CConstaterende datOisterwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

21-40 Reglement van orde Gemeenteraad 2021 - bijlage 4 Reglement van orde 2015

RAAD 22 april 2021, gemeente OisterwijkBij agendapunt: 21-40 Reglement van orde Gemeenteraad 20214.309 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Raadsvergadering d.d. 8 oktober 2015

Raadsvoorstel nr.: 15/34

Afdeling

Commissie

Contactpersoon/email adres

Griffie

Algemene Zaken

Maaike Mesdag, maaike.mesdag@oisterwijk.nl

Voorstel tot het vaststellen van het Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van Oisterwijk 2015

1. Voorstel Het Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van Oisterwijk 2015 en bijbehorende toelichting vast te stellen onder gelijktijdige intrekking van het Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Oisterwijk 2010-2014.

2. Aanleiding Artikel 16 van de Gemeentewet verplicht de raad een reglement van orde op te stellen. Daarnaast is bij de uitwerking aangesloten aan de opdrachten en adviezen uit raadsbesluit 14/95, Oisterwijk aan Z.

3. Bestuurlijk kader / beoogd effect Met het Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van Oisterwijk 2015 geeft de raad structuur en duidelijke spelregels aan de vergaderingen en overige werkzaamheden.

4. Argumenten Bij de uitwerking van het Reglement van orde is gebruik gemaakt van het VNG modelreglement. Het VNG-model is in aanloop naar de raadsverkiezingen in 2014 herzien en up-todate gebracht. Daarbij zijn bepalingen logischer ingedeeld en duidelijker opgeschreven en bepalingen die al in de Gemeentewet staan, worden niet meer herhaald; overbodige zinsneden zijn geschrapt. Een overzicht van de gewijzigde indeling en de vervallen bepalingen is als bijlage bijgevoegd. Ook is gekeken naar de opdrachten uit Oisterwijk aan Z. Grotendeels is al voorzien in een goede aansluiting hierop door de modernisering van het model-reglement. In afwijking van het VNG-model is een bepaling opgenomen over het spreekrecht van burgers. De VNG heeft deze bepaling alleen opgenomen in de VNG modelverordening op de raadscommissies. De argumentatie hierbij is dat spreekrecht in een raadsvergadering doorgaans te laat komt. De meningsvorming vindt doorgaans plaats voor, in en na de commissievergadering. In de raadsvergadering wordt een onderwerp afgerond en liggen de standpunten doorgaans vast. Een burger kan dan niet veel meer bereiken met het spreekrecht.

1

Echter door burgers geen spreekrecht te bieden in een raadsvergadering wordt hen de mogelijkheid ontnomen om nog een laatste reactie te geven voordat de raad besluit. Bij voorbeeld, reageren op een raadsvoorstel dat is gewijzigd na de commissievergadering of het onder de aandacht brengen van recent verkregen nieuwe of aanvullende informatie. Daarom wordt het nu gehanteerde artikel over spreekrecht burgers gehandhaafd (artikel 16). Ook biedt het spreekrecht de mogelijkheid aan burgers om de raad een petitie aan te bieden.

Overzicht van wijzigingen van het Reglement van Orde 2015 t.o.v. Reglement van Orde 2010-2014 Gewijzigde indeling van de hoofdstukken: Oud Hoofdstuk 1: algemene bepalingen; art. 1 t/m 7

Nieuw Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen, art. 1 t/m 7

Hoofdstuk 2: Toelating van nieuwe leden, benoeming wethouders, fracties; art. 6 en 7 Hoofdstuk 3: Vergaderingen; art. 8 t/m 32 Hoofdstuk 7: Besloten vergadering; art. 45 t/m 48

Hoofdstuk 2: Raadsvergaderingen, art. 8 t/m 28

Hoofdstuk 8: Toehoorders en pers; art. 49 t/m 51 Hoofdstuk 4: Rechten van leden; art. 33 t/m 41

Hoofdstuk 3: Bevoegdheden, instrumenten raadsleden; art. 29 t/m 36

Hoofdstuk 5: Begroting en rekening; art. 42 en 43

Geschrapt, valt onder de agendacommissie (artikel 3)

