CConstaterende datOegstgeest
Koppel je AI →
Document · PDF

RM d.d. 19 januari 2021 Uitstel Transformatie en Decentralisatie Maatschappelijke Zorg 2023 Z-18

Oordeelsvorming Burger 11 maart 2021, gemeente OegstgeestBij agendapunt: Uitstel Transformatie en DecentralÍsatie Maatschappelijke Zorg 20234.458 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Geme **'gOegstgeest raadsmededeling onderwerp zaaknummer

portefeuillehoude

Uitstel Transformatie en DecentralÍsatie Maatschappelijke Zorg 2023

zl78/t7ss89/276708 J. Nieuwenhuis

()

Maatschappij H.C. Duyvendak

ín

r team opgesteld door datum voorstel

79 januari2O2t

Geachte raad,

mededeling

De afgelopen jaren hebben wij als (sub)regio diverse stappen gezet om dezorgen ondersteuning

voor kwetsbare inwoners in onze regio mogelijk te maken. Het gaat hier bijvoorbeeld om inwoners die beschermd wonen, verslavingszorg nodig hebben of dakloos zijn geworden. Met deze

raadsmededeling informeren wij u over de redenen voor uitstel van de decentralisatie maatschappelijke zorg. Maatschappelijke zorg (MZ) omvat bescherm wonen (BW) en maatschappelijke opvang (MO zoals opvang verslaafden, daklozen en vrouwen). Tot slot informeren

wij u over de voorgeschiedenis, eerdere besluitvorming en geven wij inzicht ín recente ontwikkelingen. Zowel op het niveau van Holland Rijnland als in de Leidse regio is de keuze gemaakt om de uitvoering van de gemeentelijke verantwoordelijkheid voor deze doelgroepen samen vorm te geven. Het kader hiervoor iseind2ol6/begin2OIT door alle gemeenteraden in de regio Holland Rijnland vastgesteld, namelijk het Beleidskader Maatschappelijke Zorg Holland Rijnland 2077 -2025. Gemeenten als Oegstgeest kunnen de maatschappelijke zorg immers niet alleen uitvoeren, zeker voor zover het gaat om specialistische voorzieningen voor een complexe doelgroep. De afgelopen jaren hebben wij dan ook centrumgemeente Leiden het mandaat verleend om namens ons de voorzieningen te treffen die nodig zijn. Vanuit de wens om de maatschappelijke zorgzoveel mogelijk lokaal, in de wijk en ambulant plaats te laten vinden, heeft het Rijk destijds uitgesproken om de financiële middelen voor beschermd wonen

per l januari 2O22fasegewijs rechtstreeks te willen verstrekken aan alle gemeenten in plaats van via de centrumgemeenten. Bestuurlijk is de afgelopen periode dan ook nagedacht over de wijze

waarop wij deze financiële doordecentralisatie wilden vormgeven en waren wij voornemens uw raad te laten besluiten over de financiële kaders voor de komende jaren. Recent hebben wij vernomen dat het financieel verdeelmodel beschermd wonen later dan verwacht beschikbaar komt. Dit betekent

dat doordecentralisatie per l januari 2O22nietmeer haalbaar is. Deze recente stagnatie in de besluitvorming vanuit het Rijk heeft ons doen besluiten u voor te stellen om de doordecentralisatie van de maatschappelijke zorg een jaar uit te stellen naar l januari

2023.

u) m

N

o o N N

Vooruitlopend op het proces naar besluitvorming door uw raad over de financiële doordecentralisatie en de wijze waarop wij lokaal en (sub)regionaal wensen samen te werken per 1 januari 2023, willen wij u tijdig en volledig informeren en betrekken. ln deze raadsmededeling staan wij daarom stil bij de voorgeschiedenis van de decentralisatie van de maatschappelijke zorg, beschrijven wij een aantal belangrijke ontwikkelingen op landelijk niveau, in Holland Rijnland en in de Leidse Regio en sluiten wij af met een vooruitblik naar 2027 e.v. Deze raadsmededeling vormt daarmee het basisdocument voor de besluitvorming die in de komende periode aan uw raad wordt

voorgelegd. Daarnaast zullen wij uw raad begin2O2tvia een subregionaal woordvoerdersoverleg informeren over de stand van zaken, waarbij we ook specifiek ingaan op de situatie in de Leidse regio. We nemen u mee in wat is bereikt, de vraagstukken die voor ons liggen en hoe we deze opgaven met elkaar gaan

invullen. Inhoudsopgave:

7.

