CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

AP 6d. Bijlage Vergelijking oude en nieuwe verordening

Commissie Maatschappij en Middelen 6 oktober 2022, gemeente NunspeetBij agendapunt: Verordening begraafplaatsen gemeente Nunspeet.7.330 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zaaknummer: 45377 Vergelijking huidige beheersverordening en nieuwe beheersverordening met artikelsgewijze toelichting. In dit overzicht zijn de tekstuele wijzigingen opgenomen en te herkennen aan de gele arcering. In de kolom toelichting staat de reden voor de wijziging. De beleidsmatige wijziging (artikel 16) wordt gemotiveerd in het raadsvoorstel. Huidige verordening Hoofdstuk 1 INLEIDENDE BEPALINGEN

Nieuwe verordening Hoofdstuk 1 INLEIDENDE BEPALINGEN

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder: − begraafplaatsen: de begraafplaats gelegen aan de Van Oordtstraat 110, genaamd NunspeetWest ;de begraafplaats gelegen aan de Eperweg 22 te Nunspeet; de begraafplaats gelegen aan de Eperweg 51 te Nunspeet; de begraafplaats gelegen aan de Uddelerweg 72 te Elspeet; − eigen graf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het doen begraven en begraven houden van lijken; het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;

Deze verordening verstaat onder: a. Begraafplaatsen: de begraafplaats gelegen aan de Van Oordtstraat 110, genaamd Nunspeet-West; de begraafplaats gelegen aan de Eperweg 22 te Nunspeet; de begraafplaats gelegen aan de Eperweg 51 te Nunspeet; de begraafplaats gelegen aan de Uddelerweg 72 te Elspeet; b. Particulier graf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het doen begraven en begraven houden van lijken; het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; c. Grafkelder: een betonnen of gemetselde constructie waarin een of meerdere lijken worden begraven of asbussen worden bijgezet; d. Algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan eenieder gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken;

− algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan eenieder gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken; − eigen urnengraf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;

Toelichting wijziging

“Eigen” gewijzigd in “particulier” dit sluit aan bij de Wet op de Lijkbezorging (WodL) en is in de hele nieuwe verordening doorgevoerd.

Begrip grafkelder toegevoegd: tekstuele verduidelijking.

-2− eigen urnennis: een nis waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; − urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen; − asbus: een bus ter berging van as van een overledene; − verstrooiingsplaats: een plaats waarop as wordt verstrooid; − grafbedekking: gedenkteken en/of grafbeplanting op een graf, of een gedenkteken op een gedenkplaats; − gedenkplaats: een plaats ingericht om overledenen te gedenken; − beheerder: de ambtenaar die belast is met de dagelijkse leiding van de begraafplaats(en) of degene die hem vervangt; − rechthebbende: de rechthebbende op een eigen graf.

e. Particulier urnengraf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; f. Particulier urnennis: een nis waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; g. Urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen; h. Asbus: een bus ter berging van as van een overledene; i. Verstrooiingsplaats: een plaats waarop as wordt verstrooid; j. Grafbedekking: gedenkteken en/of grafbeplanting op een graf, of een gedenkteken op een gedenkplaats; k. Gedenkplaats: een plaats ingericht om overledenen te gedenken; l. Beheerder: de ambtenaar die belast is met de dagelijkse leiding van de begraafplaats(en) of degene die hem vervangt; m) Rechthebbende: de rechthebbende op een particulier graf. n) Kindergraf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het doen begraven en begraven houden van prematuren en lijken van kinderen van 0 t/m 3 jaar; o) immatuur: een na een zwangerschap van minder dan 24 weken levenloos ter wereld gekomen menselijke vrucht.

Opgenomen ter verduidelijking van de mogelijkheden op het Vlinderveld

Opgenomen ter verduidelijking van de mogelijkheden op het Vlinderveld

-3p) prematuur: een na een zwangerschap van meer dan 24 weken levenloos ter wereld gekomen menselijke vrucht. q) Vlinderveld: een daarvoor aangewezen gedeelte van de begraafplaats waarin de gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van een immatuur of een prematuur of een kind van 0 tot en met drie jaar.

Opgenomen ter verduidelijking van de mogelijkheden op het vlinderveld. Betreft naamgeving voor gedenkplek voor vroeggeborenen. Zie ook opmerking bij artikel 12.

Artikel 2 Uitbreiding begrip eigen graf Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt, voor zover van belang, onder 'eigen graf' mede verstaan: eigen urnengraf, eigen urnennis.

Artikel 2 Uitbreiding begrip particulier graf Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt, voor zover van belang, onder 'particulier graf' mede verstaan: particulier urnengraf, particulier urnennis.

Artikel 3 Bestemming 1. De begraafplaatsen zijn bestemd voor: a. het begraven van lijken van personen, die in de gemeente Nunspeet, laatstelijk hun woonplaats hadden; b. het bijzetten van bussen, waarin de as van gecremeerde personen als bedoeld onder a is geborgen; c. het op de verstrooiingsplaats verstrooien van as van gecremeerde personen als bedoeld onder a.

Artikel 3 Bestemming De begraafplaatsen zijn bestemd voor: a. Het begraven van lijken van personen, die inwoner zijn of geweest zijn van de gemeente Nunspeet, of die een eerste of tweede graad van bloed- of aanverwantschap hadden met een persoon die inwoner is of geweest is van de gemeente Nunspeet; a. Het bijzetten van bussen, waarin de as van gecremeerde personen als bedoeld onder a is geborgen;

Artikel 3 is een ‘Nunspeets’ artikel. Het is ingevoegd omdat Nunspeet de graven wil voorbehouden aan (oud)inwoners. Deze bestendige lijn wordt ook voortgezet in het nieuwe artikel 3. O.g.v. het huidige artikel 3 lid 2 is, op grond van eerder verzoek van de gemeenteraad, al langere tijd staand collegebeleid dat ook oud inwoners en personen die een eerste graad van bloed- of aanverwantschap hebben hier begraven kunnen worden. Vanwege het feit dat dit een vaste regel is, is dit in het nieuwe artikel 3 verwoord.

