RV d.d. 20 april 2021 Regionale Energiestrategie 1.0 Z-20-130711 Oegstgeest
Tekst van het document
j
to*L * .1.,,'
Gemeente
Oegstgeest --Í
raadsvoorstel onderwerp zaaknummer
porteÍeuillehouder team opgesteld door
datum voorstel datum raad
-llj
-:w :<
Regionale Energiestrategie 1.0
zl20/730777/287677 P. Glasbeek
-
Bestuur, strategie en bedrijfsvoering
-ul
D. van Haastrecht 20 april2O2t
: -í
3 juni 2027
B&W stelt de raad voor het volgende te besluiten: voorstel
7. De Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 Holland Rijnland vast te stellen; 2. De RES 1.0 uit te werken en verankeren in het lokaal (omgevings)beleid, in afstemming met de Regionale Omgevingsagenda Holland Rijnland
Burgemeester en wethouders van Oegstgeest
de secretaris Jeffrey Versluis
de bu Emile J
h
toelichting voorstel inleiding
ln 2OI9 is het Nationale Klimaatakkoord gepresenteerd. Nederland gaf hiermee invulling aan de internationale klimaatafspraken van Parijs. Het Klimaatakkoord is zowel door het kabinet als de decentrale overheden onderschreven. ln het Klimaatakkoord staat onder meer dat dertig energieregio's in Nederland onderzoeken waar en hoe ze kunnen bijdragen aan de klimaatdoelstellingen. Ze leggen dit vast in een eigen Regionale Energiestrategie (RES), die tweejaarlijks wordt herijkt. De RES maakt onderdeel uit van het Nationaal Programma RES, een gezamenlijke interbestuurlijk programma van Rijk en decentrale overheden, inclusief de VNG. Het NP RES vraagt alle regio's de RES 1.0 per 7iuli 2027 aan te leveren. De gemeente Oegstgeest heeft samen met 12 andere gemeenten, twee waterschappen, de provincie, de netbeheerder en andere partijen vorm gegeven aan de RES 1.0 van Holland Rijnland. Deze kent zijn basis onder meer in het Regionale Energieakkoord uit 2077. Hierin is door de samenwerkende overheden in Holland Rijnland uitgesproken om in 2050 energieneutraal te zijn. De RES gaat in elk geval in op opwek van hernieuwbare elektriciteit en warmte. Vanuit de gezamenlijke ambitie zijn besparing en mobiliteit ook onderdeel van de RES Holland Rijnland. Besluitvorming over de RES 1.0 vindt thans plaats in de volksvertegenwoordigende organen van de
deelnemende overheden: de raden, staten en algemene besturen van de waterschappen beoogd eÍfect
De RES 1.0 biedt een beleidskader voor hoe we als regio Holland Rijnland willen bijdragen aan de landelijke klimaatdoelen voor 2030 en uiteindelijk klimaatneutraliteit in 2050.
argumenten
7.7. De RES 1.0 sluit oan bij bestaande lokole en regionale afspraken en ambities voor de energietronsitie
ln het coalitieakkoord Groen, Sterk en Betrokken is duurzaamheid gemarkeerd als belangrijk speerpunt in deze collegeperiode. Op 1 juni 2017 heeft de raad unaniem het ambitiedocument'De toekomst is nu; duurzaam Oegstgeest'vastgesteld, met daarin de ambitie dat Oegstgeest in 2050 energieneutraal is. Het uitvoeringsprogramma 'lmpuls Duurzaam Oegstgeest'dat in 2018 door het college is vastgesteld, geeft invulling hieraan. Oegstgeest heeft in 2Ot7 het Energieakkoord Holland Rijnland medeondertekend. De RES 1.0 geeft nadere invulling aan deze regionale ambities. Deze ambities sluiten voor een belangrijk deel aan bij onze lokale doelstellingen, maar we zullen bij de vertaling en uitwerking nog wel moeten bezien welke onderdelen uit de RES wel en niet passend en haalbaar zijn voor Oegstgeest en waar herijking van beleid dan wel nieuw beleid nodig is. De raad zal bij deze uitwerking vanzelfsprekend worden betrokken en kan daar sturing aan geven. 7.2 De RES 7.0 is een strotegische beleidsnoto moar geen blauwdruk De RES 1.0 is een belangrijke tussenstap op weg naar de ambities voor 2030, en vervolgens 2050. De RES geeft richting om verdere stappen te zetten, op lokaal niveau, en ook in regionale samenhang. ln het vervolg en de verdere uitwerking is nadrukkelijk ruimte voor het verwerken van nieuwe inzichten.
