CConstaterende datNunspeet
Koppel je AI →
Document · PDF

AP 6. Bijlage Bestemmingsplan Dorpsstraat 4

Raadsvergadering 27 januari 2022, gemeente NunspeetBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Dorpsstraat 4 in Nunspeet (hamerstuk)11.143 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

afwijken van de gebruiksregels

Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in: a. artikel 3.1 ten behoeve van mantelzorg in een bijbehorend bouwwerk of een aparte unit bij een (bedrijfs)woning, met dien verstande dat: 1. de zorgbehoefte objectief aannemelijk is gemaakt; 2. verzekerd is dat na beëindiging van de mantelzorg het bijbehorend bouwwerk ongeschikt wordt gemaakt voor bewoning ten behoeve waarvan een overeenkomst wordt gesloten; 3. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de verkeerssituatie en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; b. artikel 3.1 ten behoeve van bed & breakfast, met dien verstande dat: 1. bed & breakfast uitsluitend mag plaatsvinden in een legaal aanwezige (bedrijfs)woning, waarbij geldt dat ook de deel van een (voormalige) boerderij wordt geacht deel uit te maken van de (bedrijfs)woning; 2. de gezamenlijke oppervlakte voor bed & breakfast niet meer mag bedragen dan 40% van de gebruiksoppervlakte van de (bedrijfs)woning en tevens niet meer dan 120 m2, waarbij onder de oppervlakte voor bed & breakfast worden begrepen: slaapkamers bad-, douche- en toiletruimten, die niet gedeeld worden met bewoners; een gemeenschappelijke ruimte van niet meer dan 30 m2; 3. niet meer dan vier slaapkamers met elk maximaal twee bedden (exclusief kinderbedjes) zijn toegestaan; 4. een kookvoorziening niet is toegestaan; 5.

de maximum verblijfsduur per recreant niet meer dan tien dagen achtereen mag bedragen; 6. het gebruik ten behoeve van bed & breakfast geen onevenredige afbreuk mag doen aan: de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; de ontwikkelingsmogelijkheden van nabij gelegen bedrijven; het straatbeeld; de verkeersveiligheid; 7. parkeervoorzieningen op eigen terrein moeten worden gerealiseerd, waarbij geldt dat het aantal parkeerplaatsen ten minste gelijk moet zijn aan het aantal slaapkamers dat voor bed & breakfast wordt aangewend; 8. bed & breakfast uitsluitend mag worden geëxploiteerd door de bewoner(s) van de (bedrijfs)woning; 9. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de verkeerssituatie en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; c. artikel 3.1 in die zin dat een bedrijfswoning wordt gebruikt voor meer dan één huishouden ten behoeve van inwoning, met dien verstande dat: 1. deze afwijking uitsluitend wordt toegepast ten behoeve van de huisvesting van een tweede of derde (huishouden van een) persoon; 2. de bestaande bouwmassa van de bedrijfswoning niet wordt vergroot en er geen sprake is van splitsing in meerdere woningen;

32

bestemmingsplan DORPSSTRAAT 4 (vastgesteld) 3. 4.

er sprake blijft van één hoofdtoegang en één aansluiting op de verschillende nutsvoorzieningen en er geen toename van het aantal inritten naar het perceel plaatsvindt; er geen sprake is van kadastrale splitsing van het perceel.

33

bestemmingsplan DORPSSTRAAT 4 (vastgesteld)

Artikel 4 4.1

Centrum

bestemmingsomschrijving

De voor 'Centrum' aangewezen gronden zijn bestemd voor: uitsluitend op en onder de begane grond verdieping voor: a. detailhandel; b. lichte horeca; c. dienstverlening; d. maatschappelijke voorzieningen; en uitsluitend op de verdiepingen voor: e. horeca met uitzondering van zware horeca, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'horeca'; f. wonen, met dien verstande dat woningen die op het moment van inwerkingtreding van het bestemmingsplan op of onder de begane grond zijn gesitueerd, de woonfunctie mogen voortzetten; en ter plaatse van de aanduiding: verbeelding

aanduiding

omschrijving

-dh

'detailhandel uitgesloten'

geen detailhandel toegestaan

dv

'dienstverlening'

dienstverlening toegestaan op de verdieping

k

'kantoor'

kantoor op de verdieping

pg

'parkeergarage'

parkeergarage

s

'sport'

sportschool

vm

'verkooppunt motorbrandstoffen zonder lpg

verkooppunt motorbrandstoffen zonder lpg

zw

'zorgwoning'

zorgwoning

met bij een en ander bijbehorende bouwwerken en voorzieningen zoals paden, bermen, tuinen, parkeervoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en bijbehorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zoals palen, masten, verkeers-, reclame- en andere tekens-, kunstwerken, technische installaties en terreinafscheidingen. 4.2

