AP 9. Bijlagen bij de toelichting Bijlage 8 Onderzoek trillingen
Tekst van het document
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Trillingsonderzoek
Status Versie Rapport Datum
definitief 002 M.2020.0949.03.R001 4 februari 2022
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Colofon Opdrachtgever
Gemeente Nunspeet Postbus 79 8070 AB Nunspeet
Contactpersoon opdrachtgever
de heer R. van der Velden
Project Betreft Uw kenmerk
Herinrichting stationsgebied Nunspeet Onderzoek trillingen -
Rapport Datum Versie Status
M.2020.0949.03.R001 4 februari 2022 002 definitief
Uitgevoerd door
DGMR Industrie, Verkeer en Milieu B.V. Casuariestraat 5 2511 VB Den Haag Postbus 370 2501 CJ Den Haag
Contactpersoon
ing. R.G. (Reinoud) Fennema 088 346 76 33 rfe@dgmr.nl
Auteur
ing. R.G. (Reinoud) Fennema 088 346 76 33 rfe@dgmr.nl
Projectadviseur
ir. M.H.J. (Mark) Bakermans 088 346 78 50 bk@dgmr.nl
2e lezer/secr.
JBY|SMI
k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
2
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
Inhoud 1. Inleiding
4
2. Toetsingskader 2.1 Schaderisico (SBR-A) 2.2 Trillingshinder wegverkeer (SBR-B) 2.3 Beleidsregel trillingshinder spoor (Bts) 2.4 Trillingshinder aanlegfase (SBR-B)
5 5 5 6 7
3. Onderzoeksaanpak 3.1 Trillingen aanlegfase 3.2 Trillingen wegverkeer 3.3 Trillingen railverkeer
8 8 8 8
4. Trillingsmetingen Stationsplein 4.1 Meetposities 4.2 Meetapparatuur 4.3 Verwerking 4.4 Resultaten
9 9 9 9 10
5. Uitgangspunten prognoses 5.1 Bronsterktes railverkeer 5.2 Bronsterktes wegverkeer 5.3 Trillingsoverdracht bodem 5.4 Trillingsoverdracht gebouw
12 12 12 12 13
6. Prognoses 6.1 Trillingen aanlegfase (bouwwerkzaamheden) 6.2 Trillingen wegverkeer plansituatie 6.3 Trillingen railverkeer plansituatie
15 15 17 18
7. Conclusies
19
Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6
Trillingsmetingen Stationsplein Trillingsprognose bouwwerkzaamheden (intrillen damwanden) Trillingsprognose wegverkeer - plansituatie Trillingsprognose wegverkeer - referentie situatie Trillingsprognose railverkeer - plansituatie Trillingsprognose railverkeer - referentiesituatie
3
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
1. Inleiding In opdracht van de Gemeente Nunspeet heeft DGMR Industrie, Verkeer en Milieu B.V. onderzoek gedaan naar de gevolgen van de herinrichting van het stationsgebied in Nunspeet op trillingen naar de omgeving. Het project voorziet onder andere in het verplaatsen van de bestaande rotonde op het Stationsplein richting de Nijverheidsweg, het verlagen van rijsnelheden op ontsluitingswegen en zijstraten en het scheiden van verkeersstromen van snelverkeer en langzaam verkeer. De bestaande spooroverweg komt te vervallen. Daarvoor in de plaats worden twee onderdoorgangen aangelegd, één voor het snelverkeer op de plaats van de huidige overweg en één voor langzaam verkeer ter plaatse van de perrons van station Nunspeet. Figuur 1 toont de plansituatie volgens de verder uit te werken variant 5.
figuur 1: plansituatie stationsgebied Nunspeet – variant 5 (bron: gemeente Nunspeet, 9 november 2021)
In dit rapport worden de gevolgen van het project qua trillingen naar de omgeving tijdens de aanleg en in de gebruiksfase inzichtelijk gemaakt. k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
4
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
2. Toetsingskader Voor het beoordelen van trillingen op het risico van gebouwschade, hinder voor personen in gebouwen of verstoring van apparatuur/processen, heeft de Stichting Bouwresearch de SBR-richtlijn ‘Trillingen’ uitgegeven. Deze richtlijn bestaat uit drie delen: • SBR-A: Schade aan gebouwen, uitgave 2017; • SBR-B: Hinder voor personen in gebouwen, uitgave 2002; • SBR-C: Storing aan apparatuur, uitgave 2002. De SBR-richtlijn heeft geen wettelijke status, maar heeft mede door jurisprudentie een ruim draagvlak opgebouwd en wordt geïnterpreteerd als de meest recente stand der inzichten. In dit onderzoek wordt deze SBR-richtlijn als toetsingskader aangehouden. 2.1 Schaderisico (SBR-A) De SBR-A geeft per gebouwcategorie grenswaarden voor trillingen, om schade te voorkomen. De richtlijn onderscheidt twee categorieën (voor exacte omschrijving zie de richtlijn): • Categorie 1: gebouwen of onderdelen daarvan bestaande uit gewapend beton of hout; • Categorie 2: gebouwen of onderdelen daarvan bestaande uit metselwerk. In tabel 1 staan de karakteristieke grenswaarden (Vkar) voor beide gebouwcategorieën. tabel 1: karakteristieke grenswaarden Vkar (in mm/s), SBR-A Frequentie [Hz] 5 10 15 20 30 50 100 Hoogste verdieping en onderdelen (wanden/vloeren)
k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
Onderdeel Stijf punt begane grondniveau (fundatie)
Categorie 1 20 20 22,5 25 30 40 50 40
Categorie 2 5 5 6,25 7,5 10 15 20 15
De grenswaarden gelden voor de topwaarde van de trilsnelheid Vtop op constructief stijve punten (fundatie) en nemen met oplopende frequentie toe. Voor delen van gebouwen (wanden/vloeren) en de draagconstructie op de hoogste verdieping zijn de grenswaarden constant. De grenswaarden uit tabel 1 zijn te verminderen met een veiligheidsfactor voor het type trilling. Voor herhaald voorkomende trillingen (weg- en railverkeer) is deze factor t = 1.5. Voor oude en monumentale gebouwen (cultuurhistorische waarde) of in slechte staat verkerende gebouwen zijn de grenswaarden verder te verminderen met een factor s = 1.7. Voor zettingsgevoelige gebouwen (veelal fundering op staal) gelden aanvullende (mogelijk strengere) grenswaarden. Of een gebouw zettingsgevoelig is wordt vastgesteld op basis van de woning- en bodemkenmerken en de staat van de woning. De SBR-A bevat hiervoor een checklist. Toelichting
Een overschrijding van de grenswaarde leidt volgens de SBR-A niet onvermijdelijk tot schade. De kans op schade bij trillingssterkten onder de grenswaarde is volgens de SBR-A minder dan 1%. Bij onderzoek naar het (causaal) verband tussen trillingen en schade moeten ook andere oorzaken in beschouwing genomen worden, zoals bijvoorbeeld zettingen. 2.2 Trillingshinder wegverkeer (SBR-B) De SBR-richtlijn Trillingen deel B ‘Hinder voor personen’ (SBR-B) geeft streefwaarden voor herhaald voorkomende trillingen gedurende lange tijd (weg- en railverkeer). De SBR-B maakt onderscheid in nieuwe, bestaande en gewijzigde situaties. Een nieuwe situaties is onder andere de 5
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
bouw van een woning, de aanleg van een (spoor)weg of de aanleg van een verkeersdrempel of -plateau. In een gewijzigde situatie waren voordien ook al trillingen aan de orde, maar kan dit door de wijziging veranderen. Het uitgangspunt bij wijzigingen is dat trillingen bij voorkeur voldoen aan het toetsingskader voor nieuwe situaties, minimaal voldoen aan het kader voor bestaande situaties en daartussen niet toenemen. Voor bestaande situaties zijn de streefwaarden voor de maximale trillingssterkte Vmax en de gemiddelde trillingssterkte Vper weergegeven in tabel 2. Daarin is onderscheid naar dag-, avond- en nachtperiode. Of Vmax (A2) of Vper (A3) maatgevend is hangt af van de verkeersintensiteit. Voor nieuwe situaties zijn de streefwaarden een factor 2 strenger dan weergegeven in tabel 2. tabel 2: streefwaarden voor trillingen ter voorkoming van hinder – bestaande situaties Wonen Onderwijs en kantoor A1 = A3 =
A1 0,2 0,3
Dag en avond A2 0,8 1,2
A3 0,1 0,15
A1 0,2 0,3
Nacht A2 0,4 1,2
A3 0,1 0,15
Onderste streefwaarde voor de trillingssterkte Vmax; A2 = bovenste streefwaarde voor de trillingssterkte Vmax. Streefwaarde voor de gemiddeld effectieve waarde over de beoordelingsperiode Vper, indien A1 < Vmax < A2.
