21-49 Bestemmingsplan Oirschotseweg naast 22, Moergestel - bijlage 1B.1 Landschappelijk inpassingsplan
Tekst van het document
Landschappelijke inpassing Oirschotseweg Moergestel
Landschappelijke inpassing
Opdrachtgever:
Rose en de Bie E. de Bie
Projectlocatie:
Oirschotseweg 22 Moergestel
Opdrachtnemer:
GV Advies Middelweg 4 3281 KH Numansdorp
Contactpersoon:
de heer G. Vink 0627-119742 info@gvadvies.nl
Datum:
24 augustus 2020
Titel
Projectlocatie
Plangebied en haar omgeving Tekeningnummer
Getekend door
Datum
1/6
G. Vink
24-8-2020
Bestandsnaam
Oirschotseweg 22 Moergestel
Heiligenboom
Oirschotseweg
Hild
Plangebied
Impressie - aangezicht plangebied
Plangebied is omsloten door bestaand groen (Hedera tegen hekwerk en een haag van beuk en haagbeuk). Het aangezicht richt zich hoofdzakelijk op de voorzijde van het gebied vanwege de aanwezige haagbeplanting en korte afstand op aangrenzend, bebouwde, percelen. Bij realisatie van voorgenomen plannen zal zich dit wijzigen in een meer open uitstraling. Doorgezichten zijn niet mogelijke vanwege achterliggende Titel groenstructuur. Plangebied kent momenteel geen belangrijke Impressie plangebied landschappelijke elementen (met uitzondering van een volwassen Tekeningnummer Getekend door walnotenboom die gehandhaafd zal worden), dit is een kans voor de nieuw te realiseren landschappelijke inpassing. Daarnaast is de visuele 2/6 G. Vink impact beperkt bij realisatie van de beoogde nieuwe woning, mede Bestandsnaam vanwege de korte afstand tot naastgelegen percelen en het gesloten Oirschotseweg 22 Moergestel karakter.
Datum
24-8-2020
5M
5M
10,90 M
5M
15 M
Situering bebouwing en maatvoering
Titel
Inventarisatie plangebied - ontwikkelingscriteria Tekeningnummer
Getekend door
Datum
3/6
G. Vink
24-8-2020
Bestandsnaam
Oirschotseweg 22 Moergestel
Maatregelen landschappelijke inpassing ten behoeve van de beoogde nieuwbouw: A. Realisatie lage groenstructuur als beukenhaag (Fagus sylvatica) aan de voorzijde/straatzijde plangebied. B. Haagstructuur als onderdeel van perceelscheiding (sortiment bestaande uit gelderse roos, hazelaar, liguster, veldesdoorn en sleedoorn). C. Handhaving van bestaande walnotenboom als onderdeel van de landschappelijke inpassing. D. de bestaande haagstructuren blijven behouden. Het betreft beukenhaag links, 30 mtr lang met een hoogte van ca. 2 meter en aan de achterzijde de beukenhaag van 22 meter lang met een hoogte van 1 meter (deze is nu nog 2 meter maar wordt geknipt zodat de initiatiefnemers tevens toekomstig bewoners uitzicht over het achterliggende weilanden krijgen).
A.
B.
(nb. alle maatregelen sluiten aan op de bestaande groenstructuren welke zich binnen/rondom plangebied bevind. Deze groenstructuur wordt in sortiment en maatvoering behouden).
D.
C.
D.
Titel
Landschappelijke inpassing - maatregelen Tekeningnummer
Getekend door
Datum
4/6
G. Vink
24-8-2020
Bestandsnaam
Oirschotseweg 22 Moergestel
Coryllus avellana
Ligustrum ovalifolium
Acer campestre
Viburnum opulus
Prunus spinosa
Fagus sylvatica
Titel
Detailleringen - sortiment en aantallen Tekeningnummer
Getekend door
Datum
5/6
G. Vink
24-8-2020
Bestandsnaam
Oirschotseweg 22 Moergestel
Algemeen
Heesters
(Fruit-) bomen
Keuze Beplanting in onderhavig inpassingsplan is geselecteerd op basis van inheemse soorten. Deze soorten komen van oorsprong in de regio voor waarmee er enerzijds een bijdrage wordt gegeven aan de oorspronkelijke uitstraling van de regio en anderzijds betreft dit plantmateriaal wat past bij de aanwezige groeiomstandigheden.
