FAQ Statushouders (Hoefijzergebouw) versie van 1 april 2021
Tekst van het document
Veel gestelde vragen versie: 1 april 2021
Verzoek tot tijdelijk opvang statushouders en spoedzoekers 1. AANLEIDING Waarom zoekt COA nieuwe opvanglocaties? De IND heeft een inhaalslag gemaakt bij behandeling van asielaanvragen. Het heeft daarom op korte termijn 5000 extra opvangplekken nodig. Door een toenemend tekort aan sociale huurwoningen bij gemeenten stagneert de doorstroom, en daardoor ook de inburgering en integratie, van statushouders en evident kansrijke asielzoekers. Om deze reden verblijven de mensen die in onze regio komen wonen langer in de opvangcentra in bijvoorbeeld Groningen en Drenthe. Wanneer is de uitvraag in Hollands Midden gestart? Op 8 oktober 2020 heeft er op verzoek van de CdK een overleg in Alphen aan den Rijn plaatsgevonden. Hierbij waren nagenoeg alle gemeenten uit de regio Hollands Midden vertegenwoordigd, ook Oegstgeest. Het doel van dit overleg was om te bespreken op welke wijze gemeenten kunnen bijdragen aan de grote opgave voor huisvesting van asielzoekers en statushouders in de provincie Zuid-Holland. Hoe is het Hoefijzergebouw weer ter sprake gekomen? COA heeft deze optie sinds 2016 in zijn bestand omdat destijds deze locatie in beeld was voor de opvang van 300 vluchtelingen. COA neemt contact op met een gemeente wanneer het kennis heeft van een dergelijke mogelijkheid. Het gaat er van uit dat ook bij het Hoefijzergebouw dit zo gelopen is.
Wat is de “Uitwerking flexibele opvanglocaties”? De provincie ziet de combinatie van opvangplekken voor het COA en spoedzoekers als goede invulling van een flexibele opvanglocatie. Uit de brief van de provincie in de bijlage: “Op flexibele opvanglocaties kunnen naast asielzoekers ook andere urgente woningzoekenden gelijktijdig of volgtijdelijk verblijven. Dit is tijdelijk, op momenten dat COA minder asiel opvangplekken nodig heeft, kunnen de leegstaande plekken worden gebruikt door andere urgente doelgroepen. Zo kan leegstand van de opvang worden beperkt en kan er woonruimte voor een aantal spoedzoekers beschikbaar komen.” 2. DOELGROEPEN Wat is de gewenste omvang van een opvanglocatie? Het COA zoekt tijdelijke opvanglocaties voor 250 tot 300 personen. Zij hebben gemiddeld per persoon 12 vierkante meter slaap- en verblijfsruimte. Door de voorzieningen die voor deze mensen op de locatie wordt geboden, zoals zorg, peuteropvang, inburgering en 24/7 toezicht is dit kostentechnisch de gewenste omvang. Het op deze locatie gevraagde aantal is teruggebracht tot 175. Dit is gedaan om ook de opvang van 80 lokale spoedzoekers uit Oegstgeest mogelijk te maken. Proportionaliteit In de gebiedsvisie voor Overgeest staan 120 woningen opgenomen. Het gemiddelde aantal personen per woning is 2,14. Dat betekent dat ook in toekomst ongeveer 250 personen gehuisvest zullen worden in dit gebied.