bouwregels

4.2.1 bouwen Op en in de gronden als bedoeld in artikel 4.1,mag uitsluitend bij de bestemming behorende bebouwing worden gebouwd: 4.2.2 eisen Voor het bouwen van bouwwerken als bedoeld in artikel 4.2.1 gelden de volgende eisen: a. gebouwen en bijbehorende bouwwerken mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; b. het bebouwingspercentage mag ten hoogste het ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage', aangegeven percentage bedragen; c. de goot- en bouwhoogte van de gebouwen mogen niet meer bedragen dan de ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte' aangegeven goothoogte respectievelijk bouwhoogte, behoudens bijbehorende bouwwerken waarvan de goothoogte niet meer dan 3,5 m en de bouwhoogte niet meer dan 5,5 m mag bedragen; d. de bouwhoogte van bouwwerken geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan hierna is aangegeven: bouwwerken geen gebouwen zijnde maximale bouwhoogte palen, masten en reclame- en andere tekens:

4m

luifels:

6m

andere overkappingen met een open constructie:

3m

34

bestemmingsplan DORPSSTRAAT 4 (vastgesteld)

kunstwerken:

4m

erf- en terreinafscheidingen vóór de voorgevel van het dichtst bij de weg gelegen bouwwerk:

1m

overige erf- en terreinafscheidingen en overige 2m bouwwerken geen gebouwen zijnde: e. het aantal bouwlagen van een ondergrondse parkeergarage bedraagt maximaal één; f. ter plaatse van de aanduiding 'onderdoorgang' dient een onderdoorgang te zijn van minimaal 4 m hoog. 4.3

afwijken van de bouwregels

Bij omgevingsvergunning kan, uitsluitend ter plaatse van de specifieke bouwaanduiding 'sba-h', worden afgeweken van het bepaalde in artikel 4.2.2 onder c, ten behoeve van een hogere goot- en bouwhoogte tot maximaal 12 m, mits: a. er een stedenbouwkundig gevarieerd beeld ontstaat door het gebruik van wisselende goot- en bouwhoogtes; b. het woongenot van de naaste buren niet onevenredig wordt aangetast; c. het straatbeeld niet onevenredig wordt aangetast; d. indien sprake is van het toevoegen van woningen moet dit passen binnen het Kwalitatief Woningbouwprogramma; e. voldaan moet worden aan de parkeernorm. 4.4

afwijken van de gebruiksregels

Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in: a. artikel 4.1 onder a tot en met d, ten behoeve van het gebruiken en inrichten van ruimten op de eerste verdieping voor detailhandel, dienstverlening, lichte horeca en maatschappelijke voorzieningen, mits de verruiming van de gebruiksruimte geen onevenredige overlast voor de woonomgeving met zich meebrengt; b. artikel 4.1 onder b voor het toestaan van horeca, met uitzondering van zware horeca, mits het gebruik geen onevenredige overlast voor de woonomgeving met zich meebrengt; c. artikel 4.1 onder f voor het toestaan van wonen op de begane grond, met dien verstande dat dit niet leidt tot een onevenredige aantasting van de centrumfunctie van het betreffende gebied.

35

bestemmingsplan DORPSSTRAAT 4 (vastgesteld)

Artikel 5 5.1

Waarde - Archeologie 3

bestemmingsomschrijving

De voor 'Waarde - Archeologie 3' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud, de bescherming en/of het herstel van de voorkomende archeologische waarden. 5.2

bouwregels

Op de voor 'Waarde - Archeologie 3' aangewezen gronden mogen bouwwerken tot een oppervlakte van ten hoogste 500 m2 worden gebouwd. 5.3

afwijken van de bouwregels

5.3.1 afwijking Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in artikel 5.2 met inachtneming van het bepaalde in de basisbestemming. 5.3.2 voorwaarden aan de vergunning Een omgevingsvergunning om af te wijken van het bepaalde in artikel 5.2 kan slechts worden verleend indien: a. op basis van archeologisch onderzoek door het bevoegd gezag is bepaald dat het in artikel 5.3.1 bedoelde bouwwerk dan wel de directe of indirecte gevolgen van dit bouwwerk niet zal leiden tot een verstoring van archeologisch materiaal, kan de omgevingsvergunning worden verleend, danwel; b. op basis van archeologisch onderzoek door het bevoegd gezag is bepaald dat bescherming van archeologisch materiaal afdoende kan plaatsvinden door aan de omgevingsvergunning een van de volgende voorwaardente verbinden: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden, of; 2. de verplichting tot het doen van opgravingen, of; 3. de verplichting de uitvoering van de bodemverstorende activiteit te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumenten-zorg die voldoet aan door het bevoegd gezag bij de omgevingsvergunning te stellen kwalificatie.