Aanplant Zorg voor een ruim plantgat en grond waar de wortels goed in kunnen doordringen. Als je in lichte grond (zandgrond) plant is het goed dat te verbeteren door organisch materiaal (compost/vochtige potgrond) door de uitgegraven grond te mengen. Door zware kleigrond kun je fijn grind of grof zand mengen. Dat bevordert de drainage.
Aanplant
Keurmerk Bij de keuze van beplanting is het mogelijk om de keuze te maken voor autochtoon plantmateriaal. Deze keuze wordt aanbevolen omdat hiermee meer duurzaam plantmateriaal wordt aangeschaft. Het is mogelijk dat de beplanting in onderhavig plan niet met autochtoon keurmerk leverbaar is, er kan dan worden gekozen voor regulier plantmateriaal.
Beheer Zorg de eerste drie jaar na aanplant dat er geen concurrentie komt door de groei van onkruid. Hiervoor wordt geadviseerd om handmatig de beplantingstrook te schoffelen.
Ontvangst Beplanting moet altijd weer zo snel mogelijk na ontvangst geplant worden. Mocht dit niet mogelijk zijn dan is het raadzaam beplanting tijdelijk met de wortels in zand te planten. Dit mag waar mogelijk gebundeld, doel is dat de wortels geen kans lopen uit te drogen. Bescherming tegen vraat Bescherm bomen, vruchtbomen, hagen en singels goed door op ruime afstand van beplanting gaas te spannen of een hekwerk te plaatsen.
Aanplant algemeen
De voorkeur van aanplant gaat uit naar de rustperiode van beplanting (november-februari) waarbij het van belang is dat aanplant in een vorstvrije periode plaatsvind. Zorg voor aankoop dat betreffende plantlocatie vrij is van beplanting en plantklaar is. Hierbij gaat het erom dat de plantlocatie is gespit/gefreesd. Dit bevordert het gemak tijdens de aanplant. Volg bij de aanplant de plantafstand en het plantverband zoals opgenomen in onderhavig plan om te komen tot een evenwichtig en gezond eindbeeld van de beplantingstrook. Maak een royaal plantgat dat ook onderin goed wordt losgemaakt. Planten met een kale wortel zet je net zo diep als ze bij de kweker gestaan hebben. Dit kun je zien aan de verkleuring op de bast. Vaak is de stam groenachtig en de wortel roodbruinig. De overgang hiertussen is de wortelhals. Dat is de diepte die de beplanting moet krijgen. Na het planten moet de grond aangetrapt worden en moet de plant iets omhoog getrokken worden zodat het zand goed tussen de wortels komt. Niet te hard de grond aanstampen want dat zorgt ervoor dat de kieming van de wortels vertraagt.
Beheer algemeen Na aanplant (gedurende het eerste jaar) is het noodzakelijk de beplanting voldoende water te geven. Dit is geheel afhankelijk van weertype en voorkomt sterfte van beplanting. Bij water geven moet je rekening houden met de verdamping. Een plant zonder blad verdampt bijna geen water en ook met donker en regenachtig weer verliest uw plant nauwelijks vocht. Bij hogere temperaturen en niet te vergeten schrale (oosten)wind verdampt uw plant veel meer en droogt dan snel uit. Het is dus belangrijk om dan goed water te geven. Let wel: overmatig water geven is ook niet goed. Het gevaar bestaat dan dat de plant aan de wortels gaat rotten.
De periode waarin gesnoeid wordt hangt af van de doelstelling van de beplanting. Gangbare perioden zijn 5-10 jaar of 10-15 jaar (afhankelijk van de soort). Wilg kan na 5 jaar worden afgezet. De beste tijd voor het afzetten is januari tot maart. Stobben moeten voldoende licht hebben om weer uit te kunnen lopen. De beste afzethoogte is ongeveer 15 cm boven de grens tussen wortel en stam. Het hout moet enigszins schuin worden afgezaagd om inrotten te voorkomen. In het hakhout kunnen naar behoefte aanzichtbepalende bomen gespaard worden.