Qua voelbaarheid van trillingen kan de volgende kwalificatie aangehouden worden: • Vmax 0,1 : juist voelbaar • Vmax 0,4 : goed voelbaar • Vmax 1,6 : sterk voelbaar 2.3 Beleidsregel trillingshinder spoor (Bts) Bij tracébesluit procedures wordt trillingshinder door railverkeer beoordeeld aan de hand van de Beleidsregel trillingshinder spoor (Bts) en daaraan verbonden meet- en verwerkingsprocedure LA.131001a (versie 13 april 2018). Voor de aanleg van de onderdoorgangen wordt géén tracéwet procedure doorlopen. Evenwel is het gebruikelijk om eventuele trillingen bij spoorwijzigingen te toetsen aan de Bts. Situaties waarin er al een spoorlijn was worden in de Bts aangemerkt als bestaande situatie. Hiervoor gelden de in tabel 3 gegeven streef- en grenswaarden. In afwijking van de SBR-B gelden de A2 en A3 in de Bts niet als streefwaarden maar als grenswaarden. tabel 3: streef- en grenswaarden trillingen – bestaande situaties (tracébesluit) Wonen en zorg Onderwijs, kantoor, bijeenkomst
A1 0,2 0,3
Dag en avond A2 A3 0,8 0,1 1,2 0,15
A1 0,2 0,3
Nacht A2 0,4 1,2
A3 0,1 0,15
A1 = streefwaarde Vmax; A2 = grenswaarde Vmax; A3 = grenswaarde Vper
6
k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
De Bts ziet toe op de trillingstoename Vmax in de plansituatie en de trillingssterkte Vper. Er geldt: • Als de Vmax in de plansituatie minder dan 30% toeneemt ten opzichte van de referentiesituatie én de trillingssterkte Vper voldoet aan de in tabel 3 opgenomen grenswaarde A3, dan kunnen maatregelen achterwege blijven. • Als de toename Vmax groter is dan 30%, worden maatregelen genomen die de toename reduceren tot 30% of zoveel meer als nodig is om te voldoen aan de grenswaarde A2 uit tabel 3. • Als de Vper groter is dan de in tabel 3 opgenomen grenswaarde A3, worden maatregelen genomen die ertoe leiden dat de Vper wordt teruggebracht tot de grenswaarde A3 óf tot de V per in de referentiesituatie, als deze groter was dan de grenswaarde. Trillingen in de plansituatie waarbij er in de referentiesituatie al sprake was van bestaand spoor, voldoen dus als de toename Vmax kleiner is dan 30% en de Vper kleiner is dan de grenswaarde A3, dan wel niet is toegenomen.
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
2.4 Trillingshinder aanlegfase (SBR-B) De SBR-B geeft voor trillingen gedurende beperkte tijd, zoals bouw- en sloopwerkzaamheden, hogere streefwaarden. Daarbij wordt er geen onderscheid gemaakt tussen woon- en kantoorgebouwen. De motivatie is dat bij bouwen en slopen enige mate van hinder meestal onontkoombaar is, maar dit vaak valt te accepteren mits onnodige hinder wordt voorkomen en er een goede communicatie is over de werkzaamheden. De richtlijn houdt rekening met de duur van het werk, waarbij de streefwaarden lager worden naarmate de werkzaamheden langer duren. De hogere streefwaarden voor kortdurende werkzaamheden gaan uit van werk in de dagperiode. Voor werk in de avond en nacht, of langer dan 78 dagen, gelden de reguliere streefwaarden voor trillingen gedurende langere tijd, zoals opgenomen in paragraaf 10.5.2 en 10.5.3 van de richtlijn. Als werkzaamheden onontkoombaar buiten de dagperiode uitgevoerd moeten worden en hogere trillingssterkten opwekken dan geldend voor de betreffende periode, dan kan het bevoegd gezag per geval en op basis van maatwerk zo nodig ontheffing verlenen. Voor bouw- en sloopwerkzaamheden zijn de streefwaarden voor de maximale trillingssterkte V max en de gemiddelde trillingssterkte Vper weergegeven in tabel 4. Of de Vmax (A2) of Vper (A3) maatgevend is hangt af van de duur van de werkzaamheden.
Tijdens bouw- en sloopwerk zijn relatief hoge trillingssterkten, tot Vmax = 6 mm/s, in beginsel toelaatbaar, maar wordt de mate van voorkomen (dagdosis) sterk beperkt door het stellen van grenzen aan de gemiddelde trillingssterkte Vper. tabel 4: streefwaarden (dagperiode) continu en herhaald voorkomende trillingen - korte tijd A1 0,8
k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
A1 = A3 =
1 dag A2 6
A3 0,4
A1 0,4
6 tot en met 26 dagen A2 A3 6 0,3
A1 0,3
26 tot en met 78 dagen A2 A3 6 0,2
Onderste streefwaarde voor de trillingssterkte Vmax; A2 = bovenste streefwaarde voor de trillingssterkte Vmax. Streefwaarde voor de gemiddeld effectieve waarde over de beoordelingsperiode Vper, indien A1 < Vmax < A2.
