CConstaterende datOegstgeest
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen Parkeernota Hart voor Oegstgeest

Oordeelsvorming Ruimte 9 maart 2021, gemeente OegstgeestBij agendapunt: Parkeernota959 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen met betrekking tot: RV Parkeernota Z/20/136623/277929 Fractie: Hart voor Oegstgeest Naam: Frits van Dissel Datum indiening: 3 maart 2021 Datum beantwoording: #

Vragen

RM 2 RV pag 3: de nota is later afgerond dan gepland Kanttekening (2e Q 2020) 1.

Vraag: waardoor is dat gekomen ?

Argument 1a

In de argumenten van de RM (punt 1.a) wordt gesproken over ‘recente literatuur’ , en ‘totaaloverzicht’. En dat ‘voor sociale woningen de kengetallen hoger dan de werkelijke parkeerbehoefte’. En ‘om bij te dragen aan de betaalbaarheid, worden die normen daarom verlaagd, evenals voor goedkope en middeldure appartementen’.

2.

Vraag: • Op welke ‘recente literatuur’ en welk ‘totaaloverzicht’ wordt gedoeld ?

•

Op grond waarvan wordt vastgesteld dat kengetallen voor sociale woningen hoger dan de werkelijke behoefte zou zijn ?

•

Waar wordt aangetoond dat en in welke mate er wort bijgedragen aan betaalbaarheid van woningen ?

Arg. 1b.

Antwoord

Dit kwam door een gebrek aan ambtelijke capaciteit voor het taakveld verkeer.

•

•

•

Het betreft recente literatuur van de CROW, zoals de publicatie ‘Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie’. Met het totaaloverzicht wordt het overzicht van alle parkeernormen, zoals opgenomen in de tabel in bijlage 1, bedoeld. Het CROW noemt een kengetal van 1,3 parkeerplaats per sociale woning, terwijl bij een eerder bouwplan in Oegstgeest – maar ook elders – is gebleken dat met 1,0 pp/woning kan worden volstaan, zonder dat dit tot parkeerproblemen leidt. Aantonen is lastig, maar de realiteit is dat parkeerplaatsen veel ruimte in beslag nemen en veel geld kosten. Een lagere parkeernorm maakt daardoor meer woningen mogelijk binnen dezelfde oppervlakte tegen lagere kosten.

De stelling ‘reductie in de parkeereis voor auto’s als fietsparkeervoorzieningen worden gerealiseerd, stimuleert ontwikkelaars om die te realiseren. Dat draagt weer bij aan fietsgebruik en parkeerverordening.

1

3.

Nota bijlage1, pag 14

4.

Vraag: Waarop is deze stelling gebaseerd of is het een aanname zonder verdere onderbouwing ? Wij zien graag de onderbouwing.

Deze stelling is gebaseerd op landelijke ervaringen in de afgelopen decennia, die laten zien dat het fietsgebruik toeneemt als dit wordt bevorderd met goede en goed toegankelijke voorzieningen. Ook blijkt in de praktijk dat fietsparkeervoorzieningen voorkomen dat fietsen lukraak ergens worden weggezet.

(Parkeerregulering) ‘Er komen steeds meer voorbeelden van bouwplannen in en rond stadscentra waar weinig of geen parkeer-plaatsten worden gerealiseerd’. .. ‘Het voordeel is dat het bepaalde bouwplannen fysiek inpasbaar of financieel haalbaar maakt’… en ‘Ook maakt het meer programma en sterkere stedelijke verdichting mogelijk’. Vraag: Ook hier geldt dat er stelling wordt genomen zonder verdere onderbouwing. Wij zien dan graag wel de voorbeelden en voordelen (en nadelen) en onderbouwing van de stellingen.

5.

Vraag: Is het niet zo dat al in de Structuurvisie wordt aangegeven van inbreiding/verdichting niet mag ?

6.

Is het niet zo dat de huidige parkeernormen juist een verdere verdichting tegen gaan en dat effect juist wenselijk zou zijn ?

