CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

Ruimtelijke onderbouwing

Raadsvergadering 25 maart 2021, gemeente NunspeetBij agendapunt: Afgifte verklaring van geen bedenkingen Elspeterweg 12 in Nunspeet16.021 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

DG Vastgoed III B.V.

RUIMTELIJKE ONDERBOUWING

Elspeterweg 12

NUNSPEET

December 2020

RO Elspeterweg 12 Nunspeet

2

RO Elspeterweg 12 Nunspeet

Documenttitel

EDOK-RO

: Ruimtelijke Onderbouwing Elspeterweg 12 Nunspeet

Datum

: 22-12-2020

Projectnummer

: 2019-SA-01

Opdrachtgever

: DG. Vastgoed III B.V. Energieweg 16 8071 DA Nunspeet

Architect

: Slaa + van Asselt architecten BNA Industrieweg 75 8071 CS Nunspeet

Contactpersoon

: Dhr. J.W. de Ruiter

Plan gemaakt door

: EDOK-RO

Contactpersoon

: Dhr. E. Dokter

3

RO Elspeterweg 12 Nunspeet

4

RO Elspeterweg 12 Nunspeet

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Ligging plangebied 1.3 Vigerend bestemmingsplan 1.4 Leeswijzer

7 7 7 9 9

Hoofdstuk 2 Het initiatief 2.1 Historie 2.2 Huidige situatie 2.3 Nieuwe plan

11 11 12 14

Hoofdstuk 3 Beleidskader 3.1 Rijksbeleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Gemeentelijk beleid 3.4 Conclusie beleid

17 17 18 23 29

Hoofdstuk 4 Milieu- en omgevingsaspecten 4.1 Inleiding 4.2 Bedrijven- en milieuzonering 4.3 Geluid 4.4 Bodem 4.5 Asbest 4.6 Luchtkwaliteit 4.7 Externe veiligheid 4.8 Water 4.9 Ecologie 4.10 Archeologie 4.11 Parkeren 4.12 Besluit milieueffectrapportage

31 31 31 32 35 36 36 38 40 43 46 47 49

Hoofdstuk 5 Uitvoerbaarheid 5.1 Economische uitvoerbaarheid 5.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid

51 51 51

Bijlagen

53

Bijlage 1

Akoestisch onderzoek

55

Bijlage 2

Geluidwering Appartementen

57

Bijlage 3

Verkennend bodemonderzoek

59

Bijlage 4

Asbestonderzoek

61

Bijlage 5

Watertoets

63

Bijlage 6

Samenvatting watertoets

65

Bijlage 7

HWA Infiltratie

67

Bijlage 8

Natuurtoets

69

Bijlage 9

Aerius berekening

71

Bijlage 10

Bomen Effect Analyse

73

Bijlage 11

Parkeeradvies

75

Bijlage 12

Nunspeet en archeologie

77

5

RO Elspeterweg 12 Nunspeet

6

RO Elspeterweg 12 Nunspeet

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1

Aanleiding

Initiatiefnemer heeft het voornemen om op de locatie Elspeterweg 12 te herbestemmen/ontwikkelen naar de bestemming Wonen ten behoeve van de realisatie van 33 kleinschalige appartementen met een maatschappelijk / sociaal kenmerk. Dit is volgens het vigerende bestemmingsplan niet mogelijk. Initiatiefnemer heeft op 16 februari 2018 een principe verzoek tot medewerking gedaan bij de gemeente Nunspeet. De aanvraag is getoetst aan het in de beleidsregel Woningbouw Op Maat neergelegde beoordelingskader en afgezet tegen de overige initiatieven. Het plan is in 2019 nogmaals langs geweest bij Woningbouw op Maat. Op basis van deze afweging is het college tot de conclusie gekomen dat het initiatief geplaatst wordt op de lijst "Dynamisch programma woningbouw 2019/2020". Om het bouwplan te realiseren is een nieuw planologisch kader nodig. Een zogenaamde omgevingsvergunning is hiervoor het meest geschikte instrument. Voorliggende onderbouwing dient als ruimtelijke motivatie behorende bij een dergelijke omgevingsvergunning.

1.2

Ligging plangebied

Het plangebied is gelegen ten zuiden van Nunspeet, aan de westzijde van de Elspeterweg (N310), de verbindingsweg van Elspeet naar Nunspeet. Aan de noordzijde is spoorlijn Amersfoort - Zwolle gelegen en aan de zuidzijde de A28.

Ligging plangebied rode cirkel (bron: openstreetmap.org)

Het plangebied wordt omringd door bossen. In de nabijheid zijn diverse functies aanwezig zoals een bungalowpark, tankstation, Rabobank, Pannenkoekenhuis, Hotel-restaurant en bezoekerscentrum Nunspeet.

7

RO Elspeterweg 12 Nunspeet

Ligging plangebied in de omgeving

Het perceel is kadastraal bekend: Kadastrale gemeente

: Nunspeet

Sectie

:K

Nummers

: 375

Uitsnede kadastrale kaart Het plangebied heeft een oppervlakte van circa 4.440 m2.

8

RO Elspeterweg 12 Nunspeet

1.3

Vigerend bestemmingsplan

Voor het plangebied geldt het vigerende bestemmingsplan 'Spoorzone', welke is vastgesteld op 27 november 2014. Volgens dit vigerende bestemmingsplan geldt voor de locatie de enkelbestemming 'Dienstverlening', de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 2' en de gebiedsaanduiding 'geluidzone - motorsportterrein'. De maximale bebouwingsmogelijkheid van de Elspeterweg 12 en 12A is maximaal 443 m 2. De maximum goothoogte bedraagt 4,5 meter en de maximum bouwhoogte bedraagt 10 meter. Binnen deze bestemming is een bedrijfswoning toegestaan met een maximum oppervlakte van 120 m 2, een maximum goothoogte van 4 meter en een maximum bouwhoogte van 9 meter. De realisatie van de 33 appartementen is niet mogelijk binnen de bepalingen van dit bestemmingsplan.

Uitsnede vigerend bestemmingsplan (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

1.4

Leeswijzer

Na dit inleidende hoofdstuk wordt in hoofdstuk 2 het initiatief beschreven. In hoofdstuk 3 is een beschrijving van het relevante Rijks-, provinciale-, en gemeentelijke beleid en van de relevante wetgeving opgenomen. In hoofdstuk 4 wordt het project inhoudelijk op haalbaarheid getoetst aan de hand van het geldende beleid en de geldende (milieu)wetgeving. Tot slot bevat hoofdstuk 5 de maatschappelijke en economische uitvoerbaarheid van het plan.

9

RO Elspeterweg 12 Nunspeet

10

RO Elspeterweg 12 Nunspeet

Hoofdstuk 2 2.1

Het initiatief

Historie

Hieronder volgt on vogelvlucht de historie van het plangebied op basis van kaarten (www.topotijdreis.nl) Op de topokaart uit 1872 is de Elspeterweg al te zien.

Uitsnede topokaart 1872 (bron: www.topotijdreis.nl) Op de topokaart van 1916 is al zien dat er bebouwing is aan de Elspeterweg. De villa Elspeterweg 12 dateert uit 1910.

Uitsnede topokaart 1916 (bron: www.topotijdreis.nl)

11

RO Elspeterweg 12 Nunspeet Op de topokaart van 1990 is de nieuwe uitbreiding aan de achterzijde van het pand te zien. het geheel is in gebruik genomen als kantoor.

Uitsnede topokaart 1990 (bron: www.topotijdreis.nl)

2.2

Huidige situatie

Villa Sparrenheuvel aan de Elspeterweg 12 is een gemeentelijk monument. het gebouw is circa 1910 gebouwd in een stijl verwant aan de chaletbouw waarvan in de eerste decennia van de vorige eeuw nog veel gebruik gemaakt werd. De villa is opgetrokken vanuit een rechthoekig grondplan en telt één bouwlaag en een zolder, onder met rode tuile-du-nord-pannen gedekte zadeldaken. De ver overstekende dakranden rusten op gesneden korbelen. De gevels zijn uitgevoerd in baksteen. De chaletstijl is herkenbaar in de deels beschoten, gepleisterde geveltoppen met pseudo-vakwerk. Aan de voorzijde bevindt zich een trapeziumvormige erker onder een afgeknot schilddak met terracotta dakschubben. De vensters hebben een vierruits bovenlicht en worden gedekt met in zandlopermotief geschilderde luiken. De linkerzijgevel heeft een grote serre, eveneens met een afgeknot schilddak en terracotta dakschubben, waarop een balkon is aangebracht met een houten balustrade. Hierop opent een porte brisée die in de kap steekt. Aan de rechterzijde van het huis bevindt zich een hoog opgetrokken bouwvolume waarin het trappenhuis is geplaatst en dat verlicht wordt door een groot, door roeden verdeeld venster.