Hoofdstuk 6: Lidmaatschap van andere organisaties; art. 44

Geschrapt, deels in de Wet gemeenschappelijke regelingen, art. 16 en 18 en valt deels onder de agendacommissie (artikel 3)

Hoofdstuk 9: Slotbepalingen; art. 52 en 53

Hoofdstuk 4, slotbepalingen; art. 37 t/m 39

Nieuwe en vervallen artikelen: Nieuw Artikel 3

Onderwerp Agendacommissie

Vervallen Artikel 2 Artikel 8 Artikel 11 Artikel 15 Artikel 16 Artikel 23 Artikel 32 Artikel 42 Artikel 43 Artikel 51

Onderwerp De voorzitter Vergaderfrequentie De wethouder Zitplaatsen Opening vergadering, quorum Handhaving orde; schorsing Beslissing door het lot Procedure begroting Procedure jaarrekening Verbod gebruik mobiele telefoons

Toelichting Algemene procedurebepalingen over de werkzaamheden van de agendacommissie Toelichting Gemeentewet, artikelen 9 en 77 Belegd bij agendacommissie Gemeentewet, artikel 21 Overbodig Gemeentewet, artikel 20 Gemeentewet, artikel 26 Gemeentewet, artikel 31 Belegd bij agendacommissie (artikel 3) Geschrapt, sluit niet meer aan bij de huidige tijd

2

5. Risico's Niet van toepassing. 6. Financiën Het voorstel heeft geen gevolgen voor de begroting. 7. Communicatie / Burgerparticipatie Bij het opstellen van het reglement van orde is gekeken naar de aanbevelingen van de rekenkamercommissie, de adviezen van de raadswerkgroep Oisterwijk aan Z en de opdracht van de raad van 18 december 2014 (raadsbesluit 14/95). Na vaststelling wordt het reglement van orde op de gebruikelijke wijze bekend gemaakt. 8. Referendabel Het voorstel is referendabel: ja 

nee 

9. Gewijzigd besluit na behandeling in de commissie

10a. Bijlagen: 1. Toelichting op het Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van Oisterwijk 2015 2. Overzicht van wijzigingen

10b. Bijlagen ter inzage: 1. VNG model-reglement van orde met toelichting

Oisterwijk 11 mei 2015, Technische aanbieding, de griffier,

de voorzitter,

Nelleke van Wijk

Hans Janssen

3

Raadsbesluit

Voorstel tot het vaststellen van het Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van Oisterwijk 2015

De raad van de gemeente Oisterwijk, gelezen het voorstel van de griffie d.d. 23 april 2015, raadsvoorstel nr. 15/34; gelet op artikel 16 van de Gemeentewet, besluit : vast te stellen het Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van Oisterwijk 2015 en de bijbehorende toelichting onder gelijktijdige intrekking van het Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van Oisterwijk 2015: Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van Oisterwijk 2015

Hoofdstuk 1.

Algemene bepalingen

Artikel 1 - Begripsbepalingen In dit reglement wordt verstaan onder: - amendement: voorstel van een raadslid tot wijziging van een ontwerpverordening of ontwerpbeslissing; - griffier: griffier van de raad of diens plaatsvervanger; - initiatiefvoorstel: voorstel van een raadslid voor een verordening of ander voorstel; - motie: verklaring waarmee een oordeel, wens of verzoek wordt uitgesproken; - subamendement: voorstel van een raadslid tot wijziging van een aanhangig amendement; - voorzitter: voorzitter van de raad of diens plaatsvervanger. Artikel 2 - Het presidium 1. Er is een presidium dat bestaat uit de voorzitter en de fractievoorzitters. 2. Fractievoorzitters wijzen elk een raadslid aan dat hen bij afwezigheid in het presidium vervangt. 3. Het presidium kan anderen uitnodigen deel te nemen aan zijn vergaderingen. 4. Het presidium doet aanbevelingen aan de raad inzake de organisatie en het functioneren van de raad en de raadscommissies voor zover het niet betreft de taken van de agendacommissie.

