Toestaan onder voorwaarde

Nieuw Bevi

Niet toestaan

Niet toestaan, behalve propaantanks

Toestaan onder voorwaarde

Bestaand overig risicovol

n.v.t.

Toestaan onder voorwaarde

Toestaan onder voorwaarde

Nieuw overig risicovol

Niet toestaan

Niet toestaan, tenzij zwaarwegende belangen

Toestaan

Bestaande kwetsbare objecten

Wettelijk niet -6 toegestaan binnen 10 contour

Wettelijk niet -6 toegestaan binnen 10 contour

Wettelijk niet toegestaan binnen -6 10 contour

Nieuwe kwetsbare objecten

Wettelijk niet -6 toegestaan binnen 10 contour

Wettelijk niet -6 toegestaan binnen 10 contour

Wettelijk niet toegestaan binnen -6 10 contour

Bestaande beperkt kwetsbare objecten

Wettelijk niet -6 toegestaan binnen 10 contour, tenzij gewichtige redenen

Wettelijk niet -6 toegestaan binnen 10 contour, tenzij gewichtige redenen

Wettelijk niet toegestaan binnen -6 10 contour, tenzij gewichtige redenen

Nieuwe beperkt kwetsbare objecten

Niet toestaan binnen -6 10 contour

niet toestaan binnen -6 10 contour

Wettelijk niet toegestaan binnen -6 10 contour, tenzij gewichtige redenen

Ligging invloedsgebied

Streven naar verkleining invloedsgebied over woonwijken. Nieuwe bedrijven: invloedsgebied niet over woonwijken

Overschrijding oriëntatiewaarde GR

Niet accepteren bij LPG-tankstations

Niet accepteren

Toegestaan, mits zwaarwegende belangen

Kwetsbare objecten met v.z.p. binnen invloedsgebied

Streven naar geen nieuwe K.O. met V.Z.P. binnen invloedsgebied

Streven naar geen nieuwe K.O. met V.Z.P. binnen invloedsgebied

Streven naar geen nieuwe K.O. met V.Z.P. binnen invloedsgebied

Voor deze standaardverantwoording is verder van belang: x Een ‘relevante toename van het groepsrisico’ is voor Oisterwijk een toename van het groepsrisico van 10% of meer; x De Veiligheidsregio hanteert in haar standaardadvies invloedsgebieden die soms hoger zijn dan wettelijk of bij vergunning op basis van een QRA zijn vastgelegd. Een voorbeeld is het invloedsgebied van een LPG-tankstation. Deze is 150 meter in plaats van 200 meter. Waar dit van toepassing is, zullen wij het standaardadvies van de Veiligheidsregio conform de wettelijk bepaalde of bij vergunning vastgelegde invloedsgebieden hanteren. Toepassing Deze standaard verantwoording groepsrisico geldt voor ruimtelijke ontwikkelingen: 3

x x

Buiten de 750 meter van een niet categoriale Bevi-inrichting1 of indien een kleinere invloedsgebied is vastgesteld en vastgelegd dan geldt deze kleinere afstand én; Buiten de 200 meter van een categoriale Bevi-inrichting2, autoweg,3 spoorweg4 of buisleiding5 of indien de wettelijk vastgelegde afstand kleiner is dan 200 meter deze kleinere afstand.

Het beleid van de Veiligheidsregio ten aanzien van nieuwe bijzonder kwetsbare objecten is dat deze zoveel mogelijk geweerd dienen te worden binnen 750 meter van een niet-categoriale Bevi inrichting en nieuwe bijzonder kwetsbare objecten binnen 200 meter van een categoriale Bevi inrichting en risicovolle infrastructuur. De gemeentelijke beleidsvisie gaat uit van invloedsgebieden. In de meeste gevallen zullen de invloedsgebieden groter zijn dan de bovengenoemde afstanden, waardoor de beleidsvisie doorgaans strikter zal zijn. Echter de beleidsvisie geeft ook ruimte om hiervan in voorkomende gevallen van af te wijken. In die gevallen, mits voldaan wordt aan de voorwaarden, kan worden aangesloten op de uitgangspunten voor toepassing van deze standaard verantwoording groepsrisico. Daarnaast wordt opgemerkt dat binnen de randvoorwaarden voor het standaard advies van de Veiligheidsregio meer ontwikkelingen zijn toegelaten dan waarop deze standaardverantwoording betrekking heeft. Het betreft ontwikkelingen voor zover gelegen op een afstand van 30 meter tot 200 meter van een categoriale Bevi-inrichting, spoorlijn, autoweg of buisleiding. De Veiligheidsregio acht het standaardadvies binnen deze zone alleen niet toepasbaar wanneer sprake is van nieuwe bijzonder kwetsbare objecten. Echter deze ontwikkelingen hebben mogelijk een significante toename van het groepsrisico tot gevolg.