T.o.v. de tijdelijk te huisvesten 175 statushouders en 80 spoedzoekers is dit eenzelfde proportie. Wat is de verhouding tussen gezinnen en alleengaanden? In de gesprekken die zijn gevoerd met het COA is besproken of het aandeel gezinnen vergroot zou kunnen worden. Het COA geeft aan dat voor alle locaties geldt dat deze verhouding een afspiegeling is
1
van de groepen binnen de vergunninghouders die in nog in een AZC verblijven. Meer gezinnen in Oegstgeest betekent meer alleengaanden/staanden op andere locaties. Hoe lang willen COA en DH de locatie gebruiken? Het gaat om vier jaar, mogelijk verlengd met één jaar, waarna de gebouwen weer leeg opgeleverd worden. Het is aannemelijk en gebruikelijk dat de planontwikkeling, bestemmingsplanprocedure, vergunningverlening en start bouw voor een permanente herontwikkeling van het gebied Overgeest naar woningbouw (nog) vier jaar duurt. Als er meer tijd nodig is, wil COA gebruik maken van een eventuele mogelijkheid om het tijdelijk gebruik met nog maximaal één jaar- te verlengen. Wat is de samenstelling van de groep statushouders? De groep bestaat ongeveer voor 35% uit gezinnen en 65% uit alleenstaande en alleengaande mannen en/of vrouwen. De laatste groep verzoekt meestal om gezinshereniging (nareizigers). Dat leidt niet tot een grotere opgaven voor de gemeente. Het grootste deel van de statushouders is afkomstig uit Syrië, en daarnaast uit Jemen, Eritrea en Turkije (bijvoorbeeld Gülen-aanhangers of LHBTIQ+ personen, die in Turkije worden bedreigd). Wat zijn evident kansrijke asielzoekers? Evident kansrijke asielzoekers zijn personen uit landen en groeperingen die gebruikelijk (95% van de gevallen) een verblijfsstatus krijgen.
Het voorstel van het COA is om in de eerste jaren 175 statushouders te huisvesten. Indien na verloop van tijd ruimte zou ontstaan omdat alle statushouders voor Oegstgeest en directe omgeving permanent zijn gehuisvest, dan kunnen deels evident kansrijke asielzoekers gehuisvest worden in het Hoefijzergebouw. Wat is de samenstelling van de andere doelgroepen? Het gaat om spoedzoekers uit Oegstgeest: gescheiden mannen en vrouwen (eventueel met kinderen), starters en eventueel studenten. Het gaat bij deze mogelijke aanvraag niet om ex-verslaafden en excriminelen. Voor hen worden onzelfstandige woonruimtes gecreëerd van 24 tot 32 vierkante meter. Divorce Housing gaat op basis van de nu door hen geschatte belangstelling voor deze vorm van wonen uit van 80 personen. Wat betekent de mix van deze doelgroepen op deze locatie? Het huisvesten van 255 (175 +80) personen in deze verhouding past binnen deze locatie. COA geeft aan dat de mix in de praktijk bijdraagt aan integratie in een tijdelijke gemeenschap (‘community’). DH geeft aan bij haar doelgroepen niet te zullen selecteren op de bereidheid hiervoor open te staan. Wat is het quotum voor definitieve huisvesting? Voor Oegstgeest betreft het quotum 36 plekken voor 2021. Waarschijnlijk is dit aantal ook voor 2022 van toepassing. In 2020 was dit nog 18 plekken. Met een plek wordt woonruimte voor een statushouder bedoeld.
Dus bij huisvesting van een gezin, telt het aantal gezinsleden voor het aantal plekken. Tot en met 2020 heeft Oegstgeest ruim aan haar taakstelling voldaan. Welke consequentie heeft het niet voldoen aan de taakstelling? Als een gemeente niet aan het quotum voldoet voert de provincie sancties uit. Dit is vastgelegd in het Algemeen beleidskader Indeplaatsstelling bij Taakverwaarlozing. De sancties worden steviger naarmate een gemeente langer en sterker in gebreke blijft. Bij trede 6 treedt de Provincie in de plaats van de gemeente. Dan huurt de Provincie woonruimte op kosten van de gemeente. Dit is vastgelegd in Hoofdstuk 5 (blz. 13) ‘Bestuurlijke interventieladder’.