4

Artikel 3 - De agendacommissie en het vaststellen van vergaderingen 1. Er is een agendacommissie die bestaat uit de voorzitters van raadscommissies, de fractievoorzitters en de voorzitter. 2. Ze heeft in ieder geval de volgende taken: a. het voorbereiden en vaststellen van voorlopige agenda’s voor raadsvergaderingen en raadscommissievergaderingen; b. het vaststellen van de vergadercyclus van de raad en van de raadscommissies; c. het vaststellen van vergaderingen als bedoeld in artikel 17, tweede lid, van de Gemeentewet en het volgende lid. 3. In aanvulling op de raadscommissievergaderingen als bedoeld in het tweede lid, onder b, vergadert een raadscommissie voorts als haar voorzitter het nodig acht of als ten minste twee fracties schriftelijk, met opgaaf van redenen, daarom verzoeken. Artikel 4 - De griffier 1. De griffier is aanwezig in de raadsvergaderingen, de vergaderingen van het presidium, de agendacommissie en de raadscommissievergaderingen. 2. Bij verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen door een door de raad aangewezen plaatsvervanger. 3. De griffier kan op uitnodiging van de voorzitter aan beraadslagingen in raadsvergaderingen deelnemen. Artikel 5 - Onderzoek geloofsbrieven en beëdiging raadsleden 1. Bij de benoeming van nieuwe raadsleden stelt de raad een commissie in bestaande uit drie raadsleden. 2.

Deze onderzoekt de geloofsbrieven en de daarop betrekking hebbende stukken van de nieuw benoemde raadsleden en brengt vervolgens advies uit aan de raad over de toelating van de nieuw benoemde raadsleden tot de raad. Indien van toepassing wordt van een minderheidsstandpunt melding gemaakt in dit advies. 3. Het onderzoek van het proces-verbaal van het centraal stembureau gebeurt in de laatste raadsvergadering in oude samenstelling na de raadsverkiezingen. 4. Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten raadsleden op om in de eerste raadsvergadering in nieuwe samenstelling, bedoeld in artikel 18 van de Gemeentewet, de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen. 5. In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter in afwijking van het voorgaande een nieuw benoemd raadslid op voor de raadsvergadering waarin over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen. Artikel 6 - Benoeming wethouders Bij de benoeming van een wethouder stelt de raad een commissie in bestaande uit drie raadsleden. De commissie onderzoekt of benoeming van de kandidaat voldoet aan de vereisten van de artikelen 36a, 36b, 41b, eerste, derde en vierde lid, en 41c, eerste lid, van de Gemeentewet en brengt vervolgens advies uit aan de raad over de benoeming tot wethouder. Artikel 7 - Fracties 1.

Raadsleden die door het centraal stembureau op dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de aanvang van de zitting als één fractie beschouwd.

5

2. Als boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst, voert de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Als daar geen aanduiding was geplaatst, deelt de fractie in de eerste raadsvergadering aan de voorzitter mee welke naam deze fractie in de raad zal voeren. 3. De namen van de fractievoorzitter en diens plaatsvervanger worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de voorzitter. 4. Als één of meer raadsleden van één of meer fracties als zelfstandige fractie gaan optreden of als één of meer raadsleden van een fractie zich aansluiten bij een andere fractie wordt hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling gedaan aan de voorzitter. 5. Een nieuwe naam van een fractie voldoet aan de eisen uit artikel G 3 van de Kieswet en wordt gebruikt met ingang van de eerstvolgende raadsvergadering na naamswijziging.

Hoofdstuk 2.