Voorgeschiedenis

2.

Eerdere besluitvorming

2.1 2.2

Beleidskader Maatschappelijke Zorg Holland Rijnland 2Ot7-2025

UitvoeringsprogrammaHollandRijnland 'De maatschappelijke zorg dichterbij'

2.3 3.

UitvoeringsagendaLeidseRegio

Ontwikkelingen

3.1

Landelijke ontwikkelingen 3.1.1 Herverdeling van de financiële middelen voor maatschappelijke zorg

3.1.1.1 Verdeelsystematiek beschermd wonen

3.i.i.2 Aanpak ntaaiscl rappei ijke opvai-rg 3,7.2.Wijziging van de Wet langdurige zorg (Wlz) 3.2

Regionale ontwikkelingen: Holland Rijnland niveau 3.2.1 Een regionaal verdeelmodel: in één keer doordecentraliseren

3.2.I.7 lnhoudelijk afwegingen 3.2.1.2 Financiële afwegingen 3.2.7.3 Uitwerkingvan een regionaal verdeelmodel

3.2.2 lnhoudelijke afspraken (uitvoeringsniveau) 3.2.2.I Special istische voorzieningen 3.2.2.2 Samenwerking, monitoring en sturing

3.2.2.3 Frictiekosten centrumgemeente 3.3

Subregionale ontwikkelingen: Leidse Regio niveau

3.3.1 Uitwerkinguitvoeringsagenda 3.3.2 HeroriëntatieWmo

4.

Vooruitblik

2

7.

Voorgeschiedenis

Met de wijziging van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) in 2OI5 heeft de gemeente verantwoordelijkheden en taken overgeheveld gekregen vanuit de toenmalige Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). De bekendste zijn (woon)-begeleiding en dagbesteding. Ook beschermd wonen en de inloopfunctie (O)GGZzijntoen overgegaan. ln Holland Rijnland hebben de gemeenten door middel van het verlenen van een mandaat (Oegstgeest d.d. 2 december 2074

Z/74/05064) destijds besloten om de taken voor beschermd wonen te beleggen bij centrumgemeente Leiden. Dit gebeurde mede omdat de financiële middelen van het Rijk op dat moment uitgekeerd werden aan de centrumgemeenten en niet aan de afzonderl'rjke gemeenten. Ondanks dit mandaat blijven de lokale gemeenten juridisch verantwoordelijk voor financiële consequenties van de uitvoering (overschotten en tekorten). De gemeente Leiden voerde al de

taken op het gebied van maatschappelijke opvang, verslavingszorg en -preventie en OGGZ (bemoeizorg) uit, eveneens Wmo-taken. Hiermee voerde de gemeente Leiden vanaf 2OI5 de taken

uit voor de uitvoering van de zorg voor de meest kwetsbare inwoners, oftewel de maatschappelijke zorg7, in Holland Rijnland. Na de verandering van de Wmo in2O75 heeft de Commissie Toekomst beschermd wonen (ook wel

Commissie Dannenberg) eind 2015 aan het Rijk advies uitgebracht om beschermd wonen zoveel

mogelijk lokaal, in de wijk en ambulant plaats te laten vinden: van beschermd wonen naar beschermd thuis. Het Rijk heeft toen uitgesproken om de middelen voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang in de toekomst rechtstreeks te willen verstrekken aan alle gemeenten in plaats van aan de

centrumgemeenten, om hiermee meer lokale inzet en lokaal maatwerk te stimuleren.

2.

Eerdere besluitvorming

2.7

Beleidsksder MaatschappelijkeZorgHollandRijnlond 2077-2025

ln navolging op de adviezen van de Commissie Toekomst beschermd wonen is in de regio Holland Rijnland een regionaal beleidskader voor de maatschappelijke zorg opgesteld. Eind 20lólbegin

2017 hebben alle gemeenteraden in de regio Holland Rijnland het Beleidskader Maatschappelijke Zorg Holland Rijnland 2077-2025 vastgesteld (Oegstgeest d.d. 2ó januari2OTT Z/16/76794).