Voor deze situaties dient dan ook een verantwoording groepsrisico te worden opgesteld en kan niet worden volstaan met onderhavige standaard verantwoording. Hierop kan worden uitgezonderd indien blijkt dat alleen sprake is van een zogenaamde beperkte verantwoordingsplicht op grond van het Bevt6 of Bevb7. Dat wil zeggen dat dan geen verantwoording over de hoogte van het groepsrisico noodzakelijk is maar wel rekening moet worden gehouden met rampenbestrijding, zelfredzaamheid en hulpverlening in geval van een calamiteit. Voorwaarde hiervoor is dat de ontwikkeling op een afstand van minimaal 30 meter van de risicobron is gelegen. Concluderend is het toepassingsgebied van onderhavige standaard verantwoording opgenomen in onderstaande tabel: Tabel: Toepassingsgebied standaard verantwoording bij ontwikkelingen van (beperkt) kwetsbare of bijzonder kwetsbare objecten

1 2

3

Risicobron

Afstand ontwikkeling

Categoriale Bevi-inrichtingen Niet-categoriale Bevi-inrichting Transportroutes Buisleidingen

> Invloedsgebied of 200 m > Invloedsgebied of 750 m > 200 m > Invloedsgebied of 200 m

Inrichting waarvoor een QRA is opgesteld Inrichting waarvoor vaste afstanden gelden voor plaatsgebonden risico en invloedsgebied (tabellen Revi)

Wegen zoals opgenomen in het Basisnet of overige wegen waarover transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt 4 Waterweg is niet van toepassing 5 Waarop Bevb van toepassing is 6 Besluit externe veiligheid transportroutes 7

Besluit externe veiligheid buisleidingen 4

Voor toepassing van deze standaardverantwoording zijn de afstanden voor niet categoriale inrichtingen (750 m) en categoriale inrichtingen (200 m) leidend, tenzij het invloedsgebied van betreffende inrichting, transportroute of buisleiding kleiner is. In dergelijke gevallen is het werkelijke invloedsgebied bepalend of verantwoording van het groepsrisico van toepassing is. Daarnaast is het toepassingsgebied ook weergegeven op een gebiedskaart (Pdf-bestand) die voor gemeenten ook via www.geobrabant.nl beschikbaar wordt gesteld (medio 2017) in een aparte kaart(laag) voor de standaard verantwoording groepsrisico (SVGR). Op deze kaart zijn hierdoor vier verschillende gebieden te onderscheiden: Tabel: Gebiedskaart verantwoording groepsrisico Legenda