Raadsvergaderingen

Paragraaf 1. Voorbereiding Artikel 8 - Oproep en voorlopige agenda 1. De voorzitter zendt ten minste zeven dagen voor een raadsvergadering de raadsleden een schriftelijke oproep en de voorlopige agenda met de daarbij behorende stukken, met uitzondering van de in artikel 25, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet bedoelde stukken. 2. Als een aanvullende agenda als bedoeld in artikel 9, eerste lid, wordt vastgesteld, wordt deze met de daarbij behorende stukken zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de raadsvergadering aan de leden gezonden. 3. In spoedeisende gevallen kan de voorzitter in overleg met het presidium afwijken van de in lid 1 en 2 van dit artikel genoemde termijnen. Artikel 9 - Aanvullende agenda; vaststellen agenda 1. In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van een oproep een aanvullende voorlopige agenda opstellen. De daarbij behorende stukken worden openbaar gemaakt. 2. Als omtrent de inhoud van stukken op grond van artikel 25, eerste of tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid onder berusting van de griffier en verleent deze de raadsleden op verzoek inzage. 3. De agenda wordt bij aanvang van een raadsvergadering door de raad vastgesteld. Artikel 10 - Ter inzage leggen van stukken 1.

Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op een voorlopige agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van de oproep in het digitale raadsinformatiesysteem geplaatst. 2. Als omtrent stukken op grond van artikel 25, eerste of tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid onder berusting van de griffier en verleent deze de raadsleden op verzoek inzage. Artikel 11 - Openbare kennisgeving Raadsvergaderingen worden ten openbare kennis gebracht door aankondiging in een door het college aangewezen huis-aan-huisblad.

6

Paragraaf 2. Ter vergadering Artikel 12 - Presentielijst 1. De griffier draagt zorg voor het bijhouden van presentielijsten van raadsvergaderingen. 2. Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen raadsleden de presentielijst. Aan het einde van elke raadsvergadering wordt die lijst door de voorzitter en de griffier door ondertekening vastgesteld. Artikel 13 - Aantal spreektermijnen 1. Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders beslist. 2. Spreektermijnen worden door de voorzitter afgesloten. 3. De voorzitter kan interrupties toelaten. Deze dienen te bestaan uit korte opmerkingen of vragen zonder inleiding. Artikel 14 - Deelname aan de beraadslaging door anderen Onverminderd artikel 21 van de Gemeentewet kan de raad op enig moment besluiten dat anderen mogen deelnemen aan de beraadslaging. Artikel 15 - Voorstellen van orde Raadsleden kunnen tijdens een raadsvergadering mondeling een voorstel van orde betreffende de vergadering doen. De raad beslist hier terstond over. Artikel 16 – Spreekrecht burgers 1. Na de opening van de raadsvergadering kunnen aanwezige burgers gezamenlijk gedurende maximaal 30 minuten het woord voeren over geagendeerde onderwerpen of voor het aanbieden van een petitie. Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord.

De voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er meer dan zes sprekers zijn. 2. De voorzitter of een lid van de raad doet een voorstel over hoe de inbreng van de burger betrokken wordt bij de behandeling van het betreffende agendapunt. 3. Het woord kan niet gevoerd worden: a. Over een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar of beroep op de rechter openstaat of heeft opengestaan; b. Over benoemingen, voordrachten of aanbevelingen van personen; c. Indien een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend. 4. Degene die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit uiterlijk voor 14.00 uur op de dag van de raadsvergadering aan de griffier. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp waarover hij het woord wil voeren. 5. De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De voorzitter kan van de volgorde afwijken indien dit in het belang is van de orde van de vergadering. Artikel 17 - Verslag en besluitenlijst 1. De griffier draagt zorg voor verslagen en besluitenlijsten van raadsvergaderingen. 2. Een verslag bevat in ieder geval: a. de namen van de voorzitter, de griffier, de wethouders en de raadsleden, allen voor zover aanwezig, alsmede van de overige personen die het woord gevoerd hebben;

7

3.

4. 5.