7.

Vraag: waarom wordt hier aangevoerd dat meer programma en sterkere stedelijke verdichting mogelijk dient te worden ?

Nota bijlage 1, pag 22

(Reductie parkeereis…) Er wordt hier (boven de bullits) gesproken over: … en zijn essentieel voor het bereiken van stedelijke verdichting…’ En: … buiten Leiden Bio Science Park, geen zicht op (her) ontwikkelingen waar sprake is van een

Dit is geen stelling maar, ter informatie, een beschrijving van de mogelijkheden die progressief parkeerbeleid in bepaalde situaties kan bieden. Voordelen: er kunnen meer woningen worden gerealiseerd en dit leidt niet tot een evenredige toename van het autoverkeer. Het nadeel is dat dit uitsluitend mogelijk is in gereguleerd gebied, oftewel er moet eerst een vergunninghouderssysteem in de directe omgeving zijn ingevoerd, en de nieuwe ontwikkeling komt niet in aanmerking voor een straatparkeervergunning. Voorbeeld (laatste alinea)

Dit is geen technische, maar een politieke vraag ten aanzien van de te maken beleidskeuzes.

Dat is niet wat er staat. Slechts is aangegeven dat het met specifiek parkeerbeleid mogelijk is om meer verdichting te bereiken. Of dat wenselijk is, is een politieke vraag ten aanzien van de te maken beleidskeuzes.

2

gezamenlijke parkeervoorziening. Gezien de voordelen ervan kan het als aandachtspunt worden meegenomen bij actualisatie van bestemmingsplannen..’. 8.

Vragen: Waar, in welk beleid, wordt gesteld dat Oegstgeest dient in te zetten op stedelijke verdichting ? En: Er wordt vanuit gegaan dat gezamenlijke parkeervoorzieningen een voordeel betekenen. Graag zien we onderbouwing van deze stelling en we denken dat er ook nadelen meegewogen zouden kunnen worden. (en die zien we dan ook graag.

Bovendien wordt vervolgens in de ‘kan-bepaling’ dat gezamenlijke parkeervoorziening(en) als aandachtspunt kan worden meegenomen bij actualisatie van bestemmingsplannen. 9.

Vraag is hier: wat wordt bedoeld ? wanneer we, en wanneer niet, en waarom deze kan-bepaling, we kunnen nog veel meer als aandachtspunten meenemen. En is dit een opmaat naar een ‘zalbepaling’?

Pag 16

(Ontwikkeling en trends (tabel))

De tabel toont stevige groei van Oegstgeest. 10.

Vraag: Welke groei van inwoners wordt voorzien in de verdere jaren (na 2019 ?).

Zie antwoord bij voorgaande vraag.

Een voordeel is dat er (veel) minder parkeerplaatsen nodig zijn, doordat een parkeerplaats overdag bijvoorbeeld wordt gebruikt door een medewerker van een bedrijf en ’s avonds en ’s nachts door een bewoner. In het LBSP scheelt dat mogelijk zo’n 15% ofwel 150 parkeerplaatsen. Zover bekend zijn er geen nadelen verbonden aan het principe van gezamenlijk gebruik.

Gezien het mogelijke nut van het principe van gezamenlijk gebruik, dat in het vorige antwoord is onderbouwd, is het nuttig om dit principe als aandachtspunt mee te nemen.

Het aantal geregistreerde inwoners bedroeg 24.843 op 1 januari 2020 en volgens de provinciale prognose groeit dit aantal geleidelijk groeit tot 27.210 in 2030.

Groei houdt meer in dan woningbouw. Ook voorzieningen dienen te worden aangepast aan grotere getalen inwoners. 11.

Vraag: Op welke wijze worden aanvullende voorzieningen in een gelijk groeipad gebracht ?

Dit is geen technische vraag over parkeerbeleid, maar een politieke vraag over ruimtelijk beleid.

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9861589/1