-42. Het college van burgemeester en wethouders kan besluiten, dat lijken van andere dan in het eerste lid bedoelde personen op de begraafplaatsen worden begraven, dat de urnen met bussen, waarin de as van zodanige personen is geborgen, op de begraafplaatsen in eigen graven worden bijgezet en dat de as van zodanige personen op de verstrooiingsplaats wordt verstrooid.

b. Het op de verstrooiingsplaats verstrooien van as van gecremeerde personen als bedoeld onder a. c. Het begraven van een immatuur op het Vlinderveld van personen als bedoeld a.

Hoofdstuk 2 OPENSTELLING, ORDE EN RUST OP DE BEGRAAFPLAATS

Hoofdstuk 2 OPENSTELLING, ORDE EN RUST OP DE BEGRAAFPLAATS

Artikel 4 Openstelling begraafplaatsen

Artikel 4 Openstelling begraafplaatsen

De begraafplaatsen zijn voor eenieder dagelijks toegankelijk gedurende de door het college van burgemeester en wethouders bij nadere regels vast te stellen tijden. Zij maken deze tijden openbaar bekend. Ter handhaving van de orde en rust op de begraafplaatsen kunnen de toegangen tijdelijk worden gesloten. Artikel 5 Ordemaatregelen

1. De begraafplaatsen zijn voor eenieder dagelijks toegankelijk van zonsopkomst tot zonsondergang. 2. Ter handhaving van de orde en rust op de begraafplaatsen kunnen de toegangen tijdelijk worden gesloten.

Artikel 5 Ordemaatregelen

Met het tweede deel van deze zin, die begint met “….of een eerste of tweede graad….” vervalt de noodzaak om een beleidsregel op te nemen voor tweede graad. Hiervoor moet nu namelijk nog een gemotiveerd verzoek worden ingediend. De in het verleden sporadisch ingediende verzoeken zijn allemaal gehonoreerd. In combinatie met de mogelijkheid genoemd in artikel 27 kan een graf het karakter van familiegraf krijgen. Sub d: Het begraven van een immatuur valt buiten de reikwijdte van de WodL. Het begraven van prematuren en kinderen van 0 t/m 3 jaar, ook op het Vlinderveld, valt wel onder de reikwijdte van Wet op de Lijkbezorging (WodL) en daarmee onder sub a. Om deze reden wordt artikel 3 sub d toegevoegd. Hiervoor wordt geen grafrecht uitgegeven.

Omdat buiten de werktijden er geen toezicht is wordt in artikel 4 lid 1 nu opgenomen dat de begraafplaatsen beperkt toegankelijk zijn. Reden is dat daarmee een handhavingsinstrument ontstaat als men tussen zonsopkomst en zonsondergang zich op de begraafplaatsen bevindt.

-51. Het is aan steenhouwers, hoveniers en daarmee gelijk te stellen personen verboden, anders dan met toestemming van het college van burgemeester en wethouders werkzaamheden voor derden aan grafbedekkingen op de begraafplaatsen te verrichten. 2. De uitvoering van de in het eerste lid bedoelde werkzaamheden dient uiterlijk drie werkdagen tevoren schriftelijk bij de beheerder te worden gemeld. 3. Het is verboden met motorrijtuigen op de begraafplaatsen te rijden: a. elders dan op de daartoe aangewezen rijwegen anders dan voor een begrafenis of voor het vervoeren van materialen; b. sneller dan 10 km per uur. 4. Het college van burgemeester en wethouders kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in de aanhef en onder a van lid 3. 5. Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en personen die werkzaamheden op de begraafplaatsen hebben te verrichten, zijn verplicht zich in het belang van de orde, rust en netheid te houden aan de aanwijzingen van de beheerder. 6. Degenen die zich niet aan de in het vijfde lid bedoelde aanwijzing houden, moeten zich op eerste aanzegging van de beheerder van de begraafplaats verwijderen. Artikel 6

1. Het is aan steenhouwers, hoveniers en daarmee gelijk te stellen personen verboden, anders dan met toestemming van het college van burgemeester en wethouders werkzaamheden voor derden aan grafbedekkingen op de begraafplaatsen te verrichten. 2. De uitvoering van de in het eerste lid bedoelde werkzaamheden dient uiterlijk drie werkdagen tevoren schriftelijk bij de beheerder te worden gemeld. 3. Het is verboden met motorrijtuigen op de begraafplaatsen te rijden: a. Elders dan op de daartoe aangewezen rijwegen anders dan voor een begrafenis of voor het vervoeren van materialen; b. Sneller dan 10 km per uur. 4. Het college van burgemeester en wethouders kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in de aanhef en onder a van lid 3. 5. Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en personen die werkzaamheden op de begraafplaatsen hebben te verrichten, zijn verplicht zich in het belang van de orde, rust en netheid te houden aan de aanwijzingen van de beheerder. 6. Degenen die zich niet aan de in het vijfde lid bedoelde aanwijzing houden, moeten zich op eerste aanzegging van de beheerder van de begraafplaats verwijderen. Artikel 6 Herdenkingen

Tekstuele verduidelijking.

-61. Dodenherdenkingen, onthullingen van gedenktekens en dergelijke plechtigheden op de begraafplaats moeten vijf dagen tevoren worden gemeld aan het college van burgemeester en wethouders onder opgave van datum en uur van de plechtigheid en de wijze waarop de plechtigheid zal plaatsvinden. 2. De deelnemers aan de plechtigheid, bedoeld in het eerste lid, moeten zich in het belang van de orde, rust en netheid houden aan de aanwijzingen van de beheerder.

1. Dodenherdenkingen, onthullingen van gedenktekens en dergelijke plechtigheden op de begraafplaats moeten zeven werkdagen tevoren worden gemeld aan het college van burgemeester en wethouders onder opgave van datum en uur van de plechtigheid en de wijze waarop de plechtigheid zal plaatsvinden. 2. De deelnemers aan de plechtigheid, bedoeld in het eerste lid, moeten zich in het belang van de orde, rust en netheid houden aan de aanwijzingen van de beheerder.

Artikel 7 Opgravingen en ruimen

Artikel 7 Opgravingen en ruimen

Het opgraven van lijken en het ruimen van graven is slechts toegestaan indien daarbij geen andere personen aanwezig zijn dan degenen die met deze werkzaamheden zijn belast.

