Beantwoording Technische vragen fractie VVD
Tekst van het document
*24.I001082* 24.I001082
Beantwoording raadsvraag van Joris van de Loo (VVD), ingediend op 17 april 2024. Onderwerp: Raadsvoorstel KC De Vliertuin
Vraag 1 a. U stelt voor om de dekking van de kapitaallasten voor het kinderdagverblijf te creëren via de bestemmingsreserve kapitaallasten. Echter, het kinderdagverblijf wordt verhuurd en genereert huuropbrengsten. Waarom wordt deze bestemmingsreserve gecreëerd? De huuropbrengsten dekken toch de kapitaallasten? Antwoord: Voor de dekking van de kapitaallasten voor het kinderdagverblijf is het bedrag wat in de begroting is opgenomen niet toereikend. Deze bestemmingsreserve is om die reden gecreëerd. Omdat de lasten volgens de regelgeving apart worden begroot en je de baten dus niet kunt salderen met de lasten (deze worden ook apart begroot) worden de huuropbrengsten niet ingezet ter dekking van de kapitaallasten. Voor de bepaling van het begrotingsresultaat worden de totale lasten en baten gesaldeerd (zoals is toegestaan volgens de regelgeving) om die reden wordt ook gesproken over het verwerken van de financiële gevolgen in het begrotingsresultaat. b. Graag ontvangen wij een overzicht, zoals op blz. 7, eerste tabel van het raadsvoorstel, maar dan gesplitst. Een tabel voor het onderwijsdeel en de inrichting openbare ruimte (geen verhuur) en een tabel voor het kinderdagverblijf (verhuur). Antwoord:
Hierbij kan de opmerking worden gemaakt dat dit een gesaldeerd resultaat is voor de totale financiering. Dit wordt gesplitst in een deel dat ten laste van het begrotingsresultaat wordt gebracht (2026: 79.242) en een deel dat wordt gedekt uit de bestemmingsreserve kapitaallasten (2026: 91.600).
24.I001082\blz. 1
*24.I001082* 24.I001082
c. Als deze splitsing is gemaakt zien we wat aanvullend nodig is voor het onderwijsdeel € 287.042 (waarvan gedekt € 100.000, restant nog te dekken € 187.042) en voor het kinderdagverblijf deel -/- € 16.200 (meer huurbaten dan kapitaallasten) in 2026. Bent u het met ons eens dat alleen voor het onderwijs deel nog een dekking dient te worden gevonden en dat daarmee de tabel op blz.7 onderaan, aangepast dient te worden? Het lijkt er nu op dat de dekking voor het kinderdagverblijf € 199.400 is (€ 107.800 huur plus € 91.600 dekking vanuit bestemmingsreserve kapitaallasten). De dekking is ongeveer het dubbele van de lasten! Antwoord: De aanname die u maakt sluit niet aan bij hoe er volgens de regelgeving begroot moet worden je mag lasten en baten niet salderen. Zie hiervoor het Antwoord bij 1A en B. Wij kunnen ons derhalve niet vinden in wat u stelt. Vraag 2 U kiest ervoor om de structurele lasten voor het onderwijsdeel en de openbare ruimte te dekken via het begrotingsresultaat. a. Kunt u uitleggen van dat precies inhoud? Antwoord: Dat betekent dat de gevolgen van de structurele lasten worden verwerkt in de begroting en dus van invloed zijn op het resultaat wat in de meerjarenbegroting is opgenomen. b. Waarom kiest u hiervoor en niet voor een dekking via een bestemmingsreserve kapitaallasten? Graag een duidelijke onderbouwing.
Antwoord: Om gebruik te maken van een reserve kapitaallasten dient de gehele financiering voor het onder-wijsdeel en de buitenruimte via dit bestemmingsreserve gedekt te worden. De algemene reserve is niet toereikend om voor dit onderdeel de bestemmingsreserve aan te vullen derhalve komt dit ten laste van de meerjarenbegroting. Vraag 3 De provincie Noord-Brabant heeft op 5 april 2024 een brief gestuurd naar alle gemeenteraden met als onderwerp, begrotingscirculaire 2024. a. Heeft u deze ook gelezen? Antwoord: Jazeker.