2.2

Uitvoeringsprogromma Holland Rijnland'De maotschoppelijke zorg dichterbij'

De visie uit voorgenoemd beleidskader is vertaald naar een Uitvoeringsprogramma

maatschappelijke zorg Holland Rijnland 2OI8 - 2O2O'De maatschappelijke zorg dichterbij', welke is vastgesteld door de colleges in Holland Rijnland. ln dit uitvoeringsprogramma is vastgelegd hoe de gemeenten uit Holland Rijnland zich gaan voorbereiden op de decentralisatie van de maatschappelijke zorg (Oegstgeest d.d. 13 februa ri 2078 Z/ 78/ 7IO8571.

2.3

UitvoeringsagendaLeidseRegio

ln navolging op het Uitvoeringsprogramma maatschappelijke zorg Holland Rijnland 2078 - 2O2O hebben de drie subregio's in Holland Rijnland, te weten de Rijn- en Veenstreek, de Duin- en

Bollenstreek en de Leidse Regio, ieder een subregionale uitvoeringsagenda opgesteld (zie ook 1 Wanneer we spreken over maatschappelijke zorg bedoelen we de taken Maatschappelijke opvang, beschermd wonen,

verslavingszorg en bemoeizorg.

3

paragraaf 3.3). Deze uitvoeringsagenda betreft een nadere uitwerking van de door u vastgestelde kaders. Het gaat hierbij om een verregaande samenwerking tussen de gemeenten van de Leidse regio met het doel om de maatschappelijke zorg toekomstbestendig en efficiënt in te richten. Er wordt daarbij uitgegaan van één gebied, één opgave, één aanpak. De centrale thema's hierbij zijn;

1. Wonen is de basis;

2. De inclusieve buurt; 3. Preventie en vroeg signalering; 4. Laagdrempelige toegang; 5. Ondersteuning op maat.

lnvesteringsfonds Om de gemeenten in Holland Rijnland in staat te stellen zich goed voor te bereiden op de

doordecentralisatie maatschappelijke zorg is in 2018 het'lnvesteringsfonds maatschappelijke zorg' ingesteld. Dit investeringsfonds wordt gedekt met middelen uit het overschot beschermd wonen. Destijds was de verwachting dat de dooidecentralisatie per 2027zou plaatsvinden. Nu de decentralisatie twee jaar later plaatsvindt, is de looptijd van het investeringsfonds door de raad van de centrumgemeente Leiden verlengd tot l januari 2023. Vanuit dit investeringsfonds worden

diverse pilots uitgevoerd en projecten ondersteund om de maatschappelijke zorg lokaal vorm te geven.

3.

Ontwikkelingen

3.7

Londelijkeontwikkelingen ln de komende jaren verandert er op landelijk niveau een aantai zaken in de vercieiingvan financiëie

middelen voor Maatschappelijke Zorg.Deze schetsen we hieronder: 3.7.7 Herverdeling van de financiële middelen voor Moatschoppeliike Zorg ln navolging van het advies dat de commissie Dannenberg eind 2015 uitbracht, was het voornemen van het Rijk dat de middelen voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen per 2O2O

toegevoegd zouden worden aan de middelen voor Wmo-begeleiding en dagbesteding en volgens een nieuw model herverdeeld zouden worden over alle gemeenten. Het ontwikkelen van een financiële verdeelsystematiek bleek een lastige operatie omdat de voorzieningen voor maatschappelijke zorg ongelijk verdeeld zijn over het land. Zo ziin er van oudsher grote landelijke instellingen voor verblijf van psychiatrische patiënten in de bossen, een vorm van verblijf die we nu beschermd wonen noemen. Wanneer een objectief model ingericht

wordt - dus op basis van feitelijke (met name demografische) kenmerken van gemeenten - ontstaan grote herverdeeleffecten met nadeel voor gemeenten die over grote woon-/zorgvoorzieningen beschikken.

Door de worsteling om tot een voor alle soorten gemeenten financiële verdeelsystematiek te komen, is de doordecentralisatie - dus de overdracht van middelen - van de centrumgemeente naar de individuele gemeenten - al diverse keren uitgesteld. Vooralsnog is de rijksplanning dat de

4

doordecentralisatie voor beschermd wonen ingaat per 2O23.Yoor maatschappelijke opvang is de doordecentralisatie van middelen door de Rijksoverheid voorlopig uitgesteld naar 2O26. 3. 7. L. 7. Verd eelsystematiek

beschermd wonen

Zoals gezegd is gebleken dat het nieuwe objectieve verdeelmodel beschermd wonen voor nieuwe

cliënten niet zoals verwacht in de decembercirculaire van 2O2O is gepubliceerd. Het verdeelmodel zal nu naar verwachting in de loop van het eerste kwartaal van2O2t beschikbaar komen.