12

RO Elspeterweg 12 Nunspeet

Voorgevel Villa Sparrenheuvel

Rond 1980 is er aan de achterkant van de Villa een kantoorpand gebouwd.

Aanzicht van het rond 1980 gebouwde pand.

13

RO Elspeterweg 12 Nunspeet De panden zijn tot 2016 in gebruik geweest voor een accountants en belastingadviesbureau, sindsdien staan de gebouwen leeg. Hierna volgt de bestaande plattegrond van de Villa en het er achtergelegen voormalig kantoor pand.

2.3

Nieuwe plan

De monumentale Villa Sparrenheuvel wordt opgeknapt en zo behouden voor het nageslacht. De Villa wordt op de begane grond voorzien van een appartement en het overige gedeelte ten behoeve van kantoor, slaapwachtruimte en overige ruimten ten behoeve van de zorgaanbieder. Op de verdieping van de Villa worden twee appartementen gerealiseerd. Deze plannen zijn met de globaal besproken en hij heeft een positief advies gegeven. De bebouwing achter de monumentale Villa wordt gesloopt. Hier wordt een complex gebouwd met daarin kleinschalige appartementen, welke voor een groot deel worden bewoond door mensen die veelal een stukje zorg nodig zullen hebben. Op de navolgende afbeelding is de bestaande monumentale Villa en het nieuwe appartementencomplex weergegeven. In totaal worden er 33 kleine appartementen gerealiseerd.

14

RO Elspeterweg 12 Nunspeet Op de navolgende afbeelding is de begane grond van het appartementen complex weergegeven, waarop goed te zien dat het hier gaat om kleine één-persoons appartementen.

Op de navolgende afbeelding is de linkerzijgevel van het appartementencomplex weergegeven.

A: Gevel : metselwerk wildverband kleur

: grijs genuanceerd, voeg middelgrijs 5 lagen in gevelvlak 1 laag 15 mm uitkragend 5 lagen in gevelvlak 1 laag 15 mm uitkragend (om en om)

B: Kozijnen, ramen en deuren: aluminium kleur

: groengrijs RAL 7009

15

RO Elspeterweg 12 Nunspeet C: Verticaal : metselwerk wildverband Kleur

: grijs genuanceerd, voeg middelgrijs

Duurzaamheid. De nieuwbouw wordt uitgevoerd zonder gasaansluitingen. Het geheel wordt voorzien van een warmtepomp.

16

RO Elspeterweg 12 Nunspeet

Hoofdstuk 3 3.1

Beleidskader

Rijksbeleid

3.1.1 Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) en Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) benoemt een aantal aspecten van nationaal ruimtelijk belang. Het betreft de bescherming van de waterveiligheid aan de kust en rond de grote rivieren, bescherming en behoud van de Waddenzee en enkele werelderfgoederen, de uitoefening van defensietaken, de ecologische hoofdstructuur, de elektriciteitsvoorziening, de toekomstige uitbreiding van het hoofd(spoor)wegennet en de veiligheid rond rijksvaarwegen. Voorts betreft het enkele specifieke gebieden zoals de mainportontwikkeling van Rotterdam en Schiphol. In het Barro heeft het Rijk voor deze onderwerpen regels opgesteld waarmee de SVIR juridisch is verankerd richting de lagere overheden. Via het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) en het Besluit omgevingsrecht (Bor) zijn deze regels aanvullend vastgelegd. In de structuurvisie worden, naast de onderwerpen van nationaal belang, accenten gelegd op het gebied van bestuurlijke verantwoordelijkheden. Het beleid betekent een decentralisatie van rijkstaken en bevoegdheden. Het Rijk gaat zo min mogelijk op de stoel van provincies en gemeenten zitten en lagere overheden, burgers en bedrijven krijgen, zolang het nationaal belang niet in het geding is, de ruimte om oplossingen te creëren. 3.1.2

Nationaal landschap

Nationale landschappen zijn gebieden met internationaal zeldzame en nationaal kenmerkende kwaliteiten op landschappelijk, cultuurhistorisch en natuurlijk gebied. Deze kwaliteiten moeten worden behouden, duurzaam beheerd, en waar mogelijk versterkt. Uitgangspunt is 'behoud door ontwikkeling': mits de kernkwaliteiten worden behouden of versterkt (ja, mits principe) zijn binnen Nationale landschappen ruimtelijke ontwikkeling- en mogelijk. Er is ruimte voor ten hoogste de natuurlijke bevolkingsgroei (migratiesaldo nul) en voor regionale en lokale bedrijvigheid. De Veluwe is aangewezen als een Nationaal Landschap vanwege de volgende kernkwaliteiten: schaalcontrast van zeer open naar besloten, actieve stuifzanden en de grootte en aaneengeslotenheid van het bos. 3.1.3

Ladder duurzame verstedelijking

Van belang is dat de 'Ladder voor duurzame verstedelijking' per 1 juli 2017 is gewijzigd. In het Bro is geen ondergrens voor de minimale omvang van stedelijke ontwikkelingsprojecten vastgelegd. Of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van de ontwikkeling in relatie tot de omgeving. Hierna wordt de voorgenomen ontwikkeling getoetst aan de Ladder, zoals opgenomen in artikel 3.1.6 lid 2 Bro zoals die sinds 1 juli 2017 van kracht is. Daarvoor is ingegaan op: 1. Uitgangspunten: is er sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling en wat is het ruimtelijk verzorgingsgebied van de ontwikkeling aan de Elspeterweg? 2. Beschrijving van de behoefte: voorziet de bouw van 33 appartementen in een behoefte en welke kwalitatieve aspecten spelen hierbij een rol? 3. Afweging locatiekeuze: hoe verhoudt de ontwikkeling zich tot de gedachte eerst te ontwikkelen binnen bestaand stedelijk gebied voor ontwikkeling in het buiten bestaand stedelijk gebied? Een stedelijke ontwikkeling wordt in artikel 1.1.1 onder i van het Bro gedefinieerd als een: ‘Ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijk voorzieningen’ In het Bro is geen ondergrens voor de minimale omvang vastgelegd, jurisprudentie geeft meer duidelijkheid.

Bij wonen geldt, dat voor woningbouwlocaties vanaf 12 woningen in beginsel sprake is van een stedelijke ontwikkeling. Dit betekent dat 33 kleinschalige appartementen met een maatschappelijk / sociaal kenmerk aan de Elspeterweg zich kwalificeren als stedelijke ontwikkeling in de zin van artikel 3.1.6. Bro. De Laddertoets geldt alleen voor nieuwe stedelijke ontwikkelingen. Daarvan is in beginsel sprake als

17

RO Elspeterweg 12 Nunspeet het nieuwe bestemmingsplan meer bebouwing mogelijk maakt of bij een functiewijziging. Hier is sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. De vigerende bestemmingsplannen kent de bestemming 'Dienstverlening' daarmee is sprake aan een functiewijziging van zodanige aard dan om die reden sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Voor ontwikkelingen buiten bestaand stedelijke gebied (BSG) is extra motivering vereist. Daarom is er gecheckt of de herontwikkeling een ontwikkeling binnen BSG betreft. In artikel 1.1.1 Bro geeft als definitie: ‘Bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur.’ Dit bestemmingsplan maakt een herontwikkeling van een binnenstedelijk gebied –de Elspeterweg– naar een plan met woningbouw mogelijk. Daarbij dragen zowel de ligging binnen het bestaand stedelijk weefsel van Nunspeet als het nog vigerende bestemmingsplan dat al een stedelijke functie mogelijk maakt, bij aan de conclusie dat er sprake is van een ontwikkeling binnen BSG. Dit is in lijn met de gedachte van de Ladder waardoor een extra afweging van alternatieven binnen BSG in het kader van deze Laddertoets achterwege kan blijven.

