CConstaterende datOegstgeest
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 bij RV d.d. 7 sept 2021 Zienswijze en herziening Provinciaal Omgevingsbeleid - Archeologie Nieuw-Rhijngeest Z-21-147033 Oegstgeest

Besluitvormende raadsbijeenkomst 23 september 2021, gemeente OegstgeestBij agendapunt: Zienswijze op Herziening Provinciaal Omgevingsbeleid - Archeologie Nieuw-Rhijngeest730 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zienswijze ontwerp Herziening 2021

Beste meneer/mevrouw

RhijngeestM Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland Postbus 90602 2509 LP DEN HAAG

Verzenddatum Ons kenmerk Contactpersoon Telefoonnummer

30 september 2021 Z/21/147033/287256 Dhr. S. de Groot 14071

Onderwerp

Zienswijze ontwerp Herziening 2021 Omgevingsbeleid - Archeologie NieuwRhijngeest

*Z0270A74DB9*

Omgevingsbeleid - Archeologie Nieuw-

Beste meneer/mevrouw, op 23 maart 2021 is door Gedeputeerde staten het ontwerp van de Herziening 2021 van het Omgevingsbeleid Zuid-Holland vastgesteld. Het aspect archeologie maakt deel uit van de Omgevingsverordening Zuid-Holland. Artikel 7.3.17 van de verordening legt vast welke gebieden met een hoge of zeer hoge, bekende archeologische waarde onder de Omgevingsverordening beschermd moeten worden. Een van deze gebieden – ook wel bekend als Nieuw-Rhijngeest (zie rode pijl op de kaart hieronder) - is de laatste jaren in ontwikkeling gebracht. Vooruitlopend op deze ontwikkelingen heeft veelvuldig archeologisch onderzoek plaatsgevonden, wat ertoe heeft geleid dat in grote delen van het terrein geen archeologische resten meer aanwezig zijn. In het licht van de vele archeologische onderzoeken die in dit gebied hebben plaatsgevonden, vragen we u de archeologische status van dit gebied opnieuw te beoordelen en waar mogelijk te laten vervallen.

Afb. 1. Ligging van het terrein Nieuw-Rhijngeest dat in de Omgevingsverordening beschermd is.

Motivering zienswijze Het gebied dat aangeduid wordt als Nieuw-Rhijngeest is sinds 1998 onderwerp van archeologisch onderzoek. Sindsdien zijn grote delen van het plangebied volledig onderzocht waarbij alle archeologische resten gedocumenteerd en verwijderd zijn. Zie afbeelding 2 voor een overzicht van het uitgevoerde onderzoek. Het archeologisch onderzoek heeft recentelijk geresulteerd in het volgende onderzoeksrapport: J. de Bruin, C. Bakels & F. Theuws (red.), 2021: Oegstgeest. A riverine settlement in the early medieval world system, Bonn (Habelt-Verlag). De gemeente Oegstgeest stelt voor – in aansluiting op de e-mail van provinciaal archeoloog dhr. R. Proos d.d. 5 november 2020 - om alle delen die volledig en vlakdekkend archeologisch zijn onderzocht niet langer meer deel te laten uitmaken van dit gebied met een hoge of zeer hoge, bekende, archeologische waarde.

Afb. 2. De ligging van de onderzoeksputten van het archeologisch onderzoek. Bron: De Bruin e.a., fig. 21.

Tussen de opgegraven delen van Nieuw-Rhijngeest, de Rijn in het westen en de Ir. G. Tjalmaweg in het zuiden is een zone waar alleen archeologische proefsleuven zijn aangelegd. In deze proefsleuven is zonder uitzondering sprake van een restgeul waarvoor een lage archeologische verwachting geldt. Zie afbeelding 3 voor de ligging van de geulafzettingen in de sleuven ten zuidwesten van de opgravingen. Het verzoek is om ook deze zone niet langer meer deel te laten uitmaken van het gebied met een hoge of zeer hoge, bekende, archeologische waarde. Ten zuidwesten van de proefsleuven is een zone waarin geen archeologisch onderzoek heeft plaatsgevonden. Ook voor deze zone pleit de gemeente Oegstgeest om deze niet langer meer deel te laten 2/4

uitmaken van het gebied met een hoge of zeer hoge, bekende, archeologische waarde. De huidige archeologische status is gebaseerd op de bodemkaart van Van der Meer uit het midden van de vorige eeuw. Dat deze bodemkaart indertijd incorrect is geïnterpreteerd, heeft ertoe geleid dat is aangenomen dat er sprake was van een hoge bewoonbare stroomrug, terwijl in werkelijkheid sprake is van een juist de relatief laaggelegen zones. Inmiddels is bekend dat in deze zone juist sprake was van een zeer dynamisch landschap waar binnen de meandergordel van de Rijn op korte tijdschaal en op korte afstand veel verschillende sedimentatie- en erosiegebeurtenissen zich hebben voorgedaan: met hoofd -, kronkelwaard en crevassegeulen, op vele plaatsen doorsneden door crevassen. Door deze hoge rivierdynamiek als gevolg van de getijdewerking van de zee, is het uitgesloten dat er bewoning binnen de meandergordel van de Oude Rijn heeft plaatsgevonden. Bovenstaande landschappelijke inzichten zijn een samenvatting van hetgeen onlangs is vastgelegd in de notitie “Nieuw-Rhijngeest Zuid wonen: een archeologische stand van zaken onderzoek, Crevasse advies notitie 618” (zie bijlage).

Afb. 3. De ligging van de restgeul-afzettingen in de opgravingsputten van Nieuw-Rhijngeest. Bron: De Bruin e.a. 2021.

In het licht van de uitgevoerde uitputtende archeologische onderzoeken en bovengenoemde motivering verzoeken wij de Gedeputeerde Staten en Provinciale Staten voor Nieuw-Rhijngeest de status van gebied met hoge tot zeer hoge, bekende archeologische waarde opnieuw te beoordelen, en wanneer zij aanleiding zien deze status te volledig of gedeeltelijk te laten vervallen.

3/4

Met vriendelijke groet, de gemeenteraad van Oegstgeest,

Fred Kromhout

Emile Jaensch

griffier

burgemeester

4/4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10536558/2