St. t.k.n. nr. 1. Bijlage Jaarverslag VFN 2024-2025 (geanonimiseerd)
Tekst van het document
VERENIGING
FAUNABEHEER
Faunabeheerteam
Jaarverslag uitvoering
en
EEC
(geanonimiseerd) voorzitter
Faunabeheer
gemeente Nunspeet
resultaten
Nunspeet, september 2025. Nunspeet
NUNSPEET
van
het faunabeheer
2024-2025
1. Uitvoeringsorganisatie faunabeheerders De vereniging /het Faunabeheerteam heeft 19 leden die zijn ingedeeld in 3 geografisch met het gebied samenhangende clusters te weten: West (ten westen Elspeterweg) Oost (ten oosten Elspeterweg) en Zuid (Elspeter Struiken). De clusters worden aangestuurd en gecoördineerd vanuit het bestuur waarbij per cluster een lid van de bestuur functioneert als " clustercoördinator " die onderlinge afspraken en werkwijzen stuurt en coördineert en tevens het scharnierpunt naar het bestuur vormt. ,
,
,
,
,
De teamleden zijn primair actief in het cluster waarin ze zijn ingedeeld en daarnaast inzetbaar in het hele werkgebied van de vereniging. Met het oog op mogelijk toekomstige wisselingen (natuurlijk verloop) binnen het team wordt gewerkt met stagiaires. Daarmee wordt beoogd om potentieel belangstellenden voor deelname aan het Faunabeheerteam gedurende een periode kennis te laten maken met de praktijk van het faunabeheer op de gemeentelijke terreinen en kan de mogelijke inpasbaarheid in het team wederzijds worden beoordeeld. Stagiaires dienen aan dezelfde eisen te voldoen die aan de teamleden worden gesteld Activiteiten van stagiaires in het veld vinden enkel plaats in aanwezigheid en onder direct toezicht van een van de teamleden. ,
2. Afschotplanning en realisatie Voor de ontwikkeling van de stand van met name wilde varkens is het natuurlijk aanbod van beukennootjes en eikels (“mast”) een belangrijke indicator. De praktijk laat steeds zien dat goede mastjaren gepaard gaan met slechte afschotrealisatie (lokvoer te weinig aantrekkelijk) en een forse aanwas (goede conditie en snelle reproductie) van varkens. Daarentegen volgt in een slecht mastjaar een goede afschotrealisatie (lokvoer aantrekkelijk) en een geringe aanwas (slechte conditie en late en geringe reproductie). Vanaf 2013 tot en met 2020 is er sprake geweest van gemiddelde en bovengemiddelde mastsituaties. Dat heeft geleid tot een toenemend aantal varkens in zowel het Veluws leefgebied en ook daarbuiten. De beschreven parallel met de afschotrealisatie is steeds goed te herkennen. Zo was 2021 een slecht mastjaar. Dat leidde er toe dat een hoog afschot kon worden bereikt door de combinatie van een historisch hoge zomerstand (effect 8 goede mastjaren) en het gebrek aan mast. Door de slechte voedselsituatie was ook de conditie van de zwijnen minimaal met veel natuurlijke sterfte tot gevolg. Het afschot in het jaar 2021-2022 op de gehele Veluwe bereikte een record van ongeveer 7500 varkens. Vanaf 2022 tot en met 2024 in er weer sprake van een bovengemiddelde mast met als gevolg dat de varkens zich niet meer vertoonden op het lokvoer.
Het afschotresultaat bleef daardoor op de gehele Veluwe fors achter bij de planning: op de gehele Veluwe werden in 2022-2023 1500 geschoten in 2023-2024 2700 en in het afgelopen seizoen 24-25 2100 stuks. Lokaal in onze WBE De Vale Ouwe waren het er 298 waarvan door het FBT 101 stuks. In combinatie met de bovengemiddelde mast die we in de herfst van 20024 hadden bleek het niet haalbaar om het volledige afschot van varkens te realiseren. Ook in 2025 wordt een bovengemiddelde mast verwacht en een daaruit volgend moeizamer afschotresultaat. ,
,
,
De (toegenomen) aanwezigheid van de wolf speelt ook een rol: de rottes van de varkens en ook de roedels van de edelherten zijn groter en het dagritme en de verschijningslocaties lijken veranderd en zijn minder voorspelbaar geworden. Met name ter terugdringing van het aantal wildaanrijdingen op de N310 Nunspeterweg en Elspeterbosweg is (en wordt) jaarrond nachtelijk afschot gepleegd van varkens. ,
2
Bij de verschillende onderzoeken waaraan is meegewerkt (Trichine bloedonderzoek varkens) zijn geen gevallen van wildziektes geconstateerd. ,
Voor een overzicht van de planning en realisatie van deze en ook de overige grofwildsoorten verwijzen wij u naar het volgende overzicht:
Toewijzing en realisatie afschot 2024-2025 en toewijzing 2025-2026 diersoort
2024-2025 toewijzing gerealiseerd
% FBT
% WBE
26
16
62 %
74%
Damherten
-
-
-
-
Edelherten
18
11
61%
63%
Wilde Zwijnen
210
101
48%
40%
Reeën
2025-2026 Voorlopige toewijzing 22 4 18 124
Het overzicht zal in 2026 worden aangevuld met de afschotcijfers van het seizoen 20252026. De toewijzing voor het volgende seizoen (25-26) is voor reeën en varkens naar beneden bijgesteld in overeenstemming met de inmiddels lokaal lagere wildstanden. ,
3. Fauna- en veldvoorzieningen Gedurende de verslagperiode is waar nodig voorzien in het onderhoud en waar nodig vervanging van de aanwezige wildkansels / hoogzitten. In het beheergebied zijn diverse likstenen geplaatst. In het verslagjaar zijn alle aanwezige wildweides in het beheergebied weer geëgaliseerd bemest en ingezaaid.
,
4. Bijzonderheden Geen. *******************************
3
Toelichting grondslagen In dit document kunt u secties vinden die onleesbaar zijn gemaakt. Deze informatie is achterwege gelaten op basis van de Wet open overheid (Woo). De letter die hierbij is vermeld correspondeert met de bijbehorende grondslag in onderstaand overzicht.
J Art. 5.1 lid 2 sub e Het belang van de openbaarmaking van deze informatie weegt niet op tegen het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van betrokkenen