Beantwoording Technische Vragen Hart voor Oegstgeest - Vaststellen NvU t.b.v. actualisatie BP Oegstgeest aan de Rijn
Tekst van het document
Technische vragen met betrekking tot: Vaststellen Nota van Uitgangspunten t.b.v. actualisatie bestemmingsplan Oegstgeest aan de Rijn Z-21-148919-290095 Fractie: Hart voor Oegstgeest Naam: Maarten van Tol Datum indiening: 9 februari 2022 # Vraag 1
Vraag 2
Vragen
Antwoord
In het deelgebied 9-zuid mogen volgens het vigerende bestemmingsplan Oegstgeest aan de Rijn (vastgesteld op 5 november 2015) max. 129 woningen worden gerealiseerd. In het raadsvoorstel wort uitsluitend ingegaan op de woontoren van 40 m hoog in het meest zuidelijke gedeelte van dit deelgebied. In de commissie Ruimte van 8 februari werd over de woontoren van 18 m hoog door de wethouder meegedeeld dat hierin vrije sector woningen komen.
De huidige planning is dat er in de woontoren met een bouwhoogte van 18 meter 25 koopappartementen worden gerealiseerd.
Vraag: Hoeveel woningen komen er in deze woontoren? Ten noorden van deze woontoren van 18 m worden grondgebonden woningen voorzien (zie Figuur 3 op pagina 7 van bijlage 1 bij het raadsvoorstel). Vraag: a) Hoeveel grondgebonden woningen worden voorzien? Vraag: b) Zijn dit allemaal koopwoningen in de vrije sector?
Vraag 3
Integrale planvorming en ontwikkeling van het deelgebied 9-zuid zou de planologische kwaliteit en ruimtelijke invulling ten goede kunnen komen. Vraag: Waarom is niet voor deze integrale benadering gekozen en wordt nu alleen het meest zuidelijke gedeelte in meer detail uitgewerkt?
A) Het ontwerpuitwerkingsplan Rhijnkade fase 1 betreft de realisatie van 19 grondgebonden woningen. Dit past in het vigerende uit te werken bestemmingsplan. B) Ja. Er ligt een uit te werken bestemmingsplan voor grondgebonden woningen. De grondgebonden woningen passen hier in (zie vorige vraag). Voor het meest zuidelijke gedeelte geldt dat de gepresenteerde plannen niet binnen het uit te werken bestemmingsplan passen i.v.m. de hoogte. De ruimtelijke procedure om dit te wijzigen start met een Nota van Uitgangspunten (NvU).
1
Vraag 4
Oorspronkelijk waren er 54 sociale huurwoningen afgesproken (zie pagina 7 van bijlage 1 bij het raadsvoorstel). In een samenwerkingsovereenkomst van de gemeente en BPD (kader VOF) is een verplichting vastgelegd voor realisatie van 69 sociale huurwoningen (zie pagina 3 van bijlage 1 bij het raadsvoorstel). Hieraan worden nu nog 3 sociale huurwoningen toegevoegd. Vraag: Waarom is, in het kader van ‘openheid van bestuur’, de raad niet op de hoogte gebracht toen deze verplichting werd aangegaan?
1. In 2004 heeft de gemeente een overeenkomst (SOK Rijnfront) gesloten met Dura Vermeer (raadsbesluit). Hierin zijn 322 sociale woningen opgenomen. 2. In 2006 is er een bestuurlijke overeenkomst met Leiden gesloten inzake Brug Poelgeest. Hierin is een verplichting opgenomen van 10 woonwagenstandplaatsen. De raad is hierover geïnformeerd. 3. In 2012 is een nieuwe SOK gesloten (Sok Oegstgeest aan de Rijn). Hierin is de verplichting van 322 sociale woningen overgenomen. De raad heeft hierover besloten. 4. Medio 2012/2013 zijn in Batavia (Oegstgeest aan de Rijn) 266 sociale woningen gebouwd. Derhalve nog (322-266) 56 sociale woningen te bouwen. 5. In 2016 is er een allonge gesloten op de bestuurlijke overeenkomst met Leiden. De 10 woonwagen standplaatsen zijn vervangen door 10 sociale woningen in de Kamphuizerpolder. 6. In 2017 heeft de gemeente een uitvraag gedaan voor woningbouw boven de school. BPD heeft deze prijsvraag gewonnen. In het plan waren 13 sociale woningen opgenomen. 7. In verband met de uitbreiding van de school is in 2018 besloten de gronden voor de sociale woningen te gebruiken voor de school (ivm de ligging) en deze woningen te realiseren in Oegstgeest aan de Rijn.
2
Collegebesluit incl. Raadsmededeling. 8. De gunning voor de woningen Kamphuizerpolder incl. de 13 extra woningen voor de VOF is besloten dmv een collegebesluit (2018). Het totaal nog te realiseren sociale woningen is 56 + 13 = 69 woningen. 7. Inmiddels is er beleid om middeldure huurwoningen te realiseren. Dit is niet opgenomen in de SOK (2012). Er is gezocht binnen het plan Oadr om dit segment toe te voegen. Er is gekozen om 90 woningen te realiseren waarvan 72 sociaal. De rest, 18 stuks, is middeldure huur. De locatie, aan de N206 en de brug is geen locatie voor grondgebonden woningen. Stedenbouwkundig past beter hoogbouw. Ook gelet op de bouwkosten van tegenwoordig past gestapeld meer bij betaalbare woningen. De raad is van de diverse processtappen op de hoogte gebracht.