2
3. DEFINITIEVE HUISVESTING/SOCIALE WONINGBOUW In welke gemeente komen de statushouders uiteindelijk te wonen? Het gaat om statushouders die in Oegstgeest en de regio een sociale huurwoning toegewezen moeten krijgen. Oegstgeest heeft een huisvestingsopgave in 2021 van 36 plekken. Waarschijnlijk is dit aantal voor 2022 ook van toepassing. De overige bewoners van de locatie stromen uit naar de gemeenten in onze regio. Op niveau van Holland-Rijnland wordt een deel van de vrijkomende sociale huurwoningen aan statushouders toegewezen. Voor 2020 bedroeg dat voor Holland Rijnland 4 %. Verblijfsduur van statushouders in tijdelijke huisvestingslocatie Op basis van de ervaringen van het COA en afhankelijk van de doorstroommogelijkheden in de regio verblijven statushouders naar verwachting gemiddeld 7 tot 12 maanden in de tijdelijke huisvesting. Hoeveel sociale huurwoningen zijn er in Oegstgeest? Er zijn 1890 sociale huurwoningen in totaal, waarvan 1510 sociale corporatiewoningen. Er zijn 586 Oegstgeestenaren actief zoekende als woningzoekende naar een sociale huurwoning (jaarcijfers woonruimteverdeling Holland Rijnland 2019). Op basis van de recente gegevens blijkt dat de gemiddelde wachttijd voor een sociale huurwoning in Oegstgeest (gedefinieerd als de periode waarin men actief zoekt) 27 maanden bedraagt. 4.
WELZIJN Hoe ziet de dagbesteding op de locatie er uit? Op locatie biedt het COA programma’s voor dagbesteding en begeleiding. Gemiddeld per volwassene 20 tot 30 uur per week. Daarnaast wordt gestart met het inburgeringsprogramma. Het COA stimuleert het tot stand komen van ‘buddy’s’ vanuit de populatie van de spoedzoekers of vanuit de bevolking in de regio. Vluchtelingenwerk speelt daarbij een wervende en enthousiasmerende rol. Spoedzoekers zullen naar hun werk of studie gaan, dan wel vanuit hun kamer digitaal hun baan invullen of opleiding volgen. Iedereen voorziet in zijn of haar eigen onderhoud dus worden boodschappen gedaan, vaak ook bij de lokale winkels. Waar gaan kinderen naar school of naar kinderopvang? Het COA zoekt in overleg met de scholen in de regio naar beschikbare plekken. Het heeft de voorkeur als dit mogelijk is op scholen in de gemeente van bestemming. Het precieze aantal is nog niet bekend. Naar verwachting zal het in Oegstgeest om 10 tot 20 kinderen. Per school is dat gemiddeld 1 of 2 kinderen. Voor de kinderen komt buitenschoolse- en kinderopvang beschikbaar op de locatie. Dit wordt door eigen bewoners georganiseerd en ingevuld, en eventueel aangevuld met lokale vrijwilligers. Wat wordt er voor kinderen georganiseerd op de locatie? Het COA organiseert op locatie de mogelijkheden om kinderen ‘gewoon kinderen’ te kunnen laten zijn.
In elke locatie is een basisaanbod met huiswerkfaciliteiten, sport en spel, kunst en muziek, weerbaarheid en voorlichting. Hoe is de gezondheidszorg geregeld? Voor huisartsenzorg gaan de tijdelijke bewoners naar de GZA, een landelijke huisartsenpraktijk van Arts en Zorg. Daar werkt een huisarts samen met een praktijkverpleegkundige, een praktijkondersteuner voor geestelijke gezondheidszorg en een praktijkassistent.
3
5. FINANCIËN Zijn er kosten voor de gemeente? Er zijn voor de gemeente geen kosten verbonden aan de opvang. Leefgeld, zorgkosten, verzekeringen en kosten voor school zijn voor rekening van het COA. Daarnaast ontvangt de gemeente per persoon een bijdrage voor bijvoorbeeld ambtelijke ondersteuning. Voor een locatie met 175 bewoners gaat het om een bedrag van ongeveer € 40.000,- per jaar. Als blijkt dat de gemeente meer kosten maakt kan zij een beroep doen op aanvullende rijksmiddelen. Spoedzoekers zijn verantwoordelijk om in hun eigen levensonderhoud te voorzien. Krijgen de tijdelijke bewoners een uitkering van de gemeente? Nee, de statushouders en evident kansrijke asielzoekers krijgen leefgeld van het COA zolang zij op de locatie verblijven. Inzet is dat statushouders scholing of betaald werk gaan doen. Daarvoor is zo nodig het re-integratie instrumentarium inzetbaar. Na uitplaatsing naar de gemeente van koppeling, kan zo nodig daar een uitkering worden aangevraagd. Voor spoedzoekers geldt dat deze, indien zij aan de gebruikelijke vereisten voldoen, een uitkering kunnen aanvragen. Is minder dan 300 opvangplekken financieel verantwoord? COA heeft opvanglocaties voor asielzoekers en statushouders in verschillende groottes. Voor statushouders geldt dat het streven is om in ieder geval 300 plekken op een locatie te realiseren.
