CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

AP 6d. Bijlage Samen op weg naar een duurzame heide

Commissie Ruimte en Wonen 10 maart 2025, gemeente NunspeetBij agendapunt: Heidebeheervisie (2025-2049) en beheerplan (2025-2034).7.333 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Samen op weg naar een duurzame heide

Samen op weg naar een duurzame heide Gemeente Nunspeet

Inhoudsopgave 1

Inleiding ........................................................................................................................................... 3

2

Waarom een heidebeheerplan? ...................................................................................................... 3 2.1

Nieuwe inzichten...................................................................................................................... 4

2.2

Verplichting .............................................................................................................................. 4

2.3

Klimaatverandering .................................................................................................................. 5

2.4

Stikstofdepositie....................................................................................................................... 5

2.5

Bufferstoffen ............................................................................................................................ 6

2.6

Achteruitgang van insecten in heideterreinen .......................................................................... 6

2.7

Honingbijen versus wilde bijen ................................................................................................. 6

2.8

Recreatiedruk en verstoring .................................................................................................... 7

2.9

Vroeger werd plaggen gezien als herstelmaatregel................................................................. 7

3

De heides van Nunspeet................................................................................................................... 8

4

Verschillende waarden heideterreinen .......................................................................................... 24

5

6

4.1

Natuurwaarden ...................................................................................................................... 24

4.2

Archeologische en cultuurhistorische waarden ...................................................................... 25

4.3

Recreatieve waarden ............................................................................................................. 28

4.4

Recreatiezonering ............................................................................................................... 28

Toekomstbeeld/Ambities ............................................................................................................... 32 5.1

Grotere rol voor schapenbeheer ............................................................................................. 32

5.2

Negatieve effecten van bodemverzuring verzachten ............................................................. 34

5.3

Vergroten van de structuurvariatie ......................................................................................... 34

5.4

Meer kansen voor bosrandontwikkeling en loofhout .............................................................. 35

5.5

Heideterreinen verbinden ...................................................................................................... 35

5.6

Populatieherstel en instandhouding van zeven broedvogelsoorten ........................................ 36

5.7

Vergroten van kansen voor insecten ...................................................................................... 38

Voorgestelde maatregelen ............................................................................................................. 38 6.1

Beheermaatregelen ............................................................................................................... 38

6.2

Herstelmaatregelen: .............................................................................................................. 39

2

1 Inleiding In de gemeente Nunspeet zijn er waardevolle en uitgestrekte heidegebieden te vinden. Momenteel wordt er gewerkt aan een nieuw beheerplan en heidebeheervisie voor deze gebieden. We hebben het voorstel en de achterliggende redenen samengebracht in het document genaamd "Samen op weg naar een duurzame heide". We nodigen iedereen uit om te reageren op dit document en ook om hun behoeften en wensen met betrekking tot dit onderwerp met ons te delen. Het doel is om alle aandachtspunten en discussiepunten duidelijk in kaart te brengen, zodat we ze kunnen voorleggen aan het college van burgemeester en wethouders en de gemeenteraad. Uiteindelijk zal de gemeenteraad beslissen welke maatregelen er worden genomen. In hoofdstuk 5 wordt er aandacht gegeven wat de visie inhoud en in hoofdstuk 6 wordt ingegaan op de beheersmaatregelen.

2 Waarom een heidebeheerplan? Zo ging het vroeger Om de heidegebieden te behouden, is actief beheer essentieel; anders zullen ze vanzelf overgroeien met bos. Heide is historisch gezien een door mensen gecreeerd landschap en werd vroeger gebruikt voor agrarische doeleinden. In de vorige eeuwen werd het veel benut in de landbouw. Echter, met de opkomst van kunstmest in het begin van de 20e eeuw, nam het agrarisch gebruik van heide snel af, waardoor de heide in Nederland sterk afnam.

Zo ging heideplaggen vroeger

3

Om het gebrek aan nut te compenseren, werd een deel van de heide beplant met bos, voornamelijk voor mijnhout, terwijl andere delen vanzelf dichtgroeiden. In de overgebleven heide ontstond echter rond de jaren '80/'90 een probleem met vergrassing als gevolg van stikstof en zure regen. Vanaf de jaren '80 werden grote oppervlakten heide in Nunspeet hersteld door intensieve plaggen, een praktijk die in heel Nederland werd toegepast. Daarnaast begon men in die tijd ook met begrazing en het verbinden van heidegebieden om het herstelproces te bevorderen.

2.1 Nieuwe inzichten Nieuwe inzichten over het beheer van heidegebieden zijn naar voren gekomen dankzij verschillende onderzoeksresultaten. Grootschalig plaggen, waarbij de bovenste laag van de grond wordt verwijderd, wordt tegenwoordig zelden toegepast. Dit komt doordat het zorgt voor een te uniforme begroeiing met dezelfde leeftijd van planten. Bovendien werden bij het plaggen niet alleen meststoffen verwijderd, maar ook belangrijke mineralen die juist nodig zijn voor een gezonde bodem. Het belang van deze mineralen in de bodem wordt nu beter erkend, omdat ze essentieel zijn voor de groei van planten en voor dieren die zich voeden met deze planten. Om de heidegebieden in Nunspeet te behouden, kiezen we nu ervoor om kleinschalige beheeringrepen toe te passen. Dit betekent dat we kiezen voor maatregelen zoals kleinschalig maaien of plaggen en het creëren van open zandige plekjes. Door deze aanpak houden we rekening met de behoeften van dieren, die afwisseling in hoogten en verschillende soorten begroeiing nodig hebben. We hebben geleerd dat het belangrijk is om het heidelandschap als geheel te zien en te begrijpen hoe het samenhangt met omliggende bossen, bloemrijke graslanden en akkers. Daarom richten we ons nu op een integrale aanpak en vertalen we deze nieuwe inzichten naar een nieuw beheerplan voor de heide.

We willen zo zorgen voor een gezond en divers ecosysteem, waar zowel planten als dieren floreren. 2.2 Verplichting Als gemeente Nunspeet hebben we de verantwoordelijkheid om onze heidegebieden te behouden en te zorgen voor het behoud en herstel van hun biodiversiteit. Deze verantwoordelijkheid reikt verder dan alleen gemeentelijk niveau, het is ook een Europese verplichting. Uit de Europese wetgeving komen de Natura 2000 gebieden voort, het Europese netwerk van beschermde natuurgebieden. De heideterreinen van de gemeente Nunspeet maken allemaal deel uit van zo'n Natura 2000 gebied.

4

Het doel is om de resterende heidegebieden te beschermen en te zorgen dat ze hun waardevolle diversiteit aan planten en dieren behouden en waar mogelijk herstellen. Samen dragen we bij aan het behoud van onze waardevolle natuurlijke erfgoed.

2.3 Klimaatverandering De opwarming van de aarde en toenemende droogte hebben negatieve gevolgen voor bepaalde plantensoorten op de heide. Sommige van deze soorten worden minder talrijk of verdwijnen zelfs volledig. Om de heide beter bestand te maken tegen deze veranderingen, is het essentieel om de veerkracht en diversiteit van de planten te versterken. Dit kan worden bereikt door de kwaliteit van de heide te verbeteren en een robuust systeem te ontwikkelen dat tegen deze uitdagingen bestand is.