7
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
3. Onderzoeksaanpak Het uitgevoerde onderzoek richt zich op trillingen door bouwwerkzaamheden in de aanlegfase én trillingen van weg- en railverkeer in de plansituatie. Als gevolg van trillingen kan mogelijk schade optreden aan gebouwen en/of hinder voor personen in gebouwen. Als beschreven in het toetsingskader is dit geregeld in de delen A, B van de SBR-richtlijn ‘Trillingen’. Het voorkomen van schade aan gebouwen door bouw gerelateerde trillingen (SBR-A) is onderdeel van de door de aannemer op te stellen risicoanalyses bij het vaststellen van de werkmethodes. Op trillingen als gevolg van het weg- en railverkeer is geen verhoogd schade-risico van toepassing en dit wordt hier daarom niet beschouwd. Impliciet is het schade-risico ook verwaarloosbaar als trillingen voldoen aan de streefwaarden ter voorkoming van trillingshinder (SBR-B). 3.1 Trillingen aanlegfase Tijdens de aanlegfase vinden er ontgravings-, funderings- en bouwwerkzaamheden plaats en veel logistieke bewegingen in de vorm van aan- en afvoer of verplaatsing van materialen en grond. In de nabijheid van gebouwen kan dit tot hinder leiden. Om het hinderrisico in beeld te brengen is een prognose opgesteld voor de meest kritische situaties qua trillingen. Deze situaties zijn gebaseerd op de combinatie van afstand tot bebouwing en verwachte trillingsopwekking van de activiteit.
In paragraaf 6.1 worden de resultaten van deze prognoses besproken. 3.2 Trillingen wegverkeer Dit onderzoek richt zich op de trillingsopwekking van het wegverkeer als gevolg van de gewijzigde situatie, waarbij de invloed van de onderdoorgang van snelverkeer is meegenomen. Om meer inzicht te krijgen in de huidige trillingsbelasting door wegverkeer en het rekenmodel te kunnen valideren zijn trillingsmetingen uitgevoerd aan een aantal panden rondom het Stationsplein. De resultaten daarvan zijn te vinden in hoofdstuk 4. In paragraaf 6.2 worden de resultaten van de trillingsprognoses besproken. 3.3 Trillingen railverkeer Het onderzoek trillingen railverkeer richt zich op de twee aan te leggen onderdoorgangen (kunstwerken) in het spoor. Gekeken wordt naar de eventuele verhoging van deze onderdoorgangen op het trillingsbeeld qua railverkeer. De trillingsprognoses worden besproken in paragraaf 6.3.
k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
8
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
4. Trillingsmetingen Stationsplein 4.1 Meetposities Tussen 30 november en 3 december 2021 zijn er gedurende 72 uur trillingsmetingen gedaan aan drie panden rondom het Stationsplein. Deze metingen hadden tot doel om inzicht te krijgen in de huidige trillingsbelasting door wegverkeer en het valideren van de te hanteren bronsterkten in het prognosemodel. De panden zijn geselecteerd op basis van de ligging ten opzichte van de geplande wijzigingen en de gebouweigenschappen. Gekozen is voor de panden: • Nijverheidsweg 4 (Rookovens) • Stationslaan 66 (Grillroom ‘Fat Alice’) • Stationslaan 81b (Appartement op 2e verdieping) Voor de twee eerstgenoemde panden geldt dat er is gemeten aan een stijf punt van de gebouwconstructie net boven maaiveld (fundatie). In het appartement is gemeten op het midden van de vloer. De meetposities worden getoond in figuur 2.
k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
figuur 2: situatie en meetposities
4.2 Meetapparatuur Voor de metingen zijn trillingsmeetsystemen ingezet die geheel werken volgens de SBR-richtlijnen (SBR-A/B). In tabel 5 wordt een overzicht gegeven van de gebruikte meetsystemen. tabel 5: meetsystemen kavelmeting Meetpunt Mp1 Mp2 Mp3
Adres Nijverheidsweg 4 (Rookovens) Stationslaan 66 (Fat Alice) Stationslaan 81b (Appartement, 2e verdieping)
Meetpositie Fundatie Fundatie Vloer
Meetsysteem Vibra-sbr Vibra-sbr Vibra-sbr
Serienummer VIB00488 VIB00588 VIB01188
4.3 Verwerking Voor het vaststellen van de trillingsbijdragen van wegverkeer zijn de drie meetsystemen onderling met elkaar vergeleken. Alleen trillingen (pieken) die op meerdere meetpunten meetbaar zijn, zijn toe te schrijven aan weg- en railverkeer, waarbij in het geval van wegverkeer enig tijdsverschil tussen de meetpunten mogelijk is. Trillingen die slechts op één meetpunt optreden zijn te wijten aan lokale verstoring nabij het meetpunt. Deze trillingen zijn buiten beschouwing gelaten. Van de trillingen door weg- en railverkeer is de maximale trillingssterkte Vmax volgens de SBR-B bepaald. 9
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
4.4 Resultaten Gedurende 72 uur zijn de trillingsbijdragen van weg- en railverkeer op de drie panden, zie figuur 2, gemeten. Uit de meetresultaten blijkt dat invloed van weg- en railverkeer op de drie panden beperkt is en dat op de meetpunten veel verstoring wordt gemeten van lokale activiteiten. Met name op Mp1 – Nijverheidsweg 4 (Rookovens) was er zeer veel verstoring door verkeer vlaks langs het meetpunt richting het tankstation en de opslag achter het pand. Deze lokale verstoringen zijn buiten beschouwing gelaten en alle voertuigpassages en treinen met een duidelijke trillingsverhoging ten opzichte van het achtergrondniveau zijn verwerkt tot passageniveau. Alle verwerkte passages zijn opgenomen in de tabel in bijlage 1. Deze tabel is gerangschikt naar aflopende trillingssterkte op het eerste meetpunt (Mp1), in verticale richting. De tabel maakt duidelijk dat op de fundatiemeetpunten Mp1 (Rookovens) en Mp2 (Fat Alice) het met name vrachtwagens vanaf de rotonde richting de Nijverheidsweg zijn die de hoogste trillingssterkten opwekken. Het aantal vrachtwagens dat hogere trillingssterkten opwekt is echter zeer beperkt. Slechts enkele vrachtwagens per dag overschrijden op de fundatie van Mp1 een trillingssterkte van 0,1. Bij Mp2 was dit voor geen enkele vrachtwagen het geval. De afstand van het spoor tot de drie meetpanden bedraagt minstens 90 tot maximaal 140 meter.