Voor de verdeling van de middelen voor beschermd wonen heeft de Rijksoverheid gekozen voor een ingroeipad dat (vooralsnog) ingaat per 2023. De centrumgemeenten blijven de middelen voor voorzieníngen voor de huidige cliënten ontvangen volgens de huidige historische verdeling. De middelen voor voorzíeningen voor nieuwe cliënten worden echter gefaseerd aan elke gemeente

verstrekt. Het budget hiervoor zal vanuit de Rijksoverheid op objectieve gronden over gemeenten verdeeld worden. Omdat het aantal huidige cliënten afneemt zal ook het budget van de centrumgemeente afnemen. Het budget van elke individuele gemeente voor nieuwe cliënten neemt toe. Dit ingroeipad neemt zeven jaar in beslag.

Dit betekent dat gedurende zeven jaar de middelen voor beschermd wonen via twee geldstromen vanuit het Rijk verdeeld zullen worden. Dit is een ingroeipad tussen centrumgemeenten en alle gemeenten (dus een ingroeipad binnen regio's). Tegelijkertijd is de doelstelling dat cliënten zoveel als mogelijk in hun eigen omgeving beschermd moeten kunnen wonen dus dat er een verschuiving

van aanbod van voorzieningen plaats zal moeten vinden. Grofweg van het oosten naar het westen van het land. Omdat hiervoor een op- en afbouw van voorzieningen nodig is die meer tijd kan vragen,

vindt er een aanvullend 10-jarig ingroeipad plaats tussen regio's. Omdat de voorzieningen nog niet evenredig over gemeenten verdeeld zijn, komt er een woonplaatsbeginsel of kostenverrekening. Hierdoor dragen gemeenten financieel bij aan kosten voor hun inwoners die naar een andere gemeente verhuizen om beschermd te gaan wonen. Op die manier worden gemeenten die nu nog relatief veel aanbod van opvang hebben hier niet voor benadeeld. Voor nieuwe cliënten uit een andere gemeente krijgen zij immers financiële compensatie van de herkomstgemeente. 3. 1. 7.2. Aan pok M aotscha ppelijke opvang

Medio 2019 heeft de Rijksoverheid besloten om de middelen voor maatschappelijke opvang in elk geval tot 2O26 aan de centrumgemeenten te blijven verstrekken. Op dat moment zal landelijk nader bekeken worden hoe hierverder mee om te gaan. 3.1.2 Wijzigingvan deWet longdurige zorg (WIz) Per 2o2twordt de Wlz opengesteld voor inwoners die'levenslang en levensbreed' intensieve

ondersteuning nodig hebben bij wonen en leven vanwege psychiatrische problematiek. Hierdoor zal naar verwachting circa een derde (1/3e) van de inwoners die nu een beroep doen op de Wmo (beschermd wonen) onder de Wlz gaan vallen; dit betreft veelal de meest'zware'categorie cliënten.

Momenteel worden door het Centrum lndicatiestellingZorg(ClZ) de indicaties hiervoor opgesteld. Met deze wetswijziging zullen ook de míddelen hiervoor verschuiven van de Wmo naar de Wlz. Dit zal voor gemeenten kostenneutraal gebeuren: de huidige kosten van de cliënten die overgaan zullen

in mindering worden gebracht op het gemeentelijk budget. Om hoeveel cliënten en míddelen het precies gaat, wordt ín de loop van 2021 duidelijk.

5

3.2 Regi onole ontwikkelin gen {H ollond Riinland) De gemeenten in Holland Rijnland bereiden zich - vanuit het vastgestelde beleidskader - al sinds

2077 voor op de doordecentralisatie van de maatschappelijke zorg. Er is in de afgelopen periode gewerkt aan het concretiseren van de uitgangspunten uit dit kader. We lichten hieronder de ontwikkelingen toe over het regionale financiële verdeelmodel en we nemen u op uitvoeringsniveau mee in enkele inhoudelijke regionale afspraken. Over al deze punten is veelvuldig gesproken in het PHO Maatschappij, het afgelopen jaar zelfs maandelijks. 3.2.7 Een regionoal verdeelmodel: in één keer doordecentraliseren Zoals hierboven, onder landelijke ontwikkelingen geschetst, is er een splitsing in het landelijke

tijdpad voor het doordecentraliseren voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang ontstaan. Een splitsing in het tijdpad voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang wordt in Holland Rijnland onwenselijk geacht. Dit is namelijk in strijd met de inhoudelijke keuzes die door gemeenten is gemaakt. Daarnaast zijn er financiële redenen om geen splitsing aan te brengen.