24.I001082\blz. 2
*24.I001082* 24.I001082
Er staat een hoofdstuk in genaamd Notitie incidenteel-structureel. Daarin wordt o.a. gesproken over de inzet van incidenteel geld (surplus algemene reserve) voor structurele uitgaven. b. maakt u gebruik van deze mogelijkheid in dit raadsvoorstel door de structurele lasten te dekken uit het begrotingsresultaat en dus t.l.v. de algemene reserves? Antwoord: Voor wat betreft het onderdeel kinderdagverblijf maken wij gebruik van een bestemmingsreserve kapitaallasten. Voor het onderwijsdeel maken wij gebruik van het begrotingsresultaat. c. bent u op de hoogte van de voorwaarden (surplus algemene reserve en hoogte weerstandsvermogen) die voor deze dekkingsmethode gelden, zoals beschreven in de betreffende notitie? Antwoord: Jazeker. Een van de voorwaarde is dat de geïnventariseerde risico’s zijn afgedekt. Dit om te zorgen dat het weerstandsvermogen juist wordt bepaald. In de brief van de provincie Noord-Brabant van 22 februari 2024, over de toezichtbevindingen onderzoek begroting 2024 voor Oirschot, geeft de toezichthouder aan dat een aantal risico’s PM zijn geraamd en niet financieel zijn vertaald. d. bent u van mening dat u voldoet aan de voorwaarden dat het weerstandsvermogen juist is vastgesteld o.b.v. de geïnventariseerde risico’s? Antwoord: Jazeker, we voldoen aan de voorwaarden.
In de beantwoording van 24 oktober 2023 op onze vraag (#6) omtrent de benodigde weerstandscapaciteit (o.b.v. de geïnventariseerde risico’s) bij de begroting 2024 gaf u aan dat begin 2024 bijeenkomsten plaats zouden vinden om de risico inventarisatie opnieuw te maken t.b.v. jaarrekening 2023. e. Hebben deze bijeenkomsten plaats gevonden? Zo ja, wat is hiervan de uitkomst? Zo nee, waarom hebben ze niet plaats gevonden? Antwoord: Jazeker, deze bijeenkomsten hebben plaatsgevonden. De risico’s zijn voor de jaarrekening opnieuw geïnventariseerd en dus is ook het weerstandsvermogen opnieuw bepaald in de jaarrekening 2023. In de notitie incidenteel-structureel wordt geadviseerd om vooraf met de provincie af te stemmen wanneer gebruikt wordt gemaakt van incidenteel geld (surplus algemene reserve) voor structurele uitgaven.
24.I001082\blz. 3
*24.I001082* 24.I001082
f. heeft u vooraf met de provincie het gebruik van het surplus algemene reserves afgestemd? Zo ja, wat is hiervan de uitkomst? Zo nee, waarom niet en bent u bereidt om dit alsnog te doen? Antwoord: Deze afstemming vindt plaats in het jaarlijkse onderhoudsgesprek met de provincie. Een ander aandachtspunt m.b.t. dit raadsvoorstel is de liquiditeit. Bij de beantwoording op 24 oktober 2023 op onze vraag (#10) bij de begrotingsbehandeling omtrent de liquiditeit gaf u aan: ”We zullen op een later moment dit overzicht doen toekomen”. Helaas is dit nog niet gebeurt. Verder, bij de burap antwoordde u op onze vraag of er een langlopende geldlening moet worden afgesloten in 2024 dat dat afhankelijk is van de financieringsbehoefte van het grondbeleid (bedrag tussen € 0 en € 10 miljoen i.v.m. ontwikkeling de Kemmer / Eindhovensedijk). Vraag 4 a. de kredietbehoefte van dit raadsvoorstel is € 13,2 miljoen. Moet voor de financiering van dit project een langlopende geldlening worden afgesloten van € 13,2 miljoen? Zo nee, hoe groot is de geldlening dan? Antwoord: Voor de financiering van toekomstige investeringen moeten één of meerdere vaste geldleningen worden afgesloten. Wanneer en de hoogte daarvan is afhankelijk van de totale financieringsbehoefte, blijkende uit een actualisatie van de liquiditeitsprognose.