Op deze relatief grote afstand zijn de op station Nunspeet stoppende sprinters niet meer herkenbaar in de trillingsregistraties. Het zijn met name de goederentreinen die nog herkenbaar zijn en soms een intercity. Met name op de vloer (2de verdieping) van het appartement Stationslaan 81b hebben deze treinen invloed. Op dit meetpunt werden vooral in de horizontale richtingen eruit springende trillingssterkten gevonden tijdens enkele goederentreinpassages. In de gebouwconstructie treedt dus enige trillingsversterking op in de horizontaalrichting. Deze specifieke gevoeligheid is verwerkt in de overdrachtseigenschappen van dit gebouw in het prognosemodel. De hoogst gemeten trillingssterkte Vmax op de vloer van het appartement bedroeg 0,45, waarmee het om een goed voelbare trillingssterkte ging. De trillingsniveaus van de twee opvolgende goederentreinen qua zwaarte in de lijst lagen al minstens 25% lager. In het prognosemodel wordt, in aansluiting met de Beleidsregel trillingshinder spoor (Bts) uitgegaan van één toegestane overschrijding per week, zodat het prognosemodel is afgestemd op de één na zwaarste passage uit de lijst.
k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
10
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Gegevens
k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
Event 1185 73 378 1549 245 520 143 357 68 473 640 1195 515 951 955 961 314 366 222 1211 1166 831 949 956 960 945 1353 610 938 944 953 954 946 950
start 02/12 - 12:47 30/11 - 12:19 01/12 - 06:56 03/12 - 00:41 30/11 - 17:41 01/12 - 11:00 30/11 - 14:06 01/12 - 05:58 30/11 - 12:10 01/12 - 09:36 01/12 - 13:52 02/12 - 12:58 01/12 - 10:52 02/12 - 05:21 02/12 - 05:56 02/12 - 06:31 30/11 - 20:52 01/12 - 06:34 30/11 - 16:37 02/12 - 13:23 02/12 - 12:03 01/12 - 18:04 02/12 - 04:54 02/12 - 05:57 02/12 - 06:08 02/12 - 01:19 02/12 - 16:50 01/12 - 13:16 01/12 - 23:34 02/12 - 01:10 02/12 - 05:46 02/12 - 05:53 02/12 - 02:47 02/12 - 05:06
SBR-B duur 00:00:32 00:00:22 00:00:22 00:00:20 00:00:14 00:00:14 00:00:48 00:00:16 00:00:22 00:00:12 00:00:20 00:00:28 00:00:34 00:00:12 00:00:22 00:00:22 00:00:32 00:00:24 00:00:36 00:00:38 00:00:38 00:00:16 00:00:26 00:00:20 00:00:22 00:00:22 00:00:50 00:00:12 00:00:12 00:00:12 00:00:12 00:00:12 00:00:12 00:00:12
label 1 label 2 Veff_X1 Veff_Y1 Veff_Z1 Veff_X2 Veff_Y2 Veff_Z2 Veff_X3 Veff_Y3 Veff_Z3 vrachtwagen richting centrum 0,08 0,10 0,16 0,03 0,08 0,09 0,04 0,10 0,09 vrachtwagen richting centrum 0,10 0,10 0,15 0,02 0,07 0,08 0,05 0,10 0,10 vrachtwagen richting centrum 0,07 0,09 0,14 0,04 0,05 0,06 0,04 0,10 0,06 vrachtwagen richting centrum 0,08 0,10 0,14 0,02 0,07 0,07 0,02 0,10 0,08 vrachtwagen + OV richting centrum 0,07 0,09 0,13 0,02 0,05 0,04 0,03 0,09 0,07 vrachtwagen richting centrum 0,07 0,09 0,13 0,02 0,05 0,06 0,04 0,10 0,07 trein goederen? 0,10 0,09 0,12 0,07 0,06 0,10 0,42 0,45 0,17 vrachtwagen richting centrum 0,06 0,09 0,12 0,02 0,05 0,07 0,03 0,09 0,08 vrachtwagen richting centrum 0,07 0,08 0,11 0,03 0,06 0,05 0,04 0,09 0,07 vrachtwagen richting centrum 0,05 0,08 0,11 0,03 0,04 0,06 0,05 0,10 0,07 vrachtwagen richting centrum 0,05 0,09 0,11 0,02 0,04 0,04 0,04 0,10 0,07 vrachtwagen richting centrum 0,07 0,09 0,11 0,03 0,05 0,07 0,04 0,10 0,08 trein IC? 0,10 0,06 0,10 0,04 0,05 0,07 0,16 0,11 0,12 vrachtwagen rijbaan verste weg 0,07 0,04 0,10 0,03 0,02 0,06 0,10 0,05 0,10 vrachtwagen richting centrum 0,08 0,06 0,10 0,03 0,03 0,04 0,04 0,06 0,04 2 vrachtwagens 1 richting centrum 0,07 0,06 0,10 0,03 0,04 0,05 0,03 0,08 0,06 trein IC? 0,07 0,05 0,09 0,03 0,04 0,06 0,16 0,33 0,10 trein? IC? 0,08 0,07 0,09 0,03 0,04 0,07 0,08 0,12 0,10 touringcar 0,06 0,06 0,09 0,04 0,03
0,06 0,10 0,10 0,10 vrachtwagen vanuit centrum 0,08 0,06 0,09 0,04 0,04 0,06 0,07 0,11 0,09 trein? IC? 0,06 0,07 0,09 0,07 0,03 0,07 0,08 0,10 0,10 trein IC? 0,07 0,08 0,08 0,03 0,03 0,06 0,10 0,11 0,10 vrachtwagen vanuit centrum 0,06 0,04 0,08 0,02 0,02 0,03 0,02 0,06 0,04 vrachtwagen richting centrum 0,04 0,05 0,08 0,02 0,02 0,03 0,03 0,05 0,04 vrachtwagen vanuit centrum 0,06 0,05 0,08 0,02 0,02 0,03 0,03 0,07 0,04 vrachtwagen verstoring? 0,06 0,03 0,07 0,03 0,03 0,04 0,02 0,04 0,04 trein goederen? 0,10 0,06 0,07 0,04 0,04 0,06 0,14 0,31 0,10 vrachtwagen Mp2 verstoord 0,04 0,03 0,06 0,04 0,06 0,07 vrachtwagen 0,06 0,05 0,06 0,02 0,02 0,04 0,04 0,04 0,05 vrachtwagen 0,05 0,05 0,06 0,03 0,03 0,03 0,03 0,05 0,04 2 vrachtwagens 0,03 0,02 0,05 0,02 0,02 0,02 0,04 0,04 0,04 vrachtwagen verstoring? 0,05 0,03 0,05 0,02 0,02 0,03 0,08 0,10 0,04 vrachtwagen! 0,05 0,05 0,04 0,02 0,02 0,04 0,03 0,04 0,06 2 vrachtwagens 0,06 0,03 0,04 0,02 0,02 0,02 0,03 0,04 0,03
11
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
5. Uitgangspunten prognoses 5.1 Bronsterktes railverkeer In tabel 6 worden de trillingsimmissies voor treinverkeer en toeslagen voor de spooronderdoorgangen weergegeven. De toeslagen zijn gebaseerd op metingen aan een referentieproject1 tabel 6: trillingsimmissie reizigerstreinen in dB (ref. 1 nm/s) per octaafband - 25 m afstand Spoor Standaard spoor Toeslag kunstwerk
Trein sprinter (langzaam) Intercity (doorgaand) Goederen (doorgaand) Oprijden kunstwerk Afrijden kunstwerk
2 63 66 80 1 2
4 80 84 104 2 3
8 86 94 108 0 6
16 88 99 105 -2 5
32 92 91 100 4 5
63 81 91 93 10 8
125 76 80 82 7 5
Totaal 95 101 111
Uit tabel 6 blijkt dat (doorgaande) intercity’s veel meer trillingen opwekken dan stoptreinen. Vooral bij frequenties tussen 4 en 16 Hz is er een groot verschil. Een spooronderdoorgang (kunstwerk) geeft mogelijk een verhoging van de trillingsopwekking ten opzichte van standaard spoor, maar deze toeslag kan verschillen voor de op- en afrijkant van het kunstwerk. Aan de afrijkant is met name tussen 8 en 16 Hz een grotere toeslag te zien. 5.2 Bronsterktes wegverkeer In tabel 7 worden de aangehouden trillingsimmissies voor wegverkeer en de toeslagen voor de spooronderdoorgang (snelverkeer) weergegeven. De trillingsimmissies zijn gebaseerd op de gedane metingen rondom het Stationsplein in Nunspeet. De toeslagen zijn gebaseerd op metingen aan hetzelfde referentieproject als hiervoor. tabel 7: trillingsimmissie zwaar wegverkeer in dB (ref. 1 nm/s) per octaafband – 15 m afstand Wegconstructie Standaard weg (op maaiveld) Toeslag verdiept (onderdoorgang)
2 73 0
4 89 4
8 89 3
16 93 1
32 89 -5
63 80 -3
125 72 -3
Totaal 97
Uit tabel 7 blijkt dat zwaar wegverkeer bij een verdiepte ligging meer trillingen opwekt rond 4 tot 8 Hz, maar dat vanaf 16 Hz de trillingsopwekking lager is dan bij standaard wegligging op maaiveld. Deze toename ontstaat als gevolg van de stijfheidsovergang van bodem naar kunstwerk. Het vergelijk tussen tabel 6 en tabel 7 toont dat trillingsopwekking van wegverkeer veel lager is dan die van treinverkeer, terwijl de gehanteerde referentieafstand bij wegverkeer (15 m) zelfs kleiner was dan die voor railverkeer (25 m). Vooral vanaf 16 Hz is de trillingsopwekking van railverkeer groter.