Op weg naar 2030, en zeker naar 2050, zullen onderdelen toegevoegd worden, afvallen, onder meer aan de hand van nieuwe inzichten, kansen en barrières. Voor de periode na 2030 geldt dat ook de mogelijkheid bestaat dat andere, nu mogelijk nog nieuwe technieken, een plek in de strategie kunnen krijgen. Hierbij kan worden gedacht aan toepassing van waterstof, kernenergie, maar mogelijk ook nu nog onbekende technieken. De RES wordt tweejaarlijks herijkt. Dit betekent ook dat de RES geen blauwdruk is als basis voor uitvoering. Het is een gezamenlijke regionale richtinggevende strategie als basis voor nadere uitwerking. Doorvertaling en verankering van de RES naar beleid is voorbehouden aan de individuele overheden. Dat betekent niet dat de RES geheel vrijblijvend is. Als gezamenlijke overheden committeren we ons aan de ambities en het realiseren daarvan. 1.3 De RES 7.0 is tot stand gekomen op basis von een democratisch proces waorin verschillende belongen zijn meegewogen
ln 2079 en de eerste helft van 2O2O is gewerkt aan de Concept RES. Die is tot stand gekomen in
2
een intensief samenwerkingsproces tussen publieke partners, de netbeheerder en brede belanghebbenden. Het document is medio 2O2O voorgelegd aan de besturen en volksvertegenwoordigers van de overheidspartners (gemeenten, provincie en waterschappen), waarbij zij wensen en bedenkingen konden indienen. Ook de Programmaraad, een adviserend orgaan waarin het bedrijfsleven en maatschappelijke partners zijn vertegenwoordigd, heeft wensen en bedenkingen ingediend. Op basis hiervan heeft de voorzitter van de Stuurgroep eind september 2O2O de Concept RES met de ontvangen wensen en bedenkingen aan het NP RES aangeboden. De wensen en bedenkingen zijn waar mogelijk verwerkt in de RES 1.0 of komen terug bij de uitwerking. Ook is volop ingezet op enerzijds participatie met inwoners en andere stakeholders. Dat gebeurde op regionaal en lokaal niveau, op velerlei manieren en daarbij zoekend naar de juiste wijze, rekening houdend met de beperkingen door de coronapandemie. ln totaal zijn meer dan 10.000 inwoners betrokken, via webinars, enquêtes, straatgesprekken en op andere wijzen. Ook hebben diverse bijeenkomsten met volksvertegenwoordigers plaatsgevonden. De inhoudelijke uitwerking heeft plaatsgevonden in diverse (ambtelijke) werkgroepen waarin alle gemeenten deel konden nemen. Daarna volgde terugkoppelingen en overleg op bestuurlijk niveau.