Gebied

Verantwoording en advies

Geel

Op korte afstand van een risicobron: tot 30 meter

Verantwoording groepsrisico en advies Veiligheidsregio

Blauw

Tussen 30 en 2008 meter van risicobron

Verantwoording groepsrisico en standaard advies Veiligheidsregio

Grijs

Buiten 200 of 7509 m van een risicobron

Standaard verantwoording groepsrisico en standaard advies Veiligheidsregio

Transparant

Buiten invloedsgebieden

geen verantwoording groepsrisico en geen advies Veiligheidsregio

Groepsrisico Het groepsrisico als gevolg van aanwezige risicovolle inrichtingen (met uitzondering van LPGtankstations) ligt in alle gevallen onder de oriëntatiewaarde. Belangrijke transportroutes voor gevaarlijke stoffen zijn de A58 en A65/N65. Op grond van het Basisnet zijn berekeningen uitgevoerd. Voor het traject van de A58 is sprake van een groepsrisico, waarvan de waarde lager is dan 0,1 maal de oriëntatiewaarde. Voor de A65 is sprake van een groepsrisico hoger dan 0,1 maal de oriëntatiewaarde. Gezien het bebouwingsbeeld, zal geen sprake zijn van een overschrijding van de oriëntatiewaarde. Binnen de kern Oisterwijk is het spoortraject Tilburg-Eindhoven gelegen. In 2014 is voor nieuwe ontwikkelingen op het KVL-terrein het groepsrisico berekend. In deze QRA is een waarde van 1,1 maal de oriëntatiewaarde voor de toekomstige situatie berekend. De binnen de gemeente Oisterwijk gelegen buisleidingen, die relevant zijn voor externe veiligheid, betreffen voornamelijk aardgasleidingen. De aardgasleidingen zijn met name gelegen in het buitengebied van de gemeente. De hogedruk aardgasleiding Z-520, voor zover gelegen in de bebouwde kom van Oisterwijk, is verwijderd en is daarmee geen relevante risicobron. Aan de uiterste noordzijde van het gemeentelijke grondgebied zijn twee leidingen gelegen van de Rotterdam Rijn-Pijpleiding Organisatie met aardolie en nafta.

Het invloedsgebied van beide leidingen is relatief klein en er geldt een lage bevolkingsdichtheid voor dit gebied. Derhalve is geen sprake van een significant groepsrisico. De oriëntatiewaarde wordt niet overschreden. 8 9

Tenzij het invloedsgebied van de bron kleiner is Tenzij het invloedsgebied van de bron kleiner is 5

Ten slotte bevinden zich meerdere leidingen in de zuidelijke gronden van het gemeentelijk grondgebied. Ook hier geldt dat vanwege een extensief bebouwingsbeeld, geen sprake is van een relevant groepsrisico. Het plangebied is gelegen binnen het invloedsgebied van risicobronnen op dusdanige afstand dat de ruimtelijke ontwikkeling, ook indien sprake is van toename van het aantal aanwezigen, niet leidt tot een relevante toename van het groepsrisico. Bestrijding calamiteit en zelfredzaamheid Scenario’s De scenario’s waardoor het plangebied getroffen kan worden, is afhankelijk van de aanwezige risicobronnen. De meest voorkomende scenario’s welke zich kunnen voordoen, zijn hier beschreven. Toxisch scenario Dit scenario is van toepassing bij een plangebied dat ligt binnen een giftig (toxisch) invloedsgebied: Er komt een wolk met giftige stoffen vrij die zich verspreid in de omgeving. Deze kan ontstaan als gevolg van: een brand bij een inrichting met gevaarlijke stoffen (giftige verbrandingsproducten, rookwolk). het lek raken van een container/tankwagen/etc. met gevaarlijke stoffen (door uitdamping verspreiding in de omgeving). Aanwezigen in het plangebied die worden blootgesteld aan de toxische wolk kunnen ernstige gezondheidsschade oplopen en kwetsbare groepen (longpatiënten) kunnen in het ‘worstcase scenario’ overlijden.

Overige gevolgen zijn irritatie van de luchtwegen en branderige ogen. Incident met brandbare gassen Scenario van toepassing bij een plangebied dat ligt binnen de effectafstanden van een explosie: Een explosie kan optreden bij een LPG tankstation, bij een inrichting of bij het transport van onder druk vervoerd gas (weg). Door het instantaan falen, bijvoorbeeld als gevolg van een ongeluk, komt de inhoud spontaan en explosief vrij. De stof zal waarschijnlijk ontbranden wat eveneens voor schade zorgt. Het ‘worstcase scenario’ is dat een tank door een externe brand wordt opgewarmd, waardoor deze door oplopende interne druk faalt. Hierdoor komt de inhoud onder zeer grote druk explosief vrij en ontbrandt direct. De warmtestraling en overdruk in de omgeving is direct dodelijk zowel binnen als buiten gebouwen. Op grotere afstand zullen aanwezigen (brand)wonden oplopen. Daarnaast ontstaat schade aan gebouwen zijn als gevolg van de druk. Deze standaard verantwoording is niet van toepassing op ontwikkelingen gelegen binnen de effectafstanden van deze scenario’s. Fakkelbrand Scenario van toepassing bij een plangebied dat ligt binnen de effectafstanden van een fakkelbrand: Dit scenario treedt op bij transportleidingen voor aardgas.