5.1
1 Spooronderdoorgang Voorpoort Veenendaal, zie DGMR-rapport M.2019.0471.00.R001v4 van 25 maart 2020
12
k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
5.3 Trillingsoverdracht bodem De trillingsoverdracht in de bodem wordt berekend met de Barkan-vergelijking (formule 7.1). Deze overdracht wordt bepaald door geometrische uitbreiding (verspreiding) en door demping (verzwakking). Deze berekening van de trillingsoverdracht wordt per octaafband uitgevoerd.
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Geometrische uitbreiding De geometrische uitbreiding (verspreiding) wordt bepaald door de exponent (n) in de vergelijking. Bij oppervlaktegolven bedraagt n = 0,5 in het geval van een puntbron en n = 0 bij een lijnbron. Bij een lijnbron nemen trillingen met toenemende afstand tot het spoor dus niet af door verspreiding, maar alleen door demping. Bij treinpassages komen beide brontypen door elkaar voor. Bij de doorgaans dominante laagfrequente trillingen heeft de trillingsopwekking het karakter van een lijnbron, maar bij hogere frequenties komen beide brontypen door elkaar voor. In de praktijk ligt de exponent voor geometrische uitbreiding (n) meestal tussen 0 en 0,5. Bodemdemping De bodem in het stationsgebied van Nunspeet kenmerkt zich door een grotendeels stijf zandpakket met op een diepte van minimaal 6m tot op sommige plaatsen meer dan 15m een doorsnijding met een leemlaag van 2 tot 5 m dikte. Daaronder bestaat de bodem uit zand, zie figuur 3.
figuur 3: sonderingsdiagram en boormonsterprofiel stationsgebied Nunspeet (Bron: Dinoloket)
k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
In de prognose wordt voor de bodemdemping daarom het dempingsprofiel ‘zand’ aangehouden, waarvan de dempingswaarden (alpha) in tabel 8 worden weergegeven. tabel 8: gehanteerde bodemdemping () per meter, per octaafband – ‘Zandprofiel’ Octaafband [Hz] Dempingswaarde
2 0,005
4 0,008
8 0,010
16 0,016
32 0,018
63 0,035
5.4 Trillingsoverdracht gebouw Overdracht bodem - gebouw Voor de te verwachten trillingen in een gebouw is het van belang hoe het funderingssysteem reageert op de heersende trillingen in de bodem. Dit wordt in rekening gebracht door overdracht van de gebouwfundering Hfundering. Typische waarden voor Hfundering, zijn weergegeven in tabel 9. tabel 9: Hfundering in dB Octaafband [Hz] Licht gebouw (op staal) Licht gebouw (op palen) Zwaar gebouw
2 0 -2 -6
4 0 -2 -6
8 0 -2 -6
16 -1 -3 -7
32 -3 -7 -9
63 -8 -12 -14
13
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Een zwaar gebouw resulteert in een grotere overdrachtsverzwakking van bodem naar fundering dan een relatief licht gebouw. Meerlaagse gebouwen zoals appartementencomplexen, waarbij behalve meer bouwlagen vaak ook zwaardere wanden en vloeren worden toegepast, zijn te beschouwen als zwaar gebouw. Typische eengezinswoningen van twee bouwlagen plus kap zijn te beschouwen als licht bouwwerk. In het projectgebied komen beide typen voor. Overdracht gebouwconstructie en vloeren De functie Hgebouw geeft de overdracht weer van de fundatie naar de maatgevende vloer, bepaald door het trilgedrag van het woningcasco ten opzichte van de fundatie en het trilgedrag van de vloeren. In tabel 10 wordt de Hgebouw voor twee vloertypen weergegeven. tabel 10: Hgebouw in dB (met karakteristieke eigenfrequentie vloer) Octaafband [Hz] Grote overspanning (3 – 5 Hz) Kleine overspanning (12 - 16 Hz)
4 10 4
8 8 7
16 7 10
32 5 7
63 4 5
k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
14
2 3 2
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
6. Prognoses 6.1 Trillingen aanlegfase (bouwwerkzaamheden) 6.1.1 Algemeen Bouwactiviteiten kunnen tot trillingshinder leiden en bij hoge trillingssterkten schade veroorzaken. Dit hangt af van de bouwmethoden. Het is gebruikelijk dat de aannemer bij werkzaamheden met hoge trillingsopwekking onderzoek doet en trillingsmonitoring instelt tijdens de uitvoering. Dit onderzoek geeft op basis van de verwachte bouwmethoden een eerste beoordeling van de risico’s. 6.1.2 Maatgevende werkzaamheden Verwacht wordt dat voor de aanleg van de onderdoorgangen de volgende mogelijk trillingsveroorzakende werkzaamheden aan de orde zijn: • intrillen van damwanden (bouwkuip); • aanbrengen van trekpalen (toeritten); • inbrengen funderingspalen landhoofden (brugdekken); • ontgravingswerkzaamheden; • verdichten wegfundaties. Damwanden Verwacht wordt dat er stalen damwanden worden aangebracht ter plaatse van de landhoofden van de onderdoorgang, om de spoorbaan te stabiliseren. Deze damwanden zullen over enige afstand van het spoor langs het verdiepte deel doorlopen. In de prognoses wordt uitgegaan van het inbrengen van damwandplanken met een referentieslagkracht van het trilblok van 1750 kN. Voor relatief korte planken langs het begin van de toeritten zal dit te veel zijn. De aannemer zal de prognose moeten actualiseren o.b.v. de juiste gegevens.