Het opgraven van lijken en het ruimen van graven is slechts toegestaan indien daarbij geen andere personen aanwezig zijn dan degenen die met deze werkzaamheden zijn belast.

Hoofdstuk 3 VOORSCHRIFTEN VOOR LIJKBEZORGING

Hoofdstuk 3 VOORSCHRIFTEN VOOR LIJKBEZORGING

Artikel 8 Kennisgeving begraven en asbezorging, openen en sluiten van het graf 1. Degene, die wil doen begraven, as wil doen bijzetten of as wil doen verstrooien, geeft daarvan uiterlijk om 12.00 uur van de werkdag voorafgaande aan die waarop de begraving, bijzetting of verstrooiing zal plaatsvinden, schriftelijk kennis aan het college van burgemeester en wethouders. De zaterdag geldt voor de toepassing van deze bepaling niet als werkdag.

Artikel 8 Kennisgeving begraven en asbezorging, openen en sluiten van het graf 1. Degene, die wil doen begraven, as wil doen bijzetten of as wil doen verstrooien, geeft daarvan uiterlijk om 12.00 uur van de werkdag voorafgaande aan die waarop de begraving, bijzetting of verstrooiing zal plaatsvinden, schriftelijk kennis aan het college van burgemeester en wethouders. De zaterdag geldt voor de toepassing van deze bepaling niet als werkdag.

In de WodL is geregeld dat een begrafenis uiterlijk op de zesde werkdag na overlijden geschiedt. Door te eisen dat een melding zeven werkdagen van te voren wordt gedaan wordt voorkomen dat deze samenvalt met een begrafenis.

-72. Indien de burgemeester toestemming heeft gegeven om het lijk binnen 36 uur na het overlijden te begraven, moet de kennisgeving aan het college van burgemeester en wethouders zo tijdig mogelijk worden gedaan met inachtneming van artikel 11, eerste lid 3. Het lijk, dan wel het omhulsel en de asbus of urn moeten zijn voorzien van een duurzaam identiteitskenmerk. De gegevens van het kenmerk moeten overeenstemmen met de administratie van de begraafplaats. 4. Het openen van een graf ter begraving of voor het bezorgen van as, en het daarna sluiten van een graf, alsmede het bedienen van de hulpmiddelen mogen uitsluitend geschieden door het personeel van de begraafplaats op aanwijzingen en onder toezicht van de beheerder.

2. Indien de burgemeester toestemming heeft gegeven om het lijk binnen 36 uur na het overlijden te begraven, moet de kennisgeving aan het college van burgemeester en wethouders zo tijdig mogelijk worden gedaan met inachtneming van artikel 11, eerste lid 3. Het lijk, dan wel het omhulsel en de asbus of urn moeten zijn voorzien van een duurzaam identiteitskenmerk. De gegevens van het kenmerk moeten overeenstemmen met de administratie van de begraafplaats. 4. Het openen van een graf ter begraving of voor het bezorgen van as, en het daarna sluiten van een graf, alsmede het bedienen van de hulpmiddelen mogen uitsluitend geschieden door het personeel van de begraafplaats op aanwijzingen en onder toezicht van de beheerder.

Artikel 9 Gebouwen

Artikel 9 Gebouwen

Het gebruik van de aula op de begraafplaats moet uiterlijk om 12.00 uur van de werkdag voorafgaande aan de dag waarop van de aula gebruik zal worden gemaakt, worden aangevraagd bij het college van burgemeester en wethouders.

Het gebruik van de aula op de begraafplaats moet uiterlijk om 12.00 uur van de werkdag voorafgaande aan de dag waarop van de aula gebruik zal worden gemaakt, worden aangevraagd bij het college van burgemeester en wethouders.

Artikel 10 Over te leggen stukken

Artikel 10 Over te leggen stukken

1. Begraving mag slechts geschieden indien van tevoren het verlof tot begraven is overgelegd aan de beheerder.

1. Begraving mag slechts geschieden indien van tevoren het verlof tot begraven is overgelegd aan de beheerder.

-82. Bijzetting van een asbus met of zonder urn in een eigen urnengraf of eigen urnennis dan wel het verstrooien van as mag slechts geschieden indien tevoren een bewijs van toestemming tot die handeling is overgelegd aan de beheerder. 3. Indien de begraving of de bijzetting van een asbus met of zonder urn in een eigen graf zal plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan de beheerder te worden overgelegd, ondertekend door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door degene die in de uitvaart voorziet. 4. De beheerder onderzoekt de genoegzaamheid van de overgelegde stukken.

Artikel 11 Tijden van begraven en asbezorging 1. Het is verboden te begraven, of as te bezorgen buiten het tijdvak van 09.00 uur tot 16.00 uur en op zon- en erkende feestdagen. 2. Het college van burgemeester en wethouders besluit hoeveel tijdsruimte er minimaal tussen twee begravingen en/of twee asbezorgingen moet zijn. 3. Het college van burgemeester en wethouders kan in bijzondere gevallen afwijkingen van het tweede lid toestaan.

4

1. Bijzetting van een asbus met of zonder urn in een particulier urnengraf of particulier urnennis dan wel het verstrooien van as mag slechts geschieden indien tevoren een bewijs van toestemming tot die handeling is overgelegd aan de beheerder. 2. Indien de begraving of de bijzetting van een asbus met of zonder urn in een particulier graf zal plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan de beheerder te worden overgelegd, ondertekend door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door degene die in de uitvaart voorziet. Begraving of bijzetting in een particulier graf, waarvan geen rechthebbende bekend is, vindt slechts plaats als gelijktijdig een nieuwe rechthebbende kan worden aangewezen. Artikel 18 is van overeenkomstige toepassing. 3. De beheerder onderzoekt de genoegzaamheid van de overgelegde stukken.

Lid 4 toegevoegd. Hiermee wordt bereikt dat na overlijden van een rechthebbende er expliciet een nieuwe rechthebbende wordt aangewezen. Waardoor duidelijk is wie verantwoordelijk is voor een graf. Door op te nemen “.. kan worden..” blijft het mogelijk om geen rechthebbende aan te wijzen ingeval er geen nabestaanden zijn of nabestaanden geen rechthebbende wensen te worden en bijvoorbeeld een executeur-testamentair de begrafenis regelt.