Hagen Aanplant Een gemengde haag heeft meerdere voordelen ten opzichte van beukenhagen of coniferenhagen: ·Een gemengde haag draagt optimaal bij aan de biodiversiteit. ·Een gemengde haag geeft een meer gevarieerd beeld in het landschap. ·Een haag welke bestaat uit één soort is extra gevoelig voor plagen en ziekten. In een gemengde haag kan een plaag of ziekte zich minder makkelijk uitbreiden.
Graaf een plantgat van ongeveer 50 x 50 x 50 cm. De bomen verankeren zich namelijk beter in losgemaakte grond. Voer de graskluiten of andere begroeiing af of verwerk dit in kleine stukken onder in het plantgat. Niet in de buurt van de wortels, want tijdens het verteren is zuurstof nodig en zuurstof hebben de wortels ook nodig. Het is altijd aan te raden een boompaal te zetten. Deze moet niet in de bodem van het plantgat worden geslagen als de boom daar al staat. Dan beschadig je de wortels. Dus bij voorkeur wordt eerst het gat gegraven, en daarna wordt de boompaal in de bodem geslagen, daarna zet je de boom erbij. Spreid de boomwortels er omheen uit. Gebruik een paal van onbehandeld hout. De boompaal moet minimaal 75 cm in de grond komen te staan. Let hierbij op voor kabels en leidingen. De boompalen altijd plaatsen aan noordwest- en zuidoostzijde van de boom. De boom zal zo bij de meest voorkomende windrichtingen in de boomband hangen, wat voorkomt dat de bast langs de boompaal kapot schuurt. Als de boompaal stevig staat strooit u een deel van de grond, eventueel vermengd met compost, in het plantgat (gebruik een beperkte hoeveelheid compost in verband met verbranding van de jonge wortels. Maximaal 1 emmer per boom en deze goed mengen met de grond). Plaatst de kant van de boom waaraan de minst ontwikkelde takken zitten op het zuiden.
Beheer Belangrijk is dat de boom zolang hij jong is geen last van onkruidgroei bij zijn wortels heeft. Houd een ruime cirkel grond (een zogenaamde boomspiegel) rond de stam vrij van onkruid door het eerst goed te wieden en daarna de grond af te dekken met een bijvoorbeeld boombastsnippers.
Zorg de eerste drie jaar na aanplant dat er geen concurrentie komt door de groei van onkruid. Hiervoor wordt geadviseerd om handmatig de beplantingstrook te schoffelen. Een haag kan als enkele rij of dubbele rij worden geplant. De plantafstand in de rij bedraagt 20 centimeter bij een enkele rij. Bij een dubbele rij worden er acht stuks per strekkende meter geplant in driehoeksverband. Verdeel eerst het plantmateriaal over de gehele lengte. Bevochtig de wortels, zet het plantsoen in de sleuf met de wortels goed uitgespreid. Schud tijdens het vullen het plantsoen iets om de aarde goed om de wortels te laten sluiten. Snoei vervolgens na het planten direct 1/3 van de hoogte van de hagen terug (dus 2/3 laten staan). Door in de beginjaren een haag regelmatig te knippen ontstaat een dicht vertakte haag. Wordt met het knippen te laat begonnen dan ontstaat er een brede slappe haag die kaal van onderen is. Door hagen van boven iets smaller te houden dan onderin komt er lager in de hagen ook voldoende licht bij, dit voorkomt kaal worden. Beheer Afhankelijk van het type haag wordt het beheer bepaald. Een beukenhaag moet bij voorkeur jaarlijks gesnoeid worden en bij een knip- en scheerheg mag dit eenmaal per twee jaar.
Titel
Aanleg- en beheeradvies Tekeningnummer
Getekend door
Datum
6/6
G. Vink
24-8-2020
Bestandsnaam
Oirschotseweg 22 Moergestel