AP 7. raadsvoorstel belastingverordeningen 2026
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Zaaknummer:
1394606
Agendapunt:
7
Portefeuillehouder:
W. Stoffer
Datum college:
11 november 2025
Raadsvergadering:
18 december 2025
Commissie
Maatschappij en Middelen
Datum commissie:
4 december 2025
Onderwerp:
belastingverordeningen 2026
Nummer:
761
Voorstel De belastingverordeningen 2026 vast te stellen
Geachte raad, Inleiding Jaarlijks moeten de belastingverordeningen aangepast worden aan ontwikkelingen in de wetgeving en jurisprudentie alsmede de tarieven aan de begroting. Gelet op de geschatte volumetoename alsmede andere ontwikkelingen, zoals marktontwikkelingen, jurisprudentie en nieuwe wetgeving, heeft dit voor de onroerende-zaakbelastingen een stijging van de tarieven van de woningen en niet-woningen. De tarieven voor de rioolheffing dalen zowel voor de woningen als de niet-woningen. De tarieven voor de afvalstoffenheffing stijgen. In bijgaand lastendrukoverzicht komen de tarieven van de algemene heffingen (OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing) tot uitdrukking. Ook zijn de kostenramingen voor de rioolheffing en de afvalstoffenheffing en als gevolg van de aanpassing van de legesbedragen ook een kostenraming aanpassing leges kabels en leidingen als bedoeld in de Algemene verordening
ondergrondse
infrastructuren
(AVOI)
bijgevoegd.
Uit
het
bijgevoegde
lastendrukoverzicht is een stijging van de lasten zichtbaar als gevolg kostenontwikkeling en marktontwikkelingen. De tarieven van de overige heffingen zullen zich conform de begroting ontwikkelen met in acht name van wettelijke limieten en beperkingen.
Recreatieve heffingen Een uitzondering op de toepassing van de prijscompensatie is de toeristenbelasting. Dit tarief wordt voor de indexering normaliter conform de afspraken eens in de drie jaar met € 0,05 verhoogd. Deze reguliere verhoging heeft plaatsgevonden voor belastingjaar 2024. Bij de Programmabegroting 2024-2027 is besloten het tarief toeristenbelasting voor de jaren 2024 tot en met 2027 per jaar (cumulatief) te verhogen € 0,10. Het tarief van de toeristenbelasting per persoon per overnachting voor 2026 dient hierdoor te worden verhoogd naar € 1,50 per persoon per overnachting. De forfaits worden hierop eveneens aangepast. Rekening houdend met de vastgestelde indexering en de geraamde aantallen aanslagen wordt het tarief van de forensenbelasting verhoogd, te weten van € 319,00 naar € 327,00. Onroerende-zaakbelastingen De tarieven voor de onroerende-zaakbelastingen worden bepaald door de geraamde WOZwaarde, de geraamde opbrengst en neveneffecten zoals bijvoorbeeld geraamde leegstand. In de tarieven is een redelijke volumetoename, alsmede een raming van de effecten van bezwaarschriften en de vermoedelijke effecten van jurisprudentie en nieuwe wetgeving verdisconteerd. In de tariefstelling is rekening gehouden met het verschil in marktontwikkelingen zoals deze vermoedelijk eruit zal zien tussen de woningen en de nietwoningen.
Er is een stijging van de markt voor woningen voorzien (totale waarde 6,25 miljard euro), ten aanzien van de niet-woningen wordt op dit moment lichtere stijging in de markt voorzien (totale waarde 672 miljoen euro). Beide berekeningen op basis van 70% van de taxaties. Omdat diverse factoren onzeker zijn, zijn er bepaalde aannames gedaan, op rekeningbasis kan de opbrengst als gevolg daarvan anders uitvallen. Het tarief voor eigenaren van woningen (eigenaarsgedeelte woning) wordt voor 2026 0,0887% van de WOZ-waarde (2025:0,0885%). De tarieven voor bedrijven (niet-woningen) van de eigenaren worden voor belastingjaar 2026 0,2493% van de WOZ-waarde (2025:0,2171%) en voor gebruikers 0,1761% van de WOZ-waarde (2025: 0,1741%).