Door een lekkage, scheur of volledige breuk van de buisleiding kan het aardgas vrijkomen en tot ontbranding worden gebracht door een ontstekingsbron in de nabijheid. Het vrijgekomen aardgas zal hierbij in brand vliegen wat gepaard gaat met een druk en hevige hitte ontwikkeling in de vorm van een fakkelbrand. Door de hitte kunnen personen overlijden en/of brandwonden oplopen. Deze standaard verantwoording is niet van toepassing op ontwikkelingen gelegen binnen de effectafstanden van het meest voorkomende scenario’s.

6

Mogelijk te treffen maatregelen te verbetering van de zelfredzaamheid Afsluitbare mechanische ventilatie bij toxisch scenario De Veiligheidsregio adviseert in nieuwe bouwwerken een afsluitbare mechanische ventilatie toe te passen. Daarnaast wordt aandacht gevraagd voor de detaillering van gevels, ramen en kozijnen, zodat deze goed luchtdicht zijn uitgevoerd. De detaillering van gevels, ramen en kozijnen volgt uit het Bouwbesluit 2012. Belangrijk is het controleren van een juiste uitvoering hiervan tijdens de bouw. Het toepassen van een afsluitbare mechanische ventilatie kan niet middels het Bouwbesluit worden afgedwongen. Om de toepassing hiervan te bevorderen wordt hierover actief gecommuniceerd met initiatiefnemers van bouwprojecten.

Risicocommunicatie De Veiligheidsregio adviseert om actief te communiceren met gebruikers/bewoners van het invloedsgebied over de risico’s en mogelijk te nemen maatregelen. Dit vraagt om een actief beleid op het gebied van risico-communicatie. Op het gebied van risicobeheersing stelt de Veiligheidsregio in haar beleidsplan zich ten doel extra inspanningen te verrichten op het gebied van risicocommunicatie. Samen met de andere Brabantse Veiligheidsregio’s wordt hiervoor een plan ontwikkeld, waarbij gemeenten nadrukkelijk worden betrokken. De gemeente Oisterwijk heeft in het verleden een plan van aanpak Risicocommunicatie met een uitvoeringsplan vastgesteld. Daarnaast is een risicowijzer opgesteld en verspreid onder de werknemers en bewoners. De gemeente Oisterwijk communiceert via de website en incidenteel via twitter aan alle burgers, in algemene zin, over hoe te handelen bij calamiteiten.. Ontruimingsplan Het stimuleren van inrichtingshouders om aandacht te besteden aan hun ontruimingsplannen bij externe incidenten draagt bij aan een verhoging van de veiligheid. Instellingen en bedrijven zijn op grond van de Arbo-wet verplicht een risico-inventarisatie uit te voeren. Uit deze inventarisatie volgt of een BHV-organisatie ingesteld moet worden. Door de handhavers wordt hieraan structureel aandacht aan gegeven bij het uitvoeren van hun toezichtstaken.

De Veiligheidsregio heeft in samenwerking met de gemeente Moerdijk een alerteringssysteem voor calamiteiten met gevaarlijke stoffen bij bedrijven ontwikkeld. De Veiligheidsregio past dit systeem (CBIS) inmiddels toe voor de gehele Veiligheidsregio. Toepassing van dit systeem zal bewustzijn van gevaren en communicatie bevorderen. Alle bedrijven binnen de gemeente kunnen zich inmiddels aanmelden voor dit systeem via de website : www.cbisbrabant.nl . De gemeente ondersteunt dit initiatief. Mogelijkheden voor de rampenbestrijding Toxisch scenario Bronbestrijding is bij een toxische vloeistof mogelijk door de vloeistof af te dekken. Hierdoor wordt de verdamping verminderd. Voor toxische gassen kan alleen aan bronbestrijding worden gedaan indien het om een lekkage gaat. De brandweer kan dan proberen om het gat te dichten. Effectbestrijding is tevens mogelijk door de concentratie te verdunnen, bijvoorbeeld met behulp van een waterscherm. Dit is alleen mogelijk als de brandweer tijdig aanwezig is. Bij een toxisch incident is het belangrijk dat de bestrijding plaatsvindt vanaf bovenwinds gebied (daar waar de wind vandaan komt). Het is daarom belangrijk dat de bron tweezijdig bereikbaar is. Incident met brandbare gassen Noodzakelijk voor het voorkomen van een explosie is. Tijdige aankomst brandweer; Tijdige bereikbaarheid tankwagen of ketelwagon; Tijdige beschikbaarheid bluswater.

