CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

St. t.k.n. 1. Coll. rap. Tussent. stand van zaken inventarisatie Ondernemersfonds Nunspeet

Commissie Algemeen Bestuur 19 mei 2022, gemeente NunspeetBij agendapunt: Tussentijdse stand van zaken inventarisatie Ondernemersfonds Nunspeet.2.606 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan burgemeester en wethouders Datum: Portefeuillehouder: Ambtenaar: Team: Naam teammanager: Directie: Raad: Commissie: OR: Communicatie: Bijlage(n): Betrokken teams:

5 april 2022 Zaaknummer: 32752 M. van de Bunte L. Franken Samenleving/Economische Zaken en Recreatie en Toerisme J.C. Bos mr. P.F.A. Klein Nee Maatschappij en Middelen - TKN Nee Ja Openbaar: Ja Tijdlijn proces inventarisatie ondernemersfonds Financiën, POC,

Onderwerp: Tussentijdse stand van zaken inventarisatie Ondernemersfonds Nunspeet Samenvatting De werkgroep ‘Inventarisatie Ondernemersfonds Nunspeet’ – die bestaat uit enkele ondernemers in de gemeente Nunspeet – is sinds 2021 bezig met het onderzoek naar de oprichting van een ondernemersfonds in de gemeente Nunspeet. Het gemeentebrede Ondernemersfonds dat wordt onderzocht, is een regelvrije structuur die zich goed laat aanpassen aan lokale omstandigheden. Bovendien is een Ondernemersfonds na de coronacrisis geschikt als crisis- en herstelfonds, omdat bestaande landelijke fondsen zich in afgelopen jaren hebben bewezen als stabiele partners in het lokaal economisch speelveld. De bekende systematiek ‘voor en door ondernemers’, bestedingsvrijheid, en eigen trekkingsrechten heeft op ruim 500 plekken in het land een veelzijdige dynamiek opgeroepen. De noodzaak om collectief te investeren is in 2022 mogelijk nog actueler dan voorheen, want overal buigen ondernemers, overheden, onderwijsinstellingen en andere partijen zich op de vraag hoe te investeren in crisisherstel: een Ondernemersfonds kan een belangrijk vehikel zijn om die ambitie vorm te geven. De werkgroep ‘Inventarisatie Ondernemersfonds Nunspeet’ geeft in dit voorstel de tussentijdse informatie en de stand van zaken aan van hun onderzoek.

Advies aan burgemeester en wethouders Kennisnemen van de aangegeven informatie en stand van zaken van de werkgroep ‘Inventarisatie Ondernemersfonds Nunspeet’ en het eerder door u vastgestelde proces van dit onderzoek blijven vasthouden en de uitkomsten van het onderzoek afwachten medio 2022.

Collegevergadering van: 12-4-2022 Nummer: 7 Beslissing college: Conform advies met de kanttekening dat het college aandacht vraagt voor een zorgvuldig invoeringsproces waarin nadrukkelijk ook de andere relevante partijen dan de ondernemers/winkeliers (zoals sport, cultuur, zorg, onderwijs, kinderopvang, enz.) worden meegenomen.

Pagina 1 van 6

-2-

TOELICHTING Inhoudelijke toelichting

Tussentijdse informatie en onderdelen van het onderzoek In de gemeente Nunspeet zijn al bestaande ondernemersorganisaties die gerund worden door actieve ondernemers. Binnen deze bestaande ondernemersorganisaties was al contact over de verschillende activiteiten en uitdagingen die zij tegenkomen. Deze ondernemersorganisaties investeren ieder op hun manier in de lokale economie en in o.a. de kwaliteit van de bedrijfsomgeving. Niet alle bedrijven en non-profit organisaties nemen hieraan deel, bijvoorbeeld omdat zij zich net buiten een winkel- of bedrijvengebied bevinden. Om meer organiserend vermogen te ontwikkelen, is een Ondernemersfonds een vliegwiel dat goed werkt. Met een Ondernemersfonds kan het lokale bedrijfsleven en de non-profit sector collectieve zaken structureel financieren. Te denken valt oa aan parkmanagement op de bedrijventerreinen, promotie van winkelgebieden, citymarketing en gemeenschappelijke belangenbehartiging. De ozb-belastingplichtigen voor nietwoningen bekostigen deze financiële positie zelf, door een verhoging van het ozb-tarief voor nietwoningen. Financieel