2.4 Stikstofdepositie Stikstof, afkomstig van verschillende bronnen zoals landbouw, verkeer en industrie, bereikt onze natuurgebieden via de lucht. Dit leidt tot vermesting en verzuring van de bodem, waardoor de heide kwetsbaar wordt. Sommige soorten gaan sterk achteruit of verdwijnen zelfs, terwijl andere juist overmatig groeien. Het verwijderen van gras en bomen, die snel de heide overnemen, is een noodzakelijke taak. Helaas is de stikstofdepositie sinds 2010 niet afgenomen en overschrijdt het in heel Nederland nog steeds de maximale hoeveelheid die de heide zonder negatieve gevolgen kan verdragen.

Struikheide met zonsondergang

5

2.5 Bufferstoffen Door bodemverzuring worden essentiële stoffen in de bodem weggespoeld door regenwater, waardoor planten ze niet meer kunnen opnemen. Om dit verlies te compenseren, kunnen we bufferstoffen zoals kalk of steenmeel gebruiken. Ondanks dat het effect op de lange termijn nog niet volledig bekend is, is dit een kansrijke en weinig risicovolle maatregel. Het gebruik van bufferstoffen is momenteel een noodmaatregel en geen permanente oplossing. De gemeente Nunspeet werkt aan het behoud en herstel van onze waardevolle heidegebieden, zodat ze bestand zijn tegen klimaatverandering en een thuis blijven bieden aan een rijke verscheidenheid aan planten en dieren.

2.6 Achteruitgang van insecten in heideterreinen Heideterreinen hebben het zwaar te verduren door de achteruitgang van insecten. De problemen worden verergerd door vermesting en verzuring, wat leidt tot het verdwijnen van plantensoorten en een verslechtering van de voedselkwaliteit voor de insecten. Hierdoor raken ook de dieren die zich voeden met deze planten in de problemen, en sommige dieren verdwijnen zelfs volledig.

2.7 Honingbijen versus wilde bijen In heideterreinen komen van nature veel wilde bijensoorten voor, maar wanneer er gehouden bijen worden geplaatst, trekken deze ook gehouden bijen aan. Dit zorgt voor concurrentie tussen de wilde bijen en andere natuurlijke bestuivers, zoals zweefvliegen, die het steeds moeilijker krijgen om voldoende nectar en stuifmeel te vinden. Het onderzoek van Smit et al. uit 2021 heeft geleid tot een praktische richtlijn voor het maximaal gewenste aantal bijenkasten aan de rand van een heidegebied, afhankelijk van de oppervlakte en het percentage bloeiende heide. De richtlijn van Smit kan als hulpmiddel worden gebruikt, het kan een orde van grootte aangeven van het maximum aantal bijenkasten. Bijenkasten in de gemeente Nunspeet

6

Voor meer informatie over de nulmeting die is gedaan door stichting EIS voor de Nunspeetse bijen, klik op onderstaande link:

Bijen op heideterreinen in de gemeente … Deze rapportage doet verslag van een inventarisatie heideterreinen in de gemeente Nunspeet… https://www.eis-nederland.nl/DesktopModules/Bring2mind/DM tryId=977D

van wilde bijen op

X/API/Entries/Download?PortalId=4&TabId=492&En-

2.8 Recreatiedruk en verstoring Hoewel recreatie belangrijk is voor het welzijn en de gezondheid van mensen, kan het soms conflicteren met het behoud van de natuurwaarden. In het beheerplan wordt daarom zorgvuldig overwogen wat wel en niet toegestaan is, rekening houdend met de verplichtingen vanuit Natura 2000 en de beschermde rijksmonumenten. De toenemende recreatiedruk in Nunspeet heeft ook negatieve gevolgen voor de heideterreinen. Broedende vogels worden verstoord door onder andere loslopende honden, en het leefgebied van slangen en hagedissen wordt vertrapt en verstoord. Diersoorten van open terreinen zijn gevoeliger voor verstoring dan die van bossen. Voorspelbare en onvoorspelbare verstoring hebben beide een impact, maar vooral onvoorspelbare verstoring blijkt schadelijk te zijn voor de dieren in heideterreinen, mede doordat mensen hier sneller van de paden afwijken.

2.9 Vroeger werd plaggen gezien als herstelmaatregel Vroeger werd grootschalig plaggen gezien als oplossing tegen vergrassing in heideterreinen. Dit leidde echter tot uitgestrekte, monotone en soortenarme heidevegetaties. Diep plaggen verwijderde niet alleen stikstof, maar ook andere belangrijke mineralen in het strooisel en de heidebodem. Nieuw inzicht toont aan dat behoud van een zekere hoeveelheid organisch materiaal in de bodem van belang is voor de vestigingskansen van heidekruiden en de voedselkwaliteit van ongewervelde heidefauna, die op hun beurt weer voedsel zijn voor hogere trofische niveaus zoals vogels en reptielen. Grootschalig plaggen wordt daarom niet meer toegepast.

7

3 De heides van Nunspeet Het heidebeheerplan en de heidebeheervisie gaan over de volgende heideterreinen, te zien in onderstaand figuur. Meer informatie over de deelgebieden volgt daaronder.

8

Heideterreinen Nunspeet

Elspeetsche Heide

Ligging en historisch beeld De Elspeetsche Heide ligt aan beide zijden van de provinciale weg die van Elspeet naar Nunspeet loopt (figuur 1.1 in hoofdstuk 1). Het heideterrein wordt aan de noordzijde begrenst door een boscomplex en aan de westzijde door de Stakenbergweg. Verder loopt ten oosten van het heideterrein de Vierhouterweg/Elspeterbosweg. Het heideterrein wordt ook wel opgedeeld in drie deelgebieden namelijk de Stakenberger Heide en de Schotkamp die ten westen van de provinciale weg ligt en de Elspeetsche Heide in engere zin, die aan de oostzijde van de provinciale weg ligt. Oppervlakte en terreintypen De Elspeetsche Heide vormt met haar 768 ha het grootste heideterrein dat in bezit is van de gemeente Nunspeet. Het gebied bestaat uit een afwisseling van droge en vochtige heide met daarin op een aantal locaties nog jeneverbesstruiken, eikenstrubbenbos en grove dennenbos. Daarnaast komt in het gebied een aantal vennetjes voor. Hierbij kan een onderscheid gemaakt worden tussen vennen (met open water) en veenachtig verlande vennen. Flora en vegetatie De Elspeetsche Heide bestaat voor het grootste deel uit droge en vochtige heide, afgewisseld met pijpenstrootjevegetaties, heischraal grasland, zandige plekken met droog grasland, dennenbosjes, eikenbosjes (strubben) en vennen. 9