De Ladder vraagt om een beschrijving van de behoefte binnen het ruimtelijk verzorgingsgebied van de nieuwe stedelijke ontwikkeling. Hiervoor moet binnen de bestemmingsplanperiode (10 jaar) voldoende vraag zijn naar het type woningen die het plan mogelijk maakt. De regioanalyse van het zorgkantoor geeft aan dat minimaal 160 WLZ indicaties in de regio zijn die behoefte hebben aan een goede opvang en begeleiding. Naar verwachting neemt de vraag naar wonen met begeleiding verder toe. Op basis van de verwachte ontwikkeling van de doelgroepen (en daarmee de veranderende voorkeuren en kwalitatieve woningvraag) voorziet het plan Elspeterweg Nunspeet in een groeiende kwalitatieve vraag binnen de marktregio. De 33 kleinschalige appartementen met een maatschappelijk / sociaal kenmerk, sluiten aan bij de groeiende kwalitatieve vraag naar geschikte woningen voor deze doelgroep. Conclusie Plan voor 33 kleinschalige appartementen met een maatschappelijk / sociaal kenmerk voorzien duidelijk in een behoefte naar dit type woningen:  Het plangebied ligt binnen bestaand stedelijk gebied, in lijn met de gedachte achter de Ladder.  Het plan voorziet in een groeiende behoefte aan appartementen met een maatschappelijk / sociaal kenmerk in Nunspeet.

3.2

Provinciaal beleid

3.2.1

Omgevingsvisie gaaf Gelderland

Op 19 december 2018 is de Omgevingsvisie gaaf Gelderland vastgesteld en op 1 maart inwerking getreden. De provincie wil Gelderland in de toekomst ‘gaaf’ houden, en vindt dat we daar nu wat voor moeten doen. De provincie staat voor stevige uitdagingen. De wereld verandert ingrijpend en snel. Er zijn grote, grensoverschrijdende ontwikkelingen die ook Gelderland raken. Het energievraagstuk, klimaatverandering, uitputting van grondstoffen, kwetsbare biodiversiteit, verdere verstedelijking in combinatie met krimp, toenemende mobiliteit op de weg en in de lucht, digitalisering, internationalisering. Een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland staat daarbij centraal. Dat is het streven. Dat is waar de provincie aan willen werken. Dit doen wij door bij de uitoefening van onze taken de focus te leggen op een duurzaam, verbonden en economisch krachtig Gelderland. Met behulp van zeven ambities geeft de provincie hier richting aan. 1.

Energietransitie: van fossiel naar duurzaam

Ambitie:  In 2050 is Gelderland klimaatneutraal. Dit bereiken we door grootschalige besparing en opwekking uit verschillende duurzame bronnen van energie, zoals wind, zon, waterkracht, biomassa en bodemenergie. En we stimuleren innovatie en het uitrollen van bewezen technieken.

18

RO Elspeterweg 12 Nunspeet  Als tussendoel realiseren we in 2030 55% broeikasgasreductie in Gelderland. 2. Klimaatadaptatie: omgaan met veranderend weer Ambitie:  In 2050 is Gelderland klimaatbestendig. We zijn goed voorbereid en toegerust op de gevolgen van klimaatverandering: wateroverlast, droogte, hittestress en overstromingsgevaar.  In 2020 hebben we samen met partners de risico’s en kansen van het veranderend klimaat in beeld gebracht en strategieën opgesteld die leidraad zijn voor ons handelen. 3. Circulaire economie: sluiten van kringlopen Ambitie:  Wij willen de eerste afvalloze provincie van Nederland zijn. Afval bestaat niet meer; er zijn alleen nog grondstoffen die blijvend hun waarde behouden in onze schone industrie.  Om dit te bereiken is in 2030 het gebruik van primaire grondstoffen in Gelderland met 50% teruggebracht. 4. Biodiversiteit: werken met de natuur Ambitie:  In 2050 gaat het goed met de biodiversiteit in Gelderland. In Gelderland wordt natuur-inclusief gewerkt. Biodiversiteit wordt overal waar mogelijk versterkt en ingepast, óók buiten de specifiek als natuur aangewezen gebieden.  In 2030 is 75% van de Europese doelen van de vogel- en habitatrichtlijn behaald. 5.

Bereikbaarheid: duurzaam verbonden Ambitie:  In 2050 is de groei van de mobiliteit op een slimme manier opgevangen en verplaatsen mensen in Gelderland zich veilig, snel, betaalbaar en klimaatneutraal. Snel en veilig internet fungeert daarbij als alternatief voor fysieke verplaatsingen.  In 2050 is het netwerk voor goederenvervoer in Gelderland toegankelijk, duurzaam en klimaatneutraal.  In 2030 is al ons busvervoer zonder uitstoot en is 35% van het totaal aantal verplaatsingen met de fiets. 6. Vestigingsklimaat: Een krachtige, duurzame topregio! Ambitie:  Wij willen onze concurrerende positie binnen het internationale stedelijke netwerk van Amsterdam, Brussel en Keulen verder versterken. Om onderscheidend te blijven, halen we in 2050 maximaal profijt uit onze unieke combinatie van stedelijke en groene kwaliteiten.  In 2050 zijn alle werklocaties in Gelderland duurzaam ingericht qua energie, klimaatbestendigheid en logistieke en productiestromen. We zijn koploper in Nederland. 7. Woon- en leefomgeving: dynamisch, divers, duurzaam Ambitie:  Gelderland heeft een aanbod aan woningtypen en woonmilieus passend bij de diversiteit aan woningvraag; voor ieder een passende, duurzame woning. We benutten de bestaande bebouwde omgeving optimaal met voldoende ruimte voor klimaatadaptieve maatregelen.  Alle nieuwbouw wordt aardgasloos aangelegd en zoveel mogelijk circulair gebouwd.

In 2035 zijn alle (bestaande) wijken van het aardgas.  Woningen in Gelderland zijn in 2050 klimaatneutraal. Een visie met werking: vier Gelderse DOE principes De provincie wil ontwikkelingen stimuleren, ruimte maken voor nieuwe technologieën en werkgelegenheid, kansen pakken op het terrein van duurzaamheid, economische kracht en verbondenheid. Niet zomaar en overal, maar met oog voor de veiligheid en de kwaliteiten die Gelderland uniek maken. Doe-principes in het kort:  Doen: We kijken breed met focus en zoeken actief ruimte

19

RO Elspeterweg 12 Nunspeet   

Laten: We stimuleren niets buiten onze visie Zelf: We nemen zelf verantwoordelijkheid en geven het goede voorbeeld Samen: We doen het samen en met oog voor innovatie

Wat blijft de provincie doen Een vijftal wettelijk verplichte planfiguren voor het provinciaal beleid voor de leefomgeving gaat sinds 2014 op in de Omgevingsvisie. Dit gaat over planfiguren voor ruimte, natuur, water, milieu en verkeer en vervoer. Vanuit de Omgevingsvisie 2014 vinden wij de volgende zaken van belang. Deze continueren we. In verband met de planfiguren zijn sinds de omgevingsvisie 2014 gebieden en functies aangewezen, die blijven voortbestaan onder deze omgevingsvisie. Dit gaat om de aanwijzing van functies van regionale oppervlaktewateren, van gebieden waar milieukwaliteit bijzondere bescherming behoeft, van Natura-2000 gebieden en van bijzondere natuurgebieden. Andere kaarten en functiebeschrijvingen uit de visie 2014 hebben een uitvoerend of informerend karakter en worden daarom overgeheveld naar programma’s of andere beleidsdocumenten. Ruimtelijk beleid Al sinds 2014 is de ruimtelijke ontwikkeling van Gelderland een maatschappelijke opgave met verantwoordelijkheden voor overheden, organisaties en partners. De provincie draagt op een toekomstbestendige manier bij, met beleid dat een duurzame economische structuur in de provincie en regio’s versterkt en dat richting geeft aan de vestigingsmogelijkheden en milieugebruiksruimte voor bedrijven. Het provinciaal belang is gelegen in het vergroten van de ruimtelijke kwaliteit.

Onze klimaatbestendigheid wordt vergroot, de mogelijkheden om zonne- en windenergie op te wekken zijn in kaart gebracht (zie themakaart) en onze natuur- en landschappelijke kwaliteit blijft behouden. De provincie zet zich in voor vitale steden en dorpen en voor een duurzame verstedelijking, gericht op versterking van de stedelijke netwerken, gecombineerd met aandacht voor de vitaliteit van kleine kernen en dorpen. De kwalitatieve regionale opgave voor wonen is van provinciaal belang, net als het belang dat bij locaties met een bovenlokaal ontwikkelpotentieel die potenties benut worden. Het beleid voorziet in provinciale kaders voor het terugdringen van leegstand en overcapaciteit in gemeentelijke plannen en voor zorgvuldige locatie-afwegingen op regionaal niveau, waarbij de ladder voor duurzame verstedelijking wordt ingezet. Voor wonen en werken geldt een regionale aanpak die gericht is op een gezonde en veilige woonomgeving, waarin mensen zich met elkaar verbonden voelen en die goed bereikbaar is en goede voorzieningen heeft. Voor ontwikkelingen in de niet grondgeboden landbouw hanteert de provincie het ‘plussenbeleid’. Daarmee geeft de provincie veehouders de ruimte om hun bedrijf te ontwikkelen, maar onder voorwaarden. Bij ruimtelijke ontwikkelingen en bij het beheer van terreinen wil de provincie dat aandacht wordt besteed aan onder andere het risico op natuurbranden.

