Tkn Definitief verslag overleg responstijden dunbevolkte gebieden - Nunspeet
Tekst van het document
Directoraat-Generaal Curatieve Zorg Directie Curatieve Zorg cluster acute zorg Parnassusplein 5 2511 VX Den Haag Postbus 20350 2500 EJ Den Haag Contactpersoon L.J.T. Smulders (Senior) Beleidsmedewerker
overleg verbetermaatregelen responstijden dunbevolkte gebieden - Nunspeet
M 06-11387445 lj.smulders@minvws.nl Datum 29 september 2025
Omschrijving Vergaderdatum en - tijd Vergaderplaats Aanwezig
29 september 2025 om 09:30 Teams Gemeente Nunspeet: RAV Noord- en Oost-Gelderland (Witte Kruis):
Menzis: Zilveren Kruis: AZN: ZN: VWS:
1. Opening en voorstelronde Dhr. voorstelronde.
heet iedereen welkom en er volgt een korte
2. Aftrap licht de aanleiding van het overleg toe. De responstijden van ambulances hebben de aandacht van de politiek. De discussie concentreert zich op de streefnorm die in regelgeving is opgenomen. Waar een RAV ernaar dient te streven om op het niveau van de veiligheidsregio in 95% van de A1-ritten binnen 15 minuten aanwezig te zijn, wordt dit in de praktijk niet overal gehaald. De situatie is extra precair in landelijke, dunbevolkte gebieden. Als reactie op Kamervragen van het lid Rikkers-Oosterkamp (BBB) heeft de minister van VWS toegezegd in gesprek te gaan met Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en Ambulancezorg Nederland (AZN) met de vraag welke verbetermaatregelen hiervoor inmiddels genomen zijn, en nog genomen kunnen worden. Om zo goed mogelijk uitvoering te geven aan deze toezegging, is besloten om deze gesprekken mét een aantal gemeentes, RAV’s en inkopende zorgverzekeraars te voeren. Mw. Blom benadrukt het belang van dit onderwerp voor haar, omdat responstijden van ambulancezorg in haar gemeente (Nunspeet) een
Pagina 1 van 3
politiek belangrijk thema is. Ze uit haar zorgen om de responstijden in kleine kernen zoals Elspeet en Vierhouten.
Directoraat-Generaal Curatieve Zorg Directie Curatieve Zorg cluster acute zorg
3. Gesprek verbetermaatregelen dunbevolkte gebieden Responstijden : In gemeente Nunspeet wordt nu in 91% van de gevallen aan de 15-minutennorm voldaan. Dat percentage is hetzelfde als voor de gehele veiligheidsregio. Mw Blom: Maakt zich zorgen om de kleine kernen, zoals Elspeet en Vierhouten die het slechtst presteren, waar in de zomer veel vakantiegangers zijn. Mw. Blom: Cijfers zijn een stuk beter geworden dan voorheen. Per 2026 worden de responstijden gepubliceerd op gemeenteniveau (over jaar 2025). Maar: responstijden zijn niet de enige indicator voor goede zorgverlening.
Datum 29 september 2025 Onze referentie
Belang van first responders en AED’s De brandweer, politie en burgerhulpverleners worden door de meldkamer automatisch gealarmeerd als first responders bij reanimaties. Extra maatregelen zoals burgerhulpverlening (HarslagNu) zijn minstens zo belangrijk, want voor veel A0 reanimatie patiënten is elke minuut er één teveel en is de 15 minuten alsnog niet de prestatie die de patiënt voldoende helpt. In 2024 was er in 100% van die gevallen burgerhulpverlening ter plekke en was een AED al in gebruik. Mw. Blom: Gemeente investeert in AED’s in dunbevolkte gebieden en biedt eerste hulp trainingen aan om de dekking van burgerhulpverlening in kwetsbare gebieden te vergroten. Verbetermaatregelen geeft namens het Witte Kruis een presentatie over wat er aan verbetermaatregelen is getroffen en wordt getroffen. o D.m.v. betere triage, moeten meer ritten voorkomen worden wanneer de zorgvraag beter past bij een andere zorgaanbieder. o Ook komt er een planningsmodule voor gepland vervoer; daardoor wordt de planning efficiënter en zijn de ALS ambulances beter beschikbaar. o Witte Kruis wil ook beter meedenken en meekijken bij verkeersoplossingen met gemeenten/provincie/Rijkswaterstaat. Dhr. o We spreken de RAV elk kwartaal. o Ter nuancering: Er zijn maar 3 regio’s die wél de 95% score halen. Neemt niet weg dat we ons overal inspannen voor goede ambulancezorg. o Geld is hier niet het probleem.
Zeker met het nieuwe SenB kader. Dit is echter niet meteen een panacee voor dunbevolkte kernen. o Merk ook op dat extra capaciteit kan zorgen voor (te) weinig ritten per ambulanceverpleegkundige, hetgeen niet wenselijk is voor de kwaliteit (en het werkplezier).
Pagina 2 van 3
Het is niet zo dat één (extra) standplaats een aanzienlijk verschil zal maken. Er moet ook personeel zijn. Je kan ook goed nadenken over je keuze in de bezetting van specifieke standplaatsen in de zomerperiode met veel toeristen. o Het is een veelkoppig monster, zo geldt ook voor de oplossingen. AZN zal de A1 urgentie acute-zorg-breed doorontwikkelen en verder differentiëren, en vervolgens een inhoudelijk advies proberen te geven over passende streefwaardes bij de verschillende urgenties. o
-
Directoraat-Generaal Curatieve Zorg Directie Curatieve Zorg cluster acute zorg Datum 29 september 2025 Onze referentie
Belang van goede communicatie over dit onderwerp Mw. Blom: Om het eerlijke verhaal te vertellen, moeten we goed nadenken over de communicatie en daarin een beter onderscheid maken tussen de urgentie van situaties. A0 is bloedspoed en daarvoor is elke minuut er bij wijze van spreken één teveel. Bij A1 en lager moeten we beter differentiëren en duidelijk maken dat niet elke minuut van levensbelang is. Zorg inderdaad dat je een goed frame kan neerzetten, aan de hand waarvan iedereen de responstijden kan uitleggen. 4. Afsluiting bedankt iedereen voor het nuttige en constructieve gesprek. o Voorop staat dat we in Nederland super professionele ambulancezorgvoorzieningen hebben. o Laten we transparant blijven en de feiten en beelden met elkaar delen. Als straks de cijfers op gemeenteniveau worden gepresenteerd, is het belangrijk om ook een verhaal erbij te hebben, want alleen cijfers vertellen het verhaal niet (wanneer ben je nou tevreden?). o Komend jaar willen we goed met elkaar doordenken of en hoe we de streefnorm willen doorontwikkelen, gegeven de nieuwe A0 urgentie en de verdere differentiatie van A1. Een bijeenkomst als deze helpt: het is goed om dergelijke constructieve gesprekken te voeren: ze ziet dat er behoefte is aan toelichting aan gemeenten bij het publiceren van de cijfers en op de maatregelen die een RAV treft.
Ze merkt op dat dit wel druk legt bij de RAV’s, omdat dit extra taken zijn en dat hier dan nog wel handen en voeten aan gegeven moet worden. Mw. Blom: Als we met elkaar kunnen vaststellen dat transparantie en het goede verhaal vertellen belangrijk is, dan is dat al een mooie stap. Ze blijft graag betrokken.
Pagina 3 van 3