Artikel 11 Tijden van begraven en asbezorging 1. Het is verboden te begraven, of as te bezorgen buiten het tijdvak van 09.00 uur tot 16.00 uur en op zon- en erkende feestdagen. 2. Het college van burgemeester en wethouders besluit hoeveel tijdsruimte er minimaal tussen twee begravingen en/of twee asbezorgingen moet zijn. 3. Het college van burgemeester en wethouders kan in bijzondere gevallen afwijkingen van het tweede lid toestaan.

De nieuwe tekstuele indeling is ter verduidelijk. De toevoeging Vlinderveld is een gevolg van de naamgeving en ter verduidelijking.

-9Hoofdstuk 4 INDELING EN UITGIFTE VAN DE GRAVEN

Hoofdstuk 4 INDELING EN UITGIFTE VAN DE GRAVEN

Artikel 12 Indeling graven en asbezorging

Artikel 12 Indeling graven en asbezorging

1. Op de begraafplaatsen kunnen worden uitgegeven eigen graven. 2. Op de begraafplaats Nunspeet-West kunnen daarnaast worden uitgegeven: a. eigen urnengraven; b. eigen urnennissen; c. eigen gedenkteken op de gedenkplaats; d. bij het asverstrooiingsveld het recht as te verstrooien; e. kindergraven; f. eigen gedenkteken op de gedenkplaats voor vroeggeborenen. 3. Op de begraafplaats Elspeet kunnen daarnaast worden uitgegeven: a. eigen gedenkteken op de gedenkplaats voor vroeggeborenen; b. kindergraven. 4. Het college van burgemeester en wethouders bepaalt bij nader vast te stellen regels hoeveel lijken en hoeveel asbussen met of zonder urnen er kunnen worden bijgezet in de eigen graven. Zij bepaalt tevens de afmetingen van de eigen graven, kindergraven, eigen urnengraven en eigen urnennissen

1. Op de begraafplaatsen kunnen worden uitgegeven particuliere graven. a. Op de begraafplaats Nunspeet-West kunnen naast particuliere graven worden uitgegeven: 1. Particuliere urnengraven; 2. Particuliere urnennissen; 3. Particulier gedenkteken op de gedenkplaats; 4. Bij het asverstrooiingsveld het recht as te verstrooien; 5. Particuliere kindergraven op het Vlinderveld; 6. Particulier gedenkteken op het Vlinderveld . b. Op de begraafplaats Elspeet kunnen naast particuliere graven worden uitgegeven: 1. Particulier gedenkteken op het Vlinderveld ; 2. Particuliere kindergraven op het Vlinderveld. 2. Het college van burgemeester en wethouders bepaalt bij nader vast te stellen regels hoeveel lijken en hoeveel asbussen met of zonder urnen er kunnen worden bijgezet in de particuliere graven. Zij bepaalt tevens de afmetingen van de particuliere graven, kindergraven, particuliere urnengraven en particuliere urnennissen

- 10 Artikel 13 Aantal overledenen in algemene graven

Artikel 13 Aantal overledenen in algemene graven

In de algemene graven kan een door het college van burgemeester en wethouders te bepalen aantal lijken worden begraven. Zij bepaalt tevens de afmeting van de algemene graven.

In de algemene graven kan een door het college van burgemeester en wethouders te bepalen aantal lijken worden begraven. Zij bepaalt tevens de afmeting van de algemene graven.

Artikel 14 Volgorde van uitgifte 1. De eigen graven worden slechts voor directe begraving en in volgorde van ligging uitgegeven. 2. Het college van burgemeester en wethouders kan in bijzondere omstandigheden een eigen graf toewijzen buiten de volgorde van uitgifte, indien dit wegens de situatie op de begraafplaatsen niet bezwaarlijk is.

Artikel 14 Volgorde van uitgifte 1. De particuliere graven worden slechts voor directe begraving en in volgorde van ligging uitgegeven. 2. Het college van burgemeester en wethouders kan in bijzondere omstandigheden een particulier graf toewijzen buiten de volgorde van uitgifte, indien dit wegens de situatie op de begraafplaatsen niet bezwaarlijk is.

Artikel 15 Categorieën Artikel 15 Categorieën Het college van burgemeester en wethouders kan bij nader vast te stellen regels de algemene en eigen graven onderverdelen in categorieën. Zij bepalen voor de verschillende categorieën de situering en oppervlakte. Artikel 16 Termijnen eigen graven/eigen urnen graven 1. Het college van burgemeester en wethouders verleent, als de daartoe bestemde ruimte van de begraafplaats(en) dit toelaat, op een daartoe bij hen schriftelijk In te dienen aanvraag, voor de tijd van dertig jaar het recht op een eigen graf. De termijn begint te lopen op de datum waarop het eigen graf is uitgegeven.

Het college van burgemeester en wethouders kan bij nader vast te stellen regels de algemene en particulier graven onderverdelen in categorieën. Zij bepalen voor de verschillende categorieën de situering en oppervlakte.

Beleidswijziging; wordt in het commisievoorstel/raadsvoorstel toegelicht en onderbouwd. Voor onbepaalde tijd uitleggen als: Periode dat de begraafplaats als zodanig in gebruik is. Voor de na 1988 uitgegeven grafrechten geldt dat ze met terugwerkende kracht omgezet worden naar ‘onbepaalde tijd’. Voor zover er nog rechthebbenden zijn worden deze daarvan in kennis gesteld.

Artikel 16 Termijnen particuliere graven/particuliere urnengraven en particuliere urnennissen

Omdat het recht op een graf voor onbepaalde tijd kan worden uitgeven wordt dit ook doorgetrokken t.a.v. de uitgifte van een urnennis.