k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
Trekpalen Verwacht wordt dat trekpalen onder het diepe deel van de tunnelbak worden uitgevoerd als GEWI-anker. Dit type paal bestaat uit een stalen mantelbuis van beperkte diameter die wordt ingetrild waarna er door betoninjectie via de holle buis een groutlichaam (anker) wordt gevormd aan het buisuiteinde. Door de beperkte buisdiameter is de inbrengmethode relatief trillingsarm, maar zelfs geheel trillingsarm te maken door de ankers te boren. Palen landhoofden De funderingspalen voor de landhoofden worden naar verwachting uitgevoerd als grondverdringende schroefpaal. Het schroevend inbrengen geldt als trillingsarme methode. Gezien de afstand van de landhoofden tot de nabije bebouwing moet dit zonder hinder kunnen gebeuren. Ontgraven Behalve incidentele stootbelastingen op de bodem door het graafgereedschap wekt het ontgraven weinig trillingen op. Een reële prognose van de trillingsopwekking van dergelijke incidenten is niet mogelijk. Het instellen van trillingsmonitoring tijdens de uitvoering is een goede methode om ruw werken te signaleren en te beheersen. Verdichten wegfundaties Het verdichten van wegfundaties met een conventionele wals leidt niet tot significante trillingsopwekking. Voor de eventuele inzet van trilwalsen is door de aannemer per situatie een
15
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
beoordeling te maken van het risico op trillingshinder of een verhoogd schaderisico aan gebouwen. In dit onderzoek wordt geen rekening gehouden met de inzet van trilwalsen. 6.1.3 Prognose In bijlage 2 zijn de prognoseresultaten van de maatgevende activiteit qua bouwwerkzaamheden, het intrillen van de damwanden, opgenomen. Afgebeeld zijn de berekende trillingscontouren Vtop (SBR-A) en Vmax (SBR-B). Het voortbewegen van de damwandstelling langs het tunnelsegment is in de prognoses opgedeeld in een aantal discrete stappen, waarbij de stelling telkens is gepositioneerd op de kortste afstand van maatgevende panden (rekenpunten). Dit geeft de hoogst mogelijke trillingsbelasting op deze panden. Voor de onderdoorgang voor snelverkeer betreft dit de posities T01 t/m T05, voor de onderdoorgang voor voetgangers/fietser betreft dit de punten T06 en T07. De posities van de damwandstelling zijn aangegeven de plots in bijlage 2. Over de berekende gemiddelde effectieve trillingssterkten Vper moet worden gezegd dat de maximale waarde slechts gedurende korte tijd (enkele dagen) van toepassing is, voor zolang de damwandstelling zich in de nabijheid bevindt. In tabel 11 worden de prognoseresultaten voor de meest kritische panden (rekenpunten) samengevat. tabel 11: trillingsprognose aanlegfase – Intrillen damwanden Adres Nr.
Omschrijving T065 Nijverheidsweg 4 T066 Nijverheidsweg 2c T067 Stationslaan 66 T054 Stationslaan 81/a/b T055 Stationslaan 79 T144 Stationsplein 18 - 22 T088 F.A. Molijnlaan 1 T095 F.A. Molijnlaan 3 T070 Elspeterweg 4 T078 Plesmanlaan 10
Vtop 0,27 0,27 0,34 0,64 0,37 0,14 0,28 0,12 1,03 0,31
fdom [Hz] 8 8 8 4 8 8 8 8 8 8
SBR-A (schade) Grenswaarde Bron 2,0 T01 2,0 T01 2,0 T01 2,0 T01 2,0 T01 2,0 T01 2,0 T06 2,0 T06 2,0 T04 2,0 T06
Voldoet Ja Ja Ja Ja Ja Ja Ja Ja Ja Ja
Vmax 0,15 0,19 0,24 0,45 0,26 0,10 0,20 0,08 0,73 0,22
SBR-B (hinder) Vper (dag) Bron Voldoet 0,09 T01 Ja 0,11 T01 Ja 0,14 T01 Ja 0,26 T01 Ja 0,15 T01 Ja 0,04 T01 Ja 0,08 T06 Ja -T06 Ja 0,42 T04 Nee 0,09 T06 Ja
6.1.4 Toetsing schaderisico (SBR-A) Uit tabel 11 blijkt dat het intrillen van damwanden in de bouwfase op geen van de panden een verhoogd schaderisico geeft. De maximaal optredende trillingssterkte Vtop blijft ruim onder de voor categorie 2 gebouwen (in metselwerk) geldende grenswaarden.
16
k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
6.1.5 Toetsing trillingshinder (SBR-B) Uit tabel 11 blijkt dat het intrillen van damwanden maar in één pand mogelijk tot trillingshinder leidt, doordat de gemiddelde trillingssterkte Vper de streefwaarde A3 uit de SBR-B mogelijk overschrijdt. Bij werkzaamheden van maximaal één dag geldt een grenswaarde van 0,4 en bij werkzaamheden tot maximaal 26 dagen een grenswaarde van 0,3. In de berekening is uitgegaan van een effectieve inschakelduur van het trilblok van 33%. Met enige beperking van de slagkracht of het uitsmeren van de werkzaamheden over meerdere dagen kan deze overschrijding worden opgeheven. In de praktijk is het echter vaak zo dat omwonenden niet zitten te wachten op het uitsmeren van werkzaamheden in de tijd, maar het liefst deze zo snel mogelijk achter zich willen laten. Goede communicatie met omwonenden over de werkzaamheden is van belang en draagt sterk bij aan acceptatie van eventuele hinder.
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
6.2 Trillingen wegverkeer plansituatie 6.2.1 Uitgangspunten De trillingsimmissie door wegverkeer is gebaseerd op de gedane trillingsmetingen rondom het Stationsplein in Nunspeet. De in rekening te brengen correcties voor de onderdoorgangen zijn ontleend aan metingen aan een vergelijkbare onderdoorgang (Voorpoort Veenendaal). De immissiecijfers voor de trillingsprognoses zijn opgenomen in tabel 7. Verkeersintensiteiten De verkeersintensiteiten zijn ontleend aan het verkeersrapport van Goudappel Coffeng. De hierin vermelde gegevens gelden voor de huidige situatie (2019) en de autonome ontwikkeling (2030). De intensiteiten voor 2030 zijn opgehoogd naar het jaar 2032, zijnde 10 jaar na vaststelling van het plan. Daarbij is een jaarlijkse groei van 2% aangehouden. In figuur 4 worden het aantal motorvoertuigen per etmaal getoond volgens autonome ontwikkeling en na planuitvoering. Ook zijn de beoogde rijsnelheden in de plansituatie weergegeven.
figuur 4: verkeersintensiteiten autonome ontwikkeling en toekomstige situatie (Bron: Goudappel Coffeng)
6.2.2 Prognose In bijlage 3 zijn de berekende trillingssterkten Vmax voor het wegverkeer opgenomen. In tabel 12 is een overzicht gegeven van de resultaten voor de maatgevende panden.