Waterbeleid De hoofdzaken van het provinciaal beleid voor water zijn gericht op een veerkrachtig en duurzaam water- en bodemsysteem. Dit systeem bestaat uit bodem en ondergrond, grondwater en oppervlaktewater en is duurzaam als het ook in de toekomst kan blijven functioneren en in stand kan worden gehouden tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten. De provincie onderschrijft de ambitie van de Europese Kaderrichtlijn Water dat uiterlijk in 2027 het grond- en oppervlaktewater in Europa schoon en ecologisch gezond moet zijn en dat er voldoende water is voor duurzaam gebruik en voert deze uit. De beschermde gebieden voor grondwater, waterberging, de Kaderrichtlijn Water en Natura 2000 zijn leidend bij de uitwerking van dit beleid in programma’s of in kaders in de verordening. Er worden condities gesteld voor effectief en zuinig gebruik van drinkwater, speciale waterecologie (Hoogst Ecologisch Niveau wateren en Specifiek Ecologische Doelstelling wateren), (grond)waterafhankelijke landnatuur plus de beschermingszones natte landnatuur en grondwateronttrekkingen voor drinkwater en industrie, groter dan 150.000 m 3/jaar. De provincie stelt via uitvoerend beleid de doelen voor de regionale wateren voor de Kaderrichtlijn Water vast en geeft daarbij ook invulling aan de voorzieningenniveaus.

Met de Gelderse waterschappen en de landbouw geeft de provincie invulling aan het vasthouden van water in de bodem, het grondwater en de haarvaten van het watersysteem. Bescherming tegen overstromingen vindt primair plaats op basis van preventie, waar nodig aangevuld met maatregelen in de ruimtelijke ordening en evacuatie. Deze bescherming gebeurt bij voorkeur in combinatie met het ontwikkelen en versterken van karakteristieke riviernatuur in Natura 2000-gebieden.

20

RO Elspeterweg 12 Nunspeet Milieubeleid Een gezonde en veilige leefomgeving is de hoofdzaak van het milieubeleid. Dit vraagt om provinciaal beleid dat zorgt voor goede milieukwaliteit en veilige ruimtelijke keuzes. Gezondheidsschade, onacceptabele risico's en onaanvaardbare geur- en geluidhinder moeten worden voorkomen. Er wordt voldaan aan milieukwaliteitseisen. Spoedeisende bodemverontreiniging wordt gesaneerd. Ook is het van belang om op toekomstige ontwikkelingen te anticiperen, met name vanwege de energietransitie en klimaatverandering. Vooral in het stedelijk gebied kunnen de gevolgen hiervan van invloed zijn op de gezondheid. De provincie streeft naar een op gezondheid gericht benadering van de kwaliteit van de leefomgeving en het milieu. Natuur- en landschapsbeleid De provincie spant zich in voor een compact en hoogwaardig stelsel van onderling verbonden natuurgebieden en behoud en versterking van de kwaliteit van het landschap. Het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en de Groene Ontwikkelingszone (GO) worden beschermd tegen aantasting van de kernkwaliteiten: dat zijn de natuurwaarden, de potentiële waarden en de omgevingscondities. Het GNN is een samenhangend netwerk van bestaande en te ontwikkelen natuur van internationaal, nationaal en provinciaal belang.

Het uitgangspunt is dat in het GNN geen nieuwe initiatieven plaatsvinden, behalve ontwikkelingen van een groot algemeen of provinciaal belang of waarvoor geen alternatieven bestaan. In de GO is ruimte voor economische ontwikkeling in combinatie met een (substantiële) versterking van de samenhang tussen aangrenzende en inliggende natuurgebieden. De ecologische verbindingszones maken deel uit van de GO, evenals de weidevogelgebieden en de rustgebieden voor winterganzen. De provincie treft maatregelen vanwege de bescherming, de instandhouding of het herstel van biotopen, leefgebieden, een gunstige staat van instandhouding en het Natuurnetwerk Nederland. De provincie beschermt de achttien Natura2000 gebieden die in het GNN liggen. Verder richt het beleid zich op behoud van de basiskwaliteit van landschappen in Gelderland. Voor de landschappen van bovenregionale waarde geldt een beschermingsregiem met kernkwaliteiten en met een juridisch vangnet in de verordening, zodat de provincie in gesprek kan komen indien het provinciaal belang in het geding raakt. Verkeers- en vervoerbeleid De provincie streeft naar een veilige, betrouwbare en duurzame mobiliteit, als hoofdzaak van het verkeers- en vervoersbeleid.

Dit wordt benaderd als een systeem waarin verschillende mobiliteitsnetwerken op elkaar inwerken, ook over provinciegrenzen heen, ter ondersteuning van een sterke economie, welvaart en welzijn. Hierbij houden wij rekening met de kwaliteit van de leefomgeving, de doorstroming binnen elk netwerk en verkeersveiligheid. De provincie heeft specifiek aandacht voor de wisselwerking en knooppunten in het systeem en gaat uit van drie principes: voorkomen, benutten en bouwen. Dit gebeurt op basis van een meerjaren-investeringsagenda en met een regionale aanpak. Via die aanpak wordt het provinciaal beleid afgestemd op het beleid van het rijk en de gemeenten. Het beleid richt zich ook op een goede regionale ontsluiting over water en ontwikkelingen van de luchtvaart. 3.2.2

Omgevingsvisie en omgevingsverordening Gelderland

3.2.2.1 Omgevingsvisie Gelderland Op 9 juli 2014 hebben Provinciale Staten de Omgevingsvisie Gelderland vastgesteld. De Omgevingsvisie Gelderland (2014) vervangt het Streekplan en enkele andere structuurvisies. Nadien is de Omgevingsvisie meerdere malen geactualiseerd en recentelijk op 22 september 2020 vastgesteld (ook wel genoemd Actualisatieplan 7). Deze visie richt zich formeel op de komende tien jaar, maar kijkt ook naar de langere termijn. Veel maatschappelijke vraagstukken zijn zo complex dat alleen een gezamenlijke inzet succesvol kan zijn. In de omgevingsvisie worden de opgaven voor Gelderland daarom in nauwe samenwerking met partners uitgedacht. Daarbij kijken de provincie en partners vanuit een integraal en internationaal perspectief naar Gelderland. Met deze bestuurlijke strategie kunnen voor Gelderland toekomstbestendige keuzes gemaakt worden. De provincie heeft in de Omgevingsvisie twee doelen gedefinieerd. Het zijn doelen die de rol en kerntaken van de provincie als middenbestuur benadrukken:

21

RO Elspeterweg 12 Nunspeet 1.

Een duurzame economische structuurversterking.

2.

Het borgen van de kwaliteit en veiligheid van onze leefomgeving.

Om deze doelen in beleid te vertalen, hanteert de provincie drie aandachtsgebieden: Dynamisch, Mooi en Divers Gelderland. Ontwikkelingen in Gelderland wil de provincie benaderen vanuit elk van deze drie perspectieven, die elkaar aanvullen: Dynamisch: de (ruimtelijk-economische) ontwikkelingen en de geleiding daarvan op provinciaal niveau. Mooi: de Gelderse kwaliteiten die bescherming nodig hebben en ruimte voor behoud door ontwikkeling. Divers: het herkennen van de regionale verschillen in maatschappelijke vraagstukken en opgaven en het koesteren van de regionale identiteiten. Het plan wordt niet als zodanig beschreven in de Omgevingsvisie. Dit laat onverlet dat gekeken moet worden naar de ruimtelijke, landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten van het plangebied en de gevolgen hiervoor vanwege het plan. 3.2.2.2 Omgevingsverordening Gelderland De provincie beschikt over verschillende instrumenten waarmee zij haar ambities realiseert. De omgevingsverordening wordt ingezet voor die onderwerpen waarvoor de provincie eraan hecht dat de doorwerking van het beleid van de Omgevingsvisie juridisch gewaarborgd is. De verordening voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is daarmee dus beleidsneutraal.