3.2.7.L l nhoudelijke afwegingen Zowel bij beschermd wonen als bij maatschappelijke opvang gaat het om inwoners die lokaal het beste gekend worden en die lokaal laagdrempelig een ondersteuningsaanbod in de vorm van wonen en zorg in samenhang met ondersteuning op andere leefgebieden behoeven. Een deel van de

cliënten binnen beschermd wonen en maatschappelijke opvang kampt met vergelijkbare problematiek. Door budgetten gelijktijdig te decentraliseren wordt ontschotting tussen het ondersteuningsaanbod beschermd wonen en maatschappelijke opvang mogelijk, wat gemeenten beter in staat stelt lokaal tot passende integrale maatwerkoplossingen te komen. Daarnaast leidt doordecentralisatie van zowel beschermd wonen als maatschappelijke opvang ertoe dat alle gemeentes zich verantwoordelijk zullen voelen voor preventie, opvang en herstel van cliënten maatschappel ij ke opvang.

3.2.L2 Fi nanciële afwegingen Voorts zijn er financiële redenen om geen splitsing tussen beide aan te brengen. Sinds 2015 houdt de regio (Holland Rijnland) jaarlijks geld over op de voorzieningen beschermd wonen. Tegelijkertijd is de doeluitkering voor maatschappelijke opvang onvoldoende om de vraag te financieren. Door beide geldstromen met elkaar te verbinden bestaat op het geheel nog steeds een overschot. Overigens is hierbij wel sprake van relatief grote wachtlijsten voor beschermd wonen. Centrumgemeente Leiden is met het oog op de doordecentralisatie, de wens tot ambulantisering en de onzekerheid over het nieuwe verdeelmodel steeds behoedzaam geweest in de uitbreidingvan

intramurale voorzieningen beschermd wonen zodat gemeenten straks niet voor te hoge kosten komen te staan. De opgave is de komende jaren de omvang van het intramurale aanbod voor zwaardere cliënten te versterken en voor lichtere cliënten af te bouwen en om te zetten in ambulante ondersteuning.

3.2.7.3 Uitwerking van een regionaal verdeelmodel ln de afgelopen periode is gewerkt aan een eigen verdeelmodel voor Holland Rijnland waarmee we in staat zijn om per 2023 de middelen en taken voor maatschappelijke zorgop een verantwoorde manier over te dragen vanuit de centrumgemeente. Het externe adviesbureau AEF heeft een regionaal verdeelmodel voor de maatschappelijke zorg gemaakt dat naar verwachting goed zal 6

aansluiten op de nieuwe landelijke verdeling omdat zij die eveneens ontwerpen. Zodra de landelijke verdeelbudgetten en uitname Wlz bekend zijn, kan volgens de door AEF ontworpen systematÍek een budgetverdeling plaatsvinden op basis van de (voorlopige)

realisatiecijfers van 2020. De verwachting is nu dat dat gemeenten in de loop van het eerste kwartaal van 2027 inzicht hebben in de beschikbare budgetten. Het is gewenst om nog voor de zomer 2027 een voorstel voor doordecentralisatie van de maatschappelijke zorgtaken met bijbehorende budgetverdeling over de gemeenten in de regio Holland Rijnland ter besluitvorming aan uw raad voor te leggen.

Beschermd wonen Een gefaseerde doordecentralisatie zoals de Rijksoverheid voor ogen heeft bij beschermd wonen

wordt in Holland Rijnland niet wenselijk geacht. Het zou betekenen dat nieuwe cliënten een directe relatie met de eigen woongemeente hebben en ondersteuning die stevig lokaal ingebed is, terwijl op dezelfde locatie ook bewoners zijn die een regionaal bekostigd, ander aanbod kunnen krijgen. Daarnaast betekent het dat aanbieders op één locatie met meerdere verschillende contracten te maken kunnen krijgen. Regionaal (op Holland Rijnland niveau) is dan ook de wens om voor beschermd wonen géén ingroeipad te hanteren, maar om vanaf de doordecentralisatie alle inwoners met een beschermd wonen-voorziening inhoudelijk en financieel onder te brengen bij de gemeente