Een Ondernemersfonds biedt verschillende partijen in de gemeente een structurele financiële positie waarmee collectieve activiteiten bekostigd kunnen worden. In de kern is een Ondernemersfonds het gevolg van een afspraak tussen ondernemers en lokale politiek. Het instellen van een Ondernemersfonds is een bevoegdheid van de gemeenteraad. Voor het instellen van een Ondernemersfonds is een dubbelbesluit nodig van de gemeenteraad. Ten eerste het besluit om de ozb tarieven voor niet-woningen met een afgesproken bedrag te verhogen: een opslag op het tarief of een vast bedrag extra opbrengst ozb. Het tweede het besluit dat de raad gelijktijdig neemt is het verstrekken van een subsidie aan een Ondernemersfonds, ter hoogte van exact het bedrag uit het eerste besluit. Formeel gezien staan deze besluiten geheel los van elkaar. De ozb is een algemeen dekkingsmiddel voor de gemeente, geen doelbelasting. Het geld voor het Ondernemersfonds is afkomstig uit de algemene middelen, niet uit de ozb-opbrengst. Zo is het formeel; materieel is er natuurlijk sprake van een duidelijke samenhang tussen beide besluiten. Leiden was in 2005 de eerste stad met een dergelijk fonds. In het land zijn inmiddels ruim 40 gemeentebrede fondsen naar ‘Leids model’ actief van groot (Utrecht) tot klein (Schiermonnikoog).

Het gemeentebrede Ondernemersfonds is een regelvrije structuur die zich goed laat aanpassen aan lokale omstandigheden. De ruim 40 bestaande gemeentebrede fondsen laten een grote variëteit zien in hun bestedingspatroon en wijze van organisatie. Toch is er een aantal grote lijnen te zien in de praktijk van de ondernemersfondsen: Het fonds wordt gevoed via een opslag op de ozb voor niet-woningen. In de praktijk een bedrag tussen de € 40 en € 70 per € 100.000 woz-waarde. De meeropbrengst van deze verhoging wordt éénop-één overgedragen – via een subsidie – aan een op te richten Stichting Ondernemersfonds. Alle gebruikers en eigenaren van een niet-woning betalen mee, wat betekent dat niet alleen de winkels, kantoren en bedrijfspanden maar ook onderwijsgebouwen, praktijkruimtes, ziekenhuizen, agrarische panden, sportkantines, musea en cultuurpodia bijdragen. De participatie van non-profit partijen wordt in de bestaande Ondernemersfondsen als een verworvenheid ervaren. Het leidt tot meer onderlinge samenwerking, succesvolle gezamenlijke projecten, betere netwerkvorming en meer kennisuitwisseling. De samenwerking van profit en non-profit partijen is in de vorm van een ondernemersfonds weliswaar nieuw, maar kent in veel ondernemersverenigingen al een langere geschiedenis.

Veel met name wat grotere partijen in het onderwijs en de zorg zijn al aangesloten bij lokale ondernemersverenigingen. Vanuit de sport en cultuur bestaan er vaak ook al langere tijd samenwerkingsverbanden rond tentoonstellingen of evenementen.

-3-

De bestedingen vanuit het fonds zijn geheel vrij, alles wat ondernemers/belastingplichtigen ozb-nietwoningen aanmerken als hun gezamenlijk belang komt voor financiering in aanmerking. Van sfeerverlichting en promotie in de winkelgebieden, beveiliging op de bedrijventerreinen tot aan stagebeleid voor het onderwijs. Enige voorwaarde is dat er collectief over wordt besloten, vaak via het bekende verenigingsverband. Er kan bovendien gespaard worden binnen het fonds, er geldt geen bestedingsdwang. De participanten van een ondernemersfonds: Iedere betaler ozb niet-woningen De gemeente is in staat om te voorzien in de voeding van een Ondernemersfonds, doordat die voeding even groot is als de opbrengst van een verhoging van de ozb voor niet-woningen. Het begrip ‘’ondernemer’’ valt daarmee samen met de belastingcategorie niet-woningen. Dat betekent dat niet alleen de commerciële bedrijven – winkels, horeca, kantoren, dienstverleners, werkplaatsen, fabrieken – meedoen, maar ook non-profit ondernemingen uit overheid, het onderwijs, de cultuur, de zorg, welzijn, sport. Alleen het wettelijk van ozb vrijgestelde vastgoed doet niet mee: kerken die voor de eredienst in gebruik zijn, waterstaatkundige werken, kastuinbouw, landbouwgrond. Het bij elkaar brengen van zoveel ongelijksoortige organisaties was ooit een probleem, maar past nu goed bij trends in het economisch proces.