Op deze locatie stelt COA de grens lager om tegemoet te komen aan de lokale wens, en daarmee mogelijke acceptatie, om ook spoedzoekers te huisvesten. Daarbij speelt mee dat de achterstand bij de taakstelling voor de regio Zuid-Holland groot is. Voor COA betekent dit een extra kostenpost van 0,5 miljoen euro per jaar. Oorzaak is dat een aantal centrale voorzieningen bekostigd moeten worden voor een kleiner aantal statushouders. 6. LEEFBAARHEID Heeft het COA een verantwoordelijkheid voor een veilige en leefbare omgeving? Het COA zorgt voor de gehele locatie dat er 24 uur per dag, zeven dagen in de week, 365 dagen per jaar een zeer ervaren beheerders- en beveiligingsorganisatie aanwezig is. Deze ziet ook toe op de spoedzoekers. Om de veiligheid, leefbaarheid en beheersbaarheid te borgen, hanteert het COA-huisregels. Het niet opvolgen van de huisregels kan leiden tot het opleggen van maatregelen, tot en met het uitplaatsen van iemand naar een andere locatie. COA is altijd bereikbaar voor vragen, via een specifiek e-mailadres. Het COA zal periodiek o.a. een omwonendenoverleg organiseren. Al naar gelang de behoefte kan bijv. ook een online nieuwsbrief ingezet worden en een specifieke locatiepagina op COA.nl. Wat zijn de ervaringen naar aanleiding van opvang in de Cuyl en Teylingereind? In deze gevallen ging het om asielzoekers.
Er zijn geen incidenten door de politie bij de burgemeester onder de aandacht gebracht. Hoe worden parkeren en vervoer geregeld? Op de locatie is meer dan voldoende parkeergelegenheid aanwezig. Het personeel van het COA en de spoedzoekers met een auto kunnen op de huidige parkeerplaatsen terecht. Een deel van het teveel aan plaatsen zal niet benut worden om te parkeren maar als speelgelegenheid voor kinderen. Verder gaat het om beperkt autovervoer (busje) van en naar scholen. Hoe staat het met de brandveiligheid op de locatie? Brandveiligheid is een voorwaarde voor de vergunningverlening. Het COA heeft als uitgangspunt dat bewoners erop moeten kunnen rekenen dat risico’s worden geminimaliseerd. Er wordt door de bewoners geoefend met ontruimingen en gezorgd voor voorlichting en instructies.
4
7. (PLANOLOGISCHE) PROCEDURE Beïnvloedt tijdelijk huisvesting de planontwikkeling? De tijdelijke huisvesting heeft geen invloed op de tijdslijn van de permanente ontwikkeling van deze locatie naar woningbouw (de zg. postzegelprocedure voor Overgeest). Bij de beoordeling of een eventuele vierjaarstermijn voor tijdelijke huisvesting is de tijd voor planvorming, participatie tot en met onherroepelijke vergunningverlening en start bouw ingeschat. Halverwege het tijdelijk gebruik kan een goede inschatting worden gemaakt of het tijdelijk gebruik mogelijk met één jaar verlengd kan worden, zonder negatieve effecten te hebben op de doorlooptijd naar herontwikkeling van Overgeest tot een woningbouwlocatie. Geldt de afwijkingsbevoegdheid ook voor tijdelijk huisvesting? Het beleid Afwijkingsbevoegdheid kruimelgevallen Endegeest en Overgeest is gekoppeld aan het vigerende bestemmingsplan en is daarmede geldend. Het beleid Afwijkingsbevoegdheid kruimelgevallen Endegeest en Overgeest regelt dat het college een ander gebruik van gronden en gebouwen kan toestaan dan in het bestemmingsplan Wilhelminapark en Geesten. Dat geldt ook voor tijdelijk gebruik. Geldt de afwijkingsbevoegdheid ook voor langer dan drie jaar? Op zich staat de hardheidsclausule uit dit beleid niet een tijdelijk afwijken van de driejaarstermijn als genoemd in de beleidsregels toe.