5.4 omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 5.4.1 vergunningplicht Voor de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is een omgevingsvergunning vereist: a. grondwerkzaamheden, waartoe worden gerekend het ophogen, afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren en ontginnen van gronden, alsmede het vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren en het aanleggen van drainage; b. het verlagen van het waterpeil; c. het rooien van bos of boomgaard waarbij stobben worden verwijderd; d. het aanleggen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur. 5.4.2 uitzondering Het bepaalde in artikel 5.4.1 is niet van toepassing indien: a. op basis van archeologisch onderzoek door het bevoegd gezag is bepaald dat de in artikel 5.4.1 genoemde werken dan wel de directe of indirecte gevolgen van deze werken niet zal leiden tot een verstoring van archeologisch materiaal, danwel; b. op basis van archeologisch onderzoek door het bevoegd gezag is bepaald dat bescherming van archeologisch materiaal afdoende kan plaatsvinden door aan de omgevingsvergunning een van de volgende voorwaardente verbinden: 1.

de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden, of; 2. de verplichting tot het doen van opgravingen, of; 3. de verplichting de uitvoering van de bodemverstorende activiteit te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumenten-zorg die voldoet aan door het

36

bestemmingsplan DORPSSTRAAT 4 (vastgesteld)

c.

bevoegd gezag bij de omgevingsvergunning te stellen kwalificatie. het werken betreft met een kleiner oppervlakte dan 2.500 m2 danwel het werken betreft op een diepte geringer dan 50 centimeter onder maaiveld.

37

bestemmingsplan DORPSSTRAAT 4 (vastgesteld)

Hoofdstuk 3 Artikel 6

Algemene regels

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

38

bestemmingsplan DORPSSTRAAT 4 (vastgesteld)

Artikel 7 7.1

Algemene afwijkingsregels

afwijkingen

Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van deze regels: a. ten behoeve van het bouwen van niet voor bewoning bestemde bouwwerken voor nutsvoorzieningen, zoals gasdrukregelstations, wachthuisjes, telefooncellen en transformatorhuisjes, uitgezonderd verkooppunten voor motorbrandstoffen, van welke bouwwerken de oppervlakte niet meer dan 45 m2 en de goothoogte niet meer dan 3 m mag bedragen; b. indien en voor zover afwijkingen ten aanzien van grens of richting van wegen, paden, bestemmingsgrenzen, bouwperceelsgrenzen, bouwgrenzen en aanduidingen noodzakelijk zijn ter aanpassing van het plan aan de bij uitmeting blijkende werkelijke toestand van het terrein, mits die afwijkingen niet meer dan 5 m bedragen; c. voor afwijkingen van eisen, gesteld ten aanzien van maten en percentages, mits die afwijkingen beperkt blijven tot ten hoogste 10% van de in het plan aangegeven maten en percentages;

39

bestemmingsplan DORPSSTRAAT 4 (vastgesteld)

Artikel 8 8.1

Algemene gebruiksregels

vormen van verboden gebruik

Tot een gebruik in strijd met alle bestemmingen wordt in elk geval verstaan: a. onbebouwde gronden als stand- of ligplaats van onderkomens, tenzij dit gebruik verband houdt met het op de bestemming gerichte beheer van de gronden; b. onbebouwde gronden als opslag-, stort- of bergplaats van machines, voer- en vaartuigen en andere al of niet afgedankte stoffen, voorwerpen en producten, tenzij dit gebruik verband houdt met het op de bestemming gerichte beheer van de gronden; c. bebouwde en onbebouwde gronden als seksinrichting.

40

bestemmingsplan DORPSSTRAAT 4 (vastgesteld)

Artikel 9 9.1

Algemene wijzigingsregels

wijziging

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd binnen de volgende grenzen het plan te wijzigen, voor zover zulks het belang van een goede ruimtelijke ontwikkeling van het in het plan begrepen gebied niet schaadt: het wijzigen van bestemmingsgrenzen, zodanig dat de geldende oppervlakte van de bij wijziging betrokken vlakken met niet meer dan 10% wordt verkleind of vergroot.

41

bestemmingsplan DORPSSTRAAT 4 (vastgesteld)

Hoofdstuk 4

Overgangs- en slotregels

Artikel 10 Overgangsrecht 10.1

overgangsrecht bouwwerken

10.1.1 algemeen Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot , a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 10.1.2 afwijken Het bevoegde gezag kan éénmalig in afwijking van het bepaalde in artikel 10.1.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in artikel 10.1.1 met maximaal 10%. 10.1.3 uitzondering Artikel 10.1.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan. 10.2

overgangsrecht gebruik

10.2.1 algemeen Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 10.2.2 strijdig gebruik Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in artikel 10.2.1, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 10.2.3 onderbroken gebruik Indien het gebruik, bedoeld in artikel 10.2.1, na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 10.2.4 uitzondering Artikel 10.2.1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

42

bestemmingsplan DORPSSTRAAT 4 (vastgesteld)

Artikel 11 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan "DORPSSTRAAT 4" van de gemeente Nunspeet.

43

bestemmingsplan DORPSSTRAAT 4 (vastgesteld)

44

bestemmingsplan DORPSSTRAAT 4 (vastgesteld)

Bijlagen Regels

45

bestemmingsplan DORPSSTRAAT 4 (vastgesteld)

Bijlage 1 Verbeelding Dorpsstraat 4

46

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11040474/1