Non-profit organisaties zijn zich steeds meer als onderneming gaan gedragen en zijn ook massaal lid geworden van ondernemersverenigingen. Er is veel meer begrip ontstaan voor de wederzijdse afhankelijkheid van profit en non-profit, bijvoorbeeld in de relatie tussen onderwijs en arbeidsmarkt. De omgevingsbelangen van profit en non-profit – veiligheid, bereikbaarheid, promotie, herkenbaarheid – vallen vaak samen. Het feit dat een Ondernemersfonds op ozb-basis niet gericht voor een enkele sector (bijvoorbeeld winkels) en in een enkel gebied (bijvoorbeeld een bedrijventerrein) kan worden ingezet maar voor alle ondernemingen in de hele gemeente geldt, leek in de dorpen/steden waar al een fonds is, in eerste instantie een complicatie. Maar na verloop van tijd wordt juist die veelheid als waardevol ervaren: de context waarbinnen ondernemingen hun positie bepalen wordt breder en rijker. Daarnaast ontstaan nieuwe (netwerk)relaties waardoor gemeenten minder gaan regisseren maar meer als netwerkpartner gaan functioneren. De gemeente als bijzondere ‘participant’ Vanwege het bezit van gemeentelijke vastgoed heeft de gemeente een aandeel in het Ondernemersfonds. Het gemeentelijk vastgoed zit in beginsel in drie rubrieken: 1. De gemeente heeft zelf panden in gebruik: oa het gemeentehuis, de gemeentewerf; 2.

De gemeente is eigenaar/financier van maatschappelijk vastgoed, zoals sportvelden, cultuurgebouwen, scholen voor primair onderwijs; 3. Een lokale overheid heeft doorgaans ook ‘historische’ posities: panden die ooit verworven zijn om later iets mee te doen, maar die nog steeds in bezit zijn. De hoeveelheid ozb die de gemeente Nunspeet momenteel direct en indirect betaald over nietwoningen jaarlijks is circa € 71.000,-. Dit is exclusief het bedrag dat de gemeente betaalt aan ozb voor de scholen. Bij een positief besluit over de komst van een Ondernemersfonds Nunspeet, zal de ozb-opslag voor het ondernemersfonds moeten worden opgenomen in de gemeentelijke begroting voor 2023. Een en ander wordt voorbereid met het Team Financien en de Heffingsambtenaar van de gemeente Nunspeet, ook voor de besluitvorming door de gemeenteraad over de komst van het ondernemersfonds Nunspeet. Draagvlak in de gemeente Nunspeet Voor een gemeentebreed ondernemersfonds zijn geen formele criteria ten aanzien van een draagvlakmeting in de wet vastgelegd. Dat geldt wel voor een Bedrijveninvesteringszone (BIZ) zoals die in 2015 in het centrum van Nunspeet is onderzocht maar waarbij het wettelijk vereiste percentage instemming van bijdrageplichtigen niet werd gehaald.