Westeindsche Heide

Ligging en historisch beeld De Westeindsche Heide ligt ten noordwesten van de Stakenbergweg en grenst daar aan de Elspeetsche Heide. De historische topografische kaart uit 1900 laat zien dat de Westeindsche Heide aan het begin van de vorige eeuw onderdeel uit maakte van de grote heidegebieden van de Stakenberger heide en Elspeetsche Heide. Maar ook dat er aan het begin van de 20 e eeuw al een boscomplex aangeplant was. In de jaren 1930 heeft de Westeindsche heide zijn huidige vorm gekregen doordat grote delen van de heide ten noorden en ten westen zijn ontgonnen en deels omgevormd naar bos en deels door spontane natuurlijke bosverjonging. Daarbij is na 1935 de Stakenbergweg aangelegd. In 2015 zijn in het bos weer grotere open plekken gemaakt, ter bevordering van heideontwikkeling en corridors aangelegd om verschillende heidefragmenten met elkaar te verbinden. Oppervlakte en terreintypen De Westeindsche Heide heeft een oppervlak van 92 ha. Het gebied bestaat uit een afwisseling van droge en vochtige heide met op een aantal locaties nog jeneverbesstruiken en een aangelegd ven, het Gat van Jan van Beek (ten westen van de Oude Leuvenumseweg). Het wordt aan de westzijde begrensd door een spontaan ontwikkeld grove dennenbos.

Flora en vegetatie De Westeindsche Heide bestaat grotendeels uit droge en vochtige heide, afgewisseld met kleine oppervlakten pijpenstrootje vegetaties, natte heide en (zeer lokaal) 10

heischraal grasland. De smalle strook langs de Stakenbergweg, aan de zuidkant van het gebied, heeft een mooie afwisseling van heidetypen (zowel gewone dophei, struikhei als kraaihei) en korte grazige vegetaties met aspecten van heischraal grasland. Ook het noordelijk gelegen deelgebied ten westen van het fietspad kent veel variatie. Dit deel is reliëfrijk en heeft groeiplaatsen met veel kraaihei. Aan de westzijde zijn geleidelijke overgangen naar grove dennenbosjes aanwezig. Fauna Omdat de Westeindsche Heide grenst aan de Elspeetsche Heide draagt het bij aan de robuustheid van het heideterrein en aan de omvang en stabiliteit van de populaties van heidefauna. Ook de recent gecreëerde corridor naar het Hulshorsterzand is in dat opzicht belangrijk. In het meest recente broedvogelonderzoek door Sovon in 2020 (Deuzeman et al., 2021) werden 31 broedvogelsoorten gekarteerd, waaronder 9 van de Rode Lijst: koekoek (Kwetsbaar, 2 paar), ransuil (Kwetsbaar, 1 paar), matkop (Gevoelig, 2 paar), veldleeuwerik (Gevoelig, 2 paar), graspieper (Gevoelig, 4 paar), kneu (Gevoelig, 4 paar). Niet op de Rode Lijst maar wel Natura 2000-doelsoort zijn nachtzwaluw (30 paar), boomleeuwerik (13 paar) en roodborsttapuit (12 paar).

11

Elspeterveld

Ligging en historisch beeld Het Elspeterveld ligt ten zuiden van Elspeet en grenst aan de westzijde van de Uddelerweg die van Uddel naar Elspeet loopt. Het heideterrein wordt aan de westzijde begrensd door het landbouwgebied de Schaarweide. Aan het begin van de 20 e eeuw maakt het Elspeterveld onderdeel uit van het grote heidecomplex dat rondom het dorp Elspeet lag. In de jaren 1930 heeft het Elspeterveld al meer een geïsoleerd karakter. In de buurtschap Kleine Kolonie zijn delen (verder) ontgonnen waardoor er geen directe verbinding meer aanwezig is met het heideterrein van de Kleine Kolonie. In 2010 is het Elspeterveld vanuit de zuidwesthoek verbonden met het landgoed Staverden van Geldersch Landschap door de aanleg van een 200 m brede strook nieuw loofbos met heide. Oppervlakte en terreintypen Het Elspeterveld heeft een oppervlak van 70 ha. Het gebied bestaat voornamelijk uit droge heide die aan de zuidzijde grenst aan het eikenstrubbenbos de Noord Riezen. De west- en noordzijde worden begrensd door in 1985 nieuw aangelegde loofhoutsingels.

12

Flora en vegetatie Het Elspeterveld bestaat voornamelijk uit droge heide met kenmerkende soorten zoals struikhei, gewone dophei, Rode heidelucifer en Rood bekermos. Langs de randen van de paden komen nog smalle stroken voor met heischraal grasland waarin borstelgras en tandjesgras kenmerkend zijn. Langs de zuidrand gaat de heide over in een grove dennenbos. Langs het fietspad groeit een mooi bremstruweel, belangrijk voor bloembezoekende insecten.Langs de west- en zuidoostzijde is veel vuilboom aanwezig. In de meest recente florakartering (Immerzeel, 2020) werden 6 soorten vaatplanten van de Rode Lijst vastgesteld: borstelgras, hondsviooltje, klein warkruid, kruipbrem, stekelbrem en veenbies. Op veenbies na zijn dit soorten die kenmerkend zijn voor heischrale vegetaties en enigszins gebufferde droge heide. Veenbies is een soort van vochtige heide.

13

Grote en Kleine Kolonie

Ligging en historisch beeld De Grote en Kleine Kolonie liggen ten westen van Elspeet in een kleinschalig verkaveld landschap met een verspreide bebouwing (figuur 1.1 in hoofdstuk 1). De Grote Kolonie ligt ten noorden van de Staverdense weg en wordt doorsneden door de Hooiweg. De heideterreinen worden omgeven door naald- en loofbos dat is aangelegd in 1924. De Kleine Kolonie ligt ten zuiden van de Staverdenseweg. Dit heideterrein wordt doorsneden door de Oude Garderenseweg en wordt aan de zuid- en westzijde begrensd door landbouwgronden. De historische topografische kaart uit 1900 laat zien dat de heideterreinen van de Grote en Kleine Kolonie aan het begin van de vorige eeuw onderdeel uitmaakten van de grote heidegebieden die rondom Elspeet lagen. De situatie was in 1935 geheel veranderd. De heide van de Grote Kolonie, in het noordwesten, is dan grotendeels ontgonnen en omgezet in naaldbos. Daarbij is de heide sterk geïsoleerd geraakt en zijn min of meer drie afzonderlijke heideterreinen ontstaan. De Kleine Kolonie, in het zuiden, heeft dan nog dezelfde omvang als in 1900. Door de ontginningen is ook dit heideterrein geïsoleerd komen te liggen. Oppervlakte en terreintypen De Grote Kolonie bestaat uit drie glooiende heideterreinen die worden omgeven door grove dennenbos. Het zuidelijke heideterrein ten oosten van de Hooiweg 14