- 11 2. In afwijking van het eerste lid verleent het college van burgemeester en wethouders op een daartoe schriftelijk in te dienen aanvraag voor de tijd van vijf jaar het recht op een eigen urnennis. De termijn begint te lopen op de datum waarop de eigen urnennis is uitgegeven en kan maximaal vijfmaal met een termijn van vijf jaar worden verlengd, mits de aanvraag daartoe voor het verstrijken van de lopende termijn wordt ingediend. 3. Binnen een jaar na beëindiging van het recht als bedoeld in het tweede lid, wordt door de rechthebbende aan de in de eigen urnennis geplaatste urn een andere bestemming gegeven. Na afloop van dit jaar kunnen burgemeester en wethouders de urn verwijderen uit de urnennis en daaraan een jaar na de verwijdering een definitieve bestemming geven door middel van verstrooiing van de as. De verwijdering vindt niet eerder plaats dan het moment waarop de rechthebbende tijdig en behoorlijk per brief is opgeroepen om te worden ingelicht over het voornemen tot verwijdering. Ingeval de rechten bedoeld in het tweede lid verlengd zijn tot maximaal dertig jaar vindt geen verwijdering plaats. 4. Een recht als bedoeld in dit artikel, kan slechts aan een rechthebbende worden verleend ten behoeve van zichzelf en voor de personen genoemd in artikel 18, eerste lid.

1. Het college van burgemeester en wethouders verleent, als de daartoe bestemde ruimte van de begraafplaats(en) dit toelaat, op een daartoe bij hen schriftelijk in te dienen aanvraag, voor onbepaalde tijd het recht op een particulier graf. De termijn begint te lopen op de datum waarop het particulier graf is uitgegeven. 2. In afwijking van het eerste lid verleent het college van burgemeester en wethouders op een daartoe schriftelijk in te dienen aanvraag voor de tijd van vijf jaar het recht op een particulier urnennis. De termijn begint te lopen op de datum waarop de particuliere urnennis is uitgegeven en kan telkens met een termijn van vijf jaar worden verlengd, mits de aanvraag daartoe voor het verstrijken van de lopende termijn wordt ingediend. 3. Binnen een jaar na beëindiging van het recht als bedoeld in het tweede lid, wordt door de rechthebbende aan de in de particuliere urnennis geplaatste urn een andere bestemming gegeven. Na afloop van dit jaar kunnen burgemeester en wethouders de urn verwijderen uit de urnennis en daaraan een jaar na de verwijdering een definitieve bestemming geven door middel van verstrooiing van de as. De verwijdering vindt niet eerder plaats dan het moment waarop de rechthebbende tijdig en behoorlijk per brief is opgeroepen om te worden ingelicht over het voornemen tot verwijdering.

Ingeval de rechten bedoeld in het tweede lid zijn verlengd tot een periode van dertig jaar vindt na deze periode geen verwijdering plaats.

- 12 4. Een recht als bedoeld in dit artikel, kan slechts aan een rechthebbende worden verleend ten behoeve van zichzelf en voor de personen genoemd in artikel 18, eerste lid. Artikel 16a Begraving of bijzetting na verstrijken termijn van recht op eigen graf

Artikel 16a is vervallen

Na het verstrijken van de termijnen als bedoeld in artikel 16 eerste en tweede lid is een tweede of derde begraving van een lijk of bijzetting van een bus met as, van echtgenoot of partner of een persoon die een eerste of tweede graad van bloed- of aanverwantschap heeft met de al eerder begraven of bijgezette persoon, mogelijk. Artikel 17 Grafkelder Het college van burgemeester en wethouders kan aan de rechthebbende op een eigen graf vergunning verlenen tot het daarin voor eigen rekening doen aanbrengen van een grafkelder overeenkomstig de door hen te stellen voorwaarden.

Artikel 17 Grafkelder Het college van burgemeester en wethouders kan aan de rechthebbende op een particulier graf vergunning verlenen tot het daarin voor eigen rekening doen aanbrengen van een grafkelder overeenkomstig de door hen te stellen voorwaarden.

Artikel 18 Overschrijving van verleende rechten 1. Het recht op een eigen graf kan op aanvraag van de rechthebbende worden overgeschreven ten name van de echtgenoot of levenspartner dan wel een bloedverwant of aanverwant tot en met de derde graad. Overschrijving op verzoek van de rechthebbende ten name van een ander dan de vorengenoemde personen is slechts mogelijk, indien daarvoor gewichtige redenen bestaan.

Artikel 18 Overschrijving van verleende rechten 1. Het recht op een particulier graf kan op aanvraag van de rechthebbende worden overgeschreven ten name van de echtgenoot of levenspartner dan wel een bloedverwant of aanverwant tot en met de derde graad. Overschrijving op verzoek van de rechthebbende ten name van een ander dan de vorengenoemde personen is slechts mogelijk, indien daarvoor gewichtige redenen bestaan.

Artikel 16a is, vanwege het feit dat grafrechten voor onbepaalde tijd worden uitgegeven, niet meer nodig en kan vervallen.

- 13 2. Na het overlijden van de rechthebbende kan het eigen graf worden overgeschreven op naam van de echtgenoot of levenspartner dan wel een bloed- of aanverwant tot en met de derde graad, mits de aanvraag hiertoe wordt gedaan binnen drie jaar na het overlijden van de rechthebbende. Overschrijving ten name van een ander dan de in de vorige zin bedoelde personen is slechts mogelijk indien daarvoor gewichtige redenen bestaan. 3. Indien na het overlijden van de rechthebbende de aanvraag tot overschrijving aan het college van burgemeester en wethouders niet wordt gedaan binnen de in het tweede lid van dit artikel gestelde termijn, is het college van burgemeester en wethouders bevoegd het recht op het eigen graf te doen vervallen. 4. Na het verstrijken van de in het tweede lid genoemde termijn van drie jaar kan het college van burgemeester en wethouders het eigen graf alsnog op naam stellen van een nieuwe rechthebbende.

2. Na het overlijden van de rechthebbende kan het particulier graf worden overgeschreven op naam van de echtgenoot of levenspartner dan wel een bloed- of aanverwant tot en met de derde graad, mits de aanvraag hiertoe wordt gedaan binnen drie jaar na het overlijden van de rechthebbende. Overschrijving ten name van een ander dan de in de vorige zin bedoelde personen is slechts mogelijk indien daarvoor gewichtige redenen bestaan. 3. Indien na het overlijden van de rechthebbende de aanvraag tot overschrijving aan het college van burgemeester en wethouders niet wordt gedaan binnen de in het tweede lid van dit artikel gestelde termijn, is het college van burgemeester en wethouders bevoegd het recht op het particulier graf te doen vervallen. 4. Na het verstrijken van de in het tweede lid genoemde termijn van drie jaar kan het college van burgemeester en wethouders het particulier graf alsnog op naam stellen van een nieuwe rechthebbende.

