D7a Raadsinformatiebrief 2021 - week 38
Tekst van het document
Gemeen r-ryOegstseest
CX
\
h t-
Aan: De leden van de raad van de Gemeente Oegstgeest
o C Verzenddatum Ons kenmerk Contactpersoon
t\
15 september 2027
zl2r/148103/290282
*
Telefoonnummer
Mw. D. Luyten 14077
Onderwerp
Raadsinformatiebrief d.d.27 september 2027 - week 3B
Geachte dames en heren, Bijgaand informeren wij u over de volgende onderwerpen: 67
Proces n ieuwe Prioriteitstel ing I ntegrale Vei ighei d 2023 -2026
62 63
Beantwoording motie'Verkennen plaatselijk rookverbod'.
I
I
Rekenkamerrapport I nformatieveil igheid
Mocht u nog nadere vragen hebben, dan kunt u contact opnemen met de genoemde portefeuillehouder. Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Oegstgeest, .2
I
Jeffrey Versluis secretaris
cEMEENTEHUts Rhijngeesterstraatweg
burge
13 posrADREs Postbus t27O r 2340 BG Oegstgeest TELEFooN 14 071 tNrenner www.oegstgeest.nl
Nummer 2O2l / 6l Onderwerp Portefeuillehouder Bijzonderheden
Proces nieuwe Prioriteitstel i ng I ntegra le Vei ghei d 2023-2026 E.R. Jaensch I
I i
Bijlage
lnleiding ledere vier jaar wordt er een nieuwe Prioriteitstelling lntegrale Veiligheid (hierna: prioriteitstelling) opgesteld, die u vaststelt. De vorige (huidige) versie (2079-2022) is 30 oktober 2018 vastgesteld. Eind 2022 moet de nieuwe prioriteitstelling(2023-202ó) worden vastgesteld. Vanwege eerdere belangstelling voor het proces brengen we middels deze memo in kaart welke stappen wanneer worden doorlopen om te komen tot een nieuwe prioriteitstelling. Te doorlopen stappen
7. Uitvoeren veiligheidsanalyse Om goed in te schatten welke prioríteiten er voor de periode 2023-2026 moeten worden gesteld voeren we een uitgebreide veiligheidsanalyse uit. Hierbij wordt op een integrale wijze zo veel mogelijk relevante informatie vanuit diverse partijen verkregen, denk aan politie, boa's en de veiligheidsregio, maar ook aan inwoners en ondernemers. Dit door het bestuderen van diverse documenten (inwonersenquête, veiligheidsmonitor, ondermijningsbeeld, gebiedsscan, etc.) en cijfers en door een reeks aan gesprekken met interne en externe veiligheidspaÉners. Alle opgehaalde informatie wordt uiteindelijk gebundeld en geanalyseerd. Op basis hiervan stellen we een concept prioritering op.
2. Opstellen concept prioritering Op basis van de uitgevoerde veiligheidsanalyse wordt er een concept prioritering opgesteld. Deze concept prioritering wordt met de portefeuillehouder besproken. Daarna wordt de (definitieve) prioriteitstelling2O23-2O2ó opgesteld. We proberen, voor zo ver dat mogelijk is, onze prioriteiten zo veel als mogelijk af te stemmen met de regio om vervolgens in bepaalde thema's gezamenlijk op te kunnen trekken.
3. Opstellen Prioriteitstelling lntegrale Veiligheíd 2023-2026 Hierin worden zowel de regionale prioriteiten uit het regionaal beleidsplan van de politie-eenheid Den Haag, als de lokale prioriteiten beschreven en toegelícht. Wanneer het stuk gereed is, gaat het de bestuurlijke route in: via de leidinggevende, het managementteam, de portefeuillehouder en het college naar uw raad. Rol gemeenteraad
U dient de nieuwe prioriteitstelling(2023-202ó)vast te stellen. ln Q4 van 2022worden de volgende producten, na het doorlopen van de bestuurlijke route, aan u aangeboden:
t. Evaluatie Prioriteitstelling lntegrale Veiligheid 2019-2022 (ter informatie) 2. Veiligheidsanalyse gemeente Oegstgeest 2O27 (ter vaststelling) 3. Rapportage Veiligheidsmonitor gemeente Oegstgeest 2027 (ter vaststelling) 4. Het Regionaal Beleidsplan 2023-202ó van de politie-eenheid Den Haag (RBP) (ter consultatie) 5. Prioriteitstelling lntegrale Veiligheid 2023-2026 gemeente Oegstgeest (ter vaststelling)
2/4
Nummer 2021/ 62
Onderwerp
Beantwoord ing motie'Verkennen plaatsel ijk rookverbod'
Portefeuillehouder Bijzonderheden
E.R. Jaensch
Bijlage Reactie op motie nr. 1 aangenomen in de raadsvergadering van 26 november 2020.