bestaat grotendeels uit droge heide. In 2019 heeft hier een brand gewoed, waardoor een groot deel van de vegetatie in vlammen is opgegaan. Dit deel is nu erg open en heeft een lage vegetatie met jonge struikhei. Het noordelijke heideterrein langs de Hooiweg is vochtiger van karakter en heeft meer dophei en pijpenstrootje. De Kleine Kolonie is een groter en minder geaccidenteerd heideterrein en wordt dan de noordzijde begrensd door grove dennenbos. De vegetatie is behoorlijk gevarieerd. Het westelijk deel, gelegen naast de Middenweg en begrensd door een breed zandpad zo’n 300 m oostwaarts, bestaat uit vrij monotone struikheivegetatie. Af en toe zijn er plekken met meer gewone dophei of pijpenstrootje. Ten oosten van het brede zandpad is de vegetatie veel diverser. Delen met struikhei en grazige stukken wisselen elkaar af. Daarnaast is de variatie in leeftijd en structuur in dit deel groter. Het deel gelegen tussen de Oude Garderenseweg en de Molenbergweg zit hier tussenin. Hier is een aantal grafheuvels aanwezig met korte kruidenrijke vegetatie. Ten zuiden van de Molenbergweg ten slotte, ligt nog een kleine heidestrook begrensd door oude zomereiken, die voornamelijk uit grote dominantie van struikhei bestaat. Door het hele gebied loopt een aantal smalle paadjes, alsmede bredere zandpaden en een fietspad.

Vooral langs dit fietspad en de verharde wegen zijn kruidenrijke bermen aanwezig.

15

Kril

Ligging en historisch beeld Het gebied De Kril ligt ten zuiden van Elspeet en wordt begrensd door de Uddelerweg, de Heetkamp en de Apeldoornse weg (figuur 1.1 in hoofdstuk 1). Het heideterrein bestaat uit twee heideterreintjes omgeven door ongeveer 70 jaar oud spontaan ontwikkeld grove dennenbos met verspreid liggende stukken oud eikenstrubbenbos. Aan de oostkant van het gebied bevindt zich voormalige vuilstortplaats De Kril (gesloten in 1994) die in 1998 met folie en een pakket schoon zand is afgedekt. Hierop is heideplagsel van de Elspeterstruiken aangebracht. Er groeit nu een struikheide- en bloemrijk graslandvegetatie als nieuwe natuurontwikkeling. Flora en vegetatie De heideterreintjes bestaan uit droge heide met bronsmos, struikhei, gewone dophei en kussentjesmos. Daarnaast komen in terrein vegetaties voor die gerekend kunnen worden tot het heischrale grasland met soorten als borstelgras, tandjesgras, hondsviooltje, kruipbrem, stekelbrem en stijve ogentroost. Langs de paden komen plaatselijk soorten van droog schraal grasland voor zoals zandstruisgras, heidespurrie en een aantal haarmossoorten. Langs de oostrand gaat de lage vegetatie over in een (open) grove dennenbos. In de zone hierachter ligt een mooi ontwikkeld eikenstrubbenbos. Op de vuilstort heeft zich dankzij het opbrengen van een voedselarme zandlaag een kruidenrijk grasland ontwikkeld.

16

Kuilhegge

Ligging en historisch beeld De Kuilhegge ligt ongeveer 2 km ten zuidoosten van Elspeet aan de Apeldoornse weg. Het gebied grenst aan de noordzijde aan het conferentiecentrum Mennorode (figuur 1.1 in hoofdstuk 1). Aan de andere zijden wordt het heideterrein omringd door spontaan ontwikkeld grove dennenbos met enkele stukken eikenstrubbenbos. Op de historische kaart van 1900 vormt de heide van de Kuilhegge de verbinding tussen het Elspeterveld en de Elspeterstruiken. De heide wordt aan de noord- en zuidzijde begrensd door loofbos. Op de kaart uit 1935 is te zien dat grote delen van de heide ten westen en oosten van het heideterrein zijn ontgonnen en omgevormd tot grove dennenbos. Verder is ten noorden van de Kuilhegge het Hotel en Conferentiecentrum Mennorode aanwezig. Flora en vegetatie De Kuilhegge bestaat uit een droge heide met kenmerkende soorten zoals struikhei, gewone dophei, bronsmos, blauwe en rode bosbes. De heide gaat aan de noord- en zuidzijde geleidelijk over in grove dennenbos. In het terrein zijn drie Rode Lijst-soorten waargenomen: grondster (Kwetsbaar), stekelbrem (Gevoelig) en veenbies (Kwetsbaar).

17

Fauna Aan grote zoogdieren komen edelhert, ree, wild zwijn en wolf voor. Ten aanzien van de reptielen zijn in dit gebied met een relatief klein oppervlak en een geïsoleerde ligging toch vier soorten waargenomen, namelijk adder, hazelworm, levendbarende hagedis en zandhagedis. Er heeft geen recent broedvogelonderzoek plaatsgevonden. Wel zijn soorten als boomleeuwerik, boompieper, nachtzwaluw, roodborsttapuit en zwarte specht uit het gebied bekend.

18

Elspeterstruiken

Ligging en historisch beeld De Elspeterstruiken liggen ongeveer drie kilometer ten oosten van Elspeet, tussen de Gortelseweg en de Vaassenseweg. Op de historische kaart van 1900 is de heide van de Elspeterstruiken begroeid met eikenbos beheerd als hakhout, met slechts enkele boomloze delen (bijlage 4). Dit beeld wordt in de jaren 1930 verder versterkt. Aan de zuidkant van de Elspeterstruiken, de Broodberg, is in de jaren 1930 de eerste ontginning uitgevoerd. Uiteindelijk vormde er zich een ontginningsbos van ongeveer 40 ha dat beplant is met grove den, lariks en douglas. Tot de Tweede Wereldoorlog kenmerkte het gebied zich door een open landschap met verspreid liggende eikenstrubbenbosjes in de heide. Door het exploiteren van de heide en het eikenhout werd het gebied actief beheerd en open gehouden. Na die tijd is het gebied vol gelopen met grove den en kon het eikenbos zich verder ontwikkelen als strubbenbos. Dit proces duurde tot in de jaren ‘70 van de vorige eeuw. Hele delen volgelopen heide met grove den zijn weer open gezaagd en terug gebracht als heide. Daarnaast zijn de eikenstrubbenbossen vrijgemaakt van grove den. In de winter van 2015-2016 zijn enkele heidecorridors aangelegd om de verschillende heideveldjes met elkaar te verbinden en is een verbinding gemaakt met Kroondomein Het Loo.

19

Flora en vegetatie De vegetatie in het gebied kan worden getypeerd als een droge heide waarin struikhei domineert met in de laagste delen een vochtige heide met gewone dophei en pijpenstrootje (beide dominant aanwezig). In de heiden komen verder rode en blauwe bosbes, kraaihei, stekelbrem (Rode Lijst: Gevoelig), tandjesgras, tormentil, veenbies (Kwetsbaar) en jeneverbes nog op een aantal plaatsen voor. Beide bosbessoorten worden net als jeneverbes ook aangetroffen in de omliggende grove dennen- en eikenstrubbenbossen. Op zandige plekken groeien kenmerkende soorten als klein vogelpootje en zilverhaver. De wildweiden hebben vanwege het voedselrijke en het dynamische karakter een soortenarme ruigtevegetatie. Opvallend is dat de Amerikaanse vogelkers spaarzaam in de bossen aanwezig is. Juist de geleidelijke overgangen van strubbenbos naar heide zijn zowel vanuit natuurwetenschappelijk als landschappelijk oogpunt bijzonder waardevol. Fauna Vanwege de beslotenheid van het terrein gebruiken grote zoogdieren de Elspeterstruiken graag als verblijfsplaats. Edelhert, damhert, ree, wild zwijn, wolf, vos en das worden allen waargenomen. Verder komen haas en konijn voor, die als Gevoelig op de Rode Lijst staan. Er heeft (recent) geen broedvogelonderzoek plaatsgevonden.