waar zij nu (beschermd) wonen. Dit brengt met zich mee dat ook het historisch budget voor beschermd wonen dat de komende jaren nog naar de centrumgemeente blíjft gaan, vanaf de decentralisatie verdeeld wordt over alle gemeenten. Oegstgeest heeft nu 29 plekken voor intramuraal beschermd wonen op meerdere locaties. Dit is in verhouding met de gemeenten in de Leidse Regio een groot aantal. Op basis van de wachtlijsten zullen eerst de andere LR gemeenten locaties/woningen moeten realiseren. Op dat aantal zal het

historische budgetworden bepaald. Het is nogonbekend hoeveel bewonersvan deze plekken naar de Wlz over zullen gaan.

Landelijk is tot nu toe het beeld dat het nieuwe verdeelmodel beschermd wonen (BW) voor nieuwe cliënten start per 2023. Hiertoe is door het rijk nog niet besloten. Er komt een landelijk objectief verdeelmodel voor de verdeling van deze middelen. Zoals hierboven toegelicht worden de middelen voor huidige cliënten beschermd wonen nog uítgekeerd aan de centrumgemeente op dezelfde wijze als nu het geval is, dit is een historisch verdeelmodel. Omdat centrumgemeente Leiden de kosten

van de huidige cliënten kent, kunnen en zullen de middelen voor deze kosten overgeheveld worden naar de gemeenten waar deze cliënten wonen. Elke gemeente moet dus in staat zijn deze kosten

voor de eigen huidige cliënten te dragen. Voor de dekking van de lokale kosten beschermd wonen ontvangt de gemeente Oegstgeest dus de middelen vanuit twee geldstromen, één vanuit het Rijk, deze geldstroom neemt jaarlijks toe en één vanuit de regio. Deze geldstroom neemt jaarlijks af en zal na 7 toï 70 jaar wegvallen. ln bijgevoegd infographic wordt in beeld gebracht hoe de bovenbeschreven voorgestelde aanpak in Holland Rijnland zich verhoudt tot het landelijke tijdpad. M a a tsch o p pel ij ke o pv o n g

Voor de verdeling van het landelijke budget maatschappelijke opvang over de 44 regio's bestaat al een objectief verdeelmodel. Dat is nu een Rijksmodel en moet in Holland Rijnland, op basis van

nieuwe afspraken, worden vertaald naar een lokaal model. Voor Oegstgeest zal dit betekenen dat 7

alleen vanuit een nieuw objectief model in de regio middelen ontvangen zullen worden. De

inschatting is dat dit een gering bedrag zal ziin- De maatstaven daarvoor zijn: - Aantal inwoners per leeftijdscategorie;

- Regionaleaantrekkingskracht; Nu de financiële solidariteit dus toch N IET overeengekomen is, wijzigt dit.

- Aantal huishoudens met een laag inkomen; - Aantaluitkeringsontvangers; - Aantal minderheden; - Aantaleenouderhuishoudens. ln Holland Rijnland zal besloten moeten worden onder welke condities deze middelen worden verdeeld.

3.2.2 Inhoudeliike afsproken (uitvoeringsniveau) Om een beeld te schetsen wat er in de regio (Holland Rijnland) geregeld gaat worden op het gebied van de maatschappelijke zorg ná de doordecentralisatie nemen we u hieronder mee in een aantal

verschillende onderwerpen, te weten: specialistische voorzieningen, samenwerking,

monitoring/sturing en frictiekosten bij de centrumgemeente Leiden. 3.2.2. 7 Speciali sti sche voor zieningen

Sommige inwoners hebben een specifieke ondersteuningsbehoefte die niet lokaal of subregionaal te organiseren of te financieren is. Hiervoor gaan we regionaal (op Holland Rijnland niveau) aanbieders

contracteren. Concreet gaat het om voorzieningen voor de volgende ondersteuningsvragen: - lnwoners met een lichte verstandelijke beperking in combinatie met verslavingsproblematiek;

-

lnwoners met een ernstige psychiatrische aandoening (EPA) in combinatie met verslavingsproblematiek;

- lnwoners met een ernstige psychiatrische aandoening (EPA) in combinatie met somatische aandoeningen;

- Crisisplekken voor (eenouder) gezinnen; - Daklozen met zware problematiek waarbij 24/7 begeleiding nodig is; - Opvang dak- en thuislozen bij koude- of hitteregeling. Voor de financiering van de regionale specialistische voorzieningen levert elke gemeente naar rato van het eigen budget een bijdrage. Voor de specialistische voorzieningen geldt een financiële

solidariteit. Deze zal langjarig overeengekomen worden. Op basis van de vraag en de inkooptarieven zaljaarlijks een begroting opgesteld worden voor de regionale kosten. 3.2.2.2 Samenwerking, monitoring en sturing De gemeenten in Holland Rijnland blijven nauw samenwerken rondom de maatschappelijke zorg.