De opbrengst van het participatieproces is in januari 2027 verzameld, en is meegenomen en verwerkt in de voorliggende RES. 7.4 De voorliggende zoekgebieden op Oegstgeester grondgebied zools die nu in de zoekgebiedenkaart zijn opgenomen zijn in beginsel acceptobel en in lijn met het Coalitieokkoord en input uit de somenleving ln de concept zoekgebieden-/kansenkaart waarmee we de participatie in gingen stonden vier zoekgebieden: een zoekgebied voor wind en zon aan de noordkant van Oegstgeest ten westen van de A44 (Elsgeesterpolder), een zoekgebied voor wind en zon ten westen van de Klinkenbergerplas, een zoekgebied voor zon en een (klein) zoekgebied voor zon en wind aan de zuidkant van Oegstgeest rondom het Bio Science Park en Nieuw Rhijngeest Zuid. Tijdens het participatietrajectl
bleek evenwel dat windturbines in Oegstgeest niet op draagvlak kunnen rekenen, hetgeen aansluit bij het Coalitieakkoord. Zonnevelden en zon op daken kunnen mogelijk op meer draagvlak rekenen, zo bleek uit de participatie, mits deze niet conflicteren met andere ruimtel'ljke waardes zoals natuur en recreatie. ln de voorliggende zoekgebiedenkaart zijn verschillende factoren meegewogen, zoals de participatie uitkomsten, ruimtelijke kwaliteit, net efficiëntie en de niet-mitigeerbare restricties (veiligheid en milieu). Voor Oegstgeest heeft dit ertoe geleid dat de zoekgebieden voor wind niet zijn opgenomen in de uiteindelijke kaart, maar alleen een zoekgebied voor zon aan de noordkant en zuidkant. Overigens staat de locatie voor windturbines bij AKZO wel op de kaart, omdat dit een locatie is waar de provincie zich al aan had gecommitteerd in de Visie Ruimte en Mobiliteit (datzelfde geldt voor de VRM-locatie bij het Valkenburgse meer in Katwijk). 2.7. De RES vroagt om vertaling en uitwerking naor beleid De RES vraagt om vertaling naar (lokale en bovenlokale) projecten en (ruimtelijk) beleid om tot realisatie te kunnen komen. De individuele RES-partners zijn hiervoor aan zet: zij bepalen hoe de RES verder wordt uitgewerkt en vertaald wordt naar beleid.
Dat gebeurt bijvoorbeeld in structuurof omgevingsvisies en/of in ander beleid (omgevings-, ruimtelijk, duurzaamheids-, energiebeleid of andersoortig). Dat kan ook vragen om bijvoorbeeld aanpassing van beleid, of het organiseren van het samenspel tussen marktpartijen, overheden, maatschappelijke partijen en bewoners. Vooral voor bewoners zal de energietransitie stevige consequenties (kunnen) hebben, en erzal dan ook bij de uitwerking voldoende participatie moeten blijven plaatsvinden en sturing nodig zijn op draagvlak voor maatregelen. 2.2. Uitwerking van de RES 7.0 dient mede op regionool niveou te gebeuren Naast vertaling van de RES 1.0 in lokaal beleid vraagt de RES ook om regionale afstemming en uitwerking onder meer in ander ruimtelijk beleid. Een belangrijk strategisch beleidskader waarin verschillende ruimtelijke aspecten aan bod komen, is de Regionale Omgevingsagenda. lntegrale afweging van de ruimtelijke effecten ten opzichte van andere toekomstige ruimteclaims zal plaats moeten vinden in de Regionale Omgevingsagenda Holland Rijnland die door het Algemeen Bestuur van Holland Rijnland zal worden vastgesteld. Na vaststelling van de RES 1.0 zal bovendien moeten worden gekeken welke regionale inspanningen nodig zijn voor de uitwerking. De aard van de opgave vraagt ook om opvolging in regionaal verband. Alleen in onderlinge samenhang tussen de
1 Raadsmededeling
Wensen en bedenkingen & opbrengst particípatie RES d.d. 23 Íebruari 2027
partijen kan worden bekeken hoe met de (boven)lokale inzet de overkoepelende ambitie en inzet van de gezamenlijke partijen behaald wordt. En welke eventuele bijsturing nodig is.