6.

b. een aantekening van welke raadsleden afwezig waren; c. een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest; d. een zakelijke samenvatting van het gesprokene met vermelding van de namen van de sprekers; e. een overzicht van het verloop van elke stemming, met vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de raadsleden die voor of tegen stemden, onder aantekening van de namen van de raadsleden die zich overeenkomstig de Gemeentewet van stemming hebben onthouden of zich bij het uitbrengen van hun stem hebben vergist; f. de tekst van de ter vergadering ingediende initiatiefvoorstellen, voorstellen van orde, moties, amendementen en subamendementen; g. bij het desbetreffende agendapunt, de naam en de hoedanigheid van die personen aan wie het op grond van het bepaalde in artikel 14 door de raad is toegestaan deel te nemen aan de beraadslagingen. Een conceptverslag wordt gelijktijdig met de verzending aan de raadsleden verzonden aan de overige personen die het woord hebben gevoerd in de raadsvergadering waarop het betrekking heeft. Vastgestelde verslagen of besluitenlijsten worden ondertekend door de voorzitter en griffier. Voor zover de aard en de inhoud van de besluitvorming zich daartegen niet verzet, wordt de besluitenlijst zo spoedig mogelijk na de raadsvergadering openbaar gemaakt op de in de gemeente gebruikelijke wijze.

Als verslagen en besluitenlijsten elektronisch beschikbaar zijn, worden ze in het raadsinformatiesysteem geplaatst.

Artikel 18 - Ingekomen stukken 1. Bij de raad ingekomen stukken worden op een lijst geplaatst die aan de raadsleden wordt toegezonden en ter inzage wordt gelegd. 2. De raad stelt op voorstel van de griffie de wijze van afdoening van de ingekomen stukken vast. Artikel 19 - Toehoorders en pers 1. Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare raadsvergaderingen uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen. 2. Het blijkgeven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze verstoren van de orde is hen verboden. Artikel 20 - Geluid- en beeldregistraties Degenen die van een openbare raadsvergadering geluid- of beeldregistraties willen maken, doen hiervan mededeling aan de voorzitter en gedragen zich naar diens aanwijzingen. Paragraaf 3. Stemmingen Artikel 21 - Stemverklaring Na het sluiten van de beraadslaging en voordat de raad tot stemming overgaat, kunnen raadsleden hun voorgenomen stemgedrag toelichten.

8

Artikel 22 - Beslissing 1. De voorzitter sluit de beraadslaging als hij vaststelt dat een onderwerp of voorstel voldoende is toegelicht, tenzij de raad anders beslist. 2. Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel voor de te nemen beslissing. Artikel 23 - Stemming; procedure hoofdelijke stemming 1. De voorzitter vraagt de raadsleden of zij stemming verlangen. Is dit niet het geval dan stelt de voorzitter vast dat het voorstel zonder stemming is aangenomen. 2. Als een voorstel zonder stemming wordt aangenomen, kunnen de in de raadsvergadering aanwezige raadsleden aantekening in het verslag vragen, dat zij geacht willen worden te hebben tegengestemd of overeenkomstig artikel 28 van de Gemeentewet niet aan de stemming te hebben deelgenomen. 3. Als een raadslid om stemming of hoofdelijke stemming vraagt, doet de voorzitter daarvan mededeling aan de raad. 4. Bij hoofdelijke stemming roept de griffier de raadsleden bij naam op hun stem uit te brengen. De stemming begint bij het daarvoor bij loting aangewezen raadslid. Vervolgens geschiedt de oproeping naar de volgorde van de presentielijst. 5.

Bij hoofdelijke stemming brengen ter vergadering aanwezig raadsleden hun stem uit door 'voor' of 'tegen' uit te spreken zonder enige toevoeging tenzij zij overeenkomstig artikel 28 van de Gemeentewet niet aan de stemming deel behoren te nemen. 6. Een raadslid dat zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist, kan deze vergissing herstellen totdat het volgende raadslid heeft gestemd. Bemerkt het raadslid zijn vergissing pas later dan kan deze nadat de voorzitter de uitslag van de stemming bekend heeft gemaakt aantekening vragen van zijn vergissing. Dit brengt geen verandering in de uitslag van de stemming. 7. De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming mee. Deze doet daarbij tevens mededeling van het genomen besluit. Artikel 24 - Volgorde stemming over amendementen en moties 1. Als een amendement op een aanhangig voorstel is ingediend, wordt eerst over dat amendement gestemd en vervolgens over het voorstel zoals het dan luidt in zijn geheel. 2. Als een subamendement is ingediend, wordt eerst over het subamendement gestemd en vervolgens over het amendement waarop dat betrekking heeft. 3. Als meerdere amendementen of subamendementen op een aanhangig voorstel zijn ingediend, wordt, onverminderd het eerste en tweede lid, eerst over het meest verstrekkende amendement of subamendement gestemd. 4.