In de afgelopen tien jaar zijn wel losse waarnemingen bekend van kenmerkende of bijzondere soorten als boomleeuwerik, boompieper, geelgors, kneu (Rode Lijst: Gevoelig), raaf (Gevoelig) roodborsttapuit en zwarte specht. Van de reptielen komen levendbarende hagedis (Gevoelig), zandhagedis (Kwetsbaar) en hazelworm voor. Van de insectenfauna is weinig bekend, maar bosparelmoervlinder (Ernstig bedreigd), groentje, groot dikkopje, heideblauwtje (Kwetsbaar), hooibeestje, kleine parelmoervlinder (Kwetsbaar), kleine vuurvlinder, heidesabelsprinkhaan en vliegend hert zijn kenmerkende soorten die laatste tien jaar waargenomen.

20

Provinciebos

Ligging en historisch beeld Het heideterreintje ligt in Het Provinciebos en bevindt zich 1 km ten noordwesten van Vierhouten en 300 meter ten noorden van de Nunspeterweg. Het kleine heideterrein wordt omgeven door naaldbos. Aan de zuidoostkant van de heide eindigt de Nunbeek, een gegraven sprengenbeek die vanuit Vierhouten komt. Flora en vegetatie Het heideterrein bestaat uit een droge heide die behalve door struikhei wordt gekenmerkt door kraaihei en rode bosbes (vooral aan de hoger gelegen oostkant van het terrein). Op de overgangen naar de stuifduintjes komen plantensoorten voor die kenmerkend zijn voor open, droge schraalgraslanden. In het zuidwesten komt een klein eikenstrubbenbos voor. Verder is er een scherpe overgang met het omliggende grove dennenbos. In de zuidwestkant loost de Nunbeek zijn water in de rand van de heide waardoor een storingsvegetatie is ontstaan. Uit de laatste tien jaar zijn 2 plantensoorten bekend die op de Rode Lijst staan: jeneverbes (Gevoelig) en stekelbrem (Gevoelig). Fauna Het Provinciebos heeft recent geen gericht faunaonderzoek plaatsgevonden. Naast de welbekende grote hoefdieren als edelhert, damhert en ree en wilde zwijn is het

21

voorkomen van twee reptielensoorten bekend, die beide op de Rode Lijst staan: levendbarende hagedis (Gevoelig) en zandhagedis (Kwetsbaar).

Waschkolk

Ligging en historisch beeld De Waschkolk is binnen dit onderzoek het meest noordelijk gelegen heideterrein van de gemeente Nunspeet. Het terrein ligt ongeveer 3 km ten zuidoosten van Nunspeet. Daarbij is alleen het zuidelijke gedeelte van De Waschkolk in bezit van de gemeente Nunspeet. Het noordelijke deel is in 1993 door grondruil in handen gekomen van Staatsbosbeheer. De Waschkolk maakte rond 1900 onderdeel uit van de Oost Eindsche heide. Op de historische topografische kaart is goed de overgang te zien van het stuifzandgebied in het noorden en de (eindeloze) heide in het zuiden. De Waschkolk zelf bestond aan het begin van de 19 e eeuw uit een droge heidevegetatie met overgangen naar een stuifzandgebied. Als “nat element” was De Waschkolk belangrijk, gezien de paden die naar deze plek gaan. Op de topografische kaart uit 1935 is te zien dat in het gehele gebied rondom De Waschkolk de heide ontgonnen is en omgezet naar grove dennenbos. Verder stonden er in de jaren ’30 van de vorige eeuw op het zuidelijke gedeelte bebouwing en zijn in het oostelijk deel een aantal graslandjes en een akker ontwikkeld.

22

Flora en vegetatie De Waschkolk bestaat uit vochtige en droge heide waarin gewone dophei, struikhei en pijpenstrootje kenmerkend zijn. Op de hogere stuifzandrug domineert bochtige smele maar komen ook soorten van heischraal grasland voor zoals borstelgras, tandjesgras en pilzegge. Aan de noordzijde gaat de heide geleidelijk over in een grove dennenbos waarin zomereik ook een relatief hoog aandeel heeft. In het zuiden wordt de heide door een eenvormig grove dennenbos begrensd. De graslandjes in het noordoosten bestaan onder andere uit gladde witbol, pitrus en duizendblad. Rode Lijst-soorten die in het gebied voorkomen zijn borstelgras (Gevoelig), grondster (Kwetsbaar), jeneverbes (Gevoelig), kruipbrem (Kwetsbaar), stekelbrem (Gevoelig), veenbies (Kwestbaar) en witte snavelbies (Kwetsbaar). In het noordelijke terreindeel (Staatsbosbeheer) komen nog kleinste egelskop (Bedreigd), klokjesgentiaan (Gevoelig) en liggende vleugeltjesbloem (Gevoelig) voor. Het ven in het terreindeel van Staatsbosbeheer heeft een mooi ontwikkelde oevervegetatie en is van grote ecologische betekenis in dit verder betrekkelijk droge landschap.

23

4 Verschillende waarden heideterreinen De waarden van de heidegebieden in de gemeente Nunspeet zijn divers:

4.1 Natuurwaarden Deze heidegebieden maken deel uit van het Natura 2000- gebied Veluwe, een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. Het is verplicht om de droge heide, vochtige heide, heischraal grasland, vennen, bossen en bosjes op de heide te behouden en hun kwaliteit te handhaven. Daarnaast is het ook een verplichting vanuit de Europese Habitat- en Vogelrichtlijnen om de omstandigheden te behouden en bij voorkeur te verbeteren voor bepaalde specifieke vogelsoorten, zoals de nachtzwaluw, tapuit, grauwe klauwier, roodborsttapuit, boomleeuwerik, draaihals en wespendief. Een gunstige omgeving voor deze specifieke vogelsoorten heeft ook positieve gevolgen voor veel andere soorten, zoals graspiepers, geelgorzen, kneus en veldleeuweriken, evenals voor andere bijzondere soorten. De heidegebieden herbergen bijvoorbeeld ook veel zandhagedissen, enkele zeldzame soorten zoals de gladde slang, adder, levendbarende hagedis en heikikker. Bijzondere planten, waaronder jeneverbesstruiken, borstelgras, grondster, kruipbrem, stekelbrem, veenbies en witte snavelbies, zijn te vinden in de heideterreinen van de gemeente Nunspeet. In de bosranden kan men op sommige plaatsen zelfs het vliegend hert tegenkomen.