kanttekeningen
financiën
duurzaamheid
participatie
communicatie of vervolg
t.1. Niet qlle wensen en bedenkingen von de rood zijn (nu) meegenomen in de RES 1.0 Aan de colleges is medio 2O2O gevraagd om de Concept RES voor'wensen en bedenkingen'voor te leggen aan de volksvertegenwoordigers (raden, staten, Verenigde Vergadering). Het idee achter de wensen en bedenkingen-procedure was dat de volksvertegenwoordigers in deze fase aan konden geven hoe zij aankeken tegen de Concept RES en in die zin sturing konden geven aan het proces. Alle wensen en bedenkingen zijn door Holland Rijnland geïnventariseerd en betrokken bij de uitwerking van de RES 1.0. Hierbij is op ambtelijk en bestuurlijk niveau afgewogen en afgestemd welke wensen en bedenkingen wel konden worden overgenomen en/of welke pas in een latere fase of riberhaupt niet konden worden overgenomen bijvoorbeeld omdat deze niet binnen de scope van de RES vallen of waar geen overeenstemming over is op regionaal niveau. Een samenvatting hiervan is opgenomen als bijlage bij de RES 1.0. Ook hebben we de raad hierover per raadsmededeling geïnformeerd (Raadsmededeling Wensen en bedenkingen en opbrengsten participatie RES d,d, 23 februari 2027). De RES 1.0 heeft geen directe financiële consequenties.
Wel zal moeten worden gekeken of de vertaling van de RES naar (aanvullend) lokaal beleid financiële consequenties heeft en in hoeverre lokale plannen wel of niet kunnen worden gedekt binnen de huidige begrotingsbudgetten of dat daar extra budget voor moet worden aangevraagd. Recentelijk heeft de Raad van Openbaar Bestuur een rapport gepresenteerd waarin genoemd wordt dat gemeenten vanuit het Rijk extra middelen kunnen verwachten voor de uitvoeringslasten van het Klimaatakkoord. We hopen daar later dit meer van te vernemen. De RES 1.0 volgt uit de landelijke afspraken in het kader van het Nationale Klimaatakkoord dat gebaseerd is op het Klimaatakkoord van Parijs.
Bij de totstandkoming van de RES is er een participatietraject uitgevoerd waarbij bewoners, ondernemers en andere belangstellenden zijn geïnformeerd en bevraagd over de RES. Een weergave van dit proces is te vinden op doemee.oegstgeest.nl.
Terugmelding van de besluitvorming in de individuele overheden vindt plaats voor l juli in het PHO+, via de Stuurgroep RES Holland Rijnland. Hierna biedt de Stuurgroep de RES 1.0 (per brief) aan namens de regiopartners aan het Nationaal Programma RES. Elke deelnemende partij zet zich in om de ambitie van de RES 1.0 te realiseren en werkt verder aan uitwerking, voorbereiding en realisatie van de benodigde maatregelen. Dit gebeurt in elk geval in de vorm van een inventarisatie van benodigde aanpassingen van beleid, uitwerking van zoekgebieden en afstemming in het kader van de regionale structuur warmte. Om de ambities uit te werken en waar te maken, is verdere samenwerking nodig. Opvolging van de RES vraagt in ieder geval om een regulier regionaal bestuurlijk gesprek over de voortgang en het doelbereik: liggen we op koers voor onze ambities? Als basis hiervoor wordt op regionale schaal door de RES-organisatie de voortgang gemonitord op basis van informatie die door de deelnemende overheden wordt aangeleverd. Aanvullend vraagt de opvolging om bovenlokale afstemming van de concretisering van de plannen, kennisuitwisseling, maar ook het gezamenlijk ontwikkelen van de RES 2.0. Welke activiteiten en verantwoordelijkheden daarbij lokaal, of regionaal belegd worden, zal worden uitgewerkt in het procesplan voor de RES 2.0.
Dat is een separaat document, dat dit najaar wordt voorgelegd aan colleges ter vaststelling. Op dit moment is de toekomst van de programmastructuur van NP RES en de financiering nog onvoldoende duidelijk.
