Beantwoording zienswijzen concept evenementenbeleid
Tekst van het document
Nota beantwoording zienswijze op concept Evenementenbeleid 2022
1. Belanghebbende stelt dat het aantal evenementen in Park Landskroon wordt vastgesteld op 8 in totaal, waarbij 1 x B regulier evenement en 3 x C evenementen worden toegestaan. Veel hangt af van het type evenement, het aantal bezoekers en de wijze waarop de organisatie omgaat met het groen van het park (inclusief grasmat). Grootschalige (dance)evenementen met meerdere podia en duizenden bezoekersaantallen passen niet in een woonwijk en een dergelijke kinderrijke buurt. De huidige en de toekomstige woonomgeving vraagt om een passende ruimtelijke afweging, die geheel ontbreekt. De belanghebbende verzoekt de gemeente om een duidelijke en helder afgewogen ruimtelijke onderbouwing. Op basis van de ervaringen uit het verleden zijn wij op dit moment van mening dat park Landskroon een geschikte locatie is voor grootschalige (dance)evenementen. Momenteel zijn wij bezig met het opstellen van een paraplu-bestemmingsplan evenementen, waarin locatieprofielen voor evenementen worden opgenomen. In het locatieprofiel staat welke beperkingen er gelden voor een bepaalde plek, dus wat er op bepaalde plek wel of niet mogelijk is, onder andere qua bezoekersaantallen. Een locatieprofiel wordt opgesteld op basis van een ruimtelijke afweging. Naar verwachting is het paraplu-bestemmingsplan voor de zomer 2022 gereed.
Als daar iets uit volgt wat zou moeten leiden tot een wijziging van het evenementenbeleid, dan zullen wij het beleid aanpassen. Op dit moment heeft deze zienswijze geen aanleiding gegeven tot een aanpassing van het beleid.
2. In hoofdstuk 10 wordt ingegaan op een aantal evenementen per wijk/buurt. In dit hoofdstuk wordt gesproken over Rhijngeest/Rijnfront. De belanghebbende vraagt wat hiermee wordt bedoeld, waar nog meer in de wijk evenementen kunnen worden georganiseerd en ziet graag hier een verheldering. Elders in het beleid gaat het namelijk alleen over Park Landskroon. In park Landskroon worden categorie B en C evenementen toegestaan. Categorie A evenementen worden in de hele wijk toegestaan. Deze zienswijze heeft aanleiding gegeven om hoofdstuk 10 op dit punt te verduidelijken. 3. In het hoofdstuk 18 wordt ingegaan op de schouw bij evenementen. Het is logisch om ook tijdens de opbouw een schouw te laten uitvoeren zodat bijtijds kan worden aangestuurd op zaken die niet conform de vergunning zijn. Op die manier worden hoge kosten en eventuele overtredingen voortijdig afgewend. Dit is zowel prettig voor de organisatoren als omwonenden. De belanghebbende ziet graag een dergelijk schouwmoment toegevoegd wordt aan het beleid, omdat de ervaring leert dat dit nodig is. Wij doen dergelijke controles naar eigen invulling. Dit hoort bij het standaard takenpakket van onze handhavers. Er komt extra handhavingscapaciteit beschikbaar in de periode waarin evenementen plaatsvinden zodat meer controles kunnen plaatsvinden. Deze zienswijze heeft geen aanleiding gegeven tot een aanpassing in hoofdstuk 18.
4. Ik hoofdstuk 19 wordt openbaar vervoer gezien als een belangrijke afwikkeling van bezoekersstromen. De belanghebbende is echter van mening dat de wijk zeer matig door het OV is ontsloten. Lijn 37 is recentelijk afgeschaald en laat op de dag rijden er geen bussen door of langs de wijk, al helemaal niet rond de eindtijden van de grote C-evenementen. Bezoekers zullen in dat geval, zoals in de afgelopen jaren, in grote getallen dwars door de wijk bewegen. Dat gebeurt dan lopend, fietsen of met de auto. Dit zorgt voor hevige overlast, volgens de belanghebbende. De belanghebbende is tevens van mening dat naast het feit dat Park Landskroon ruimtelijk gezien niet geschikt is voor de grote evenementen, en de gemeente het evenementenbeleid geen ruimtelijk onderbouwing geeft, is er ook verkeersen vervoertechnisch een groot bezwaar te maken ten aan zien van het houden van Cevenementen in Park Lanskroon. De evenementenorganisator moet bij zijn vergunningaanvraag een verkeers- en vervoersplan indienen. Wij zullen in alle gevallen de plannen daarop toetsen. Openbaar vervoer kan een onderdeel van het plan uitmaken. Uiteindelijk is het opstellen van een verkeers- en vervoersplan de taak en de verantwoordelijkheid van de evenementenorganisator. Deze zienswijze heeft aanleiding gegeven om de tekst in hoofdstuk 19 op dit punt aan te scherpen. 5.
De belanghebbende stelt dat het evenementenbeleid een afweging van relevante factoren en belangen moet bevatten. Er wordt aandacht gevraagd voor de gebrekkige ruimtelijke inpassing, de ongeschikte verkeersafwikkeling, het wekenlang niet beschikbaar zijn van het park, en de overlast in een kinderrijke woonwijk waar de nachtrust niet alleen door de muziek zelf wordt verstoord, maar waarbij ook de bezoekersafwikkeling voor overlast zorgt die herkenbaar meegewogen dient te worden. Zij verzoeken de gemeente om betere spreiding van evenementen te zoeken, evenwichtig verdeeld over het dorp. De basis van het nieuwe evenementenbeleid zijn onder andere de door de raad vastgestelde uitgangspunten (zie hoofdstuk 3 van het beleid), de APV en de huidige wet- en regelgeving en de uitkomsten van het uitgebreide participatietraject. Uit de gesprekken met de belanghebbenden en de uit de uitkomsten van de enquête die dorpsbreed is uitgezet, blijkt dat men graag (grootschalige) evenementen in de gemeente wil. Daarnaast is één van de uitgangspunten dat evenementen belangrijk zijn voor het dorp omdat het de samenleving bindt. Uiteraard is er ook oog voor overlast en probeert de gemeente deze samen met de organisatoren tot het minimum te beperken.