k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
tabel 12: trillingsprognose plansituatie – Wegverkeer Adres Nr. Omschrijving
Vmax
Vper (D)
Vper (A)
T065 T066 T067 T054 T055 T144 T070
0,14 0,13 0,15 0,17 0,13 0,04 0,13
0,01 0,01 0,01 0,02 0,01 -0,02
0,01 0,01 0,01 0,01 0,01 -0,01
Nijverheidsweg 4 Nijverheidsweg 2c Stationslaan 66 Stationslaan 81/81a/81b Stationslaan 79 Stationsplein 18 - 22 Elspeterweg 4
SBR-B (hinder) Vper (N) Toename Vmax 0,00 -7% 0,00 -13% 0,00 -57% 0,01 -19% 0,00 -19% -+33% 0,01 0%
Voldoet Ja Ja Ja Ja Ja Ja Ja
6.2.3 Toetsing trillingshinder (SBR-B) Uit tabel 12 blijkt dat wegverkeer tot licht voelbare trillingen kan leiden in enkele panden, maar dat de trillingssterkten op bijna alle adressen zijn afgenomen t.o.v. de referentiesituatie. De wat hogere trillingssterkten treden op rondom het verkeersplateau. De trillingssterkten Vmax voldoen aan de streefwaarden (A2) voor gewijzigde situaties. Ook de gemiddelde trillingssterkte Vper voldoet in alle beoordelingsperioden aan de daarvoor geldende streefwaarde (A3). 17
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
6.3 Trillingen railverkeer plansituatie 6.3.1 Uitgangspunten De trillingsimmissie van treinen is afgeleid uit de trillingsmetingen in de drie panden rondom het Stationsplein. De hierop toe te passen correcties vanwege de aanleg van de onderdoorgangen zijn ontleend aan metingen aan een vergelijkbare onderdoorgang (Voorpoort Veenendaal), zie de correctiewaarden in tabel 6. Intensiteiten Voor het aantal treinpassages zijn de in tabel 13 aangegeven intensiteiten (per periode per richting) aangehouden. tabel 13: treinintensiteiten per periode per richting Type Goederen Intercity Sprinter
Dag 2 24 24
Avond 1 8 8
Nacht 1 8 8
6.3.2 Prognose In bijlage 5 zijn de prognoseresultaten voor het railverkeer in de plansituatie opgenomen. Ter bepaling van de veranderingen in het trillingsbeeld zijn in bijlage 6 ook de rekenresultaten voor de referentiesituatie (zonder onderdoorgangen) opgenomen. In tabel 14 zijn de resultaten voor de maatgevende panden (rekenpunten) opgenomen. tabel 14: trillingsprognose plansituatie – Railverkeer Adres Nr. Omschrijving
Vmax
Vper (D)
T065 T066 T067 T054 T055 T144 T085 T095 T070 T079
0,20 0,20 0,24 0,32 0,28 0,14 0,26 0,58 0,48 0,70
0,01 0,01 0,01 0,01 0,01 0,01 0,01 0,02 0,01 0,03
Nijverheidsweg 4 Nijverheidsweg 2c Stationslaan 66 Stationslaan 81/a/b Stationslaan 79 Stationsplein 18 - 22 F.A. Molijnlaan 1 F.A. Molijnlaan 3 Elspeterweg 4 Plesmanlaan 10
SBR-B (hinder) Vper (A) Vper (N) 0,01 0,01 0,01 0,01 0,01 0,01 0,01 0,03 0,01 0,03
0,01 0,01 0,01 0,01 0,01 0,00 0,01 0,02 0,01 0,02
Voldoet Ja Ja Ja Ja Ja Ja Ja Nee Nee Nee
Bts (hinder) Toename Voldoet Vmax -Ja -Ja -Ja -Ja -Ja -Ja -Ja -Ja -Ja -Ja
6.3.3 Toetsing trillingshinder Uit tabel 14 blijkt dat goederentreinen in sommige lichtere panden nabij het spoor tot goed voelbare trillingen kunnen leiden en dat goederentreinen ‘s-nachts de streefwaarde uit de SBR-B kunnen overschrijden. Dit is echter geen gevolg van de reconstructie en de trillingstoename door het plan is dan ook nul. Omdat de trillingstoename kleiner is dan 30% en de gemiddelde trillingssterkte Vper kleiner is dan de streefwaarde (A3), voldoet de aanleg van de onderdoorgangen, te zien als een spoorwijziging, aan de Beleidsregel trillingshinder spoor (Bts). 18
k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
In tabel 14 is te zien dat er door de aanleg van de onderdoorgangen geen toename van trillingen optreedt ten opzichte van de referentiesituatie. De afstand van de onderdoorgangen tot de meest nabije panden is dermate groot dat het trillingsverhogende effect van de onderdoorgangen al is afgenomen tot onder de reguliere van het spoor afkomstige trillingsbelasting. In relatief lichte panden dicht bij het spoor kunnen goed voelbare trillingen optreden tijdens passages van goederentreinen. De reconstructie van het stationsgebied en de aanleg van de onderdoorgangen heeft hier echter geen invloed op.
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
7. Conclusies Aanlegfase In de aanlegfase is het inbrengen van stalen damwanden langs het te ontgraven wegdeel de werkzaamheid met verwacht hoogste trillingsopwekking. De prognoseberekeningen geven aan dat het intrillen van damwanden geen verhoogd schaderisico geeft voor omringende panden, maar dat in het pand Elspeterweg 4 mogelijk enige trillingshinder gedurende een beperkte periode (een dag) kan optreden. Goede communicatie met bewoners en beperking van de slagkracht waar mogelijk is aan te bevelen. Wegverkeer plansituatie Door de wijzigingen in wegligging en verplaatsing van het verkeersplateau weg van de woningen nemen de trillingssterkten in nagenoeg alle woningen rondom het Stationsplein significant af. Op geen van de onderzochte adressen overschrijdt de trillingssterkte de door wegverkeer de streefwaarden uit de SBR-B. Ook zwaar vrachtverkeer tijdens de nachtperiode voldoet aan de dan geldende streefwaarde. De herinrichting van het Stationsplein heeft dus een positieve invloed op trillingen door wegverkeer. Railverkeer plansituatie In de huidige situatie kunnen goederentreinen tot voelbare trillingen leiden in relatief lichte panden op korte afstand tot het spoor. Bij goederentreinen in de nachtperiode is het niet uitgesloten dat de optredende trillingssterkte de streefwaarde (A2) uit de SBR-B (licht) overschrijdt.
De herinrichting van het Stationsplein en de aanleg van de twee spooronderdoorgangen veranderen hier echter niets aan. De eventuele verhoging van de trillingsopwekking ter plaatse van de kunstwerken leidt niet tot een trillingsverhoging bij de omliggende panden, die nog op relatief grote afstand (> 50m) van deze kunstwerken liggen. De herinrichting van het Stationsplein heeft dus geen invloed op trillingen door railverkeer.
k:\doc\m\2020\094903\m2020094903r001v2.docx 04-02-2022
ir. M.H.J. (Mark) Bakermans DGMR Industrie, Verkeer en Milieu B.V.