3
Vraag 5
Vijftien van de 72 sociale huurwoningen kunnen worden bestemd voor personen die uitstromen uit de maatschappelijke opvang en zorg. Onduidelijk blijft of het sociaal gezien goed of juist onhandig is om woningen voor deze personen te concentreren. Vraag a): Wat is de gedocumenteerde onderbouwing voor of tegen het concentreren van deze woningen? Vraag b): Wat is de totale omvang van het contingent dat op basis van de regionale behoefte en afspraken aan Oegstgeest is toegewezen?
A) Er is sprake van een huisvestingsopgave die in de woonvisie is benoemd (zie het antwoord bij b over de omvang). Er is hierbij veel aandacht voor leefbaarheidsaspecten. Door tripartite afspraken tussen huurder, corporatie en zorgorganisatie (woonbegeleiding) komt overlast in de praktijk weinig voor. In regionaal verband is sterk gepleit voor verhoging van de contingent aantallen, zulks op aandringen van de zorgorganisaties. Zonder nieuwbouw zal dat niet lukken. Met de inzet van nieuwbouw is een betere spreiding mogelijk, en kunnen juist concentraties in de bestaande woningvoorraad worden tegengegaan. Wat dit project betreft is daarnaast het volgende van belang: In de woonvisie (p17) is opgenomen dat de gemeente bij grotere bouwlocaties een voorkeur heeft voor exploitatie door een toegelaten instelling (MeerWonen). MeerWonen geeft desgevraagd aan dat, mocht zij deze woningen verwerven, van een dergelijk aandeel voor bijzondere doelgroepen in dit project geen nadelige effecten op de leefbaarheid verwacht. Daarbij is overigens de inzet van woningen flexibel en kan deze fluctueren. In de woonvisie is toegelicht dat een contingentwoning doorgaans een reguliere woning is (p21). Deze kan voor korte- of langere tijd worden ingezet voor iemand die afkomstig is uit de maatschappelijke opvang of uit beschermd wonen.
Qua omvang zijn deze woningen ook geschikt voor startende éénpersoonshuishoudens.
B ) In de woonvisie (p21) wordt de huisvestingsopgave voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen genoemd (contingentregeling), met daarbij de opmerking dat 4
Vraag 6
Van de geldende parkeernormen wordt afgeweken. Het aantal parkeerplaatsen wordt sterk naar beneden bijgesteld. Hiervoor worden een drietal argumenten aangevoerd (zie bijlage 2 bij het raadsvoorstel). Zelfs op basis van de bijgestelde parkeernormen is er een tekort van 11 parkeerplaatsen. In dit verband wordt verwezen naar een P&R locatie die op 250 meter loopstand wordt gerealiseerd. Vraag: a) Waar komt deze P&R locatie en wat is het aantal parkeerplaatsen hiervan? Vraag: b) In de praktijk zal iemand eerst proberen te parkeren bij de woontoren. Als parkeren daar onmogelijk blijkt, is de P&R locatie dan gemakkelijk met de auto bereikbaar?
voor de aantallen de nog vast te stellen (sub)regionale afspraken over de verdeling leidend zijn. Hierover is in de Leidse regio nog geen bestuurlijke overeenstemming bereikt. Niettemin zijn er wel indicaties. Zo waren er in 2020 in Holland Rijnland 178 ‘contingent’ toewijzingen, met een stijgende lijn naar circa 200 toewijzingen in 2022. Bij een verdeling naar evenredigheid komt dit neer op circa 9 ‘contingent’ toewijzingen dit jaar in Oegstgeest (in 2020 nog 5). Het aantal benodigde woningen is afhankelijk van de gemiddelde woonduur van deze doelgroep. Het is aannemelijk dat dit aantal een veelvoud van het aantal jaarlijkse toewijzingen zal zijn. Gezien de afbouw van voorzieningen voor beschermd wonen en de maatschappelijke opvang in centrumgemeenten, is de verwachting dat de omvang van het regionale contingent nog substantieel zal toenemen. Dat geldt dan ook voor het aandeel van Oegstgeest daarin. Door Goudappel is er voor de betreffende ontwikkeling een parkeerbehoefteberekening uitgevoerd. De combinatie van de beoogde doelgroepen, de nabijheid van het intercity- en busstation ‘Leiden Centraal’ en de projectlocatie ten opzichte van een mobiliteitshub zorgt ervoor dat parkeerbehoefte een hevige reductie ondervindt. Uit het onderzoek blijkt dat voor de minimale parkeerbehoefte minimaal 0,48 parkeerplaats per woning nodig is.
De parkeerbehoefte voor de woontoren is daarmee 44 parkeerplaatsen. In de huidige plannen worden er 54 parkeerplaatsen gerealiseerd. De 10 extra parkeerplaatsen kunnen worden ingezet voor bezoeker parkeren. Tevens biedt de aanwezigheid van de mobiliteitshub extra ruimte voor bezoeker parkeren.
5
A) De P&R wordt mogelijk gemaakt in de parkeergarage die in het centrale gedeelte van het Oegstgeester gedeelte van het Bio Science Park direct aan de overzijde van de Binnenrijn wordt gerealiseerd. Het betreft een garage voor bezoekers van bedrijven en woningen. De plannen voor desbetreffende parkeergarage omvat ca 750 parkeerplaatsen.
B) Ja. De P&R locatie op het Bio Science park zal voor auto’s goed bereikbaar zijn via de openbare weg.
6