publiekssamenvatting
ln 2079 is het Klimaatakkoord gepresenteerd. Nederland gaf hiermee invulling aan de internationale klimaatafspraken van Parijs. ln het Klimaatakkoord staat onder meer dat dertig energieregio's in Nederland onderzoeken waar en hoe ze kunnen bijdragen aan de klimaatdoelstellingen. Ze leggen dit vast in een eigen Regionale Energie Strategie (RES). De RES 1.0 is een belangrijke tussenstap op weg naar 2030 (49% CO2 reductie) en uiteindelijk 2050 (95o/o CO2 reductie). Per l juli 2027wordt elke regio gevraagd de RES 1.0 aan het NP RES te leveren. De RES wordt tweejaarlijks geactualiseerd, waarbij ruimte bestaat voor nadere uitwerking en aanpassingen. Holland Rijnland ís één van die dertig regio's. Oegstgeest heeft samen met 12 andere gemeenten, twee waterschappen, de provincie, de netbeheerder en andere partijen vorm gegeven aan de RES 1.0 van Holland Rijnland. Deze kent zijn basis onder meer in het Regionale Energieakkoord uit 2077. Hierin is door de samenwerkende overheden in Holland Rijnland uitgesproken om in 2050 energieneutraal te zijn. De RES gaat in elk geval in op opwek van hernieuwbare elektriciteit (zon en wind op land) en warmte. Vanuit de gezamenlijke ambitie zijn besparing en mobiliteit ook onderdeel van de RES Holland Rijnland.
Het college van B&W en de gemeenteraad van Oegstgeest hebben de RES 1.0 vastgesteld en hebben zich gecommitteerd om de regionale ambities voor de energietransitie te betrekken bij de uitwerking van het lokale beleid. De raad vraagt Holland Rijnland - naast nadere uitwerking en afstemming op regionaal niveau - om de RES 1.0 te betrekken bij een bredere ruimtelijke afweging waarin ook andere ruimtelijke kwaliteiten zoals natuur worden betrokken.
bijlage(n)
7. RES 1.0 2. Bijlagen bij RES 1.0. Deze zijn in te zien via de webpagina https://wiiziinon.n l/documenten/res- 1-0 Bijlage 1.1 Samenvattende reactie wensen en bedenkingen Bijlage 1.2 lntegraal overzicht wensen en bedenkingen op Concept RES Bijlage 2.1 Energie als samenhangend systeem Bijlage 3.1 Energiebesparing - Ontwikkeling, potentie en instrumentarium in beeld Bijlage 4.1 Uitkomsten onderzoek duurzame mobiliteit in RES 1.0 Bijlage 5.1 Toelichtingvraag en aanbod Bijlage 5.2 Notitie piek- en back-up voorziening Bijlage 5.3 Waterstof in de gebouwde omgeving Bijlage 5.4 Cascadering Bijlage ó.1 Netimpact rapportage RES 1.0 Holland Rijnland Bijlage ó.2 Ruimtelijke kwaliteit_analyse Bijlage ó.3 Routekaart zon op dak Bijlage ó.4 Procesbeschrijving Van denkrichtingen Concept RES naar Kansrijke gebieden RES 1.0 Bijlage ó.5 Handreiking verankering in omgevingsbeleid Bijlage ó.ó. RES 1.0 kaart (finaal 31 maart) Bijlage ó.7 Omgevingsparticipatie Bijlage 8.1 Uitkomsten regionale enquête over de energietransitie in de RES-regio Holland Rijnland Bijlage 8.2 Uitkomsten aanvullende enquête over de ruimtelijke voorwaarden en
financiële participatie Bijlage 8.3 Opbrengsten lokale participatie
.1.
-+È Ér.d*'
Gemeente
Oegstgeest I
- N IJJ
raadsbesluit
TL
m
onderwerp zaaknummer
portefeuillehouder team
Regionale energiestrategie 1.0
- \t
P. Glasbeek
rn
Bestuur, strategie en bedrijfsvoering
opgesteld door
D. van Haastrecht
datum voorstel
20 april2027 3 juni 2O2t
datum besluit
€
zl20/730777/287677
N
- o N
*
De gemeenteraad van Oegstgeest; selezen
I het voorstel van burgemeester en wethouders van 20 april 2O2t;
seletop
I het Nationaal Klimaatakkoord en Nationaal Programma RES;
besluit
1. De Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 Holland Rijnland vast te stellen; 2. De RES 1.0 uit te werken en verankeren in het lokaal (omgevings)beleid, in afstemming met de Regionale Omgevingsagenda Holland Rijnland.
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van Oegstgeest op 3 iuni 2021. de griffier
de voorzitter
Fred Kromhout
Emile Jaensch