De inzet van de verordening als juridisch instrument om de doorwerking van het provinciaal beleid af te dwingen is beperkt tot die onderdelen van het beleid waarvoor de inzet van algemene regels noodzakelijk is om provinciale belangen veilig te stellen of om uitvoering te geven aan wettelijke verplichtingen. De Omgevingsverordening richt zich net zo breed als de Omgevingsvisie op de fysieke leefomgeving in de Provincie Gelderland. Dit betekent dat vrijwel alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. Het gaat hierbij om regels op het gebied van ruimtelijke ordening, milieu, water, mobiliteit en bodem. De verwachting is dat de Omgevingsverordening op termijn alle regels zal gaan bevatten die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving. Voor de planontwikkeling is het thema Wonen van belang. Wonen In artikel 2.2.1.1 (Wonen) is bepaald dat in een bestemmingsplan nieuwe woonlocaties en de daar te bouwen woningen slechts worden toegestaan wanneer dit past in het Kwalitatief Woonprogramma voor de betreffende regio en het Regionaal Programma Wonen. Het gaat om alle nieuwe woningen die in een bestemmingsplan worden opgenomen, dus ook woningen die ontstaan door woningsplitsing, vrijkomende agrarische bebouwing etc.

Toetsing Eén van de doelstellingen uit de Omgevingsvisie betreft het borgen van de kwaliteit en veiligheid van de leefomgeving. Daarbij is het van belang om te ontwikkelen met kwaliteit en recht te doen aan de kwaliteiten van het gebied. Onderhavig plan betreft een functiewijziging van de bestemmingen 'Dienstverlening' naar de bestemming 'Wonen', die zorgvuldig is ingepast in de omgeving. De ontwikkeling past daarmee binnen de kaders van de Omgevingsvisie Gelderland. Ook blijkt uit paragraaf 3.1.3 (Ladder duurzame verstedelijking) dat er regionaal een duidelijke behoefte is aan kleinschalige appartementen met een maatschappelijk / sociaal kenmerk. Aangezien. Groene Ontwikkelzone (GO). Het Natuurnetwerk Nederland is in Gelderland verdeeld over het Gelders natuurnetwerk (GNN) en de Groene Ontwikkelzone (GO). Op het GNN of de GO treden alleen onderstaande effecten op: •

22

Per saldo gaat maximaal 69 m2 van de GO verloren onder de nieuwbouw. Daarvoor geldt compensatieplicht.

RO Elspeterweg 12 Nunspeet Vanuit de bescherming van de GO wordt een groter aandeel herplant geëist dan vanuit de bescherming van houtopstanden (H4 Wet natuurbescherming). In totaal moet (69 m2 x 1,66 compensatiefactor) 115 m2 worden gecompenseerd. Aan de noordzijde van het terrein staan een dode boom en braamstruiken Dit deel is circa 120 m2, wat ter compensatie wordt ingericht met 10 beukenbomen omdat deze soort (half)schaduwverdragend is. Hiermee wordt voldaan aan de compensatieplicht.

Overzicht locatie boscompensatie (in overleg met gemeente) 3.2.3

Nationaal Landschap

Het plangebied is gelegen in het Nationaal landschap Veluwe. Het ruimtelijk beleid is er op gericht om de kernkwaliteiten van dit landschap te behouden en waar mogelijk verder te ontwikkelen. Behoud wordt bereikt middels een regel in de Omgevingsverordening die bepaalt dat alleen activiteiten zijn toegestaan die de kernkwaliteiten behouden of versterken. De belangrijkste kernkwaliteiten is hier het gesloten landschap. De bebouwing vindt plaats op bestaand stedelijk gebied. Het nu aanwezige geaccidenteerde terrein moet gehandhaafd blijven. Om die reden zal het plan niet van invloed zijn op genoemde kernkwaliteiten.

3.3

Gemeentelijk beleid

3.3.1

Integrale Toekomstvisie Nunspeet

De gemeente Nunspeet heeft in 2013 de Integrale Toekomstvisie Nunspeet 2030 (ITV) vastgesteld. In de ITV 2030 wordt uitgesproken hoe de gemeente Nunspeet er in 2030 uit zou moeten zien en dat vormt voor de gemeente de koers voor het te ontwikkelen beleid. De gemeente Nunspeet manifesteert zich in de Integrale Toekomstvisie Nunspeet 2030 (ITV) als een gemeente met vele gezichten en met veel kwaliteiten. De belangrijkste daarvan zijn:  prettige woonmilieus met aangenaam dorpskarakter, in een groene omgeving;  goed voorzieningenniveau en de sterke sociale cohesie;  dynamiek, de bedrijvigheid en de werkgelegenheid;  goede externe ontsluiting over weg en spoor;  grote variatie aan landschappen;  natuur en de rust. Het gaat er om de bestaande kwaliteiten te behouden en waar mogelijk te versterken. Vanuit de Integrale Toekomstvisie Nunspeet 2030 (ITV) heeft de gemeente zich ten doel gesteld te blijven streven naar een goede balans tussen dynamiek en rust, tussen wonen, bedrijvigheid en infrastructuur enerzijds en natuur en landschap anderzijds. Daarnaast maken autonome en economische ontwikkelingen en maatschappelijke trends het noodzakelijk om mee te bewegen en te

23

RO Elspeterweg 12 Nunspeet blijven werken aan kwaliteit en leefbaarheid, zodat in 2030 Nunspeet nog altijd de vitale gemeente is die ze nu is. De ambitie is om door middel van nieuwbouw, herstructurering, transformatie bestaande bebouwing en stedelijke vernieuwing voldoende mogelijkheden te bieden voor de doelgroepen om hun specifieke woonstappen te kunnen doorlopen. De doelgroepen zijn jongeren, starters, ouderen en gezinnen (in de genoemde volgorde). Verder moet uitbreiding, inbreiding, verdichting en herstructurering bijdragen aan het behoud en waar mogelijk versterking van waardevolle stedenbouwkundige en landschappelijke kenmerken van de kernen. Conclusie: Het realiseren van de nieuwe woningen. middels herbestemming van de bestaande situatie, past binnen het beleid van de gemeente. 3.3.2

Welstandsnota

Op 9 december 2015 heeft de gemeenteraad van Nunspeet de nieuwe Welstandsnota gemeente Nunspeet vastgesteld om transparant welstandsbeleid te kunnen voeren. Het welstandsbeleid is bedoeld om te zorgen dat bij bouwen en verbouwen de omgeving niet visueel wordt aangetast. De nota staat vol inspirerende voorbeelden, kaartmateriaal en gebiedsbeschrijvingen. Om mensen die een vergunning aanvragen te ondersteunen bij het indienen van een kwalitatief goed plan, zijn proces en inhoud van de welstandsbeoordeling duidelijk beschreven. Het gemeentelijk grondgebied is onderverdeeld in een aantal deelgebieden. Voor elk van deze gebieden dient bij de toetsing de bijbehorende gebiedsbeschrijving betrokken te worden. Het plangebied is gelegen in deelgebied: Landgoederen. Gebiedsgerichte toetsing bouwwerken De welstandstoets van alle bouwwerken, met uitzondering van een aantal kleine bouwwerken, richt zich op een zorgvuldige vormgeving van bouwwerken in hun context. Bij de toetsing van deze bouwwerken zullen daarom de welstandscriteria in samenhang met de beschrijving van de gebiedskarakteristiek gehanteerd worden. Voor dit plan geldt gebiedskarakteristiek: Buitengebied Veluwe, deelgebied spoorzone.

Beschrijving bestaande situatie De spoorzone bestaat uit de strook tussen de spoorlijn (spoorweg Amersfoort-Zwolle) en de A28 (Rijksweg Amersfoort-Zwolle) en wordt aan de westzijde doorsneden door de N310 (Elspeterweg) en aan de oostzijde door de N795 (Eperweg). Dit gebied, dat onderdeel uitmaakt van de Veluwse bossen, wordt gekenmerkt door de veelheid aan functies in grootschalige bebouwing. Direct ten zuiden van de kern is het Veluwetransferium gebouwd, bedoeld als poort naar de Veluwe voor bezoekers van buiten de gemeente. Naast parkeerfaciliteiten bevinden zich hier een informatiecentrum en een uitkijktoren. In het plangebied bevinden zich meerdere horecabedrijven, recreatiebedrijven en congrescentra. Aan de westzijde van de N310 (de weg naar Elspeet) zijn diverse functies gelegen, waaronder horecagelegenheden, kantoren, een tankstation, onderwijsvoorzieningen en een enkele woning. In het midden van het plangebied ligt een bungalowpark. Ten oosten hiervan liggen, verspreid in het bos, een aantal horecavoorzieningen en een aantal bedrijven en enkele woningen. Ook zijn er meerdere zorginstellingen gevestigd (onder andere verslavingszorg en dagbesteding). Aan de noordoostkant, tegen de kern Nunspeet ligt een 27-holes golfbaan en een recreatieplas. Aan de westzijde van het gebied bevindt zich een motorcrossterrein in het Hendriksbosch.