Artikel 19 Afstand doen van graven

Artikel 19 Afstand doen van graven

Zonder aanspraak te kunnen maken op enige vergoeding kan de rechthebbende schriftelijk afstand doen ten behoeve van de gemeente van het recht op het eigen graf. Van de ontvangst van zodanige verklaring doet het college van burgemeester en wethouders schriftelijk mededeling aan de rechthebbende.

Zonder aanspraak te kunnen maken op enige vergoeding kan de rechthebbende schriftelijk afstand doen ten behoeve van de gemeente van het recht op het particulier graf. Van de ontvangst van zodanige verklaring doet het college van burgemeester en wethouders schriftelijk mededeling aan de rechthebbende.

- 14 Artikel 20 Sluiting van graven 1. Op aanvraag van de rechthebbende kan het college van burgemeester en wethouders een graf gesloten verklaren. Gedurende de tijd dat een graf gesloten is, mag daarop geen andere grafbedekking worden geplaatst en mag daarin geen andere begraving plaatshebben, of asbus worden bijgezet, dan die van de stoffelijke overschotten van de personen die de rechthebbende in zijn aanvraag met name heeft genoemd. 2. Het college van burgemeester en wethouders bepaalt in overleg met de rechthebbende de periode waarvoor de in het eerste lid bedoelde sluiting zal geschieden. Zij stellen de bijzondere voorwaarden vast, waaraan moet zijn voldaan alvorens het graf gesloten wordt verklaard.

Artikel 20 Sluiting van graven 1. Op aanvraag van de rechthebbende kan het college van burgemeester en wethouders een graf gesloten verklaren. Gedurende de tijd dat een graf gesloten is, mag daarop geen andere grafbedekking worden geplaatst en mag daarin geen andere begraving plaatshebben, of asbus worden bijgezet, dan die van de stoffelijke overschotten van de personen die de rechthebbende in zijn aanvraag met name heeft genoemd. 2. Het college van burgemeester en wethouders bepaalt in overleg met de rechthebbende de periode waarvoor de in het eerste lid bedoelde sluiting zal geschieden. Zij stellen de bijzondere voorwaarden vast, waaraan moet zijn voldaan alvorens het graf gesloten wordt verklaard.

Hoofdstuk 5 GRAFBEDEKKINGEN

Hoofdstuk 5 GRAFBEDEKKINGEN

Artikel 21 Vergunning grafbedekking

Artikel 21 Vergunning grafbedekking

1. Voor het hebben van een grafbedekking is de schriftelijke vergunning nodig van het college van burgemeester en wethouders. 2. Omtrent de wijze van aanvraag van de vergunning, de aard en de afmetingen van de grafbedekking en de wijze van aanbrengen kan het college van burgemeester en wethouders nadere regels vaststellen.

1. Voor het hebben van een grafbedekking is de schriftelijke vergunning nodig van het college van burgemeester en wethouders. 2. Voor het hebben van een tijdelijke grafbedekking is een aanvaarde melding nodig van het college van burgemeester en wethouders. 3. De aanvraag voor het hebben van grafbedekking of de melding tijdelijke grafbedekking wordt gedaan door de rechthebbende op een particulier graf.

.

Lid 2 is in de nieuwe verordening toegevoegd, waardoor het mogelijk is om op een graf een tijdelijke grafbedekking aan te brengen. Middels lid 4 kan het college daaraan de voorwaarden verbinden.

- 15 3. Het college van burgemeester en wethouders kan ontheffing verlenen van de door hen vastgestelde nadere regels. 4. Het college van burgemeester en wethouders kan de vergunning weigeren indien: a. a. niet voldaan wordt aan de door hen vastgestelde nadere regels; b. b. de grafbedekking afbreuk doet aan het aanzien van de begraafplaats; c. c. de duurzaamheid van de materialen onvoldoende is; d. d. de constructie van de grafbedekking ondeugdelijk is 5. Ingeval artikel 16a van toepassing is kan het college van burgemeester en wethouders vergunning verlenen tot vernieuwing of wijziging van de grafbedekking. 6. De toestemming voor het plaatsen van een gedenkteken op een van de gedenkplaatsen ge-noemd in artikel 12 tweede en derde lid, wordt verleend voor een termijn van vijf jaar. Deze termijn kan eenmaal met vijf jaar worden verlengd.

4. Omtrent de wijze van aanvraag van de vergunning of het doen van de melding, de aard en de afmetingen van de grafbedekking en de wijze van aanbrengen kan het college van burgemeester en wethouders nadere regels vaststellen. 5. De toestemming voor het plaatsen van een particulier gedenkteken op een van de gedenkplaatsen genoemd in artikel 12 eerste lid onder a sub 6 en eerste lid onder b sub 2, wordt verleend voor een termijn van vijf jaar. Deze termijn kan telkens met vijf jaar worden verlengd.

Lid 3 is in de nieuwe verordening toegevoegd zodat expliciet gemaakt wordt dat alleen de rechthebbende een aanvraag of melding kan doen. Lid 3 en 4 van de huidige verordening kunnen vervallen omdat in lid 4 van de nieuwe verordening een uitwerkingsbevoegdheid voor het college is opgenomen in een beleidsregel. Het 5e lid van de huidige verordening kan vervallen vanwege het feit dat grafrechten voor onbepaalde tijd worden uitgegeven.

Het 6e lid van de huidige verordening is het 5e lid in de nieuwe verordening geworden en regelt dat in het gedenkteken op het vlinderveld een gedenkteken kan worden geplaats.

T ekstuele verduidelijking.

Artikel 22 Nieuw Artikel

Artikel 22 gedoogplicht

De vergunninghouder is verplicht te gedogen, dat de zich op het graf bevindende voorwerpen door of vanwege de gemeente worden weggenomen of verplaatst voorzover en voor zolang zulks nodig is in verband met de begraving van lijken of bijzetting van asbussen met of zonder urnen in de nabijheid of om andere dringende redenen.