Bij de beoordeling van een concrete aanvraag om een evenementenvergunning zullen daarom alle relevante factoren en belangen moeten worden afgewogen en kunnen, indien dat nodig wordt geacht, aan een evenementenvergunning voorschriften en beperkingen worden verbonden. B-risico en C evenementen zijn al verspreid over twee locaties en de aantallen zijn ook gespreid. Deze zienswijze heeft geen aanleiding gegeven voor een aanpassing van het beleid. 6. Hoofdstuk 24 gaat in op sluitingstijden. Er is echter wat verwarring over de laatste alinea: geldt het niet toestaan van muziek vanaf een halfuur voor de alle evenementen of alleen voor A-evenementen?
Het niet toestaan van de muziek vanaf een half uur voor de eindtijd geldt alleen voor de categorie B en C evenementen. Deze zienswijze heeft aanleiding gegeven om op dit punt de tekst in hoofdstuk 24 te verduidelijken. 7. In hoofdstuk 30 wordt alleen ingegaan op bekers, maar er zijn veel meer kansen te benutten als het om duurzaamheid en afval volgens de belanghebbende. Wat wordt met alle andere afval gedaan dat geproduceerd wordt op het terrein, zoals verpakkingsmaterialen, bakjes van eetgelegenheden etc? Hier kan de gemeente volgens de belanghebbende een meer prominente en gebiedende rol innemen. Graag ziet de belanghebbende dan ook het hoofdstuk 30 uitgebreider ingaan op de gehele afvalketen en alle afval dat geproduceerd wordt. Tevens een betere waarborgen van het evenementenbeleid dat de organisatie dan wel de gemeente zorgt voor het opruimen ervan. Het afvoeren van afval valt onder de verantwoordelijkheid van de organisator. Er worden voorschriften met betrekking tot het afval verbonden aan de vergunning, bijvoorbeeld over de staat van het opleveren van het terrein. Verder is het zo dat in de tweede helft van 2022 een nieuw duurzaamheidsprogramma wordt opgesteld. Eventuele daaruit voortvloeiende kansrijke maatregelen met betrekking tot duurzaamheid en circulariteit zouden nadien kunnen worden toegevoegd aan het evenementenbeleid.
Op dit moment heeft deze zienswijze geen aanleiding gegeven tot een aanpassing van het beleid 8. In hoofdstuk 32 wordt ingegaan op het beleid op de handhaving. Volgens de belanghebbende lijkt de gemeente de handhaving bij de vergunninghouder te leggen, terwijl wettelijk gezien de gemeente hier de verantwoordelijke partij is. Daarnaast is de gemeente ook het aanspreekpunt voor de omwonenden. Het evenementenbeleid dient hierop aangepast te worden. Hoe wordt de veiligheid en openbare orde voor omwonenden bijvoorbeeld gegarandeerd? Grote evenementen hebben in het verleden al voor nodige problemen wat betreft de openbare orde gezorgd in de wijk. Het is daarom aan te raden om vooral tijdens de randen van evenementen expliciet handhavend aanwezig te zijn, bijvoorbeeld met politie. De belanghebbende ziet dit punt graag opgenomen in het beleid. Het is correct dat de gemeente verantwoordelijk is voor de openbare orde en veiligheid rondom het evenemententerrein en de handhaving van de voorschriften uit de vergunning. De evenementenorganisator moet bij zijn vergunningaanvraag een veiligheidsplan indienen. Hierin wordt onder andere in opgenomen welke maatregelen de organisator treft om het evenement zowel op het terrein als buiten het terrein met zo min mogelijk overlast en veilig te laten verlopen. Hulpdiensten bepalen, aan de hand van het veiligheidsplan, welke inzet nodig is.
Er wordt maatwerk per evenement toegepast. Naar aanleiding van deze zienswijze is deze toelichting nog toegevoegd aan hoofdstuk 32. In het verleden zijn grote evenementen altijd goed en veilig verlopen en heeft er geen onacceptabele overlast plaatsgevonden.
9. De keuze voor 14 dagen tijd tussen grote evenementen is voor evenementen met duizenden bezoekers onvoldoende, vindt de belanghebbende. Juist in de droge zomermaanden ligt het park er na een dansevenement zodanig bij dat regulier gebruik niet mogelijk is voor de grote delen van het park. Dat is dan wekenlang het geval. Het park wordt inmiddels intensief gebruikt voor sport, spel en ontspanning, maar rondom grote C-evenementen is het park meer dan een week hermetisch afgesloten. Beeldmateriaal van het park is opgenomen in de positon paper van de belanghebbende. Een hersteltijd van 4 weken na een C-evenement is wat betreft de belanghebbende realistisch in de periode van juni tot en met september. De deskundigen op het gebied van Groen van de afdeling Beheer en Onderhoud hebben aangegeven dat 14 dagen tussen de evenementen voldoende is om de natuur te laten herstellen. Bij slecht weer worden rijplaten neergelegd om het gras te beschermen. Mocht desondanks toch nog ernstige schade aan het gras zijn ontstaan, dan is de organisator verplicht om dit te (laten) herstellen. Deze verplichting wordt standard opgenomen in de evenementenvergunning. Deze zienswijze heeft geen aanleiding gegeven tot aanpassing van het beleid.