24

RO Elspeterweg 12 Nunspeet

Topografie

Toestniveau Met de welstandsnota wil de gemeente een gerichter welstandstoezicht uitoefenen: een uitgebreidere welstandstoets vindt alleen nog plaats in de beeldbepalende gebieden van Nunspeet en voor de markante gebouwen van de gemeente. Voor het overgrote deel van het gemeentelijk grondgebied volstaat een beperkte welstandstoets of is geen toets vooraf nodig. Voor het plangebied geldt de uitgebreide toets. De gebieden met een uitgebreide welstandsniveau zijn gebieden die op het niveau van de gemeente bepalend zijn voor de identiteit, beleving en waardering van Nunspeet: de beeldbepalende gebieden. Sturing op welstand heeft hier een maximaal effect op verbetering van het beeld van de gemeente als geheel. Daarnaast zijn monumenten en karakteristieke bouwwerken in de hele gemeente, dus ook buiten de beeldbepalende gebieden, voorzien van een uitgebreide toets.

25

RO Elspeterweg 12 Nunspeet De bepalende gebieden zijn bepaald aan de hand van de ruimtelijke karakteristiek van de gemeente. Op grond hiervan zijn als beeldbepalende gebieden aangewezen: het centrum van Nunspeet, de oude linten van Elspeet, Vierhouten en Hulshorst. Daarnaast vallen onder de beeldbepalende gebieden, gebieden met een monumentale waarde zoals de landgoederen en buitenplaatsen. De beeldbepalende gebieden hebben deels al een hoge kwaliteit, zoals de oude centra en linten. Maar deels bestaat de wens de kwaliteit te verbeteren. De hoofdwegen van Nunspeet zijn hiervan een goed voorbeeld. De uitgebreide toets wordt uitgevoerd door deskundigen op het gebied van vormgeving en ontwerp. Getoetst wordt aan criteria betreffende: 1. Relatie tussen vorm, gebruik en constructie. 2. Relatie tussen bouwwerk en omgeving. 3. Betekenissen van vormen in de sociaal-culturele context. 4. Evenwicht tussen helderheid en complexiteit. 5. Schaal en maatverhoudingen. 6. Materiaal, textuur, kleur en licht. Stedenbouwkundige kenmerken Van oorsprong maakte het gebied onderdeel uit van woeste gronden die pas laat (na 1900) ontgonnen zijn. De Elspeterweg en Eperweg zijn ouder en doorsneden deze woeste gronden. Nunspeet was rond 1900 al een dorp waar het aantrekkelijk was om te wonen en te verblijven.

De ruimte, rust, louterende natuur en gezonde bos- en zeelucht rond Nunspeet trokken ook allerlei instellingen, die zich richtten op de verpleging en verzorging van langdurig zieken en ouden van dagen. Deze grote complexen bepalen voor een deel de stedenbouwkundige structuur. Door de ligging in de bossen is er sprake van een besloten beeld. Veel gebouwen zijn aan het oog onttrokken en zijn nauwelijks vanaf de doorgaande wegen te zien. Op enkele plekken zijn landgoedachtige structuren aanwezig. Verder wordt het beeld bepaald door grote landschapselementen als de crossbaan, de golfbaan en de Zandenplas. Kenmerken van de bebouwing De bebouwing is voornamelijk beperkt tot de gebieden nabij de kernen. Een u uitzondering zijn de Koloniën, die samen met de boerderijen, de houtwallen en de erfbeplanting een karakteristiek ensemble in het landschap vormen. De boerderijen zijn bescheiden van omvang en oorspronkelijk van het hallenhuistype. In de latere ontwikkeling is een scheiding ontstaan tussen woning en het bedrijfsgedeelte. De oorspronkelijke boerderij werd toen geheel in gebruik genomen als woning en de stallen werden naast of achter de woning gebouwd. De stallen werden groter en hoger als gevolg van de intensieve veehouderij. Onderhavig plan is besproken met de dorpsbouwmeester en de monumentencommsissie en zij hebben een positief advies gegeven. 3.3.3

Woonvisie

De woonvisie "Goed wonen in de gemeente Nunspeet" is vastgesteld op 20 februari 2020. De nieuwe woonvisie beschrijft drie ambities: Betaalbare en passende woningen voor de lokale behoefte Een duurzaam huis Zorgzame en inclusieve wijken Het gemeentebestuur wil dat alle inwoners van de gemeente Nunspeet zo passend mogelijk wonen, en wil de vier kernen 'in balans' houden. Daarvoor is een uitbreiding van de woningvoorraad met circa 670 woningen nodig in de periode 2020 tot 2025, en tot 2030 in totaal 950 woningen. Voor starters is de grootste urgentie, maar ook het passend wonen voor senioren is een grote opgave. Dit vraagt vooral om meer betaalbare woningen: sociale huur en betaalbare koop. In de periode 2020-2025 wil het gemeentebestuur ten minste 135 sociale huurwoningen toevoegen en een vergelijkbaar aantal betaalbare koopwoningen.

26

RO Elspeterweg 12 Nunspeet De gemeente wil een duurzame woningvoorraad die zich kenmerkt door groen en zuinig energieverbruik, dan wel energieneutraliteit. Tevens wil de gemeente goed wonen voor mensen met een zorgbehoefte mogelijk maken. Doelgroepverordening sociale woningbouw De gemeenteraad van de gemeente Nunspeet heeft in 2012 de Verordening doelgroepen sociale woningbouw vastgesteld. Hierin is vastgelegd welke prijs- en inkomensgrenzen gelden als er sprake is van sociale woningbouw in een bestemmingsplan. Planspecifiek Met voorliggend nieuwbouwplan worden 33 kleinschalige appartementen met een maatschappelijk / sociaal kenmerk gebouwd. Het plan draagt bij aan de uitvoering van de woonvisie. Met de ontwikkeling wordt voorzien in goed wonen voor mensen met een zorgbehoefte. 3.3.4

Omgevingsvisie Nunspeet

In de vergadering van 29 november 2018 heeft de Nunspeetse gemeenteraad de Omgevingsvisie vastgesteld. Een document dat op hoofdlijnen de kwaliteit van de fysieke leefomgeving beschrijft. En dan gaat het niet alleen om ruimtelijke aspecten, maar ook ontwikkelingen op het gebied van cultureel erfgoed, energie-infrastructuur, landbouw, landschap, milieu, natuur en water komen in de visie aan de orde. Met de Omgevingsvisie Nunspeet bouwt het gemeentebestuur voort op de Integrale Toekomstvisie Nunspeet 2030 en speelt hiermee ook in op toekomstige wetgeving. In de Nunspeetse Omgevingsvisie gaat het vooral over de volgende thema’s:  leefbare dorpen met een actieve samenleving;  aantrekkelijke omgevingskwaliteit en identiteit;  een vitaal economisch klimaat;  duurzaam, energieneutraal en klimaatbestendig;  bereikbaar, nabij en toegankelijk. De gemeente werkt samen met de gemeente Elburg en Oldebroek (NEO) aan een visie op de ondergrond als basis voor / uitwerking van de Omgevingsvisie: de bodem is immers de drager voor de fysieke leefomgeving. De bodem is voorwaarde stellend en tegelijk ook voorwaardenscheppend, voor het bereiken van verschillende maatschappelijke opgaven en behoeften, zoals op het gebied van energietransitie, klimaatadaptatie, maar bijvoorbeeld ook een aangenaam en gezonde woon- en leefomgeving. Daarnaast herbergt de bodem ook onze historie.

Visie Nunspeet op hoofdlijnen: 1.