ln het algemeen geldt dat er verschillende maatregelen kunnen worden genomen om delen van de openbare buitenruimte rookvrij te maken, bijvoorbeeld door middel van het aanwijzen en instellen van rookvr'rje zones, al dan niet rondom een plek die of gebouw dat al rookvrij is. Hierbij is een onderscheid te maken tussen 1) het instellen van rookvrije zones met feitelijke, informele maatregelen, 2) het instellen van rookvrije zones met behulp van huisregels en 3) het opnemen van rookverboden in decentrale verordeningen (zoals de APV).
ln de afgelopen jaren hebben in Nederland beheerders van kinderboerderijen, sportverenigingen en speeltuinen allerlei plaatsen in de openbare ruimte "rookvrij verklaard" vanuit het streven naar een rookvr'rje generatie. Met duidel'rjke communicatie en het plaatsen van borden waarop is aangegeven dat een buitenruimte rookvr'rj is, kan op een informele wijze feitelijk een rookvrije zone worden ingesteld. De handhaving van deze maatregel als sociale norm vindt dan informeel plaats. Ook in Oegstgeest wordt op deze w'rjze gewerkt aan een rookvrije generatie. Ook kan het huisrecht of eigendomsrecht als vertrekpunt gebruikt worden voor het instellen van rookvrije zones. Als de buitenruimte eigendom is van of de gemeente kan via een huisreglement een rookvrije zone ingesteld worden en kan dit vervolgens met bebording worden aangegeven, waarop kan worden gehandhaafd. Als specifiek wordt gekeken naar regulering door middel van decentrale verordeningen zoals de APV, hebben gemeenten de bevoegdheid om bijeen APV regels te stellen over rookverboden op bepaalde plaatsen in de openbare ruimte. Daarb'rj moet het gaan om wegens door rookgassen veroorzaakte aanmerkelijke hinder of hinder voor kwetsbare groepen. De hinder moet dus al op enigerleiwijze vaststaan of, als een verbod wordt overwogen ter voorkoming van mogelijke overlast, overtuigend aannemelijk zijn.
Algehele verboden stuiten in ieder geval op juridische bezwaren, omdat de onderbouwing van de noodzakelijkheid en de proportionaliteit van een dergelijk algeheel verbod niet is te geven. Voordeel van regulering door middel van de APV is dat i.p.v. een min of meer informeel verbod, er sprake is van een bestuursrechtelijk verbod waarop zonder meer kan
worden gehandhaafd.
Wat betreft de nadelen geldt echter juist de lastige handhaafbaarheid. Bij een verbodsbepaling in de APV kunnen uitsluitend gemeentelijke BOA's optreden b'rj een te constateren heterdaad, hetgeen in de praktijk erg lastig is. Terwijl bij het instellen van rookvrije zones met feitelijke, informele maatregelen of met behulp van huisregels juist direct en op informele wijze de situatie kan worden beëindigd. Ook geldt bij de lastige handhaafbaarheid voor BOA's datzij, vanwege het ontbreken van een door het OM vastgestelde feitcode voor de overtreding, telkens handmatig een proces-verbaal zullen moeten opmaken, hetgeen in de praktijk erg tijdrovend is. Gezien bovenstaande verdient regulering door middel van de APV met het oog op de praktische handhaafbaarheid niet de voorkeur. Het in samenspraak met (maatschappelijke) organisaties en verenigingen instellen van rookvrije zones is beter uit te voeren en effectiever. lnmiddels z'ljn de schoolpleinen rookvrij en werken we met de partners nu toe naar het rookvr'rj maken van speeltuinen en speelplaatsen.
3/4
Nummer 2O2l I 63 Onderwerp
Rekenkamerrapport nformatieveiligheid
Portefeuillehouder
M. Huizíng
I
Bijzonderheden Bijlage
1. Openbare bestuurlijk reactie
2. Statusupdate Digitale veiligheid
Geachte raad, Naar aanleiding van de presentatie door de Rekenkamercommissie van het onderzoek over
informatiebeveiliging sturen wij u de Statusupdate Digitale veiligheid van team lnformatiebeveiliging en Privacy van ServicepuntTl en onze openbare bestuurl'rjke reactie op dit rapport. De bestuurlijke reactie
inclusief een vertrouwelijke passage zal in het besloten deel van het raadsinformatiesysteem worden geplaatst. Beide documenten kunt u gebruiken voor de voorbereiding op de beeldvormende bespreking van het onderwerp informatiebeveiliging op 1ó september.
4/4