Rioolheffing De tarieven voor de rioolheffing zijn opnieuw berekend. Het uitgangspunt is, zoals gebruikelijk, een 100%-dekking van de in begroting opgenomen kosten inclusief de lasten van nieuw beleid. De voorziening egalisatie tarieven rioolheffing heeft als doel grote schommelingen in de kosten
van rioolheffing en dus ook in de tarieven rioolheffing op te vangen. Uit de berekening 2026 is gebleken dat bij de berekening 2025 te hoge loonkosten formatie waren doorberekend. De berekening van 2026 is hierop aangepast. Ook rekening houdend met de actuele aantallen kan hierdoor de tarieven (met uitzondering van het lagere tarief) in 2026 worden verlaagd en is er ook geen noodzaak om een onttrekking uit de voorziening egalisatie tarieven rioolheffing voor te stellen. Het tarief 2026 rioolheffing is voor een woning € 139,00 (2025: € 144,00) en voor een niet-woning € 301,00 (2025: € 334,50). Daarnaast geldt een lagere tarief van € 22,50 (2025: € 22,50) voor percelen waarvan alleen hemelwater wordt afgevoerd. Afvalstoffenheffing Ook bij het berekenen van de benodigde opbrengsten uit afvalstoffenheffing wordt uitgegaan van 100% kostendekkendheid. De voorziening egalisatie tarieven afvalstoffenheffing heeft als doel grote schommelingen in de kosten van inzameling en afvoer van afvalstoffen en dus ook in de tarieven afvalstoffenheffing op te vangen. Bij de tariefberekening van 2025 was de verwachting dat door een bewustwordingscampagne dit zou leiden tot minder te verwerken afval en dat een betere scheiding tussen grijs en groen zal plaatsvinden. Daarnaast was bij de berekening rekening gehouden met een mogelijk herstel van de inkomsten nascheiding kunststofafval.
Bij de derde kwartaalrapportage 2025 is echter weergegeven dat de verwachte kostenbesparing en de verwachte hogere inkomsten grotendeelse niet zijn gerealiseerd. Bij de berekening 2026 wordt rekening gehouden met een nog verdere stijging van de verwerkingskosten. De verwachting is ook niet dat op korte termijn de inkomsten nascheiding kunststofafval een stijgende lijn zullen laten zien. Een deel van het nadeel wordt opgevangen door lagere kosten bij de inzameling. Rekening houdend met actuele aantallen is, naast de prijsindexering van 2,5%, een stijging van circa 7% bij de tarieven noodzakelijk voor een kostendekking van 100%. Er wordt geen voorstel gedaan voor een onttrekking uit de voorziening egalisatie tarieven afvalstoffenheffing. De verwachting is dat het gering bedrag van deze voorziening noodzakelijk voor het tekort in 2025. De tarieven 2026 zijn: eenpersoonshuishouden
€ 216,00 (2025: € 198,00),
tweepersoonshuishouden
€ 264,00 (2025: € 240,00),
grotere huishoudens
€ 312,00 (2025: € 282,00),
recreatief gebruik
€ 216,00 (2025: € 198,00).
Leges Het model van de VNG is bij de legesverordeningen en tarieventabel zoveel mogelijk gevolgd. De indeling is in hoofdstukken, paragrafen en artikelen. De hoofdstukken komen overeen met de voormalige titels:
Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening Hoofdstuk 2 Dienstverlening en besluiten in het kader van de Omgevingswet Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder de Dienstenrichtlijn en niet vallend onder hoofdstuk 2
De hoofdstukken zijn in vergelijking met vorig jaar vrijwel niet gewijzigd, alleen noodzakelijk tekstuele aanpassingen en indexeren. Echter in hoofdstuk 1 is artikel 1.32 van de tarieventabel aangepast. Deze heet nu ‘kabels en leidingen’ volgens de Algemene verordening ondergrondse infrastructuren (AVOI). De tarieventabel sluit nu aan bij de nieuwe AVOI. Afhankelijk van de lengte van het tracé zijn er nu verschillende legesbedragen. Overige heffingen De overige heffingen stijgen met de ontwikkeling van de begroting mee. Standpunt commissie Dit onderwerp is in de commissie Maatschappij en Middelen tijdens haar vergadering van 4 december 2025 aan de orde geweest.
Geheimhouding Openbaarheid Stukken ter inzage Geen Bijlage(n) Lastendrukoverzicht Belastingverordeningen 2026 Kostenonderbouwingen Burgemeester en wethouders van Nunspeet, de secretaris,
de burgemeester,
mr. A. Heijkamp
C.W.J. Blom