Heideblauwtje, zandhagedis, gewone pad

24

4.2 Archeologische en cultuurhistorische waarden Binnen deze gebieden bevinden zich waardevolle rijksmonumenten, zoals grafheuvels, die beschermd moeten worden volgens de geldende verplichtingen.

500 m

Powered by Esri

Ligging grafheuvel replica in Vierhouten

25

Grafheuvel replica in Vierhouten

De gemeente Nunspeet heeft op de heide een nagemaakte prehistorische grafheuvel staan. U ziet de heuvel zoals archeologen een grafheuvel opgraven. De lagen aangebrachte aarde, het graf, de urnen en de paalsporen zijn goed herkenbaar. Deze heuvel is in meerdere perioden van de prehistorie als begraafplaats gebruikt. Ruim 2000 jaar voor Christus tijdens de Nieuwe Steentijd heeft men een graf gedolven. Daaromheen is een greppeltje gegraven en over het graf is, met aangevoerde grond, een heuvel opgeworpen. Op de bodem ziet u het graf met het silhouet van de overledene. In een mooie Veluwse Klokbeker kreeg de overledene voedsel voor de lange reis mee.

26

Grafheuvel replica in Vierhouten

Ongeveer 1000 jaar later, in de Bronstijd, heeft men de heuvel opnieuw als begraafplaats gebruikt. De overledene is in het centrum van de oude heuvel begraven. Na de begrafenis heeft men de heuvel aanzienlijk vergroot en opgehoogd en met een rij palen omgeven. Nog één keer heeft men de heuvel gebruikt als begraafplaats. In de IJzertijd, 500 jaar voor Christus heeft hier een crematieplechtigheid plaatsgevonden. Na de crematie zijn de resten zorgvuldig vergaard en in een urn gedaan, die daarna in een kuil in de heuvel is geplaatst. Daarna is de heuvel niet meer als begraafplaats gebruikt. Ruim 2000 jaar later hebben archeologen de sporen van al deze activiteiten kunnen lezen. De heuvel is in vier parten verdeeld waarvan hier twee verwijderd zijn. Tussen de kwadranten is een profieldam blijven staan. Deze methode van opgraven geeft veel inzicht in de opbouw zonder dat de hele grafheuvel opgeruimd wordt. Colofon: Deze heuvel maakt deel uit van een archeologische fietsroute die bij de VVV verkrijgbaar is. Met dank aan: Gemeente Nunspeet. Reprobouw BV. Bruil Ede BV. RGV Holding BV. VSB fonds, WCL fonds, Provincie Gelderland, Anjerfonds en de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek. 2000.

27

4.3 Recreatieve waarden De heidegebieden worden op verschillende plekken intensief gebruikt voor recreatieve activiteiten zoals wandelen, fietsen, paardrijden en mountainbiken. De schaapskooi in het gebied speelt een belangrijke rol als recreatieve en educatieve locatie. Onze heideterreinen worden tegenwoordig anders beheerd dan eeuwen geleden door onze voorouders werd gedaan. Het huidige beheer richt zich op het behoud en verbeteren van de diverse waarden en het bereiken van een goede balans tussen deze waarden. Het streefbeeld voor de heideterreinen is een gevarieerd en soortenrijk heidelandschap, met afwisseling van heide, gras- en kruidenplekken, struiken en kaal zand. Hoewel het beeld van bloeiende paarse hei in de bloeitijd nog steeds zal overheersen, streven wij geen eenzijdige heidevlakte na. Wanneer circa 15% bestaat uit andere vegetatie dan heide dan heeft dit al grote positieve gevolgen voor veel diersoorten. Dit percentage streven wij minimaal na. Een divers terrein met verschillen in leeftijd en hoogte van vegetatie, variatie in open en dichtbegroeide plekken, reliëf, plekken met kaal zand, bloemrijke plekken, enkele struiken, losse bomen, kleine bosjes en geleidelijke overgangen tussen bos en heide draagt bij aan een grote diversiteit aan planten- en diersoorten.

4.4 Recreatiezonering In 2022 heeft de Provincie Gelderland een plan gepresenteerd voor een nieuwe recreatiezonering binnen het Natura 2000- gebied Veluwe. De toenemende recreatiedruk op de Veluwe heeft gevolgen voor bepaalde soorten, met name bedreigde broedvogels en reptielen, waardoor de bindende Europese afspraken over de staat van instandhouding van deze soorten en hun leefgebieden in gevaar komen. Om de natuur te ontlasten en toch van de natuur te blijven genieten, is een betere sturing van recreatiestromen noodzakelijk. Het doel is om maximale natuurbeleving mogelijk te maken waar dat kan, maar tegelijkertijd meer rust te waarborgen waar dat nodig is. Voor de gemeente Nunspeet betekent dit dat de heidegebieden en vennen zich richten op hoge natuurwaarden en archeologische waarden, waar stilte, ruimte en natuur een prominente rol spelen. Bijvoorbeeld dat er wel ruimte is voor kleinschalige (sport)activiteiten door lokale ondernemingen, maar grotere evenementen zijn niet toegestaan. Recreatie moet hier rustig worden gehouden en het aantal paden zal worden beperkt. Met name de paden die in de loop van de jaren zijn ontstaan door de mens, zogenoemde wildpaadjes, paden buiten de officiële padenstructuur om, zullen weer teruggegeven worden aan de natuur. Voor de officiële padenstructuur zie onderstaande figuren.

28

5 km

Powered

Fietsroutes in eigendom van de gemeente Nunspeet

5 km

Powered

Knooppunten en lijnstukken ruiter en mennetwerk in eigendom van de gemeente Nunspeet

29

5 km

Powered by Esri

Wandelroutes in eigendom van de gemeente Nunspeet

De recreatiedruk op de Veluwe neemt toe door activiteiten zoals wandelen, fietsen, mountainbiken, paardrijden, hardlopen en honden uitlaten. Het is belangrijk dat recreanten en omwonenden kunnen blijven genieten van de natuur op de Veluwe, maar recreatie kan ook verstoring van de natuur veroorzaken. Bovendien ervaren verschillende groepen bezoekers steeds meer hinder van elkaar. Om een evenwicht tussen natuur en recreatie te bereiken, is het nodig om actief te sturen op drukke en minder drukke gebieden. De Provincie Gelderland werkt samen met terreineigenaren en gemeenten aan een recreatiezoneringsplan voor de Veluwe. Op de recreatiezoneringskaart zijn vier zones te zien: van intensieve recreatie (zone A) tot afgesloten gebied (zone D), met matig intensieve (zone B) en extensieve recreatie (zone C) daartussenin. De keuze van de zones op de natuurterreinen van de gemeente Nunspeet is in overleg met de gemeente gemaakt, waarbij elk zone een gewenst beeld heeft wat betreft type recreatie, voorzieningen, padendichtheid, activiteiten, openstelling, honden- en motorvoertuigentoegang. Voor meer informatie over het recreatiezoneringsplan Veluwe klik op onderstaand vlak:

30

Recreatiezonering eigendommen gemeente Nunspeet

Recreatiezoneringsplan Veluwe – Provincie Gelderland https://media.gelderland.nl/Recreatiezoneringsplan_Veluwe_1a fb3b4293.pdf De Veluwe is een prachtig natuurgebied, met haar rijke natuur en variatie aan landschappen. Het gebied is populair bij recreanten die er graag komen om van die prachtige natuur te genieten. Dat willen we graag zo houden. De provincie werkt samen met terreinbeheerders aan een betere balans tussen de ruimte voor de natuur en recreatie.