De vergunninghouder is verplicht te gedogen, dat de zich op het graf bevindende voorwerpen door of vanwege de gemeente worden weggenomen of verplaatst voor zover en voor zolang zulks nodig is in verband met de begraving van lijken of bijzetting van asbussen met of zonder urnen in de nabijheid of om andere dringende redenen.

- 16 -

Artikel 23 Grafbeplanting

Artikel 23 Grafbeplanting

Niet-blijvende beplantingen op een graf die in een verwaarloosde staat verkeren, kunnen door de beheerder worden verwijderd zonder dat aanspraak kan worden gemaakt op schadevergoeding. Losse bloemen, planten, kransen en dergelijke kunnen, wanneer zij verwelkt zijn, door de beheerder worden verwijderd. Winterharde beplanting mag bij volle wasdom de voor het graf beschikbare oppervlakte niet overschrijden of moeten door besnoeiing binnen de oppervlakte kunnen worden gehouden. Deze besnoeiing kan door de beheerder worden uitgevoerd.

Het is toegestaan om op een graf bloemen, attributen en beplanting aan te brengen. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen over de bloemen, attributen en beplanting en over de wijze van besnoeiing en verwijdering ervan.

Artikel 24 Verwijdering grafbedekking

Artikel 24 Verwijdering grafbedekking

1. De grafbedekking kan na het verstrijken van de graftermijn door het college van burgemeester en wethouders worden verwijderd. 2. Het voornemen tot verwijdering van de grafbedekking wordt gedurende ten minste een jaar, voorafgaande aan het tijdstip waarop de grafbedekking zal worden verwijderd, door op een graf te plaatsen bordje door het college van burgemeester en wethouders bekendgemaakt, tenzij het adres van de rechthebbende bij het college van burgemeester en wethouders bekend is. In dat geval maken zij aan hem uiterlijk twaalf weken voor het genoemd tijdstip per brief hun voornemen bekend.

1. De grafbedekking kan na het verstrijken van de graftermijn door het college van burgemeester en wethouders worden verwijderd. 2. Het voornemen tot verwijdering van de grafbedekking wordt gedurende ten minste een jaar, voorafgaande aan het tijdstip waarop de grafbedekking zal worden verwijderd, door op een graf te plaatsen bordje door het college van burgemeester en wethouders bekendgemaakt, tenzij het adres van de rechthebbende bij het college van burgemeester en wethouders bekend is. In dat geval maken zij aan hem uiterlijk twaalf weken voor het genoemd tijdstip per brief hun voornemen bekend. 3. De rechthebbende kan gedurende de in het 2e lid genoemde termijn het college schriftelijk verzoeken de grafbedekking aan hem ter beschikking te stellen.

In het nieuwe artikel 23 wordt geregeld wat wel toegestaan is. Het huidige artikel zal, via de uitwerkingsbevoegdheid, door het college in een beleidsregel worden geregeld.

- 17 3. De rechthebbende kan gedurende de in het 2e lid genoemde termijn het college schriftelijk verzoeken de grafbedekking aan hem ter beschikking te stellen. Artikel 25 Onderhoud door de rechthebbende 1. De rechthebbende is verplicht de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen. 2. Indien het onderhoud, als bedoeld in lid 1, niet behoorlijk plaatsvindt, geschiedt zulks van gemeentewege op kosten van rechthebbende; het vorenstaande vindt eerst plaats nadat rechthebbende binnen de in de bekendmaking te stellen termijn in de gelegenheid is gesteld alsnog in het onderhoud te voorzien. 3. Indien hij nalaat de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen, kan het college van burgemeester en wethouders de hiervoor in aanmerking komende voorwerpen of zo nodig de gehele grafbedekking doen verwijderen. 4. De verwijdering vindt niet plaats dan nadat de rechthebbende behoorlijk per brief is opgeroepen om te worden ingelicht over de toestand van de grafbedekking. De oproeping geschiedt door mededeling op het mededelingenbord op de begraafplaats als het adres van de rechthebbende niet bekend is. Bij het graf wordt een verwijzing naar de mededeling aangebracht.

Artikel 25 Onderhoud door de rechthebbende 1. De rechthebbende is verplicht de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen. 2. Indien het onderhoud, als bedoeld in lid 1, niet behoorlijk plaatsvindt, geschiedt zulks van gemeentewege op kosten van rechthebbende; het vorenstaande vindt eerst plaats nadat rechthebbende binnen de in de bekendmaking te stellen termijn in de gelegenheid is gesteld alsnog in het onderhoud te voorzien. 3. Indien hij nalaat de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen, kan het college van burgemeester en wethouders de hiervoor in aanmerking komende voorwerpen of zo nodig de gehele grafbedekking doen verwijderen. 4. De verwijdering vindt niet plaats dan nadat de rechthebbende behoorlijk per brief is opgeroepen om te worden ingelicht over de toestand van de grafbedekking. De oproeping geschiedt door mededeling op het mededelingenbord op de begraafplaats als het adres van de rechthebbende niet bekend is. Bij het graf wordt een verwijzing naar de mededeling aangebracht.

Artikel 26 Onderhoud door de gemeente

Artikel 26 Onderhoud door de gemeente

- 18 1. Het onderhoud van de grafbedekking kan geschieden door de gemeente, mits bij aanvaarding de grafbedekking in goede staat verkeert, zulks tegen een vergoeding van de rechten als omschreven in de Verordening op de heffing en invordering van begraafrecht in de gemeente Nunspeet. 2. Het college van burgemeester en wethouders kan besluiten dat tegen betaling van een bedrag, nader in de Verordening op de heffing en invordering van begraafrecht in de gemeente Nunspeet bepaald, een rechthebbende van het graf het jaarlijks te betalen onderhoudsrecht afkoopt door storting ineens. 3. Onder het onderhoud van de grafbedekking wordt verstaan het schoonhouden en het na verzakking opnieuw stellen van het gedenkteken, het eenmaal per jaar reinigen van het gedenkteken en de zorg voor de winterharde beplantingen.