-4-

Dit betekent dat vooral ingezet moet worden op het zo goed mogelijk betrekken van alle stakeholders in een gemeente bij de invoering van een gemeentebreed ondernemersfonds in combinatie met informatiebijeenkomsten – bij/met ondernemersverenigingen én openbare bijeenkomsten - voor ondernemers en andere partijen die als niet-woning hiervoor aangeslagen gaan worden. Door alle ondernemers(verenigingen) in de gemeente Nunspeet te bezoeken en te informeren in 2021 en voorjaar 2022 met oa presentaties over wat een ondernemersfonds is, creëert de werkgroep ‘Inventarisatie Ondernemersfonds Nunspeet’ – die bestaat uit enkele ondernemers in de gemeente Nunspeet – draagvlak voor dit fonds i.o. Daarna wordt bij vergaderingen van de ondernemersverenigingen gestemd over de komst van een ondernemersfonds Nunspeet. Ook worden 2 extra informatieavonden georganiseerd in mei 2022 voor de niet-georganiseerden (ondernemers), waarbij ook een stemming zal plaatsvinden. Door de komst van een ondernemersfonds worden freeriders[1] in de toekomst voorkomen; zij worden wel meegenomen in dit onderzoek door hen uit te nodigen voor de informatieavonden voor niet-georganiseerden. Een en ander wordt zorgvuldig door de werkgroep gedocumenteerd, zodat deze feiten het draagvlak kunnen aantonen voor de komst van een ondernemersfonds bij de uitkomsten van het onderzoek medio 2022.

Trekkingsrechtensystematiek/trekkingsgebieden De ondernemers gaan zelf over de gewenste aansturing van het budget in het ondernemersfonds. In de meeste fondsen wordt gekozen om via een trekkingsrechtensystematiek het geld weer beschikbaar te stellen aan de gebieden en sectoren waar het wordt opgebracht: de zogenoemde trekkingsgebieden. Ieder trekkingsgebied, bv winkelcentrum en bedrijventerrein beschikt daarmee over een budget dat nagenoeg gelijk staat aan de eigen inleg. De trekkingsrechtensystematiek is om verschillende redenen ontstaan: · Het herverdelen van contant geld naar de gebruikende partijen zou resulteren in een fragmentatie van het fonds in tientallen subfondsen, met alle administratieve en beheersproblemen die daarbij horen. · Het in een centrale kas houden bevordert de transparantie. Er komt een enkele jaarrekening en verantwoording voor alle bestedingen. Die bestedingen zijn voor iedereen inzichtelijk. Dat zet aan tot samenwerking en onderlinge communicatie, terwijl elke partij toch zijn eigen financiële positie houdt. · De gebruikende verenigingen (‘trekkingsgerechtigden’) hoeven geen administratie bij te houden, dat doet het fonds voor hen. De gebruikers kunnen zich concentreren op de inhoudelijke bestedingen. · Het fonds is btw-plichtig. Dat betekent dat de btw die op facturen betaald wordt die via het fonds zijn ingediend, de btw kan worden teruggevraagd.

Een indeling in trekkingsrechten/gebieden is niet voor eeuwig. De indeling moet de dynamiek van de economie en de behoeftes van de ondernemers volgen. Wijzigingen zijn altijd mogelijk, binnen de beperking van praktische werkbaarheid. Dan komt de vraag hoe de trekkingsrechtgebieden worden samengesteld. De volgende uitgangspunten zijn aan de orde: 1. Er wordt gestreefd naar samenwerking in een logisch samenhangend gebied. 2. Het streven is om de gebieden niet te klein te laten worden. 3. Verenigingen die over ‘gemengde’ gebieden gaan – combinaties van detailhandel, kantoren en industrie of zorg, bijvoorbeeld – houden naar behoren rekening met de veelzijdigheid van belangen. Samenwerking van ‘b2b’ (handel, industrie) met ‘b2c’ (detailhandel, horeca, toerisme) wordt zeer toegejuicht, maar in de besteding moeten opinies van alle deelnemers aan bod komen.

-5-

4.