Stel dat daarnaast in 2024 ook voor € 10 miljoen aan gronden worden verworven, zoals hierboven aangegeven. De totale financieringsbehoefte voor de nabije toekomst (2024, 2025) is dan maximaal voor deze twee onderwerpen € 23,2 miljoen. b. Kunt u zich vinden in dit bedrag als te financieren via langlopende geldleningen? Wat zijn de incidentele en structurele gevolgen voor de begroting 2025 e.v.? Antwoord: Nee, zie antwoord bij vraag 4a. c. Kunt u zorgen voor een actuele liquiditeitsprognose met in begrip van de grondaankopen voor € 10 miljoen en de investering in KC de Vliertuin en omgeving van € 13,2 miljoen? Antwoord: Nu de jaarrekening 2023 in concept is afgerond wordt gewerkt aan een actualisatie van de liquiditeiten planning 2024-2027.
24.I001082\blz. 4
*24.I001082* 24.I001082
Vraag 5 Blz. 5 raadsvoorstel. Waarom zijn de sloop- en bouwrijp maken van de Klep niet in een eerdere RIB of raadsvoorstel vermeld? Antwoord: In het raadsvoorstel Integraal Huisvestingplan Onderwijs 2022- 2036 uit september 2021 kosten geraamd onder de ’Inpassing bouwkundig sporthal’. Deze kosten van € 535.000,- waren toen een optelling van de kosten bouwkundige aanpassing gevel sporthal en de sloop- en bouwrijp maak kosten. Met andere woorden de kosten ‘sloop- en bouwrijp maken’ waren wel geraamd maar niet apart inzichtelijk gemaakt. In het nu voorliggende voorstel zijn deze kosten wel separaat benoemd. Vraag 6 Blz. 5 raadsvoorstel. Kunt u aangeven waarom de kosten voor het bouwkundig aanpassen gevel sporthal zo veel lager zijn nu dan in september 2021? Antwoord: Zie antwoord op vraag 5. In het raadsvoorstel Integraal Huisvestingplan Onderwijs 2022- 2036 uit september 2021 was het onderdeel ‘Bouwkundige aanpassing gevel sporthal’ een optelling van twee kostenposten: Bouwkundig aanpassing gevel sporthal en de sloop- en bouwrijpmaak kosten. Omdat het project nu verder is uitgewerkt zijn we ook beter in staat de kosten nauwkeuriger te bepalen. Dat betekent dat deze kostenposten gezamenlijk lager uitvallen dan in 2021 geraamd.
Vraag 7 Voorstel kosten en dekking: is het mogelijk een kaartje toe te voegen met de scope van het project (los van het bestemmingsplan?) Antwoord: Hieronder een kaartje van de projectscope waarop het voorliggende raadsvoorstel is gebaseerd. Voor de volledigheid hebben wij ook een kaartje toegevoegd van de scope van het projectgebied bij de vaststelling van het raadsvoorstel in september 2021.
24.I001082\blz. 5
*24.I001082* 24.I001082
Vraag 8 Openbare ruimte is een combi gemaakt met Sportparklaan en kindcentrum. Kan deze nog verder uitgesplitst worden? Met andere woorden: wat zijn alleen de directe kosten voor de Sportparklaan?” Antwoord: De kosten voor herinrichting / aanpassingen van de Sportparklaan zijn geraamd op circa € 950.000,- . We gaan daarbij uit van een aanpassing vanaf erfgrens van de eigendommen van de bewoners van de Sportparklaan tot en met de erfgrens van het nieuwe kindcentrum. Zoals in het raadsvoorstel aangegeven wordt naast de bovengrondse aanpassingen ook het regenwater afgekoppeld (deels ondergrondse aanpassingen). Bijlage(n): -
Oirschot, 30 april 2024 BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN OIRSCHOT,
Saskia Willems-van Ulden
Judith Keijzers-Verschelling
secretaris
burgemeester
24.I001082\blz. 6