1. Het onderhoud van de grafbedekking kan geschieden door de gemeente, mits bij aanvaarding de grafbedekking in goede staat verkeert, zulks tegen een vergoeding van de rechten als omschreven in de Verordening op de heffing en invordering van begraafrecht in de gemeente Nunspeet. 2. Het college van burgemeester en wethouders kan besluiten dat tegen betaling van een bedrag, nader in de Verordening op de heffing en invordering van begraafrecht in de gemeente Nunspeet bepaald, een rechthebbende van het graf het jaarlijks te betalen onderhoudsrecht afkoopt door storting ineens. 3. Onder het onderhoud van de grafbedekking wordt verstaan het schoonhouden en het na verzakking opnieuw stellen van het gedenkteken, het eenmaal per jaar reinigen van het gedenkteken en de zorg voor de winterharde beplantingen.

Hoofdstuk 6 OPGRAVING

Hoofdstuk 6 OPGRAVING

Artikel 27 Nieuw Artikel

Artikel 27 Op verzoek schudden van graf

- 19 1. De rechthebbende op een eigen graf, kan bij het college van burgemeester en wethouders een aanvraag indienen om de overblijfselen te doen verzamelen om deze weer in dezelfde grafruimte te doen plaatsen dan wel om deze elders opnieuw te doen begraven. De rechthebbende op een eigen urnengraf of urnennis kan bij het college van burgemeester en wethouders een aanvraagindienen de asbus ter beschikking te houden om elders bij te zetten, of om de as te doen verstrooien. 2. Het in het eerste lid genoemde verzoek wordt ingewilligd indien in het desbetreffende graf een persoon is begraven of is bijgezet, die een bloedverwantschap in de eerste graad heeft met de rechthebbende, of die gehuwd is geweest met de rechthebbende of indien van toepassing de nieuwe echtgeno(o)t(e) of partner van de rechthebbende. Hoofdstuk 7 INSTANDHOUDEN HISTORISCHE GRAVEN EN OPVALLENDE GRAFBEDEKKING

1. De rechthebbende op een particulier graf, kan bij het college van burgemeester en wethouders een aanvraag indienen om de overblijfselen te doen verzamelen om deze weer in dezelfde grafruimte te doen plaatsen dan wel om deze elders opnieuw te doen begraven. De rechthebbende op een particulier urnengraf of urnennis kan bij het college van burgemeester en wethouders een aanvraagindienen de asbus ter beschikking te houden om elders bij te zetten, of om de as te doen verstrooien. 2. Het in het eerste lid genoemde verzoek wordt ingewilligd indien in het desbetreffende graf een persoon is begraven of is bijgezet, die een bloed- of aanverwantschap in de eerste of tweede graad heeft met de rechthebbende, of die gehuwd is geweest of een geregistreerd partnerschap heeft gehad met de rechthebbende of indien van toepassing de nieuwe echtgeno(o)t(e) of partner van de rechthebbende.

Ook tweede graad toegevoegd: zie toelichting bij artikel 3.

Hoofdstuk 7 kan vervallen. Nu grafrechten voor onbepaalde tijd worden uitgegeven en ook staand beleid is dat geen graven en grafmonumenten worden geruimd is er geen noodzaak tot bijhouden van een dergelijke lijst.

Betreft omnummering i.v.m. vervallen van hoofdstuk 7 en artikel 28.

Hoofstuk 7 is vervallen.

Artikel 28 Lijst Het college van burgemeester en wethouders houdt een lijst bij van graven die van historische betekeniszijn of waarvan de grafbedekking een opvallende kwaliteit heeft.

Omnummering en Artikel 29 nieuwe verordening is een juridische wijziging en verduidelijking van artikel 30 huidige Verordening.

Hoofdstuk 8 INRICHTING REGISTER

Hoofdstuk 7 INRICHTING REGISTER

Artikel 29 Voorschriften

Artikel 28 Voorschriften

- 20 -

1. Het college van burgemeester en wethouders stelt voorschriften vast voor het register van de begraven lijken en de bezorgde as. 2. Het register wordt bijgehouden door het college van burgemeester en wethouders.

1. Het college van burgemeester en wethouders kan voorschriften vaststellen voor het register van de begraven lijken en de bezorgde as. 2. Het register wordt bijgehouden door het college van burgemeester en wethouders.

Hoofdstuk 9 SLOTBEPALINGEN

Hoofdstuk 8 SLOTBEPALINGEN

Artikel 30 Overgangsbepaling

Artikel 29 Overgangsbepaling

De rechten en verplichtingen met betrekking tot eigen graven die voortvloeien uit de ingevolge artikel 32 ingetrokken verordening, worden geacht ingevolge deze verordening te zijn ontstaan.

Artikel 31 Strafbepaling 1. Voorzover overtreding van een bij of krachtens deze verordening gegeven voorschrift niet afzonderlijk in de Wet op de lijkbezorging strafbaar is gesteld, wordt overtreding daarvan gestraft met een geldboete van de eerste categorie.

1. Besluiten van het college die genomen zijn krachtens de Beheersverordening begraafplaatsen gemeente Nunspeet van 1 januari 1998 en sedertdien gewijzigd, gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. 2. Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om vergunning op grond van de Beheersverordening begraafplaatsen gemeente Nunspeet van 1 januari 1998 en sedertdien gewijzigd, is ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening niet op de aanvraag is beslist, wordt daarop deze verordening toegepast.

omnummering

omnummering

Artikel 30 Strafbepaling 1. Voor zover overtreding van een krachtens deze verordening gegeven voorschrift niet afzonderlijk in de Wet op de lijkbezorging strafbaar is gesteld, wordt overtreding daarvan gestraft met een geldboete van de eerste categorie.

omnummering

- 21 2. Overtreding van enige bepaling van deze verordening kan voorts worden gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak. 3. Artikel 32 Inwerkingtreding

2. Overtreding van enige bepaling van deze verordening kan voorts worden gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak. Artikel 31 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op 1 januari 1998, met ingang van welke datum de Beheersverordening algemene begraafplaatsen van 24 februari 1994 vervalt.

Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2023, met ingang van welke datum de Verordening algemene begraafplaatsen van 1 januari 1998 en sedertdien gewijzigd wordt ingetrokken.

Artikel 33 Citeertitel

Artikel 32 Citeertitel

Deze verordening kan worden aangehaald als Beheersverordening begraafplaatsen gemeente Nunspeet.

Deze verordening kan worden aangehaald als Beheersverordening begraafplaatsen gemeente Nunspeet

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11868735/1