Inzet waterkanonnen voor tweezijdige koeling tankwagen of ketelwagon.

7

Indien de explosie niet voorkomen kan worden, is het relevant dat er voldoende bluswatervoorzieningen zijn en dat het gebied tweezijdig toegankelijk is. Aanrijtijden In het geval van een incident in het plangebied is de brandweer binnen de bestuurlijke vastgestelde tijden aanwezig (na te gaan via www.brandweermwb.nl/brandveiligheid/ brandweerbereikbaarheid). Indien voor het plangebied of een deel ervan niet kan worden voldaan aan de vastgestelde tijden kan aan de hand van de door de Veiligheidsregio ontwikkelde toolbox, maatregelen worden getroffen om de veiligheid te verhogen. Belangrijk hierbij is de informatievoorziening richting de gebruikers/bewoners van een gebied waar de aanrijtijden niet worden gehaald. Toepassing van de toolbox kan een middel zijn om de veiligheid, door zelfredzaamheid en bewustzijn van de gevaren, te verhogen. De gemeente Oisterwijk geeft invulling hieraan middels het projectplan Toolbox Oisterwijk. WAS (Waarschuwings- en alarmeringsinstallatie) Binnen de bebouwde kom van de gemeente is de WAS-dekking veelal voldoende. Daarnaast is NLalert voor het gehele grondgebied operationeel via mobiele telefonienetwerk. Bluswatervoorziening Binnen de gemeente is onderzoek gaande over beschikbaarheid van de bluswatervoorziening. De Veiligheidsregio heeft deze (grote) bronnen geïnventariseerd.

Op grond van het Bouwbesluit worden eisen gesteld aan benodigde bluswatervoorziening. Op verzoek van de Veiligheidsregio wordt, indien het plangebied een nieuw uitbreidingsplan, industrieterrein met BRZO-inrichtingen of een grootschalige ontwikkeling betreft, in dit kader advies gevraagd met betrekking tot bluswatervoorziening. Bereikbaarheid De gemeente heeft een hoofdwegenstructuur voor de brandweer vastgesteld. Deze hoofdwegenstructuur voldoet aan de eisen die de brandweer hieraan stelt. Mate van zelfredzaamheid van de aanwezigen De zelfredzaamheid van aanwezigen in het plangebied hangt van diverse factoren af. In onderstaande tabel is de zelfredzaamheid voor een aantal standaard functies beoordeeld.

Scenario

Toxisch (giftig)

Explosie

Gebouwtype

Woning Kantoor Detailhandel Bedrijf Bijzonder Kwetsbaar Woning Kantoor Detailhandel Bedrijf Bijzonder Kwetsbaar

Afwegingscriteria Fysieke Zelfstandig gesteldheid heid personen personen + + + + -

+ + + + -

Alarmeringsmogelijkheden personen en aanwezigen +/+ + +/+

+ + + + -

+ + + + -

+/+ + +/+

VluchtMogelijkheden Gebouw & omgeving + + + +/+

GevaarInschattingsmogelijkheden scenario +/+/+/+/+/-

+/+/+/+/+/-

+/+/+/+/+/-

Over het algemeen wordt geconcludeerd dat de zelfredzaamheid redelijk tot goed is. Voor bijzonder kwetsbare objecten waar verminderd zelfredzame personen aanwezig zijn (zoals kinderdagverblijf en zorginstelling) is de zelfredzaamheid beperkt. 8

Eerder genoemde maatregelen en voorzieningen verbeteren de vlucht- en schuilmogelijkheden en daarmee ook de zelfredzaamheid van personen in het plangebied. Conclusie Op basis van het bovenstaande wordt geconcludeerd dat er personen in het plangebied worden blootgesteld aan externe veiligheidsrisico’s, ook na het treffen van maatregelen. De besproken maatregelen dragen wel bij aan het verminderen van de gevolgen die zich voordoen bij een van de besproken scenario’s. De Veiligheidsregio is voldoende ingericht om tijdig de noodzakelijke hulpverleningscapaciteit van de beschreven scenario’s te leveren. Op basis van de beschouwde scenario’s en het gelijkblijvende groepsrisico acht de gemeente het Wro- of Wabo-besluit verantwoord.

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9735845/1