Als aangaande een aanhangig voorstel een motie is ingediend, wordt eerst over het voorstel gestemd en vervolgens over de motie. Artikel 25 - Stemming over personen 1. Bij stemming over personen voor voordrachten of het opstellen van voordrachten of aanbevelingen, benoemt de voorzitter drie raadsleden tot stembureau. 2. Aanwezige raadsleden zijn verplicht een door het stembureau verstrekt stembriefje in te leveren, tenzij zij overeenkomstig artikel 28 van de Gemeentewet niet aan de stemming deel behoren te nemen.

9

3. Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op voorstel van het stembureau beslissen dat bepaalde stemmingen worden samengevat op één briefje. 4. In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje beslist de raad op voorstel van het stembureau. Paragraaf 4. Besloten raadsvergaderingen Artikel 26 - Toepassing reglement op besloten vergaderingen Op besloten raadsvergaderingen is dit reglement van overeenkomstige toepassing voor zover dat niet strijdig is met het besloten karakter van de vergadering. Artikel 27 - Verslag besloten vergadering 1. Conceptverslagen en -besluitenlijsten van besloten raadsvergaderingen worden niet verspreid, maar uitsluitend voor de raadsleden ter inzage gelegd bij de griffier. 2. Deze verslagen en besluitenlijsten worden zo spoedig mogelijk in een besloten raadsvergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de raad een besluit over het al dan niet openbaar maken van het vastgestelde verslag en de besluitenlijst. 3. De vastgestelde verslagen of besluitenlijsten worden door de voorzitter en de griffier ondertekend. 4. In afwijking van lid 2 en lid 3 van dit artikel kan de raad de voorzitter mandateren tot het vaststellen van het verslag c.q. de besluitenlijst van besloten raadsvergaderingen.

Artikel 28 - Opheffing geheimhouding Als de raad op grond van de artikelen 25, derde en vierde lid, 55, tweede en derde lid, of 86, tweede en derde lid, van de Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen, wordt, als het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten raadsvergadering met het desbetreffende orgaan overleg gevoerd.

Hoofdstuk 3.

Bevoegdheden, instrumenten raadsleden

Artikel 29 - Amendementen en subamendementen 1. Raadsleden dienen amendementen en subamendementen voor het sluiten van de beraadslaging van het voorstel waarop deze betrekking hebben in bij de voorzitter. Dit gebeurt schriftelijk, tenzij de voorzitter oordeelt dat mondelinge indiening volstaat. 2. Intrekking door de indiener van een amendement of subamendement is mogelijk totdat de besluitvorming daarover door de raad is afgerond. Artikel 30 - Moties 1. Raadsleden dienen moties schriftelijk in bij de voorzitter. 2. De behandeling van een motie vindt gelijktijdig plaats met de beraadslaging over het onderwerp of voorstel waarop het betrekking heeft. 3. De behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda opgenomen onderwerpen zijn behandeld. 4. Intrekking door de indiener van een motie is mogelijk totdat de besluitvorming daarover door de raad is afgerond.

10

Artikel 31 - Initiatiefvoorstel 1. Raadsleden dienen initiatiefvoorstellen schriftelijk in bij de voorzitter. 2. Deze voorstellen worden op de agenda van de eerstvolgende raadsvergadering geplaatst, tenzij de schriftelijke oproep hiervoor reeds verzonden is. In spoedeisende gevallen kan na overleg met het presidium een initiatiefvoorstel alsnog aan de agenda van de eerstvolgende raadsvergadering worden toegevoegd. Artikel 32 - Collegevoorstel 1. Een voorstel van het college aan de raad dat vermeld staat op de voorlopige agenda van de raadsvergadering kan niet worden ingetrokken zonder toestemming van de raad. 2. Als de raad van oordeel is dat een voorstel als bedoeld in het eerste lid voor advies terug aan het college dient te worden gezonden, bepaalt de raad binnen welke termijn het voorstel opnieuw geagendeerd wordt. Artikel 33 - Interpellatie 1. Raadsleden dienen verzoeken tot het houden van een interpellatie schriftelijk in bij de voorzitter. Het verzoek bevat in ieder geval de te stellen vragen. 2. De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en de wethouders. 3. Als het verzoek ten minste 48 uur voor aanvang van een raadsvergadering is ingediend of in naar het oordeel van de voorzitter spoedeisende gevallen, wordt over het verzoek tijdens de eerstvolgende raadsvergadering gestemd.