Een afwijking van deze termijn dient door het college deugdelijk te worden gemotiveerd in lijn met art 2.12 WABO. In dat geval is op grond van art 4 lid 11 van Bijlage II bij de BOR (Besluit Omgevingsrecht) een afwijking mogelijk voor ten hoogste 5 jaar met een mogelijke verlenging van nogmaals maximaal 5 jaar. Wat is de stand van zaken bezwaarprocedure Divorce Housing? In overleg met Divorce Housing is de bezwaarprocedure opgeschort. Eventuele voortzetting is mede afhankelijk van de vraag of de gezamenlijke intentie van COA en Divorce Housing gerealiseerd zal worden. 8. POLITIEKE BESLUITVORMING Hoe ziet het vervolgproces voor de tijdelijke huisvesting er uit? COA heeft aan het college laten weten dat het na de vergadering beeldvorming Burger op 16 maart a.s. zal aangeven of het, mede namens Divorce Housing, een aanvraag omgevingsvergunning wil indienen. In dat geval zal het college, conform het gestelde in de Raadsmededeling van 17 februari jl, de raad om een oordeel vragen over de intentie waarmee het deze aanvraag in behandeling zal nemen. Gebruikelijk start COA als het voornemens is een aanvraag omgevingsvergunning te doen, een omwonendenoverleg op. De betreffende gemeente sluit aan bij dit overleg en adviseert het COA over het bereik van gebied/betrokkenen dat hiertoe uitgenodigd wordt.
In dit overleg kunnen praktische afspraken worden gemaakt over het gebruik van de openbare ruimte in de omgeving. Met betrekking tot brandveiligheid en verkeersafwikkeling worden onafhankelijke rapportages opgesteld. Omwonenden in Oegstgeest hebben suggesties gedaan over de door hen gewenste reikwijdte. Hierbij zal het Rijnlands Lyceum worden betrokken. Als het college toekomt aan het beoordelen van de aanvraag worden de beleidsregels ‘Afwijkingsbevoegdheid kruimelgevallen Endegeest en Overgeest’ in acht genomen (zie vraag hieronder) evenals ander relevant beleid (bijvoorbeeld verkeer en brandveiligheid) en wetgeving. Op de afgifte van een omgevingsvergunning staat bezwaar en beroep open. Als het college toekomt aan het beoordelen van de aanvraag sluit het een Bestuursovereenkomst met het COA, en mogelijk met DH. Daarin wordt in ieder geval vastgelegd: De termijn van tijdelijk gebruik. 5
Het aantal personen dat tijdelijk wordt gehuisvest. De doelgroepen die op deze locatie worden gehuisvest. De vrijwaring van financiële risico’s voor de gemeente. De maatregelen met betrekking tot de sociale veiligheid. De afspraken met betrekking tot verkeer en vervoer. De wijze waarop rekening gehouden wordt met de omwonenden. De beëindiging en lege oplevering van de gebouwen.
De gemeente heeft geen verantwoordelijkheid voor leegstand van de gebouwen van de eigenaar. Er zal dan ook geen sprake zijn van een overeenkomst met betrekking tot de tijdelijke opvang tussen de gemeente en de eigenaar. Informatievoorziening aan omwonenden? De aankondiging van de beeldvormende raad van 4 maart jl. is in de Oegstgeester Courant van 3 maart jl. gepubliceerd. Daarin is ook vermeld op welke wijze tevoren vragen schriftelijk konden worden gesteld. Als mede dat en hoe omwonenden konden inspreken. De vragen en antwoorden zijn op de gemeentepagina gepubliceerd en worden regelmatig geactualiseerd. U leest nu de laatste versie, die van 15 maart. De stichting Behoud Wilhelminapark en Geesten is separaat via de mail op de hoogte gesteld van de Raadsmededeling en de beeldvormende raad. Er zijn tweemaal brieven in de directe omgeving verspreid. Waaronder in de Rhijngeesterstraatweg, Wilhelminapark, Deutzstraat en Endegeesterlaan.
6