5 km

Powered by Esri

31

5 Toekomstbeeld/Ambities Wij kunnen onze heides niet meer precies zo beheren als onze voorouders dat eeuwen geleden deden. Met het beheer richten we ons nu op behoud en verbetering van de hierboven genoemde waarden en op een goede afstemming tussen die waarden. Het streefbeeld voor de heideterreinen is een soortenrijk en gevarieerd heidelandschap. Met een afwisseling van heide met plekken gras en kruiden, struiken en kaal zand. Dat is dus geen monocultuur aan heide. Toch zal in de bloeitijd van de heide het beeld van de bloeiende paarse hei nog steeds overheersen. Overige begroeiing hoeft voor een geschikte situatie voor veel diersoorten, slechts zo'n 15% van de vegetatie te zijn. We willen graag veel variatie in het terrein, hoe we dat willen wordt hieronder toegelicht.

Zonsondergang heideterrein gemeente Nunspeet

5.1 Grotere rol voor schapenbeheer Beheermaatregelen die gebruik maken van zwaar materieel zijn erg ingrijpend voor het heidesysteem. Plaggen en chopperen zorgen voor een harde 'reset' van de vegetatie van de abiotische condities ter plaatse. Kranen, tractoren, dumpers en opraapwagens zorgen dikwijls voor bodemverdichting of insnijding van rijsporen, waardoor de bodem beschadigd raakt. Ook zorgen ze voor veel onrust in het terrein. Nu de grootschalige vergrassing in de heideterreinen van Nunspeet is teruggedrongen en plaggen als herstelmaatregel meer en meer ongewenst is, ligt het voor de hand om schapen een grotere rol in het heidebeheer te geven.

32

Kleinschalige bestrijding van pijpenstrootje- dominantie blijkt namelijk ook goed te lukken met behulp van drukbegrazing, mits op de juiste manier uitgevoerd en mits er voldoende schapen beschikbaar zijn. Naast drukbegrazing als heideherstelmaatregel zijn schapen ook van grote waarde voor het onderhoudsbeheer van de heide en voor het creëren van meer structuur (jonge en oude heide) in de vegetatie. Het is overigens geen doel op zich om machines in het vervolg volledig van de heide te weren. Het maken van kleine plag- en of chopperplekken kan in voorkomende gevallen nog steeds gewenst zijn en ook maaien kan nog steeds een goede maatregel zijn om meer variatie in de leeftijdsopbouw van de heide te krijgen. Ook is schapenbegrazing om praktische of logistieke redenen niet in alle terreinen even goed mogelijk.

Heideterreinen gemeente Nunspeet

33

5.2 Negatieve effecten van bodemverzuring verzachten Bodemverzuring, en de uitloging van bodemmineralen die daarvan het gevolg is, is het grootste probleem waar de heiden op de Veluwe mee te maken hebben. Om verdere achteruitgang te beperken, kunnen extra beheermaatregelen worden genomen die de negatieve effecten van de bodemverzuring enigszins verzachten en verdere cumulatie van schade aan de natuur afremmen. Een voorbeeld hiervan is het gebruiken van steenmeel in de heideterreinen. Steenmeel is gemaakt van gemalen stenen en bevat essentiële voedingsstoffen zoals kalium, calcium en mangaan, die in de loop der tijd uit de bodem zijn weggespoeld door regenwater en andere factoren. Wat steenmeel onderscheidt van traditionele kalk is dat deze voedingsstoffen langzaam vrijkomen in de bodem. Dit langzame vrijkomen is gunstig voor het herstel van ecosystemen, omdat het helpt om de balans van voedingsstoffen in de bodem te herstellen. Hierdoor kunnen biologische processen in de bodem weer op gang komen en bijdragen aan een gezonder ecosysteem.

5.3 Vergroten van de structuurvariatie Een van de sleutelfactoren voor vergroting van de biodiversiteit in het heidelandschap ligt in de vergroting van de structuurvariatie in de terreinen. In de komende beheerplanperiode zal hieraan gewerkt worden.

Variatie op de heide, te zien is grasklokje, kruipbrem, kraaiheide, jeneverbes en bekertjesmos

34

5.4 Meer kansen voor bosrandontwikkeling en loofhout In veel heideterreinen zijn de overgangen van heide naar aangrenzend bos 'scherp'. Geleidelijke overgangen zijn erg aantrekkelijk voor veel insecten en vogels waardoor de diversiteit aan soorten toeneemt. Struikvormers die in de bosranden voor geleidelijke overgangen kunnen zorgen, zijn schaars en vaak is ook het aandeel loofhout in de aangrenzende bossen beperkt. Dit laatste is niet gewenst, omdat een gemengd bos meer biodiversiteit herbergt dan een naaldbos, loofbomen meer stikstof opvangen dan naaldbomen en loofbomen ook minder brandgevoelig zijn. De hoge wilddruk op de Noordwest-Veluwe zorgt er echter voor dat loofhout nauwelijks van de grond komt. De populatie edelherten, reeën en wilde zwijnen is dermate hoog dat vrijwel alle zaailingen van loofbomen en struiken worden afgegraasd of omgewoeld. Verkleining van de populatie hoefdieren is dus niet alleen vanuit de doelstellingen van het bosbeheer gewenst, maar ook vanuit de doelstellingen van het heidebeheer.

De gemeente heeft vennetjes in beheer op de heide, samen met de provincie wordt naar enkele vennen gekeken om deze te herstellen, waaronder de gresplek in Vierhouten

5.5 Heideterreinen verbinden In de komende beheerplanperiode zullen nieuwe kansen voor het verbinden van met name de kleinere heideterreinen worden verkend. Dit is ook een wens uit de Herstelprogramma's Natura 2000 Veluwe van de Provincie Gelderland (zie onderstaande link). Door slim gebruik te maken van de bestaande padenstructuur kunnen corridors worden gerealiseerd met relatief weinig verlies van bos.