Samenwerking is om meerdere redenen aangewezen:

- de contractering en het contractmanagement van specialistische regionale voorzieningen, het reguleren van de toegang tot deze voorzieningen en het monitoren van het gebruik en kosten moet in regionaal verband gebeuren. We richten hiervoor een regionaal team in te richten met

-

expertise vanuit de centrumgemeente en regiogemeenten; de opgave om tot een evenwichtige regionale spreiding van voorzieningen en meer ambulante vormen van beschermd wonen en opvang te komen vergt een lange adem. Samenwerking is nodig om het voorzieningenniveau in de regio op een goed peil te brengen en te houden en zo nodig elkaar bij te staan om de juiste plek voor een cliënt te kunnen bieden;

I

vanuit het Rijk blijft de centrumgemeente het aanspreekpunt voor de huidige cliënten Beschermd wonen en voor de maatschappelijke opvang;

landelijk is afgesproken dat gemeenten de Norm voor Opdrachtgeverschap (NvO) hanteren. Deze geldt voor het jeugddomein en voor de Wmo-taken beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Deze norm gaat uit van regionale samenwerking om beschikbaarheid en continuïteit van zorg te garanderen. Onderdeel van deze NvO is het maken van niet vrijblijvende regionale

governance afspraken en een regionaal aanspreekpunt. Omdat de gemeenten in Holland Rijnland al beschikken over het regionale samenwerkingsverband Holland Rijnland, waarbij ook taken op

het gebied van jeugdhulp zijn neergelegd, ligt het voor de hand dit samenwerkingsverband eveneens te benutten voor de samenwerking op het terrein van beschermd wonen en maatschappel ijke opvang. 3.2. 2.3 F rictieko sten centr u mgemeente

Bij de gemeente Leiden worden de centrumtaken afgebouwd. Hierdoor kan er sprake zijn van frictiekosten. Deze kosten worden in beeld gebracht en hierover zullen afspraken gemaakt worden

Waar sprake is van personeel dat met centrumtaken belast is kunnen afspraken gemaakt worden over overname van personeel vanuit de gedachte'mens volgt werk'.

3.3

Subregionaleontwikkelingen(Leidseregio)

De doordecentralisatie van de maatschappelijke zorg is een grote opgave waarbij enerzijds

specialistische voorzieningen op het niveau van Holland Rijnland worden ingekocht, maar zien we ook dat voor de reguliere zorg en ondersteuning de samenwerking in de Leidse regio wenselijk is. De

afgelopen periode is dan ook benut om te beoordelen hoe we de samenwerking in de Leidse regio rondom de maatschappelijke zorgwillen vormgeven. We zien daarbij de Leidse regio als "1 gebied, 1 opgave, L aanpak". De inkoop van zorg en ondersteuning zal dus bestaan uit de inkoop van specialistische voorzieningen op regionaal niveau (Holland Rijnland) en voor de lokale

maatwerkvoorzieningen Wmo (BW, begeleiding, preventies OGGZ,verslavingszorg, etc.) op subregionaal niveau. Dit veronderstelt dat ook op subregionaal niveau afspraken moeten worden gemaakt over de wijze waarop we zowel de financiële middelen in de subregio verdelen als de

solidariteit tussen gemeenten in de Leidse regio gaan vormgeven als er middelen overblijven of tekorten ontstaan.

3.3.7 Uitwerkinguitvoeringsogendo Op basis van de vijf thema's uit de uitvoeringsagenda, te weten: wonen is de basis, de ínclusieve

buurt, preventie en vroeg signalering, laagdrempelige toegang en ondersteuning op maat, zijn er in het afgelopen jaarveel waardevolle projecten gestart. Hieroverwillen we u nader informeren in het

eerste kwartaal van 2O21.