19
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Bijlage 1 Titel
Trillingsmetingen Stationsplein
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Trillingsmetingen Stationsplein (Passages met duidelijke verhoging t.o.v. achtergrondniveau, gerangschikt op Z-richting Mp1)
1: Nijverheidsweg 4 (Rookovens) 2: Stationslaan 66 (Fat Alice) 3: Stationslaan 81b (Appartement, 2e verdieping) Gegevens Event 1185 73 378 1549 245 520 143 357 68 473 640 1195 515 951 955 961 314 366 222 1211 1166 831 949 956 960 945 1353 610 938 944 953 954 946 950
start 02/12 - 12:47 30/11 - 12:19 01/12 - 06:56 03/12 - 00:41 30/11 - 17:41 01/12 - 11:00 30/11 - 14:06 01/12 - 05:58 30/11 - 12:10 01/12 - 09:36 01/12 - 13:52 02/12 - 12:58 01/12 - 10:52 02/12 - 05:21 02/12 - 05:56 02/12 - 06:31 30/11 - 20:52 01/12 - 06:34 30/11 - 16:37 02/12 - 13:23 02/12 - 12:03 01/12 - 18:04 02/12 - 04:54 02/12 - 05:57 02/12 - 06:08 02/12 - 01:19 02/12 - 16:50 01/12 - 13:16 01/12 - 23:34 02/12 - 01:10 02/12 - 05:46 02/12 - 05:53 02/12 - 02:47 02/12 - 05:06
SBR-B duur 00:00:32 00:00:22 00:00:22 00:00:20 00:00:14 00:00:14 00:00:48 00:00:16 00:00:22 00:00:12 00:00:20 00:00:28 00:00:34 00:00:12 00:00:22 00:00:22 00:00:32 00:00:24 00:00:36 00:00:38 00:00:38 00:00:16 00:00:26 00:00:20 00:00:22 00:00:22 00:00:50 00:00:12 00:00:12 00:00:12 00:00:12 00:00:12 00:00:12 00:00:12
label 1 label 2 Veff_X1 Veff_Y1 Veff_Z1 Veff_X2 Veff_Y2 Veff_Z2 Veff_X3 Veff_Y3 Veff_Z3 vrachtwagen richting centrum 0,08 0,10 0,16 0,03 0,08 0,09 0,04 0,10 0,09 vrachtwagen richting centrum 0,10 0,10 0,15 0,02 0,07 0,08 0,05 0,10 0,10 vrachtwagen richting centrum 0,07 0,09 0,14 0,04 0,05 0,06 0,04 0,10 0,06 vrachtwagen richting centrum 0,08 0,10 0,14 0,02 0,07 0,07 0,02 0,10 0,08 vrachtwagen + OV richting centrum 0,07 0,09 0,13 0,02 0,05 0,04 0,03 0,09 0,07 vrachtwagen richting centrum 0,07 0,09 0,13 0,02 0,05 0,06 0,04 0,10 0,07 trein goederen? 0,10 0,09 0,12 0,07 0,06 0,10 0,42 0,45 0,17 vrachtwagen richting centrum 0,06 0,09 0,12 0,02 0,05 0,07 0,03 0,09 0,08 vrachtwagen richting centrum 0,07 0,08 0,11 0,03 0,06 0,05 0,04 0,09 0,07 vrachtwagen richting centrum 0,05 0,08 0,11 0,03 0,04 0,06 0,05 0,10 0,07 vrachtwagen richting centrum 0,05 0,09 0,11 0,02 0,04 0,04 0,04 0,10 0,07 vrachtwagen richting centrum 0,07 0,09 0,11 0,03 0,05 0,07 0,04 0,10 0,08 trein IC? 0,10 0,06 0,10 0,04 0,05 0,07 0,16 0,11 0,12 vrachtwagen rijbaan verste weg 0,07 0,04 0,10 0,03 0,02 0,06 0,10 0,05 0,10 vrachtwagen richting centrum 0,08 0,06 0,10 0,03 0,03 0,04 0,04 0,06 0,04 2 vrachtwagens 1 richting centrum 0,07 0,06 0,10 0,03 0,04 0,05 0,03 0,08 0,06 trein IC? 0,07 0,05 0,09 0,03 0,04 0,06 0,16 0,33 0,10 trein? IC? 0,08 0,07 0,09 0,03 0,04 0,07 0,08 0,12 0,10 touringcar 0,06 0,06 0,09 0,04 0,03
0,06 0,10 0,10 0,10 vrachtwagen vanuit centrum 0,08 0,06 0,09 0,04 0,04 0,06 0,07 0,11 0,09 trein? IC? 0,06 0,07 0,09 0,07 0,03 0,07 0,08 0,10 0,10 trein IC? 0,07 0,08 0,08 0,03 0,03 0,06 0,10 0,11 0,10 vrachtwagen vanuit centrum 0,06 0,04 0,08 0,02 0,02 0,03 0,02 0,06 0,04 vrachtwagen richting centrum 0,04 0,05 0,08 0,02 0,02 0,03 0,03 0,05 0,04 vrachtwagen vanuit centrum 0,06 0,05 0,08 0,02 0,02 0,03 0,03 0,07 0,04 vrachtwagen verstoring? 0,06 0,03 0,07 0,03 0,03 0,04 0,02 0,04 0,04 trein goederen? 0,10 0,06 0,07 0,04 0,04 0,06 0,14 0,31 0,10 vrachtwagen Mp2 verstoord 0,04 0,03 0,06 0,04 0,06 0,07 vrachtwagen 0,06 0,05 0,06 0,02 0,02 0,04 0,04 0,04 0,05 vrachtwagen 0,05 0,05 0,06 0,03 0,03 0,03 0,03 0,05 0,04 2 vrachtwagens 0,03 0,02 0,05 0,02 0,02 0,02 0,04 0,04 0,04 vrachtwagen verstoring? 0,05 0,03 0,05 0,02 0,02 0,03 0,08 0,10 0,04 vrachtwagen! 0,05 0,05 0,04 0,02 0,02 0,04 0,03 0,04 0,06 2 vrachtwagens 0,06 0,03 0,04 0,02 0,02 0,02 0,03 0,04 0,03
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Bijlage 2 Titel Omvang Bron Toelichting
Trillingsprognose bouwwerkzaamheden (intrillen damwanden) 2 Geomilieu versie 2021.1, module trillingen Trillingscontouren bodem + trillingsbelasting panden (rekenpunten)
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Bijlage 3 Titel Omvang Bron Toelichting
Trillingsprognose wegverkeer - plansituatie 2 Geomilieu versie 2021.1, module trillingen Trillingscontouren bodem + trillingsbelasting panden (rekenpunten)
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Bijlage 4 Titel Omvang Bron Toelichting
Trillingsprognose wegverkeer - referentie situatie 2 Geomilieu versie 2021.1, module trillingen Trillingscontouren bodem + trillingsbelasting panden (rekenpunten)
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Bijlage 5 Titel Omvang Bron Toelichting
Trillingsprognose railverkeer - plansituatie 2 Geomilieu versie 2021.1, module trillingen Trillingscontouren bodem + trillingsbelasting panden (rekenpunten)
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Bijlage 6 Titel Omvang Bron Toelichting
Trillingsprognose railverkeer - referentiesituatie 1 Geomilieu versie 2021.1, module trillingen Trillingscontouren bodem + trillingsbelasting panden (rekenpunten)
Herinrichting stationsgebied Nunspeet
Herinrichting stationsgebied Nunspeet