35

Voor extra informatie over de herstelprogramma heidebeheer, klik op onderstaand vlak:

Recreatiezoneringsplan Veluwe - Provincie Gelderland De Veluwe is een prachtig natuurgebied, met haar rijke natuur en variatie aan landschappen. Het gebied is populair bij recreanten die er graag komen om van die prachtige natuur te genieten. Dat willen we graag zo houden. De provincie werkt samen met terreinbeheerders aan een betere balans tussen de ruimte voor de natuur en recreatie. https://media.gelderland.nl/Herstelprogramma_Heiden_en_stui fzanden_GS_mei_2023_weblr_d3d90dee70.pdf?updated_at=202 3-05-09T13:42:50.901Z

Struikheide in bloei

5.6 Populatieherstel en instandhouding van zeven broedvogelsoorten Voor 7 van de 10 vogelsoorten waarvoor instandhoudingsdoelstellingen gelden voor Natura 2000- gebied Veluwe heeft Sovon bouwstenen aangeleverd voor een soortenherstelprogramma (Sierdsema et al., 2020). Het gaat om de soorten waarvoor herstelmaatregelen nodig worden geacht: boomleeuwerik, draaihals, duinpieper, nachtzwaluw, tapuit, wespendief en zwarte specht. Voor het behoud en/of herstel van vogelpopulaties op de Veluwe zijn drie typen maatregelen nodig. 1. Herstel van de bodemkwaliteit 2. Beheersmaatregelen 3. Terugdringen van verstoring

36

Tapuit, boomleeuwerik, draaihals, wespendief en zwarte specht

Voor meer informatie over het soortenherstelprogramma Veluwe, klik op onderstaande vlak:

Soortenherstelprogramma Veluwe Natuurbeheer- en zoneringsmaatregelen voor zeven aangewezen vogelsoorten in Natura 2000-gebied Veluwe ehttps://pub.sovon.nl/static/publicaties/Rap_2020-29_Soortenher stelprogramma-Veluwe.pdf

37

5.7 Vergroten van kansen voor insecten Insecten vertonen een achteruitgang in aantallen. Er wordt gepoogd de kansen voor insecten te vergroten door de aanleg van tijdelijke kruidakkers.

Tijgerspin tussen de struikheide

6 Voorgestelde maatregelen De gemeente Nunspeet heeft de verplichting vanuit Natura 2000 om de richtlijnen van de provincie te volgen en deze toe te passen op de specifieke situatie binnen de gemeente. Hoe we deze doelstellingen willen bereiken wordt hieronder uitgelegd. Voor het implementeren van de benodigde maatregelen hebben we verschillende plannen opgesteld. In de heidebeheervisie wordt gekeken waar de heideterreinen van Nunspeet aan moeten voldoen voor een divers landschap. In het heidebeheerplan wordt ingegaan hoe de gemeente dit kan bereiken door middel van beheermaatregelen.

6.1 Beheermaatregelen Om de natuurlijke balans te behouden, blijven we inzetten op een combinatie van beheermaatregelen, waaronder: Begrazing Kleinschalig plaggen Gerichte kleinschalige kap

- 39 -

Kleinschalig maaien en het verwijderen van overmatige begroeiing. Bij het verwijderen van overmatige begroeiing willen we blijven vertrouwen op de hulp van vrijwilligers. Tevens zetten we ons in voor het voortzetten van begrazing met schapen. De bovengenoemde maatregelen zijn bedoeld om de ecologische gezondheid van ons gebied te waarborgen en om te voldoen aan de eisen van Natura 2000 en de provinciale voorschriften.

6.2 Herstelmaatregelen: Implementatie van tijdelijke kruidenakkers. Dit draagt bij aan de verrijking van organische stof in de bodem. Het tijdelijke karakter van deze akkertjes creëert ruimte voor een bredere variëteit aan plantensoorten en bloemen. Dit resulteert in een verhoogde veerkracht van het gebied tegen droogte. Balans zoeken honingbijen en wilde bijen. Er zijn steeds sterkere aanwijzingen dat honingbijen sterk concurreren om voedsel met wilde bijen en andere bloem bezoekende insecten. Mede aan de hand van de richtlijn opgesteld door kenniscentrum EIS in 2021, en het onderzoek dat in 2020 is gedaan voor bijen op heideterreinen in de gemeente Nunspeet kan een maximale hoeveelheid aan bijenkasten worden berekend die zijn toegestaan op de heideterreinen van de gemeente Nunspeet. Mede aan de hand van de richtlijn opgesteld door kenniscentrum EIS in 2021, en het onderzoek dat in 2020 is gedaan voor bijen op heideterreinen in de gemeente Nunspeet. Uitwerking van de locaties, hoeveelheid en periode van plaatsing van honingbijkasten willen we bepalen in overleg met de bijenverenigingen Nunspeet, Elspeet, Vierhouten en Hulshorst. Recreatiestromen beter geleiden. We willen de bezoekers leiden naar de bestaande paden en routes.

Overigens is de gemeente voornemens om alle overige paden die niet zijn opgenomen in de bestaande padenstructuur en geen beheerpad zijn aangegeven op de kaarten onder kop 4.3 bovenstaand af te sluiten. Wildpaadjes (of genaamd afstekertje) zijn paden die in de loop van de jaren door de mens zijn ontstaan in het natuurterrein, waarbij deze paden niet onder het beheer van de gemeente Nunspeet vallen en dus ook afgesloten gaan worden. Overige maatregelen voor recreatie en gebruik. Voor alle gebieden geldt dat de bezoeker zich op de paden moet begeven en dat de toegang na zonsondergang verboden is. Onderzoek parkeerplaatsen. Er wordt gekeken naar de parkeerplaatsen en onderzoek gedaan naar de locaties en mogelijkheden.

39

- 40 -

Vervangen informatieborden bij grote ingangen natuurgebieden. Herzien van de informatieborden. Daarbij ook een toelichting op aangepaste openstelling en recreatiezonering van het gebied t.b.v. kwetsbaren Natura 2000 soorten. Plaatsen van fietsenrekken op parkeerplaatsen. Plaatsen van fietsenrekken om bezoekers aan te moedigen om met de fiets te komen en de auto te laten staan. Tegengaan van erosie op paden in en rond de Vodseberg. Dit door houten treden aan te brengen in geaccidenteerde wandelpaden. De erosie leidt tot ontstaan van nieuwe paden op heide en gaat ten koste van beschermde soorten waaronder boomleeuwerik. Verminderen impact modelvliegtuigen. Samen met de Veluwse Modelvlieg Club Nunspeet willen we kijken of er mogelijkheden zijn om de impact van de modelvliegtuigen op de natuur te verminderen. Het is onwenselijk om deze vorm van recreatie te laten voortbestaan op deze locatie, met name vanwege het verstorende effect van modelvliegtuigen op broedvogels. Mountainbikers beter geleiden. Samen met de fietsclub T.C. Volharding willen we de recreatiezonering bekijken en in overleg gaan over de maatregelen. Recreatie extensiveren. Nabij recreatiecentrum De Paasheuvel in Vierhouten, is nu een ‘struinzone’ en hondenlosloopgebied aanwezig, die niet passen binnen de bepalingen van zone C of C* van het recreatiezoneringsplan.

Dit betekent dat hier mogelijk maatregelen nodig zijn om de recreatie te extensiveren en alleen toe te staan op enkele wandelpaden.

40

- 41 -

Mocht u het volledige heidebeheerplan en de visie willen lezen, kijk dan op de website van de gemeente Nunspeet.

Zonsondergang - uitzicht op de heide

Beeldmateriaal: Bosgroep Midden Nederland, M. Jakobs, G. Jansen en gemeente Nunspeet. Samen op weg naar een Duurzame Heide Gemeente Nunspeet: Home Gemeente Nunspeet, Markt 1, 8071GJ, Nunspeet, (0341)25 99 11

41

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15237147/1