In andere gevallen tijdens de daaropvolgende raadsvergadering. 4. De interpellant voert niet vaker dan tweemaal het woord. De overige raadsleden, de burgemeester en de wethouders niet vaker dan eenmaal, tenzij de raad hen hiertoe verlof geeft. Artikel 34 - Schriftelijke vragen 1. Raadsleden dienen schriftelijke vragen aan het college of de burgemeester in bij de griffier. Daarbij wordt aangegeven of er een voorkeur voor schriftelijke of mondelinge beantwoording bestaat. 2. De griffier brengt de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. 3. Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in ieder geval binnen 30 dagen nadat de vragen zijn ingediend. 4. Schriftelijke antwoorden van het college of de burgemeester worden door tussenkomst van de griffier aan de raadsleden toegezonden. Artikel 35 - Inlichtingen 1. Raadsleden dienen verzoeken tot inlichtingen als bedoeld in de artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van de Gemeentewet schriftelijk in bij de griffier. 2. De griffier brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. 3. De verlangde inlichtingen worden zo spoedig mogelijk schriftelijk aan de raad verschaft, in ieder geval binnen 14 dagen nadat het verzoek is ingediend.

11

Artikel 36 - Vragenhalfuur 1. Op de dag van de raadsvergadering is er een vragenhalfuur, dat aanvangt 30 minuten voor de aanvang van de raadsvergadering, tenzij er bij de voorzitter geen vragen zijn ingediend. In bijzondere gevallen kan de voorzitter in overleg met het presidium bepalen dat het vragenhalfuur op een ander tijdstip wordt gehouden. De voorzitter bepaalt op welk tijdstip het vragenhalfuur eindigt. 2. Raadsleden die tijdens het vragenhalfuur vragen willen stellen, melden dit onder aanduiding van het onderwerp en ten minste 28 uur voor aanvang van het vragenuur bij de voorzitter. 3. De voorzitter bepaalt de volgorde waarin aangemelde onderwerpen tijdens het vragenhalfuur aan de orde worden gesteld. 4. De voorzitter bepaalt per onderwerp de spreektijd voor de vragensteller, voor het college, voor de burgemeester en voor de overige raadsleden. 5. Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om één of meer vragen aan het college of de burgemeester te stellen en een toelichting daarop te geven. 6. Na de beantwoording door het college of de burgemeester krijgt de vragensteller desgewenst het woord om aanvullende vragen te stellen. 7. Vervolgens kan de voorzitter aan andere raadsleden het woord verlenen om hetzij aan de vragensteller, hetzij aan het college of de burgemeester vragen te stellen over hetzelfde onderwerp. 8.

Tijdens het vragenhalfuur kunnen geen moties worden ingediend en worden geen interrupties toegelaten.

Hoofdstuk 4.

Slotbepalingen

Artikel 37 - Uitleg reglement In gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent de toepassing van het reglement beslist de raad op voorstel van de voorzitter. Artikel 38 - Intrekken oude reglement Het Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Oisterwijk 2010-2014 wordt ingetrokken. Artikel 39 - Inwerkingtreding en citeertitel 1. Dit reglement treedt in werking op de dag na bekendmaking. 2. Dit reglement wordt aangehaald als: Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van Oisterwijk 2015.

Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Oisterwijk op 8 oktober 2015 de griffier,

de voorzitter,

Nelleke van Wijk

Hans Janssen

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9911468/1