Het valt zeer toe te juichen dat er ook een gemeentebreed stuk wordt afgebakend in het fonds. Het is dan wel zaak dat een gemeentebreed stuk goed verankerd is bij de trekkingsgerechtigden. De systematiek is erop gericht om zoveel mogelijk betrokkenheid van ondernemers te scheppen. Ook over Nunspeetse doelen moeten dus alle betrokken ondernemers mee kunnen praten. 5. Trekkingsrecht kan opgespaard worden, bv voor maximaal 3 jaar, of geschonken/geleend worden aan een ander trekkingsgebied. Partijen die ambitie hebben en een grote investering willen doen, krijgen daartoe de gelegenheid. De werkgroep onderzoekt momenteel hoe de trekkingsgebieden kunnen worden gevormd in de gemeente Nunspeet in samenwerking met de Heffingsambtenaar van de gemeente Nunspeet: bv op postcode-, gebiedsinrichting- of branche-niveau. Hierbij wordt de wet- en regelgeving op fiscaal gebied die hier van toepassing is en zaken onder de geheimhouding schaart, in acht genomen. Vanuit het oogpunt van de Algemene verordening gegevensbescherming (AvG) mogen gegevens over objecten vrij gedeeld worden, zo lang dit niet te koppelen is aan personen, want dit valt buiten de AvG[2].

Ondernemersfonds na coronacrisis Een Ondernemersfonds is na de coronacrisis zeer geschikt als crisis- en herstelfonds, omdat bestaande landelijke fondsen zich in afgelopen jaren hebben bewezen als stabiele partners in het lokaal economisch speelveld. De bekende systematiek ‘voor en door ondernemers’, bestedingsvrijheid, en eigen trekkingsrechten heeft op ruim 40 plekken in het land een veelzijdige dynamiek opgeroepen. De noodzaak om collectief te investeren is in 2022 mogelijk nog actueler dan voorheen, want overal buigen ondernemers, overheden, onderwijsinstellingen en andere partijen zich op de vraag hoe te investeren in crisisherstel. Een Ondernemersfonds kan een belangrijk vehikel zijn om die ambitie vorm te geven, want  De structuur en organisatie staat al. Het systeem werkt, er zitten enthousiaste mensen achter, alle bedrijven zijn financieel aangehaakt en kunnen een actieve rol spelen in de planvorming en –uitvoering.  Een fonds voegt eigenaarschap toe aan een lokale herstelagenda: een agenda waar ondernemers zelf over gaan roept veel meer dynamiek en investeringskracht op dan een ‘top-down’ overheidsagenda  Het intersectorale overleg vindt binnen de meeste fondsen al plaats. Bijvoorbeeld: het bedrijfsleven spreekt met het onderwijs. De winkelcentra met de zorginstellingen en agrariërs. De kennisinstellingen met de bedrijventerreinen.

Beoogd effect De lokale economie voor langere tijd door een ondernemersfonds een impuls laten geven als een herstelfonds ná Corona: eenieder die bijdraagt, kan in gezamenlijkheid de gelden ten goede laten komen aan hun (trekkings)gebied.

[1] Persoon of instelling die profiteert van de inspanningen (in tijd en geld) van anderen, zonder mee te delen in de kosten of die probeert de eigen inspanningen en kosten in relatie tot de opbrengsten te minimaliseren (meeliften, voor een dubbeltje op de eerste rang willen zitten).

-6-

[2] Op het moment dat gegevens niet herleidbaar zijn tot een natuurlijk persoon, betreffen het geen persoonsgegevens. In dat geval is de AVG niet van toepassing op die gegevensverwerking. Op de verwerking van persoonsgegevens, is de AVG direct van toepassing. Voor de verwerking van persoonsgegevens is een wettelijke grondslag vereist. Voor de verwerking van persoonsgegevens met betrekking tot belastingen wordt die gevonden in nationale fiscale wetgeving. Op het moment dat er in nationale wetgeving een verbod is op het delen of hergebruik van gegevens voor een ander doel dan het doel waarvoor de gegevens zijn verzameld, zal in die nationale wetgeving nagekeken moeten worden of er uitzonderingsgronden zijn. Dit geldt zowel voor persoonsgegevens als voor niet-persoonsgegevens. Op het moment dat er een beroep gedaan kan worden op een uitzonderingsgrond, dient aan de voorwaarden van de uitzonderingsgrond voldaan te worden. Voor het verder verwerken van persoonsgegevens geldt dat er een verenigbaarheidstoets uitgevoerd moet worden of er zal een andere wettelijke grondslag moeten zijn om die persoonsgegevens alsnog te verwerken. De AVG staat hergebruik van persoonsgegevens dan ook niet zonder meer toe maar verbiedt het hergebruik ook niet zonder meer zolang er een wettelijke grondslag is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11445189/1