3.3.2 HeroriëntatieWmo Op het gebied van de Wmo werd en wordt veel samengewerkt als het gaat om de inkoop van voorzieningen, contractbeheer (Contractbeheer ServicepuntTl) en het opstellen van de Wmoregel geving (verordening, beleidsregels en fi na ncieel beslu it). De doordecentralisatie van de maatschappelijke zorg is aangegrepen voor een heroriëntatie op de

Wmo. We kijken zowel naar de lopende processen, het functioneren van de voorzieningen en inkoop als naar het verband tussen de maatschappelijke zorg voorzieningen (waarvan de begeleíding de

belangríjkste voorziening is) en de Wmo begeleiding. We hebben rond drie thema's (ouderen, begeleiding en maatschappelijke zorg) maatschappelijke 9

opgaven gedefinieerd die de gemeenten middels de nieuwe inkoop van Wmo-

maatwerkvoorzieningen per 2}22wilden realiseren. Het uitstel van de decentralisatie maatschappelijke zorg heeft gevolgen voor dit inkooptraject. De verbinding tussen de twee trajecten zit vooral op het gebied van de maatschappelijke zorg: Maatschappelijke opvang zal als specialistische voorziening op Holland Rijnland-niveau worden ingekocht en beschermd wonen op het niveau van de Leidse regio. lnhoudelijk is één van de meest belangrijke veranderingen en ambities het creëren van een doorlopende lijn aan ondersteuningvan licht (begeleiding) naar zwaar (beschermd wonen) en van intramuraal (beschermd wonen) naar extramuraal (ambulante ondersteu ning/begeleidi ng). Deze doorlopende lijn zorgt ervoor dat het zeer onwenselijk is om de inkoop van de voorzieningen

maatschappelijke opvang en beschermd wonen los te koppelen van begeleiding en de overige Wmo voorzieningen. Dit betekent dat het uitstel van de doordecentralisatie van de maatschappelijke zorg naar 2O23 reden is dat de huidige Wmo-contracten met een jaar worden verlengd tot 1 januari

2023. Het verlengen van het inkooptraject biedt de mogelijkheid om een intensiever traject met de zorgaanbieders te starten waarin door middel van de dialoog gezamenlijk meer diepgang wordt gebracht in de geschetste veranderopgaven en de gevolgen hiervan voor producten, tarieven, etc. Het verlengen van de inkoopprocedure en de uitbreiding van de dialoogfase bieden kansen om het

inkooptraject steviger te verbinden met een aantal andere trajecten. I n ieder geval bestaat er de wens om de inkoop te verbinden aan de inrichting van de toegang (Sociale Wijkteams/Zorgloket) en de inrichting van het lokale voorveld.

4.

Vooruitblik

Eventuele vragen over deze terugblik en beschrijving van de ontwikkelingen kunt u stellen tijdens de

bijeenkomst die we in de Leidse Regio organiseren in het eerste kwartaal van2O27.Wij nemen u dan mee in wat is bereikt, de vraagstukken die voor ons liggen en hoe we deze opgaven met elkaar gaan invullen. Daarnaast komen we in 2021 enin2022 bij uw raad terugvoor besluitvorming over de volgende (financiële) kaders: -een besluit om de financiële én inhoudelijke doordecentralisatie van de maatschappelijke opvang

per l januari 2023 door te voeren en niet per l januari 2026, met daarbi.i afspraken en randvoorwaarden over de verdeling van de financiële middelen in de regio; -uw wensen en bedenkingen kenbaar te maken alvorens wij de inkooptrajecten starten om de maatschappelijke zorg (specialistische voorzieningen) per l januari 2023in onze regio goed te organiseren; -vanuit het perspectiefvan lgebiedlplanlopgave (en daarmee 1 budget) vragen wij van uw raad een besluit om als Leidse regio de financiële en inhoudelijke doordecentralisatie gezamenlijk vorm te geven, met daarbij afspraken en randvoorwaarden over de verdeling van de financiële middelen in de regio; -uw wensen en bedenkingen kenbaar te maken alvorens wij de inkooptrajecten starten om de

subregionale opgave rondom de maatschappelijke zorgper l januari 2023inonze regio goed te organiseren.

Wij hopen uw raad hiermee voldoende geïnformeerd te hebben.

10

lnfogra phic

bijlage(n)

Burgemeester en wethouders van Oegstgeest

bn

l,tt*

( de secretaris

de

J. Versluis

E.R. J

h

71

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9747812/1