Versterken sociaal-economische positionering

Kernpunten:  Behoud en versterken van het aantrekkelijk woon- en onderneemklimaat.  Een rustige uitvalsbasis en woonomgeving voor alle doelgroepen en opleidingsniveaus.  Inzetten op verbeteren kwaliteit woongebieden en van bedrijventerreinen.  Faciliteren van een goed ondernemingsklimaat, vergroten van de diversiteit hierbinnen (kansen voor innovatieve maakindustrie, voedselindustrie, ICT, zakelijke dienstverlening en zorg en recreatie oppakken).  Aantrekkelijk maken voor nieuwe bedrijvigheid voor hoger opgeleiden, versterken relaties tussen onderwijs en bedrijvigheid. 2 Een duurzame ontwikkeling van het (agrarisch) buitengebied Kernpunten:  Versterken van de diversiteit in het buitengebied.  Aanhaken op identiteitsdragers binnen deelgebieden.  Aandacht schenken aan de balans tussen de verschillende functies zo als natuur, recreatie en de agrarische sector.  Faciliteren van initiatieven voor levensvatbare agrarische bedrijven, met name gericht op verbreding en verdieping binnen de sector.

27

RO Elspeterweg 12 Nunspeet 3

Een vitale toeristisch-recreatieve sector bereiken

Kernpunten:  Aandacht voor kwaliteit in plaats van (uitsluitend) kwantiteit.  Verbinden natuurbezoek met centrumvoorzieningen.  Uitnodigen tot en faciliteren van initiatieven gericht op ‘Nunspeet aan zee’, ‘de Poort van de Veluwe’, ‘Oase van rust’ en ‘Nunspeet, hét fietsdorp van de Veluwe’.  Daarnaast het aantrekkelijker, beleefbaarder en toegankelijker maken van het agrarisch landschap voor toerisme. 4 Ruimtelijk inpassen van duurzame energieopwekking Kernpunten:  Maatwerk leveren door een optimale landschappelijke inpassing.  Prioritair stellen van deze maatschappelijk urgente opgave.  Nunspeet profileren als ‘groene gemeente’, in alle opzichten. 5 Ontwikkeling stationsomgeving als levendig knooppunt in Nunspeet Kernpunten:  Een betere aanhaking verkrijgen op het centrum, de recreatiefuncties en de bedrijventerreinen.  Verbeteren van de verkeersveiligheid en verkeersdoorstroming.  Versterken ruimtelijke verblijfskwaliteit.  Een duidelijkere relatie verkrijgen met de Veluwe en het transferium.  Verminderen van de belasting voor woon-, leef- en onderneemklimaat. 6 Gebiedsgericht milieu- en gezondheidsbeleid initiëren en accommoderen Kernpunten:  Integraal verweven van gezondheid en milieuaspecten in alle gemeentelijke thema’s.  Gebiedsgerichte streefbeelden als uitgangspunt voor beheer en ontwikkeling hanteren, benoemen van acties op basis daarvan.

7 Behouden en versterken van de rijke cultuurhistorie van Nunspeet

Kernpunten:  Aandacht voor de ontstaansgeschiedenis van Nunspeet en de zichtbaarheid in het landschap.  Behouden en versterken van de rijke cultuurhistorie van Nunspeet.  Cultuurhistorische elementen als belangrijke basis bij ontwikkelingen. De Omgevingsvisie heeft een belangrijke rol in het op gang brengen van investeringen die leiden tot kwaliteitsversterking en het dichterbij brengen van ambities. De IDee-kaarten hebben hierin een belangrijke rol. De deelgebieden waarvoor de gemeenten IDee-kaarten hebben opgesteld, zijn afgebakend op basis van de gebiedsindeling op het regionale ‘NEO-niveau’ . Leidend daarvoor zijn de ontstaansgeschiedenis, de geomorfologische samenstelling, het functionele gebruik en de beleving van het gebied. Idee-kaart Kern Nunspeet Ambitie: Nunspeet is en blijft de centrumkern van de gemeente. De gemeente ambieert het minimaal behoud en zo mogelijk versterken van het voorzieningenniveau, zowel commercieel als niet-commercieel. De levendigheid en uitstraling van het centrumgebied vormt een belangrijke toeristisch-recreatieve aan trekkingskracht, welke de gemeente graag verder uitbouwen met de betrokken ondernemers. Op dit moment vormt echter de bereikbaarheid aan de zuidzijde van de kern vanuit het natuurgebied een belangrijk aandachtspunt, welke remmend kan werken op de vitaliteit van Nunspeet.

De komende periode gaat de gemeente daarom met betrokkenen aan de slag met de stationsomgeving. Ook naar de toekomst toe heeft Nunspeet een belangrijke opvangfunctie voor de behoefte aan woningen en locaties voor bedrijvigheid. De gemeente gaat aan de slag met het in beeld brengen van de (on)mogelijkheden voor nieuwe ontwikkelingen gezien de vele waarden in en om de kern Nunspeet.

28

RO Elspeterweg 12 Nunspeet Uitgangspunten kwaliteit:  Veilige, stedenbouwkundig en landschappelijk goed ingepaste spoorkruisingen en een betere verkeersafwikkeling zowel voor snel als langzaam verkeer.  Aanpak van stationsomgeving (Dorpse karakteristiek herstellen).  Groene structuren versterken en indien mogelijk weer terugbrengen in de kern.  Autoluw centrum, parkeren aan de randen, fietsvriendelijke kern. De realisatie van de 33 kleinschalige appartementen met een maatschappelijk / sociaal kenmerk sluit aan op de Omgevingsvisie.

3.4

Conclusie beleid

Het initiatief dat met dit plan mogelijk wordt gemaakt, sluit aan bij het hiervoor geschetste beleid.

29

RO Elspeterweg 12 Nunspeet

30

RO Elspeterweg 12 Nunspeet

Hoofdstuk 4 4.1

Milieu- en omgevingsaspecten

Inleiding

Ruimtelijke plannen kunnen van invloed zijn op de omgeving. Anderzijds kan ook de zichtbare en soms niet zichtbare omgeving van invloed zijn op de uitvoerbaarheid van de voorgenomen plannen. In dit hoofdstuk worden de omgevingsfactoren beschreven. Daarnaast wordt per omgevingsfactor beoordeeld wat de invloed op het plan kan zijn.

4.2

Bedrijven- en milieuzonering

4.2.1

Algemeen

Nieuwe functies kunnen milieuhinderlijk zijn voor omringende woningen dan wel bedrijven. Er dient een beoordeling plaats te vinden of de nieuwe functie wel milieuhygiënisch inpasbaar is. Er dient daarom beoordeeld te worden of in de omgeving van het plangebied functies voorkomen die gehinderd kunnen worden door onderhavig project of waarvan het project juist hinder ondervindt. De (indicatieve) lijst “Bedrijven en Milieuzonering 2009”, uitgegeven door de Vereniging van Nederlandse gemeenten, geeft weer wat de richtafstanden zijn voor milieubelast ende activiteiten. In deze publicatie worden de indicatieve richtafstanden gegeven voor de vier ruimtelijk relevante milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar. Bij het bepalen van de richtafstanden wordt uitgegaan van de volgende uitgangspunten:  het betreft gemiddeld moderne bedrijfsactiviteiten met gebruikelijke productieprocessen en voorzieningen;  de richtafstanden hebben betrekking op de omgevingstypen ‘rustige woonwijk’ en rustig buitengebied’;  de richtafstanden bieden in beginsel ruimte voor normale groei van de bedrijfsactiviteiten;  bij activiteiten met ruimtelijk duidelijk te onderscheiden deelactiviteiten kunnen deze activiteiten desgewenst als afzonderlijk te zoneren activiteiten worden beschouwd, bijvoorbeeld bij de ligging van de activiteit binnen zones met een verschillende milieucategorie.

Relatie tussen milieucategorie, richtafstanden en omgevingstype

De gegeven richtafstanden zijn in het algemeen richtafstanden en geen harde afstandseisen. Ze moeten daarom gemotiveerd worden toegepast. Dit betekent dat geringe afwijkingen in de lokale situatie mogelijk zijn. 4.2.2

Onderzoek

Ten zuiden van het plangebied bevindt zich een Hotel - restaurant met conferentie oord. Dit bedrijf valt onder milieucategorie 2 (VNG uitgave "Bedrijven en Milieuzonering") .De grootste richtafstand bedraagt 30 meter. Er is hier sprake van een gemengd gebied. Zoals hiervoor reeds vermeld betreft het in het voorliggende geval het gebiedstype 'gemengd gebied' waardoor de richtafstand met één afstandmaat verkleind mag worden. Derhalve kan de grootste richtafstand worden verkleind tot 10 meter.

31

RO Elspeterweg 12 Nunspeet De afstand van deze horeca-bestemming tot aan het appartementencomplex bedraagt ruim 25 meter. De appartementen hebben, vanuit oogpunt van milieuzonering, geen negatieve invloed op de horeca. Omgekeerd wordt de horeca niet belemmerd in zijn bedrijfsvoering. Er zijn dan ook geen belemmeringen voor de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling. De functie 'wonen' is geen milieubelastende activiteit, waardoor omliggende functies niet worden belemmerd in hun bedrijfsvoering. 4.2.3

Conclusie

Het aspect bedrijven en milieuzonering vormt geen belemmering voor onderhavig plan. In de woningen is sprake van een goed woon- en leefklimaat.

4.3

Geluid

4.3.1

Algemeen

De Wet geluidhinder (Wgh) heeft tot doel de mensen te beschermen tegen geluidsoverlast ten gevolge van weg-, spoorweg- of industrielawaai. Op basis van deze wet dient bij het opstellen van het bestemmingsplan dan ook aandacht te worden geschonken aan het aspect "geluid". In de Wet geluidhinder is een zonering van industrieterreinen, wegen en spoorwegen geregeld. Enerzijds betekent dit dat (geluids)eisen worden gesteld aan de milieubelastende functies, anderzijds betekent dit dat beperkingen worden opgelegd aan milieugevoelige functies. De verplichting tot het uitvoeren van een akoestisch onderzoek in relatie tot het opstellen van een bestemmingsplan geldt niet indien in dat bestemmingsplan geen mogelijkheden worden geboden voor het realiseren van nieuwe woningen en andere geluidgevoelige objecten. Aangezien er woningen (geluidgevoelige object) in het plangebied wordt gerealiseerd, dient er akoestisch onderzoek uitgevoerd te worden. Met betrekking tot geluid veroorzaakt door het wegverkeer is in de Wet geluidhinder de verplichting opgenomen tot het verrichten van onderzoek naar de geluidsbelasting op de gevels van (nieuw geprojecteerde) woningen en andere geluidgevoelige objecten. Op grond van artikel 74 van de Wet geluidhinder (Wgh) hoofdstuk VI, afdeling 1 bevindt zich aan weerszijden van een weg een zone.

Als in deze zone geluidgevoelige bebouwing wordt geprojecteerd dan dient akoestisch onderzoek te worden uitgevoerd. De breedte van deze zone is afhankelijk van:  de ligging van de weg in stedelijk of buitenstedelijk gebied;  het aantal rijstroken. In stedelijk gebied worden twee typen wegen onderscheiden, met aan weerszijden van de weg de volgende zonebreedtes:  wegen met een of twee rijstroken: 200 meter;  wegen met drie of meer rijstroken: 350 meter. In buitenstedelijk gebied worden drie typen wegen onderscheiden, met aan weerszijden van de weg de volgende zonebreedtes:  wegen met een of twee rijstroken: 250 meter;  wegen met drie of vier rijstroken: 400 meter;  wegen met vijf of meer rijstroken: 600 meter. De volgende wegen hebben op grond van artikel 74 Wgh geen zone:  wegen gelegen in een als woonerf aangeduid gebied;  wegen met een maximum snelheid van 30 km/uur. 4.3.2 Onderzoek In november 2018 is door van der Boom Advies onderzoek uitgevoerd naar de geluidbelasting op de appartementen door wegverkeer, railverkeer en motorcross.

32

RO Elspeterweg 12 Nunspeet Wegverkeer De geluidbelasting door de Elspeterweg bedraagt ten hoogste 55 dB na aftrek van 5 dB ex art 110-g Wgh. De voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt met 7 dB overschreden. De maximale hogere waarde van 64 dB wordt niet overschreden. Een hogere waarde voor de geluidbelasting door wegverkeer op de Elspeterweg is nodig. Een hogere waarde voor de geluidbelasting door wegverkeer kan slechts worden vastgesteld als maatregelen tot het terugbrengen van de geluidbelasting tot de voorkeursgrenswaarde onvoldoende doeltreffend zijn, of als er ernstige bezwaren zijn op het gebied van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard. Railverkeer De hoogste geluidbelasting door railverkeer op de ontwikkeling bedraagt 55 dB. De voorkeursgrenswaarde van 55 dB wordt daardoor niet overschreden. Een hogere waarde voor railverkeer op deze locatie is niet nodig. Industrielawaai De ontwikkeling ligt binnen de zone van de crossbaan. De hoogste geluidbelasting door industrielawaai vanwege het gezoneerde motorcrossterrein bedraagt 55 dB(A). Een hogere waarde voor industrielawaai op deze locatie is nodig. Aangehouden is een geluidbelasting van 55 dB(A) op de west- noord- en oostgevels. De van de crossbaan afgekeerde oostgevels zijn geluidluw. Cumulatief De voorkeursgrenswaarde wordt overschreden voor wegverkeer en voor de crossbaan.

De voorkeursgrenswaarde wordt in 3 rekenpunten (1, 2 en 3) voor beide bronnen overschreden. In de andere rekenpunten wordt de voorkeursgrenswaarde door ten hoogste 1 bron overschreden. Voor deze rekenpunten is geen gecumuleerde geluidbelasting bepaald. Tabel VI.1 geeft de berekende invallende geluidbelasting Lden ten gevolge van railverkeer.

De gecumuleerde geluidbelasting Lcum ligt 2 – 4 dB boven de geluidbelasting door wegverkeer. De hoogte van de resulterende Lcum ligt (na aftrek van 5 dB) ruim beneden de maximale geluidbelasting door wegverkeer. Maatregelen wegverkeer 1.

Maatregelen aan de bron: stil asfalt

Deze maatregel is niet toereikend omdat de voorkeursgrenswaarde van 48 dB na het treffen van de maatregel nog met 3 dB wordt overschreden. 2.

Maatregelen aan de bron: verlagen van de maximumsnelheid

De maximumsnelheid op de Elspeterweg bedraagt 50 km/uur. Het verder terugbrengen van de verkeerssnelheid ligt niet voor de hand gezien het karakter van de weg.

33

RO Elspeterweg 12 Nunspeet 3,

Vergroten van de afstand tot de bron

De hoogste geluidbelastingen treden op op de gevels van de bestaande villa. Er zijn derhalve geen mogelijkheden om de geluidbelasting naar beneden te brengen door het vergroten van het afstand van de geluidgevoelige bestemming tot de bron. 4.

Afscherming van de woningen: geluidscherm

Het afschermen van de woningen op de locatie binnen de bebouwde kom is in stedenbouwkundig opzicht ongewenst. Bovendien dient de afscherming onderbroken te worden voor de toegangsweg tot de woningen waardoor de afscherming wordt verminderd. Maatregelen industrielawaai 1.

Maatregelen aan de bron

Er zijn geen mogelijkheden om de geluidbelasting op de bestemming terug te brengen door maatregelen aan de bron. Ook het vergroten van de afstand tot buiten de zone is niet mogelijk. 2.

Maatregelen in de overdracht

De geluidbelasting van het motorcrossterrein op het project kan worden teruggebracht door het plaatsen van een verdiepinghoge afscherming op het eigen terrein van de inrichting. Het plaatsen van een dergelijke afscherming op deze locatie is landschappelijk ongewenst en financieel niet haalbaar.

Hogere waarden Het verlagen van de geluidbelasting door het treffen van maatregelen aan de bron of in de overdracht is onvoldoende doeltreffend dan wel financieel, stedenbouwkundig of landschappelijk niet haalbaar. Voor de gevels van de woningen dient een hogere waarde te worden aangevraagd van 49 - 55 dB voor geluid door wegverkeer op de Elspeterweg conform. Omdat voor het perceel Elspeterweg 12 geen vigerende hogere waarde voor industrielawaai bestaat, dient een hogere waarde van 55 dB(A) te worden aangevraagd voor industrielawaai van het motorcrossterrein. Toetsing RO Bij het toetsen of sprake is van een “goede ruimtelijke ordening” is aangesloten bij het toetsingskader van de Wgh en van het geluidbeleid van de gemeente. Aan dit toetsingskader kan worden voldaan met de hierboven beschreven maatregelen. De geluidbelasting door wegverkeer bedraagt ten hoogste 60 dB. Voor het aspect geluid sprake zijn van een goede ruimtelijke ordening als voor de woningen wordt voldaan aan de eisen voor de geluidwering conform het Bouwbesluit.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9900923/1